Bijlage 2.3 analyse PvE bijlage bij ICS loc onderzoek 20231212 anoniem.pdf
Tekst van het document
Memo Aan
C.c
Projectgroep Plaats
Datum
Eindhoven
12 december 2023
Kenmerk
Behandeld door
2230362/20231212
Maarten van Dijk en Rob van Driel
Onderwerp
Analyse Programma van Eisen Mill-Hill College
Aanleiding De gemeente Goirle heeft ICSadviseurs gevraagd het Programma van Eisen (PvE) te evalueren op wenselijke en wettelijke zaken. Dit geeft de projectgroep een beeld van wat echt nodig is en wat wenselijk is. In deze memo wordt onderscheid gemaakt tussen een ruimtelijk-functionele en technische analyse. Tot slot vatten we de constateringen en adviezen samen. Het Programma van Eisen waarop de reflectie betrekking heeft is de Ruimtelijk-functionele analyse In de ruimtelijk-functionele analyse wordt getoetst op de wettelijke uitgangspunten zoals onder andere het ruimtelijk kader en de ruimtestaat. Het Programma van Eisen is in opdracht van OMO met de schoolleiding opgesteld. De school geeft nadrukkelijk aan dat het een inhoudelijk breed gedragen stuk is. Dat zorgt ervoor dat er geen twijfel is bij de aansluiting van dit stuk op haar manier van werken. Ten behoeve van de toetsing aan wet- en regelgeving heeft ICSadviseurs naar de volgende aspecten gekeken: Normatief kader De normatieve ruimtebehoefte aan onderwijscapaciteit is in het PvE totaal 9.390 m² bvo en berekend op basis van 1.450 leerlingen. De gebruikte methodiek hiervoor is de gewijzigde Model Verordening voorzieningen huisvesting omdat werd voorgesorteerd op een wijziging (VNG, gewijzigd in november 2020). Echter, deze verordening is in Goirle nog niet ingevoerd.
Op basis van de huidige verordening voorziening huisvesting onderwijs gemeente Goirle (2015) is de ruimtebehoefte op basis van 1.450 leerlingen circa 9.795 m² bvo. Deze norm valt dus 405 m² bvo hoger uit. Conform lokale verordening kan dus van een grotere nieuwbouw worden uitgegaan, maar als de school aangeeft dat het ook met een lager m² bvo een functioneel en passend schoolgebouw kan realiseren dan is dat natuurlijk ook een acceptabel uitgangspunt. Het is dan verstandig om dit lagere aantal voor de langere termijn aan te houden. Ook voor het bewegingsonderwijs is de gewijzigde Model Verordening gehanteerd in plaats van de lokale verordening. De uitkomst hiervan is echter hetzelfde: een normatieve ruimtebehoefte van 3 zaaldelen. Op pagina 28 wordt een tekort aan gymzalen benoemd. De verwachting is dat het Mill-Hill College een roostertechnische ruimtebehoefte circa 3,46 gymzalen heeft. Dit ligt hoger dan de normatieve ruimtebehoefte van 3,0. Een verschil tussen de norm en de roostertechnische praktijk ziet ICSadviseurs vaker. Echter, de gemeente is op basis van de normatieve ruimtebehoefte verplicht minimaal 3 gymzalen te faciliteren. Het staat de gemeente vrij om deze aanvullende ruimtebehoefte te faciliteren, maar zij is dit niet wettelijk verplicht. Op dit moment vangt Mill Hill College dit ruimtetekort op door flexibel te roosteren in de zomer- en wintermaanden.
