CConstaterende datGoirle
Koppel je AI →
Document · PDF

20170113_407072_01 bodem Zuidrand Goirle deelgebied van Puijenbroek-con rev00 - Anteagroup.pdf

Besluitvormend 17 mei 2022, gemeente GoirleBij agendapunt: 7: Raadsvoorstel Saneren gemeentegrond Van Puijenbroek4.155 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Inhoud

Blz.

1

Inleiding

2

2 2.1 2.2 2.3 2.4

Historisch onderzoek Bergstraat 50 Terreinbeschrijving en huidige gebruik Historische informatie Toekomstige situatie Bodemopbouw en geohydrologie

3 3 3 10 10

3

Conclusie

11

Bijlage Kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en strategieën en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek

Tekening 236126-O-1 236126-S-1 236126-S-2 236126-P-1

Overzichtstekening onderzoeksgebied Situatietekening met onderzochte gebieden en data onderzoeken Situatietekening met contouren verontreinigingen Visieplan onderzoeksgebied

blad 1 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

1

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Inleiding In opdracht van VP Grondexploitatie B.V. is door Antea Group in 2014 een historisch onderzoek uitgevoerd naar de (voormalige) activiteiten in relatie tot de bodemkwaliteit op en in de directe omgeving van projectgebied Bergstraat 50 ong. te Goirle. Aanleiding De aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging van het terrein. Doel Het historisch onderzoek heeft tot doel inzicht te krijgen in de reeds bekende bodemkwaliteitsgegevens, potentieel bodembedreigende activiteiten en potentieel bodembedreigende installaties ter plaatse van het plangebied. Op basis van het vooronderzoek kan worden bepaald of de bodemkwaliteit mogelijk belemmeringen op kan leveren voor de voorgenomen bestemming (wonen). Het vooronderzoek dient tevens als basis voor het vaststellen van het onderzoeksprogramma van het verkennend bodemonderzoek. Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het historisch onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen uit de NEN 5725 (Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, NNI, januari 2009). Met betrekking tot de kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek wordt verwezen naar de bijlage. In het kader van het vooronderzoek zijn alle mogelijke bronnen (gemeente) en archieven (hinderwet, bouw en bodemonderzoeken) geraadpleegd bij de gemeente Goirle.

Derhalve is informatie verzameld over de volgende aspecten van de locatie: - historisch gebruik - huidig gebruik - toekomstig gebruik - bodemopbouw en geohydrologie Per onderdeel zijn één of meerdere informatiebronnen geraadpleegd. De verzamelde informatie is vastgelegd per bron en weergegeven in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 is vervolgens de conclusie van het onderzoek weergegeven. Als afbakening van de onderzoekslocatie ten behoeve van het vooronderzoek is gekozen voor de te onderzoeken percelen plus de direct aangrenzende percelen tot maximaal 25 meter vanaf de grens van de onderzoekslocatie. De afstand van 25 meter is een arbitraire keus. De redenering hierachter is dat bij kleinschaligere gevallen van bodemverontreiniging de verspreiding rond de verontreinigingsbron meestal niet verder is dan 25 meter en dat de gevallen met een grootschaligere verspreiding bij het vooronderzoek op een andere wijze worden opgespoord.

blad 2 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

2

Historisch onderzoek Bergstraat 50

2.1

Terreinbeschrijving en huidige gebruik De onderzoekslocatie is gelegen aan de Bergstraat nabij huisnummer 50 in het zuid(oost)en van Goirle. Het overgrote deel van het terrein betreft weiland, bos en natuur met aan de Bergstraat het bedrijfsterrein van Textielfabriek H. van Puijenbroek B.V. (HaVeP). Het bedrijfsterrein is grotendeels bebouwd en voorzien van een verharding. De onderzoekslocatie heeft een totale oppervlakte van circa 17 hectare, waarvan circa 4,2 hectare is gebruik is van HaVeP. Op het huidige bedrijfsterrein is een biomassacentrale aanwezig die in de toekomstige ontwikkeling moet worden ingepast.

Bron: Google maps

De beschreven terreinindeling is weergegeven op bovenstaande luchtfoto.

