CConstaterende datGoirle
Koppel je AI →
Document · PDF

14. Ontwerp CPO Riel Planregels.pdf

Raadsvergadering 24 juni 2025, gemeente GoirleBij agendapunt: 7: Raadsvoorstel Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan CPO Riel AANGENOMEN6.013 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels Plan: Status: Plantype: IMRO-idn:

CPO Riel (Riel) ontwerp bestemmingsplan NL.IMRO.0785.BP2023004Co

els 1 Inleidende regels el 1 Begrippen el 2 Wijze van meten 2 Bestemmingsregels el 3 Groen el 4 Verkeer - Verblijfsgebied el 5 Wonen 3 Algemene regels el 6 Anti-dubbeltelregel el 7 Algemene bouwregels el 8 Algemene gebruiksregels el 9 Algemene afwijkingsregels el 10 Overige regels 4 Overgangs- en slotregels el 11 Overgangsrecht el 12 Slotregel

dstuk 1 Inleidende regels 1 Begrippen mingsplan CPO Riel (Riel) met identificatienummer NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01 van de gemeente Goirle.

mmingsplan: risch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

uiding: trisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwe en.

uidingsgrens: an een aanduiding indien het een vlak betreft.

uis verbonden bedrijf: n van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke -geheel of overwegend door middel van handwerk uit te oefenen- bedrijvigheid dat door tenminste één be en/of een bijbehorend bijgebouw wordt uitgeoefend, waarvan de aard, omvang en uitstraling zodanig zijn, dat de activiteit in de woning of de daarbij behorende n past, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie, in ruimtelijke en visuele zin blijft behouden, en de activiteit ter plaatse kan worden uitgeoefend, waaron erkoop als ondergeschikte activiteit in verband met de aan huis verbonden bedrijfsactiviteit behoort, met dien verstande dat de activiteit niet vergunningplichtig i de Wet milieubeheer en is vermeld in categorie A van de Staat van bedrijfsactiviteiten (bijlage bij deze regels) of voor wat betreft de aard en omvang in relatie to r die de bedrijfsactiviteit veroorzaakt, gelijk gesteld kan worden met een bedrijf dat behoort tot één van deze categorieën.

uis verbonden beroep: op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, ontwerptechnisch, kunstzinnig of hiermee te vergelijken gebied, niet zijnde detailhandel, dat door tenminst an een woning in die woning en/of een bijbehorend bijgebouw wordt uitgeoefend, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie blijft behouden, en de desbetr oefening een ruimtelijke en visuele uitstraling heeft die in overeenstemming is met de woonfunctie.

kelijke woonruimte: lte van een) bijgebouw, dat qua ligging een ruimtelijke eenheid vormt met de (bedrijfs)woning, waarbij dit bijgebouw hoort, en waarin een gedeelte van de huish nt van mantelzorg is gehuisvest.

werkt bouwterrein: elde hoogte van gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, omringende grond.

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

1/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

r werk: geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheid.

eologisch onderzoek: verricht door of namens een dienst of instelling, dat voldoet aan de meest actuele versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), met als resulta van een archeologische rapportage zoals bedoeld in de Monumentenwet 1988.

eologische waarde: gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden.

ouwing: r gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

ane grond: ag van een gebouw, die rechtstreeks ontsloten wordt vanaf het straatniveau danwel waarvan de bovenkant van de vloer maximaal 1,50 meter boven meetnivea nder een begane grondlaag wordt eveneens een souterrain verstaan.

aande situatie (bebouwing en gebruik): ale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, dan wel bouwwerken zoals deze mogen worde ouwd krachtens een vóór dat tijdstip aangevraagde vergunning; gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan.

emmingsgrens: an een bestemmingsvlak.

emmingsvlak: trisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

oegd gezag: ezag zoals bedoeld in de Wabo.

ebouw: niet vrijstaand gebouw, dat in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw.

wen: et geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

wgrens: an een bouwvlak.

wlaag: het peil gelegen en doorlopend gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of bij benadering gelijke bouwhoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, z n de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder.

