20230622 Concept Verslag Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024.docx
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting 22 juni 2023 Perspectiefnota 2024 Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Fracties: Portefeuillehouder: Ambtelijk: Notulen:
de heer B. Bahlmann mevrouw J. den Uyl Stadsbelang-Democraten Gorinchem-CDA-PvdA-VVD-D66-SPChristenUnie/SGP-Gorcum Actief mevrouw M. Molengraaf de heer S. Bouwmeester notulistenbureau Leeuwenburgh-Vendrig
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Perspectiefnota 2024 Onlangs is de perspectiefnota 2024-2027 aangeboden aan de gemeenteraad. Door middel van een presentatie wordt deze toegelicht. Vervolgens kunnen de raadsleden technische vragen stellen. Wethouder Molengraaf zegt dat het samenstellen van de perspectiefnota een flinke klus was. Zij nodigt de raadsleden uit de technische vragen goed te stellen zodat dit afgehandeld is voor de bespreking in juli. De heer Bouwmeester geeft een presentatie (beschikbaar op iBabs). Het was een uitdagend proces, in het bijzonder vanwege de meicirculaire. Hij licht de opzet van de perspectiefnota toe die bestaat uit financiële ontwikkelingen, spaarsystemen, investeringen en overige ontwikkelingen. Het financieel meerjarenperspectief wordt getoond en toegelicht. Er is sprake van een positief sluitend meerjarenperspectief. De technische bijstellingen zijn fors, autonome ontwikkelingen met name als gevolg van de hoge inflatie en hoge energieprijzen. De verwachte ontwikkelingen inzake het gemeentefonds worden nader toegelicht. In 2023 is besloten om een groot deel van het begrotingssaldo 2023 en 2024 in te zetten voor investeringen. In 2025 is er niets mee gedaan waardoor het groter is. De investeringsruimte staat de komende jaren onder druk.
De heer Schefferlie vraagt of dit een overzicht is na de toevoeging van de raadsinformatiebrief over de meicirculaire. De heer Bouwmeester antwoordt dat de meicirculaire met name gaat over het exploitatiesaldo en niet over de investeringsruimte. Hij vervolgt met de inzet beschikbare dekkingsbronnen omdat niet alles aan investeringen past binnen het investeringsplafond. Gekeken is naar verschillende reserves en naar een variant om te sparen voor nieuwe investeringen. De heer Schefferlie vraagt naar een duiding inzake de inzet van de reserve sociaal domein. De heer Bouwmeester denkt dat de vraag genoteerd is voor het politieke debat. De heer Bouwmeester schetst vervolgens de uitgangspunten voor de perspectiefnota. Voor de loonstijging moet een inhaalslag gemaakt worden van 5,5% in 2023. Daarnaast is er een algemene prijsstijging van 3%, kostendekkendheid van leges en heffingen, indexatie van de
Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024, 22 juni 2023
parkeertarieven met 10% en de verhoging van de Riveer tarieven met de prijsindex gezinsconsumptie. De heer Houtepen vraagt of de 3% gezien moet worden vanaf 2024. De heer Bouwmeester bevestigt dit. Vervolgens licht hij de uitkomsten van de meicirculaire toe. Er zit een substantieel lagere compensatie voor loon- en prijsstijging in. De heer Schefferlie vraagt of niet verwacht kan worden dat de septembercirculaire positiever zal zijn. De heer Bouwmeester merkt op dat volgend jaar pas duidelijk wordt wat de cao voor rijksambtenaren zal doen. Er zal in september nog geen bijstelling gegeven worden verwacht hij. Mogelijk komt er volgend jaar wel een inhaalslag maar nu heeft men met dit meerjarenperspectief te maken. De verbonden partijen wordt ook geconfronteerd met loonstijgingen. Nagegaan wordt of dat (deels) gecompenseerd moet worden. Mevrouw Hamann zegt aan te nemen dat deze tegenvaller voor alle gemeenten geldt. Zij heeft bij het VNG congres begrepen dat bijstelling in het najaar verwacht wordt. De heer Bouwmeester meent dat alle gemeenten hiermee te maken hebben, maar het is afhankelijk van hoe de gemeente de begroting heeft opgesteld. Hoe meer gemeenten er last van hebben hoe groter de kans is dat het rijk hier iets aan zal doen. Dit moet worden afgewacht. In ieder geval adviseert hij het college om voor 2024 wel een sluitende begroting voor te leggen.
