201001 Verslag Parallelsessie I&O -Waardlanden gegevensonderzoek.docx
Tekst van het document
Parallelsessie Informatie en Ontmoeting, 1 oktober 2020 Presentatie Waardlanden Gegevensonderzoek Samenvattend verslag Aanwezigen Voorzitter: Raadsgriffie: Fracties: Portefeuillehouder: Gasten: Notulen:
de heer K. van Willigen de heer W. van der Meer Stadsbelang-Democraten Gorinchem-CDA-PvdA-SGP/ChristenUnie VVD-D66-GroenLinks de heer J. van der Geest Hans van de Brule directeur Waardlanden en Folkert Starreveld projectleider Waardlanden notulistenbureau Leeuwenburgh-Vendrig
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Hij leidt de bespreking kort in. Presentatie Waardlanden Gegevensonderzoek Met verwijzing naar de reeds verzonden RIB worden de resultaten van de uitgevoerde analyse opiniërend met de gemeenteraad besproken. De reacties worden gebruikt bij het opstellen van de toekomstigs beleidsstrategie en de uitwerking daarvan in het nieuwe afvalen grondstoffenplan. Opiniërend; waarbij op basis van het analyserapport 10 aandachtspunten zijn geformuleerd. Deze aandachtspunten geven aan waar verbeteringen noodzakelijk/wenselijk zijn en waar dus rekening mee wordt gehouden bij het nieuw te formuleren beleid. Dat beleid zal in voorjaar 2021 aan de gemeenteraad ter besluitvorming worden voorgelegd. Wethouder Van der Geest licht toe dat met de Waardlanden gemeenten een traject naar een grondstoffen- en afvalbeleid is gestart. De analyse is afgerond; het is een mooi rapport. Er zijn tien aandachtspunten in vermeld. Het is de bedoeling om vanavond te horen of deze aandachtspunten kloppen en of de raad iets mist. Wat zijn de ambities van de raad op het gebied van milieu, service en kosten? Onderschrijft u de doelstellingen die het Rijk oplegt? De heer Starreveld geeft een presentatie (beschikbaar op iBabs). Hij licht toe dat er verschillende onderzoeken zijn uitgevoerd en inspiratiesessies gehouden.
Dit heeft geleid tot het analyserapport. Er zijn tien aandachtspunten geformuleerd. De heer Starreveld licht enkele ervan nader toe. Hij noemt de circulaire economie, het tegengaan van verspilling van grondstoffen. In 2050 wil het Rijk geen afval meer. Er zijn tussendoelen geformuleerd, o.a. voor de hoeveelheid restafval per inwoner per jaar, maximaal 100 kg per inwoner voor het jaar 2020 en maximaal 30 kg per inwoner per jaar voor 2025. Met communicatie alleen zal men er niet in slagen om deze doelen te bereiken. Het afval in de restafvalcontainer is geanalyseerd. 70% bestaat uit grondstoffen, materiaal dat niet in de restafvalcontainer thuishoort. Er komt ook veel vervuiling in de grondstoffen, met name in de PMD bak. PMD hoort onder de producentenverantwoordelijkheid en gemeenten krijgen een vergoeding als zij het apart inzamelen. Er mag dan maar maximaal 15% aan vervuiling in zitten maar het is nu 29%. De vraag is of doorgegaan moet worden met bronscheiden of dat nascheiding beter is.
Parallelsessie I&O Presentatie Waardlanden Gegevensonderzoek, 1 oktober 2020
Er is ook sprake van afvaltoerisme. Andere gemeenten maken gebruik van diftar en onderzoek wijst uit dat 14% van de inwoners van die gemeenten nooit restafval betaald aanbiedt. Er zijn ook hoge kosten als gevolg van oneigenlijk bedrijfsafvalaanbod. In Gorinchem en Leerdam ergeren inwoners zich aan bijplaatsingen bij afvalcontainers. Tot slot legt de heer Starreveld drie vragen voor: Kunt u zich vinden in de geformuleerde aandachtspunten? Welke ambities heeft u met betrekking tot milieu, service en kosten? Van welke maatregelen verwacht u een positief effect? De voorzitter bedankt de heer Starreveld voor zijn presentatie en geeft gelegenheid voor het stellen van vragen. Mevrouw Molengraaf noemt de bijplaatsingen van grof huisvuil en zegt dat zij ook wel veel zakken met huishoudelijk afval ziet in de Haarwijk langs de spoorsloot. Zij denkt dat daar te weinig ondergrondse containers zijn. Dat is wel een grote ergernis want het vuil trekt ook dieren aan. Zij meent dat dit aangepakt moet worden. Met betrekking tot de ambities zegt zij zich te verbazen over de verschillende afvalbakken. Niet iedereen heeft ruimte in huis voor verschillende afvalbakken en gft bewaren in een flat is lastig. In veel gemeenten gebruikt men de systematiek van machinaal nascheiden. De resultaten daarvan zijn beter dan bij vooraf scheiden.
