05 Bijlage 2 Zuidrand goirle, locatie land van anna_bijlage 29 bij toelichting.pdf
Tekst van het document
GEMEENTE GOIRLE
BESTEMMINGSPLAN ZUIDRAND GOIRLE, LOCATIE LAND VAN ANNA BIJLAGE Ϯϵ BIJ DE PLANTOELICHTING
GEMEENTE BESTEMMINGSPLANNUMMER SCHAAL VAN DE VERBEELDING STATUS PLAN DATUM TERVISIELEGGING ONTWERP DATUM VASTSTELLING
DATUM UITSPRAAK ABRS DATUM INWERKINGTREDING DATUM ONHERROEPELIJK NAAM EN ADRES OPSTELLER
: : : : : : : : : :
GOIRLE
NL.IMRO.0785.BP2019003PUIJENBRO-VG01
1:1.000 VASTGESTELD
18 NOVEMBER 2021 T/M 29 DECEMBER 2021 8 MAART 2022
ANTEA GROUP, BENELUXWEG 125, 4904 SJ OOSTERHOUT
Bijlage 29 Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50
2020
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle
projectnummer 0420418.105 definitief revisie 02 2 april 2020
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle
projectnummer 0420418.105 definitief revisie 02 2 april 2020
Auteurs G. Stoks H. van Bruggen
Opdrachtgever VP Grondexploitatie Bergstraat 28 5051 HC Goirle
datum vrijgave
beschrijving revisie 02
PL2018
goedkeuring
vrijgave
02-4-2020
Definitief rapport, obv beoordeling OMWB 31-032020, tov con01 alleen nieuw toetsingskader PFAS november 2019
A. Hendrikx
M. Scholten
E. Matla
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Inhoudsopgave
Blz.
1
Inleiding
3
2
Vooronderzoek
4
2.1 2.2 2.3 2.4 2.4.1 2.4.2 2.4.3 2.5 2.5.1 2.5.2 2.5.3 2.6 2.7
Algemeen Locatiegegevens Terreinverkenning Gebruik en beïnvloeding van de locatie door gebruik Voormalig, huidig en toekomstig gebruik Luchtfoto’s Milieu-, tank- en bouwarchieven Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit Bodemonderzoeken/beschikkingen Bodemkwaliteitskaart (BKK) Bodemfunctieklassekaart Bodemopbouw en geohydrologie Conclusie vooronderzoek en hypothese
4 4 5 6 6 7 8 9 9 16 17 18 18
3
Verrichte werkzaamheden
22
3.1 3.2
Veldwerkzaamheden Laboratoriumonderzoek
22 25
4
Onderzoeksresultaten landbodem
26
4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5
Lokale bodemopbouw en veldwaarnemingen Analyseresultaten Toetsingskader Grond Grondwater Asbest PFAS
26 29 29 32 42 44 45
5
Conclusies
47
Blad 1 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Bijlagen 1. Kwaliteitsaspecten bodemonderzoek 2. Vooronderzoek 3. Profielbeschrijvingen en zintuiglijke waarnemingen 4. Laboratoriumonderzoek 5. Analyseresultaten grondmonsters met overschrijding normwaarden 6. Analyseresultaten grondwatermonsters met overschrijding normwaarden 7. Normwaarden grond en grondwater 8. Toelichting op normwaarden grond en grondwater 9. Analysecertificaten 10. Verantwoording uitvoering onderzoek BRL 2000 11. Indicatieve toetsing Besluit bodemkwaliteit 12. Toelichting toetsingskader Besluit bodemkwaliteit 13. Foto’s onderzoekslocatie
Tekeningen 420418.105-O-1 420418.105-O-2 420418.105-O-3 420418.105-S-1 420418.105-S-2 420418.105-DL-1
Overzichtstekening met ligging locatie Overzichtstekening met ligging deellocaties Overzichtstekening met toekomstige situatie Situatietekening met boringen, peilbuizen en proefgaten Situatietekening met boringen, peilbuizen, proefgaten en bodemverontreinigingen Overzichtstekening met deellocaties uit voorgaande onderzoeken (1995 en 2012)
Blad 2 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
1
Inleiding In opdracht van VP Grondexploitatie is door Antea Group in de periode juli – september 2019 een Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek (‘bodemonderzoek’ in vervolg van het rapport) uitgevoerd ter plaatse van Bergstraat 50 te Goirle (bedrijfsterrein van HaVeP).
Aanleiding De aanleiding voor het bodemonderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van het onderzoeksgebied.
Doel Het doel van het verkennend bodemonderzoek is om de actuele bodemkwaliteit vast te leggen om het in kader van de voorgenomen herontwikkeling (woningbouw) de gebruiksmogelijkheden van het terrein te bepalen. Het doel van het (actualiserend) nader bodemonderzoek is het opnieuw vaststellen van de omvang van de eerder aangetoonde verontreiniging. Het verkennend asbestonderzoek heeft als doel te bepalen of de bodem verontreinigd is met asbest.
Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het bodemonderzoek is gebaseerd op de richtlijnen uit de NEN 5740+A1: april 2016 (Bodem – Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek). Het onderzoek naar de aanwezigheid van asbest is uitgevoerd conform de NEN 5707+C2: december 2017 (Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond). Het onderzoek naar de aanwezigheid van asbest is uitgevoerd conform de NEN 5897+C2: december 2017 'Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Met betrekking tot de kwaliteitsaspecten, toegepaste methoden en betrouwbaarheid/garanties van het onderzoek wordt verwezen naar bijlage 1. Deze rapportage is niet opgesteld ten behoeve van het bepalen van de geschiktheid van mogelijk toekomstige toepassingen van eventueel vrijkomende grond. In dit rapport wordt verslag gedaan van de uitgevoerde werkzaamheden en worden de resultaten van het onderzoek beschreven.
