20211007 Verslag Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging.docx
Tekst van het document
Parallelsessie Beraad en Advies, 7 oktober 2021 Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Raadsgriffie: Fracties: Portefeuillehouder: Ambtelijk: Notulen:
mevrouw A. Mager mevrouw E. van Bekhoven Stadsbelang-Democraten Gorinchem-CDA-PvdA-SGP/ChristenUnie VVD-D66-SP-GroenLinks-Gorcum Actief- Fractie van Maaren de heren E. Kraaijeveld mevrouw I. Bruseker, mevrouw K. Oude Egberink notulistenbureau Leeuwenburgh-Vendrig
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Zij licht het programma voor deze sessie toe. Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling DG&J ZHZ heeft op 8 juli 2021 de eerste Bestuursrapportage (BuRap) 2021 van de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ vastgesteld (exclusief de begrotingswijziging). U heeft in juli tevens een toelichtende brief ontvangen over de kostenontwikkeling van de jeugdhulpuitgaven in ZHZ. Er wordt een begrotingswijziging voorgesteld vanuit de SOJ en u wordt gevraagd uw zienswijze hierop kenbaar te maken aan de DG&J voor 15 oktober. Voor u ligt daarom een voorstel voor de zienswijze op de begrotingswijziging 2021 van de GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd. Wethouder Kraaijeveld geeft aan dat gevraagd wordt om een zienswijze te geven, maar vanwege de extra middelen vanuit het Rijk is er sprake van een andere financiële situatie; de prognose is dat er een overschot zou kunnen volgen van ruim € 300.000. Hij is verheugd dat het Rijk na jaren van besprekingen inziet dat er structureel meer middelen voor jeugdhulp nodig zijn. Hij hoopt dat het nieuwe kabinet dit structureel zal doorzetten. De ambitie vanuit de DG&J wordt wat het college en de collega’s in de regio betreft wel onverminderd doorgezet.
Uit de burap blijkt dat Gorinchem nog steeds een voordeel gemeente is. Er was ongeveer 13% stijging, waar dit landelijk 30% is waardoor gesteld mag worden dat de regio het niet zo slecht doet. Gevraagd wordt om een zienswijze af te geven met betrekking tot de € 13,2 mln. die door het bestuur wordt vrijgemaakt. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen. Mevrouw Van Oversteeg bedankt de wethouder voor de toelichting. Zij dacht aanvankelijk het is een flink bedrag, maar toen zij de percentages zag kon zij één en ander in perspectief plaatsen. Zij heeft enkele kanttekeningen. Zij waardeert het dat is opgenomen dat er aandacht moet blijven voor de kostenbeheersing om dit bedrag in de toekomst beheersbaar te maken en dat kan haar fractie onderschrijven. Zij zegt bewust maken omdat het niet de eerste keer is dat een dergelijke zienswijze uitgebracht wordt. In de overdenkingen worden kritische noten geuit over de wijze waarop de gemeenteraad wordt betrokken. Zij informeert of dit bewust niet in de zienswijze is opgenomen, op welke wijze pakt de raad zijn bevoegdheid en wordt de raad op de juiste manier betrokken. Dit mag wat pittiger in de zienswijze opgenomen worden.
Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd, 7 oktober 2021
De heer De Jong geeft aan dat de wethouder reden heeft om één en ander vreugdevol te brengen, maar er is ook een aantal kritische punten. In het raadsvoorstel is opgenomen dat de kostenstijging voornamelijk wordt veroorzaakt door het niet realiseren van de beoogde kostenreductie. Dit is al meerdere jaren het geval door een grotere zorgvraag, maar dit wordt niet via de cijfers vertoond. Het is niet helemaal helder waar de overschrijdingen zijn. De eerste burap is in juni in het AB besproken, de raad bespreekt nu in oktober een zienswijze die in november wordt vastgesteld om toestemming te geven voor een bedrag van € 13,2 mln. Zijn fractie heeft bedenkingen bij de looptijd van dit proces. Hij informeert waar het proces vertraagd is omdat de raad op deze wijze een beetje buitenspel gezet wordt. Hij vervolgt dat er weinig vertrouwen is dat er de komende jaren wel zuinig gewerkt gaat worden. Dit jaar is de gemeente gered doordat de overheid een forse verhoging heeft toegekend, maar dit laat onverlet dat er van alle voorgestelde bezuinigingen en kostenreducties nog steeds niets binnen is. Hij vraagt om aandacht hiervoor. De heer Wientjes merkt op dat dit altijd een punt is geweest in de periode dat hij raadslid is. De zorgen zijn terecht, maar aan de late kant. De machtsmiddelen zijn buitengewoon beperkt vanwege de structuur.
