1. Notitie toelichting voorstellen investeringen
Tekst van het document
Toelichting voorstellen investeringen Aanleiding en opzet De gemeente Gorinchem moet keuzes maken in de gemeentelijke investeringen. Op 6 juli 2023 is de motie 363 “Besturen is keuzes maken met open vizier” aangenomen. In deze motie werd het college opgeroepen om de investeringen van de gemeente duidelijk in kaart te brengen en een voorstel te doen als investeringen niet passen binnen het investeringsplafond en exploitatie. De gemeenteraad heeft gevraagd dit voorstel bij de begroting 2024 aan de raad voor te leggen, zodat een integrale afweging gemaakt kan worden. Bij de raadsbehandeling van het voorstel voor de toekomstvisie van het Caribabad is een amendement aangenomen waarmee is besloten om de besluitvorming over de financiële dekking van het zwembad bij de begrotingsbehandeling plaats te laten vinden. Daarbij moet de benodigde investering voor het Caribabad worden afgewogen tegen het totaal aan geplande investeringen en het investeringsplafond. In een raadsinformatiebrief heeft het college op 12 oktober j.l. de raad met een overzicht geïnformeerd over de investeringen en de mogelijkheden die het college zag voor het maken van keuzes in de investeringen. Dit overzicht is op 24 oktober j.l. met de gemeenteraad besproken in een I&O. Tijdens deze I&O hebben raadsleden van gedachten gewisseld over het investeringsoverzicht en de keuzemogelijkheden.
Tijdens deze bijeenkomst is in ieder geval aangegeven dat er behoefte is aan meer context bij een aantal investeringen. In deze notitie geven we context, als toelichting op het raadsvoorstel over het aanpassen van de investeringen. Dat doen we aan de hand van de volgende indeling: 1. Allereerst gaan we in op algemene aspecten van de investeringen. We lichten toe wat de reden is om keuzes in de investeringen te maken. Daarbij brengen we ook in beeld wat de effecten zijn als het investeringsplafond wordt overschreden. En we beantwoorden algemene vragen die tijdens de I&O van 24 oktober j.l. zijn gesteld. 2. Vervolgens geven we een toelichting op de door het college voorgestelde wijzigingen in de investeringen, inclusief een beschrijving van de effecten van deze keuzes en waarom het college de raad voorstelt deze aanpassingen door te voeren. 3. Tot slot geven we een toelichting op andere keuzeopties die aan bod zijn gekomen tijdens de I&O. We geven weer wat de verwachte effecten zijn als deze investeringen zouden worden gewijzigd en beschrijven waarom het college voorstelt deze aanpassingen niet door te voeren. We richten ons in deze notitie op de investeringen van de gemeente en gaan dus niet in op mogelijke keuzes in de exploitatiebudgetten. In de begroting 2024 hebben we al een aantal keuzes in de exploitatiebudgetten opgenomen.
Ook in de toekomst blijven wij kritisch zoeken naar mogelijkheden om exploitatiebudgetten bij te stellen.
1
Algemene toelichtingen Toelichting investeringsplafond Het investeringsplafond is ingesteld om te voorkomen dat de schulden te hoog worden. De schuldquote is één van de indicatoren waarop de gemeentelijke begroting door de provincie wordt beoordeeld. Het investeringsplafond wordt jaarlijks ter beschikking gesteld en geïndexeerd. Op dit moment is het investeringsplafond dan ook ruim € 5,5 miljoen per jaar. Dit bedrag is niet volledig beschikbaar voor nieuwe investeringen. Jaarlijks is ongeveer € 1 miljoen nodig voor vervangingsinvesteringen. Daarnaast sparen we jaarlijks een bedrag van € 1 miljoen voor investeringen vanuit het IHP. Dit verkleint de nog beschikbare ruimte vanuit het investeringsplafond tot circa € 3,5 miljoen per jaar. Het bedrag waarvoor uiteindelijk investeringen mogelijk zijn bestaat uit het investeringsplafond en externe bijdragen uit bijvoorbeeld subsidies en ontwikkellocaties. Het primaire doel van het investeringsplafond is het voorkomen van een te hoge schuld. Het uitstellen van een investering biedt dan ook geen oplossing. Het later plannen van investeringen geeft een incidenteel voordeel, omdat de kapitaallasten later kunnen worden geraamd. Voor de uiteindelijke schuldomvang heeft het later plannen van investeringen geen effect. Voor de investeringen blijft immers op enig moment financiering nodig.