2.2

Historische informatie Het historisch onderzoek is uitgevoerd op in de periode maart - april 2014. Medewerking vanuit de gemeente Goirle is verleend door mevrouw Ing. N.M.C. Oosterbeek - de Jong. Van het terrein van HaVeP zijn diverse bodemonderzoeksgegevens bekend. De betreffende onderzoeken worden in de volgende alinea's opgesomd. Van het overig terrein zijn bij de gemeente Goirle vrijwel geen gegevens over de bodemkwaliteit of de aanwezigheid van (voormalige) verdachte activiteiten bekend. Het betreffende terrein staat volgens de bodemkwaliteitskaart bekend als 'schoon gebied'.

blad 3 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Van het terrein direct oostelijk van het HaVeP terrein is een bodemonderzoek uit 2008 bekend: Verkennend bodemonderzoek Bergstraat 26 Goirle, Oranjewoud, kenmerk 180946, d.d. 14 mei 2008 De onderzoekslocatie betreft het Kerklaantje en achterliggend terrein. Aanleiding tot het onderzoek is eventuele verkoop van het terrein. In grond en grondwater zijn maximaal licht verhoogde concentraties gemeten. De resultaten vormen geen belemmering voor het gebruik van de locatie ten behoeve van woningbouw. Van het terrein direct (zuid)oostelijk van het HaVeP terrein, zijn een bodemonderzoek en saneringsevaluatie uit 2003 bekend: Verkennend en aanvullend milieukundig bodemonderzoek ter plaatse van de Watermolenstraat te Goirle, UDM, kenmerk 02.02.223, d.d. 6 januari 2003 De onderzoekslocatie betreft de Watermolenstraat (nabij 9). Aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen reconstructie van de riolering. Ter plaatse van het onderzoeksterrein is circa 480 m3 grond sterk verontreinigd met cadmium, koper, lood en zink. De totale omvang van de verontreiniging is niet bekend. Naar verwachting is circa 3.500 m3 grond verontreinigd (1.000 m2, dikte 1,5 m), waarvan 360 m3 sterk verontreinigd (240 m2, dikte 1,5 m). Het freatisch grondwater is licht verontreinigd met cadmium, zink, xylenen en tetrachlooretheen. Evaluatie deelsanering aan de Watermolenstraat te Goirle, UDM, kenmerk 03.02.042, d.d.

4 november 2003 Ter plaatse van geplande reconstructiewerkzaamheden in de openbare weg is de verontreinigde grond ontgraven en schone aanvulgrond toegepast (over circa 366 m3). Ter plaatse van de putwanden- en bodem zijn sterke restverontreinigingen achtergebleven. Gezien de sterke restverontreiniging zich in de ondergrond bevindt zijn er geen risico's voor het gebruik als 'infrastructuur'. Uitloging van de verontreinigde grond naar de schone aanvulgrond is daarbij wel mogelijk. Bodemonderzoeken HaVeP In de periode 1996 - 2012 zijn diverse bodemonderzoeken en saneringen uitgevoerd op het terrein van HaVeP. De relevante onderzoeken worden naar ratio van uitvoering opgesomd. Verkennend bodemonderzoek op het bedrijfsterrein aan de Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 8245-72983, d.d. april 1995 Het onderzoek is uitgevoerd in verband met de BSB-operatie (bodemsanering bedrijfsterreinen). De grond ter plaatse van een voormalige afleverzuil voor benzine en een voormalige bovengrondse stookolietank is sterk verontreinigd met minerale olie. Rondom het riooltracé is de grond sterk verontreinigd met zink en cadmium. Het grondwater nabij de afleverzuil is sterk verontreinigd met vluchtige aromaten. Nabij een voormalige drukkerij zijn in het grondwater plaatselijk sterk verhoogde concentraties aan tetrachlooretheen (per) en zink gemeten.