wperceel: ngesloten stuk grond, waarop, ingevolge deze regels, een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

wperceelgrens: an een bouwperceel.

wvlak: trisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.

wwerk: undige constructie van enige omvang van hout, steen of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect en duurzaam met de grond is verbonden, hetzij direct of in of op de grond.

ort: grond staande overkapping van één bouwlaag bij een bestaande woning of een bestaand woongebouw, die bedoeld is als een overdekte stallingsruimte voor uto's, die geen eigen wanden of deuren heeft en waarvan de begrenzing wordt gevormd door de woning of daarbij behorende bijgebouwen en/of ondersteuning g, die niet wordt aangemerkt als gebouw.

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

2/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

ilhandel: matig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen of huren voor ge aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, niet zijnde een supermarkt.

danig aangegeven gebied.

ortbedrijf: ke persoon, groep van personen of rechtspersoon, die bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt, die op een andere plaats mte wordt uitgeoefend (escortservices, bemiddelingsbureaus, overige).

ouw: erk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

ruiken: en, doen en laten gebruiken.

envoorzieningen: van voorzieningen en activiteiten ten behoeve van groenaanleg, waaronder in ieder geval moeten worden verstaan parken, met bijbehorende voorzieningen, z en, waterpartijen, waterberging, watergangen en sloten, speelplaatsen, speel- en trapveldjes waaronder Cruijf-courts, bruggen en andere kunstwerken, straatm alsmede voorzieningen ter ondersteuning van de verkeersregulering en de verkeersveiligheid.

fdgebouw: r panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer p n op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

houden: groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan; bedrijfsmatige kamerverh niet begrepen.

telzorg: van zorg aan een ieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband.

voorzieningen: gen ten behoeve van de telecommunicatie en de gas-, warmtedistributie-, water- en elektriciteitsdistributie, alsmede soortgelijke voorzieningen van openbaar nu in ieder geval worden begrepen duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, openbare sanitaire voorzieningen, transformatiehuisjes, gasreduceerstation sjes, waterhuishoudkundige voorzieningen, (collectieve) energievoorzieningen (onder andere warmte- en koudeopslag), telefooncellen, abri's, apparatuur voor nicatie, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling, en dergelijke.

ergeschikte bouwdelen: van beperkte afmetingen, die buiten de hoofdmassa van het gebouw uitsteken zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorste n vlaggenmasten, windvanen, wolfseinden, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons, balkon- en terrashekken, en dergelijke, dakkapellen, andere onderge wen, liftschachten, en overige overstekende ondergeschikte daken.

evingsvergunning: als bedoeld in artikel 2.1 van de Wabo.

evingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden vergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo.

evingsvergunning voor het afwijken: vergunning voor het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met dit plan met toepassing van de in dit plan opgenomen regels inzake afwijking, op grond eerste lid, onder c juncto artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1, van de Wabo.

evingsvergunning voor het bouwen: vergunning voor het bouwen van een bouwwerk, op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo.

ergronds: et peil.

rig bouwwerk: undige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

3/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

stitutie: schikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.

stitutiebedrijf: ng of instelling gericht op het tegen betaling doen plaatsvinden van seksuele omgang met prostituees op een naar buiten toe kenbare wijze, zoals een bordeel jf.

sinrichting: ubliek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van rnografische aard plaatsvinden. onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een (raam)prostitutiebedrijf, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een r, een parenclub, een privéhuis of een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.

t van bedrijfsactiviteiten: age bij deze regels behorende en daarvan onderdeel uitmakende lijst van bedrijven en installaties.

oeren: en, doen uitvoeren en laten uitvoeren.

arden van wegen: ngen van een dichte deklaag in de vorm van bijvoorbeeld klinkers, asfalt of beton.

rgevel: weg gekeerde gevel van een gebouw (en het verlengde daarvan) of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel v uw (en het verlengde daarvan) die door zijn aard, functie, constructie, dan wel gelet op de uitstraling ervan, als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt.

roppervlak: ppervlakte, buitenwerks gemeten, van alle ruimten op de begane grond, de verdiepingen, de zolder en de aangebouwde bijgebouwen.

