20221201 Parallelsessie B&A Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college.docx
Tekst van het document
Parallelsessie Beraad en Advies, 1 december 2022 Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Griffie: Fracties: Portefeuillehouder: Ambtelijk: Notulen:
de heer I. Tekir mevrouw E. van Bekhoven Stadsbelang-Democraten Gorinchem-CDA-PvdA-SGP/ChristenUnieVVD-SP-Gorcum Actief de heer M. de Boer mevrouw M. van Zanten en de heren A. Rietveld, P. van der Werff en M. Snel notulistenbureau Leeuwenburgh-Vendrig
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college Tijdens de parallelsessie I&O van 17 november 2022 bent u geïnformeerd over het raadsvoorstel Z/21/707939 D-792896 en de daarin opgenomen keuzen m.b.t.: 1. delegatie van delen van het omgevingsplan en het voorbereidingsbesluit aan het college; 2. het verplicht stellen van een door de raad af te geven bindend advies voor aangewezen gevallen van omgevingsvergunningen voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Een beleidsneutrale invoering van de Omgevingswet is uitgangspunt. Het raadsvoorstel wordt nu voor behandeling B&A aangeboden. Wethouder De Boer leidt het onderwerp, waarover reeds tweemaal is gesproken in een I&O sessie, in. Het college is verzocht om te komen met een voorstel om beleidsneutraal over te gaan. De insteek is om zo veel mogelijk bij het oude te blijven met uitzondering van het voorbereidingsbesluit. Hier wordt een verandering aangebracht zodat het mogelijk wordt om snelheid in een proces te brengen om ongewenste ontwikkelingen tegen te kunnen gaan. Hij is benieuwd naar de bevindingen van de raad. De heer Van Veen denkt dat iedereen het met hem eens is dat het om complexe materie gaat. Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet verandert een aantal zaken.
In het raadsvoorstel wordt gevraagd om een aantal bevoegdheden te delegeren, hierbij wordt vooral op de voordelen voor de raad gewezen. Uit persoonlijke ervaring weet hij dat door meer te delegeren de controle op bepaalde zaken minder wordt. Hij veronderstelt dat het in dit geval niet anders zal zijn. Hij is nog op zoek naar voor welke zaken dit geldt en kijkt daarom uit naar het moment van evaluatie, bij voorkeur eerder dan na een jaar, om te bezien welke gebeurtenissen hebben plaatsgevonden als gevolg van de nieuwe manier van werken en hoe het gegaan zou zijn in de oude situatie. De heer Oostrum merkt op dat de wijziging is bedoeld als beleidsarme wijziging en spreekt zijn vertrouwen uit dat het college dit alles zo goed mogelijk regelt. Als de raad ergens last van heeft achteraf, kan iets altijd ingetrokken worden. Hij heeft enkele tekstuele opmerkingen doorgegeven en verzoekt om daar nog eens goed naar te kijken. Zijn fractie kan zich vinden in het voorstel en stelt voor om na een jaar, eerder heeft geen zin, te beoordelen of het heeft gewerkt aan de hand van een aantal casussen. Zijn fractie kiest voor een hamerstuk.
Parallelsessie B&A Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college, 1 december 2022
De heer Kuijten geeft aan dat zijn fractie kan instemmen met het besluit bindend adviesrecht, buitenplanse omgevingsactiviteiten en het delegatiebesluit omgevingsplan, maar moeite heeft met het delegeren van het voorbereidingsbesluit. De gedachte hierbij is dat schade die mogelijk ontstaat moeilijk te herstellen zal zijn. Bestuurlijke politieke commotie is ongewenst. Het is ook mogelijk om het voorkeursrecht toe te passen. Zijn fractie begrijpt niet waarom het college twee dezelfde instrumenten binnen haar mandaat wil. De heer Krol verwijst naar de I&O sessie waar bij het delegeren van het voorbereidingsbesluit op wantrouwen richting de samenleving werd gewezen en verzoekt om nadere toelichting. De heer Kuijten verduidelijkt dat wanneer een eigenaar van een stuk grond iets wil bouwen waarna het college een voorbereidingsbesluit neemt maar de buurman van niets weet deze de mogelijkheid moet hebben om te klagen als hij het er niet mee eens is. Zoals het wordt voorgesteld is het niet transparant en dat kan als wantrouwen richting het bestuur voelen. Dergelijke ongewenste situaties wil zijn fractie voorkomen. De heer Krol hoort graag hoe de wethouder dit duidt. De heer Van Houwelingen refereert aan het bindend adviesrecht. Voorheen werd een kruimellijst gehanteerd in welke gevallen niet naar de raad gegaan hoeft te worden.
