10. Verkennend en nader bodemonderzoek en nader onderzoek asbest Vonderstraat 2a en Leike te Riel 16 december 2019.pdf
Tekst van het document
In opdracht van de heer S. van Heteren, namens Van der Weegen Bouwgroep, is door Bodex Milieu B.V. in oktober-november 2019 een verkennend en nader bodemonderzoek en nader onderzoek asbest uitgevoerd ter plaatse van een perceel gelegen aan de Vonderstraat 2a/Leike (ong.) te Riel. Deze locatie staat kadastraal bekend als gemeente Goirle, sectie F, nummers 1273 en 1274 en beslaat een oppervlakte van circa 6.900 m². Het doel van het verkennend bodemonderzoek is inzicht te verkrijgen in het voorkomen van PFAS op de onderzoekslocatie. Het doel van het nader bodemonderzoek is het inzichtelijk maken van de omvang van de verontreiniging met koper (en chroom) in de grond ter plaatse van de voormalige bezinkput. Doel van het nader onderzoek asbest in deze is het vaststellen van de omvang van de verontreiniging met asbest ter plaatse van gat G08, op basis van een visuele inspectie van het maaiveld en de uitgegraven bodem, in combinatie met monsterneming en analyses van de bodem.
In onderstaande tabellen zijn de conclusies van het onderhavige bodemonderzoek weergegeven. Tabel 1:
Overschrijdingstabel grond (verkennend en nader bodemonderzoek)
Monstercode
Traject [m-mv]
Zintuiglijke waarnemingen
> AW (index)
> I (index)
Bbk (indicatief)
Verkennend bodemonderzoek (VED-HE) MM101-PFAS
0,00 - 0,70
sporen baksteen/puin
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM102-PFAS
0,90 - 2,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM103-PFAS
0,00 - 1,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
WO
MM104-PFAS
1,00 - 2,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM105-PFAS
0,04 - 1,10
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM106-PFAS
0,90 - 2,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
Nader bodemonderzoek koper (en chroom) M122-3
1,00 - 1,50
geen
-
-
AW
M121-4
1,10 - 1,50
geen
chroom (0,15)
-
IND
M123-3
1,00 - 1,50
sporen puin
chroom (0,12) en koper (0,05)
-
IND
M112A-1
0,04 - 0,50
geen
-
-
AW
M112A-2
0,50 - 1,00
geen
-
-
AW
M114A-1
0,04 - 0,50
geen
-
-
AW
M114A-2
0,50 - 0,60
zwak baksteenhoudend
-
-
AW
M114A-3
0,60 - 1,00
geen
-
-
AW
Gradatie: zwak matig sterk uiterst volledig
(bij puin <5%) (bij puin 5-15%) (bij puin 15-50%) (bij puin 50-80%) (bij puin >80%)
Overschrijdingen: > AW boven achtergrondwaarde >I boven interventiewaarde index berekende factor overschrijding ten opzichte van I niet aangetoond
Bodemkwaliteitsklasse (Bbk): AW voldoet aan kwaliteitsklasse AW (bodemfunctie landbouw/natuur) WO voldoet aan kwaliteitsklasse en bodemfunctie wonen IND voldoet aan kwaliteitsklasse en bodemfunctie industrie NT voldoet niet aan hergebruiksnorm Besluit bodemkwaliteit, mogelijk sterk verontreinigde grond
Tabel 2:
Totaal gewogen asbestconcentraties (nader onderzoek asbest)
Herkomst [m-mv]
Monstercode grondmonster
Asbestconcentratie < 20 mm [gewogen mg/kg d.s.]
Monstercode materiaalverzamelmonster
Asbestconcentratie > 20 mm [gewogen mg/kg d.s.]
Totaal gewogen asbestconcentratie [mg/kg d.s.]
S101 (0,00 - 1,10)
MA101
0
MVM101
1.812,52
1.812,52
S102 (0,00 - 0,70)
MA102
0
n.v.t.
n.v.t.
0
S103 (0,00 - 0,90)
MA103
0
MVM103
748,78
748,78
S104 (0,00 - 0,50)
MA104
0
MVM104
0,66
0,66
S105 (0,00 - 0,90)
MA105
1,70
MVM105
33,29
34,99
S106 (0,00 - 1,10)
MA106
0
n.v.t.
n.v.t.
0
Verkennend bodemonderzoek (PFAS) Op basis van de analyseresultaten kan geconcludeerd worden dat in grondmengmonsters MM101-PFAS, MM102-PFAS, MM104-PFAS, MM105-PFAS en MM106-PFAS geen PFAS is aangetoond en (indicatief) geclassificeerd kunnen worden als altijd toepasbaar. In grondmengmonster MM103-PFAS is een licht verhoogd gehalte PFAS aangetoond en wordt (indicatief) geclassificeerd als klasse wonen. Nader bodemonderzoek Uit de analyseresultaten blijkt dat de eerder aangetroffen sterke verontreiniging met koper nu ten hoogste licht wordt aangetoond. De eerder aangetoonde sterke verontreiniging wordt niet gereproduceerd. Tevens kan geconcludeerd worden dat de interventiewaardecontour voor chroom in kaart is gebracht. Op basis van de onderzoeksgegevens is circa 600 m² grond sterk verontreinigd met chroom. De verontreiniging wordt met name aangetroffen in het bodemtraject 0-1,0 m-mv. De omvang van de sterke verontreiniging wordt ingeschat op max 600 m³. De verontreinigingscontour en dwarsdoorsneden zijn weergegeven op de situatietekening (opgenomen als bijlage 2). Opgemerkt wordt dat ter plaatse van de vermoedelijke locatie bezinkput geen sterk verhoogde waarden zijn aangetroffen. Nader onderzoek asbest De gewogen asbestconcentratie ter plaatse van sleuf S101 en sleuf S103 overschrijdt de interventiewaarde.
De gewogen asbestconcentratie ter plaatse van de overige sleuven overschrijdt de interventiewaarde niet. Formeel dient op basis van onderhavige resultaten aanvullend onderzoek te worden uitgevoerd. Tijdens de uitvoering van het onderhavige onderzoek is enkel asbest aangetoond (boven de interventiewaarde) in de grove fractie. Het is niet aannemelijk dat ten noorden en zuiden van sleuf S103 asbest wordt aangetroffen in de fijne fractie. Nader onderzoek wordt derhalve niet zinvol geacht. Daar het asbest enkel is aangetroffen in de grove fractie (zintuiglijk waarneembaar) wordt aanbevolen om tijdens de eventuele sanering ten noorden en ten zuiden van sleuf S103 extra oplettend te zijn op het voorkomen van asbest in de bodem. Bepaling spoedeisendheid chroom Daar de verontreiniging zeer waarschijnlijk is ontstaan tijdens het in werking zijn van de voormalige leerlooierij (op basis van gegevens van het digitale bodemloket circa 1918-1978) is er geen sprake van zorgplicht. Het definitieve oordeel hieromtrent is aan het bevoegd gezag.
Op basis van de sanscritberekening zijn er onaanvaardbare risico’s (toekomstig gebruik (wonen)). De locatie dient met spoed gesaneerd te worden. De sanscritberekening is opgenomen als bijlage 7. Bepaling spoedeisendheid asbest Het is onduidelijk uit welke periode het aangetroffen asbest afkomstig is. Daar het gebruik van asbest al geruime tijd niet meer is toegestaan is het waarschijnlijk dat het asbest reeds ruime tijd aanwezig is in de bodem. Derhalve is er geen sprake van zorgplicht. Het definitieve oordeel hieromtrent is aan het bevoegd gezag. De gewogen concentratie hecht gebonden asbest is groter dan 1.000 mg/kg d.s. Tijdens de uitvoering van het nader onderzoek asbest zijn geen vezels < 0,5 mm aangetoond. Op basis van de locatiespecifieke risicobeoordeling (stap 3) is er derhalve geen sprake van een onaanvaardbaar risico. Op basis hiervan hoeft er niet met spoed gesaneerd te worden. Opgemerkt dient te worden dat tijdens de uitvoering van het verkennend onderzoek wel vezels < 0,5 mm zijn aangetoond. Tijdens de uitvoering van het nader onderzoek zijn deze niet meer aangetroffen en is een zogenaamde SEM-analyse derhalve niet meer mogelijk. Gezien de grotere onderzoeksinspanning van het nader onderzoek asbest ten opzichte van het verkennend onderzoek asbest is het zeer waarschijnlijk dat de gewogen concentratie (< 0,5 mm) derhalve < 10 mg/kg d.s. bedraagt.