Het later plannen van investeringen geeft in het ene jaar ruimte in het investeringsplafond, maar legt in het andere jaar juist een extra beslag op de ruimte in het investeringsplafond. Het probleem van te weinig ruimte in het investeringsplafond wordt daarmee verschoven naar een later jaar. In de afbeelding hieronder ziet u de prognose van onze schulden:
Belangrijke kanttekening is dat de gemiddelde rente op de huidige schuld 1,5% bedraagt maar dat als de kapitaalmarkttarieven gelijk blijven de gemiddelde rente door herfinancieringen en nieuwe leningen geleidelijk stijgt naar 3,5%. Op een schuld van 120 miljoen leidt dit tot € 2,4 miljoen extra rentelasten per jaar. Om het concreet te maken: Als we het investeringsplafond met € 10 miljoen overschrijden met een investering die een afschrijvingstermijn van 40 jaar heeft, dan nemen de kapitaallasten uitgaande van de huidige rente met € 600.000 per jaar toe. Daarnaast moet in sommige gevallen ook nog rekening worden gehouden met nieuwe reguliere exploitatiekosten, zoals bijvoorbeeld onderhoud, na het doen van een investering. Ook neemt het herfinancieringsrisico op de leningenportefeuille toe. 2
Relatie met afschrijvingsreserve Als gemeente maken we gebruik van een afschrijvingsreserve. Deze reserve gebruiken we als structurele dekking voor kapitaallasten. Op het moment dat een geplande investering wordt geschrapt of verlaagd zal (een deel van) de daarvoor geplande afschrijvingsreserve niet hoeven te worden gevormd waardoor over deze ruimte kan worden beschikt. Om een structureel voordeel te realiseren zal het hierdoor vrijvallende bedrag worden ingezet voor de (gedeeltelijke) dekking van andere investeringen.
Uitvoerbaarheid en verplichtingen Tijdens de I&O van 24 oktober j.l. is gevraagd naar de uitvoerbaarheid van de voorstellen om investeringen aan te passen en hoe zich dit verhoudt tot verplichtingen die al wel of nog niet zijn aangegaan. De door ons voorgestelde wijzigingen in de investeringen zijn uit te voeren. Voor sommige investeringen moet wel rekening worden gehouden met het afboeken van de kosten die al zijn gemaakt. Een toelichting daarop vindt u in het raadsvoorstel. Als andere wijzigingen in de investeringen worden voorgesteld, zullen we eventuele contractuele verplichtingen bekijken. Het voert te ver om op dit moment een integraal overzicht te maken van het al dan niet bestaan van contractuele verplichtingen bij alle investeringen uit het investeringsprogramma. In een aantal gevallen kunnen we bij een investering al wel aangeven dat contractuele afspraken zijn gemaakt. De toelichting daarop vindt u verderop in deze notitie. De opmaat naar besluitvorming over investeringen vindt op verschillende manieren plaats, waarbij de besluitvorming uiteindelijk altijd plaatsvindt in de begroting (de eerste jaarschijf) of een begrotingswijziging. In sommige gevallen is budget beschikbaar gesteld. Budgetten zijn soms genoemd in uitvoeringsprogramma’s, maar nog niet concreet beschikbaar gesteld.
Investeringen kunnen ook voortkomen uit een vastgestelde beleidsvisie, terwijl het budget nog niet beschikbaar is gesteld. Soms wordt een investering opgenomen vooruitlopend op besluitvorming die nog moet plaatsvinden over een beleidsdocument, maar nog niet beschikbaar gesteld. Er zijn dus diverse routes die uiteindelijk moeten leiden tot het daadwerkelijk beschikbaar stellen van een budget voordat er verplichtingen kunnen worden aangegaan. Het voert te ver om nu integraal voor het volledige investeringsprogramma de exacte status van de besluitvorming, met alle nuances daarin, uit te werken. Wij stellen voor te spreken over de uiteindelijke keuzes die we moeten maken over wat we in samenhang inhoudelijk en financieel verantwoord vinden, los van de status en vorm van de besluitvorming die eerder heeft plaatsgevonden. De uitkomst van de keuzes zal in alle gevallen afwijken van eerdere intenties in welke vorm dan ook. Dat is echter onontkoombaar als in een bestaand investeringsprogramma wordt gewijzigd. Een besluit voor een andere keuze is dan de geldende realiteit. We kunnen ons wel voorstellen dat de vraag leeft op basis waarvan investeringen terecht komen in een P&C-document en welk document hier bijvoorbeeld aan ten grondslag heeft gelegen. Bij de verdere doorontwikkeling van onze P&C-cyclus willen we dus kijken of we dit in de toekomst duidelijker in beeld kunnen brengen.