rgevelrooilijn: gs een wegzijde met een regelmatige of nagenoeg regelmatige ligging van de voorgevels van de bestaande bebouwing: de evenwijdig aan de as van de weg g ke, zoveel mogelijk aansluitend aan de ligging van de voorgevels van de bestaande bebouwing, een zoveel mogelijk gelijkmatig beloop van de rooilijn overeenk ting van de weg geeft; gs een wegzijde waarlangs geen bebouwing als onder a bedoeld aanwezig is en waarlangs mag worden gebouwd: bij een wegbreedte van ten minste 10 meter egen op 15 meter uit de as van de weg; bij een wegbreedte geringer dan 10 meter, de lijn gelegen op 10 meter uit de as van de weg.

o: ene bepalingen omgevingsrecht.

er en waterhuishoudkundige voorzieningen: rvlaktewater zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen, alsmede voorz jn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit, hier kan gedacht worden aan duikers, stuwen, gen voor) infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten, retentievoorieningen, waterbuffers en bergbezinkbassins, wadi's, alsmede kunstwerken ten behoeve van oudundige voorzieningen etc.

wettelijke regelingen: oor zover in deze regels wordt verwezen naar wettelijke regelingen dan wel verordeningen en dergelijke, dienen deze regelingen te worden gelezen zoals deze van vaststelling van het plan, tenzij anders is bepaald.

ing: lte van een) gebouw, dat bestaat uit een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van niet meer dan één afzonderlijk huishouden. staande woning: een woning, die als woning niet aan een andere woning is aange-bouwd en die zich op een zekere afstand van beide zijdelingse perceelsgren indt; e-aaneengebouwde woning: een woning, die deel uitmaakt van een blok van twee als woning aan elkaar gebouwde woningen (twee-onder-een-kap) of twee do een bijgebouw geschakelde woningen (één-aan-één), en die met één zijgevel in de zijdelingse perceelsgrens is gebouwd (elke keer nagaan of dit gewenst is) zekere afstand tot de andere zijdelingse perceelsgrens bevindt (nagaan wat de afstand moet zijn); eengebouwde woning: een woning, die deel uitmaakt van een blok van meer dan twee als woning aan elkaar gebouwde woningen en die met minimaal één zij elingse perceelsgrens is gebouwd; owoning: een woning met een geheel of gedeeltelijk omsloten binnenplaats of binnentuin, gevormd door de gevel van belendende dan wel op het eigen bouwp wezige bebouwing;

ging: ng als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid , sub a, van de Wet ruimtelijke ordening.

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

4/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

dmast: oor draadloze transmissie van telecommunicatie of andere signalen.

2 Wijze van meten regels assing van deze regels wordt als volgt gemeten:

nd van een bouwwerk tot de zijdelingse grens van het bouwperceel: zijdelingse grens van het bouwperceel en enig punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is.

elling: akvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

hoogte van een bouwwerk: eil tot aan de bovenkant van de goot, dan wel de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

hoogte van een bouwwerk: eil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen.

ontale diepte van een bouwwerk: buitenwerkse gevelvlakken van de voorgevel en de achtergevel.

d van een bouwwerk: onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

rvlakte van een bouwwerk: buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaa erk.

ale diepte van een gebouw: eil tot het laagste punt van het bouwwerk, fundering niet meegerekend.

te, breedte en diepte van een bouwwerk: buitenwerkse gevelvlakken en/of de buitenste verticale projecties van bouwdelen en/of de harten van gemeenschappelijke scheidsmuren, boven peil.

r een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang. r een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooi w.

ergeschikte bouwdelen. assing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen van beperkte afmetingen, die buiten de hoofdmassa van het gebouw chouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw- dan wel bestemmingsgrenzen niet meer dan 1 meter bedraagt. Onder ondergeschikte bouwdelen worden i aan plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, licht, antenne- en vlaggenmasten, windvanen, wolfeinden, gevel- en kroonli rs, balkons, balkon- en terrashekken, en dergelijke, dakkapellen, andere ondergeschikte dakopbouwen, liftschachten, en overige overstekende ondergeschikte

dstuk 2 Bestemmingsregels 3 Groen emmingsomschrijving roen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: ntsoenen, groenstroken en andere groenvoorzieningen; uitritten, voet- en rijwielpaden; s-, sport-, speelvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de biodiversiteit; men en bermsloten; er en waterhuishoudkundige voorzieningen; denuitlaatplaatsen en hondentoiletten; atmeubilair;