De raad kan slechts met een zienswijze iets kenbaar maken. Er worden steeds te laat tekorten gepresenteerd waardoor de raad niet kan ingrijpen. De bezuinigingen worden elke keer niet gehaald. Hij weet dat de wethouder zijn best doet binnen zijn mogelijkheden, maar het komt er niet van. Wellicht moet geaccepteerd worden dat het niet voor minder kan, maar dan moet hier wel op voorbereid worden door de benodigde budgetten vrij te maken. Hij informeert hoe de wethouder dit ziet en vraagt waarom niet vooraf bekend is wat de wethouder gaat bespreken als hij naar een dergelijke vergadering zodat de raad hem een boodschap kan meegeven. De heer Roeland geeft aan dat zijn fractie kennis heeft genomen van de burap en de uitgave van € 13,2 mln. Voor de regio ’slechts’ een toename van 13% ten opzichte van 30% landelijk. Dit heeft enerzijds te maken met de pandemie, maar anderzijds met de steeds complexere samenleving. De kostenontwikkeling hangt af van het niet realiseren van de beoogde kostenreducties, de gestegen inzet per jeugdige en hogere tarieven en vergoedingen die niet gecompenseerd worden. De gemeentelijke begroting blijkt met extra middelen vanuit het Rijk toereikend. Zijn fractie kan instemmen met het raadsvoorstel maar er moet alles aan gedaan worden om de steeds stijgende uitgaven beter beheersbaar te krijgen.
De resultaten van de pilots die de gewenste ombuigingen in beeld moeten brengen ziet zijn fractie graag tegemoet. Hij informeert wanneer deze verwacht mogen worden. De heer Koçak wijst op de kritische beschrijvingen waar zijn fractie bij kan aansluiten. Het lijkt erop dat overschrijdingen normaal worden gevonden. Overschrijdingen zijn bij alle gemeenten aan de orde, maar gelukkig is Gorinchem een voordeelgemeente. Er wordt blijvend gestuurd op doelmatigheid en kostenbeheersing. Hij hoopt dat de besparingen in de loop van de tijd gehaald zullen worden. De kanttekening over de betrokkenheid van de raad is wellicht terecht. Hij hoort graag van de wethouder of de raad op de juiste wijze betrokken wordt. Wat wil de raad precies vooraf weten en achteraf controleren, wellicht een benen-op-tafel-overleg of een extra bijeenkomst. Hij refereert aan de controlerende taak van de raad, maar hij acht het niet goed om vooraf de agenda van het college al te controleren bij reguliere vergaderingen en overleggen. De heer Wientjes verduidelijkt dat hij de agenda van het college niet wil controleren, maar als de belangen in geld en zorg zo groot zijn zou hij als hij wethouder was graag van te voren even met de raad zitten en aangeven wat hij naar voren wil brengen. De raad hoort het altijd achteraf en moet vervolgens de portemonnee trekken.
Hij benadrukt dat het niet anders kan omdat het om jeugd gaat, maar hij zou graag een reactie willen vanuit het college over het niet in positie zijn van de raad. Mevrouw Van Oversteeg is het eens dat er breder en kritischer naar de rol van de raad gekeken moet worden. Op welke manier wil de raad bediend worden en in stelling gebracht worden. In dit geval is dat onvoldoende gebeurd. Zij kan grotendeels meegaan met het Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd, 7 oktober 2021
betoog van de heer Koçak als het gaat om benen-op-tafel, maar zij is wel tevreden over de wijze waarop dit doorgaans gebeurde, corona niet meegerekend. Met de voorliggende zienswijze en het doorlopen tijdpad pleit zij ervoor om hierover een aantal woorden in de zienswijze op te nemen omdat de raad hier veel te laat bij betrokken is. De heer Koçak merkt op dat het niet voor elke vergadering bedoeld is, maar wel bij belangrijke besluitvorming vooraf kennis te nemen van het standpunt van de raad. Het gaat om overschrijdingen. Het college doet haar best om de raad van informatie te voorzien en daarom zou het goed zijn om te kiezen voor beleidsinhoudelijke inrichting. De heer Wientjes stelt voor om gewoon te beginnen en verzoekt de wethouder om gewoon langs te komen bij grote vergaderingen zodat ontdekt kan worden bij welke onderwerpen wel en bij welke onderwerpen niet. Tot nu toe is dit steeds halsstarrig geweigerd en dat is een slechte democratische onderbouwing bij alle gemeenschappelijke regelingen. Hij zou graag zien dat de wethouder hier uit zichzelf voor zou kiezen. De heer De Jong herhaalt dat er in de zienswijze iets over de termijnen moet worden opgenomen. De heer Chaaby is van mening dat de regio het niet slecht doet, maar tegelijkertijd is er sprake van overschrijdingen. De kosten voor de zorg landelijk stijgen jaarlijks enorm.
