20231214 Concept Verslag Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 14 december 2023 Stedelijk programmeren Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Fracties: Portefeuillehouder: Ambtelijk: Notulen:
de heer B. Bahlmann mevrouw J. de Uyl Stadsbelang-Democraten Gorinchem-CDA-PvdA-VVD-D66ChristenUnie/SGP-Gorcum Actief-SP mevrouw A. Mager mevrouw C. Meijer en mevrouw L. Neijenhuis notulistenbureau Leeuwenburgh-Vendrig
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Stedelijk programmeren Op 4 juli 2023 is het plan van aanpak Stedelijk Programmeren door het college vastgesteld. Hier wordt nu verder invulling aan gegeven. Graag nemen we de raad tijdens de I&O op 14 december 2023 mee in het proces van Stedelijk programmeren en de stand van zaken hiervan. Wethouder Mager leidt het onderwerp in. De raad wordt vanavond meegenomen in het proces van stedelijk programmeren. Dit hangt nauw samen met de Omgevingsvisie die volgende week wordt vastgesteld in de raad. De presentatie is nadat deze aan de raad is gestuurd nog enigszins aangepast. Deze I&O sessie is bedoeld om met elkaar het gesprek aan te gaan over wat voorligt. Het Junior College heeft Gorinchem in beeld gebracht met een maquette. Zij nodigt de raad uit om dit fraais te bewonderen en gezamenlijk op de foto te gaan. De aanwezigen vragen de wethouder de complimenten voor het werkstuk aan het Junior College over te brengen. Mevrouw Meijer verzorgt een presentatie. Stedelijke programmeren is bedoeld om meer begrip te krijgen op de projecten die uitgevoerd worden en de fysieke ontwikkeling van de stad (goed prioriteren, beschikbare ambtelijke inzet en capaciteit, efficiënt inzetten financiële middelen, navolgbare keuzes maken, realiseren ambities Omgevingsvisie) zodat de bestuurlijke doelen worden gehaald.
In principe wordt uitgegaan van de grote ruimtelijke projecten met de meeste impact in de stad waarbij gekeken wordt naar raakvlakken met andere opgaven, andere programma’s en afhankelijkheden. Het gaat over de middellange termijn van ongeveer tien jaar met een doorkijk naar de periode daarna. Er wordt onderscheid gemaakt in lopende opgaven en projecten (initiatief, planvorming, realisatie, afronding). Mevrouw Pellikaan informeert of het ook om mobiliteitsprojecten gaat en verzoekt om wat voorbeelden te noemen. Mevrouw Meijer vervolgt dat woningbouw één van de grootste opgaven op dit moment is, maar het gaat ook over infrastructuur, onderwijs, bedrijfsleven; alle grotere opgaven die effect hebben op de fysieke leefomgeving. De heer De Jong merkt op dat de Lingebrug een klein project kan zijn, maar wel een grote financiële impact heeft en vraagt of daar ook naar gekeken wordt.
Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren, 14 december 2023
Mevrouw Meijer antwoordt dat dit zeker wordt meegenomen. De Lingebrug is gekoppeld aan de woningbouw voor de Arkelsedijk. De heer Koçak vraagt of een stedelijk programma nieuw is voor de stad. Mevrouw Neijenhuis antwoordt dat stedelijk programmeren als term uit het coalitieakkoord is gekomen, een nieuw instrument dat uitgewerkt wordt, maar dit betekent niet dat er eerder niet op projecten werd gestuurd. In de projectenportfolio is inzichtelijk gemaakt welke projecten er lopen, wie is waarvoor verantwoordelijk, zijn de kaders vastgesteld en de financiën geregeld met halfjaarlijkse voortgangsrapportages. Projecten worden gestart op basis van het coalitieakkoord of initiatieven vanuit de samenleving. Vanwege beperkingen in financiën en ambtelijke capaciteit is stedelijk programmeren eigenlijk een doorontwikkeling om ervoor te zorgen dat op de logische momenten de juiste dingen worden gedaan. De capaciteit op de juiste termijn en een doorkijk naar de langere termijn. Wethouder Mager vult aan dat het ook gaat om integraal werken. De uitvoering van zaken op elkaar afstemmen. In het geval van woningbouw niet overal tegelijk bouwen, maar dit gefaseerd doen en externe zaken meenemen. Als voorbeeld noemt zij de renovatie van de A27 en de nieuwe brug waardoor overlast zal ontstaan. Mevrouw Meijer vervolgt haar presentatie.