Blad 3 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
2
Vooronderzoek
2.1
Algemeen Landbodem Bij toepassing van de NEN 5740, NEN 5707 en NEN 5897, moet een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/ afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek te worden uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725: 2017 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek). De aanleiding tot het vooronderzoek is: Opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. In dit hoofdstuk worden de bij de aanleiding behorende onderzoeksaspecten besproken. In bijlage 2 worden deze onderzoeksaspecten onderbouwd met de antwoorden op de verplichte onderzoeksvragen In onderstaande tabel zijn de geraadpleegde bronnen weergegeven. Tabel 2.1: Geraadpleegde bronnen Geraadpleegde bron Gemeente Goirle: milieuarchief Gemeente Goirle: tankarchief Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant Bodemloket Omgevingsrapportage noord Brabant Topotijdreis.nl Luchtfoto’s Kadaster
Website, contactpersoon of archief Mevr. W. Snels Mevr. W. Snels Mevr. H. de Cort Rapport historisch onderzoek 2014 https://noord-brabant.omgevingsrapportage.nl/ www.topotijdreis.nl https://streetsmart.cyclomedia.com/streetsmart www.kadaster.nl
Datum raadplegen 19-8-2019 19-8-2019 29-7-2019 4-7-2019 4-7-2019 29-7-2019 29-7-2019 29-7-2109
Op basis van de voorgenomen ontwikkeling is in 2014 reeds een historisch bodemonderzoek uitgevoerd (‘Historisch onderzoek Bergstraat 50 ong. te Goirle’, Antea Group, kenmerk 236126, december 2014). De destijds gehanteerde begrenzing van het onderzoeksgebied overlapt volledig de onderzoekslocatie en is derhalve voldoende dekkend. Bij de gemeente Goirle en de Omgevingsdienst Midden- en WestBrabant is aanvullende informatie opgevraagd uit de periode 2014-heden en naar onderzoeken/ saneringen die eerder op/nabij de onderzoekslocatie zijn verricht.
2.2
Locatiegegevens De onderzoekslocatie betreft de bedrijfslocatie van Textielfabrieken H. van Puijenbroek B.V. (HaVeP) aan de Bergstraat 50 te Goirle inclusief de naastgelegen Watermolenstraat en perceel Bergstraat 36. De totale oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt circa 60.000 m2. Op het perceel van HaVeP staan verschillende aan elkaar geschakelde bedrijfspanden waar textielbewerkende processen hebben plaatsvonden. De huidige bedrijfsactiviteiten bestaan uit distributie en opslag van eindproducten. Daarnaast is op het huidige bedrijfsterrein een biomassacentrale aanwezig die warmte levert aan de fabriekslocatie en diverse derden. Een groot deel van de panden is momenteel leegstaand. Het bedrijfsterrein is grotendeels bebouwd. Inpandig is een betonvloer danwel bedrijfsvloerplaten aanwezig. Het buitenterrein is deels verhard met klinkers, tegels, beton of betonplaten, deels halfverhard (parkeerplaats) en deels onverhard (gras en groen). Aan de westzijde van de locatie is een grondwal aanwezig
Blad 4 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
De onderzoekslocatie is gelegen in het zuiden van de bebouwde kom van Goirle. Aan de noordzijde bevindt zich de Bergstraat met aan de overzijde bebouwing (woningen en kantoor). Aan de oostzijde bevindt zich de Watermolenstraat met daarnaast de tuin van Huize Anna. Aan de zuidoostzijde bevindt zich de Nieuwe Leij met aan de overzijde natuur- en landbouwgrond en aan de zuidzijde landbouwgrond. Aan de westzijde bevinden zich enkele woningen en bedrijven. De volgende percelen maken geheel of gedeeltelijk (ged.) deel uit van het onderzoeksgebied: gemeente Goirle, sectie B, nrs. 6603 (ged.), 5259 (ged.), 2620, 6125 en 6128 en sectie I, nr. 227. Op de luchtfoto 2.1 is de ligging van de onderzoekslocatie weergegeven.
Luchtfoto 2.1: Ligging onderzoekslocatie (bron: Street Smart, luchtfoto uit 2018)
De ligging van het onderzoeksgebied is weergegeven op overzichtstekening 420418.105-O-1. De ligging van de huidige lokale situatie is weergegeven op tekening 420418.105-O-2 en de toekomstige situatie is weergegeven op tekening 420418.105-O-3.
2.3
Terreinverkenning Op 24 juli 2019 is door Antea Group een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij zijn geen bijzonderheden waargenomen anders dan hetgeen in paragraaf 2.2 is vermeld. Foto’s van de terreininspectie zijn opgenomen in bijlage 13.
Blad 5 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
2.4
Gebruik en beïnvloeding van de locatie door gebruik
2.4.1
Voormalig, huidig en toekomstig gebruik Voormalig en huidig gebruik Voor het vaststellen van het voormalige en huidige gebruik van de onderzoekslocatie is gebruik gemaakt van informatie uit het eerder verrichte historisch onderzoeken (o.a. verkennend onderzoek 1995 [I], eindsituatieonderzoek 2012 [XIII] en historisch bodemonderzoek 2014 [XIV], aangevuld met topografische kaarten uit www.topotijdreis.nl, Omgevingsrapportage en informatie uit de periode na 2014. In bijlage 2 zijn uitsnedes uit diverse topografische kaarten uit www.topotijdreis.nl weergegeven en zijn delen opgenomen uit het verkennend bodemonderzoek uit 1995 [I]. Uit die kaarten en overige informatie blijkt dat de onderzoekslocatie vanaf 1900 tot 2003 steeds verder in zuidelijke richting is uitgebreid. Halverwege het huidige bedrijfsterrein heeft tot medio jaren ’50 van de vorige eeuw nog een weg van west naar oost gelegen die aan de oostzijde aansloot op de Watermolenstraat. In 1958 is de oorspronkelijk Leij, die over het huidige fabrieksterrein liep, gedempt. Aan de Bergstraat ten noorden van de onderzoekslocatie werd in de loop der jaren steeds meer bijgebouwd (woningen) en in het westen werd bedrijfsterrein Tijvoort ingericht met vele bedrijven. Aan de oost- en zuidzijde grenst de onderzoekslocatie aan respectievelijk een beek en een open gebied met natuur- en landbouwgronden.
In 1865 heeft HaVeP zich op de onderzoekslocatie gevestigd, tot 1865 heeft de locatie een agrarische functie gehad. Het bedrijf produceert bedrijfskleding. In 1908 stapte de firma over op stoomweverij. De activiteiten hebben tot 2010 bestaan uit spinnen, weven en veredelen van textiel. Tegenwoordig bestaan de activiteiten uit de distributie en opslag van eindproducten (bron: eerder verrichte onderzoeken, zie bijlage 2). Omgevingsrapportage Vanaf 2019 is de bodeminformatie uit Bodemloket binnen de provincie Noord-Brabant voor veel gemeenten vervangen door het opvragen van een Omgevingsrapportage. De rapportage is gemaakt met behulp van het bodeminformatiesysteem van de gezamenlijke omgevingsdiensten in Noord-Brabant. Indien er van een onderzoekslocatie of directe omgeving daarvan, bodemonderzoeken, ondergrondse tanks en/of historisch bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden, zijn die vermeld in de Omgevingsrapportage. Uit de opgevraagde Omgevingsrapportage (d.d. 4 juli 2019) volgt dat op de onderzoekslocatie diverse (bodembedreigende) activiteiten hebben plaatsgevonden (o.a. textiel- en kledingindustrie, textielververij/-spinnerij, wasserij (natwasserij), timmerwerkplaats en benzine-service-station).