Er moet altijd gekeken worden naar wat beter kan. Misschien moet wel geaccepteerd worden dat er jaarlijks overschrijdingen zijn op de kosten voor jeugdzorg en het feit dat deze kosten niet gereduceerd worden. Zijn fractie verzoekt de wethouder om na te gaan in hoeverre dit een volgende keer wel lukt, maar vreest dat dit lastig wordt. Zijn fractie kan zich vinden in de zienswijze met de aandachtpunten die zojuist naar voren zijn gebracht door collega-fracties. Het betrekken van de raad had wat eerder mogen gebeuren. De heer Van Mourik refereert aan het proces dat in 2014 is gestart. Het lijkt alsof er achter de feiten aan gelopen wordt. Hij ziet de intenties van het bestuur, helaas is er sprake van wisselingen binnen de directie en dat bemoeilijkt het proces altijd. De organisatie belooft steeds beterschap, hij roept op ervoor te zorgen dat er voorop gelopen wordt in het proces, zodat er lopende het jaar niet dingen bijeen ‘geharkt’ moeten worden. Hij hoort graag hoe de wethouder hierover denkt zodat hier verder op geanticipeerd kan worden. De heer Wientjes vindt iets opnemen over de rol van de raad in de zienswijze niet helemaal juist. De zienswijze wordt gestuurd aan de gemeenschappelijke regeling. Het college is veel te laat met het betrekken van de raad, de wethouder moet opgeroepen worden om de raad eerder te betrekken.
De directeuren zijn bereid uit uitleg te geven, maar de raad ziet hen nooit. De wethouder geeft alleen maar aan dat de raad moet betalen en omdat het de jeugd betreft wordt er betaald. Mevrouw Van Oversteeg verduidelijkt dat zij juist vraagt om dit in de zienswijze op te nemen omdat de raad een zienswijze uitbrengt en daarom mag de raad iets zeggen over de wijze waarop hij daarvoor uitgenodigd wordt. Zij acht het goed om in de zienswijze aan te geven op welke manier in het proces rekening gehouden wordt met het uitbrengen van deze zienswijze. Er moet niet vanuit gegaan worden dat dit slechts een formaliteit is. Zij wil de positie van de raad stevig verankeren en begrijpt dat hier breed mee ingestemd kan worden. Zij hoort graag wat het geëigende middel is om één en ander in de zienswijze op te nemen. De heer Koçak denkt dat voorlopen op het proces een ideaalbeeld is. Hij informeert hoe dit gedaan moet worden. Hij denkt dat dit niet mogelijk is omdat het een gemeenschappelijke regeling betreft, maar hoort het graag van de wethouder. Hij sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Van Oversteeg om dit op te nemen.
Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd, 7 oktober 2021
De heer De Jong merkt op dat de directie van SOJ in een brief van juli heeft gevraagd om een zienswijze in te dienen voor 10 oktober waarna in het DB van 8 november besloten wordt. Hij vindt het niet gek om in een zienswijze te reageren zoals naar voren gebracht door mevrouw Van Oversteeg. De heer Wientjes is het eens dat het tijdig op de hoogte brengen van de raad in de zienswijze opgenomen zou kunnen worden, maar de wethouder zit ook in het bestuur van de gemeenschappelijke regeling en daarom mag hij daar op aangesproken worden. Er mag vanuit gegaan worden dat de wethouder zijn best doet om de raad op tijd van de gewenste informatie te voorzien. Hij herhaalt dat de wethouder daar naar zijn mening in tekort is geschoten. De voorzitter constateert dat de heer De Jong in de chat aangeeft dat hij het daarmee eens is. Wethouder Kraaijeveld begrijpt dat er opmerkingen gemaakt worden omdat het gaat om substantieel geld om jeugdhulp te kunnen blijven bieden. De raad geeft aan dat het belangrijk is om dit te blijven doen, maar tegelijkertijd de vraag hoe de kosten beheersbaar gehouden worden. Hij begrijpt de wens om een zin op te nemen over het proces en de positie van de raad en dat aan het bestuur gevraagd wordt of daar een manier in gevonden kan worden. Hierover is gesproken in het bestuur en dit blijkt lastig te zijn. De burap loopt tot 1 juni van een jaar.