De Omgevingsvisie is het kader met de ambities voor de stad op de lange termijn. Hieronder worden de programma’s uitgewerkt, gebiedsgericht (bijvoorbeeld de vleugels van de stad) of themagericht (erfgoed, klimaatadaptatie). Zij gaat nader in op het proces. Vrij breed in de organisatie wordt informatie opgehaald. Vervolgens worden de criteria opgesteld om uiteindelijk tot prioritering te komen. Als het kader voor handen is, wordt teruggekomen bij de raad. De laatste stap is het vaststellen van het stedelijk programma voor de komende jaren. Over de planning wordt nog met een aantal externe stakeholders gesproken. Mevrouw Pellikaan informeert of er ook wordt gekeken wat voor wijken, ondernemers of verenigingen belangrijk is om mee te nemen in de stedelijke programmering (participatie). Mevrouw Neijenhuis antwoordt dat er al participatie is geweest rondom de Omgevingsvisie. Voor de inhoudelijke keuzes die straks in de gebiedspaspoorten worden gemaakt wordt een bredere participatie opgesteld. Voor het stedelijk programmeren wordt bij de stakeholders geïnventariseerd welke projecten er op de planning staan. Als voorbeeld noemt zij renovatie of vervanging bij Poort6 (kansenkaart) alsmede andere vastgoedeigenaren in de stad; wat moet er meegewogen worden als er wordt geprioriteerd in de gemeentelijke projecten.
De heer De Jong verzoekt om in de planning op te nemen wanneer de raad in positie wordt gebracht. Mevrouw Neijenhuis verduidelijkt dat stedelijk programmeren eigenlijk een collegebevoegdheid is, maar in de voorbereiding is geconcludeerd dat het belangrijk is dat de raad een besluit neemt over de werkwijze. De interactieve sessie over het afwegingskader volgt naar verwachting aan het einde van het eerste kwartaal. De heer Koçak vraagt hoe de kansenkaart van Poort6 zich verhoudt met de prestatieafspraken en neemt daarbij aan dat er geen belemmeringen kunnen zijn qua inhoud. Voorts merkt hij op dat het wenselijk is dat het college samen met de raad de grote projecten in kaart brengt, kijkt welke afvallen en waarom. Wethouder Mager antwoordt dat met Poort6 intensief contact wordt onderhouden. De prestatieafspraken staan op de agenda voor dit jaar en dit wordt vanzelfsprekend meegenomen. Tot eind 2030 is de bouw van 40 woningen per jaar opgenomen. Er is bewust voor gekozen om de raadsleden mee te nemen bij het stedelijk programmeren zodat zij aan
Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren, 14 december 2023
inwoners duidelijk kunnen maken waarom iets op een bepaalde plaats of op een bepaald tijdstip gebeurt en wat de samenhang der dingen is. De heer Van Houwelingen merkt op dat als voorbeeld de A15 en A27 al werden genoemd en wijst daarnaast op informatie vanuit de buurgemeenten over zaken die impact hebben op Gorinchem. Voorts vraagt hij of vanuit Gorinchem dergelijke informatie aan de buurgemeenten verstrekt wordt. Wethouder Mager verwijst naar de regionaal maatschappelijke agenda van de AV-regio op verschillende beleidsterreinen (mobiliteit, economie, wonen). De gemeenten Altena, West Betuwe, Vijfheerenlanden en Molenlanden sluiten op gezette tijden aan. De ambtelijke lijnen zijn kort, men weet elkaar te vinden. Mevrouw Meijer vervolgt met de elementen die geïnventariseerd moeten worden om te komen tot een goede stedelijke programmering. Als er zaken worden gemist, hoort zij dat graag van de raad. Uiteraard wordt het collegeprogramma meegenomen en grote en kleine projecten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving. Hierbij wordt ook naar eigendomsverhoudingen gekeken (sturing door de gemeente of door derden).