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

5/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

ergrondse voorzieningen zoals bergbezinkbassins, drinkwatervoorzieningen, (hoofd)riolering en dergelijke; ensief recreatief medegebruik.

wregels meen uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 3.1 omschreven doeleinden met inachtneming van de volgende regels: gestaan zijn: 1. gebouwen; 2. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; ergronds bouwen is uitsluitend toegestaan onder bebouwd oppervlak, tot een verticale diepte van maximaal 5 meter; itzondering op het bepaalde in sub b , is ondergronds bouwen, tot een verticale diepte van maximaal 5 meter, ook toegestaan op andere plekken dan onder be ervlak ten behoeve van nutsvoorzieningen mits de ondergrondse bouwwerken of gebouwen ten dienste staan van de opwekking en distributie van duurzame e bouwhoogte van nutsvoorzieningen mag niet meer dan 3 meter bedragen; oppervlakte aan nutsvoorzieningen mag niet meer dan 20 m² bedragen; uwen ouwen van gebouwen gelden naast het bepaalde in lid 3.2.1 de volgende regels: bouwhoogte van een gebouw mag niet meer dan 3 meter bedragen; oppervlakte aan gebouwen mag niet meer dan 20 m2 per bestemmingsvlak bedragen.

wwerken, geen gebouwen zijnde ouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden naast het bepaalde in lid 3.2.1 de volgende regels: oppervlakte aan bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 20 m² bedragen; bouwhoogte van speelvoorzieningen mag niet meer dan 5 meter bedragen; bouwhoogte van voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitlatingen en gedenktekens mag niet meer dan 10 meter bedragen; bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer dan 10 meter bedragen; bouwhoogte van voorzieningen ten behoeve van de biodiversiteit mag niet meer dan 3 meter bedragen; bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 1,5 meter bedragen.

re eisen gd gezag is bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: situering en afmeting van gebouwen, bouwwerken van algemeen nut en bouwwerken, geen gebouw zijnde ten behoeve van; 1. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. de ruimtelijke of landschappelijke inpassing; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; 5. de brandveiligheid; 6. de milieusituatie; 7. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; ken ten behoeve van nutsvoorzieningen (waaronder kabels en leidingen), verkeers- en vervoersvoorzieningen en groenvoorzieningen.

4 Verkeer - Verblijfsgebied emmingsomschrijving erkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: gen, straten, pleinen en paden met hoofdzakelijk een verblijfsfunctie; el-, groen-, nutsvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de biodiversiteit; keervoorzieningen, parkeerterreinen en andere openbare ruimten met zowel een functie voor verblijf als voor verkeer; uitritten, voet- en rijwielpaden; men en bermsloten; rwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen en gedenktekens; er en waterhuishoudkundige voorzieningen; atmeubilair.

wregels meen uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 4.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende regels: gestaan zijn: 1. gebouwen; 2. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dering van gebouwen en/of bouwwerken ten behoeve van de opslag en/of inrichting van verkoop- of tappunten voor motorbrandstoffen, daaronder begrepen LP ergronds bouwen is slechts toegestaan onder bebouwd oppervlak tot een verticale diepte van maximaal 5 meter, met uitzondering van ondergrondse voorzieni inzamelen van afval; bouwhoogte van nutsvoorzieningen mag niet meer dan 3 meter bedragen; oppervlakte aan nutsvoorzieningen mag niet meer dan 20 m² bedragen.