Nader bodemonderzoek bedrijfsterrein Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 824575031, d.d. 21 november 1996 In de grond zijn sterk verhoogde gehalten aan minerale olie, vluchtige aromaten, PAK, zink, cadmium en lood gemeten. Het grondwater bevat plaatselijk sterk verhoogde concentraties aan minerale olie, vluchtige aromaten, zink, cadmium en tetrachlooretheen (per). Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging in de grond en in het grondwater.

blad 4 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Nader bodemonderzoek ter plaatse van de Bergstraat 50 te Goirle, Fugro, kenmerk 89010029, d.d. 14 januari 2002 Ter plaatse van het voormalig afleverpunt en de voormalige ondergrondse benzinetank is in de grond een verontreiniging met minerale olie aangetroffen. Ter plaatse is ca. 285 m3 grond sterk verontreinigd. Ter plaatse van een bovengrondse HBO-tank is ca. 65 m3 grond sterk verontreinigd. Het grondwater is over ca. 2.800 m3 sterk verontreinigd met minerale olie en vluchtige aromaten. Op het (zuid)oostelijke deel van de locatie heeft rond 1930 vermoedelijk demping van een ven plaatsgevonden. De bodem bevat ter plaatse bodemvreemd materiaal, zoals puin, slakken en kolengruis tot een diepte van ca. 4,0 m -mv. Lokaal is ook verfpasta aangetroffen (traject 1,3-2 m -mv.). De bodem is tot een diepte van ca. 3,0 m -mv. dan ook verontreinigd met zware metalen. De omvang van de sterke grondverontreiniging bedraagt ca. 1.200 m3. Naar verwachting is ca. 400 m3 grondwater sterk verontreinigd met zware metalen (met name cadmium en zink). Een deel van deze verontreiniging is reeds gesaneerd, zie ook de eerder benoemde rapporten betreft Watermolenstraat van UDM. Plaatselijk zijn sterk verhoogde concentraties aan VOCL's gemeten, voortkomend uit calamiteiten die in het verleden hebben plaatsgevonden. De betreffende verontreinigingen worden middels biologische afbraak verwijderd.

Verkennend bodemonderzoek Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 3509-114855, d.d. 7 juni 2002 Aanleiding tot het onderzoek vormt voorgenomen nieuwbouw op het zuidwestelijke terreindeel van HaVeP. In grond en grondwater zijn maximaal licht verhoogde concentraties gemeten. Aanvullend nader bodemonderzoek voormalige afleverzuil Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 3509-114854, d.d. september 2003 Totaal is ca. 150 m3 grond sterk verontreinigd met minerale olie en vluchtige aromaten. De omvang van de sterke verontreiniging met vluchtige aromaten in het grondwater bedraagt ca. 2.750 m3. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging in de grond en in het grondwater. Calamiteit Bergstraat 50 (HaVeP) te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 2587-168065, d.d. 30 oktober 2006 Nabij de inrit vanaf de Bergstraat heeft in september 2006 een calamiteit met een lekgeraakte dieselolietank plaatsgevonden. Totaal is 38 m3 verontreinigde grond gesaneerd. De verontreiniging is in zijn geheel verwijderd. Evaluatierapport grond- en grondwatersanering vml. afleverzuil bedrijfsterrein Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 4910-147975, d.d. 8 augustus 2007 Tijdens de sanering is totaal 1.239,52 ton met oliecomponenten en vluchtige aromaten verontreinigde grond ontgraven en afgevoerd. De grondsanering wordt als afgerond beschouwd (gesaneerd tot <T).

Totaal is 29.000 m3 grondwater onttrokken. In het diepere grondwater zijn na afloop van de saneringswerkzaamheden nog marginale verhogingen aan benzeen gemeten. De grondwatersanering wordt hiermee als afgerond beschouwd.

blad 5 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Rapportage grondwatermonitoring vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 180942, d.d. 6 juni 2008 De in eerder onderzoek aangetoonde sterke verhoogde concentraties zijn niet meer aangetoond. Plaatselijk zijn in het grondwater marginale overschrijdingen van de tussenwaarde voor tetrachlooretheen (per) en vinylchloride gemeten. Verder zijn maximaal licht verhoogde concentraties aan per, cis-1,2-dichlooretheen en vinylchloride gemeten. Aangezien cis-1,2-dichlooretheen en vinylchloride afbraakproducten van per zijn, duidt het erop dat biologische afbraak van gechloreerde ethenen plaatsvindt. Actualisatie bodemonderzoek deellocaties G en V Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 180942, d.d. 12 december 2008 Het onderzoek is erop gericht om te bepalen of verontreiniging aangetoond in 2002, zich sinds die periode hebben verspreidt. Ter plaatse van het meest oostelijke terreindeel van het terrein van HaVeP zijn sterk verhoogde gehalten aan zware metalen in het grondwater aangetoond. Oorzaak en omvang van de grondwaterverontreiniging zijn niet bekend. De verontreiniging is vermoedelijk groter dan de eerdere verwachting van 400 m3. Een verontreiniging met minerale olie in de bovengrond ter plaatse van (voormalige) bovengrondse HBO-tanks heeft zich niet verspreid tot in het grondwater.

