CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

20211116 Verslag (extra) Fractievoorzittersoverleg

Parallelsessie raadzaal 2 december 2021, gemeente GorinchemBij agendapunt: I&O/B&A Opvang vluchtelingen4.321 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vergadering van het (extra) fractievoorzittersoverleg op 16 november 2021 Samenvattend verslag van de vergadering, gehouden in de raadzaal van het stadhuis Voor deze vergadering zijn ook de leden van de agendacommissie uitgenodigd. Aanwezigen: Voorzitter:

mevrouw R. Melissant-Briene

Griffie:

de heer H. Sepers de heer S. Vink

Fractievoorzitters:

de heer B. Bahlmann, Stadsbelang mevrouw E. Dansen, SP mevrouw E.W.H. Hamann, Gorcum Actief mevrouw R. van Maaren, Fractie Van Maaren de heer L. Onvlee, CDA de heer P. Schefferlie, Democraten Gorinchem de heer I. Tekir, D66 de heer R. van Breemen, GroenLinks mevrouw A. Mager, VVD mevrouw M.J. Molengraaf-Vullers, ChristenUnie/SGP de heer J. Oostrum, PvdA

Namens de Agendacommissie:

de heer K. van Willigen, Democraten Gorinchem

Portefeuillehouder:

de heer R. van Doesburg

Ambtelijk:

mevrouw W. Springer mevrouw D. Verkes

Notulist:

mevrouw R. Leeuwenburgh Vendrig

De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Zij verwijst naar de recente bijeenkomst in het werkcafé over de opvang van asielzoekers. De druk op de gemeenten is nog steeds hoog. De commissarissen van de koning spelen hier een belangrijke rol in. De opvang in het voormalige belastingkantoor stopt 19 november 2021, zoals is afgesproken. De situatie in het gebouw is rustig en goed. Qua openbare orde en veiligheid is er niets voorgevallen. Er zijn enkele coronagevallen geweest. Er wordt veel getest en gevaccineerd door de GGD. Als mensen echt corona hebben dan blijven ze hier niet. De situatie is beheersbaar gebleven. Er is bezoek geweest van de staatssecretaris mevrouw Broekers-Knol. In een bestuurlijk overleg met haar is gesproken over de starre houding van het COA met betrekking tot de opvang van asielzoekers waar het gaat om kleinschalige concepten. Aangegeven is dat Gorinchem wel asielzoekers wil opvangen maar wel met een ander format. A.s. vrijdag is de deadline voor het gebruik van het voormalige belastingkantoor. De wethouder en ambtenaren hebben gezocht naar een oplossing om toch asielzoekers te kunnen opvangen. Het college heeft hier vanmorgen een besluit over genomen.

1

Vanavond worden de fractievoorzitters hierover bijgepraat. De informatie zal ook aan de gemeenteraad gegeven worden en dat zal a.s. donderdag kunnen als de agendacommissie daarmee instemt. Wethouder Van Doesburg licht toe dat de opdracht is om met spoed te werken aan een duurzame kleinschalige opvang voor asielzoekers. Dat is begin 2021 afgesproken. Tegelijkertijd is de situatie bij het COA nijpend. Er is het nodige onderzoek om snel tot een goede invulling te komen waarbij suggesties van de raad meegenomen worden. Dat zal nog een paar maanden in beslag nemen. Gekeken is wat de gemeente in de tussentijd kan betekenen. Tijdens een regiegroep vergadering van de Provincie Zuid Holland is gesproken over het inzetten van riviercruiseschepen om vluchtelingen te huisvesten. De opties daartoe zijn onderzocht en aan de Handelskade in Gorinchem is een goede gelegenheid om een schip af te meren. In andere plekken zijn daar goede ervaringen mee opgedaan. Daar kan vanaf 19 november tot 1 april een oplossing geboden worden. Dit is met de Provincie afgestemd. Vanaf 19 november kunnen 150 vluchtelingen aan de Handelskade gehuisvest worden. Daarvoor is een raadsvoorstel voorbereid dat a.s. donderdag tijdens de hamerraad aan de gemeenteraad voorgelegd kan worden. Dit zal voornamelijk gaan over het doorplaatsen van een belangrijk deel van de mensen die nu in het belastingkantoor gehuisvest zijn.