Daarnaast zijn op en nabij de onderzoekslocatie de volgende (bodembedreigende) activiteiten vermeld in de Omgevingsrapportage: Bergstraat 7: machine- en apparatenreparatiebedrijf, periode 1967-onbekend. Bergstraat 15: benzine-service-station, periode 1934-onbekend. Bergstraat 17: brandstoffengroothandel (vast), periode 1931-1960. Bergstraat 26: timmerwerkplaats, periode 1931-onbekend. Bergstraat 37: foto- en filmontwikkelcentrale, periode 1992-onbekend en brandstoftank (periode onbekend). Bergstraat 39: schildersbedrijf, periode 1944-1974. Bergstraat 82: petroleum of kerosinetank (bovengronds), periode 1939-onbekend.
Blad 6 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Bij al deze locaties is aangegeven dat niet bekend is of ter plaatse de bodem verontreinigd is en dat geen bodemonderzoek is verricht. Toekomstig gebruik In de (nabije) toekomst zal ter plaatse woningbouw worden gerealiseerd waarbij de aanwezige biomassacentrale wordt gehandhaafd.
2.4.2
Luchtfoto’s De globale ligging van de onderzoekslocatie is met een rode contour weergegeven op de luchtfoto’s uit de periode 2008-2018, zie luchtfoto’s 2.2 t/m 2.5 (bron: Street Smart). Op de luchtfoto’s uit 2008 en 2011 is te zien dat de onderzoekslocatie in die periode weinig tot geen wijzigingen heeft ondergaan. In de periode 2011-2012 aan de noordoostzijde van het bedrijfsterrein van HaVeP enkele gebouwen gesloopt (gebouw van de chemicaliënopslag/oliehok en de bulkopslag olie/bovengrondse stookolietanks). De situatie is na 2012 tot heden niet gewijzigd.
Luchtfoto 2.2: Situatie 2008 (bron: Street Smart)
Luchtfoto 2.3: Situatie 2011 (bron: Street Smart)
Luchtfoto 2.4: Situatie 2012 (bron: Street Smart)
Luchtfoto 2.5: Situatie 2018 (bron: Street Smart)
Blad 7 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
2.4.3
Milieu-, tank- en bouwarchieven Onderstaande informatie is afkomstig uit het rapport van het eerder verrichte ‘Eindsituatie onderzoek Bergstraat 50 te Goirle’ uit 2012, Omgevingsrapportage en aangevuld met recente informatie afkomstig van de gemeente Goirle. Milieuarchief In het meer recente verleden zijn de volgende vergunningen verleend en/of meldingen ingediend: In 2003 is een revisievergunning in het kader van de Wet milieubeheer verleend voor het veranderen van de inrichting. Het bedrijf is onder andere uitgebreid met een extra weverij op het meest zuidelijke deel van de locatie. In 2003 is door Waterschap De Dommel een melding geaccepteerd in verband met het uitbreiden van de weverij-activiteiten en de daarbij horende verandering van de lozing. Op 5 februari 2004 is door de provincie Noord-Brabant een beschikking ‘Ernst en urgentie’ afgegeven op een nader onderzoek en saneringsplan betreffende een bodemverontreiniging met minerale olie en vluchtige aromaten ter plaatse van een voormalige afleverzuil (brief met kenmerk 0972107). In 2005 is door Waterschap De Dommel een vergunning in het kader van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren verleend. In 2006 is een vergunning in het kader van de Wet milieubeheer verleend voor het bijplaatsen van een bovengrondse olietank (15 m3). De tank bevindt zich nabij de westelijke perceelsgrens.
Op 20 december 2007 is door de provincie Noord-Brabant ingestemd met een ingediend saneringsverslag van een bodemsanering die is uitgevoerd ter plaatse van de voormalige afleverzuil (brief met kenmerk 1358522). De sanering kan als afgerond worden beschouwd. Een nazorgplan is niet van toepassing. Vanaf 1 januari 2013 is het Activiteitenbesluit van toepassing op het bedrijf Van Puijenbroek Textiel. Voor zover bekend hebben er op de onderzoekslocatie geen calamiteiten of overtredingen van voorschriften in het kader van de Wet milieubeheer en/of Wet bodembescherming en/of andere milieuregelgeving plaatsgevonden, op een incident met weggelekte dieselolie uit een brandstoftank van een vrachtauto na. Dit incident heeft plaatsgevonden in 2006. Een groot gedeelte van de weggelekte brandstof is opgevangen in bakken en op de verharding waarop de gelekte brandstof was terechtgekomen, waren absorptiekorrels aangebracht. Aansluitend is een bodemsanering uitgevoerd, waarbij 38 m3 verontreinigde grond en 6 m3 verontreinigde klinkers zijn afgevoerd. In de controlemonsters van de ontgravingsput zijn geen gehalten aan minerale olie en vluchtige aromaten boven de detectielimiet aangetoond. Conclusie is dat de verontreiniging als gevolg van het incident geheel is gesaneerd (bron: briefrapport ‘Calamiteit Bergstraat 50 (HaVeP) te Goirle’, Oranjewoud, kenmerk 2587-168065, oktober 2006) [VIII].
Het briefrapport van deze sanering is toegevoegd aan bijlage 2. Tankarchief Uit de Omgevingsrapportage blijkt dat geen informatie bekend is omtrent eventuele ondergrondse tanks op of direct grenzend aan de onderzoekslocatie. Bij de gemeente Goirle zijn twee tanksaneringscertificaten aanwezig. Eén certificaat betreft een tanksanering van een 6.000 l ondergrondse HBO-tank (locatie Bergstraat 88A, certificaatnr. P.1524, d.d. 13 februari 1995, uitgevoerd door Spierings Hilvarenbeek). Het andere certificaat betreft een tanksanering van een 12.000 l ondergrondse HBO-tank (locatie Bergstraat 98A, certificaatnr. P.1524, d.d. 13 februari 1995, uitgevoerd door Spierings Hilvarenbeek). Bij beide tanks zijn in de bodem rondom de gesaneerde tank geen verontreinigingen aangetroffen. Beide tanks zijn inwendig gereinigd, verwijderd en afgevoerd naar een geaccepteerd verschrotingsbedrijf.