Het afvaltoerisme moet ook aangepakt worden door naar één systeem te gaan, bijvoorbeeld door afval te wegen en er een prijs aan te verbinden. Een andere ambitie kan ook afvalpreventie zijn, minder verpakkingsmateriaal. Wellicht kunnen hier regionaal afspraken over gemaakt worden met supermarktketens. De heer Van Breemen gaat in op het probleem van te veel grondstoffen in het restafval. Ongeveer 50% ervan is gft-afval. Hoe kan het dat in Gorinchem bij alle hoogbouw nog steeds geen gft-bakken aanwezig zijn? Een belangrijke ambitie is dat overal gft-afval aangeboden kan worden. Het is nauwelijks te doen om in een flat gft-afval apart te houden. Dat lijkt een grote winst op te brengen. De circulaire economie is overigens vanzelfsprekend een ambitie. De huidige situatie is schokkend; het gebied zal achter blijven lopen als er geen hoge ambities gesteld worden. Er zal goed nagedacht moeten worden over PMD. Toen gekozen is voor voorscheiding was dat volgens Waardlanden het beste systeem, maar veel gemeenten stappen over op nascheiding. Spreker is benieuwd naar de opvattingen van de experts op dit gebied. Afvaltoerisme is interessant, maar niet een groot probleem. Het betekent dat mensen hun afval scheiden maar het alleen in een verkeerde gemeente achterlaten. Hij is geen fan van diftar omdat het mensen ontmoedigt om afval te scheiden en weg te brengen.
Over het bijplaatsen van afval zegt hij dat ondernemers in het Piazza gewoon hun afval in de ondergrondse containers gooien. Daar gebeurt het niet stiekem. Daar moet streng op gehandhaafd worden. Hetzelfde geldt voor grof vuil; het is niet alleen een ergernis maar gewoon een probleem. Er worden gedurende de week alleen maar meer spullen geplaatst. Het is belangrijk om te reageren op klachten van bewoners; de gemeente en Waardlanden doen dat niet of onvoldoende. Dat levert alleen maar meer ergernis op. De heer Van Santen merkt op dat er nog veel grondstoffen in het restafval zitten. Corona is wel een van de grote ontwikkelingen hierin. Zijn de doelstellingen nog hetzelfde of zijn deze aangepast? Het bijplaatsen van afval is een groot punt van aandacht. Er zou meer op gehandhaafd worden, maar dat levert blijkbaar niets op. Ook vraagt hij naar de ontwikkelingen met betrekking tot nascheidingstechnieken. Over diftar is gezegd dat dit misschien een oplossing kan zijn, hoe kijkt men bij Waardlanden daar tegenaan? Tot slot informeert hij naar de verhouding particulier en bedrijfsafval in het totale aanbod. De voorzitter merkt op dat er veel vragen gesteld worden; mogelijk zal een aantal schriftelijk beantwoord worden.