Daarna wordt de data gereed gemaakt voor het AB ter bespreking. Formeel geeft het AB daarna de burap vrij voor behandeling in de raad. Hij benadrukt dat de raad in juli over deze burap is geïnformeerd met een brief om duiding te geven bij de cijfers en de stijging in de context. Niet het aantal jongeren is toegenomen, maar de zwaarte, mede door corona, heeft de kostenstijging veroorzaakt. Hij is bereid om een zinsnede op te nemen. De heer Wientjes vraagt of de wethouder vanuit de gemeenschappelijke regeling op de hoogte wordt gehouden over de ontwikkelingen of dat het voor hem in juni ook een verrassing was. Wethouder Kraaijeveld antwoordt dat het geen verrassing was omdat deze stijging al jarenlang gezien wordt. De impact van corona was niet bekend en de vraag of dit tot meer jeugdigen zou leiden. De stijging zit in langere en intensievere trajecten. De betreffende jeugdigen blijven voorlopig nog even drukken op de financiële situatie van de gemeente. Het beheersen vraagt om een langjarige aanpak. De heer Wientjes vervolgt dat aangegeven wordt dat de raad laat geïnformeerd wordt en dan helemaal niets meer kan doen. Hij veronderstelt dat de wethouder hier als bestuurslid wel veel eerder van op de hoogte is en daarom de raad eerder had kunnen betrekken. Wethouder Kraaijeveld wijst op de reguliere rapportages die een bepaalde ontwikkeling laten zien.
In de eerste burap wordt dit in de totale context zichtbaar gemaakt. Hij begrijpt dat de raad zo vroeg mogelijk meegenomen wil worden in de ontwikkelingen, maar dit is hoe lokaal en in de regio zaken worden opgepakt in het proces van de burap. De punten vanuit de werkgroep heeft hij eergisteren pas gezien waardoor het lastig is om hier op te reageren. Hij begrijpt de vraag met betrekking tot het realistische financiële beleid wat ook vanuit de raad steeds wordt meegegeven. Dat er extra middelen worden vrijgemaakt vanuit de regio is inmiddels gewijzigd. Op de punten die vanuit de werkgroep zijn benoemd is nog wel wat af te dingen. Het is niet zo dat deze zaken meegenomen konden worden in de zienswijze die nu voorligt. Als er punten zijn, is het verstandig om dat te concluderen en mee te geven. De voorzitter informeert of de zienswijze aangepast wordt of dat het nog in de raad ter sprake gebracht moet worden.
Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd, 7 oktober 2021
Wethouder Kraaijeveld vervolgt dat er vanuit de regionale werkgroep een aantal punten is geadresseerd. Hij hoort als belangrijkste punten het proces en de positie van de raad, waarvoor hij een zinsnede kan formuleren. De andere dingen die worden benoemd hoort hij niet terug in de bespreking. De kostenstijgingen worden niet in deze omvang gerealiseerd en hebben helaas een vertragend effect omdat met alle maatregelen vanuit de omdenk-notitie (het allemaal naar lokaal te brengen, om jeugd naar de voorkant te brengen, zelf in te kopen) processen lopen die niet zomaar lokaal ingeregeld zijn. Het is niet zo dat de besparingen niet door SOJ gerealiseerd worden, een deel ligt bij de gemeente en moet hij als wethouder met de organisatie, het team Samenleving, en de partners lokaal inregelen. Het inkoopkader wordt met ingang van 1 januari a.s. operationeel. Hij hoopt dat de raad hier een knop in kan hebben. Hij wijst op de I&O over de afbakening van de Jeugdzorg. De raad heeft bevoegdheden in de verordening en kan kijken waar de grijze gebieden liggen, een knop om lokaal kosten te besparen. Veel zaken zijn met elkaar in gang gezet, er zijn lichtpuntjes, maar de grote lijn wordt opgeslokt door de kostenstijging in de jeugdzorg. De punten die worden genoemd over realisme duidt hij aan als een belangrijk gesprek waar in het AB over gesproken zal worden richting de tweede burap.