Dit is nu omgeturnd naar een lijst waarvoor wel een bindend advies wordt gevraagd. Op de kruimellijst ontbraken punten waarbij het wel belangrijk is dat deze langs de raad gaan. Hij heeft een vergelijking gemaakt met andere gemeenten en wijst op activiteiten waarbij mogelijk sprake is van invloed op natuur en milieu, invloed op de kwaliteit van de leefomgeving, invloed op de culturele waarde van het gebied en maatschappelijke onrust en stelt voor om dit te borgen. De heer Houtepen merkt op dat er heel veel jargon wordt gebruikt, het blijft erg technisch en ingewikkeld, maar hoopt dat het voor de burger begrijpelijk gehouden wordt als het uitgerold wordt. Zijn fractie kan zich vinden in het uitgangspunt om beleidsneutraal over te gaan en één en ander vervolgens evalueren. Het is lastig om te kunnen constateren of er zaken missen of dat het zicht op een aantal zaken verloren wordt omdat het stuk gespiegeld gelezen moest worden, maar de ervaring zal dit uitwijzen. Hij is benieuwd naar de reactie van de wethouder naar aanleiding van de gemaakte opmerkingen, maar in de basis is dit een goed voorstel. De heer Krol steunt in principe het voorstel, maar ziet nog wel wat open eindjes. De suggestie die door de heer Van Houwelingen werd gedaan is interessant. Hij is benieuwd hoe hierop gereageerd wordt.
Hij heeft onvoldoende inzicht om te kunnen bepalen of de heer Kuijten een terecht punt heeft als hij zegt dat dit zou kunnen bijdragen aan een vergroting van het wantrouwen tussen overheid en burgers en zou daar graag wat meer gevoel bij krijgen. Aan Stadbelang vraagt hij of er een voorstel komt voor aanpassing van de evaluatietermijn. De heer Van Veen geeft aan dat het niet zo is dat hij de wethouder niet vertrouwt. Hij neemt graag het advies van een ervaren raadslid als de heer Oostrum aan. Zijn fractie kijkt uit naar de evaluatie en gaat akkoord met het voorstel. De heer Schefferlie wijst op de heldere toelichting in de I&O sessies. Het is een prima voorstel. Zijn fractie vertrouwt op de sensitiviteit vanuit het bestuur om te weten, of dat nu wel of niet is afgesproken, wanneer de raad wel of niet betrokken wordt ook als daarvoor moet worden afgeweken van de voorgestelde delegatie.
Parallelsessie B&A Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college, 1 december 2022
Mevrouw Hamann vindt het best een ingewikkeld verhaal, de raad moet bevoegdheden af durven geven, maar het is beleidsneutraal en er wordt vastgehouden aan de uitgangspunten en kaders die gesteld worden door de raad. Binnen de fractie is discussie gevoerd over de plaatsing van een zendmast en een windturbine waarbij het de vraag is of het college over iets dergelijks zomaar zou kunnen beslissen. Zij heeft begrepen dat dit niet het geval is en dat dit soort zaken in de raad wordt behandeld. Zij is hiermee een beetje gerustgesteld en wil graag het vertrouwen geven, hoewel het goed is om één en ander te evalueren. Zij begrijpt dat het beleid niet in beton gegoten is, in de loop der jaren zijn veranderingen en verschuivingen mogelijk is. Er zou afgesproken kunnen worden om het beleid elke twee jaar te evalueren. Voor nu een positief advies van haar fractie. De heer Oostrum merkt op dat het hem opvalt dat de huidige coalitiepartijen meer bedenkingen hebben dan de oude coalitiepartijen en hoopt dat de wethouder in staat is om deze weg te nemen. De voorzitter stelt voor om het erop te houden dat het dualisme vanavond hoogtij viert. Wethouder De Boer begrijpt uit de bijdragen dat er veel steun is voor het voorstel. Hij kan zich voorstellen dat de lijst lastig te beoordelen is. Bepaalde casuïstiek kan leiden tot veranderingen.