Verkennend en nader bodemonderzoek Bergstraat 50 (gedeeltelijk) te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 236126, d.d. 3 december 2010 In de grond ter plaatse van de voormalige chemicaliënopslag en het voormalige oliehok (<50 m westelijk van Watermolenstraat 94a) is een sterke verontreiniging met zink gemeten. De omvang van de sterke verontreiniging wordt geraamd op ca. 20 m3. Derhalve is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. In de grond en in het grondwater zijn verder maximaal licht verhoogde concentraties gemeten. Eindsituatie onderzoek Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 236126EIND, d.d. 31 augustus 2012 Aanleiding tot het onderzoek is de beëindiging van een aantal bedrijfsprocessen en de verplichting vanuit de regelgeving om de bodemkwaliteit ter plaatse van de Wm-plichtige activiteiten vast te leggen. Grond Centraal gesitueerd op het terrein, nabij de voormalige hotflue-processen en atros, is een geval van ernstige bodemverontreiniging met zink bekend. Over een oppervlak van ca. 480 m2 is het traject 0,1-1,1 m -mv. sterk verontreinigd met zink. Het betreft een spoedeisend geval. Binnen de contour van de sterke verontreiniging met zink bevindt zich ook een sterke verontreiniging met cadmium. De verontreiniging met cadmium heeft een omvang van minder dan 25 m3 en is conform de Wbb dan ook geen geval van ernstige bodemverontreiniging.

Beide verontreinigingen zijn ontstaan voor 1987. Nabij de woning van Watermolenstraat 94a (ter plaatse van de voormalige tanks) is in de bovengrond lokaal een matig verhoogd gehalte aan minerale olie gemeten (720 mg/kg). Tijdens voorgaand onderzoek (2001) zou op dezelfde locatie en in hetzelfde traject waar nu een matig verhoogd gehalte is gemeten, een sterk verhoogd gehalte aan minerale olie zijn gemeten (2.600 mg/kg). Gezien de sterke afname van het aangetoonde gehalte, in combinatie met de verstreken tijd (11 jaar) en het feit dat in de overige inkaderende monsters geen verhoogde gehalten zijn gemeten, is destijds vastgesteld dat de eerder aangetoonde verontreiniging afdoende in beeld is gebracht.

blad 6 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Centraal gesitueerd op het terrein, ter plaatse van een voormalige slootbodem is in voorgaand onderzoek in de grond een verontreiniging met minerale olie aangetoond. Bij het vaststellen van de eindsituatie zijn in de grond echter geen aanwijzingen voor een voormalige slootbodem waargenomen en zijn eveneens geen verhoogde gehalten aan minerale olie gemeten. Grondwater Ter plaatse van het voormalig laboratorium zijn in het grondwater matig verhoogde concentraties aan tetrachlooretheen (per) gemeten. In het grondwater nabij de woning van Watermolenstraat 94a (ter plaatse van de voormalige chemicaliënopslag en oliehok) is een sterk verhoogde concentratie aan nikkel gemeten. De sterk verhoogde concentratie aan nikkel in het grondwater wordt echter gerelateerd aan verhoogde achtergrondwaarden. Algemeen Ter plaatse van het overige deel van de verdachte deellocaties zijn maximaal licht verhoogde gehalten in de grond en/of licht verhoogde concentraties in het grondwater aangetoond. Gezien de lange en uitgebreide historie van de bedrijfslocatie van HaVeP zijn deze verhoogde gehalten in de bodem naar alle waarschijnlijkheid ontstaan voor 1987 en is geen sprake van een nieuwe verontreiniging. Hieruit volgt dat het zorgplichtbeginsel (artikel 13 Wet bodembescherming) niet van toepassing is.

