2. 2022-804822 - 7 Accountantsverslag 2021 GR Avres v dd 0704.pdf
Tekst van het document
Accountantsverslag 2021 Gemeenschappelijke regeling Avres
Aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Avres t.a.v. de heer P van Uitert, directeur Postbus 50 4200 AB Gorinchem Onderwerp Accountantsverslag 2021 Datum 7 april 2022 Kenmerk 312020010.22.108
Geachte leden van het algemeen bestuur, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2021 van uw gemeenschappelijke regeling afgerond. De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Avres is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 14 maart 2022 hebben wij een aantal controlebevindingen reeds besproken met uw directeur en uw controller. Bij de jaarrekening 2021 hebben wij op 7 april 2022 een goedkeurende controleverklaring afgegeven, zowel voor het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2021. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en het management.
Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.
W. Kalkman RA
Op alle opdrachten verricht door Publieke Sector Accountants B.V. zijn de ‘Algemene Voorwaarden Publieke Sector Accountants’, gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel onder nummer 69411409, van toepassing. Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409. .
Inhoudsopgave
Contact De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag: Wouter Kalkman Tel: 06 – 2127 2977 Ralf van Hattem Tel: 06 – 1234 5175
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ....1 2. Financiële positie en resultaat ..............................6 3. Bevindingen eindejaarscontrole..........................11 4. Interne beheersing..............................................18 5. Overige aangelegenheden ..................................22 6. Bijlagen...............................................................28
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
312020010.22.108 - 1
1.Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle
Met de opdrachtbevestiging van 21 juli 2021 (kenmerk 312020010.21.205) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2021. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Avres. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2021 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden en de beleidsregels toepassing Wet normering topinkomens (WNT).
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Besluit accountantscontrole decentrale overheden en het vastgestelde controleprotocol
De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (het Bado). Op 8 juli 2021 heeft het algemeen bestuur het “Controleprotocol DB en accountant 2021 tot en met 2025” vastgesteld, waarin de goedkeuringstoleranties ook zijn bevestigd. In het accountantsprotocol heeft u geen lagere marges vastgesteld waardoor wij het wettelijke kader als uitgangspunt hebben gehanteerd. De bij onze controle van de jaarrekening 2021 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:
Bron: Jaarrekening 2021 Goedkeuringsmaterialiteit
Fouten
Onzekerheden € 717.000
€ 2.151.000
Het algemeen bestuur heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 150.000.
312021001.22.100 - 1
Onze aanpak is gericht op risico’s
Voor de jaarrekeningcontrole 2021 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. Risico’s en aandachtspunten voor de controle van de jaarrekening 2021 De voortgang en status van de (noodzakelijke en gewenste) verbeteringen met betrekking tot de kwaliteit van de interne beheersing in relatie tot de af te geven rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur (over boekjaar 2022). De kwaliteit van uw IT-omgeving. De follow-up ten aanzien van eerder gerapporteerde aandachtspunten vanuit de interne en externe controle. De actualisatie van de (fraude-)risicoanalyse. De actualiteit van de (financiële) administratie. Management override of controls. Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke interne beheersingsmaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces.
De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw gemeenschappelijke regeling. Naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. Rechtmatigheid van verstrekkingen in het kader van inkomensregelingen. Het inschatten als significant risico is inherent aan deze posten en is niet direct een gevolg van verwachte leemten in de interne beheersing van uw gemeenschappelijke regeling. Ook is sprake van inschattingen van bruto risico’s, alvorens eventuele beheersmaatregelen zijn genomen. Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen. Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
De baten en lasten, alsmede Op basis van uw controleprotocol en normenkader, zoals vastgesteld door uw algemeen bestuur op 8 juli 2021 en de wijziging zoals vastgesteld op 9 december 2021, hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeenschappelijke balansmutaties, zijn regeling gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële bijzonderheden geconstateerd. Uw gemeenschappelijke regeling kent slechts één rechtmatig programma, onderverdeeld naar taakvelden. Op dit programma is geen sprake van een overschrijding van de begroting (lasten). Voor nadere toelichting verwijzen wij naar hoofdstuk 3.
312020010.22.108 - 2
Onze conclusie is derhalve dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2021.