Blad 8 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Bouwarchief Omdat parallel aan het bodemonderzoek een asbestinventarisatie in gebouwen is/wordt uitgevoerd, zijn geen bouwarchieven geraadpleegd. Deze zijn/worden meegenomen bij de asbestinventarisatie in gebouwen.
2.5
Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit
2.5.1
Bodemonderzoeken/beschikkingen In 2014 is door Antea Group een historisch onderzoek uitgevoerd voor projectgebied Bergstraat 50 ong. te Goirle (kenmerk: 236126, december 2014). De huidige onderzoekslocatie maakt deel uit van een groter gebied waarop het historisch onderzoek is uitgevoerd, zie luchtfoto 2.6. De resultaten van eerder uitgevoerde bodemonderzoeken die beschreven staan in het historisch onderzoek uit 2014 zijn opgenomen in het voorliggende onderzoek. In bijlage 2 zijn de conclusies en de situatietekening uit het rapport van het historisch onderzoek opgenomen. Op 3 januari 2019 en op 29 juli 2019 is navraag gedaan bij de gemeente Goirle voor nieuwe bodeminformatie sinds 2014 en voor de gebieden die in 2014 niet meegenomen zijn. Maandag 21 januari 2019 heeft een medewerker van de gemeente Goirle laten weten dat voor het gebied één nieuw onderzoek bekend is sinds 2014. In deze paragraaf wordt verder ingegaan op de resultaten van de diverse onderzoeken.
Luchtfoto 2.6: Huidige onderzoekslocatie (blauwe contour), gebied historisch onderzoek 2014 (rode contour)
Ter plaatse van het bedrijfsterrein van HaVeP, Bergstraat 50, zijn diverse bodemonderzoeken uitgevoerd. Bodemonderzoeken HaVeP In de periode 1995 - 2018 zijn diverse bodemonderzoeken en saneringen uitgevoerd op het bedrijfsterrein van HaVeP. Hieronder staan de resultaten van de onderzoeken samengevat.
Blad 9 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
I. II. III. IV. V. VI. VII. VIII. IX. X. XI. XII. XIII.
XIV. XV. XVI.
Verkennend bodemonderzoek op het bedrijfsterrein aan de Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 8245-72983, d.d. april 1995 Nader bodemonderzoek bedrijfsterrein Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 8245-75031, d.d. 21 november 1996 Nader bodemonderzoek ter plaatse van de Bergstraat 50 te Goirle, Fugro, kenmerk 89010029, d.d. 14 januari 2002 Verkennend bodemonderzoek Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 3509-114855, d.d. 7 juni 2002 Grondwateronderzoek nieuwe ververij (gebouw 96) Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 3509-114855, d.d. 8 oktober 2002 Aanvullend nader bodemonderzoek voormalige afleverzuil Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 3509-114854, oktober 2002 Saneringsplan bedrijfsterrein Bergstraat 50 te GOIRLE, Oranjewoud, kenmerk 3509-115379, juli 2003 Calamiteit Bergstraat 50 (HaVeP) te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 2587-168065, d.d. 30 oktober 2006 Evaluatierapport grond- en grondwatersanering vml. afleverzuil Bedrijfsterrein Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 4910-147975, d.d. 8 augustus 2007 Grondwatermonitoring vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl) Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 180942, d.d. 6 juni 2008 Actualisatie bodemonderzoek deellocaties G en V Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 180942, d.d.
12 december 2008 Verkennend en nader bodemonderzoek Bergstraat 50 (gedeeltelijk) te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 236126, d.d. 3 december 2010 Eindsituatie onderzoek Bergstraat 50 te Goirle, Oranjewoud, kenmerk 236126EIND, d.d. 31 augustus 2012 XIIIa Herbemonstering grondwater ten behoeve eindsituatie onderzoek bedrijfsterrein HaVeP aan de Bergstraat 50 te Goirle, kenmerk 236126EIND, d.d. 15 februari 2013 Historisch bodemonderzoek 50 ong. te Goirle, kenmerk 236126, december 2014 Verkennend bodemonderzoek Bergstraat 50 te Goirle, Antea Group, kenmerk 236126, d.d. 5 februari 2015 Verkennend (water)bodem- en asbestonderzoek (groen-blauwe zone) Zuidrand Goirle, Antea Group, kenmerk 420418.05) Bij het verkennend onderzoek uit 1995 [I] zijn elf voormalige deellocaties (genummerd I t/m XI, NB er is geen relatie met bovenstaande nummering van alle uitgevoerde onderzoeken) en elf destijds actuele deellocatie (genummerd A t/m K) onderzocht. Toen is vastgesteld dat ter plaatse van de volgende locaties sprake was van sterke verontreinigingen: 1. Deellocaties I+II: een voormalige afleverzuil voor benzine --> sterke grond- en grondwaterverontreiniging met minerale olie en vluchtige aromaten. 2. Deellocatie V: bovengrondse HBO-tanks --> sterke verontreiniging met minerale olie in de grond. 3. Deellocatie G: riooltracé --> sterk grond- en grondwaterverontreiniging met zware metalen. 4.
Plaatselijk verspreid over het bedrijfsterrein --> sterk verontreiniging met VOCl (met name tetrachlooretheen: PER) in het grondwater. Deze sterke verontreinigingen zijn tijdens diverse onderzoeken nader onderzocht.
Blad 10 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Ad 1: De sterke verontreinigingen met minerale olie en vluchtige aromaten in grond en grondwater zijn tijdens de nadere onderzoeken [II, III, VI] voldoende afgebakend, waarna in 2007 ter plaatse van de voormalige ondergrondse benzinetank met afleverzuil een bodemsanering [VII] heeft plaatsgevonden. Tijdens de sanering is totaal 1.239,52 ton met oliecomponenten en vluchtige aromaten verontreinigde grond ontgraven en afgevoerd. Daarnaast is in totaal is ca. 29.000 m3 grondwater onttrokken. In het diepere grondwater zijn na afloop van de saneringswerkzaamheden nog marginale verhogingen aan benzeen gemeten. Het evaluatierapport van Oranjewoud (2007) [IX] is door de provincie Noord-Brabant beoordeeld (brief met kenmerk 1358522, d.d. 20 december 2007). In deze brief staat vermeld dat uit de controlemonsters blijkt dat in de putbodem en –wanden geen gehalten boven de terugsaneerwaarden (streefwaarde van minerale olie en vluchtige aromaten (BTEX)) zijn aangetoond, waarmee de grondsanering als afgerond wordt beschouwd. Uit de controlemonsters van het grondwater blijkt dat de concentraties na afronding van de sanering niet voldoen aan de terugsaneerwaarden, daar in het grondwater nog licht verhoogde concentraties aan benzeen zijn aangetoond.