3
Haalbaarheid investeringen In de begroting is opgenomen wanneer we verwachten dat een investering wordt uitgevoerd. De daadwerkelijke uitvoering van investeringen kan uiteindelijk later plaatsvinden dan op dit moment in de begroting is opgenomen. Dit kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door beperkte beschikbaarheid van in- en externe capaciteit voor de uitvoering, bezwaren en het te optimistisch plannen. In de Perspectiefnota 2024 zijn de geplande investeringen beoordeeld op de haalbaarheid van de planning. Dit heeft geleid tot diverse verschuivingen die in de begroting 2024 zijn verwerkt. De beoordeling van investeringen op de haalbaarheid van de planning wordt jaarlijks uitgevoerd en verwerkt in de P&Cdocumenten.
Toelichting voorstellen college Het college stelt in het afzonderlijke raadsvoorstel voor om een viertal investeringen te wijzigen. In de I&O van 24 oktober is gevraagd om een nadere toelichting op de effecten van het doorvoeren van de voorgestelde wijziging in de investeringen. Hieronder vindt u deze toelichting. Onderwerp Tweede fase Banneweg
Toelichting Het college stelt voor om de investering voor de tweede fase van het project Banneweg te schrappen. In januari 2023 heeft de gemeenteraad een besluit genomen over dit project. Daarbij is besloten om het noordelijk en zuidelijk deel van de Banneweg aan te pakken. Het noordelijk deel (fase 1) loopt daarbij tot en met de rotonde voor het stadhuis. Het zuidelijk deel (fase 2) betreft het volgende stuk vanaf de rotonde voor het stadhuis. Doel van het project Banneweg is om de doorstroming, oversteekbaarheid en de verkeersveiligheid van de Banneweg te vergroten. Met het schrappen van de investering in fase 2 van het project Banneweg, beperkt het project zich tot het noordelijk deel van het project. Hiermee wordt de verkeerssituatie in het zuidelijk deel van de Banneweg voorlopig dus niet verbeterd. Daarnaast zullen we met het Rijksvastgoedbedrijf in overleg moeten over kosten die op dit moment al door het Rijksvastgoedbedrijf gemaakt zijn in verband met dit project, op de gronden die van het Rijksvastgoedbedrijf zijn. In het noordelijk deel van de Banneweg, waar sowieso groot onderhoud van de weg uitgevoerd moet worden, wordt ook bij het schrappen van de investering in het zuidelijk deel in ieder geval de oversteekbaarheid, verkeersveiligheid en kwaliteit van de weg vergroot. Voor de aanpak van dit deel van de weg is ook een subsidie aangevraagd.
Het schrappen van de investering in het zuidelijk deel van de Banneweg heeft mogelijk tot gevolg dat de doorstroming op het noordelijk deel minder optimaal wordt dan als het hele project zou worden aangepakt. Het college is echter van mening dat het op dit moment een keuze is die we kunnen maken. Er zijn wellicht ook andere factoren die invloed zullen hebben op de doorstroming op de Banneweg. Op een later moment zou het zuidelijke deel dan alsnog kunnen 4
worden uitgevoerd, waarbij op dat moment wel weer financiële middelen moeten worden georganiseerd. Station GorinchemNoord
Het college stelt voor om de investeringen die zijn opgenomen voor de realisatie van station Gorinchem-Noord te schrappen. Het college is van mening dat de bouw van het station primair geen gemeentelijke taak is. Daarnaast is het college van mening dat de mobiliteit van Gorinchem-Noord ook op andere manieren gerealiseerd zou moeten kunnen worden. Het schrappen van deze investering heeft gevolgen voor de OV-bereikbaarheid van het gebied Gorinchem-Noord, met daarin het te ontwikkelen bedrijventerrein Groote Haar en de nieuwe beroepencampus. In de I&O is onder meer gevraagd naar het effect van het schrappen van deze investering op de grondexploitatie van Groote Haar. Dit effect is niet direct een-op-een te bepalen. De plannen om een station te realiseren hebben in ieder geval geen deel uitgemaakt van de taxatie op basis waarvan de grondprijzen zijn geraamd. De invloed die het al dan niet hebben van een station heeft op de aantrekkelijkheid voor bedrijven om zich daar te vestigen is niet direct in een getal uit te drukken. Er is op basis van het bestemmingsplan geen juridische verplichting om het station te realiseren. Het college is van mening dat het goed zou zijn om te bezien hoe de mobiliteit voor Gorinchem-Noord beter geregeld kan worden. Hier zijn op dit moment nog geen concrete plannen voor, dit moet nog verder onderzocht worden.