De jaarrekening voldoet aan Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeenschappelijke regeling Avres. Daarnaast vereisen zij van het dagelijks bestuur het toepassen van het BBV
oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de gemeenschappelijke regeling Avres zijn uiteengezet in hoofdstuk 4.4 van de jaarstukken ‘Grondslagen van de financiële verslaglegging’. In de jaarrekening 2021 hebben zich ten opzichte van 2020 geen wijzigingen van materieel belang voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die een aanzienlijke invloed hebben gehad op de baten en lasten en/of de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling Avres. Wij hebben het door het dagelijks bestuur toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het BBV (Besluit begroting en verantwoording).
Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2021 van de gemeenschappelijke regeling Avres een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2021 en het resultaat over 2021. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2021 in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader (vastgesteld door het algemeen bestuur op 8 juli 2021 en de wijziging van 9 december 2021).
312020010.22.108 - 3
Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door de leden van het algemeen bestuur ondertekend exemplaar van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
312020010.22.108 - 4
2.
Financiële positie en resultaat
312020010.22.108 - 5
2.Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw gemeenschappelijke regeling neemt in absolute zin toe
In het BBV, de verslaggevingsregels voor gemeenschappelijke regelingen, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten 2021 bedraagt € 1.975.000 voordelig. Per saldo is tussentijds € 847.000 aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2021 € 2.822.000 voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen. Eigen vermogen (in € 1.000)
2021
2020
Eigen vermogen per 1 januari
15.585
11.659
Tussentijdse resultaatbestemming
-/- 847
-/- 752
Gerealiseerd resultaat
2.822
4.678
Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)
1.975
3.926
Uitkering aan gemeenten/ resultaatbestemming
-/- 1.750
-/- 0
15.810
15.585
Eigen vermogen per 31 december
De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw algemeen bestuur.
312020010.22.108 - 6
De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2021 circa 57,8% van het balanstotaal (2020: 42,4% van het balanstotaal). In toelichting op de balans geeft het dagelijks bestuur een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2021. Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Resultaat 2021 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeenschappelijke regeling ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen in dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeenschappelijke regeling het volgende: Exploitatieresultaat (in € 1.000) Totale baten
72.742
Totale lasten
70.767
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
1.975
Af: stortingen in reserves
1.132
Bij: onttrekkingen aan reserves
1.979
Saldo mutaties reserves
847
Gerealiseerd resultaat
2.822
De exploitatie over 2021 laat een voordelig gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 1.975.000 zien, ten opzichte van een begroot saldo van € 836.000 negatief. Dit is een voordeel van € 2.811.000. Het gerealiseerde voordelig resultaat ad € 2.822.000 is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting en de gerealiseerde baten en lasten verklaard. Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.
312020010.22.108 - 7
Het voordelige exploitatieresultaat 2021 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven. Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.
Het dagelijks bestuur kwalificeert het weerstandsvermogen als ruim voldoende om de onderkende risico’s af te kunnen dekken
Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De weerstandscapaciteit is door u bepaald op 9,7 miljoen. De directe weerstandscapaciteit van de gemeenschappelijke regeling Avres is daarmee in 2021 relatief gezien toegenomen. In absolute zin is de beschikbare weerstandscapaciteit toegenomen ten opzichte van 2020 met € 1,38 miljoen. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft u toegelicht dat het benodigde weerstandsvermogen zoals besloten door het Algemeen bestuur via de begroting 2021 € 3,8 miljoen is. Dit bedrag is bepaald op basis van de actualisatie van de door het dagelijks bestuur onderkende risico’s. Door de inventarisatie en kwantificering van risico’s periodiek te actualiseren, houdt u goed zicht op de risico’s en kunt u een goede kwalitatieve beoordeling van uw vermogen maken. Op basis van de (actualisatie van de) risico’s en de beschikbare weerstandscapaciteit kwalificeert het dagelijks bestuur (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) het weerstandsvermogen als ruim boven de norm (2,6). Dit ligt boven de genormeerde bandbreedte (tussen 1,4% en 2%).
312020010.22.108 - 8
3.
Bevindingen eindejaarscontrole
312020010.22.108 - 9
3.Bevindingen eindejaarscontrole Er is geen sprake van begrotingsonrechtmatigheden
Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2021, hebben wij de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet door het algemeen bestuur zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan het algemeen bestuur, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het algemeen bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van het algemeen bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota van de Commissie BBV. Een belangrijk uitgangspunt is dat het overschrijden van de begroting altijd onrechtmatig is, maar niet in alle gevallen hoeft te worden meegewogen in het accountantsoordeel.