In de zomermaanden wordt het ruimtetekort in de winter gecompenseerd door effectief gebruik te maken van de sportvelden.
www.icsadviseurs.nl
Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep BV
Memo
De school wenst een vierde gymzaal in de vorm van een overdekte buitenruimte. Op pagina 63 in het PvE staat ook beschreven dat deze vierde (buiten) gymzaal is opgenomen in de kostenraming van het PvE. Deze komt ook terug in de conclusie van de eindpresentatie van het PvE. Daarbij wordt ook geconstateerd dat de kostenraming het projectbudget vanuit het IHP met circa 2,5 miljoen euro overschrijdt. Zoals eerder omschreven heeft de school op basis van de normatieve ruimtebehoefte geen recht op deze vierde (buiten) gymzaal. Deze wens vraagt zodoende nog nader overleg met betrekking tot deze wens, de investeringskosten en de dekking daarvan. Omvang en hoogte sportruimten: in het PvE is uitgegaan van drie koppelbare gymzalen met een totaal vloeroppervlak van 1.652 m² bvo. Daarbij is een vrije hoogte van 5,5 meter gevraagd. De normvergoeding voor het realiseren van een gymzaal is in de modelverordening gebaseerd op een gymzaal van 455 m² BVO met een vrije hoogte van 5,5 meter (gebaseerd op een sportvloer van 252 m² fno). Dit maakt de (minimale) normatieve ruimtebehoefte voor bewegingsonderwijs dus 1.365 m² bvo. Echter, de netto sportvloeroppervlakte waarop de verordening is gebaseerd (21m x 12m) voldoet niet aan de KVLO 1-eisen, die uitgaan van een minimum afmeting van 22m x 14m.
Dit maakt het mogelijk modern beweegonderwijs te geven en biedt ruimte om te kunnen differentiëren binnen lesgroepen. ICSadviseurs adviseert mee te gaan met de wens vanuit het Programma van Eisen. Aanvullend adviseert ICSadviseurs de gemeente en school een vrije hoogte van 7 meter in plaats van de 5,5 meter zoals gevraagd in het PvE te overwegen. Een vrije hoogte van 7 meter maakt het sportcomplex een stuk multifunctioneler inzetbaar. Hiermee voldoet het namelijk ook aan de wedstrijdeisen van sporten zoals volleybal, badminton, korfbal en basketbal. Indien wenselijk, dan moet over de hoogte (evenals mogelijk aanvullende voorzieningen) aanvullende afspraken worden gemaakt. Als indicatie voor de terreinbehoefte wordt uitgegaan van 14.925 m² bvo exclusief sportvelden. Dit is in lijn met de indicatie die ICSadviseurs afgeeft (circa 12.200 tot 14.200 m² bvo). De terreinbehoefte moet nog verder worden uitgewerkt (o.a. voor het schoolplein en parkeren zijn minimale wettelijke normen). De school wenst een sportveld waar minimaal vier klassen gelijktijdig kunnen sporten. De toekenning van eigen sportvelden vormt maatwerk en is niet verplicht. Wel maakt de school aanspraak op een vergoeding van de huur van een sportveld voor maximaal 8 weken per jaar. Zoals eerder is het gebruik van sportvelden noodzakelijk om alle lesuren bewegingsonderwijs te kunnen geven.
ICS adviseert de omvang van de huidige sportvelden te behouden. Functionele analyse De ruimtelijke invulling op basis van visie, huisvestingsdoelen, onderwijsontwikkelingen en de gewenste uitstraling valt onder de ontwerp- en indelingsvrijheid die een school heeft binnen de ruimtelijke en financiële kaders. De school heeft een inspanningsverplichting een zo passend mogelijke school te ontwerpen. De functionele indeling is in basis geen gemeentelijke verantwoordelijkheid, maar ICSadviseurs is wel een aantal dingen opgevallen. De theorie- en praktijklokalen lijken namelijk aan de krappe kant voor het beoogd aantal leerlingen. Omdat het PvE is opgesteld voor nieuwbouw, moet deze voldoen aan de Arbo catalogus VO. In de ruimtestaat theorielokalen van 54 m² fno opgenomen voor 32 leerlingen. Conform de Arbo catalogus moet een lesruimte minimaal 2 m² fno lesruimte per leerling en 3,5 m² fno lesruimte voor de docent bieden. Zodoende zou een theorielokaal van 54 m2 fno zou volgens de Arbo catalogus VO ruimte bieden aan 25 leerlingen. Met deze omvang zijn de lokalen voornamelijk geschikt voor frontale en klassikale instructie, en bieden deze geen ruimte voor andersoortige opstellingen. Tenzij in de praktijk van een lager leerlingenaantal wordt uitgegaan en/of de multifunctionele aula/leerplein als verlengstuk van het lokaal wordt gezien.