In Noord-Brabant worden regelmatig verhoogde waarden voor zware metalen in het grondwater aangetroffen zonder direct aanwijsbare bron (verhoogde achtergrondgehalten). Dergelijke verhoogde achtergrondgehalten hebben een diffuus verspreidingsbeeld en kunnen sterk in tijd en ruimte variëren. Verhoogde concentraties aan zware metalen (met name nikkel, koper, zink en arseen) in het grondwater zijn in dergelijke gevallen als van nature verhoogde achtergrondwaarden te beschouwen. Lokaal zijn op het terrein van HaVeP (met name in de bovengrond) bodemvreemde bestanddelen aanwezig (o.a. puin en baksteen). Op het (zuid)oostelijke deel van de locatie heeft rond 1930 vermoedelijk demping van een ven plaatsgevonden. De bodem bevat ter plaatse bodemvreemd materiaal, zoals puin, slakken en kolengruis tot een diepte van ca. 4,0 m -mv. Lokaal is ook verfpasta aangetroffen (traject 1,3-2 m -mv.). Interpretatie bevindingen voorgaande onderzoeken De verontreiniging met minerale olie nabij de woning van Watermolenstraat 94a (ter plaatse van de voormalige tanks) is in het eindsituatieonderzoek niet correct beschreven. Bij het vaststellen van de eindsituatie blijkt een ander terrein te zijn onderzocht dan in voorgaand onderzoek. De bovengrond bevat derhalve nog sterke verontreinigingen met minerale olie. Naar verwachting heeft de sterke verontreiniging een omvang van ca. 65 m3.

De voormalige slootbodem, welke bij het vaststellen van de eindsituatie niet meer is waargenomen is waarschijnlijk nog wel aanwezig. Ter plaatse is naar verwachting circa 20 à 50 m3 grond verontreinigd met minerale olie. In de bodem zijn bijmengingen met puin aangetroffen. Puinhoudende lagen zijn in principe asbestverdacht. Aangezien de demping van het ven in een periode heeft plaatsgevonden, waarin asbest veelal werd toegepast valt niet uit te sluiten dat hierbij asbest is toegepast.

blad 7 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Resumé Bij de inrit vanaf de Bergstraat is ter plaatse van een (voormalige) tankinstallatie met afleverzuil in 2006 een sterke bodemverontreiniging (grond en grondwater) met minerale olie en vluchtige aromaten gesaneerd. Ter plaatse van de voormalige tanks (nabij de woning van Watermolenstraat 94a) is de bovengrond over ca. 65 m3 sterk verontreinigd met minerale olie. Ter plaatse van de voormalige slootbodem is naar verwachting circa 20 à 50 m3 grond verontreinigd met minerale olie. Centraal gesitueerd op het terrein, nabij de voormalige hotflue-processen en atros, is een geval van ernstige bodemverontreiniging met zink in de bovengrond bekend (ca. 500 m3 grond >I). Het betreft een spoedeisend geval. Binnen de contour van de sterke verontreiniging met zink bevindt zich ook een sterke verontreiniging met cadmium. Ter plaatse van het zuidoostelijke deel van locatie is, als gevolg van de dempingen, sprake van sterke verontreinigingen met zink en cadmium in de grond en het grondwater. De omvang van de sterke grondverontreiniging bedraagt ca. 1.200 m3. Naar verwachting is minimaal 400 m3 grondwater sterk verontreinigd met zware metalen (met name cadmium en zink). In de bodem zijn, met name ter plaatse van het gedempte ven, bijmengingen met puin aangetroffen. Puinhoudende lagen zijn in principe asbestverdacht.

Aangezien de demping van het ven in een periode heeft plaatsgevonden, waarin asbest veelal werd toegepast valt niet uit te sluiten dat hierbij asbest is toegepast. Ter plaatse van het gehele bedrijfsterrein worden overwegend licht verhoogde concentraties aan VOCl's in het grondwater aangetoond. Door de jaren heen zijn lokaal hogere concentraties aangetoond, die bij vervolgonderzoek niet zijn gereproduceerd. Vermoed wordt dat sprake is van zeer plaatselijke puntbronnen met VOCl's, veroorzaakt door calamiteiten in het verleden. Door natuurlijke verspreiding in het grondwater is sprake van een diffuse lichte verontreiniging in het grondwater. De betreffende verontreinigingen nemen af als gevolg van biologische afbraak. In het eindsituatieonderzoek uit 2012 zijn geen sterk verhoogde concentraties (>interventiewaarde) meer aangetoond. Bij ongewijzigd gebruik van de locatie vormen de resultaten geen directe belemmering door dit gebruik. Bij functiewijziging en/of nieuwbouwplannen dienen de risico's opnieuw te worden beoordeeld, waarbij een nader onderzoek naar de omvang van enkele van de verontreinigingen niet kan worden uitgesloten. BodemLoket Op het Bodemloket worden alle uitgevoerde bodemonderzoeken en saneringen in Nederland in kaart gebracht. Ook laat het Bodemloket zien waar mogelijk bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden.