SOJ hoopt in beeld te hebben welke kosten zij zien oplopen in de komende jaren. Daarnaast is er het MT van het regionaal netwerk met alle managers van de tien gemeenten die de lokale opdrachten coördineren. Hen is gevraagd wat zij in de loop van de jaren verwachten van de maatregelen. Dit wordt vervolgens op een rijtje gezet zodat de raad een zo realistisch mogelijk kostenplaatje heeft in de context van de extra middelen vanuit het Rijk die deels benut kunnen worden voor een versnelling op dit soort vlakken. Hij refereert aan de opmerking over de wisselingen in de directie en geeft aan onder de indruk te zijn van de directeur van SOJ die verantwoordelijk is voor het neerzetten van het inkoopkader samen met allerlei aanbieders. Hij verwacht hier veel van. De nieuwe manager voor de jeugdhulp moet ingewerkt worden, maar hij gaat er vanuit dat het Sociaal Team geëquipeerd is en deze beweging verder ter hand kan nemen. De voorzitter biedt gelegenheid om het woord te voeren in tweede termijn. De heer Koçak vindt het prima om een zinsnede over het proces en de positie van de raad op te nemen in de zienswijze. Hij vindt het jammer dat gezegd wordt dat alle verantwoordelijkheid bij de wethouder ligt. Het is jammer dat fracties geen actie hebben ondernomen toen de burap in juli beschikbaar was.
De heer Wientjes herhaalt dat steeds dezelfde beloften worden gedaan, maar steeds volgt hetzelfde verhaal. Hij nodigt de wethouder uit om vaker met de raad te praten. Als de wethouder dit toezegt is hij weer goede vrienden en kan met betere moed verdergegaan worden. De heer De Jong is blij met de toezegging om een zinsnede toe te voegen over het proces en de positie van de raad in de zienswijze en daarmee is het voor zijn fractie een hamerstuk. De heer Roeland sluit zich hierbij aan. Hij heeft een vraag gesteld over de pilots die gestart zijn om de gewenste omvang in beeld te brengen waar hij nog geen antwoord op gekregen heeft. Mevrouw Van Oversteeg scherpt aan dat zij zich richt op het proces dat nu wordt voorgespiegeld namens DG&J. Zij roept de raad op na te denken hoe de klankborden een nieuw leven ingeroepen kunnen worden. Voor dit concrete voorstel stelt haar fractie het op prijs als er een zinsnede wordt opgenomen om een kritisch geluid te laten horen over de wijze en het tijdstip waarop de raad om een zienswijze wordt gevraagd. Dit is anders dan hetgeen door de heer Wientjes wordt betoogd. Ook haar fractie opteert voor een hamerstuk.
Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd, 7 oktober 2021
Wethouder Kraaijeveld vindt het jammer dat de beantwoording niet aan de verwachting van de heer Wientjes voldoet. Hij wisselt graag van gedachten met de gemeenteraad. Voor corona was er een klankbordgroep, sindsdien zijn er ook I&O’s om de raad met te nemen in de kansen van het ISB. Hij wil bekijken of gezien hetgeen wordt meegegeven over proces en positie de gemeente kan aanhaken met een klankbord om het gesprek met elkaar te voeren of dit passend is bij de verwachtingen van de raad. Richting de tweede burap volgt een overzicht van de financiële verwachtingen met betrekking tot de projecten. Hij bedankt mevrouw Van Oversteeg voor de nuancering met betrekking tot het proces en dat het echt gaat over de wijze en het tijdstip van het meenemen van de raad. Hiervoor wordt een zinsnede opgenomen en eventueel kan nog contact opgenomen worden met één van de raadsleden om te bepalen of de juiste kern geraakt wordt. De voorzitter constateert dat de wethouder aangegeven heeft dat er een aanpassing volgt op de zienswijze en stelt voor om het stuk onder voorbehoud als hamerstuk aan te merken. Als er nog een aanvulling komt op de manier waarop deze aanvulling gestalte krijgt dan kan het altijd nog een bespreekstuk worden. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering.
Parallelsessie B&A Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd, 7 oktober 2021