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

6/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

wwerken, geen gebouwen zijnde ouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden naast het bepaalde in lid 5.2.1 de volgende regels: bouwhoogte van speelvoorzieningen mag niet meer dan 5 meter bedragen; bouwhoogte van voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen en gedenktekens mag niet meer dan 10 meter bedragen; bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer dan 8 meter bedragen; bouwhoogte van voorzieningen ten behoeve van de biodiversiteit mag niet meer dan 3 meter bedragen; bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 1,5 meter bedragen.

re eisen gd gezag is bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: situering en afmeting van gebouwen, bouwwerken van algemeen nut en bouwwerken, geen gebouw zijnde ten behoeve van: 1. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. de ruimtelijke of landschappelijke inpassing; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; 5. de brandveiligheid; 6. de milieusituatie; 7. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden ken ten behoeve van nutsvoorzieningen (waaronder kabels en leidingen), verkeers- en vervoersvoorzieningen en groenvoorzieningen.

5 Wonen emmingsomschrijving ningen; en, erven en verhardingen; er en waterhuishoudkundige voorzieningen, waaronder in ieder geval wordt verstaan watergangen en andere waterpartijen, reserveringen voor infiltratievoorzie als bijvoorbeeld wadi's), retentievoorzieningen, waterbuffers en bergbezinkbassins, alsmede kunstwerken ten behoeve van waterhuishoudkundige voorzieninge keervoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de biodiversiteit; erstande dat: woning en/of daarbij behorende bijgebouwen mogen tevens worden gebruikt voor de uitoefening van een aan huis verbonden beroep, met dien verstande, dat % van het bestaande vloeroppervlak van de woning en/of bijgebouwen tot een oppervlakte van maximaal 60 m², mag worden gebruikt voor de uitoefening van e s verbonden beroep; woning en/of daarbij behorende bijgebouwen mogen tevens worden gebruikt voor de uitoefening van een aan huis verbonden bedrijf, met dien verstande, dat m % van het bestaande vloeroppervlak van de woning en/of de bijgebouwen, tot een oppervlakte van maximaal 60 m², mag worden gebruikt voor de uitoefening v s verbonden bedrijf; gebouwde bijgebouwen mogen worden gebruikt voor wonen.

wregels meen uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 5.1 omschreven bestemmingsomschrijving en met inachtneming van de volgende regels: gestaan zijn: 1. woningen; 2. daarbij behorende bijgebouwen; 3. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; en het bouwvlak mogen geen gebouwen worden gebouwd; ergronds bouwen is uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak, tot een verticale diepte van maximaal 5 meter, met uitzondering van ondergrondse voorzienin inzamelen van afval. bouwperceel mag voor niet meer dan 60% worden bebouwd. eologie n omgevingsvergunning voor het oprichten van gebouwen conform het bepaalde in 5.1 is uitsluitend toegestaan indien ter plaatse een proefsleuvenonderzoek i evoerd conform de vereisten zoals gesteld in het Programma van Eisen, zoals opgenomen in PM bij deze regels. en uit het onder a genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen of kunnen wo stoord, kan het bevoegd gezag een of meerdere van de volgende voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning: 1. De verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden. 2. De verplichting tot het doen van opgravingen. 3.

De verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologisch monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties. orens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld onder a kan het schriftelijk advies inwinnen bij een deskundige op het terrein van heologische monumentenzorg omtrent de vraag of door het verlenen van een omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan a heologische waarden, en of en zo ja welke voorwaarden dienen te worden gesteld. dgebouwen ouwen van het hoofdgebouw, zijnde de woning, gelden naast het bepaalde in lid 5.2.1 de volgende regels: hoofdgebouw zijn uitsluitend toegestaan aaneengebouwde woningen, twee-aan-een-gebouwde woningen en vrijstaande woningen; ningen zijn uitsluitend toegestaan binnen een bouwvlak;

