2022-829471 Begroting 2023- Verordening marktgelden 2023.pdf
Tekst van het document
VERORDENING MARKTGELDEN 2023
De raad van de gemeente Gorinchem; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 oktober 2022; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2023 (Verordening marktgelden 2023). Artikel 1. Definities
Deze verordening verstaat onder: a.
dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur, of een gedeelte daarvan;
c.
maand: een kalendermaand;
b. d.
week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen; jaar: een kalenderjaar
Artikel 2.
Belastbaar feit
Onder de naam "marktgelden" wordt een recht geheven voor het ter beschikking stellen van een
standplaats op de warenmarkt en voor het door of vanwege de gemeente verstrekken van diensten ten gunste van die standplaats.
Artikel 3. Belastingplicht
Het recht als bedoeld in artikel 2 wordt geheven van degene op wiens verzoek dan wel ten behoeve van wie de standplaats wordt toegewezen.
Artikel 4. Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.
Het marktgeld bedraagt voor een vergunninghouder met een vaste standplaats € 21,63 per
2.
Het in het eerste lid genoemde recht wordt per vaste standplaats verhoogd met € 125, 66
3. 4.
vierkante meter per jaar. reclamegeld per jaar.
Bij gebruik van de gemeentelijke stroomvoorziening wordt het in het eerste lid genoemde recht verhoogd met € 205,92 per jaar.
Voor de berekening van het marktgeld wordt een gedeelte van een eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Artikel 5. Belastingjaar
Met betrekking tot het marktgeld dat per jaar wordt geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 6. Wijze van heffing 1. 2.
Het marktgeld wordt bij wege van aanslag geheven.
In afwijking van het eerste lid wordt het voor een dag verschuldigde marktgeld geheven door middel van een mondelinge kennisgeving, dan wel gedagtekende schriftelijke
kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt
mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 7. Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.
Het marktgeld als bedoeld in artikel 4, tweede lid is verschuldigd bij het begin van het
2.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is het marktgeld
belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden
3.
overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op
ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,-.
Artikel 8. Termijnen van betaling 1.
2.
De aanslagen moeten worden betaald in zes gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het
aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in elf gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de
dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand 3.
4.
later.
Indien het marktgeld wordt geheven door middel van een kennisgeving als bedoeld in
artikel 6, eerste lid dient het marktgeld te worden voldaan op het moment van uitreiking van de kennisgeving.
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel 9. Kwijtschelding
Bij de invordering van de marktgelden wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 10. Overgangsrecht
De "Verordening marktgelden 2022", vastgesteld bij raadbesluit van 9 december 2021 wordt
ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid, genoemde datum van ingang van de
heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 11. Inwerkingtreding 1.
Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de
2.
De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.
bekendmaking.
Artikel 12. Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening marktgelden 2023". Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 november 2022 de griffier,
de voorzitter,