20240516 Concept verslag Parallelsessie I&O Laadagenda
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 16 mei 2024 Laadagenda Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Notulist: Raadsleden/ fractieassistenten: Stadsbelang: Democraten Gorinchem: PvdA: VVD:
de heer J. Klein mevrouw J. den Uyl mevrouw J.M. Kiep–de Jongh
ChristenUnie/SGP: Gorcum Actief: D66: CDA: SP:
de heer D. van Veen de heer K. van Willigen --mevrouw T. van ’t Westende de heer N. van Santen de heer M. de Pagter --de heer I. Tekir de heer J. van der Geest de heer A. van Houwelingen
Portefeuillehouder: Ambtelijke ondersteuning: Gasten:
mevrouw E. Dansen de heer Hoogveld en mevrouw Sy-A-Ten de heren N. Bruinsma en H. van der Maas (Arcadis)
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Laadagenda Op 7 mei jl. heeft het college De Gorcumse Laadagenda vastgesteld. In deze I&O geeft het college een verdere toelichting aan de gemeenteraad en zijn gemeenteraadsleden in de gelegenheid om hierover eventueel aanvullende vragen te stellen. De voorzitter biedt de wethouder gelegenheid om het onderwerp in te leiden. Wethouder Dansen geeft aan dat zij vanavond wethouder Polatli vervangt. Er volgt een presentatie. Inhoudelijke vragen zullen worden doorgeleid. De heer Tekir heeft een punt van orde. Zijn fractie vindt het jammer dat het voorstel niet wordt gevolgd door een voorstel aan de raad en vervolgens een B&A sessie. Het onderwerp laden leeft in de raad. Verschillende fracties hebben moties ingediend en schriftelijke vragen gesteld om dit onderwerp te agenderen. Het is een gemiste kans dat er alleen gelegenheid wordt geboden om informatieve vragen te stellen en dat het niet mogelijk is om daar een mening over te ventileren. Zijn fractie heeft wat ideeën en wordt daarom genoodzaakt om daar op een andere manier op terug te komen in de raad. Wethouder Dansen reageert dat dit een domein van het college betreft en niet over geld gaat. Van te voren was al duidelijk dat er alleen I&O sessie zou zijn.
De raad wordt geïnformeerd en zij veronderstelt dat ideeën worden meegenomen, maar daarover kan zij geen beloften doen. De heer Tekir informeert waar is afgesproken dat de laadagenda niet ter vaststelling naar de raad gaat.
Parallelsessie I&O Laadagenda 16 mei 2024
Wethouder Dansen verduidelijkt dat dit zo werkt bij domein college. In de agendacommissie is vastgesteld dat er alleen een I&O sessie zou zijn. De voorzitter stelt voor deze discussie voor nu te parkeren en daar eventueel op terug te komen in het fractievoorzittersoverleg. De heer Van der Maas verzorgt een presentatie. De laadagenda volgt vanuit het landelijke klimaatakkoord. Vanaf 2030 worden er geen auto’s die op fossiele brandstoffen rijden meer verkocht en dat brengt een bepaalde noodzaak met zich mee. Daarnaast zijn er de klimaatdoelstellingen. De gemeente bekijkt hoe zij dit kan inpassen om richting te geven aan een dekkend laadnetwerk. Op dit moment wordt er vraag gestuurd gehandeld; als er een aanvraag voor een laadpaal wordt gedaan, wordt gekeken waar deze geplaatst kan worden. Voor de toekomst wordt hieraan richting gegeven via een laadagenda met een plaatsingsleidraad. In de laadagenda is opgenomen op welke manier en met welke middelen, in de plaatsingsleidraad worden de criteria opgenomen; wat zijn geschikte locaties, wat wordt wel en niet gewenst en hoe wordt tot een dekkend, veilig en betaalbaar netwerk gekomen. In de werkgroepen is aan de orde geweest voor welke gebruikersgroepen het netwerk georganiseerd wordt: eigen terrein, semi openbaar of in de openbare ruimte.
Hij noemt vervolgens de verschillende doelgroepen: personenauto’s, taxi en groepsvervoer, logistiek en overige gebruikersgroepen. De heer Van Veen informeert onder welke categorie een aanvrager die in een blok van 8 woningen in een doodlopende straat met 16 parkeerplaatsen woont valt. De heer Van der Maas komt terug op deze vraag aan het einde van de sessie en vervolgt zijn presentatie. De insteek is vraag gestuurd reagerend op een aanvraag en strategisch bezien waar een laadpaal geplaatst kan worden. Als een paal druk bezet is, kan er een laadpaal bijgeplaatst worden. Bij gebiedsontwikkeling inspelen op de vraag die gaat komen. Verlengde privaataansluitingen (VPA’s) kunnen een belangrijke spil zijn, maar daar wordt in de komende periode nog nader onderzoek naar gedaan. Geadviseerd wordt om hier terughoudend mee om te gaan vanwege de risico’s die hierbij worden gezien. De heer Tekir merkt op dat dit in de praktijk al wordt toegepast daarbij gebruikmakend van kabelmatten en -goten en vraagt hoe hier in de tussentijd mee omgegaan wordt aangezien dit vooralsnog niet mag (wordt men beboet, volgt er een pilot?). De heer Van der Maas antwoordt dat er op dit moment niet gehandhaafd wordt. Om een pilot te kunnen starten moet een aantal zaken uitgezocht worden; op welke gronden kan dit en wordt dit gewenst.