Voorts wordt de samenhang in kaart gebracht en wordt gekeken naar de projecten van Stadsbeheer (groot onderhoud over de langere termijn), het onderhoudsprogramma voor het gemeentelijk vastgoed, het IHP, behoefteonderzoeken functies, toezeggingen die zijn gedaan, contractuele afspraken, initiatieven en belangen van derden, meekoppelkansen, capaciteit ambtelijk apparaat en financiële middelen. De heer Tekir stelt voor om ook te kijken naar de ambities van de Provincie en omliggende gemeenten om zo optimaal mogelijk aan te sluiten. Hij is van mening dat ambtelijke capaciteit en financiële middelen vooral randvoorwaarden zijn die georganiseerd moeten worden. De heer Koçak roept op bij de behoefteonderzoeken aandacht te geven aan de combinatiefuncties (zorg, wonen, welzijn, maatschappelijke functies). Mevrouw Meijer merkt op dat capaciteit en financiële middelen terugkomen bij de criteria, maar hier moet wel eerst inzicht in te zijn om dit vervolgens als criteria te kunnen toepassen. Wethouder Mager vraagt of de heer Koçak bedoelt dat op het moment dat er bijvoorbeeld een grote hoeveelheid woningen wordt toegevoegd waardoor het inwoneraantal stijgt zorgen welzijnsvoorzieningen moeten meegroeien. De heer Koçak verduidelijkt dat hij denkt aan levensbestendige woningen in combinatie met zorg en wonen, maar ook andere combinaties zoals een bibliotheek bij de Nieuwe Doelen.
Integraal naar de combinatiefuncties kijken. Mevrouw Meijer geeft aan dat de lijst van afwegingscriteria nog niet definitief is. Bekeken wordt in hoeverre projecten en opgaven een bijdrage leveren aan de ambities uit het coalitieakkoord, het collegeprogramma en de Omgevingsvisie. Daarnaast wordt gekeken naar het maatschappelijk belang en effect, het economisch belang, de invloed die de gemeente heeft, contractuele of subsidieafspraken, de energie-infrastructuur, bestuurlijke toezeggingen, capaciteit ambtelijk apparaat, financiële middelen. Hieraan wordt een weging toegekend waarna uiteindelijk een prioritering volgt. Zij informeert of er zaken worden gemist of dat er zaken zijn die niet meegenomen hoeven te worden. De heer Tekir mist de behoefteonderzoeken naar bepaalde functies bij de afwegingscriteria. Mevrouw Neijenhuis licht toe dat dit eigenlijk onder het maatschappelijk belang valt en zeker wordt meegenomen.
Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren, 14 december 2023
De heer Van der Geest mist het groen en blauw (klimaatadaptatie en wateropgaven). Hij hoopt niet dat deze opsomming als een soort afvinklijstje gebruikt wordt, maar als hulpmiddel om ergens toe te komen. Hij hoopt voorts dat er een beetje flexibiliteit behouden blijft voor initiatieven vanuit de stad. Mevrouw Neijenhuis licht toe dat er op basis van de criteria een kwalitatieve afweging wordt gemaakt, het is geen vinklijstje. Stedelijk programmeren wordt echt een werkwijze die door de raad wordt vastgesteld, vervolgens is het aan het college om te herijken. Soms zijn er ontwikkelingen waardoor de prioritering aangepast moet worden. De heer Van der Geest informeert of met werkwijze een kader bedoeld wordt waarbinnen het college gaat acteren. Mevrouw Neijenhuis vervolgt dat er twee eindproducten opgeleverd worden: de werkwijze die de raad vaststelt (op welke manier wordt hiermee gewerkt) en een digitale kaart waarin alles zichtbaar is voor inwoners zodat zij weten wat er speelt in hun wijk. Mevrouw Veldheer merkt op dat bij bouwprojecten eerst wordt gebouwd en daarna wordt de infrastructuur aangepast. Er is niet veel ruimte voor verkeer en daarom is de infrastructuur belangrijk. Mevrouw Meijer antwoordt dat dit meegenomen wordt bij de onderlinge afhankelijkheden; welke zaken eerst en in welke volgorde.
Mevrouw Neijenhuis gaat nader in op de interactieve digitale viewer die toegankelijk wordt voor iedereen en toont daar enkele voorbeelden van. Bij de afweging van projecten wordt informatie die van belang is voor de fysieke leefomgeving toegevoegd. De volgende zaken kunnen aangegeven worden: archeologische vondsten, geluidscontouren, wateroverlast, bomen, projecten in voorbereiding of in uitvoering. Voorts wordt inzichtelijk gemaakt hoe het project zich in de toekomst gaat ontwikkelen. Zij gaat vervolgens in op wat nog meer nodig is om stedelijk programmeren te kunnen doorontwikkelen. De ambities uit de Omgevingsvisie zijn leidend als ruimtelijk kader en daarnaast is de gebiedsgerichte uitwerking noodzakelijk. De gebiedspaspoorten worden straks onderdeel van het afwegingskader. Desgevraagd geeft zij aan dat de eerste gebiedspaspoorten komend jaar van start gaan. Vanuit de Omgevingsvisie wordt gekeken naar de ambities, doelstellingen en opgaven die daaruit naar voren komen voor een specifiek gebied. Gekeken wordt waar knelpunten ontstaan als dit over elkaar heen gelegd wordt en waar de vraagstukken liggen waar de gemeente wat mee moet. Vervolgens worden deze knelpunten na participatie met de samenleving voorgelegd aan de raad om daarin richtinggevende keuzes te maken. Later wordt dit verwerkt in het Omgevingsplan.