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

7/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

nen een bouwvlak mag het aantal woningen niet meer bedragen dan zoals ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte' mag de goothoogte en de bouwhoogte van woningen niet meer bedragen dan in het bouwvlak is gegeven; plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag de bouwhoogte van woningen niet meer bedragen dan in het bouwvlak is aangegeven; woning dient met de voorgevel in of op een afstand van niet meer dan 2 meter uit het naar de weg gekeerde deel van de begrenzing van het bouwvlak te worde ouwd. bouwen ouwen van bijgebouwen gelden naast het bepaalde in lid 5.2.1 de volgende regels: ebouwen mogen niet voor (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd; ebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd binnen het bouwvlak en de aanduiding 'bijgebouwen'; ebouwen bij vrijstaande woningen dienen aan een zijde minimaal 1,5 meter uit de zijdelingse perceelsgrens te worden gebouwd en aan de ander zijde minimaa de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd; ebouwen bij twee-aaneengebouwde woningen dienen aan de niet aaneengebouwde zijde minimaal 1,5 meter uit de zijdelingse perceelsgrens te worden gebou gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen mag bij een bouwperceel kleiner dan 150 m² niet meer bedragen dan 50 m²; gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen mag bij een bouwperceel van 150 m² tot

200 m² niet meer bedragen dan 60 m²; gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen mag bij een bouwperceel van 200 m² tot 250 m² niet meer bedragen dan 68 m²; gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen mag bij een bouwperceel van 250 m² tot 500 m² niet meer bedragen dan 75 m²; gezamenlijke oppervlakte aan bijgebouwen mag bij een bouwperceel van 500 m² of meer niet meer bedragen dan 100 m²; goothoogte van bijgebouwen mag maximaal 3,65 meter bedragen; bouwhoogte van bijgebouwen mag maximaal 5 meter bedragen. orts ouwen van een carport gelden naast het bepaalde in lid 5.2.1 de volgende regels: oppervlakte van een carport mag niet meer dan 30 m² bedragen; carport dient minimaal 1 meter achter (het verlengde van) de voorgevel van de woning te worden gebouwd; ports moeten grotendeels worden opgericht naast de zijgevel van de woning; een bouwperceel mag maximaal één carport worden opgericht; bouwhoogte van een carport mag niet meer dan 3,25 meter bedragen.

wwerken, geen gebouwen zijnde ouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden naast het bepaalde in lid 5.2.1 de volgende regels: bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 meter bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóó weg gekeerde gevel niet meer dan 1 meter mag bedragen; bouwhoogte van antenne- en vlaggenmasten mag niet meer dan 6 meter bedragen; bouwhoogte van voorzieningen ten behoeve van de biodiversiteit mag niet meer dan 3 meter bedragen; bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 1,5 meter bedragen. waardelijke verplichting hemelwaterberging vingsvergunning voor het bouwen van gebouwen en bouwwerken wordt uitsluitend verleend indien: de bouwaanvraag inzichtelijk wordt gemaakt dat voorzien wordt in voldoende hemelwaterbeging. bergingsopgave van de waterberging wordt daarbij gebaseerd op 0,06 m3 per vierkante meter toekomstig verhard oppervlak.

re eisen gd gezag is bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: situering en afmeting van gebouwen, bouwwerken van algemeen nut en bouwwerken, geen gebouw zijnde ten behoeve van; 1. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. de ruimtelijke of landschappelijke inpassing; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; 5. de brandveiligheid; 6. de milieusituatie; 7. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; ken ten behoeve van nutsvoorzieningen (waaronder kabels en leidingen), verkeers- en vervoersvoorzieningen en groenvoorzieningen.

ken van de bouwregels n terreinafscheidingen gd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid r a, voor het toestaan van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevel met een bouwhoogte van maximaal 3 meter, mits past binnen het straat- en bebouwingsbeeld van de omgeving; mogelijk is uit oogpunt van een veilige verkeerssituatie. n terreinafscheidingen gd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.2.6, onder a, voor het toestaan van erf- en terreinafscheidingen met een bouwhoogte 2 meter vóór de naar de weg gekeerde gevel, mits: past binnen het straat- en bebouwingsbeeld van de omgeving;

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

8/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

mogelijk is uit het oogpunt van een veilige verkeerssituatie. bouwen voor de (het verlengde van de) voorgevel gd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.2.4, onder b, voor het toestaan van bijgebouwen vóór (het verlengde van de) de voorg past binnen het straat- en bebouwingsbeeld van de omgeving; mogelijk is vanuit het oogpunt van een verkeersveilige situatie.