Parallelsessie I&O Presentatie Waardlanden Gegevensonderzoek, 1 oktober 2020
Mevrouw Van Oversteeg bedankt voor de presentatie en het rapport. Een aantal resultaten is wel schokkend. De kloof tussen de doelstelling 2020 en de werkelijkheid is al erg groot. Hoeveel gemeenten kunnen de doelstelling wel halen? Misschien kunnen lessen geleerd worden van andere gemeenten. Het belangrijkste punt voor het CDA is het milieu. Er moet meer bewustwording zijn van het waarom van het scheiden van afval, de circulaire economie. Op basis daarvan moeten maatregelen getroffen worden. De tweede pijler is kostenbeheersing. Inwoners betalen nu ook voor dingen waar ze eigenlijk niet voor hoeven te betalen, bedrijven en mensen van buitenaf. Dat moet meer in balans gebracht worden. Uiteindelijk moet je bij de bron beginnen en dan zijn er ook nog nascheiding en diftar; dat moet ten dienste staan van het proces richting circulariteit. Diftar is wel een goed systeem. Begonnen kan worden met een pasjessysteem zonder financiële prikkel. Nascheiding lijkt haar minder goed want mensen moeten zich meer bewust worden van de noodzaak. Mevrouw Molengraaf merkt op dat de overheid al erg lang bezig is om te communiceren dat mensen afval moeten scheiden en dat levert blijkbaar onvoldoende resultaat op. Nascheiding kan dan wel een goede toevoeging zijn. Het blijkt niet zo te zijn dat men dan meer afval gaat produceren.
Mevrouw Van Oversteeg zegt dat zij denkt dat met nascheiding een systeem in stand gehouden wordt wat je eigenlijk niet wil. Het begint met een principe. Mevrouw Zwaan vindt het belangrijk dat afval beter gescheiden wordt, eventueel door nascheiding. Diftar is ook een optie maar de kans is groot dat mensen dat ontwijken. Zo veel mogelijk scheiden is beter voor het milieu. Afvaltoerisme moet wel bestreden worden want dat is niet rechtvaardig. De service moet voor alle bewoners beter zijn, zeker voor bewoners zonder auto. In de hoogbouw moet het ook mogelijk zijn om gft te scheiden. Ook voor grof vuil moet de service verbeterd worden. Wellicht kan een vaste aanbiedplaats aangewezen worden waar het grof vuil om de dag opgehaald wordt. Voor het afval brengstation is een betere controle wel een goed plan. Misschien kan het gekoppeld worden aan een legitimatie. Met betrekking tot het bedrijfsafval kijkt zij er van op dat weinig bedrijven een afvalcontract hebben. Is het mogelijk om dit te verplichten dan wel een vaste bijdrage voor Waardlanden te vragen als men geen contract heeft? Uitgangspunt moet zijn de vervuiler betaalt en goed gedrag belonen. Zij ziet graag zo snel mogelijk een circulaire economie want de huidige welvaart is niet meer houdbaar. Zij vraagt de wethouder naar het contact met de buurgemeenten buiten Waardlanden. De heer Van der Lee bedankt voor de presentatie.
Hij meent dat het succes valt of staat met goede voorlichting. De komende jaren wordt het scheiden van afval steeds belangrijker. Goede voorlichting, ook voor de jeugd op de scholen want zij moeten het goede voorbeeld gaan geven. Het grof huisvuil werd voorheen veel vaker opgehaald en tegenwoordig blijft het veel langer liggen. Soms zitten er ook gevaarlijke stoffen bij. Mevrouw Zwaan vraagt zich af of aan scholen gevraagd moet worden de jongeren te informeren; dit hoort naar haar mening meer bij de opvoeding door de ouders. De heer Van der Lee is het daarmee eens, maar het kan wel nuttig zijn om op scholen ook voorlichting te geven. De heer Chaaby vindt de aandachtspunten zeer herkenbaar en ook de ergernis met betrekking tot het grof huisvuil dat bij de containers geplaatst wordt. Daar moet zeker iets aan gebeuren. Een pasjessysteem is zeker een experiment waard. Voorlichting en bewustwording van het belang van het scheiden van afval zijn erg belangrijk. Daar moet veel aan gedaan worden om de doelstellingen te kunnen bereiken. Afvalpreventie is ook belangrijk. Circulaire economie is een hoge ambitie maar moet wel nagestreefd worden. Gorinchem loopt ver achter dus er moet veel aan gedaan worden. Hij kan zich vinden in de aandachtspunten en ambities.