Gezien het toekomstig gebruik van de locatie (wonen) wordt aanbevolen de verontreiniging met chroom en asbest in de bodem te saneren door middel van een BUS-melding of saneringsplan. Daar de verontreiniging met asbest gesitueerd is binnen de contour van de verontreiniging met chroom wordt aanbevolen dit gelijktijdig te doen met de sanering van de verontreiniging met chroom in de bodem.
In opdracht van de heer S. van Heteren, namens Van der Weegen Bouwgroep, is door Bodex Milieu B.V. in oktober-november 2019 een verkennend en nader bodemonderzoek en nader onderzoek asbest uitgevoerd ter plaatse van een perceel gelegen aan de Vonderstraat 2a/Leike (ong.) te Riel. Deze locatie staat kadastraal bekend als gemeente Goirle, sectie F, nummers 1273 en 1274 en beslaat een oppervlakte van circa 6.900 m². Het doel van het verkennend bodemonderzoek is inzicht te verkrijgen in het voorkomen van PFAS op de onderzoekslocatie. Het doel van het nader bodemonderzoek is het inzichtelijk maken van de omvang van de verontreiniging met koper (en chroom) in de grond ter plaatse van de voormalige bezinkput. Doel van het nader onderzoek asbest in deze is het vaststellen van de omvang van de verontreiniging met asbest ter plaatse van gat G08, op basis van een visuele inspectie van het maaiveld en de uitgegraven bodem, in combinatie met monsterneming en analyses van de bodem.
De onderzoeksopzet is gebaseerd op de NEN 5740, de NTA 5755:2010 en de NEN 5707), zoals deze zijn uitgegeven door het Nederlands Normalisatie Instituut. Bodex Milieu B.V. is een onafhankelijk bureau dat naast NEN-EN-ISO 9001, NEN-EN-ISO 14001, VCA**, CO2-prestatieladder (trede 5), is gecertificeerd conform BRL SIKB 1000 (protocol 1001, 1002 en 1003), BRL SIKB 2000 (protocol 2001, 2002, 2003 en 2018) en BRL SIKB 6000 (protocol 6001 en 6003). De in de onderhavige rapportage beschreven werkzaamheden zijn onder certificaat uitgevoerd (certificaatnummer: EC-SIK-02238, d.d. 1 juli 2018). In deze zijn protocol 20011 en 20182 van de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 20003 van toepassing. Daarnaast werkt Bodex Milieu B.V. volgens de NEN-ISO 26000:2010, hetgeen de maatschappelijke verantwoordelijkheid van onze organisatie borgt. We letten daarbij op de zeven kernthema’s te weten: milieu, arbeidsomstandigheden, mensenrechten, eerlijk zaken doen, maatschappelijke betrokkenheid & ontwikkeling, consumentenaangelegenheden en behoorlijk bestuur van de organisatie. Fase 1: vooronderzoek en terreininspectie De juiste keuze van de hypothese is bepalend voor het veldwerk en dient te leiden tot een zo optimaal mogelijk uitgevoerd onderzoek. De hypothese is aan de hand van de verkregen historische gegevens en een terreininspectie bepaald. ——————————————— 1
Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (versie 3.2, d.d. 12 december 2013).
2
Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem (versie 3.2, d.d. 10 maart 2016)
3
Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek (versie 5, d.d. 12 december 2013).
Fase 2a: veldwerkzaamheden (NEN 5740 en NTA 5755:2010) • het verrichten van boringen; • het classificeren en zintuiglijk beoordelen van de grond; • de monstername van grond. Fase 2b: veldwerkzaamheden (NEN 5707) • visuele inspectie van het maaiveld; • het graven van gaten of sleuven; • het zeven (20 mm) van de uitkomende grond; • het verzamelen van het asbestverdachte materiaal > 20 mm; • de monstername van materiaal < 20 mm; • de eventuele monstername van asbestverdacht materialen. Fase 3: chemische analyses De chemische analyses worden, binnen de daarvoor gestelde conserveringstermijn, conform de vigerende NEN-normen, uitgevoerd door Eurofins Analytico B.V. te Barneveld (een door het ministerie aangewezen laboratorium). Fase 4: interpretatie De resultaten van de analyses van de monsters zijn enerzijds getoetst aan de ‘Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013’ van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, zoals gepubliceerd in de Staatscourant 2013, nr. 16675, d.d. 27 juni 2013 en anderzijds aan de ‘Regeling bodemkwaliteit’ (behorende tot het Besluit bodemkwaliteit), zoals gepubliceerd in de Staatscourant 2007, nr. 247, d.d. 13 december 2007 (laatst gewijzigd Staatscourant 2015, nr. 41632, d.d. 26 november 2015).
Zoals in de betreffende protocollen wordt vereist, is tussen Bodex Milieu B.V. en haar opdrachtgever geen sprake van een relatie die de onafhankelijkheid en integriteit van Bodex Milieu B.V. zou kunnen beïnvloeden en/of haar werkzaamheden zou kunnen belemmeren. Bodex Milieu B.V. verklaart hierbij dan ook dat zij in geval van de geoffreerde werkzaamheden op geen enkele juridische, financiële, personele of andere wijze gelieerd is aan de opdrachtgever. Ondanks het zorgvuldig, conform de normen, uitgevoerde onderzoek kan de representativiteit niet worden gegarandeerd: er blijft altijd een kans aanwezig dat een op locatie aanwezige verontreiniging niet wordt gedetecteerd als gevolg van de aanwezige trefkans en de uitmiddeling bij het samenstellen van (meng)monsters. Lokale afwijkingen ten opzichte van de volgens de norm voorgeschreven steekmonsters kunnen nimmer worden uitgesloten. Het uitgevoerde onderzoek betreft een momentopname. Na uitvoering van het onderzoek kan de bodemkwaliteit door externe factoren worden beïnvloed. Naarmate de periode tussen de uitvoering van het onderzoek en het gebruik van de resultaten langer wordt, zal meer voorzichtigheid betracht moeten worden bij het gebruik van dit rapport.
Dit rapport is tot stand gekomen op basis van een overeenkomst van opdracht tussen Bodex Milieu B.V. in kwaliteit van adviseur en haar opdrachtgever, op welke rechtsverhouding exclusief de DNR 2011 voorwaarden toepasselijk zijn. Bodex Milieu B.V. is slechts in verhouding tot haar opdrachtgever verantwoording schuldig over de inhoud en wijze van totstandkoming van het rapport. Derden kunnen dan ook geen rechten ontlenen aan de inhoud van het rapport.
De keuze van de opzet van het onderzoek is onder meer afhankelijk van het huidige en het voormalige gebruik van het perceel. De locatiegegevens en het vooronderzoek staan beschreven in hoofdstuk 2. Hoofdstuk 3 bevat de beschrijving van het veldonderzoek en de resultaten van het analytisch onderzoek. De verzamelde gegevens zijn aan de hand van het toetsingskader van de Wet bodembescherming (zie hoofdstuk 4) getoetst in hoofdstuk 5. Op basis van de verzamelde onderzoeksresultaten is de chemische bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie beoordeeld. Deze beoordeling is ondergebracht in hoofdstuk 6 (conclusies). Daarnaast worden op basis van de onderzoeksresultaten aanbevelingen gedaan met betrekking tot eventueel te nemen vervolgstappen.
Kadastrale aanduiding Eigenaar Bebouwing Maaiveldtype Ligging Omgeving Oppervlakte onderzoekslocatie Topografische veldcoördinaten
: gemeente Goirle, sectie F, nummers 1273 en 1274 : perceel 1273: De heer J.R.C.M. van den Corput : perceel 1274: Gemeente Goirle : perceel 1273: bebouwing uit 1967 aanwezig : perceel 1274: onbebouwd (kinderspeelplaats) : diverse verhardingen : oostzijde Riel : noordelijk/westelijk: bebouwde kom Riel : oostelijk: riviertje de Ley : circa 6.900 m² : X 129.988 : Y 392.847
De ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven op de regionale overzichtskaart en de situatietekening, welke zijn opgenomen als bijlage 1 en bijlage 2.