Gezien de zeer marginale overschrijdingen van de streefwaarde voor benzeen in het grondwater en het gegeven dat geen sprake meer is van humane, ecologische en/of verspreidingsrisico’s, wordt de sanering als afgerond beschouwd. De beschikking van de provincie is toegevoegd in bijlage 2. Ad 2: Ter plaatse van deze deellocatie is een sterke verontreiniging met minerale olie in de bovengrond aangetoond. Deze verontreiniging is niet geheel ingekaderd, daar in de afperkboringen nog licht verhoogde gehalten aan minerale olie zijn aangetoond. De geschatte omvang van de sterk verontreinigde grond bedraagt ca. 65 m3 (oppervlakte van 130 m2, traject 0,0-0,5 m -mv.). In het grondwater is maximaal een licht verhoogde concentratie aan tolueen aangetoond. In 2008 [XI] heeft een actualisatie onderzoek plaatsgevonden ter plaatse van de bovengrondse HBOtank. De verontreiniging met minerale olie in de bovengrond ter plaatse van (voormalige) bovengrondse HBO-tanks heeft zich niet verspreid tot in het grondwater. Ad 3: Uit diverse eerder verrichte onderzoeken blijkt dat bij deellocatie G gelegen aan de oostzijde van de onderzoekslocatie bij de terreingrens met de Watermolenstraat in de grond en het grondwater sprake is van sterke verontreinigingen met zware metalen (met name cadmium en zink).
In de grond zijn ter plaatse zintuiglijk puin, kolengruis, verfpasta, slakken, coatingresten waargenomen alsmede een sterke carbolineumgeur. De sterke verontreiniging met zware metalen bij deellocatie G ligt ook gedeeltelijk buiten de terreingrens van het bedrijfsterrein van HaVeP. Buiten de terreingrens van de HaVeP is bij deze deellocatie in 2003 door UDM een bodemonderzoek verricht en heeft aansluitend een deelsanering plaatsgevonden. Het betreft de volgende twee rapporten: XVII. Verkennend en aanvullend milieukundig bodemonderzoek ter plaatse van de Watermolenstraat te Goirle, UDM, kenmerk 02.02.223, d.d. 6 januari 2003 XVIII. Evaluatie deelsanering aan de Watermolenstraat te Goirle, UDM, kenmerk 03.02.042, d.d. 4 november 2003 Aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen reconstructie van de riolering in de Watermolenstraat. Ter plaatse van het onderzoeksterrein is circa 480 m3 grond sterk verontreinigd met cadmium, koper, lood en zink. De totale omvang van de verontreiniging is niet bekend. Het freatisch grondwater is licht verontreinigd met cadmium, zink, xylenen en tetrachlooretheen.
Blad 11 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Ter plaatse van geplande reconstructiewerkzaamheden in de openbare weg is de verontreinigde grond ontgraven en schone aanvulgrond toegepast (circa 366 m 3). Ter plaatse van de putwanden- en bodem zijn sterke restverontreinigingen met zware metalen achtergebleven. Daar de sterke restverontreiniging zich in de ondergrond bevindt zijn er geen risico's voor het gebruik als 'infrastructuur'. Uitloging van de verontreinigde grond naar de schone aanvulgrond is daarbij wel mogelijk. Het evaluatierapport van UDM is door de provincie Noord-Brabant beoordeeld (brief met kenmerk 968726, d.d. 21 januari 2004). In deze brief staat vermeld dat de sanering conform het saneringsplan is uitgevoerd en het project hiermee als afgerond kan worden beschouwd. In 2008 [XI] heeft een actualisatie onderzoek plaatsgevonden bij deellocatie G om vast te stellen of verspreiding van de sterke grondverontreiniging met zware metalen naar het grondwater optreedt. In het grondwater zijn sterk verhoogde concentraties aan cadmium en zink aangetoond. Ad 4: Op het bedrijfsterrein zijn bij eerder verrichte onderzoeken plaatselijk sterk verhoogde concentraties aan tetrachlooretheen (PER) aangetoond. In 2008 [X] zijn diverse peilbuizen waarbij tijdens eerder onderzoek matig en/of sterk verhoogde concentraties aan PER waren aangetoond herbemonsterd.
Alleen aan de zuidoostzijde op het bedrijfsterrein is nog bij één peilbuis (nr. 318: 3,0-4,0 m -mv.) een matig verhoogde concentratie aan PER aangetoond. Verder zijn maximaal licht verhoogde concentraties aan PER, cis-1,2-dichlooretheen (CIS) en VC gemeten. Aangezien CIS en VC afbraakproducten van PER zijn, duidt dit erop dat biologische afbraak van gechloreerde ethenen plaatsvindt. Het briefrapport is opgenomen in bijlage 2. Daarnaast is inpandig bij een grondwateronderzoek in 2002 [V] een sterk verhoogde concentratie aan PER aangetoond en matig verhoogde concentraties aan minerale olie, koper en nikkel (peilbuis 419: 1,03,0 m -mv.). Deze peilbuizen 318 en 419 bevond zich globaal zuidoostelijk op het bedrijfsterrein. In 2012 [XIII] is voor het eindsituatie onderzoek onder andere een peilbuis geplaatst bij het laboratorium, peilbuis B02. In deze peilbuis is een matig verhoogde concentratie PER aangetoond, ook na herbemonstering. Verder zijn hier maximaal licht verhoogde concentraties aan 1,1,2-Trichloorethaan, 1,2-Dichloorethenen en Vinylchloride in het grondwater aangetoond. Conclusie ad 1 t/m 4: Ad 1: multifunctioneel gesaneerd Ad 2: sterke grondverontreiniging met minerale olie Ad 3: sterke grond- en grondwaterverontreiniging met zware metalen, gedeeltelijk gesaneerd ter plaatse van riolering in Watermolenstraat.