Parallelsessie I&O Presentatie Waardlanden Gegevensonderzoek, 1 oktober 2020
Mevrouw Van de Munnik bedankt voor de presentatie. Zij meent dat een pasjessysteem zou kunnen werken. Dat kan zeker een meerwaarde hebben. Het ophalen van grof vuil moet ook verbeterd worden en frequenter gebeuren. Er verdwijnen wel grote stukken afval in ondergrondse containers en dat is geen goede zaak. De heer Van de Brule reageert op de inbreng van de raadsleden. Hij licht toe dat veel zaken elders al uitgeprobeerd zijn, zoals pasjessystemen en diftar. Een pasjessysteem is een goede methode om afvaltoerisme tegen te gaan. Ook een diftar systeem kan goed werken. Ondernemers zijn wettelijk verplicht om een contract voor het afval te hebben, maar daar wordt niet op gehandhaafd. Als gekozen wordt voor diftar is de noodzaak een stuk minder. Bijplaatsingen is een groot probleem in Gorinchem; het is vooral een mentaliteitskwestie. Er zal zeker voorlichting nodig zijn. De rol van scholen is zeer succesvol. Waar kinderen op school les krijgen in hoe ze met afval moeten omgaan blijkt in de praktijk dat zij thuis hun ouders corrigeren waarna deze hun gedrag aanpassen. De technische stand van het nascheiden: wetenschappers zijn hier zeer verdeeld over. Het is lastig om een objectief oordeel te geven. In veel gemeenten is het nascheiden redelijk succesvol. De verwachting is dat de kwaliteit de komende jaren beter wordt. Het gaat dan echter alleen over PMD.
De resultaten zijn aardig maar niet fantastisch. Als gekeken wordt hoe omgegaan wordt met glas, textiel en gft dan zie je dat in de recycling de kwaliteit van PMD nog achterblijft. Daar valt nog een wereld te winnen. Het draagvlak voor bronscheiding in Nederland neemt af, o.a. doordat de grote steden het niet haalbaar vinden. Als er geen diftar ingevoerd wordt zal de bewustwording verminderen, maar als diftar gecombineerd wordt met nascheiding moet er per zak afval betaald worden en neemt de drijfveer toe om minder plastic te consumeren. Er zijn al veel gemeenten die wel de doelstellingen halen, met name in het oosten en zuidoosten van het land. Het zijn meestal wat landelijker gemeenten maar ook Maastricht en Oosterhout halen de 100 kg. Sommige gemeenten komen al op 50 – 70 kg. Steden als Gorinchem moeten het dus ook kunnen halen. Mevrouw Zwaan vraagt wat Gorinchem hiervan kan leren. De heer Van de Brule antwoordt dat nagenoeg alle gemeenten die de doelstelling halen een diftar systeem hanteren. Die methode geeft het grootste verschil in afvalscheiding. Als je op weg wil naar de circulaire economie is ook preventie belangrijk en het goed gebruiken van het opgehaalde afval. Er zijn geen andere maatregelen die een zo groot verschil bewerkstelligen. In het verleden was de grof vuil regeling klantvriendelijker.
Er is bewust een stap terug gezet door voorgangers om de weg naar het afval brengstation te stimuleren. Dat is wel begrijpelijk. Daar zijn 22 verschillende afvalstromen en er wordt een scheidingspercentage van 84% gehaald. Bij het grof vuil worden de slechtste resultaten gehaald omdat alles door elkaar gaat. Er moet wel gekeken worden naar de klantvriendelijkheid maar het is niet verstandig om terug te gaan naar het oude systeem voor grof huisvuil. De voorzitter stelt voor dat resterende vragen schriftelijk beantwoord worden. Hij bedankt de heren van Waardlanden voor hun bijdrage. De reacties van de raadsleden zullen gebruikt worden bij het opstellen van het beleidsplan en dat komt in het voorjaar 2021 in de gemeenteraad terug. Wethouder Van der Geest merkt op dat een aantal vragen nog beantwoord zal worden. Er zijn ook enkele fracties niet aanwezig die nog gedurende een week gelegenheid krijgen om vragen en reacties door te geven via de griffie. Hij vraagt de griffie dit onder de aandacht van de fracties te brengen. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering.
Parallelsessie I&O Presentatie Waardlanden Gegevensonderzoek, 1 oktober 2020