Dit zou dan een niet roosterbare ruimten moeten zijn. Dit kan ICS op basis van enkel het PvE niet constateren. Ook op het leerplein wordt naar mening van ICSadviseurs met een hoge bezetting gerekend á 1,5 m² fno per leerling. Dit geldt ook voor het talenplein, de open werkruimte voor leerlingen en de besloten ruimte. Verder beoordeelt ICS de omvang van de praktijklokalen NASK á 70 m² fno als te klein. In de regel is een omvang van circa 90 m² fno noodzakelijk om zo ook te kunnen voldoen aan alle veiligheidseisen (o.a. vluchten). ICSadviseurs heeft ook een snelle benchmark vergelijking gedaan met betrekking tot het aantal groepsruimten: dit lijkt overeen te 1 De KVLO is de belangenvereniging voor docenten en leerkrachten lichamelijke opvoeding, en adviseert onder andere over de omvang
voor sportvoorzieningen.
2230362/20231212 | www.icsadviseurs.nl
2/6
Memo
komen met een gemiddelde ruimtevraag. Om te gaan voldoen aan de Arbo catalogus en veiligheidseisen adviseert ICS de school om nog eens kritisch te kijken naar de verwachte bezetting en eventueel het PvE ruimtelijk te optimaliseren. Hierbij kan zij mogelijk gebruik maken de 405 m² bvo aan ruimte binnen het normatieve kader. Tot slot is gerekend met een bvo/fno factor van 1,5 om te komen tot een bruto vloeroppervlak. Dit percentage is gangbaar, maar in de ruimtestaat staat een verhouding van 1,35 (135%) opgenomen. Dit werkt verwarrend, maar uiteindelijk wordt dus wel een reëel factor (1,5) gehanteerd. Technische analyse Integrale duurzaamheidsambitie: In het PvE wordt de ambitie uitgesproken voor een Energieneutraal gebouw (ENG). Anno 2023 is Bijna Energie Neutraal (BENG) het minimum kwaliteitsniveau bij nieuwbouw. Op dit moment loopt een Europees wetgevingstraject waarbij mogelijk ENG per 2027 voor nieuwbouw verplicht gaat worden. Zodoende adviseert ICS om bij nieuwbouw uit te gaan van ENG. In de reflectie maakt ICSadviseurs geen onderscheid tussen nieuwbouw en vernieuwbouw, omdat bij vernieuwbouw in de basis dezelfde eisen worden nagestreefd. Echter, het kan in de praktijk echter voorkomen dat bepaalde ENG-eisen echt niet In het PvE wordt op pagina 15 uitgegaan van Frisse Scholen klasse A voor thermisch comfort, luchtkwaliteit, geluid en akoestiek.
Binnen het bouwbesluit is Frisse Scholen klasse B het minimaal te realiseren kwaliteitsniveau. De wens voor Frisse Scholen klasse A is dus bovenwettelijk. Tijdens de projectgroep op 4 december is dit door Esther Paridaens genuanceerd. Verderop in het document staat ook benoemd dat er van Frisse Scholen B moet worden uitgegaan, met uitzondering voor de open werkruimten op onderdeel akoestiek. Hiervoor is A gekozen omdat een goede akoestiek in grote ruimten extra belangrijk is. Dit staat, hoewel wat versnipperd, ook zo op pagina 77 en 78: geluid alle maatregelen uit klasse B toe. Toevoeging: voor het thema geluid in de open werkruimten voor projecten en het talenplan wordt klasse A gehanteerd (pagina 77). (alleen) voor de open werkruimten ten behoeve van projecten en het talenplein wordt 'Frisse Scholen klasse A' gehanteerd (verwijzend naar akoestiek). ICS adviseert mee te gaan in de wens voor een betere akoestiek conform Frisse Scholen klasse A op de grote en open werkruimten. Verder wordt Frisse Scholen klasse B gehanteerd. De ambities op het gebied van natuur inclusief bouwen, onderdeel uitmaken van de groenstructuur en zijn principes en uitgangspunten, is geen wettelijke eisen (los van de aansluiting op het bestemmingsplan, stedenbouwkundige inpassing etc.).