Essentieel is dat het algemeen bestuur nadere regels kan stellen wanneer kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten (1), kostenoverschrijdingen passend binnen het beleid (2) en kostenoverschrijdingen bij openeinderegelingen (3) moeten meewegen bij het oordeel van de accountant. In die gevallen dat het algemeen bestuur geen nader beleid stelt, geldt het uitgangspunt dat deze kostenoverschrijdingen door de accountant niet worden betrokken bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende controleverklaring kan worden afgegeven. Deze kostenoverschrijdingen moeten dan wel goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. Daarnaast moet de accountant deze kostenoverschrijdingen – waarvan het dagelijks bestuur in de jaarrekening moet aangeven dat het algemeen bestuur deze nog dient te autoriseren – in het verslag van bevindingen aan de orde stellen. Extra lasten die zijn gemaakt omdat extra opbrengsten daarvoor de ruimte bieden, terwijl deze extra lasten niet direct zijn gerelateerd aan de extra opbrengsten en waarbij het algemeen bestuur nog geen besluit heeft genomen over de aanwending van deze extra opbrengsten, zijn onrechtmatig en tellen mee in het oordeel van de accountant. Dit is bij de gemeenschappelijke regeling Avres overigens niet aan de orde.
Begrotingsafwijkingen werken niet door in de controleverklaring In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop het algemeen bestuur de begroting autoriseert. In het geval van Avres is niet geheel duidelijk of er sprake is van een indeling naar programma’s of dat de staat van baten en lasten als één programma kwalificeert. De indeling naar taakvelden geeft het volgende beeld over het jaar 2021: 312019006.21.049 - 11
Taakveld
Omschrijving
Lasten realisatie 2021*
Lasten begroting na wijziging *
Verschil*
Type
6.055
6.749
694
onderschrijding
113
0
-113
overschrijding
Inkomensverstrekking
42.721
44.627
1.906
onderschrijding
64
Begeleide participatie (sw)
16.048
16.959
911
onderschrijding
65
Participatie (re-integratie)
4.270
5.067
797
onderschrijding
671
Schulddienstverlening
1.560
1.335
-225
overschrijding
08
Diverse baten en lasten
0
0
0
onderschrijding
TOTAAL
* € maal 1.000
70.767
74.737
3.970
04
Overhead
61
Samenkracht en burgerparticipatie
63
Op het taakveld ‘Samenkracht en burgerparticpatie’ is sprake van een overschrijding van € 113.000. Deze wordt gecompenseerd door hogere baten. Deze overschrijding is daarom onrechtmatig, maar weegt niet mee in het oordeel. Overigens merken wij op dat dit taakveld in de begroting- en begrotingswijzigingen in het geheel niet was opgenomen. Het uitgangspunt in het BBV is dat de jaarrekening (verantwoording) de programma’s in de begroting volgt, dit is ook opgenomen in uw financiële verordening. Wij adviseren de programma-indeling nader te concretiseren. Daarnaast is er sprake van overschrijding op het taakveld schulddienstverlening vanwege ziekteverzuim en hogere inhuur. De overschrijding is onrechtmatig en zou wegen in het oordeel als ‘schulddienstverlening’ als een programma kwalificeert. Wij gaan er van uit dat de hele staat van baten en lasten als één programma kwalificeert, daarom wegen wij deze overschrijding niet in ons oordeel. Wij adviseren u in het vervolg de programma’s in de begroting eenduidig te bepalen. Tevens adviseren wij om bij de beoordeling of overschrijdingen wel of niet acceptabel zijn aansluiting te zoeken met de kadernota. Ook bij de investeringskredieten adviseren wij een expliciete koppeling te maken tussen de kredieten in de begroting en het niveau waarop deze door het bestuur worden geautoriseerd en de verantwoording in de jaarrekening.
In de jaarrekening zijn op investeringskredieten overschrijdingen zichtbaar (totaal € 31.000) op hardware ICT en mobiele telefoons. Wij hebben begrepen dat deze gecompenseerd kan worden met andere ICT-kredieten (ic. ICT narrowcasting), omdat het dagelijks bestuur via de financiële verordening bevoegd is te schuiven tussen investeringskredieten indien hogere afschrijvingen binnen de financiële uitkomsten van de lopende meerjarenraming zijn gedekt. Dit betekent dat de statische toets op de rechtmatigheid van investeringskredieten op 312020010.22.108 - 12
peildatum einde boekjaar verandert in een meerjarige analyse van uitputting van investeringskredieten en bijbehorende toekomstige afschrijvingslasten. Dit maakt dit geheel lastig beheersbaar, wij vragen uw aandacht hiervoor.