De andere mensen zullen doorgeplaatst worden naar andere locaties in het land. De wethouder neemt aan dat hier vragen over gesteld zullen worden. De heer Van Breemen hoorde de burgemeester zeggen dat er ambtelijk is gezocht naar oplossingen; hij vraagt waarom dit niet met de raad is gedeeld. Hij heeft er tijdens de begrotingsraad nog naar gevraagd. Hij vindt het verbijsterend dat een prima locatie geschikt voor 300 mensen opgegeven wordt voor een boot voor 150 mensen. Ook om te denken dat dit donderdag al in de raad besloten kan worden terwijl het college de mond vol heeft van het goede gesprek en gewoon voorstelt een boot met 150 asielzoekers naast de Haarwijk te leggen. Hij is benieuwd wanneer dit idee is begonnen. De heer Van Breemen vindt het een zeer slechte zet van het college. Wethouder Van Doesburg zegt dat het college dit niet vindt. De heer Van Breemen vindt het proces blijkbaar belangrijk. De heer Van Breemen zegt participatie bij asielzoekerscentra belangrijk te vinden. Op dinsdag aan de raad vragen of zo’n besluit donderdag in de raad kan is geen procesmatige vraag maar het is onbehoorlijk. Wethouder Van Doesburg vindt dat niet; hij vindt het getuigen van verantwoordelijkheid nemen voor een heel groot maatschappelijk probleem. Dat vindt hij belangrijker dan de participatie op dit moment die genoemd wordt.

Hij vindt participatie ook belangrijk maar het vinden van een oplossing voor een groot maatschappelijk probleem vindt hij nu belangrijker. De heer Van Breemen vraagt wanneer dit is bedacht. Doorpakken is mooi maar de hele raad vroeg vier weken geleden of het allemaal zou lukken omdat de nood na vier weken niet gelenigd zou zijn. Het enige wat de wethouder toen zei was dat vier weken de max was want Gorinchem houdt zich aan de afspraken. Wethouder Van Doesburg zegt dat de afspraak van vier weken door de raad is gemaakt, niet door het college. Dat betekent dat aan het eind van die periode een eind zou komen aan de opvang in het belastingkantoor. Het was een uitzondering op een eerder gemaakte afspraak. Het COA heeft ook gevraagd om vier weken. Het was niet aan de gemeente maar aan het COA om vervolgens een oplossing te vinden. Blijkbaar is er nog meer hulp in het land nodig en daarover heeft het college gezegd daarbij te willen helpen.

2

Mevrouw Mager merkt op dat het wel over mensen gaat. De raad heeft over vier weken besloten omdat dit in het voorstel stond dat voor lag. De vier weken wordt als een soort wapen gebruikt om mensen uit een prettige omgeving weg te halen en op een boot te zetten waar ze misschien ooit vanaf gekomen zijn. Zij vindt het schandalig. Mevrouw Molengraaf zegt dat het klinkt als: normaal gesproken zouden alle mensen uit het belastingkantoor weggaan maar we hebben aangeboden dat er nog wel 150 op een boot kunnen. Zij vraagt of dat de keuze is die voor ligt. Ook vraagt zij hoe de groep eruitziet die op de boot komt en hoe veilig het daar is. Er zijn ook mensen die niet kunnen zwemmen. Wethouder Van Doesburg antwoordt dat besloten is niet langer dan vier weken opvang te bieden, ervan uitgaande dat de mensen vervolgens naar een andere locatie doorgeplaatst zouden worden. Dat is nog steeds het geval, maar wij bieden nu extra hulp. Hoe veilig de locatie is; er is veel ervaring met het huisvesten van vluchtelingen op cruiseschepen. Die ervaringen zijn goed. Er worden ook extra maatregelen getroffen om het veilig te doen. Desgevraagd, de groep bestaat uit een mix van gezinnen, net als de mensen in het belastingkantoor. Ook kinderen maar niet jonger dan een jaar, die uitzondering wordt voor cruiseschepen gemaakt.