Ad 4: Geen sterke grondwaterverontreiniging met VOCl Nieuwbouw 2002 In 2002 [IV] is op het zuidwestelijke terreingedeelte een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd in het kader van de geplande nieuwbouw (opp. 6.800 m2) op dat terreingedeelte. Vóór deze nieuwbouw was de locatie deels in gebruik als paarden- en schapenwei en deels voor de opslag van bouwmaterialen. Bij het onderzoek zijn in de grond en het grondwater maximaal licht verhoogde gehalten aan enkele van de onderzochte parameters aangetoond. Na het onderzoek is de nieuwbouw gerealiseerd en voorzien van een degelijke betonvloer. Tevens is een gedeelte van het gebouw voorzien van een kelder. Ter plaatse van de kelder zullen inpandig geen boringen worden verricht. De grond die is vrijgekomen bij de aanleg van dit gebouw en de kelder is aan de westzijde van de onderzoekslocatie aangebracht in twee grondwallen. Beide grondwallen zijn in 2019 [XV] reeds onderzocht en zullen derhalve niet opnieuw worden onderzocht.
Blad 12 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Nieuwbouw biomassa verbrandingsinstallatie 2010 In 2010 is door Oranjewoud een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd [XII] naar aanleiding van de voorgenomen nieuwbouw van een biomassa verbrandingsinstallatie en de verkoop van deze nieuwbouwlocatie. In het zwak puin- en kolengruishoudende mengmonster van de ondergrond is een matig verhoogd gehalte aan zink en licht verhoogde gehalten aan cadmium, lood en PAK gemeten. Op basis van het matig verhoogde gehalte aan zink is het mengmonster uitgesplitst. In één individueel monster is een sterk verhoogd gehalte aan zink gemeten. In het andere individuele monster is zink niet verhoogd aangetoond. In het zintuiglijk met puin verontreinigde zand van de bovengrond zijn licht verhoogde gehalten aan cadmium, zink en minerale olie gemeten. Bij nader bodemonderzoek is de sterke verontreiniging met zink verder ingekaderd. In de kolengruishoudende bodemlaag zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan zink aangetoond. De sterke verontreiniging met zink lijkt een lokale spot te zijn. In totaal is maximaal 20 m3 grond sterk met zink verontreinigd. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties molybdeen, nikkel en PER gemeten. In bijlage 2 zijn de relevante pagina’s en situatietekening uit het onderzoek uit 2010 [XII] opgenomen.
Eindsituatie-onderzoek 2012 In het kader van de beëindiging van een aantal bedrijfsprocessen en de verplichting vanuit de regelgeving is in de periode juni-augustus 2012 [XIII] een eindsituatie-onderzoek uitgevoerd. De historische activiteiten en beëindigde bedrijfsactiviteiten op het terrein van de HaVeP zijn bij het eindsituatie-onderzoek in 2012 onderzocht (deellocaties A t/m N). Opmerking: de in voorgaande onderzoeken toegepaste deellocatie-aanduidingen waarbij gebruik gemaakt is van letters (bijvoorbeeld deellocatie G), komt niet overeen met de deellocatie-aanduiding bij het eindsituatie-onderzoek. Zie voor een overzicht tabel 2.2 en tekening Zie ook tekening 420418.105-DL-1. Op het terrein van de HaVeP zijn bij de deellocaties F en G bodemverontreinigingen in de grond en/of het grondwater aangetoond met diverse zware metalen (met name zink) waarvan de omvang bekend is. Plaatselijk is in de grond een matig verhoogd gehalte aan minerale olie (deellocatie H) aangetoond. Ook zijn nog licht en matig verhoogde concentraties aan vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (met name PER) in het grondwater aangetoond (matig in peilbuis B02, deellocatie B,).
Bij de overige deellocaties zijn geen tot maximaal licht verhoogde gehalten aan enkele zware metalen en/of minerale olie in de grond en/of licht verhoogde concentraties aan enkele vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen (VOCl) en/of zware metalen aangetoond. Na beoordeling van het eindsituatie-onderzoek zijn op verzoek van de gemeente Goirle twee peilbuizen herbemonsterd. Deze herbemonstering is gerapporteerd in een separaat briefrapport [XIIIa]. Uit voorgaand onderzoek uit 1995 blijkt dat ter hoogte van peilbuis E002 sterk verhoogde concentraties aan VOCl in het grondwater zijn gemeten. De sterk verhoogde concentraties aan VOCl zijn in een in 2008 uitgevoerde grondwatermonitoring niet meer aangetoond. Afbraakparameters zijn destijds wel onderzocht maar niet aangetoond. In 2012 is het grondwater uit peilbuis E002, met goedkeuring van de gemeente Goirle, alleen geanalyseerd op minerale olie en aromaten. Op verzoek van de gemeente Goirle is het grondwater alsnog bemonsterd op VOCl. In het grondwater van peilbuis G001 is tijdens het eindsituatie onderzoek in eerste instantie een matig verhoogde concentratie en na herbemonstering een sterk verhoogde concentratie aan nikkel gemeten. Tijdens een in 1996 uitgevoerd onderzoek is de concentratie aan nikkel ter plaatse niet verhoogd gemeten.
Op verzoek van de gemeente Goirle is het grondwater nogmaals bemonsterd en geanalyseerd op nikkel. Uit de resultaten van de herbemonstering blijkt dat in 2013 in beide peilbuizen maximaal licht verhoogde concentraties aan PER, VC of nikkel zijn gemeten. De resultaten van peilbuis E002 komen overeen met die van de voorlaatste bemonstering in 2008 (geen verhoogde concentraties).
Blad 13 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
De resultaten van peilbuis G001 komen overeen met de resultaten uit 1995 (geen verhoogde concentratie). Wat opvalt is dat de in 1996, 2012 (2x) en 2013 gemeten concentraties aan nikkel sterk fluctueren. Dergelijke fluctuaties zijn typerend voor regionale verhoogde achtergrondwaarden. De relevante pagina’s en tekeningen uit het eindsituatieonderzoek [XIII en XIIIa] zijn aan bijlage 2 toegevoegd. Gedempte sloot In het onderzoek uit 1995 [I] en 1996 [II] zijn in de grond matig en sterk verhoogde gehalte aangetoond in de grond ter plaatse een gedempte sloot (niet ter plaatse van deellocatie XI uit 1995 maar ter plaatse van deellocatie A/B/C. Tijdens het eindsituatieonderzoek in 2012 [XIII] is wederom onderzoek gedaan maar is geen verontreiniging aangetoond. In het historisch onderzoek van 2014 is geconcludeerd dat de slootdemping vermoedelijk nog wel aanwezig en is als worstcase een hoeveelheid verontreinigde grond geraamd. Verbouwing (overkapping) 2015 In februari 2015 heeft een onderzoek plaatsgevonden naar aanleiding van het voornemen om een overkapping te realiseren [XV]. De locatie is gelegen tussen de bedrijfspanden op het (zuid)westelijke deel van het terrein. In de grond zijn bijmengingen met puin aangetroffen, zowel zwak als uiterst. Analytisch blijkt dat in de boven- en de ondergrond geen verhoogde gehalten aan onderzochte parameters zijn aangetoond.