De heer Tekir vraagt hoe groot de ombuigingsopgave is. De heer Bouwmeester zegt dat het saldo op basis van de meicirculaire € 1 mln. is. De structurele kosten en baten in de begroting 2024 moeten in evenwicht zijn en dan maakt het niet uit wat er onderaan de streep uit komt. Dat is voldoende voor de Provincie. Als het jaar erna het gemeentefonds afneemt wordt daar niet naar gekeken. Het saldo van € 1 mln. is wat anders dan het structurele saldo. De heer Klein vraagt naar een inschatting van het structurele verschil. De heer Bouwmeester zegt dat hij dat na de presentatie kan nazien. In de perspectiefnota zat een positieve bijstelling van € 2 mln. voor 2027. Dat betekent een opgave voor de begroting 2024 en verder. De heer Tekir noemt de component jeugdzorg uit de brief over de meicirculaire. Naast de tekorten op het meerjarig saldo zou er ook € 5 mln. aan ombuigingen in de jeugdzorg nodig zijn. Komt dat bovenop het tekort van max € 1 mln.? De heer Bouwmeester licht de component jeugdzorg toe. De bedragen voor 2024 en 2025 zijn definitief en die voor 2026 en 2027 zijn inschattingen. De heer Oostrum vraagt of het dan wel verstandig is om de reserve sociaal domein nu af te romen. De heer Bouwmeester noemt de inschatting van de kostenontwikkeling los van de hervormingsagenda. Er is nog niet veel te zeggen over de hervormingsagenda maar de opgave is zeker fors.
De heer Schefferlie zegt benieuwd te zijn hoe het college dit inschat. De heer Bouwmeester zegt dat het ook financieel technisch heel ingewikkeld is. Met betrekking tot de reserve sociaal domein licht hij toe dat het niet zo is dat de reserve leeggehaald wordt. De gesprekken met het Rijk zijn ook nog niet beëindigd. Wat betreft de technische bijstellingen zegt hij dat ingeschat is dat als de rente ruim boven de 3% blijft er sprake zal zijn van € 1,8 mln. tekort per jaar. Gekeken is naar de actuele
Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024, 22 juni 2023
ontwikkelingen van de ECB. De rentelasten in de perspectiefnota zijn afdoende voor alle investeringen in 2024. Het verwachte tekort op de rente is € 800.000. De voorzitter bedankt de heer Bouwmeester voor zijn presentatie. De heer Scheffelie merkt op dat er ook informatie is gekregen over investeringen in het IHP. Het is jammer dat dit niet integraal bekeken is. Hij had gehoopt hier een nadere duiding op te krijgen. Hij vraagt ook naar het Caribabad; kan hier een duiding van gegeven worden? De heer Bouwmeester zegt dat er in deze perspectiefnota financieel technisch nog investeringsruimte zit van € 7 mln. en er is ook een meerjaren begrotingssaldo van € 4 - € 5 mln. Met die twee bedragen heb je € 12 mln. voor nieuwe investeringen. In september komt er een voorstel over het zwembad met verschillende investeringsbedragen. Gekeken moet worden hoeveel ruimte er gevonden kan worden in combinatie met de exploitatie van het zwembad. Hij schat in dat het financieel haalbaar moet zijn om een variant van het zwembad uit te voeren. Desgevraagd licht hij toe dat er verschillende scenario’s zijn gepresenteerd met hun effecten op de meerjarenbegroting. Er is in de begroting ruimte voor een x bedrag aan investeringen. Hij noemt ook besparingen die mogelijk zijn. Er zijn oplossingen te bedenken die geen nadelig effect hebben op de meerjarenbegroting.