Mevrouw Hamann vraagt hoe lang de boot er komt liggen en waar hij aan de Handelskade komt te liggen. In hoeverre wordt er gecommuniceerd met de stad. Voor participatie zal geen tijd zijn denkt zij. Wat gebeurt er met het belastingkantoor? Wethouder Van Doesburg antwoordt van 19 november tot 1 april en het COA heeft gevraagd naar verlengingsopties; dat moet beoordeeld worden. Communicatie naar de wijk gaat via brieven die klaarliggen. Het belastingkantoor komt leeg te staan en het is aan het COA wat ze daarmee gaan doen. De voorzitter merkt op dat het nu alleen over de opvang van vluchtelingen gaat. De heer Tekir zegt dat hij hier bang voor was. De raad heeft luid en duidelijk gewaarschuwd in de raadsvergadering en in de besloten sessie. Gevraagd is om reële verwachtingen te creëren in de wijk. Adviezen zijn toen niet overgenomen en halsstarrig is vastgehouden aan vier weken. In de raadsvergadering is gevraagd naar waarborgen. Toen is gewezen op alternatieve locaties die gereed zouden komen. Met de kennis van nu vindt hij het heel dom van het college dat we onszelf klem hebben gehouden. Die vier weken hoefde niet, er was goodwill in de raad en bereidheid om met de wijk te communiceren. Er is voor gewaarschuwd en het antwoord was steeds nee.

De heer Tekir is niet tegen opvang in een cruiseschip als dat veilig kan, maar laten we dan ook mensen in het belastingkantoor laten zitten. Het is jammer dat gezegd wordt dat het een raadsbesluit is geweest. Er is meerdere malen over gesproken. Wethouder Van Doesburg zegt dat er een afspraak over vier weken is gemaakt. Het COA heeft specifiek om vier weken gevraagd; daarna zouden andere locaties in Zuid-Holland gereed zijn. Daarom is deze keus gemaakt. In de raad was een diffuus geluid. Het COA heeft nu ook niet om een verlenging gevraagd. Het college heeft gezien dat de druk hoog is en wilde iets extra’s doen. Hij verwijst naar de opdracht inzake kleinschalige opvang; daar is tijd voor nodig. De tussentijd wordt overbrugd met dit aanbod aan het COA. De heer Tekir vraagt wat het COA dan met de mensen gaat doen die nu in het belastingkantoor zitten. Wethouder Van Doesburg antwoordt dat een belangrijk deel naar het cruiseschip gaat en andere worden naar een andere locatie in het land doorgeplaatst.

3

Mevrouw Mager begrijpt dat er niet om gevraagd is maar dat de gemeente wel verlengt als een soort goodwill. Wethouder Van Doesburg bevestigt dat het zo gezien kan worden. De heer Schefferlie merkt op dat het voor hem principieel was om te stoppen na de vier weken. Hij was blij met de manier waarop de mensen in de wijk begrip toonden. Vervolgens is er nu een nieuwe keus. Het is bekend dat er een extreme noodzaak is. Hij ziet het als een vorm van noodopvang. Als het voor vier maanden is, dan wil hij dat in zijn fractie bespreken, maar er moet dan ook wel participatie en goede communicatie zijn. Er kan ook besloten worden het niet te doen, maar dan komen er misschien andere verzoeken voor noodopvang. De heer Oostrum had al eerder het vermoeden dat de vier weken wel eens langer konden worden. Hij heeft van harte ingestemd met de vier weken. Maar hoe nu verder; verlengen in het belastingkantoor of voor vier maanden een schip neerleggen bij de Haarwijk. Dat kan hij moeilijker uitleggen. Heeft het college die overweging gemaakt, wat is makkelijker uit te leggen? Hij denkt dat voor enige tijd verlenging in het belastingkantoor makkelijker is uit te leggen en die tijd gebruiken om in de Haarwijk te overleggen om het probleem daar op te lossen. De meerderheid van zijn fractie zou kiezen voor een verlenging. Wethouder Van Doesburg zegt dat er geen verlengingsverzoek is.