Recentelijk is door Bodex Milieu B.V. een verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest (grond) (kenmerk: BM.0119040/VBO/msc.01, d.d. 15 augustus 2019) uitgevoerd. Onderdeel hiervan was een vooronderzoek conform NEN 5725. Voor het complete vooronderzoek wordt verwezen naar het verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest (grond). De resultaten van het verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest (grond) zijn hieronder samengevat. Uit de rapportage blijkt ondermeer dat: • Ter plaatse van de onderzoekslocatie is de sterke verontreiniging met chroom geactualiseerd. Op basis van de analyseresultaten wordt de totale omvang van deze grondverontreiniging met gehalten boven de interventiewaarde ingeschat op circa 750 m³ (circa 750 m² x gem. 1,0 m¹). De verontreiniging betreft zowel chroom 3+ als chroom6+. Aanbevolen wordt onderhavige verontreiniging met chroom te saneren. • Op onderhavige onderzoekslocatie is tevens een sterke verontreiniging met koper ter plaatse van de voormalige bezinkput gesitueerd. De omvang van deze verontreiniging is vooralsnog niet in kaart gebracht. De verontreiniging is aangetoond in de bodemlaag 1,00-1,50 m-mv en dient in verticale en horizontale richting nader in kaart gebracht te worden. Aanbevolen wordt de omvang van de verontreiniging met koper nader te bepalen.
• Ter plaatse van gat G08 is asbest aangetroffen in een concentratie boven de interventiewaarde. De omvang van de verontreiniging is niet in kaart gebracht. Aannemelijk is dat de sterke verontreiniging met asbest enkel aanwezig is ter plaatse van gat G08. Opgemerkt wordt dat uit de analyseresultaten blijkt dat tevens losse vezels kleiner dan 0,5 mm zijn aangetoond. Ter plaatse is zeer dichte begroeiing gesitueerd (bomen, struiken, etc.), deze zijn niet handmatig te verwijderen ten behoeve van de maaiveldinspectie.
Tevens dient opgemerkt te worden dat de bodemkwaliteit m.b.t. tot PFAS niet bepaald is. Indien grond van de onderzoekslocatie afgevoerd dient te worden dient de kwaliteit hiervan bekend te zijn.
De onderzoeksopzet voor het nader bodemonderzoek wordt afgeleid van de NTA 5755:2010. Hierin wordt de te hanteren onderzoeksstrategie bepaald aan de hand van een op de onderzoekslocatie toegespitst conceptueel model. - is de ontstaansbron van de verontreiniging met koper (en chroom) bekend? o Ter plaatse is een voormalige bezinkput gesitueerd geweest. - is de verontreiniging ontstaan vóór 1 januari 1987? o Ja - wat is de horizontale en verticale verspreiding? o Deze is onbekend. De horizontale en verticale verspreiding dient middels een nader bodemonderzoek (middels aanvullende boringen en analyses) in kaart gebracht te worden.
Conform de NEN 5707-,de NEN 5740- en de NTA 5755 richtlijnen dient, voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek, op basis van de verkregen informatie, een hypothese te worden opgesteld. Het betreft een veronderstelling inzake het al dan niet aanwezig zijn van bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie. De toegepaste onderzoeksstrategieën zijn weergegeven in tabel 3 en tabel 4. Tabel 3:
Onderzoeksstrategie verkennend bodemonderzoek (PFAS) en nader onderzoek locatie vermoedelijke bezinkput
Oppervlakte locatie [m²]
Aantal boringen tot circa 2,0 m-mv
Aantal te analyseren (meng)monsters bovengrond
ondergrond
19
3x PFAS
3x PFAS
5
-
Verkennend bodemonderzoek (VED-HE) Circa 6.900 Nader bodemonderzoek koper (en chroom) -
7x koper+chroom 1x chroom3+/chroom6+
Analysepakket: PFAS perfluorbutaanzuur (PFBA), perfluorbutaansulfonaat (PFBS), perfluorpentaanzuur (PFPeA), perfluorpentaansulfonaat (PFPeS), perfluorhexaanzuur (PFHxA), perfluorhexaansulfonaat (PFHxS), perfluorheptaanzuur (PFHpA), perfluorheptaansulfonaat (PFHpS), perfluoroctaanzuur (PFOA), perfluoroctaansulfonaat (PFOS), perfluornonaanzuur (PFNA), perfluordecaanzuur (PFDA), perfluordecaansulfonaat (PFDS), perfluorundecaanzuur (PFUnDA), perfluordodecaanzuur (PFDoDA), perfluortridecaanzuur (PFTrDA), perfluortetradecaanzuur (PFTeDA), perfluorhexadecaanzuur (PFHxDA), perfluoroctadecaanzuur (PFODA), perfluoroctaansulfonylamide(N-ethyl)acetaat, N-methylperfluoroctaansulfonamide (MeFOSA), N-methylperfluoroctaansulfonamide acetaat, perfluoroctaansulfonamide (FOSA), 10:2 fluortelomeer sulfonzuur (10:2 FTS), 4:2 fluortelomeer sulfonzuur (4:2 FTS), 6:2 fluortelomeer sulfonzuur (6:2 FTS), 8:2 fluortelomeer fosfaat diester (8:2 diPAP) en 8:2 fluortelomeer sulfonzuur (8:2 FTS).
Tabel 4:
Onderzoeksstrategie nader onderzoek asbest
Oppervlakte locatie [m²]
Circa 5 x 50
Aantal sleuven
Aantal te analyseren monsters
5
5x asbest in grond
Middels risicoberekeningen zullen de (ecologische en humane) risico’s bepaald worden.
Als eerste stap van de uitvoering van het onderzoek is het maaiveld geïnspecteerd. Het maaiveld van de onderzoekslocatie is opgedeeld in inspectiestroken van maximaal 1,5 meter breed. Het gehele maaiveld van de onderzoekslocatie is, strook voor strook, in twee richtingen haaks op elkaar geïnspecteerd 4. Alle op het maaiveld aangetroffen asbestverdachte materialen zijn op een plattegrond gemarkeerd en (indien mogelijk) separaat verzameld.
——————————————— 4
De visuele inspectie kan in bepaalde gevallen niet plaats vinden. De visuele inspectie kan niet plaats vinden bij regenval van meer dan 10 mm/uur, bij hagel of sneeuw(val), tussen zonsondergang en zonsopgang, indien het maaiveld voor meer dan 75% bedekt is (vegetatie/bebouwing etc.), bij een grote aanwezigheid van water op de locatie (regenplassen), bij mist en een zicht van minder dan 50 meter en andere soorten belemmering.
Als meer dan 25% van het maaiveld niet zichtbaar is, moeten objecten en vegetatie die de inspectie hinderen worden verwijderd. Het verwijderen van vegetatie moet zodanig geschieden dat geen asbestverdachte materialen worden beschadigd en zodoende asbestvezels in de lucht worden gebracht. De waarnemingen zijn in tabel 5 weergegeven. Tabel 5:
Maaiveldinspectie (verkennend onderzoek asbest)
Visuele maaiveldinspectie Weersomstandigheden
zicht: > 50 m neerslag: < 10 mm
Gesteldheid maaiveld
waterplassen: < 25% vegetatie: < 25 % vegetatie verwijderd: ja (voorafgaande aan de uitvoering van onderhavig onderzoek, door de opdrachtgever)
Grondsoort
zand
Inspectie-efficiëntie
circa 70%-90%
Aanwezigheid asbestverdacht materiaal maaiveld
nee
Er zijn geen asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen.