De cijfers van de presentatie van enkele weken geleden kloppen nog steeds. De heer Schefferlie zegt dat het interessant zou zijn om bij de perspectiefnota te zien hoe dit zich verhoudt tot andere keuzes. De heer Bouwmeester zegt dat door de factor tijd de perspectiefnota, meicirculaire en het zwembad nog niet te combineren zijn. De heer Schefferlie zegt dat hij had gehoopt dat er nu complete duidelijkheid zou zijn over een afwegingskader. Hij vraagt of een overzicht van alle wensen en mogelijkheden kan worden opgesteld voor de behandeling van de perspectiefnota. De heer Oostrum merkt op dat het vooral over de investeringsruimte gaat. Drie jaar geleden zijn scenario’s bekeken vanuit de schuldenpositie van de gemeente. De schuld is enorm gedaald. Hij is wel bang voor de toekomst. Als de schulden toenemen wordt de investeringsruimte kleiner. Hij zou graag nog eens een zelfde exercitie als drie jaar geleden willen zien. Hij noemt ook het spaarsysteem in relatie tot de geldontwaarding. Is sparen wel zo handig? De heer Bouwmeester zegt dat mede door corona de schuldpositie gedaald is. Daar is van geprofiteerd. Vorige maand is ook gesteld dat er veel investeringen gedaan kunnen worden die al gefiatteerd zijn. De schuld zal dan wel stijgen maar dat is geen groot probleem. Er is wel sprake van een hard oplopende rente.
Met het huidige investeringsprogramma komt dit uit op een tekort van € 1,8 mln. Hij zou niet adviseren om investeringen te doen als het geld er nog niet is. Het moet ook passen binnen de meerjarenbegroting. Het investeringsplafond is een keuze van de raad. In antwoord op de vraag van de heer Schefferlie wat er nog voor 6 juli beschikbaar kan komen zegt hij dat hij dit met het college zal bespreken. In augustus en september vindt pas besluitvorming plaats over de scenario’s voor het zwembad. Over onderwijshuisvesting is een raadsinformatiebrief verschenen om inzicht te geven in wat er al in de bestande begroting is opgenomen aan middelen. In de perspectiefnota zit een spaarvariant van een miljoen en twee kleinere investeringen. Voor de jaren erna wordt een miljoen per jaar gespaard. De heer Schefferlie zou dit graag geactualiseerd zien. De voorzitter stelt vast dat de heer Bouwmeester dit mee terugneemt naar het college. De heer Klein noemt het zwembad en vraagt of uit de genoemde € 12 mln. de rentelasten voor het zwembad betaald kunnen worden.
Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024, 22 juni 2023
De heer Bouwmeester zegt dat de meerjarensaldi een effect hebben op de exploitatie. Bij elke variant komt er een ander exploitatietekort uit en moet naar de ruimte in de meerjarenbegroting gekeken worden. Een keerzijde is wel het investeringsplafond. Er moet ook naar de schulden gekeken worden. De rentelasten moeten wel opgevangen kunnen worden in de komende jaren. De heer Van der Geest heeft nog vragen over de ruimtevragers van het collegeprogramma. Hij noemt de stadsecoloog en de stadsconciërge en vraagt wat die gaan doen en hoe gemeten wordt of die succesvol zijn. Met betrekking tot de instrumenten voor de woningmarkt en versnelling van de woningbouw vraagt hij ook om een toelichting. Hij noemt de uitvoering mobiliteitsvisie en keuzes inzake de Nieuw Hoven en Mollenburgseweg, station noord, parkeergarage Kweeklust, De Nieuwe Doelen een miljoen extra. Zit er nog geld in die reserve infrastructuur? Wijkgericht werken wordt aangepast en dat is hem niet duidelijk. Deze vragen kunnen ook schriftelijk beantwoord worden. Hij noemt ook de overzichten van de reserves die hij graag inzichtelijk zou krijgen. De heer Bouwmeester zegt dat het overzicht van de reserves inzichtelijk gemaakt kan worden. Hij gaat er nu niet inhoudelijk op in. De technische vragen over inhoudelijke punten laat hij aan het college. Wethouder Molengraaf stelt voor deze schriftelijk te beantwoorden.