De heer Tekir vervolgt dat dit in andere gemeenten wordt toegestaan vanwege de noodzaak en geeft mee om de gebruikers niet in onduidelijkheid te laten verkeren. De heer De Pagter heeft schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp. Hij begrijpt dat er onderzoek naar de risico’s en hoe het juridisch en organisatorisch moet gedaan moet worden. In de laadagenda wordt aangegeven dat het zorgt voor verrommeling en claimen van eigendom waardoor het een knelpunt kan zijn om dit te vergroten. Aan een openbare laadpaal moet meer betaald worden dan thuis, maar via een kabel over straat is niet toegestaan. De gemeente kan onderzoeken hoe andere gemeenten dit doen en kabelgoten faciliteren waarbij desnoods een vergoeding moet worden betaald. Hij wil het thuisladen niet tegengaan en roept op om hier toch aandacht aan te geven. De heer Van der Maas antwoordt dat dit om nadere verkenning vraagt, met name onder welke randvoorwaarden dit toegestaan wordt en hoe dit georganiseerd wordt vanwege de impact.
Parallelsessie I&O Laadagenda 16 mei 2024
De heer De Pagter vervolgt dat door het noemen van de risico's in de stukken het lijkt alsof de gemeente niet bereid is om daar naartoe te bewegen. De heer Van der Geest merkt op dat de positieve zaken in de stukken zijn aangegeven. De salderingsregeling wordt vroeg of laat afgebouwd waardoor mensen hun energie kwijt willen. Er moet een keer een besluit genomen worden, want handhaven heeft niet de voorkeur van zijn fractie. Hij opteert voor kabelgoten in plaats van matten her en der. De heer Van Santen vult aan dat in het verleden is gesproken over mensen die geen mogelijkheden hebben om thuis op te laden en ook niet kunnen werken met een kabelgoot en wijst op innovaties zoals opladen via lantaarnpalen en streetplugs en vraagt of hier ook rekening mee gehouden wordt. De heer Van der Maas antwoordt dat de innovaties wel moeten aansluiten op de VPA’s. Hij ziet de mogelijkheden, maar er zijn ook restricties en risico’s. Van te voren moet goed bepaald worden hoe het georganiseerd wordt en wat de voorwaarden zijn die daaraan gesteld worden. De heer Van Santen hoort graag welke innovaties bekeken zijn en wat daarvan de voors en tegens zijn. De heer Van Houwelingen zegt dat al aangegeven werd dat de NAL (Nationale Agenda Laadinfrastructuur) zeer terughoudend is. Sommige argumenten zijn begrijpelijk.
De prijzen voor laden bij een paal of thuis verschillen behoorlijk en daarom zullen de VPA’s gewild zijn. Eén van de argumenten van de NAL is om de concessie te doen slagen, één aanbieder heeft de monopolypositie waardoor er geen concurrentie is. De heer Van der Maas reageert dat er naar twee uitvoeringsmodellen gekeken moet worden; het concessiemodel en een mix van laadstructuren en het aanbieden van combinaties met laadpleinen en snellaadpunten. Hij denkt dat de prijsopdrijving in de afgelopen periode is veroorzaakt door de gigantische toename van de energiekosten die inmiddels is gestabiliseerd. De heer Van Houwelingen vervolgt dat er in de stad verschillende benzinepompen zijn van concurrerende maatschappijen wat maakt dat de benzineprijzen op elkaar worden afgestemd en daarom ziet hij een gevaar in een concessie met één aanbieder. De heer Van der Maas wijst op prijstransparantie in dit kader, zoals voorheen de roamingafspraken tussen telecomproviders onderling. Er zijn meerdere factoren die de prijs tot stand brengen en daar kunnen grote fluctuaties in zitten. Hij vervolgt zijn presentatie met de uitrolstrategie. In de plaatsingsleidraad wordt aangegeven welke criteria worden gesteld en op welke plaatsen wel en niet. Hiervoor wordt een plankaart gemaakt die in gesprekken met de inwoners gedeeld kan worden.