Hij gaat nader in op het delegeren van bevoegdheden, het geven van een bindend advies of juist daarvan afzien. Dit is bedoeld om de raad te ontlasten en om snelheid te genereren bij aanvragen over allerlei bijgebouwen en schuurtjes. Hij kan zich vinden in de woorden van de heer Schefferlie met betrekking tot de sensitiviteit. Als het gaat om zaken die aanzienlijke gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving wordt de raad met een bindend advies betrokken. Hij hoopt op vertrouwen van de raad dat het college voldoende aanvoelt op welk moment iets gevoelig ligt, of grote invloed heeft op de leefomgeving, de natuur of de cultuurwaarden waarna iets aan de raad voorgelegd zal worden. De intentie is om de uitvoering van allerlei dingen die de raad besloten heeft bij het college te beleggen. Stadsbelang geeft aan dat de controle minder wordt. Hij benadrukt dat de controle blijft zoals deze was. Een jaar na de inwerkingtreding van de Omgevingswet volgt een evaluatie om te bezien of het logisch was dat het college of de raad ergens over ging. Het college staat ervoor open om wijzigingen aan te brengen, maar omdat er veel verandert met de nieuwe Omgevingsweg wordt voorgesteld om nu één en ander beleidsneutraal over te zetten. Het CDA heeft moeite met het delegeren van het voorbereidingsbesluit. Dit is een instrument om ongewenste ontwikkelingen in de stad tegen te kunnen gaan.
Dit gaat voornamelijk over zaken die gewenst worden, maar die nog niet zijn geborgd in ruimtelijke plannen waardoor ontwikkelingen zouden kunnen plaatsvinden als een beroep wordt gedaan op het vigerende bestemmingsplan/omgevingsplan. Het is mogelijk om een plan tijdelijk te bevriezen zodat er gewerkt kan worden aan een omgevingsplan dat strookt met de ideeën van de raad. Als voorbeeld noemt hij dat in 2015 in de raad is gesproken over het minder mogelijk maken van afhaalrestaurants in de binnenstad. Bij het beleid dat daarvoor is vastgesteld is aangeven dat dit voor meer gebieden zou moeten gelden vanwege het beperken van overlast. Destijds is een voorbereidingsbesluit genomen om een x-aantal ontwikkelingen elders in de stad onmogelijk te maken in de tijd dat werd gewerkt aan de herziening van dit beleid. Als dit niet was gebeurd zou er op basis van het vigerende bestemmingsplan gewoon vergund moeten worden. De enige reden waarom wordt gevraagd om dit naar het college te halen is omdat snelheid soms een belangrijk factor is. De raad wordt altijd geïnformeerd als dit instrument ingezet wordt en kan altijd direct besluiten om het ongedaan te maken. Dit principe wordt toegepast als er een uitspraak is van de raad over ontwikkelingen die niet gewenst worden maar nog niet geborgd zijn.
De heer Krol begrijpt dat snelheid soms gewenst is en vraagt of dit is om partijen voor te zijn, voorkomen dat iemand heel berekenend iets onomkeerbaars doet.
Parallelsessie B&A Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college, 1 december 2022
Wethouder De Boer vervolgt dat dit mogelijk is. In het voorbeeld van de afhaalrestaurants zouden er vermoedens of signalen kunnen zijn dat er op bepaalde plekken initiatieven zijn die niet stroken met de wensen van de raad. Voorkomen moet worden dat ongewenste ontwikkelingen plaatsvinden voordat zaken zijn geborgd waarbij in uitzonderlijke gevallen wordt gekozen voor het nemen van een voorbereidingsbesluit. De heer Kuijten vermoedt dat hij een andere perceptie heeft bij een voorbereidingsbesluit. Zoals het nu in het voorstel is opgenomen, is het een grote container. Ook bij grote uitbreidingsplannen is het mogelijk om een voorbereidingsbesluit te nemen. Als het voorstel zorgt dat dit wordt aangepast zodat het duidelijk is dat het om specifieke gevallen gaat, kan zijn fractie instemmen aangezien snelheid dan noodzakelijk kan zijn. Als het gaat om grote uitbreidingen of grote impact op de omgeving heeft zijn fractie principiële bezwaren. Hij hoort steeds dat het om een beleidsneutrale overgang gaat, in de huidige Wet ruimtelijke ordening behoort het nemen van een voorbereidingsbesluit niet tot de delegatiebevoegdheden. Wethouder De Boer herhaalt dat hij in zijn inleiding heeft aangegeven dat er beleidsneutraal overgegaan wordt met één uitzondering; het voorbereidingsbesluit. De mogelijkheid om dit te delegeren is er wel onder de nieuwe Omgevingswet.