Geen sprake van te betalen vennootschapsbelasting
Uitgangspunt van het dagelijks bestuur is dat in uw jaarrekening geen sprake is van activiteiten die onder de vennootschapsbelastingplicht (Vpb) vallen. Wij adviseren de ontwikkelingen inzake Vpb voor overheidsbedrijven en uw eigen Vpb-positie te blijven monitoren, om tegenvallers inzake de Vpb te voorkomen dan wel tijdig te signaleren. Daarnaast adviseren wij u om uw Vpb-positie af te (blijven) stemmen met de belastingdienst.
WNT-verantwoording en anticumulatiebepaling WNT
De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2021 van € 209.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenschappelijke regelingen het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Met ingang van boekjaar 2018 dienen ook de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNT-verantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in het WNT-controleprotocol opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren.
In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht. De naleving van de anticumulatiebepaling maakt derhalve geen onderdeel uit van de controle van de accountant. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden. In 2021 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. Bij de controle van de WNT-verantwoording 2021 stelden wij wel vast dat geen sprake was van (zichtbare) interne controle op de opgestelde WNT-verantwoording. Wij adviseren u om in het vervolg voordat de WNT-verantwoording voor controle wordt aangeboden zichtbaar interne controle uit te laten voeren. In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 15 april 2022 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2021 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken. Indien op grond van andere op de 312020010.22.108 - 13
verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking.
Niet bestede middelen van Volgens het BBV moeten niet bestede middelen van uitkeringen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek uitkeringen van Europese en bestedingsdoel als ‘vooruitontvangen middelen’ onder de overlopende passiva worden opgenomen. Over het algemeen zijn dergelijke ‘vooruitontvangen middelen’ gekoppeld aan een verantwoordings- en terugbetalingsplicht richting de verstrekker van de Nederlandse bijdrage. overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel Binnen uw gemeenschappelijke regelingen zijn een aantal bedragen gereserveerd onder deze balanspost, waaronder de projecten
‘preventie armoede’ en ‘DOE’. Binnen uw gemeenschappelijk is niet altijd expliciet gemaakt in welke mate sprake is van een verantwoordings- en terugbetalingsplicht, met name omdat deze bijdragen veelal afkomstig zijn van de deelnemers. Indien er geen sprake is van een verantwoordings- en terugbetalingsplicht ontstaat de vraag in welke mate de ontvangen gelden verplicht moet worden besteed aan concrete projecten waarover harde afspraken met de verstrekker zijn gemaakt of dat er sprake is van een zekere beleidsvrijheid voor Avres waarbij de bijdrage meer als ‘compensatie’ moet worden gezien. Dit is ook bepalend voor de vraag of de ontvangen bijdrage als vreemd vermogen (specifiek bestedingsdoel) of als eigen vermogen (vrij besteedbaar) kwalificeert. Wij vragen u in de toekomst alert te zijn op deze aspecten bij de uitvoering taken met (specifieke) middelen van derden.
Mutaties bestemmingsreserves
In de kadernota 2018 (en 2022) is opgenomen dat de toevoegingen en onttrekkingen aan elk van de bestemmingsreserves in de jaarrekening moeten worden verwerkt overeenkomstig het bedrag dat via de begroting(swijzigingen) door de raad is goedgekeurd voor de betreffende bestemmingsreserve. Bij uw gemeenschappelijk was het tot op heden gebruikelijk de werkelijke onttrekkingen ten laste van de (bestemmings)reserve te brengen, gebaseerd op de daadwerkelijke bestedingen. Dit is gecorrigeerd in de jaarrekening 2021. Uw gemeenschappelijke regeling heeft hierover een vraag ingediend bij de commissie BBV om de juistheid van deze handelswijze te verifiëren. Daarnaast merken wij op dat begrotingsbesluiten worden genomen om lasten te dekken uit de algemene reserve. De algemene reserve bestaat uit de resultaten van de afgelopen jaren. Het heeft de voorkeur om bij deze besluiten ook aan te geven dat voor die bedragen dan een bestemmingsreserve wordt gevormd en de dekking voor deze lasten dus plaatsvindt via een bestemmingsreserve. Ook de commissie BBV heeft aangegeven dat het niet de voorkeur heeft om resultaten tussentijds te muteren op de algemene reserve.