Functies BiNaSk TOA-ruimte: aandacht voor de eisen en voorzieningen die getroffen moeten worden voor bergruimte (kasten) waarin speciale stoffen in worden bewaard. Voor het voorbereiden van de presentaties en stoffen kan een zuurkast noodzakelijk zijn. Labruimte/Leerpleinen. Voorzieningen aan/op tafels voor leerlingen is niet gedefinieerd. Verzorging . CKV / Handvaardigheid Lokaal: voorzieningen en benodigdheden nog nader te definiëren. Afzuigfilters of afzuigpunten zijn niet beschreven. Voor verschillende snijmachines of plotters is afzuiging nodig. Dit kan centraal via de gebouwinstallatie geregeld worden of dient per machine geregeld te
2230362/20231212 | www.icsadviseurs.nl
3/6
Memo
worden. Let hierbij op afzuigdebiet van de installatie. Deze mag niet verstorend werken op de gebouw installatie. Techniek In het FPE wordt beschreven dat de wanden moeten voorzien zijn van gereedschap, apparatuur of etaleren. Voor een aanpasbare indeling van de klas zouden deze functies ook geïntegreerd kunnen worden in verrijdbare wanden. Team X Voor de leerlingen van Teamgaan worden. Er wordt niet ingegaan wat hieronder wordt verstaan of op welke wijze de aanpassing gerealiseerd wordt. Gym De inrichting van de buitenruimte is niet beschreven in het RF-PvE. Technische prestaties Voor onderhoud aan installaties en gebouwen is het belangrijk dat deze op een eenvoudige en bereikbare manier uitgevoerd kan worden, zonder het organiseren van (dure) voorzieningen. Bij de draagconstructie op het dak niet alleen uitgaan voor het plaatsen van zonnepanelen maar ook voor (lucht)behandelingsinstallatie. Aardgas gestookte installaties word uitgesloten bij de technische prestaties. Door de netbeheerders is al aangegeven dat voor de gebruikers van de grootverbruikersaansluitingen geen afname- en leveringsvermogen beschikbaar is. Dit betekent dat er naar alternatieven gekeken moet worden, zoals bijvoorbeeld het tijdelijk voorzien in energiebehoefte middels batterijcontainers. Deze oplossing is niet verkend en/of beschreven. Hemelwater kan lokaal geïnfiltreerd word.
Hierbij worden de opties grindkoffer of wadi aangehaald. Grindkoffers zijn in deze situatie geen verstandige keuze, Hierbij is de controle en de bereikbaarheid slecht. Voor het opladen van elektrische voertuigen worden laadpalen beschreven. Er worden hiervoor geen specificaties benoemd. Geadviseerd wordt om hiervoor een smart omschrijving te maken. De individuele aanpasbaarheid van de verlichting moet ook gelden voor verschillende praktijkruimtes, waarbij (video)prestaties worden gegeven. Voor de ENG-eis wordt een voorstel geschreven voor aansluiten op een eventuele stadsverwarming. Andere alternatieve die ook onderzocht zouden kunnen worden zijn: WKO-installaties, aardwarmte grondkoeling, enzovoort. Voordat er begonnen wordt met het opstellen van een materialenpaspoort zouden er afspraken moeten komen over de benodigde gegevens en hoe deze aangeleverd worden. Daarnaast dient er aandacht zijn voor de verwerk- en bewerkbaarheid. Voor de onderhoudsplanning van het gebouw en gebouwdelen moet gegevens aangeleverd worden zodat hiervan een onderhoudsplanning gemaakt kan worden. Naast de benoemde gegevens (hoeveelheid, afmeting en fabricage) dient ook aangegeven welke typeonderhoud en onderhoudscyclus hierbij horen. Wij adviseren ook gedurende het ontwikkeltraject expliciet te monitoren op basis van verwachte exploitatielasten of de school te exploiteren is voor het schoolbestuur.