Het veldwerk is door de erkende veldwerker5, de heer L.H.W. Dijks, uitgevoerd op 31 oktober 2019 en 5 november 2019. De boringen zijn uitgevoerd met behulp van een edelmanboor. De sleuven zijn middels een hydraulische kraan gegraven. De boringen en sleuven zijn representatief verdeeld over de onderzoekslocatie. De posities van de boringen en sleuven zijn weergegeven op de situatietekening, welke is opgenomen als bijlage 2. De profielbeschrijvingen zijn opgenomen als bijlage 3. De foto’s van de veldwerkzaamheden zijn opgenomen als bijlage 6. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd met het in achtnemen van de benodigde veiligheidsmaatregelen.
Ter plaatse wordt hoofdzakelijk zeer fijn tot matig fijn zand aangetroffen. Een schematische weergave van het in het veld geclassificeerde bodemmateriaal is weergegeven in de boorprofielen, welke zijn opgenomen als bijlage 3.
——————————————— 5
De veldwerker verklaart hierbij de werkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever te hebben uitgevoerd, conform de eisen van de BRL-SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen.
Aan het bodemmateriaal zijn plaatselijk in meer of mindere mate bodemvreemde bijmengingen waargenomen. Deze staan in onderstaande tabellen weergegeven. In tabel 7 zijn tevens de dimensies van de gegraven sleuven weergegeven. Tabel 6:
Zintuiglijk afwijkend bodemmateriaal (verkennend en nader bodemonderzoek)
Boring
Diepte [m-mv]
Traject [m-mv]
Waargenomen bijzonderheden
B101
2,00
0,15 - 0,60
sporen baksteen
B102
2,00
0,00 - 0,50
sporen baksteen
B104
2,00
0,00 - 0,50
sporen baksteen
1,00 - 1,40
sporen baksteen
B105
2,00
0,40 - 0,70
sporen baksteen
B106
2,00
0,05 - 0,90
sporen puin
B109
2,00
0,00 - 1,40
sporen puin
B110
2,00
0,00 - 0,50
sporen puin
B111
2,00
0,00 - 0,50
matig glashoudend
0,50 - 0,70
zwak glashoudend
B113
2,00
1,00 - 1,50
zwak puinhoudend
B114
2,00
0,50 - 0,60
zwak baksteenhoudend
B115
2,00
0,15 - 0,60
sporen baksteen
B117
2,00
0,50 - 0,90
sporen baksteen
B120
2,00
0,50 - 1,00
zwak baksteenhoudend
1,00 - 1,20
sporen baksteen
0,20 - 0,60
sporen puin
0,60 - 1,10
sporen baksteen
B121
2,00
B122
2,00
0,50 - 1,00
sporen baksteen
B123
2,00
0,00 - 1,50
sporen puin
B124
2,00
0,00 - 0,50
sporen puin
0,50 - 1,50
matig puinhoudend
0,50 - 0,80
sporen baksteen
0,80 - 1,30
sporen baksteen
B125
2,00
B126
2,00
0,00 - 1,50
zwak puinhoudend
B127
2,00
0,00 - 1,00
zwak puinhoudend
Gradatie: zwak matig sterk uiterst volledig
(bij puin <5%) (bij puin 5-15%) (bij puin 15-50%) (bij puin 50-80%) (bij puin >80%)
Tabel 7:
Zintuiglijk afwijkend bodemmateriaal (nader onderzoek asbest)
Sleuf
Lengte [m]
Breedte [m]
Diepte [m-mv]
Traject [m-mv]
Waargenomen bijzonderheden
S101
2,20
0,45
1,30
0,00 - 1,10
zwak puinhoudend
S102
2,10
0,45
0,90
0,00 - 0,70
zwak puinhoudend
S103
2,20
0,45
1,20
0,00 - 0,90
zwak puinhoudend
S104
2,50
0,45
1,30
0,00 - 1,20
zwak puinhoudend
S105
2,30
0,45
1,20
0,00 - 0,90
zwak puinhoudend
S106
2,10
0,45
1,30
0,00 - 1,10
zwak puinhoudend
Gradatie: zwak matig sterk uiterst volledig
(bij puin <5%) (bij puin 5-15%) (bij puin 15-50%) (bij puin 50-80%) (bij puin >80%)
De uitkomende grond is per grondlaag van maximaal 50 cm bemonsterd. Eventuele afwijkende grondlagen zijn separaat bemonsterd. De grondmonsters zijn direct luchtdicht verpakt in door het laboratorium aangeleverde potten met deksel.
Het uitkomende bodemmateriaal is met een maximale dikte van circa 2 cm uitgespreid op plastic folie. Vervolgens is het materiaal zintuiglijk beoordeeld en zijn alle stukken bodemvreemd materiaal groter dan 20 mm uitgeharkt. Het uitkomende bodemmateriaal is per sleuf en per asbesttype gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 20 mm. Daarnaast is het aantal verdachte stukjes en het totaalgewicht per type asbest per sleuf bepaald. Indien het totaal gewicht per type en per sleuf minder dan 700 gram betreft wordt het gewicht ook in het laboratorium bepaald. Uit het bodemmateriaal afkomstig uit sleuven S101, S103, S104 en S105 zijn asbestverdachte materialen groter dan 20 mm gezeefd. Van de asbestverdachte materialen zijn materiaalverzamelmonsters samengesteld, de monstergegevens zijn weergegeven in tabel 10. Uit het overige bodemmateriaal zijn geen asbestverdachte materialen groter dan 20 mm gezeefd. Na het bodemmateriaal op de locatie te hebben voorbehandeld zijn de grondmonsters samengesteld. De gegevens van de grondmonsters zijn weergegeven in tabel 9. Opgemerkt wordt dat naar aanleiding van het aantreffen van (grote hoeveelheden) asbestverdacht materiaal één aanvullende sleuf (S106) is gegraven.
Ten behoeve van het verkennend en nader bodemonderzoek zijn veertien grond(meng)monsters geanalyseerd. De grondmengmonsters zijn in het laboratorium samengesteld uit de aangeleverde deelmonsters. De grond(meng)monsters zijn door Eurofins Analytico B.V. te Barneveld chemisch onderzocht op de in tabel 8 genoemde analysepakketten. Tevens zijn in deze tabel de monstergegevens weergegeven. Tabel 8:
Samenstelling grond(meng)monsters
Analysemonster
Traject [m-mv]
Deelmonsters
Zintuiglijke waarnemingen
Analysepakket
Verkennend bodemonderzoek (VED-HE) MM101-PFAS
0,00 - 0,70
B102 (0,00 - 0,50) B104 (0,00 - 0,50) B105 (0,40 - 0,70) B106 (0,05 - 0,40)
sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen sporen puin
PFAS
MM102-PFAS
0,90 - 2,00
B102 (1,00 - 1,50) B102 (1,50 - 2,00) B103 (0,90 - 1,40) B103 (1,40 - 1,90) B103 (1,90 - 2,00) B104 (1,40 - 1,60) B104 (1,60 - 2,00) B105 (1,00 - 1,50) B105 (1,50 - 2,00) B106 (1,20 - 1,50)
geen geen geen geen geen geen geen geen geen geen
PFAS
Vervolg tabel 8:
Samenstelling grond(meng)monsters
Analysemonster
Traject [m-mv]
Deelmonsters
Zintuiglijke waarnemingen
Analysepakket
MM103-PFAS
0,00 - 1,00
B107 (0,00 - 0,50) B107 (0,50 - 1,00) B108 (0,00 - 0,50) B108 (0,50 - 1,00) B110 (0,50 - 1,00)
geen geen geen geen geen
PFAS
MM104-PFAS
1,00 - 2,00
B107 (1,50 - 2,00) B108 (1,00 - 1,50) B108 (1,50 - 2,00) B109 (1,40 - 1,70) B109 (1,70 - 2,00) B110 (1,40 - 1,60) B110 (1,60 - 2,00) B111 (1,50 - 2,00) B127A (1,30 - 1,60) B127A (1,60 - 2,00)