Wellicht zijn er mogelijkheden om een busverbinding/ OV-overstappunt op Gorinchem-Noord te realiseren. En vanuit de raad is ook al een oproep gedaan om te kijken of de fietsvoorzieningen in Gorinchem-Noord verbeterd kunnen worden. De haalbaarheid hiervan moeten we verder in beeld brengen, onder meer bij de actualisatie van het mobiliteitsplan en het ontwikkelen van het gebiedspaspoort voor Gorinchem-Noord. Het verder onderzoeken van mobiliteit voor Gorinchem-Noord geldt ook voor het mogelijk gebruik kunnen maken van andere financieringsbronnen. Op dit moment zijn er nog geen concrete signalen dat dit mogelijk is. We zullen verder in beeld moeten brengen welke mogelijkheden er wellicht zijn vanuit provinciale plannen of vanuit middelen die bedoeld waren voor de verbreding van de A15 die daar nu niet meer voor gebruikt worden. In de komende periode moet dus nog het nodige verder uitgezocht worden over de mobiliteit voor Gorinchem-Noord. Om dit mogelijk te houden stelt het college voor hier een bedrag voor beschikbaar te houden in de begroting, ter hoogte van € 50.000 voor 2024 en 2025.
Uitbreiding Kweeklust
Het college stelt voor om het investeringsbudget voor de uitbreiding van parkeergarage Kweeklust te verlagen van € 3,6 miljoen naar € 3 miljoen. 5
Hiermee is naar de huidige verwachtingen voldoende budget beschikbaar voor de uitbreiding van de parkeergarage. Er wordt daarbij geen combinatie gemaakt met woningbouw in dit gebied, een mogelijkheid die eerder wel besproken is. De reden dat een lager budget toereikend kan zijn, is dat we op dit moment werken aan een plan waarbij Kweeklust wordt uitgebreid met een modulair, prefab systeem. Dit levert minder hoge kosten op dan een traditionele uitbreiding van de parkeergarage. Een modulaire oplossing gaat net zo lang mee. In de plannen wordt nog altijd rekening gehouden met een goede inpassing in de omgeving, zoals eerder ook met de raad is besproken. Op dit moment worden de definitieve berekeningen nog gemaakt. In december a.s. zal de gemeenteraad in een I&O hierover verder worden geïnformeerd. Daarbij geven we dan ook een toelichting op de businesscase waarin ook de exploitatiekosten en parkeertarieven worden meegenomen. Chloor- en zuurvat Caribabad
Vorige maand heeft de gemeenteraad de toekomstvisie voor het nieuwe Caribabad vastgesteld. In de begroting was nog een investering in het chlooren zuurvat van het huidige Caribabad opgenomen. Deze investering is niet meer nodig, het is de verwachting dat het huidige chloor- en zuurvat lang genoeg meekan tot het nieuwe zwembad is gerealiseerd. Inmiddels heeft ook de Omgevingsdienst aangegeven hiermee in te kunnen stemmen.
Toelichting effecten overige keuzemogelijkheden Tijdens de I&O is bij verschillende investeringen in het overzicht vragen gevraagd wat het effect zou zijn als we deze investering zouden wijzigen. Hieronder geven we hierop een toelichting, bij de posten die tijdens de plenaire terugkoppeling tijdens de I&O aan bod zijn gekomen. Onderwerp Vervanging openbare verlichting
Toelichting In de begroting zijn investeringsbudgetten opgenomen voor regulier onderhoud van de openbare verlichting en voor verduurzaming van de openbare verlichting door deze te vervangen door LED-lampen. Deze verduurzaming levert een energiebesparing en daarmee ook een financiële besparing op. Deze besparingkomt ten goede aan de reserve duurzaamheid. Het is mogelijk om langer te doen over deze investering en deze uit te smeren over meerdere jaren. Dit heeft als nadeel dat het voor partijen minder aantrekkelijk is om zich op zo’n langer durende opdracht in te schrijven, met als risico dat de kosten hiermee toenemen. Daarnaast zorgen de besparingen voor extra middelen voor de reserve duurzaamheid. Het uitstellen heeft dan ook effect op andere plannen die uit de reserve duurzaamheid worden gedekt. Het college is daarnaast van mening dat het goed is om de openbare verlichting op korte termijn te verduurzamen en stelt daarom niet voor om deze investeringen te wijzigen. 6
Voorzieningengebouw Kriekenmarkt
Na besluitvorming door de raad over het investeringsbudget voor het voorzieningengebouw, is direct gestart met de uitvoering hiervan. Op dit moment is dit werk dan ook al in uitvoering. Er is dus geen mogelijkheid meer om deze investering aan te passen.