De nood is overal extreem hoog. Veel gemeenten hebben veel meer tijd nodig. Aan vier extra weken in het belastingkantoor heeft niemand iets. De voorzitter merkt op dat het om mensen gaat en op het college is een beroep gedaan om asielzoekers op te vangen voor vier weken in het belastingkantoor. In het verleden zijn afspraken gemaakt met de Gildenwijk. Het COA heeft geen verzoek gedaan tot verlenging. Het gaat erom wat er zwaarder moet wegen; de belofte aan de wijk, de betrouwbare overheid, of invulling geven aan een oplossing omdat de nood hoog blijft. Het college heeft geredeneerd: afspraak is afspraak, de mensen worden uitgeplaatst. Het is altijd een zaak van het afwegen van belangen. Als er veel draagvlak voor is om de huisvesting in het belastingkantoor te continueren, dan is dat wel een krachtig signaal vanuit het fractievoorzittersoverleg waartoe het college zich moet verhouden. Zij hoort graag hoe de fracties hier in zitten. Mevrouw Dansen vindt dat er een bizar gesprek gevoerd wordt. Ze hoort de betrouwbare overheid noemen. Het vorige college heeft aan de wijk beloofd dat er geen opvang meer in het belastingkantoor zou komen, dus de betrouwbaarheid is al matig. De raad wordt op een onplezierige manier voor een voldongen feit gesteld en een wijk net zo hard. Niet alleen bij het belastingkantoor maar ook in de Haarwijk.

De wethouder zegt dat er geen vraag is geweest van het COA maar dat het college zelf vond dat ze iets moest doen. Waarom heeft het college de raad en de wijk daar niet in meegenomen? Het is politiek onverstandig; dit is de manier om problemen te krijgen. De heer Bahlmann vindt het idee van de heer Oostrum om nog vier weken te verlengen in het belastingkantoor om te overleggen in de Haarwijk een verstandige keuze. Want nu wordt er gewoon een boot neergelegd tot 1 april terwijl de wijk niet is meegenomen in dit verhaal. Ook het gesprek met de Gildenwijk moet gevoerd worden over hoe zij de afgelopen vier weken hebben ervaren. Mevrouw Van Oversteeg vraagt of het gaat om één schip of meerdere schepen. Op welke manier denkt het college hierover te communiceren? Op welke manier is dit idee tot leven gekomen? Zij verwijst naar een I&O-sessie over het zoeken naar kleinschalige locaties. Wanneer is dit idee ontstaan en op welke manier heeft dat zijn weerslag gehad in de gesprekken over het belastingkantoor?

4

Wethouder Van Doesburg denkt dat het idee over het cruiseschip twee of drie weken geleden is aangediend. Er worden voortdurend ideeën besproken in regiegroepen. Het was met veel onzekerheden omgeven. Het college probeert gewoon een bijdrage te leveren aan een groot maatschappelijk vraagstuk. Participatie is altijd belangrijk, maar het vorige besluit moest ook met spoed genomen worden. In de Gildenwijk is een avond georganiseerd waar niemand naartoe kwam. Nood breekt wet. De heer Van Breemen zegt dat er niemand naar de avond in de Gildenwijk kwam omdat mensen zich via de mail moesten aanmelden. Als het twee tot drie weken geleden aan de orde is gekomen begrijpt hij niet dat het college door vragen in de begrotingsraad niet op het idee kwam om de raad hierin mee te nemen. Het college beroept zich op het feit dat het COA geen verlengingsverzoek heeft gedaan. Dat komt omdat het college het contractueel heeft laten vastleggen. Wethouder Van Doesburg merkt op dat het COA altijd een verlengingsverzoek had kunnen doen. De heer Van Breemen merkt op dat in de raadsvergadering is uitgelegd dat in het contract over vier weken gesproken zou worden en dat er geen ruimte was voor een verlengingsverzoek. De raad is dan niet goed geinformeerd. Wethouder Van Doesburg zegt dat als de heer Van Breemen hem op woorden wil vangen, hij gelijk heeft en feliciteert hem hiermee.