Het grondwater bevat licht verhoogde concentraties molybdeen en PER. Groen-blauwe zone Zuidrand Goirle (inclusief onderzoek grondwal HaVeP terrein) In het kader van de voorgenomen herinrichting is voor de herontwikkelingslocatie buiten de fabriekslocatie van de HaVeP een verkennend bodem en asbestonderzoek [XVI] uitgevoerd. In dit onderzoek is ook de grondkwaliteit van de grondwal op het terrein van de fabriekslocatie onderzocht. Dit is meegenomen om te inzicht te krijgen in zowel de milieutechnische als civieltechische kwaliteit van de grond voor de bepaling van de toepassingsmogelijkheden binnen de herinrichting. In de grondwal is een licht verhoogd gehalte aan PAK aangetoond. De overige gehalten zijn kleiner dan de achtergrondwaarde. Tabel 2.2: Overzicht naamgeving deellocaties voorgaande onderzoeken 1995 en 2012 1995 [I]
2012 [XIII]
I
Voormalige ondergrondse dieselolietank
-
-
II
Voormalige ondergrondse benzinetank met afleverzuil
-
-
III
Voormalige ondergrondse dieselolietank
-
-
IV
Voormalige ondergrondse dieselolietank
-
-
V
Voormalige bovengrondse opslag van huisbrandolie
H
Diverse onderdelen (o.a. Bulkopslag olie, tankplaats, olietank, opslag sintels, bovengrondse stookolietanks)
VI
Voormalig brandplaats van bedrijfsafvalstoffen
-
-
VII
Voormalige werkplaats
-
-
VIII
Voormalige opslag chemicaliën en verfstoffen
-
-
IX
Voormalige drukkerij
-
-
Blad 14 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Tabel 2.2: Overzicht naamgeving deellocaties voorgaande onderzoeken 1995 en 2012 1995 [I]
2012 [XIII]
X
Voormalige smederij met ontvetting
-
-
XI
Voormalige sloot, mogelijk gevuld met afvalstoffen
-
-
A
Ketelhuis
-
-
B
Compressorruimte
-
-
C
Traforuimte
-
-
D
Kolenopslag en omgeving
I
Kolenopslag
E
Smederij en Technische dienst
E
Werkplaats technische dienst
F
Ontvettingsapparatuur
-
-
G
Riooltracés / Oostelijk terreindeel
M2
Riooltracé
H
Olie- en chemicaliënmagazijn
G
Diverse onderdelen (o.a. Chemicaliënopslag en oliehok)
I
Chemicaliënmagazijn
C
Diverse onderdelen (o.a. Merceriseermachine, verdampinstallatie, verfstraat, opslatanks natronloog)
J
Verfkeuken
K
Opslag chemicaliën
-
-
A
Ruwerij / Compressorhok
-
-
B
Laboratorium
-
-
D
Opslagtanks zetmeel en kleurstof
-
-
F
Diverse onderdelen (o.a. Hotflue-machine, oude en nieuwe artos)
-
-
J
Afvalwater meetgoot
-
-
K
Opslag sterkmiddelen
-
-
L
Opslag verven en lakken
-
-
M1
Riolering
-
-
N
Voormalige slootbodem
Zie ook tekening 420418.105-DL-1
Bodemonderzoek nabij onderzoekslocatie Verkennend asbest-en verkennend en nader bodemonderzoek Bergstraat (ong.) te Goirle, Lankelma Ingenieursbureau, kenmerk: 67698, d.d. 11 juli 2016 De onderzoekslocatie is gelegen ter plaatse van Bergstraat 30, nabij het terrein van HaVeP. De aanleiding voor het bodemonderzoek is de geplande ontwikkeling van de locatie. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn zintuiglijk bijmengingen met baksteen waargenomen (zwak en sporen). Uit de resultaten blijkt dat in de bovengrond licht tot strek verhoogde gehalten aan lood en zink zijn aangetoond en licht verhoogde gehalten aan cadmium, koper en kwik. De sterk verhoogde gehalten zijn
Blad 15 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
mogelijk veroorzaakt door de voormalige activiteiten, een smederij, welke op een direct aangrenzend terreindeel zouden hebben plaatsgevonden. Analytisch is deze sterk verontreinigde bodemlaag in horizontale en verticale richting in voldoende mate ingekaderd. De oppervlakte van deze verontreiniging wordt geraamd op circa 12 m2 en de omvang van de verontreiniging wordt geschat op 5 m 3. Er is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. In een mengmonster van de bovengrond is geen asbest aangetoond. In het grondwater is een licht verhoogde concentratie molybdeen aangetoond. Asbest Voor zover bekend is voor de locatie geen sprake van (voormalige) asbestverdachte activiteiten. Op de locatie is wel sprake van een halfverharding ter plaatse van het parkeerterrein aan de westzijde van de onderzoekslocatie. Daarnaast zijn bij de eerder verrichte onderzoeken op diverse locaties puinbijmengingen in de grond aangetoond die in principe als asbestverdacht worden beschouwd. Specifiek onderzoek naar asbest heeft nog niet eerder plaats gevonden. PFAS PFAS (Per- en PolyFluorAlkyl Stoffen) is een stofgroep van gefluoreerde koolwaterstoffen, die van nature niet afbreken en in hogere concentraties schadelijke gevolgen kunnen hebben voor mens, dier en milieu. Tot deze stofgroep worden PFOS, PFOA en GenX gerekend.
Sinds juli 2019 is er ook buiten de regio’s Helmond en Dordrecht inzicht nodig in het voorkomen van deze stofgroep bij het afvoeren van gronden. Tijdens onderhavig onderzoek is indicatief aandacht besteed aan de stoffen uit de PFAS stofgroep. Overige historische gegevens Tijdens de uitvoering van het historisch onderzoek zijn geen gegevens gevonden over de verbranding of stort van afval, (her)gebruik van grond of andere bouwmaterialen, het (voormalige) gebruik van asbest, verkaveling, (sloot)dempingen, ontgrondingen, aanvullingen (behalve de grondwal aan de westzijde op het bedrijfsterrein van HaVeP), afzetting van bodemvreemd materiaal en onbetrouwbaarheden of tegenstrijdigheden.