312020010.22.108 - 14
Naleving Europese aanbestedingsregels
Het normenkader voor de rechtmatigheidscontrole bevat onder andere de Europese aanbestedingswetgeving, uw interne inkoopbeleid valt op basis van uw besluitvorming d.d. 9 december 2021 buiten de scope van de accountantscontrole. Bij onze jaarrekeningcontrole hebben wij aan de hand van een door uw gemeenschappelijke regeling uitgevoerde crediteurenanalyse (spendanalyse) gecontroleerd of de Europese aanbestedingswetgeving gedurende het boekjaar 2021 is nageleefd. Op basis van de spendanalyse constateren wij dat voor 4 dossiers de Europese aanbestedingsregels niet zijn nageleefd. Wij merken op dat de bevindingen voortkomen uit financiële beheershandelingen van voor 2021. De rechtmatigheidsfout die hiermee samenhangt komt uit op een bedrag van € 533.000. Onderwerp
Bedrag
ICT
€
398.576
Vervoer
€
87.201
Re-integratie
€
47.250
TOTAAL
€
533.028
Wij hebben via onze managementletter gerapporteerd over de interne beheersing rondom inkoop en aanbesteding en de verbeterstappen die uw organisatie reeds heeft gezet. Sinds kort (2020) maakt uw organisatie gebruik van een inkooptool (IBMN), waarmee het risico op onrechtmatige inkopen beperkt moet worden. Het is aan de inkopers om al dan niet gebruik te maken van de inkooptool. Mede op basis van onze constateringen per jaareinde benadrukken wij het belang van het vooraf motiveren en documenteren van de inkoopstrategie als mede het vastleggen van de raming van de opdrachtwaarde. Hiermee kunt onrechtmatige inkopen mogelijk voorkomen, het gebruik van de inkooptool is hierbij een goed hulpmiddel. Voorts merken wij dat (getekende) overeenkomsten in een aantal gevallen ontbreken, dit bemoeilijkt de rechtmatigheidstoets. Wij vragen in dit kader uw aandacht voor het contractbeheer en de dossiervorming rondom inkopen.
Consistentie vergelijkende cijfers
Bij de controle is vastgesteld dat de vergelijkende cijfers (de cijfers over het boekjaar 2020 in de jaarrekening 2021) in de staat van baten en lasten niet aansluiten met de gecontroleerde jaarrekening 2020. Wij hebben begrepen dat de verschillen zijn ontstaan door gewijzigde presentatie ten opzichte van de jaarrekening 2020 met betrekking tot huur en het al dan niet salderen van baten en lasten. Wel is de aansluiting van het resultaat vastgesteld. Wij vragen uw aandacht voor consistente presentatie van baten en lasten in begroting en jaarrekening ter bevordering van de vergelijkbaarheid.
312020010.22.108 - 15
Jaarstukken voldoen niet helemaal aan het BBV
In het BBV is bepaald dat de jaarstukken bestaan uit een jaarverslag (de programmaverantwoording en de paragrafen) en de jaarrekening. Bij uw gemeenschappelijke regeling zijn de paragrafen en de jaarrekening in één boekwerk opgenomen en is er daarnaast een separaat (extern) jaarverslag opgesteld. Wij maken daarbij de volgende opmerkingen:
De jaarstukken moeten volledig (jaarverslag en jaarrekening, zie artikel 24 van het BBV) zijn met één inhoudsopgave met een duidelijke onderscheid tussen de programmaverantwoording, de paragrafen en de jaarrekening. Uw jaarstukken voldoen daar niet in zijn geheel aan. De programmaverantwoording moet voldoen aan de eisen die het BBV daaraan stelt. Uw jaarstukken voldoen daar niet in zijn geheel aan.
Wij adviseren u om de jaarstukken 2022 in lijn te brengen met de geldende verslaggevingsregels (het BBV). In de evaluatie van de controle 2021 zullen wij dit ook bespreken met uw organisatie.
312020010.22.108 - 16
4.
Interne beheersing
312020010.22.108 - 17
4.Interne beheersing Kernboodschappen interim- Naar aanleiding van de interim-controle hebben wij een managementletter uitgebracht. Voor een nadere duiding van onze opmerkingen en aanbevelingen uit de managementletter 2021 verwijzen wij daarnaar. Hieronder hebben wij de controle 2021 managementsamenvatting uit de managementletter opgenomen.