De voorzitter zegt dat de tekst van het contract nog even nagezien kan worden. Wethouder Van Doesburg zegt dat de afspraak duidelijk was; vier weken en niet langer. Dat is ook gecommuniceerd met de buurt en daar wil het college zich aan houden. Het college gaat overigens niet allerlei losse flodders met de raad delen. Daar is geen tijd voor. De vorige keer kreeg het college een pluim omdat het de nek uitstak. Dat doet het college nu weer. De voorzitter schorst de vergadering voor een pauze. Wethouder Van Doesburg merkt op dat aandacht is gevraagd voor participatie. Nood breekt ook participatiewet. Hij noemt ook afspraken die gemaakt zijn met de Gildenwijk. De oudere mensen die dicht bij het belastingkantoor wonen maken zich zorgen en daar moet rekening mee gehouden worden. Op 19 november loopt de afspraak met het COA af en de groep mensen gaan dan naar andere locaties in het land. In de begrotingsraad en bij andere gelegenheden is gevraagd op te schieten met het realiseren van duurzame kleinschalige huisvesting van statushouders. Dat is een ander traject dan de noodopvang. Voor noodopvang zou hij graag ook participatie inzetten maar dan kan niet omdat er snel geschakeld moet worden door COA, Rijk en Provincie. GS heeft hier vanmorgen ook over moeten besluiten. Het wil niet zeggen dat het nu doorgedrukt moet worden omdat het college dit wil.

In het belastingkantoor gaat het allemaal goed, maar afgesproken is dat dit op 19 november stopt. Uiteindelijk kunnen de mensen naar een andere locatie. Het college wilde nu dit aanbod doen omdat de mogelijkheid er is. Als er voor het schip gekozen wordt, kan er nog twee dagen met de wijk gesproken worden om het mogelijk te maken. Gelet op de geluiden die de wethouder hoort denkt hij dat er veel draagvlak voor is. Hij legt de keus voor: 1. dit gaat te snel met de boot, haal het van de agenda af om er langer over na te denken en een participatietraject te starten 2. niet verder denken over de boot, het moet toch in het belastingkantoor 3. regel heel snel participatie in de Lingewijk/ Haarwijk om een extra bod te doen aan het COA.

5

De voorzitter zegt dat het college wil sonderen waar draagvlak voor is. De heer Oostrum zegt dat optie 3 hem aanspreekt. Als het COA op 19 november begint een aantal mensen uit te plaatsen naar andere gemeenten en het college gaat morgen in de Gildenwijk uitleggen dat het COA er iets meer tijd voor nodig heeft, dan is over een week de helft van het belastingkantoor leeg en zien de mensen beweging. Als die tijd gebruikt wordt om de Haarwijk en de Lingewijk uit te leggen wat er gaat gebeuren, dan ziet hij een mogelijkheid om langs de Handelskade huisvesting te regelen in een schip. De heer Van Breemen zegt dat de raad voor het blok wordt gezet. Als de raad nu niets doet, dan is het einde opvang en daar is hij geen voorstander van. Er moet nu iets beslist worden. Is het zo dat er geen enkele vraag bij het college ligt en dat het college uit zichzelf tegen het COA zegt dat er een boot geregeld kan worden voor 150 asielzoekers? Wethouder Van Doesburg bevestigt dit. Mevrouw Mager begrijpt dat er geen noodzaak is dat de mensen naar de boot gaan, omdat ze toch al elders geplaatst kunnen worden. Wethouder Van Doesburg bevestigt dit. Het COA heeft geen vraag gesteld maar door de commissaris van de koning worden gemeenten wel voortdurend bevraagd in dit kader. Daar heeft het college op gereageerd.