Gegronde bezwaren kunnen hierin meegenomen worden, eventueel aangevuld met een verkeersbesluit zodat op het moment van een aanvraag sneller tot plaatsing gekomen kan worden. De heer Van Willigen hoort een plankaart maken voor de plaatsingsprocedure, dat klinkt proactief, maar hij leest ook dat bewoners een aanvraag kunnen doen. Hij vermoedt dat er veel aanvragen zullen volgen waardoor hij zich afvraagt welke volgorde gehanteerd gaat worden. Voorts geeft hij aan dat zijn fractie zich aansluit bij het voorstel dat zojuist werd gedaan. De heer Van der Maas antwoordt dat een prognose is gemaakt voor het aantal gerealiseerde laadpunten in 2030. Op het moment dat er een aanvraag binnenkomt, kan op de plankaart gekeken worden of er al een laadpaal in de buurt is. Afhankelijk van het gebruik is er
Parallelsessie I&O Laadagenda 16 mei 2024
eventueel een mogelijkheid om een laadpaal bij te plaatsen ergens anders in de wijk. Via de plankaart de uitrol faciliteren. De heer Van Willigen vervolgt dat hij een voorbeeld kent van een aanvraag voor een laadpaal die niet bij de buurt bekend was, waar vervolgens de hele buurt last van ondervond omdat de laadpaal op een ongelukkige plek werd geplaatst en vraagt hoe dit overleg gaat plaatsvinden. De heer Van der Maas antwoordt dat de plankaart gepubliceerd wordt waarop inwoners kunnen reageren, gegronde bezwaren worden uiteraard meegenomen. De heer Tekir geeft aan dat zijn fractie blij is met de laadagenda. In 2021 is het college verzocht om het laadbeleid te actualiseren. Hoewel de raad aanjager is geweest van openbaar laden, moet tegelijkertijd ingezien worden dat dit de parkeerdruk opvoert. Hij krijgt regelmatig signalen uit zijn eigen wijk van mensen met onregelmatige diensten die ‘s avonds moeite hebben om een parkeerplaats te vinden. Dit neveneffect moet het faciliteren van laden niet belemmeren, maar hij roept op loze ruimte in de binnenstad en wijken te benutten voor parkeerplaatsen zoals destijds in beeld gebracht door een collega van de VVD. Zijn fractie mist mogelijkheden om elektrische fietsen te laden. Op dit moment zijn er twee openbare laadplekken in Gorinchem, maar dit behoeft een impuls om het fietsgebruik te stimuleren.
De heer Van der Maas antwoordt dat ook de bezettingsgraad een element is om mee te nemen bij het uitrollen van het laadnetwerk. De heer Tekir denkt dat op een gegeven moment toch tegen grenzen aangelopen wordt. De heer Van der Maas vervolgt dat er niet alleen maar elektrische auto’s bijkomen, er gaan ook fossiele auto’s weg. Wethouder Dansen geeft aan dat zij deze opmerking heeft opgeschreven voor wethouder Polatli. De heer Van der Maas zegt dat fietsladen nu niet is opgenomen. Dit kan bij horeca of in fietsparkeergarages geborgd worden en hoeft niet perse in de openbare ruimte georganiseerd te worden. De heer Tekir informeert of er gesprekken gevoerd worden om dit te faciliteren. Het is gastvrij, maar het kost wel stroom waardoor dit niet eindeloos gefaciliteerd kan worden. De heer Van der Maas reageert dat de infrastructuur hiervoor in de openbare ruimte vrij kostbaar is en daarom ziet hij daar geen businesscase in, maar hij heeft deze suggestie genoteerd. De heer Van Houwelingen refereert aan verdringing bij laadpalen en vraagt welke rechten er zijn. In 2022 heeft de Hoge Raad namelijk aangegeven dat parkeren bij een laadpaal zonder dat er geladen wordt niet strafbaar is. De heer Van der Maas geeft aan dat deze vraag op een later moment wordt beantwoord.
Mevrouw Van ’t Westende begrijpt dat het aanwijzen van geschikte locaties door middel van de plaatsingsleidraad plaatsvindt en vraagt hoe er voor gelijkmatige verdeling van laadplekken binnen de stad wordt gezorgd. Zij vraagt hoe zij bezwaar kan maken en hoe zo’n proces verloopt. Zij vraagt voorts of van een eenmaal geplaatste laadpaal gemeten wordt hoe effectief deze uiteindelijk gebruikt wordt.