Mogelijk dient op deze locaties in de toekomst nog bodemonderzoek plaats te vinden, als de aard van de activiteit daar aanleiding toe geeft. Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn op het Bodemloket enkele onderzochte en gesaneerde locaties geregistreerd. De betreffende locaties bevinden zich op het terrein van HaVeP en zijn in de beschreven onderzoeksgegevens reeds benoemd. Buiten het terrein van HaVeP staan op twee adressen verdachte activiteiten geregistreerd; - Bergstraat 4: was- en strijkinrichting en opslag van aldehyden, ethers, esters of ketonen; - Bergstraat 32: benzine-service-station en smederij.

blad 8 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Overzichtstekening met verdachte activiteiten en uitgevoerde onderzoeken BodemLoket Bergstraat 26-32

Bergstraat 4

Watermolenstraat 9

Bergstraat 50

Historische situatie onderzoeksterrein Uit topografisch kaartmateriaal van de vorige eeuw (WatWasWaar) blijkt dat de watergang de Ley ter plaatse van de onderzoekslocatie tot begin jaren vijftig van de vorige eeuw een andere ligging heeft bewandeld dan de wijze waarop de Ley in de huidige situatie stroomt. Tot eind jaren 30 van de vorige eeuw stroomde de watergang door het huidige HaVeP terrein. Begin jaren 50 van de vorige eeuw is zuidelijk van de natuurlijke ligging een nieuwe stromingsrichting van de Ley aangelegd. In 1958 is de oorspronkelijke watergang ter plaatse van het terrein van HaVeP gedempt en sindsdien bewandelt het water de nieuwe weg (Nieuwe Ley). Een situering van de wijziging van de watergang de Ley is weergegeven in onderstaande topografische kaarten. Oorspronkelijke ligging de Ley (1938)

oorspronkelijke ligging

Oorspronkelijke met nieuwe ligging de Ley (1951)

oorspronkelijke ligging

nieuwe route

blad 9 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Nieuwe ligging de Ley (1958)

nieuwe route

2.3

Toekomstige situatie De locatie zal mogelijk worden ontwikkeld ten behoeve van de aanleg van woningen en natuur. Een visieplan is toegevoegd aan dit project.

2.4

Bodemopbouw en geohydrologie Ten aanzien van de geohydrologie kan het volgende worden vermeld: - freatische grondwaterstand: ca. 1,8 m -mv. - regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: noordoostelijk - voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: ja, de locatie wordt doorkruist door de waterloop (beek) "De Nieuwe Leij". - ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee

blad 10 van 11

Milieu

ow4

projectnr. 236126 december 2014, revisie 00

3

VP Grondexploitatie B.V. Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle

Conclusie Bij de inrit vanaf de Bergstraat is ter plaatse van een (voormalige) tankinstallatie met afleverzuil in 2006 een sterke bodemverontreiniging (grond en grondwater) met minerale olie en vluchtige aromaten gesaneerd. Ter plaatse van de voormalige tanks (nabij de woning van Watermolenstraat 94a) is de bovengrond over ca. 65 m3 sterk verontreinigd met minerale olie. Ter plaatse van de voormalige slootbodem is naar verwachting circa 20 à 50 m3 grond verontreinigd met minerale olie. Centraal gesitueerd op het terrein, nabij de voormalige hotflue-processen en atros, is een geval van ernstige bodemverontreiniging met zink in de bovengrond bekend (ca. 500 m3 grond >I). Het betreft een spoedeisend geval. Binnen de contour van de sterke verontreiniging met zink bevindt zich ook een sterke verontreiniging met cadmium. Ter plaatse van het zuidoostelijke deel van locatie is, als gevolg van de dempingen, sprake van sterke verontreinigingen met zink en cadmium in de grond en het grondwater. De omvang van de sterke grondverontreiniging bedraagt ca. 1.200 m3. Naar verwachting is minimaal 400 m3 grondwater sterk verontreinigd met zware metalen (met name cadmium en zink). Ter plaatse van het gehele bedrijfsterrein worden overwegend licht verhoogde concentraties aan VOCl's in het grondwater aangetoond.