geen geen geen geen geen geen geen geen geen geen
PFAS
MM105-PFAS
0,04 - 1,10
B101 (0,60 - 1,10) B112 (0,04 - 0,50) B114 (0,04 - 0,50) B115 (0,60 - 1,10) B116 (0,09 - 0,50) B116 (0,50 - 0,80) B117 (0,09 - 0,50) B118 (0,09 - 0,50) B119 (0,09 - 0,50) B119 (0,50 - 0,70)
geen geen geen geen geen geen geen geen geen geen
PFAS
MM106-PFAS
0,90 - 2,00
B112 (1,00 - 1,50) B114 (1,00 - 1,50) B115 (1,60 - 2,00) B116 (1,00 - 1,50) B117 (0,90 - 1,40) B117 (1,40 - 1,70) B117 (1,70 - 2,00) B118 (1,40 - 1,90) B119 (1,00 - 1,50)
geen geen geen geen geen geen geen geen geen
PFAS
Nader bodemonderzoek koper (en chroom) M122-3
1,00 - 1,50
B122 (1,00 - 1,50)
geen
chroom en koper
M121-4
1,10 - 1,50
B121 (1,10 - 1,50)
geen
chroom en koper
M123-3
1,00 - 1,50
B123 (1,00 - 1,50)
sporen puin
chroom en koper
M112A-1
0,04 - 0,50
B112A (0,04 - 0,50)
geen
chroom
M112A-2
0,50 - 1,00
B112A (0,50 - 1,00)
geen
chroom
M114A-1
0,04 - 0,50
B114A (0,04 - 0,50)
geen
chroom
M114A-2
0,50 - 0,60
B114A (0,50 - 0,60)
zwak baksteenhoudend
chroom
M114A-3
0,60 - 1,00
B114A (0,60 - 1,00)
geen
chroom
Gradatie: zwak matig sterk uiterst volledig
(bij puin <5%) (bij puin 5-15%) (bij puin 15-50%) (bij puin 50-80%) (bij puin >80%)
Analysepakket: PFAS perfluorbutaanzuur (PFBA), perfluorbutaansulfonaat (PFBS), perfluorpentaanzuur (PFPeA), perfluorpentaansulfonaat (PFPeS), perfluorhexaanzuur (PFHxA), perfluorhexaansulfonaat (PFHxS), perfluorheptaanzuur (PFHpA), perfluorheptaansulfonaat (PFHpS), perfluoroctaanzuur (PFOA), perfluoroctaansulfonaat (PFOS), perfluornonaanzuur (PFNA), perfluordecaanzuur (PFDA), perfluordecaansulfonaat (PFDS), perfluorundecaanzuur (PFUnDA), perfluordodecaanzuur (PFDoDA), perfluortridecaanzuur (PFTrDA), perfluortetradecaanzuur (PFTeDA), perfluorhexadecaanzuur (PFHxDA), perfluoroctadecaanzuur (PFODA), perfluoroctaansulfonylamide(N-ethyl)acetaat, N-methylperfluoroctaansulfonamide (MeFOSA), N-methylperfluoroctaansulfonamide acetaat, perfluoroctaansulfonamide (FOSA), 10:2 fluortelomeer sulfonzuur (10:2 FTS), 4:2 fluortelomeer sulfonzuur (4:2 FTS), 6:2 fluortelomeer sulfonzuur (6:2 FTS), 8:2 fluortelomeer fosfaat diester (8:2 diPAP) en 8:2 fluortelomeer sulfonzuur (8:2 FTS).
Ten behoeve van het onderzoek zijn in het veld zes grondmengmonsters en vier materiaalverzamelmonsters samengesteld. De monsters zijn door Eurofins Analytico B.V. te Barneveld conform de NEN 5896 dan wel de NEN 5898 geanalyseerd. De analysecertificaten zijn opgenomen als bijlage 5. Hierbij is de monstercodering, zoals vermeld in onderstaande tabellen van toepassing.
Tabel 9:
Gegevens grondmonsters (nader onderzoek asbest)
Monstercode
Herkomst [m-mv]
Type asbest [AVM]
Aantal stukjes asbestverdacht materiaal
Nat gewicht monster* [gram]
MA101
S101 (0,00 - 1,10)
MVM101
3
13.180
MA102
S102 (0,00 - 0,70)
n.v.t.
n.v.t.
14.520
MA103
S103 (0,00 - 0,90)
MVM103
3
13.560
MA104
S104 (0,00 - 0,50)
MVM104
1
14.680
MA105
S105 (0,00 - 0,90)
MVM105
2
13.480
MA106
S106 (0,00 - 1,10)
n.v.t.
n.v.t.
13.340
*
in het veld gemeten.
Tabel 10:
*
Gegevens materiaalverzamelmonsters (nader onderzoek asbest)
Monstercode
Herkomst [m-mv]
Nat gewicht monster* [gram]
MVM101
S101 (0,00 - 1,10)
9.600 (waarvan 100 bemonsterd)
MVM103
S103 (0,00 - 0,90)
2.040 (waarvan 120 bemonsterd)
MVM104
S104 (0,00 - 0,50)
20
MVM105
S105 (0,00 - 0,90)
100
in het veld gemeten.
De resultaten van de analyses van de monsters (zie bijlage 5) zijn enerzijds getoetst aan de ‘Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013’ van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, zoals gepubliceerd in de Staatscourant 2013, nr. 16675, d.d. 27 juni 2013 en anderzijds aan de ‘Regeling bodemkwaliteit’ (behorende tot het Besluit bodemkwaliteit), zoals gepubliceerd in de Staatscourant 2007, nr. 247, d.d. 13 december 2007 (laatst gewijzigd Staatscourant 2017, nr. 3524, d.d. 17 januari 2017). De toetsingswaarden zijn opgenomen als bijlage 4 en bestaan uit de volgende concentratieniveaus: • de achtergrondwaarde (AW) geeft het concentratieniveau aan in grond (landbodem), waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit; • de streefwaarde (S) geeft het concentratieniveau aan in grondwater (ondiep), waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit; • de interventiewaarde (I) geeft het concentratieniveau aan in grond (landbodem) of grondwater, waarbij in de Wet bodembescherming (Wbb) wordt gesproken van een ernstige verontreiniging. De interventiewaarden zijn gerelateerd aan een ruimtelijke schaal. Indien voor ten minste één stof de gemiddelde concentratie van minimaal 25 m³ grond of 100 m³ bodemvolume grondwater hoger is dan de interventiewaarde, wordt er gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
De streef-, achtergrond- en interventiewaarden zijn bij het beoordelen van de verontreinigingen niet de enige maatstaven. De gehaltes moeten steeds in samenhang worden beschouwd met het gebruik van de bodem en de lokale verontreinigingssituatie. De analyseresultaten (van het verkennend bodemonderzoek) zijn middels TerraIndex getoetst, conform de Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa), waarbij de analyseresultaten (de meetwaarden) zijn gecorrigeerd naar een gestandaardiseerd meetwaarde (GSSD). Bij het corrigeren van de grond wordt gebruik gemaakt van de in het laboratorium gemeten gehalte aan organische stof en lutum. Als hulpmiddel c.q. indicatieniveau voor het verrichten van nader bodemonderzoek wordt een index bepaald met de formule: (GSSD - AW) / (I - AW). Indien deze waarde groter is dan 0,5 kan er reden zijn voor het uitvoeren van nader bodemonderzoek. Er dient echter altijd rekening gehouden te worden met de situatie ter plaatse. De interventiewaarde voor asbest is gesteld op een concentratie asbest van 100 mg/kg d.s. Voor het berekenen van een gewogen concentratie wordt de concentratie aan serpentijnasbest opgeteld bij 10 maal de concentratie amfiboolasbest. Voor asbest in grond, baggerspecie en puin (granulaat) is geen achtergrondwaarde opgesteld en geldt geen volumecriteria.