Als alle gebiedspaspoorten klaar zijn, wordt de Omgevingsvisie geactualiseerd. Mevrouw Pellikaan vraagt of mogelijk is om een interactieve kaart op wijkniveau te maken. Mevrouw Neijenhuis antwoordt dat het zeker de bedoeling is dat mensen kunnen zoeken op hun eigen adres en inzoomen op de eigen wijk om te beoordelen wat er speelt. De heer Koçak vraagt of er niet te veel onderwerpen worden ondergebracht in de digitale viewer. Voorts vraagt hij of de gemeente in staat is om dit te onderhouden. Mevrouw Neijenhuis antwoordt dat een deel van de kaarten is gebaseerd op openbare informatie die automatisch geüpdatet wordt. Zij is het eens dat de eigen kaarten goed bijgehouden moeten worden als communicatiemiddel richting de stad. Zij vervolgt met het beleidshuis, straks is er één omgevingsvisie en één omgevingsplan met daartussen een hele reeks aan programma’s. Ook hier moet de samenhang goed geborgd zijn. Zij hoopt dat hiermee verouderd beleid ingetrokken wordt zodat het beleid steeds
Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren, 14 december 2023
actueel is. Als de stedelijke programmering is bepaald is het belangrijk dat de prioritering wordt doorvertaald naar de projectopdrachten, de capaciteitsverdeling en de financiële prioritering zodat dit in de P&C producten meegenomen kan worden. De heer Van der Geest vermoedt dat het up-to-date houden voor een uitdaging kan zorgen omdat inwoners hier een soort van rechten aan ontlenen en informeert naar de beheerskosten. Mevrouw Neijenhuis antwoordt dat aan de digitale viewer geen rechten ontleend kunnen worden, het gaat puur om informatie inzichtelijk maken aanvullend op het omgevingsplan en de ambities die vanuit de omgevingsvisie gelden. De heer Van der Geest merkt op dat zaken als geluid en bodem al in de andere visualisatie zijn opgenomen, de laag die hier bovenop komt is de projectenlaag. Archeologie, water en bodem zijn ook digitaal in het omgevingsplan opgenomen. Hij informeert naar de meerwaarde van dit instrument. Wethouder Mager bevestigt dat het een uitdaging is om één en ander up-to-date te houden, maar dit is ook een verplichting aan de inwoners. De meeste projecten zijn op de website vermeld. Het ene project is wat meer up-to-date dan het andere project. Als dit inzichtelijk wordt gemaakt met een viewer op basis van kaartmateriaal moet de informatie die op de website staat juist zijn.
De heer Van der Geest is het eens met de wethouder, maar dit was niet zijn punt. Hij denkt dat in de digitale visualisatie op het gebied van de omgevingswet en omgevingskaart bijna alles al wordt gedaan wat nu ook in de digitale viewer komt met uitzondering van de projectenkaart. Dat is een losse laag die niet perse in een omgevingsplan is vervat. Er worden twee instrumenten naast elkaar gebouwd met een overlap van 80% tot 90%. Mevrouw Neijenhuis is het eens dat er een aantal lagen is opgenomen in de viewer die overeenkomen met het omgevingsloket en het omgevingsplan, maar het doel van de viewer is met name open informatie, open data en onderliggende data die niet in een bestemmingsplan zat en straks ook niet in een omgevingsplan zit ook inzichtelijk maken. Vanuit de Regio is een viewer gemaakt met verschillende lagen rondom het Sociaal Domein. De Provincie maakt een kaart over brede welvaart en hoe dit op wijkniveau zit. Al deze informatie wordt in één digitale viewer bij elkaar gebracht zodat inwoners alle informatie tot zich kunnen nemen. De projectenkaarten worden hier nog aan toegevoegd. De kaarten worden voor inwoners nader toegelicht. Daarnaast wordt een verschil gemaakt in projecten waarover een besluit is genomen naast projecten waarover nog een besluit genomen moet worden zodat hier rekening mee gehouden kan worden.