312020010.22.108 - 18
Rechtmatigheidsverantwoording 2021
In de meicirculaire 2018 heeft het ministerie van BZK aangegeven dat met ingang van het boekjaar 2021 het dagelijks bestuur zelf een rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening moet afgeven. Met deze verantwoording verklaart het dagelijks bestuur dat de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, rechtmatige tot stand zijn gekomen. Dat wil zeggen in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving, waaronder uw verordeningen. Deze verantwoording gaat onderdeel uitmaken van de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling en als zodanig object van onderzoek worden voor de accountant in zijn opdracht om een getrouwheidsoordeel bij de jaarrekening af te geven. Het algemeen bestuur dient de verantwoordingsgrens te bepalen, binnen de wettelijke bandbreedte (0% - 3%. De aanstaande wetswijziging (deze is nog steeds niet definitief vastgesteld door het ministerie) veroorzaakt dat de bewijslast om aan te tonen dat de gemeenschappelijke regeling primair in control is op gebied van financiële rechtmatigheid wordt verlegd van de accountant naar het dagelijks bestuur. De intentie is dat de accountant hierbij als “vierde lijn” gaat functioneren. In dit verband is het van belang dat het zelfcontrolerend vermogen in de 1e, 2e en 3e lijn binnen uw mogelijkheden en ambities optimaal is ingeregeld en ook werkt.
Wij merken in de gesprekken die wij hierover voeren met uw medewerkers en de documenten die hieraan ten grondslag liggen, dat hier aandacht voor is binnen de organisatie. Een belangrijk document waarmee de directie en het dagelijks bestuur sturen op de kwaliteitsverbetering van uw bedrijfsvoering is het intern controleplan. Uw intern controleplan2021 kan u hierin (deels) ondersteunen. Bijstelling is nodig om tot een “volkomen controle” te komen. Uw plan (wat uiteraard tijdig moet worden uitgevoerd) moet onder meer gericht zijn op:
De rechtmatigheid van baten en lasten. De rechtmatigheid van balansmutaties. Begrotingsrechtmatigheid. M&O-beleid Overige rechtmatigheidsaspecten zoals bijvoorbeeld Europese aanbesteding.
Wij adviseren u deze punten op te pakken en door te pakken in de verdere implementatie van de rechtmatigheidsverantwoording.
M&O-beleid
Op basis van de nota verwachtingen accountantscontrole d.d. 31 januari 2022 is opgenomen dat de accountant verplicht is de opzet van het misbruik en oneigenlijk gebruik (hierna: M&O) beleid inzake de TOZO-regeling te toetsen. Bij de controle is vastgesteld dat door de gemeenschappelijke regeling Avres geen sprake is van specifiek en vastgesteld beleid op het gebied van M&O. Wel hebben wij vastgesteld dat uw gemeenschappelijk regelingen maatregelen heeft getroffen op het gebied van M&O. Wij hebben vastgesteld dat uw gemeenschappelijke regeling beschikt over een ‘intern controleplan Avres 2021’. Onderdeel hiervan is het werkprogramma interne controle sociaal domein (W&I). Op basis van dit werkprogramma is de rechtmatigheid van de verstrekkingen in het kader van inkomensregelingen, waaronder TOZO vastgesteld.
312020010.22.108 - 19
Tevens besteed uw organisatie aandacht aan de afwikkeling van IB-signalen. Via onze managementletter hebben wij hierover het volgende gerapporteerd: “Wij hebben begrepen dat uw organisatie maandelijks de IB-signalen van inlichtingenbureau verwerkt. Uiteraard is dit een belangrijke maatregel om tijdig bij te sturen en de rechtmatigheid van uitkeringen te borgen. De IB-signalen worden geregistreerd en bewaard in PDF-bestanden door de medewerker handhaving. Bij de controle is vastgesteld dat de afwikkeling van de IB-signalen niet eenduidig zichtbaar is. Er wordt namelijk niet geregistreerd op welke wijze de IB-signalen zijn afgewikkeld. U registreert alleen dat deze aan een consulent zijn doorgezet en er is in dit proces ook geen sprake van terugkoppeling van de inkomensconsulent over de uitkomsten. Tevens ontbreekt een eenduidige koppeling tussen de IB-signalen en de werkprocessen die door de consulenten aangemaakt moeten worden.” Uw gemeenschappelijke regeling had bij de controle per jaareinde opvolging gegeven aan deze bevinding.