Dit kan door verschillende meetmomenten in het proces in te bedden. Bij het opstellen van de exploitatiekosten overzicht dient naast ouden worden met correctiefonderhoud, esthetisch onderhoud en gepland onderhoud. Voor het opstellen van de MJOP rekening houden met de Total Cost of Ownership (TCO). Waarbij de scope van de onderhoudsbehoefte op 60 jaar ligt. Bij het in gebruik nemen van een elektronisch sluit-/toegangssysteem dient er aandacht te zijn voor de privacy van de gebruikers.
2230362/20231212 | www.icsadviseurs.nl
4/6
Memo
Samenvatting Op het gebied van onderwijscapaciteit past de ruimtelijk-functionele inhoud van het Programma van Eisen en de ruimtestaat binnen het normatieve kader en de wettelijke verplichting van de gemeente. De ruimtestaat van de school valt zelfs circa 400 m² fno lager uit dan het normatieve kader die de huidige verordening van de gemeente Goirle biedt. Bij de inhoud van het PvE plaatst ICSadviseurs haar kanttekening bij de omvang van een aantal onderwijsruimten in relatie tot de beoogde bezetting. Dat lijkt soms te krap. Echter, de inhoud hiervan is echter geen gemeentelijke verantwoordelijkheid. Het is daarom een aanbeveling aan de school om deze invulling te heroverwegen. Wellicht kan daarin ook de ruimte die het normatieve kader nog biedt ingezet worden. De eisen op het gebied van bewegingsonderwijs vallen qua capaciteit (3 gymzalen) binnen de wettelijke verplichting van de gemeente. De gevraagde afmeting á 1.650 m² bvo valt hoger uit dan de wettelijke verplichting van 1.365 m² bvo. Echter, deze omvang sluit wel aan bij de minimale eisen die KVLO aan een sportruimte stelt. Zodoende adviseert ICSadviseurs hierin mee te gaan. Ook bij de hoogte wordt in het PvE afgeweken van de verordening. De minimale vrije hoogte is conform de modelverordening 5 meter, het PvE gaat uit van 5,5 meter. KVLO adviseert minimaal 5,5 meter, zodoende gaat ICSadviseurs hierin mee.
Aanvullend daarop adviseert ICS ook een vrije hoogte van 7 meter te overwegen. Met deze hoogte is de hal een stuk flexibeler te gebruiken omdat het hiermee ook voldoet aan de wedstrijdeisen van bijvoorbeeld volleybal en badminton. Indien dit wenselijk wordt geacht, dan vraagt dit nog nadere uitwerking in overleg met bijvoorbeeld de sportverenigingen. Rond de technische vereisten zijn aandachtspunten benoemd die meegenomen kunnen worden in het vervolgproces. Dit kan enerzijds door controlevragen te stellen of genoemde aandachtspunten binnen de kaders van het project vallen en anderzijds door zaken meer expliciet te maken en op basis van onderbouwing verder te specificeren, zoals in heldere omschrijving als in financiële uitgangspunten. Er staan geen technische zaken in die de voortgang hinderen.
2230362/20231212 | www.icsadviseurs.nl
5/6
Memo
Bijlage Bijlage 1: Toelichting berekening normatieve ruimtebehoefte Allereerst is uitgegaan van een gelijk aantal leerlingen per leerjaar: Niveau
Totaal aantal leerlingen V MBO-T 480 HAV O 535 V WO 435 Totaal 1.450
Aanname aantal leerlingen per leerjaar Onderbouw Bovenbouw 1 2 3 4 5 120 120 120 120 107 107 107 107 107 73 73 73 72 72 300 300 300 299 179
6
72 72
Vervolgens is de normatieve ruimtebehoefte berekend op basis van de verordening voorziening huisvesting onderwijs gemeente Goirle. Onderwijssoort V aste voet hoofdvestiging Onderbouw Bovenbouw HA V O/V WO Bovenbouw theoretische leerweg Totaal
2230362/20231212 | www.icsadviseurs.nl
1 600 610 240 1.450
A antal vaste voet leerlingen leerlingen leerlingen
m² bvo 980 6,18 5,85 6,41
Totaal m² bvo 980 3.708 3.569 1.538 9.795
6/6