Deze laag is niet zichtbaar voor inwoners, maar wel voor de ambtelijke organisatie en raad. De heer Van der Geest bedankt voor de toelichting, de meerwaarde is hem nu duidelijk. Mevrouw Neijenhuis vervolgt dat in een volgende stap de raad wordt meegenomen in het afwegingskader in een interactieve sessie. De eventuele uitkomsten worden verwerkt in de definitieve werkwijze en het afwegingskader. Dit raadsvoorstel komt in het tweede kwartaal naar de raad. De heer Tekir merkt op dat de omgevingsvisie wordt uitgewerkt in gebiedspaspoorten en daarna volgen de gebiedsprogramma’s die worden uitgewerkt in omgevingsplannen, waarna de omgevingsvergunningen volgen. Vanuit de gemeente Gorinchem wordt hier ook nog het instrument stedelijk programmeren aan toegevoegd. Hij informeert welke toegevoegde waarde wordt gezien waardoor dit wordt toegevoegd aan het toch al uitgebreide instrumentarium en vraagt zich af of dit eenvoudig georganiseerd wordt.
Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren, 14 december 2023
Mevrouw Neijenhuis antwoordt dat zeker grote steden met veel ontwikkelingen kiezen voor stedelijk programmeren. Niet alles kan tegelijk en dan is stedelijk programmeren het middel om ervoor te zorgen dat de juiste dingen op het juiste moment worden gedaan. Alle gemeenten moeten op een gegeven moment iets met hun ruimtelijke projecten doen. Sommigen gemeenten voegen een uitvoeringsparagraaf toe aan een programma. Gorinchem kiest ervoor om de programma’s gebiedsgericht en themagericht in te steken. De ruimtelijke projecten worden als apart instrument ingezet. In de meeste gemeenten is de visie net vastgesteld en wordt wellicht nagedacht over een plan van aanpak voor een programma of een plan. Gorinchem probeert voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet het hele kader te schetsen zodat hier straks voortvarend mee aan de slag gegaan kan worden. Alle facetten op het gebied van de fysieke leefomgeving met elkaar in samenhang zodat er een integrale afweging kan plaatsvinden. De heer Koçak vraagt welke werkwijze het college hanteert; eerst geld beschikbaar stellen, in kaart brengen en vervolgens het project of eerst het afwegingskader met alle projecten bepalen en daarna de financiën. Wethouder Mager antwoordt dat nog bekeken wordt wat er nodig is. Zij kan deze vraag nog niet beantwoorden. Als het nodig is, wordt dit in de perspectiefnota opgenomen.
De heer Van der Geest vindt het relevant voor de afweging welke werkwijze gehanteerd wordt en daarom moet hij kunnen bepalen of deze kaart met beheerkosten daarin past. Hij zou de afweging graag iets eerder willen ontvangen. De heer Van der Lee vraagt of er bij het project Schelluinsestraat over hoogbouw is nagedacht. Wethouder Mager antwoordt dat er afgelopen maandag een participatiebijeenkomst is gehouden met de ondernemers en eigenaren waar een begin is gemaakt met hoe het er eventueel uit zou kunnen zien. Zodra er meer bekend is, komt zij naar de raad. De heer Van Houwelingen denkt dat stedelijk programmeren heel uitdagend is, maar ziet ook enkele kleine risico’s omdat veel zaken met stakeholders en met de belangen van de omgeving afgewogen moeten worden. Hij informeert hoe ervoor gezorgd wordt dat de frustraties zo klein mogelijk blijven en hoe voorkomen wordt dat op elkaar gewacht wordt. Wethouder Mager reageert dat hoe meer je laat zien, hoe meer actie en reactie er volgt, maar dat is juist waarom het wordt gedaan. Het is makkelijker om dingen te bespreken omdat het allemaal zichtbaar is waardoor er aan de achterkant minder problemen zijn. Het is onmogelijk om tot 100% overeenstemming te komen, maar het gaat om het belang van de stad en dat moet voorop gesteld worden.
De heer Van Houwelingen is het eens met het idee hierachter, maar mensen kunnen heel makkelijk hun mening overal plaatsen en dat kan frustratie opwekken. Met participatie en communicatie wordt ver gekomen, maar dit is de andere kant. De heer Koçak complimenteert mevrouw Meijer en mevrouw Neijenhuis met hun deskundigheid. Sluiting De voorzitter bedankt voor de ambtelijke ondersteuning voor de presentatie en het beantwoorden van de vragen. Hij ziet iedereen graag terug bij de interactieve sessie in het tweede kwartaal en sluit de vergadering.
Parallelsessie I&O Stedelijk programmeren, 14 december 2023