312020010.22.108 - 20
5.
Overige aangelegenheden
312020010.22.108 - 21
5.Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het dagelijks bestuur
Er zijn geen meningsverschillen met het dagelijks bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het dagelijks bestuur van uw gemeenschappelijke regeling de volledige medewerking verleend en hebben wij de volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.
Wij hebben namens het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. Bevestigingen van het dagelijks bestuur ontvangen
Naleving van wet- en regelgeving
Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving
Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.
Geen aanwijzingen van fraude
In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het financieel management van de gemeenschappelijke regeling, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken.
312020010.22.108 - 22
Ten aanzien van de frauderisico-analyse hebben wij via onze managementletter het volgende gerapporteerd. Wij hebben van uw gemeenschappelijke regeling een risicoregister (2016) en het daarbij behorende AB-besluit ontvangen. Wij adviseren u de frauderisico’s te actualiseren en de genomen beheersmaatregelen ook periodiek te bespreken met het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur (auditcommissie). Tevens is het belang dat de geïdentificeerde beheersmaatregelen zichtbaar worden getoetst en dat de actualisatie van de frauderisico’s structureel wordt ingebed in de P&C-cyclus. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2021 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude.
Inzicht in onze tijdsbesteding
In het rapport “In het publieke belang” van de NBA, de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountant, zijn maatregelen opgenomen die de kwaliteit en onafhankelijkheid van de controlerend accountant moeten waarborgen of verbeteren. Op basis van één van de maatregelen rapporteren wij de bestede uren van onze controlewerkzaamheden aan u. Hieronder treft u de opgave van onze tijdsbesteding aan, inclusief een schatting van nog te besteden uren voor de afronding van de jaarrekeningcontrole (waaronder het voeren van besprekingen en het archiveren van ons dossier.
Uren geraamd
Uren besteed
Tekenend accountant
68
43
Overige teamleden
340
583
Het hogere aantal bestede uren wordt voor een deel verklaard doordat het aantal SiSa-regelingen, waarover u met de jaarrekening 2021 verantwoording moet afleggen, is gestegen. Met onze mail van 26 januari 2022 hebben wij u daarover geïnformeerd. In de “geraamde tijdsbesteding” zijn hiervoor geen uren geraamd.
312020010.22.108 - 23
Bevestiging onafhankelijkheid
Bevestiging onafhankelijkheid In overeenstemming met Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO) van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het college en het algemeen bestuur. Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeenschappelijke regeling Avres in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van waarborgen om onafhankelijke positie te waarborgen Publieke Sector Accountants beschikt over een stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Het stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersingsmaatregelen.
Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt. Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle partners en werknemers bij Publieke Sector Accountants. Procedures voor de organisatie van periodieke training inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften. Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven. De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen.
Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreiging voor de onafhankelijkheid weg te nemen. De vastlegging van deze beoordeling inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde onafhankelijkheidsevaluatie) wordt in het dossier opgenomen. Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Publieke Sector Accountants wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Wij zullen dan ook overwegen het algemeen bestuur of de auditcommissie te raadplegen. Procedures voor het interne toezicht in relatie tot de toetsing en bewaking van de naleving van de onafhankelijkheidsvoorschriften. De opzet en werking van ons stelsel van maatregelen worden periodiek door de externe toezichthouder getoetst.
312020010.22.108 - 24
Interne roulatie Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de wettelijke controle van een controlecliënt meewerken. Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van andere leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om de bedreiging weg te nemen. Wij merken op dat er in het kader van onze controleopdracht geen sprake is geweest van een dergelijke bedreiging. Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Publieke Sector Accountants, haar partners en haar medewerkers en de gemeenschappelijke regeling Avres, die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken welke aan u gerapporteerd dienen te worden.
Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met governance belaste organen informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Publieke Sector Accountants, een bestuurder of interne toezichthouder van Publieke Sector Accountants of een lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de gemeenschappelijke regeling Avres of een bij de gemeenschappelijke regeling Avres betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij zijn van mening dat de verstrekte en ontvangen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid gepast zijn en derhalve niet tot een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht hebben geleid. Volledigheidshalve merken wij op dat wij geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid hebben verstrekt/ontvangen die een (geschatte) waarde van meer dan € 100 hebben. Aanvullende dienstverlening Een overzicht van de aanvullende dienstverlening hebben wij hieronder opgenomen. Aanvullende dienstverlening
Geen aanvullende dienstverlening
Conclusie onafhankelijkheid De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Publieke Sector Accountants ingebed. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij de gemeenschappelijke regeling Avres in 2021 voldoende is gewaarborgd. 312020010.22.108 - 25
Controleverschillen
Overzicht van de controleverschillen: Aard van de fouten en onzekerheden (x € 1.000)
Rechtmatigheid
Getrouwheid
Fouten Onrechtmatig inkopen (Europese aanbestedingen); zie pagina 15gene
533
0
Totaal fouten
533
0
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Totaal onzekerheden
N.v.t
N.v.t
Onzekerheden
Wij hebben van het dagelijks bestuur een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen, waarin het dagelijks bestuur bevestigt dat de niet-gecorrigeerde fouten, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening niet materieel zijn. Daarnaast is in de jaarrekening een aantal correcties doorgevoerd naar aanleiding van onze controle. Uw organisatie beschikt over een overzicht van deze correcties.
Disclaimer en beperking in gebruik
Dit verslag is alleen bestemd voor het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur en mag niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden verstrekt of aangehaald zonder onze schriftelijke toestemming vooraf. Er wordt geen verantwoordelijkheid aan een derde partij geaccepteerd, omdat dit verslag daar niet voor opgesteld en bedoeld is. Dientengevolge nemen wij geen enkele verplichting of plicht van zorg aan ieder ander persoon aan wie dit verslag getoond of in zijn handen komt, op ons. De in dit verslag aan de orde gestelde onderwerpen zijn door ons geconstateerd gedurende onze controleopdracht waarvan wij van mening zijn dat zij uw aandacht behoeven. Het is geen allesomvattend verslag van alle geconstateerde zaken en in het bijzonder kunnen wij niet verantwoordelijk worden gesteld voor het rapporteren van alle bedrijfsrisico’s of tekortkomingen in het systeem van interne beheersing. Elke conclusie, opinie of opmerking in dit verslag is verstrekt in de context van onze controleverklaring over de jaarrekening als geheel.
312020010.22.108 - 26
6. Bijlagen 312020010.22.108 - 27
312020010.22.108 - 28
6.Bijlagen Tabel fouten en onzekerheden (SiSa)
Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden, artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2021 onder de SiSa-bijlage vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. Hierna treft u deze tabel aan. Nr.
Specifieke uitkering of overig
G2B
Gebundelde uitkering op grond van artikel 69 Participatiewet_deel openbaar lichaam 2021 Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden gebundelde uitkering Participatiewet in jaar T_deel openbaar lichaam 2021 Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (exclusief levensonderhoud beginnende zelfstandigen)_deel openbaar lichaam 2021 BBZ vóór 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud BBZ in jaar T (exclusief BOB)_deel openbaar lichaam 2021 BBZ vóór 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BBZ in jaar T (exclusief BOB)_deel
G2B
G3B
G3B
G3B
Fout of onzekerheid
Financiële omvang in euro's
Toelichting fout/onzekerheid
312020010.22.108 - 29
openbaar lichaam 2021 G3B
G3B
G4B
BBZ vóór 2020 -Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud BBZ en achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BOB in jaar T_deel openbaar lichaam 2021 BBZ vanaf 2020 - Gederfde baten die voorvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BBZ in jaar T_ deel openbaar lichaam 2021 Tozo 1_fundamentele rechtmatigheidseisen
G4B
Tozo 1_belangrijke rechtmatigheidseisen
G4B
Tozo 2
G4B
Tozo 3
G4B
Tozo 4
G4B
Tozo 5
G4B
Kwijtschelding schulden Tozo in het kader van de hersteloperatie 312020010.22.108 - 30
G4B
G12B
G12B
kinderopvangtoeslagaffaire gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden levensonderhoud in jaar T Kwijtschelding schulden Tozo in het kader van de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden van achterstallige betalingen op kapitaalverstrekking in jaar T Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden Bijzondere bijstand in jaar T Gederfde baten die voortvloeien uit kwijtschelden schulden Wet Inburgering van 13 september 2012 in jaar T
Strekking getrouwheid: goedkeurend. Strekking rechtmatigheid: goedkeurend
312020010.22.108 - 31