fieke gebruiksregels ig gebruik bruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt in ieder geval gerekend het gebruik van vrijstaande en wde bijgebouwen als zelfstandige woning en als afhankelijke woonruimte. elwaterberging k van woningen overeenkomstig het bepaalde in 'Wonen' is uitsluitend toegestaan, voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: kwater afkomstig van gebouwen en bijhorende bouwwerken bij gebouwen, alsmede hemelwater op verhardingen, dient op eigen terrein te worden geborgen, w en terrein een bergingsvoorziening met een minimale omvang van 0,06 m3 per 1.000 m2 dakvlak en 0,06 m3 per m2 verhard oppervlak dient te worden gerealise nd wordt gehouden.

dstuk 3 Algemene regels 6 Anti-dubbeltelregel eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling v en buiten beschouwing.

7 Algemene bouwregels schrijding van bouwgrenzen en, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen, in afwijking van het bepaalde in hoofdstuk 2 van deze regels, worden overschreden ten behoeve van tot gebouwe stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), liftkokers en -schachten, galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, erkers, entreeportalen, veranda's en afdaken, m overschrijding niet meer bedraagt dan 1 meter; bouwhoogte van erkers, entreeportalen en veranda's niet meer bedraagt dan de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het betreffende gebouw; breedte van erkers, entreeportalen en veranda's niet meer bedraagt dan 50% van de breedte van de betreffende gevel van het gebouw; afstand van deze bouwdelen tot de bestemmingsgrens minimaal 3 meter bedraagt, daar waar het bestemmingsvlak grenst aan de weg.

te tussen bouwwerken meen gse begrenzing van een bouwwerk moet ten opzichte van de zijdelingse grens van het bouwperceel zodanig zijn gelegen dat tussen dat bouwwerk en de op he nde bouwperceel aanwezige bebouwing geen tussenruimten ontstaan die: af de hoogte van het bouwperceel tot 2,20 meter daarboven minder dan 1 meter breed zijn; toegankelijk zijn. ken gd gezag kan bij het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2.1 indien voldoende mogelijkheid aanwezig is voor reiniging va van de vrij te laten ruimte.

eergelegenheid eergelegenheid fening van de bevoegdheid voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw geldt dat ten behoeve van het parkeren en/of h n de juiste mate ruimte wordt aangebracht in, op of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort, met dien verstand uiste mate van ruimte wordt bepaald op basis van de parkeernormen en berekeningsmethoden zoals opgenomen in de meest recente publicatie van 'Kencijfer verkeersgeneratie' van het CROW; n lid 7.3.1, onder a, bedoelde ruimten voor het parkeren en/of stallen van auto's moeten afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. A wordt geacht te zijn voldaan als de parkeervoorzieningen ten minste de afmetingen hebben zoals bepaald in de 'Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen bin ouwde kom 2021' (ASVV 2021); n de aanhef bedoelde parkeerruimte duurzaam in stand gehouden wordt. - en losmogelijkheden bij of in gebouwen estemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor laden en lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoen n aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort. king gd gezag kan bij het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.3.1 en/of lid 7.3.2:

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

9/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

en het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, of r zover op andere wijze in de nodige parkeer- en/of stallingsruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien.

8 Algemene gebruiksregels ig gebruik bruik, strijdig met deze bestemmingen, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, wordt in ieder geval gerekend: gebruik van gronden als stort- en /of opslagplaats van grond en / of afval, met uitzondering van een zodanig gebruik voor het normale op de bestemming geric ruik en onderhoud; gebruik van gronden als stallings- en / of opslagplaats van één of meer aan het gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen, met uitzondering van anig gebruik voor het normale op de bestemming gerichte gebruik en onderhoud; vestiging van inrichtingen als bedoeld in 2.1, derde lid, van het Besluit omgevingsrecht (inrichtingen die in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken); gebruik van gronden en bouwwerken voor (detail)handel, met uitzondering van een zodanig gebruik dat uitdrukkelijk is toegestaan in of krachtens deze regels gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens ten behoeve van prostitutie, escortbedrijf, prostitutiebedrijf en/of seksinrichting.