Op 1 januari 1987 is de Wet bodembescherming (Wbb) in werking getreden. Door het in werking treden van de Wbb is onderscheid ontstaan tussen historisch bodemverontreinigingen (verontreiniging veroorzaakt vóór 1 januari 1987) en zorgplichtgevallen (verontreinigingen veroorzaakt na 1 januari 1987). Asbest is sinds 1993 niet meer toegestaan. Voor een historisch geval van niet-ernstige bodemverontreiniging (minder dan 25 m³ grond of 100 m³ bodemvolume grondwater hoger dan de interventiewaarde) geldt in beginsel geen saneringsplicht. Opgemerkt wordt dat voor verontreinigingen met asbest (boven de interventiewaarde) geen volumecriteria van toepassing is. Indien verontreinigingen zijn ontstaan na 1 januari 1987 (voor asbest 1993) is er sprake van zorgplicht (artikel 13 Wbb). In dat geval dienen de verontreinigingen zo spoedig mogelijk gesaneerd te worden, ongeacht de aangetroffen gehalten en de risico’s van de verontreinigende stoffen. De bepaling van de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid spelen hier geen rol. Het gaat hierbij om sanering tot de oude toestand (multifunctioneel) op basis van de stand der techniek (ALARA 6-principe).
Of de bodemverontreiniging in belangrijke mate veroorzaakt is voor 1 januari 1987 (voor asbest 1993) wordt bepaald op basis van gegevens over de bedrijfsvoering (processen, gebruik van stoffen of eventuele gebeurtenissen of incidenten) en bij twijfel op basis van gegevens over de bedrijfsvoering en specifieke kenmerken van de bodemverontreiniging.
——————————————— 6
ALARA is een acroniem van "As Low As Reasonably Achievable" (= zo laag als redelijkerwijs bereikbaar is).
In het Tijdelijk handelingskader PFAS (aanpassing d.d. 29 november 2019) zijn de toepassingsnormen opgenomen. De toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem en in oppervlaktewater zijn in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 11: Categorie
Toepassingsnormen PFAS voor het toepassen van grond en baggerspecie Toepassingssituatie
Toepassingswaarde (μg/kg d.s.) (4) (5)
Op de landbodem 4.1 Grond en baggerspecie toepassen boven grondwaterniveau (1) Bodemkwaliteitsklasse
Bodemfunctieklasse
wonen of industrie
wonen of industrie
PFOS = 3 PFOA = 7 GenX = 3
4.2
4.3
landbouw/natuur
wonen of industrie
Andere PFAS = 3 PFAS = 0,8
Landbouw/natuur, wonen of industrie
landbouw/natuur
PFOS = 0,9 PFAS = 0,8
Baggerspecie toepassen boven grondwaterniveau(1), als bedoeld in artikel 35, onder f, BBK (verspreiden van
PFOS = 0,9 PFOS = 3
baggerspecie op aangrenzend perceel of weilanddepot)
PFOA = 7
Grond en baggerspecie grootschalig toepassen boven grondwaterniveau(1)
Andere PFAS = 3 PFOS = 3
GenX = 3
PFOA = 7 GenX = 3
4.4 4.5
Grond en baggerspecie toepassen in grondwaterbeschermingsgebieden Grond en baggerspecie toepassen onder grondwaterniveau (2), met inbegrip van grootschalige toepassing
In oppervlaktewater 4.6 Grond toepassen 4.7 Baggerspecie toepassen
in
hetzelfde
oppervlaktewaterlichaam
of
aansluitende
(sedimentdelende)
stroomafwaarts gelegen oppervlaktewaterlichamen als bedoeld in artikel 35, onder g, BBK (verspreiden van
Andere PFAS = 3 Bepalingsgrens = 0,1 PFAS = 0,8 PFOS = 0,9 Bepalingsgrens = 0,1 Toepasbaar, wel meten en toetsen op uitschieters.
baggerspecie in zoet of zout oppervlaktewater). 4.8.1
Baggerspecie toepassen in hetzelfde oppervlaktewaterlichaam in ophogingen in waterbouwkundige constructies, Toepasbaar, wel meten en toetsen op uitgezonderd de diepe plas, als bedoeld in artikel 35, onder d, BBK
4.8.2
uitschieters.
Baggerspecie toepassen in een ander oppervlaktewaterlichaam in ophogingen in waterbouwkundige constructies, Bepalingsgrens = 0,1 uitgezonderd de diepe plas, als bedoeld in artikel 35, onder d, BBK
4.9.1 Baggerspecie toepassen in niet-vrijliggende diepe plassen die in open verbinding staan met een rijkswater PFAS = 0,8 (1) Voor gebieden met een hoge grondwaterstand geldt in plaats van ‘boven grondwaterniveau’: tot ten hoogste 1 meter onder het maaiveld. Indien de grond als gevolg van zetting op termijn in de verzadigde zone terechtkomt wordt de grond geacht boven grondwater te zijn toegepast. (2)
Voor gebieden met een hoge grondwaterstand geldt in plaats van ‘onder grondwaterniveau’: op een diepte van 1 meter en meer onder het maaiveld. Indien de grond als gevolg van zetting op termijn in de verzadigde zone terechtkomt wordt de grond geacht boven grondwater te zijn toegepast.
(3)
Onder ‘diepe plas’ wordt verstaan: oppervlaktewaterlichaam, ontstaan als gevolg van zandwinning, grindwinning of kleiwinning of een dijkdoorbraak. Onder ‘vrijliggende diepe plas’ wordt verstaan: diepe plas, die niet is gelegen in een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk en die bovendien boven de spronglaag nauwelijks wordt gevoed door oppervlaktewater van elders (de verblijftijd van het water is voor 90% van het jaar langer dan een maand). Als de diepe plas is gelegen in een groter oppervlaktewaterlichaam wordt de rest van het oppervlaktewaterlichaam beschouwd als oppervlaktewater van elders. Deze plassen zijn aangegeven op de kaart die als bijlage bij dit tijdelijk handelingskader is gevoegd. Onder ‘niet-vrijliggende diepe plas’ wordt verstaan: diepe plas, gelegen in een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk, of diepe plas die niet aan de definitie van vrijliggende plas voldoet.
(4)
Op de waarden uit deze tabel hoeft geen bodemtypecorrectie te worden toegepast als het gehalte van organische stof minder dan 10% bedraagt.
(5)
Tenzij een lokale maximale waarde is vastgesteld (zie paragraaf 5).
De toepassingswaarden voor de onderscheiden categorieën van toepassingen worden in aanpassing tijdelijk handelingskader PFAS d.d. 29-11-2019 toegelicht. De paragraafnummers corresponderen met de nummering in kolom 1 van de tabel.
Grond en baggerspecie toepassen op landbodem boven grondwaterniveau: Voor de bodemfunctieklasse landbouw/natuur en de daarmee corresponderende bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur, gelden de voorlopige achtergrondwaarden als toepassingswaarde, te weten: - voor alle individuele PFAS: 0,8 μg/kg d.s. met uitzondering van PFOS; - voor PFOS: 0,9 μg/kg d.s.. Voor het toepassen van PFAS-houdende grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau kunnen op de landbodem voor de bodemfunctieklasse industrie of wonen, alsmede de daarmee corresponderende bodemkwaliteitsklasse industrie, onderscheidenlijk wonen, de volgende toepassingswaarden worden gehanteerd: - voor PFOS: 3 μg/kg d.s.; - voor PFOA: 7 μg/kg d.s.; - voor GenX: 3 μg/kg d.s.; - voor andere individuele PFAS: 3 μg/kg d.s. Aangeraden wordt om de dubbele toets die in het kader van het Besluit bodemkwaliteit voor genormeerde stoffen bij toepassen op de landbodem moet worden uitgevoerd, in het kader van de invulling van de wettelijke zorglichten ook voor PFAS te hanteren. Deze dubbele toets houdt in dat de strengste van de twee toepassingswaarden voor de bodemkwaliteitsklasse, onderscheidenlijk bodemfunctieklasse, geldt.
Als de bodemfunctieklasse bijvoorbeeld wonen of industrie is, terwijl de bestaande bodemkwaliteit in de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur is ingedeeld, moet als toepassingswaarde de bodemkwaliteitsklasse voor landbouw/natuur worden gehanteerd.