Top 10 Fietsknelpunten
In de begroting zijn drie posten opgenomen voor het aanpakken van onderdelen van de top 10 van fietsknelpunten. Dit budget is onder meer bedoeld om het initiatiefvoorstel van de gemeenteraad over fietsveiligheid uit te kunnen voeren. Het budget hiervoor zou eventueel nader bekeken kunnen worden, maar dat zal dan wel gevolgen hebben voor de aanpak van de top 10 van de fietsknelpunten en daarmee dus ook voor de uitvoering van het initiatiefvoorstel.
Verbeteren fietsvoorzieningen Nieuwe Hoven
Tijdens de I&O is gevraagd naar de investering in het verbeteren van de Nieuwe Hoven. Voor de Nieuwe Hoven is een investeringsbudget opgenomen voor de totale aanpak van de Nieuwe Hoven. Met het geraamde budget van € 2 miljoen kan een volledige reconstructie van de weg worden uitgevoerd, waarmee dus fietsknelpunten worden opgelost, maar ook achterstallig onderhoud wordt hersteld en de situatie voor autoverkeer wordt aangepast. Voor de Nieuwe Hoven is het eventueel ook mogelijk om alleen de acute fietsknelpunten aan te pakken, voor een bedrag van € 700.000. In dat geval kunnen echter niet alle knelpunten worden opgelost.
Herinrichting Mollenburgseweg
Het begrote bedrag voor de herinrichting van de Mollenburgseweg is nodig om de Mollenburgseweg in te richten als 30 km/u weg. Dat is deze weg op dit moment ook al, maar de wegindeling is hier niet volledig op aangepast. Met dit bedrag wordt het mogelijk om een aantal verkeersdrempels en -plateaus aan te leggen. Als dit bedrag wordt geschrapt, blijft de situatie zoals die nu is. Het college is van mening dat het belangrijk is om de verkeersveiligheid op deze weg te verbeteren en stelt dus voor geen wijziging door te voeren in deze investering.
Herinrichting Haarsekades
Het project herinrichting Haarsekades loopt al langere tijd. Met deze herinrichting wordt onder meer de verkeersveiligheid van de Haarsekades verhoogd. Dit is ook van belang voor de vele scholieren die over deze weg naar school fietsen. Naast de gemeentelijke investering wordt de herinrichting ook betaald vanuit een provinciale subsidie. Op dit moment loopt de aanbesteding om een uitvoerende partij voor deze herinrichting te selecteren. Het college vindt het belangrijk om dit langlopende project verder uit te voeren en stelt dus geen wijziging in deze investering voor.
Riviercruisevaartsteiger
Deze investering betreft een vervanging van de steiger die door riviercruiseschepen wordt gebruikt en het vernieuwen van de stroom- en watervoorziening op deze locatie. De huidige steiger stamt uit 1994 en is 7
gebouwd op houten palen. Uit een inspectie blijkt dat de houten palen in matige staat zijn. De steiger is daarbij al langer meegegaan dan verwacht was. In verband met de veiligheid is het nu noodzakelijk om de steiger te vervangen. Dat geldt ook voor de stroom- en watervoorziening. Het niet investeren in de steiger kan ook effect hebben op de opbrengsten van de riviercruisevaart. Het college vindt dat de vervanging l in 2024 plaats moet vinden. Investeringen IHP
Tijdens de I&O is gevraagd welke investeringen vanuit het IHP op dit moment nu wel en niet in de begroting zitten. Voor het totaaloverzicht hiervan verwijzen we u naar RIB D-865990 die in juni j.l. naar de gemeenteraad is gestuurd. In de komende jaren zullen nog investeringen nodig zijn voor het IHP die op dit moment nog niet in de begroting zitten. In het investeringsplan is vanaf 2025 wel het spaarsysteem van € 1 miljoen per jaar opgenomen, dat eventueel wordt aangevuld met een deel van de overschotten bij de jaarrekening (mits de weerstandsratio hoog genoeg is) en de netto-opbrengst van de herontwikkeling van schoollocaties. Per schoolgebouw wordt vervolgens een businesscase aan u voorgelegd.