Door de jaren heen zijn lokaal hogere concentraties aangetoond, die bij vervolgonderzoek niet zijn gereproduceerd. Vermoed wordt dat sprake is van zeer plaatselijke puntbronnen met VOCl's, veroorzaakt door calamiteiten in het verleden. Door natuurlijke verspreiding in het grondwater is sprake van een diffuse lichte verontreiniging in het grondwater. De betreffende verontreinigingen zullen afnemen als gevolg van biologische afbraak. In het eindsituatieonderzoek uit 2012 zijn geen sterk verhoogde concentraties (>interventiewaarde) meer aangetoond. Tot eind jaren 30 van de vorige eeuw stroomde watergang de Ley door het huidige HaVeP terrein. In 1958 is de oorspronkelijke watergang ter plaatse van het terrein van HaVeP gedempt en sindsdien bewandelt het water een nieuwe weg (Nieuwe Ley). In de bodem zijn bijmengingen met puin aangetroffen. Puinhoudende lagen zijn in principe asbestverdacht. Aangezien de demping van het ven in een periode heeft plaatsgevonden, waarin asbest veelal werd toegepast valt niet uit te sluiten dat hierbij asbest is toegepast. Uitgezonderd het terrein van HaVeP geeft het historisch onderzoek geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van (voormalige) bodembedreigende activiteiten op het onderzoeksterrein. De historische activiteiten en beëindigde bedrijfsactiviteiten zijn voldoende onderzocht.

Ten aanzien van woningbouw dient te worden gekeken naar de algehele bodemkwaliteit. Voornoemde conclusies zijn gebaseerd op het vooronderzoek en de zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten van voorgaande onderzoeken. Antea Group Oosterhout, december 2014

blad 11 van 11

Milieu

ow4

Bijlage: Kwaliteitsaspecten van het onderzoek, de toegepaste methoden en strategieën en betrouwbaarheid/garanties Betrouwbaarheid/garanties Bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van al dan niet verdachte bodemlagen. Hoewel Antea Nederland B.V. conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving handelt, is het juist deze steekproefsgewijze benadering die het onmogelijk maakt garanties ten aanzien van de verontreinigingssituatie af te geven op basis van de resultaten van een bodemonderzoek. Het vorenstaande betekent dat Antea Group op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group. In dit kader kan ook worden opgemerkt dat de voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Certificatie/accreditatie Antea Group is gecertificeerd volgens NEN-ISO 9001. Ons bureau is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodemonderzoek (VKB).

De naleving van de kwaliteitseisen en -procedures wordt periodiek getoetst door interne auditors en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie. De onderzochte locatie is niet in eigendom van Antea Group of gerelateerde zusterbedrijven.

TEKENINGEN

262491-O-1

Overzichtstekening onderzoeksgebied

Onderzoekslocatie

114854

180942 (HBO-tank BG)

236126 (VO)

180942 (oostelijk terreindeel)

236126. deellocaties eindsituatie onderzoek

147975. Grond: minerale olie + BTEX (ontgravingscontour) Grond: minerale olie (>I)

Grond: zink (>I)

Grond: zink (>I)

Minerale olie (>2,0 m -mv.)

Grond: zware metalen + PAK

Grondwater: zink + cadmium

236126-P-1 Visieplan locatie met bekende verontreinigingscontouren Contouren huidige bebouwing

Verontreiniging minerale olie

Verontreiniging zware metalen Bedrijfsterrein HaVeP

Ontwikkelingsgebied fase 1

Figuur 1: Ontwikkelingsgebied fase 1 en bedrijfsterrein HaVeP (bron: Googlemaps)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.goirle.nl/api/v1/meetings/1302/documents/23065