In onderstaande tabel 12 zijn de verhoogd aangetoonde parameters weergegeven. De bijbehorende toetsingstabellen van de analyseresultaten, alsmede de analysecertificaten, zijn opgenomen als bijlage 4 en bijlage 5. Tabel 12:
Overschrijdingstabel grond (verkennend en nader bodemonderzoek)
Monstercode
Traject [m-mv]
Zintuiglijke waarnemingen
> AW (index)
> I (index)
Bbk (indicatief)
Verkennend bodemonderzoek (VED-HE) MM101-PFAS
0,00 - 0,70
sporen baksteen/puin
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM102-PFAS
0,90 - 2,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM103-PFAS
0,00 - 1,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
WO
MM104-PFAS
1,00 - 2,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM105-PFAS
0,04 - 1,10
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
MM106-PFAS
0,90 - 2,00
geen
n.v.t.
n.v.t.
AW
Nader bodemonderzoek koper (en chroom) M122-3
1,00 - 1,50
geen
-
-
AW
M121-4
1,10 - 1,50
geen
chroom (0,15)
-
IND
M123-3
1,00 - 1,50
sporen puin
chroom (0,12) en koper (0,05)
-
IND
M112A-1
0,04 - 0,50
geen
-
-
AW
M112A-2
0,50 - 1,00
geen
-
-
AW
M114A-1
0,04 - 0,50
geen
-
-
AW
M114A-2
0,50 - 0,60
zwak baksteenhoudend
-
-
AW
M114A-3
0,60 - 1,00
geen
-
-
AW
Gradatie: zwak matig sterk uiterst volledig
(bij puin <5%) (bij puin 5-15%) (bij puin 15-50%) (bij puin 50-80%) (bij puin >80%)
Overschrijdingen: > AW boven achtergrondwaarde >I boven interventiewaarde index berekende factor overschrijding ten opzichte van I niet aangetoond
Bodemkwaliteitsklasse (Bbk): AW voldoet aan kwaliteitsklasse AW (bodemfunctie landbouw/natuur) WO voldoet aan kwaliteitsklasse en bodemfunctie wonen IND voldoet aan kwaliteitsklasse en bodemfunctie industrie NT voldoet niet aan hergebruiksnorm Besluit bodemkwaliteit, mogelijk sterk verontreinigde grond
In tabel 13 en tabel 14 zijn de analyseresultaten weergegeven ten behoeve van het nader onderzoek asbest. De analysecertificaten zijn opgenomen als bijlage 5. Tabel 13:
*
Analyseresultaten grondmengmonsters (nader onderzoek asbest)
Monstercode
Herkomst [m-mv]
Droog gewicht monster* [gram]
Soort asbest
Asbestconcentratie [mg/kg]
Hechtgebonden
Vezels < 0,5 mm aangetroffen?
MA101
S101 (0,00 - 1,10)
13.475
-
-
-
nee
MA102
S102 (0,00 - 0,70)
12.751
-
-
-
nee
MA103
S103 (0,00 - 0,90)
11.521
-
-
-
nee
MA104
S104 (0,00 - 0,50)
12.749
-
-
-
nee
MA105
S105 (0,00 - 0,90)
10.838
serpentijn
1,7
ja
nee
MA106
S106 (0,00 - 1,10)
11.549
-
-
-
nee
in het laboratorium gemeten.
Tabel 14:
Analyseresultaten materiaalverzamelmonsters (nader onderzoek asbest1)
Monstercode
Herkomst [m-mv]
Droog gewicht* [gram]
Soort asbest
Asbest-percentage [%]
Hoeveelheid asbest [mg]
Hechtgebonden
MVM101
S101 (0,00 - 1,10)
71,3
serpentijn amfibool
10-15 2-5
8.912,5 2.495,5
ja ja
MVM103
S103 (0,00 - 0,90)
129,8
serpentijn amfibool
10-15 2-5
16.225,0 4.543,0
ja ja
MVM104
S104 (0,00 - 0,50)
4,8
serpentijn
10-15
600,0
ja
MVM105
S105 (0,00 - 0,90)
97,1
serpentijn amfibool
10-15 2-5
12.137,5 3.398,5
ja ja
*
in het laboratorium gemeten.
Op basis van de analyseresultaten zijn de gewogen asbestconcentraties bepaald. Deze worden in tabel 15 weergegeven. In bijlage 4 is de berekening opgenomen. Tabel 15:
Totaal gewogen asbestconcentraties (nader onderzoek asbest)
Herkomst [m-mv]
Monstercode grondmonster
Asbestconcentratie < 20 mm [gewogen mg/kg d.s.]
Monstercode materiaalverzamelmonster
Asbestconcentratie > 20 mm [gewogen mg/kg d.s.]
Totaal gewogen asbestconcentratie [mg/kg d.s.]
S101 (0,00 - 1,10)
MA101
0
MVM101
1.812,52
1.812,52
S102 (0,00 - 0,70)
MA102
0
n.v.t.
n.v.t.
0
S103 (0,00 - 0,90)
MA103
0
MVM103
748,78
748,78
S104 (0,00 - 0,50)
MA104
0
MVM104
0,66
0,66
S105 (0,00 - 0,90)
MA105
1,70
MVM105
33,29
34,99
S106 (0,00 - 1,10)
MA106
0
n.v.t.
n.v.t.
0
Op basis van de analyseresultaten kan geconcludeerd worden dat in grondmengmonsters MM101-PFAS, MM102-PFAS, MM104-PFAS, MM105-PFAS en MM106-PFAS geen PFAS is aangetoond en (indicatief) geclassificeerd kunnen worden als altijd toepasbaar. In grondmengmonster MM103-PFAS is een licht verhoogd gehalte PFAS aangetoond en wordt (indicatief) geclassificeerd als klasse wonen.
Uit de analyseresultaten blijkt dat de eerder aangetroffen sterke verontreiniging met koper nu ten hoogste licht wordt aangetoond. De eerder aangetoonde sterke verontreiniging wordt niet gereproduceerd. Tevens kan geconcludeerd worden dat de interventiewaardecontour voor chroom in kaart is gebracht. Op basis van de onderzoeksgegevens is circa 600 m² grond sterk verontreinigd met chroom. De verontreiniging wordt met name aangetroffen in het bodemtraject 0-1,0 m-mv. De omvang van de sterke verontreiniging wordt ingeschat op max 600 m³. De verontreinigingscontour en dwarsdoorsneden zijn weergegeven op de situatietekening (opgenomen als bijlage 2). Opgemerkt wordt dat ter plaatse van de vermoedelijke locatie bezinkput geen sterk verhoogde waarden zijn aangetroffen.
De gewogen asbestconcentratie ter plaatse van sleuf S101 en sleuf S103 overschrijdt de interventiewaarde. De gewogen asbestconcentratie ter plaatse van de overige sleuven overschrijdt de interventiewaarde niet. Formeel dient op basis van onderhavige resultaten aanvullend onderzoek te worden uitgevoerd. Tijdens de uitvoering van het onderhavige onderzoek is enkel asbest aangetoond (boven de interventiewaarde) in de grove fractie. Het is niet aannemelijk dat ten noorden en zuiden van sleuf S103 asbest wordt aangetroffen in de fijne fractie. Nader onderzoek wordt derhalve niet zinvol geacht. Daar het asbest enkel is aangetroffen in de grove fractie (zintuiglijk waarneembaar) wordt aanbevolen om tijdens de eventuele sanering ten noorden en ten zuiden van sleuf S103 extra oplettend te zijn op het voorkomen van asbest in de bodem.
Chroom Daar de verontreiniging zeer waarschijnlijk is ontstaan tijdens het in werking zijn van de voormalige leerlooierij (op basis van gegevens van het digitale bodemloket circa 1918-1978) is er geen sprake van zorgplicht. Het definitieve oordeel hieromtrent is aan het bevoegd gezag. Op basis van de sanscritberekening zijn er onaanvaardbare risico’s (toekomstig gebruik (wonen)). De locatie dient met spoed gesaneerd te worden. De sanscritberekening is opgenomen als bijlage 7. Asbest Het is onduidelijk uit welke periode het aangetroffen asbest afkomstig is. Daar het gebruik van asbest al geruime tijd niet meer is toegestaan is het waarschijnlijk dat het asbest reeds ruime tijd aanwezig is in de bodem. Derhalve is er geen sprake van zorgplicht. Het definitieve oordeel hieromtrent is aan het bevoegd gezag. De gewogen concentratie hecht gebonden asbest is groter dan 1.000 mg/kg d.s. Tijdens de uitvoering van het nader onderzoek asbest zijn geen vezels < 0,5 mm aangetoond. Op basis van de locatiespecifieke risicobeoordeling (stap 3) is er derhalve geen sprake van een onaanvaardbaar risico. Op basis hiervan hoeft er niet met spoed gesaneerd te worden. Opgemerkt dient te worden dat tijdens de uitvoering van het verkennend onderzoek wel vezels < 0,5 mm zijn aangetoond.