Dit is met reden gedaan omdat het soms nodig is om snelheid te maken. Hij heeft niet bedoeld aan te geven dat het enkel om kleine situaties gaat, het kan ook om grote zaken gaan. Bijvoorbeeld als de raad vanavond zou besluiten om geen groot bedrijventerrein meer te bouwen dan betekent dit wat voor de ruimtelijke plannen. Op het moment dat er binnen de geldende bestemmingsplannen ontwikkelingen worden voorgesteld moet er gewoon vergund worden. Dit is een moment waarop de locatie per direct bevroren wordt om ongewenste ontwikkelingen te voorkomen waarna zo snel mogelijk met de raad in gesprek gegaan wordt. De heer Kuijten zou in het geval het over dergelijke grote ontwikkelingen gaat graag vooraf gekend worden in de plannen zodat de raad actief betrokken is bij het nemen van het voorbereidingsbesluit. Hij acht het daarom verstandig om het voorstel op te knippen; op de kleinere zaken kan direct gehandeld worden, maar de raad moet zijn bevoegdheid met betrekking tot de grote ontwikkelingen behouden. Wethouder De Boer licht toe dat de raad kaderstellend is bij grootschalige ontwikkelingen in de stad en noemt in dit kader de besluitvorming over de vleugels van de stad. De raad staat in principe altijd aan het begin van een proces om te besluiten wat er gebeurt in de stad.
In heel uitzonderlijke situaties waarin iets heel faliekant anders gaat of wanneer tot het inzicht gekomen wordt dat iets onmogelijk gemaakt moet worden kan een dergelijk instrument gebruikt worden. Hij noemde zojuist het laatste voorbeeld dat dateert uit 2015. Het heeft niet zijn voorkeur om het voorstel op te knippen; een voorbereidingsbesluit wordt ingezet om grote of kleine ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan in het belang van een ieder. De heer Van Houwelingen geeft nogmaals aan dat hij het vertrouwen heeft dat als het gaat om zaken die impact hebben op de natuur of de leefomgeving er naar de raad gekomen wordt. Hij zag het als mogelijkheid voor de raad om dit te borgen en daarom vroeg hij zich af of de raad dit nodig heeft. De sensibiliteit die wordt aangegeven neemt de zorgen bij zijn fractie weg en daarom kan het voorstel een hamerstuk zijn. De heer Houtepen heeft de indruk dat het voorstel door de meeste fracties als hamerstuk wordt aangemerkt en vraagt wat het CDA nodig heeft om dit stuk unaniem als hamerstuk aan te kunnen werken. De heer Kuijten geeft aan dat hij een voorstel heeft gedaan, maar dat wordt niet omarmd door de wethouder waardoor hij terug moet voor overleg met zijn fractie. De voorzitter concludeert dat het CDA voorstelt om een splitsing in kleinschalige en grootschalige ontwikkelingen te maken bij de delegatie van het voorbereidingsbesluit. De
Parallelsessie B&A Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college, 1 december 2022
overige fracties geven aan dat zij opteren voor een hamerstuk. Het CDA voert nog nader overleg binnen de fractie. Als hieruit geen voorstel tot wijziging komt zal de griffie bericht worden zodat het voorstel alsnog als hamerstuk geagendeerd kan worden. De heer Kuijten kan hiermee instemmen. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de bijeenkomst.
Parallelsessie B&A Omgevingswet Delegatie bevoegdheden raad en college, 1 december 2022