Gymzaal ‘t Gilde
In het investeringsplan is een investering opgenomen onder de noemer Gymzaal ’t Gilde. De omschrijving van deze investering dekt niet volledig de lading van de plannen voor deze locatie. Het gaat hier om een nieuwe aanvullende voorziening(en) voor beweegonderwijs. De gemeente heeft de wettelijke taak om deze faciliteit voor de scholen te realiseren. Naar aanleiding van de nieuwbouw van ’t Gilde wordt er een inventarisatie gemaakt en bepaald welke aanvullende gymvoorziening nodig is voor beweegonderwijs. Immers de gymfaciliteiten (twee zalen) in het oude gebouw verdwijnen per 2025. Het gebruik beperkt zich echter niet alleen tot ’t Gilde, maar ook andere scholen en buiten schooltijd verenigingen komen in aanmerking. Er zijn twee redenen waarom het investeringsbedrag hoger is dan eerder het geval was. Allereerst was de eerste raming op basis van het prijspeil van een paar jaar geleden. Daarnaast werd bij deze raming nog uitgegaan van één gymzaal voor ’t Gilde. Inmiddels weten we dat meer ruimte nodig is en is indexering toegepast. De verwachting is dat dit bedrag nodig is, om voldoende ruimte te hebben. Het college stelt om deze reden dan ook voor om deze investering in stand te houden. Mocht het volledige bedrag niet aangewend worden, dan zal het restant binnen IHP benut worden.
Vervangingsinvesteringen voertuigen en machines
In de I&O is gevraagd of er mogelijkheden zijn om te besparen op de vervangingsinvesteringen van voertuigen en machines van de gemeente. Het college is van mening dat deze ruimte er niet is en stelt dan ook voor om de genoemde investeringen in stand te houden. 8
Binnen onze gemeente wordt al zeer kritisch gekeken naar de vervanging van voertuigen en machines. We hanteren afschrijvingstermijnen die een stuk langer zijn dan bijvoorbeeld in het bedrijfsleven gebruikelijk is. Voor het moment van vervanging wordt ook niet enkel gekeken naar de afschrijvingstermijn. Wij vervangen pas als dit echt nodig is. Bij vervanging wordt kritisch gekeken of we een machine zelf nodig hebben, of machines kunnen gebruiken van aannemers. In de komende jaren staan we daarnaast voor de opgave om ons gemeentelijk wagenpark te verduurzamen. Het onderhoud van de voertuigen wordt door Waardlanden gedaan, waarmee de kosten voor onderhoud lager zijn dan als we dit op een andere plek zouden doen. Vervangingsinvesteringen inventaris
De begroting bevat een aantal posten voor de vervanging van inventaris. In de afgelopen jaren zijn al diverse investeringen uitgesteld. Dit heeft onder andere te maken met de aansluiting van het stadhuis op het warmtenet. Dit vraagt om stevige investeringen in het gebouw, zoals de vervanging van radiatoren, het leggen van nieuwe leidingen en mogelijk het aanpassen van ramen. Daarnaast is een aanpak van de centrale hal van het stadhuis hard nodig. Het college ziet dan ook geen ruimte om deze kosten te verminderen.
Vervangingsinvesteringen soften hardware
In het afgelopen jaar is het serverpark van de gemeente vervangen. We hebben daarbij langer gebruik gemaakt van onze vorige servers dan verwacht. Het is van belang om hardware op tijd te vervangen, omdat na verloop van tijd de support van de leverancier vervalt. Kosten voor software worden vooral gemaakt voor grote applicaties die nodig zijn voor de primaire processen van de gemeente. Op dit moment kijken we al of het mogelijk is om bepaalde zaken onder te brengen in onze Microsoft-suite, in plaats van hier aparte applicaties voor te gebruiken. Hiermee neemt de groei van de kosten af. Het college ziet echter geen ruimte om de vervangingsinvesteringen in hard- en software naar beneden bij te stellen.
9