Tijdens de uitvoering van het nader onderzoek zijn deze niet meer aangetroffen en is een zogenaamde SEM-analyse derhalve niet meer mogelijk. Gezien de grotere onderzoeksinspanning van het nader onderzoek asbest ten opzichte van het verkennend onderzoek asbest is het zeer waarschijnlijk dat de gewogen concentratie (van de fractie < 0,5 mm) derhalve < 10 mg/kg d.s. bedraagt. Gezien het toekomstig gebruik van de locatie (wonen) wordt aanbevolen de verontreiniging met chroom en asbest in de bodem te saneren door middel van een BUS-melding of saneringsplan. Daar de verontreiniging met asbest gesitueerd is binnen de contour van de verontreiniging met chroom wordt aanbevolen dit gelijktijdig te doen met de sanering van de verontreiniging met chroom in de bodem.
Onderzoekslocatie
Datum tekening: 16-12-2019
Rapportnummer: BM.0919311/NBO/msc.01
Opdrachtgever: Van der Weegen Bouwgroep Project:
Schaal:
1:50.000
Onderdeel:
Formaat:
A4
REGIONALE OVERZICHTSKAART
Bijlage:
1
Vonderstraat 2a/Leike (ong.) te Riel
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand
bentoniet afdichting
filter
Boring:
B101
Boring:
B102
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
0 -5
0 1
-15
-60
3 -100
-110
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
4 -150
-160
5 -200
-200
0
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, Edelmanboor, Zandbed
2 -50
tegel Edelmanboor, Tegel
1 -50
-50
-100
-100
-150
-150
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, Edelmanboor
4 -200
-200
B103
Boring:
B104
Leo Dijks 31-10-2019 180
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
0
gras Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerzwart, Edelmanboor
-50
-50 2
-90
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerzwart, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
-100 3
0
0 1
4
-100
-100
-140
-150
4
-200
-200
-160
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
-200
B105
Boring:
B106
Boormeester: Datum: GWS:
Leo Dijks 31-10-2019 150
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0
1 -40
2 -70
3 -100
-100
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-150
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
5 -200
0 -5
0 1
-40
-50
klinker Edelmanboor, Tegel Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
2 -90
-100
3 -120
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor
4 -150
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker, Edelmanboor
-200
Boring:
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergrijs, Edelmanboor
5
-190
5
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkergrijs, Edelmanboor
2
-140
Zand, matig fijn, matig siltig, Edelmanboor
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
3
-150
-200
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
3
Boormeester: Datum: GWS:
1
-50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
2
Boring:
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
4 -150
-150
Projectlokatie: Vonderstraat 2/a Leike (ong.) te Riel Projectnummer: 0919311
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
5 -200
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
-200
Boring:
B107
Boring:
B108
Boormeester: Datum: GWS:
Leo Dijks 31-10-2019 180
Boormeester: Datum: GWS:
Leo Dijks 31-10-2019 160
0
0 1
-50
-50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
2 -100
-100 3
-130
4 -150
-150
5 -200
-200
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraal bruingrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergrijs, Edelmanboor
0
0 1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
2 -100
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
3 -150
-150
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
4 -200
-200
B109
Boring:
B110
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0
1
braak Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
2 -100
-100 3
-140
-150
4 -170
5 -200
-200
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker roestbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, donkergrijs, Edelmanboor
0
0 1
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
2 -100
-100 3
-140
-150
4
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
-160
B111
Boring:
B112
Leo Dijks 31-10-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
1 -50
-50 2
-70
3 -100
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak glashoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerbruin, Edelmanboor
-150
-150
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal zwartgrijs, Edelmanboor
5 -200
0 -4
0
-50
-50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
2 -100
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
3 -150
-150 4
-180
5 -200
Projectlokatie: Vonderstraat 2/a Leike (ong.) te Riel Projectnummer: 0919311
klinker Edelmanboor, Tegel Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwart, Edelmanboor
4
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
-200
-200
braak Zand, matig fijn, zwak siltig, matig glashoudend, donkerbruin, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
5
Boormeester: Datum:
0
braak Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
Boring:
0
bosschage Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
Boring:
0
-200
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-200
Leem, sterk zandig, sterk humeus, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
Boring:
B112A
Boring:
B113
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0 -4
0
-50
-50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
2 -100
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
3 -150
-150 4
-180
5 -200
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor
1
-200
Leem, sterk zandig, sterk humeus, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
1
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor
2 -100
-100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
3 -150
-150
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
4 -200
-200
B114
Boring:
B114A
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
0 -4
klinker Edelmanboor
-50
-50
2
-60
3 -100
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerzwart, Edelmanboor
-150
5 -180
6 -200
-200
Leem, sterk zandig, sterk humeus, donkerzwart, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
-50
-50
2
-60
3 -100
-100
5 -180
6 -200
-200
B115
Boring:
B116
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
0 -5 -15
-60
3 -100
-110
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
4 -150
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
-160
-200
2 -80
3 -100
-100
klinker Edelmanboor, Klinker
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor
4 -150
-150
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
5
Projectlokatie: Vonderstraat 2/a Leike (ong.) te Riel Projectnummer: 0919311
Zand, matig fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
-50
-50
-200
Leem, sterk zandig, sterk humeus, donkerzwart, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
1
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
5
0 -9
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht witbeige, Edelmanboor, Zandbed
2 -50
tegel Edelmanboor, Tegel
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerzwart, Edelmanboor
-150
-150
Boormeester: Datum:
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerzwart, Edelmanboor
4
Boring:
0
klinker Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegrijs, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkerzwart, Edelmanboor
4 -150
0 -4
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegrijs, Edelmanboor
1
braak Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor
-50
-50
Boring:
0
-200
klinker Edelmanboor, Tegel
-200
Boring:
B117
Boring:
B118
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
0 -9
0
klinker Schep, Klinker Zand, matig fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor
1 -50
-50
0 -9
0
2 -90
-100 3
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
4 -170
5
-50
-50
-200
-200
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor
2 -90
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergrijs, Edelmanboor
-100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-150
3 -120
4
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor
1
-140
-150
-140
5 -190
6
-200
-200
Boring:
B119
Boring:
B120
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 31-10-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0 -9
0
klinker Edelmanboor, Klinker
-50
-50 2
-70
3 -100
-100
0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
1
5
-160
6 -200
-200
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal witgrijs, Edelmanboor
3
-120
-150
-150 5
-170
6 -200
-200
B121
Boring:
B122
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0 -20
2 -50
-60
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen puin, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
3 -100
bosschage Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-110
4 -150
-150 5
-170
6 -200
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
0
0 1
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin, Edelmanboor
bosschage Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-100
-100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
3 -150
-150 4
-170
5
Projectlokatie: Vonderstraat 2/a Leike (ong.) te Riel Projectnummer: 0919311
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
2
-200
bosschage Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
Boormeester: Datum:
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor
-100
-100
Boring:
0
-200
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker bruingrijs, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor
2
4 -150
-150
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwart, Edelmanboor
4
klinker Edelmanboor, Klinker
-200
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
Boring:
B123
Boring:
B124
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0
0 1
braak Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
2 -100
-100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donker grijsbruin, Edelmanboor
3 -150
-150 4
-170
5 -200
-200
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
0
0 1
-50
-50
-100
-100
-150
-150 4
-170
5 -200
-200
B125
Boring:
B126
Leo Dijks 05-11-2019
Boormeester: Datum:
Leo Dijks 05-11-2019
0
bosschage Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
-50
-50 2
-80
-100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen baksteen, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
3
0
0 1
4
-150
-160
5 -200
-200
Zand, uiterst fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak puinhoudend, donker zwartbruin, Edelmanboor -150