9 Algemene afwijkingsregels gd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de n de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, bij een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van: gebruik van een vrijstaand of aangebouwd bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits: 1. het een vrijstaand of aangebouwd bijgebouw betreft behorende bij een woning binnen een bestemming waarbinnen een permanente (bedrijfs)woning is toe 2. een dergelijke bewoning noodzakelijk is vanuit een oogpunt van mantelzorg, hetgeen blijkt uit een schriftelijke verklaring van in ieder geval de behandelend 3. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de in het geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en (agrarische) bedrijven; 4. de afhankelijke woonruimte binnen de vigerende regeling inzake bijgebouwen wordt ingepast met een maximale oppervlakte van 80 m²; 5. het bijgebouw een onlosmakelijk geheel vormt met de woning van waaruit de mantelzorg wordt verleend; 6.

het bevoegd gezag verleent bedoelde omgevingsvergunning zowel op naam van de mantelzorgverlener als de mantelzorgontvanger onder de voorwaarde binnen vier weken na beëindiging van het gebruik van het vrijstaand of aangebouwd bijgebouw als afhankelijke woonruimte ten behoeve van mantelzorg h schriftelijk melding wordt gemaakt bij het bevoegd gezag en de gebruiksmogelijkheden van het vrijstaand of aangebouwd bijgebouw binnen twaalf weken n beëindiging van het gebruik als afhankelijke woonruimte ten behoeve van mantelzorg ongedaan wordt gemaakt voor bewoning; afwijken van de voorgeschreven maten voor de goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud en afstand van bouwwerken, dan wel een voorgeschreven ouwingspercentage, eventueel met overschrijding van de bouwgrenzen binnen een bestemmingsvlak, mits de afwijking niet meer bedraagt dan 10% van de in els voorgeschreven maten; afwijken van bouwgrenzen en overige aanduidingen in het horizontale vlak op de verbeelding, niet zijnde bestemmingsgrenzen, indien en voor zover afwijking dzakelijk is uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de grond, mits de afwijking ten opzichte van hetgeen op de verbeelding is aangegeven niet meer dan 2, raagt; bouw van hogere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dan toegestaan ingevolge deze regels, met dien verstande dat de bouwhoogte van de bouwwerken, ge ouwen zijnde, mag worden vergroot tot niet meer dan

10 meter; oprichten van zend-, ontvang-, sirenemasten en masten en installaties ten behoeve van telecommunicatie, al dan niet op of aan gebouwen of andere bouwwer oppervlakte van niet meer dan 60 m² en een bouwhoogte van niet meer dan 40 meter, waarbij de mogelijkheden van gezamenlijk gebruik van deze voorzienin l mogelijk moeten worden benut; realiseren van gebouwen en bouwwerken ten behoeve van nutsvoorzieningen en/of het opwekken van duurzame energie, tot maximaal 100 m² (bruto vloeropp bouwhoogte van maximaal 3 meter; elisolatie en toestaan dat de aanduiding 'bouwvlak' wordt overschreden met maximaal 30 centimeter ten behoeve van gevelisolatie om energie te besparen.

10 Overige regels ke regelingen waarnaar in de regels wordt verwezen, worden toegepast zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan, tenzij expliciet anders is

dstuk 4 Overgangs- en slotregels 11 Overgangsrecht rgangsrecht bouwwerken n bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een gevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 11.1 onder a, een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als be 1.1, onder a, met maximaal 10%. 11.1, onder a, is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergun d met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

rgangsrecht gebruik gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 11.2, onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig zij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. en het gebruik, bedoeld in lid 11.2, onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het ve ruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

10/11

18-12-2023 14:09

CPO Riel (Riel): Regels

11.2, onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbep dat plan.

12 Slotregel s worden aangehaald als: het bestemmingsplan CPO Riel (Riel) .

https://www.ruimtelijkeplannen.nl/documents/NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01/r_NL.IMRO.0785.BP2023004Collectie-ow01.html

11/11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.goirle.nl/api/v1/meetings/1842/documents/29715