Parallelsessie I&O Laadagenda 16 mei 2024
De heer Van der Maas antwoordt dat op wijkniveau wordt bekeken hoeveel laadpalen daar dienen te komen. Op de plankaart worden de bestaande en nieuwe palen aangegeven en vervolgens wordt naar een evenredige verdeling gekeken. Het moment dat de plankaart gedeeld wordt met de inwoners is het moment om eventueel bezwaar te maken. Voorts wordt gekeken naar het gebruik van de paal. Als deze niet wordt gebruikt hoeft er geen laadpaal bij. Voor het kort parkeren bij een winkelcentrum is een reguliere laadpaal vaak niet toereikend en wordt gekeken naar andere vermogens. Mevrouw Van ’t Westende vraagt of een laadpaal die niet gebruikt wordt verwijderd wordt zodat de parkeerplaatsen weer vrijkomen. De heer Van der Maas antwoordt dat in combinatie met de parkeerdruk bekeken moet worden of de laadpaal blijft staan, bijvoorbeeld vanwege een toekomstige prognose. De heer De Pagter is blij dat de laadagenda er ligt. Voor de vernieuwing van het voorzieningengebouw in de haven was het voornemen om zonnepanelen te plaatsen op het dak, maar dit werd niet toegestaan waarna dakpannen zijn toegepast. Hij roept op de creativiteit te betrachten in het onderzoeken van de mogelijkheden om thuis te laden ondanks dat zich hierbij juridische of andere problemen kunnen voordoen en verneemt graag de ontwikkelingen.
Wethouder Dansen begrijpt dat opgeroepen wordt om naar de mogelijkheden in plaats van onmogelijkheden te kijken. Dit wordt bevestigd. De heer Van der Geest is blij dat er geen laadpalen gepland zijn op de Groenmarkt. Hij wijst op bewoners die een uitrit willen op hun terrein zodat zij daar een laadpaal kunnen realiseren en verzoekt het college om zich uit te spreken of dit wel of niet als wenselijk wordt aangemerkt. Op heel veel plekken blijkt dat laden gewoon kan met toestemming van de buren. De heer Tekir merkt op dat al enkele keren is aangegeven dat er is meegeschreven en er is instemmend geknikt naar aanleiding van ideeën en suggesties. Hij informeert nogmaals naar het vervolg. Wethouder Dansen reageert dat zij aan het begin van de avond al heeft gezegd dat zij haar collega vervangt. De opmerkingen en vragen worden doorgeleid waarbij zij aanneemt dat daar een terugkoppeling over volgt, maar dat kan zij niet toezeggen. De heer Tekir zou het op prijsstellen als er een procesvoorstel volgt hoe nu verder om te voorkomen dat hij een motie vreemd moet indienen. Wethouder Dansen vervolgt dat het aan wethouder Polatli is om te bepalen wat hij met de opmerkingen doet. Zij voegt daaraan toe dat D66 graag een procesvoorstel zou zien. De heer Van der Geest waardeert het dat wethouder Dansen vanavond waarneemt voor de heer Polatli.
Dit betekent dat het college is vertegenwoordigd en toezeggingen kan doen namens het college. Er wordt om een vervolg van een proces gevraagd. Als dat niet toegezegd kan worden door een collega-wethouder kan de sessie beter geannuleerd worden als de wethouder niet zelf aanwezig kan zijn. Fracties geven breed aan dat zij iets willen met de VPA’s. Wethouder Dansen herhaalt dat het aan haar collega is om te bepalen wat er met de inbreng wordt gedaan. De voorzitter vermoedt dat er op dit moment niet nader tot elkaar gekomen wordt en stelt voor dat het verzoek doorgegeven wordt zodat de betreffende wethouder daarop terug kan
Parallelsessie I&O Laadagenda 16 mei 2024
komen. Als het antwoord dat volgt als onvoldoende wordt aangemerkt, is het altijd mogelijk om een motie vreemd in te dienen. Wethouder Dansen benadrukt dat zij het jammer vindt dat wethouder Polatli niet aanwezig kan zijn, maar dat de wensen worden doorgegeven. De heer Van Willigen heeft begrip voor beide kanten, maar zou wel graag van het college, in dit geval wethouder Dansen, een toezegging willen dat het antwoord of er een procesvoorstel komt binnen nu en een maand naar de raad komt. Wethouder Dansen zal dit met klem doorgeven. De voorzitter informeert of de vraag van de heer Van Veen inmiddels beantwoord is. Dat is het geval. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering.
Toezeggingen: • Wethouder Dansen brengt verslag uit bij collega Polatli en geeft de suggesties mee. De oproep is gehoord om naar mogelijkheden te kijken ipv naar onmogelijkheden (creativiteit). Suggesties: o Fietsladen o Loze ruimten benutten o Laden thuis • Antwoord op de vraag welke rechten er zijn in het kader van verdringing bij laadpalen. • Wethouder Dansen zal aan collega Polatli vragen binnen een maand te antwoorden op het verzoek om een procesvoorstel voor het vervolg.
Parallelsessie I&O Laadagenda 16 mei 2024