De heer Van der Geest zal zijn vragen nog even mailen. Wethouder Molengraaf ontvangt de vragen graag deze week. De heer Tekir zegt dat hij een schriftelijke vragenronde heeft gemist voor dit onderwerp. Hij heeft nog enkele vragen. Hij noemt de summiere toelichting op enkele tonnen die gevraagd worden. Hij noemt ook hoofdstuk 2.1. dat om een toelichting vraagt. Hij noemt het spaarsysteem dat nieuw is; het is gewoon een bestemmingsreserve naar zijn mening. Dat is er nu al voor sociaal domein en infra. De afspraak die gemaakt wordt is voor twee reserves (infra en onderwijs) een 50-50 verdeling te maken. Wat is hier nu nieuw aan dit spaarsysteem? Het lijkt erop dat het in deze perspectiefnota niet toegepast wordt. Met betrekking tot de prijsindexen vraagt hij naar de verklaring van het verschil in stijgingen. In de inleiding staat dat het college programma wordt uitgevoerd. Is dat deels of totaal? Met betrekking tot het IHP vraagt hij of de vijf gebouwen niet zijn opgenomen in de perspectiefnota. De heer Bouwmeester reageert op de gestelde vragen. Er is voor gekozen om bij de technische uitgangspunten alleen de heel bijzondere toe te lichten, zoals de cao. Het spaarsysteem bestond al voor infrastructuur. Behalve de grondexploitatie Groote Haar zijn de andere grondexploitaties nagenoeg afgesloten. Op korte termijn komen daar geen positieve resultaten uit.
Het spaarsysteem wordt aangevuld. Ruimte boven de weerstandsratio wordt dan afgeroomd voor onderwijs en infra. Voor onderwijshuisvesting wordt hetzelfde systeem gebruikt als voor infra. In het investeringsprogramma wordt ook elk jaar een miljoen gespaard. Bij het sociaal domein was een egalisatiereserve waar ook in gespaard werd. In de perspectiefnota is gekeken naar de ruimte die benut kan worden voor investeringen. Het spaarsysteem gaat in vanaf de jaarrekening 2023 want de middelen zijn nu nodig voor de investeringen in deze perspectiefnota. Het bedrag dat we kunnen sparen is afhankelijk van het jaarresultaat. Desgevraagd licht hij toe dat bij de begroting een voorstel gedaan moet worden om de begroting sluitend te maken. De borging om de nieuwe spelregel na te leven is dat de raad besluit om dit te doen. De regel is er op dit moment nog niet. Als de raad besluit tot het spaarsysteem dan moet het college dit uitvoeren. Het is wel tot factor 2. In algemene zin is het elk jaar een kwestie van keuzes maken omdat de ambities groter zijn dan de financiële ruimte. Met betrekking tot de index van 3% en de index bij De Nieuwe Doelen zegt hij dat het budget voor DND al enkele jaren geleden is vastgesteld vandaar dat het percentage daar hoger is. Voor de andere investeringen is de index vorig jaar ook al toegepast. In totaal
Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024, 22 juni 2023
komt het redelijk overeen. Reeds vastgestelde investeringsbudgetten zijn niet geindexeerd zoals station Noord. Wel is voorzien dat die kosten gaan stijgen. In hoeverre het college programma er volledig in zit is lastig te duiden. Misschien kan het college hier een duiding aan geven. Wethouder Molengraf gaat er vanuit dat dit er volledig in zit maar zij zal het bij de schriftelijke beantwoording meenemen. De heer Tekir meent dat er nog een gat tussen zit. Hij is benieuwd naar de dekking. De heer Bouwmeester zegt dat hij met het college zal bespreken of hiervan een overzicht gegeven kan worden. Met betrekking tot het IHP en de onderwijsgebouwen verwijst hij naar de raadsinformatiebrief. De vijf scholen in het IHP staan niet met naam en toenaam genoemd in het perspectiefnota. Daar komt het spaarsysteem voor in de plaats. Wethouder Mager zegt dat gekeken is wat er nog aan geld in de begroting zit. Zij verwijst naar de raadsinformatiebrief. Er komen nog businesscases en die zijn al opgenomen. Er zijn ook gebouwen die verkocht worden. Voor alle te (ver)bouwen gebouwen komen businesscases. Gekeken wordt welke maatschappelijke functies toegevoegd kunnen worden. Per school wordt dit besproken met de raad. De heer Tekir begrijpt dat de vijf scholen nu niet in de perspectiefnota zitten. De heer De Pagter is gecharmeerd van het spaarsysteem.