Mevrouw Mager merkt op dat de raad daar ook bij hoort en dat de raad ook wat tijd gegund moet worden net als het college. Wethouder Van Doesburg geeft aan dat er weinig tijd is. Vrijdag hoorde hij pas dat een boot mogelijk was. De heer Van Breemen zegt dat niets doen geen optie is. Verlenging in het belastingkantoor vindt hij nog steeds beter uit te leggen dan een verhuizing van 150 mensen naar een bedrijfsterrein langs het spoor. Daar zit ook bedrijvigheid en daar zal veiligheid een issue zijn. Daar zijn woonafspraken gemaakt met de bedrijven. Wethouder Van Doesburg licht toe dat dit allemaal is getoetst; de Provincie heeft dit allemaal onderzocht en hierover besloten. De heer Van Breemen merkt op dat het probleem is dat de gemeenteraad hiervan niet op de hoogte is. Met de Gildenwijk is inderdaad een afspraak gemaakt maar met de hele stad is ook afgesproken dat er fatsoenlijk bestuurd wordt. Zomaar iets van deze proporties beslissen zonder dat het is aangekondigd is ook een voorbeeld van niet aan de afspraken houden. Spreker vindt het geen optie om hier donderdag een besluit over te nemen. Het voorstel van de heer Oostrum vindt hij een goed voorstel hoewel hijzelf een voorkeur heeft voor het verlengen in de Vroedschapsstraat. Als het college dat niet ziet zitten dan wacht hij het voorstel inzake de boot af, maar niet a.s. donderdag.

Wethouder Van Doesburg merkt op dat ook voor het verlengen van de huidige situatie, wat tegen de afspraak is, een raadsbesluit nodig is. Zou dat dan wel zo snel kunnen? De heer Van Breemen antwoordt dat dit ook niet kan. De conclusie blijft dan dat het college te laat is. Wethouder Van Doesburg merkt op dat de vraag inzake verlenging niet voor ligt. Het zijn twee aparte zaken. Mevrouw Mager zegt dat ook het belastingkantoor aangeboden kan worden net zoals een boot wordt aangeboden.

6

Wethouder Van Doesburg merkt op dat dan afgeweken wordt van eerdere afspraken. De heer Van Breemen begrijpt dat die knip gemaakt wordt, maar de andere aanwezigen zien die niet. Niemand in de stad zal die knip zien. De heer Schefferlie merkt op dat hij de knip wel ziet. De mensen in het belastingkantoor zullen in ieder geval een verhuisbeweging moeten maken. Het lijkt hem het beste om van betekenis te zijn op weg naar een kleinschalige duurzame oplossing en ruimte te maken om met de wijk te spreken en de reacties te verwerken in een besluit. Het duurt dan een paar weken en dan is er geen gelegenheid voor een verhuizing van de mensen binnen Gorinchem. Het is voor hem geen optie om de situatie in het belastingkantoor te verlengen. Er moet rekening gehouden worden met een besluit waarmee iedereen het best uit de voeten kan. Als er straks kleinschalige duurzame opvang is dan kan in de stad ook het gesprek gevoerd worden op een manier die draagvlak verdient. Daarin moet geïnvesteerd worden. Nu de tijd nemen van enkele weken, de boot aanbieden om bij te dragen aan de noodopvang en draagvlak voor opvang behouden. De heer Tekir zegt dat hij het besluit dat de raad genomen heeft een dom besluit heeft gevonden maar dat was geen persoonlijke aantijging. Hij baalde ervan dat er gewaarschuwd is en dat men nu klem is gezet.

Van belang is dat er geen verzoek ligt voor verlenging of opvang in andere vorm van het COA. Het COA heeft op dit moment een plan om deze 300 mensen elders te huisvesten. De knip waarover gesproken is zal niemand in de stad begrijpen. Dit kan ook los van elkaar. Laat het COA het onderdak voor die 300 mensen regelen. Vervolgens een zorgvuldig traject ingaan met de stad richting kansrijke locaties, inclusief een cruiseschip; hij zal dat graag steunen. Nu lijkt het een soort escape om toch te voldoen aan de termijn van vier weken. Niet dit in twee dagen willen regelen. Mevrouw Dansen zegt het lastig te vinden om voor een voldongen feit gesteld te worden. Ze heeft ook moeite met het niet houden aan beloften. Zij zou er alleen mee kunnen leven als er een fatsoenlijk traject gelopen wordt met de wijk en de raad. Dat betekent dat het er niet donderdag snel doorgejast kan worden. Mevrouw Molengraaf noemt het beeld dat het belastingkantoor straks leeg blijft staan terwijl er een boot aan de Handelskade gelegd wordt. Haar fractie heeft eerder aangegeven vraagtekens te hebben bij de vier weken. Overigens is het goed om de afspraak gestand te doen. Ze vindt het lastig dat er met mensen gesold wordt. Zij zou het liefst de mensen in het belastingkantoor houden en ook een boot aan de Handelskade leggen. Zij kan er ook mee leven het belastingkantoor leeg te maken.

Er wordt al maanden gesproken over kleinschalige opvang maar daar is nog niets van te zien. Dan kan de gemeente ook een steentje bijdragen en een paar cruiseschepen neerleggen. Mevrouw Van Maaren vindt het lastig dat het college zich klem heeft gezet. Zij was geen voorstander van asielopvang in het algemeen, wel voor de noodopvang. Ze noemt ook de geloofwaardigheid van de gemeente. Verlenging van de situatie in het belastingkantoor is beter dan een boot, maar ze is er geen voorstander van dat de gemeente zich zo in de nesten werkt. Mevrouw Van Maaren maakt nog geen keuze. Mevrouw Hamann zegt verrast te zijn door de feiten. De gemeente heeft dus zelf bedacht dat een cruiseschip neergelegd kan worden. Zij vindt het opportunisme. Aan de bewoners beloven dat de mensen over vier weken vertrekken en dan is het niet geregeld en wordt er een cruiseschip bedacht. De mensen zouden in het belastingkantoor kunnen blijven want niemand heeft geloofd dat het voor vier weken zou zijn. Mevrouw Mager vindt het lastig dat er over het COA gesproken wordt terwijl het niet vertegenwoordigd is in deze vergadering. Vrijdag zijn de vier weken voorbij en dan moet

7

de gemeente blijkbaar iets. Het zou haar voorkeur hebben om de mensen zo lang mogelijk in het belastingkantoor te huisvesten. Donderdag een besluit nemen is veel te snel. Twee dagen is veel te kort om uitleg te geven. De heer Schefferlie zegt dat hij heeft aangegeven te stoppen met het belastingkantoor en ruimte nemen voor participatie en een besluit voor een andere locatie voorbereiden. Mevrouw Van Oversteeg zou voordat ze een besluit kan nemen willen weten welk proces er is doorlopen. Als volksvertegenwoordiger vindt zij besluitvorming a.s. donderdag veel te snel. De raad moet wel zijn rol kunnen vervullen in dit kader. Zij voelt zich nu overvallen in relatie tot eerdere besluiten die genomen zijn. Het is belangrijk dat Gorinchem verantwoordelijkheid neemt maar er is meer tijd voor nodig. De heer Bahlmann sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Van Oversteeg. Het is te kort tijd om een besluit te nemen. De voorzitter stelt vast dat de opvattingen geïnventariseerd zijn. Wethouder Van Doesburg merkt op dat de belangrijkste conclusie is dat de raad zich overvallen voelt; dat is ook zo maar het college heeft het aangedurfd vanwege de thematiek. De bedoeling was om te onderzoeken of dit mogelijk zou zijn; niet dus. Dat betekent dat er meer tijd nodig is. Donderdag is dus te snel. Hij begrijpt dat de situatie in het belastingkantoor volgens afspraak afgebouwd kan worden.

De tussentijd kan benut worden, ongeveer twee weken, om zorgvuldige participatie vorm te geven, daarover terug te koppelen, zodat de raad comfort heeft voor het nemen van een nieuw bod, vluchtelingenopvang op een boot. Mevrouw Mager merkt op dat de agendacommissie hierbij betrokken is en zij hoort zojuist een termijn van twee weken. Misschien is het goed om daar nog even naar te kijken. De voorzitter stelt voor het fractievoorzittersoverleg te beëindigen en nog even door te gaan met de agendacommissie.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=d2a7734b-2bd2-4982-9a6c-1c3ba06439bc