Hij vraagt met betrekking tot het afromen van de reserves of het niet verstandig is dat gefaseerd te doen in plaats van eenmalig. De heer Bouwmeester noemt de weerstandsratio en de doorrekening en zegt dat het verantwoord is om het bedrag er nu uit te halen. Dat gebeurt nu in twee jaar. Het kan ook over meerdere jaren maar met de opgave is de ruimte nodig voor de investeringen. De heer De Pagter vraagt hoe het tot de €7,6mln. komt. De heer Bouwmeester verwijst naar het investeringsoverzicht. Desgevraagd zegt hij dat er nog een voorstel komt naar aanleiding van de meicirculaire. De heer Klein noemt de indexatie van de parkeertarieven en het starttarief van € 2 euro. Hij denkt dat dit geen goed idee is. De stadsconciërge staat in de begroting en hij vraagt of dat de opstartkosten zijn en of het in de salarishuishouding zit. Met betrekking tot de buitenverlichting en de versnelde afschrijving vraagt hij waarom dat in één keer gebeurt. Op pagina 21 leest hij dat er kosten zijn voor de verlichting en een besparing van € 250.000. Hoe moet hij dat in verhouding zien? In de bijlage 6.1. staat voorzieningen gebouw Kriekenmarkt. Is dat het havengebouw en klopt het dat het om € 2 mln. gaat? De heer Bouwmeester zal de vraag inzake de parkeertarieven schriftelijk beantwoorden. Met betrekking tot de stadsconciërge is het voorstel om dit twee jaar incidenteel te doen.
De ledverlichting: de huidige verlichting moet afgeboekt worden en vervangen. Het is legitiem om de boekwaarde uit de boeken te halen. Bij de investeringen is de kapitaalvraag opgenomen van vijf ton per jaar. Bij de exploitatie staat wat het oplevert, dat is € 250.000 per jaar en dat wordt toegevoegd aan de reserve duurzaamheid. Desgevraagd zegt hij dat dit acht jaar in beslag neemt. Op de vraag over de Kriekenmarkt komt hij schriftelijk terug. De heer Houtepen zegt dat veel van zijn vragen al gesteld zijn. Hij noemt ook de stadsecoloog en de stadsconciërge; zijn dat loonkosten of ook andere kosten? Hij vraagt ook naar de instrumenten voor de woningmarkt; zijn er al ideeën over? Is het gebruikelijk dat een tarief voor de OZB volledig wordt geindexeerd terwijl de grondslag ervoor ook al omhoog gaat door dezelfde drivers. De heer Bouwmeester zegt dat de bedragen voor de stadsecoloog en conciërge loonkosten inclusief werkgeverslasten zijn. Het woningbouwprogramma versnellen; gekeken wordt of daar schriftelijk op gereageerd kan worden. Bij de OZB is het gebruikelijk dat die meestijgt met de loon- en prijsstijging maar het wordt eerst gecorrigeerd door de autonome stijging. Bewoners worden nooit dubbel belast.
Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024, 22 juni 2023
Mevrouw Hamann bedankt de heer Bouwmeester voor de heldere uitleg. De voorzitter stelt vast dat er geen vragen meer zijn en heeft de volgende ambtelijke toezeggingen genoteerd: • Het college vragen om inzicht te geven in de investeringen en de wensen, wat er beschikbaar is vanuit de meicirculaire en of er (welke) keuzes gemaakt moeten worden • Is het collegeprogramma verwerkt in de begroting? • Het CDA dient deze week nog vragen in. • Toelichting inzake prijsindex sociaal domein opnemen. • Reactie op de vraag inzake parkeertarieven. • Reactie op de vraag inzake Kriekenmarkt. • Reactie op de vraag inzake instrumenten woningmarkt. • Inzicht in hoe het college programma wordt uitgevoerd. • Procesafspraak: deze week vragen indienen en tijdig voor 6 juli beantwoording. De voorzitter sluit de vergadering; de perspectiefnota wordt op 6 juli in de raadsvergadering besproken. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering.
Parallelsessie I&O Perspectiefnota 2024, 22 juni 2023