2.5.2
Bodemkwaliteitskaart (BKK) Op de bodemkwaliteitskaart van de site van bodemkwaliteitskaart Midden-& West-Brabant (Antea Group) is zichtbaar dat nagenoeg de volledige onderzoekslocatie ligt in een uitgesloten gebied (grijs gekleurd gebied). Alleen de Watermolenstraat en het gebied ten oosten daarvan en het zuidelijke deel van de onderzoekslocatie vallen wel in een gezoneerd gebied. Voor dat terreingedeelte geldt dat zowel de bovengrond als de ondergrond voldoet aan bodemkwaliteitsklasse Achtergrondwaarde (AW2000). In figuur 2.1 zijn uitsnedes uit de bodemkwaliteitskaart voor de boven- en ondergrond weergegeven.
Blad 16 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Bovengrond
Ondergrond Figuur 2.1: Uitsnedes uit de bodemkwaliteitskaart voor de boven- en ondergrond van bodemkwaliteitskaart Midden-& WestBrabant (Antea Group)
2.5.3
Bodemfunctieklassekaart Op de bodemfunctieklassenkaart van de site van Bodemkwaliteitskaart Midden-& West-Brabant (Antea Group) heeft het grootste gedeelte van de onderzoekslocatie (het bedrijfsterrein van HaVeP) de functieklasse Industrie. De Watermolenstraat en het gebied ten oosten daarvan ligt in een gebied met functieklasse Wonen. Het zuidelijke terreingedeelte ligt in een gebied met functieklasse Landbouw/natuur. In figuur 2.2 is een uitsnede uit de bodemfunctieklasse kaart weergegeven.
Blad 17 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Figuur 2.2: Uitsnede uit de bodemfunctieklassenkaart van bodemkwaliteitskaart Midden-& West-Brabant (Antea Group)
2.6
Bodemopbouw en geohydrologie Voor de plaatselijke bodemopbouw wordt verwezen naar paragraaf 4.1. Ten aanzien van de bodemopbouw en geohydrologie kan het volgende worden vermeld: Freatische grondwaterstand: ca.1,8 m -mv. Regionale grondwaterstroming in het eerste watervoerend pakket: noordoostelijk Voorkomen van oppervlaktewater in de directe omgeving: ja, de zuidoostzijde van de locatie grenst aan ‘De Nieuwe Leij’ Voorkomen van brak/zout grondwater: nee Ligging binnen een grondwaterbeschermingsgebied: nee Ophogingen/dempingen/bodemvreemde lagen bekend?: Op de onderzoekslocatie is ten westen van het HaVeP terrein een grondwal aanwezig, waarvan de grond afkomstig van de eigen locatie. Is het grondwatersysteem beïnvloed door menselijk handelen (drainage, bemalingen, onttrekkingen, infiltratie)?: voor zover bekend geen beïnvloeding. De gegevens over de geohydrologie zijn verkregen uit de Grondwaterkaart van Nederland (DGV-TNO) en de actuele kaarten met grondwaterbeschermingsgebieden.
2.7
Conclusie vooronderzoek en hypothese De verzamelde informatie geeft aanwijzingen voor de aanwezigheid van (voormalige) bodembedreigende activiteiten op het onderzoeksterrein. Er zijn reeds veel onderzoeken uitgevoerd op de onderzoekslocatie. Op basis van het vooronderzoek en de voorgenomen werkzaamheden zijn de in tabel 2.3 opgenomen deellocaties te onderscheiden ten behoeve van het onderhavige verkennend bodemonderzoek. Hieronder is per deellocatie een toelichting gegeven. Hiermee worden de bekende gegevens aangevuld en geactualiseerd en wordt aangesloten bij de huidige wettelijk kaders.
Blad 18 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Deellocatie 1 en 6 Tijdens diverse voorgaande onderzoeken zijn in het grondwater verspreid over de gehele bedrijfslocatie van HaVeP verhoogde concentraties aan VOCl gemeten. In 2008 [X] heeft daarop een hermonstering plaatsgevonden van diverse peilbuizen met matig tot sterk verhoogde concentraties. Alleen aan de zuidoostzijde op het bedrijfsterrein is hierbij in één peilbuis (nr. 318: 3,0-4,0 m -mv.) een matig verhoogde concentratie aan PER aangetoond. Het briefrapport is opgenomen in bijlage 2. Tijdens deze herbemonstering/actualisatie is peilbuis 419 (1,0-3,0) niet herbemonsterd. In het grondwater uit deze peilbuis zijn in 2002 [V] een sterk verhoogde concentratie aan PER aangetoond en matig verhoogde concentraties aan minerale olie, koper en nikkel. Op deze locaties is in onderhavig onderzoek het grondwater onderzocht (deellocatie 6) Tijdens het eindsituatieonderzoek in 2012 [XIII en XIIIa] is in peilbuis B02 een matig verhoogd gehalte aan PER aangetoond. Op deze locaties is in onderhavig onderzoek het grondwater onderzocht (deellocatie 1). Deellocatie 2 Tijdens het eindsituatieonderzoek in 2012 [XIII] is hier een geval van ernstige bodemverontreiniging vastgesteld met zink. In het huidige onderzoek wordt een actualisatie uitgevoerd in grond en grondwater. Deellocatie 3 In 2010 [XII] is lokale spot met zink aangetoond.
Tijdens het eindsituatieonderzoek in 2012 [XIII] is een matig en na herbemonstering een sterk verhoogde concentratie aan nikkel aangetoond in peilbuis G001. Op verzoek van de gemeente Goirle is in 2013 [XIIIa] nogmaals een herbemonstering uitgevoerd. De concentratie aan nikkel was toen licht verhoogd. Geconcludeerd is dat dergelijk fluctuaties typerend voor regionale verhoogde achtergrondwaarden aan metalen in Noord Brabant. In het huidige onderzoek wordt ter plaatse van deze locatie nogmaals de grond en het grondwater onderzocht op zware metalen. Deellocatie 4 Tijdens voorgaande onderzoeken [I, II en III] is een sterke verontreiniging met minerale olie in de bovengrond aangetoond. In het grondwater is maximaal een licht verhoogde concentratie aan tolueen aangetoond. In 2008 [XI] heeft een actualisatie onderzoek plaatsgevonden ter plaatse van de bovengrondse HBOtank. Hierbij is vastgesteld dat de verontreiniging zich niet verspreid tot in het grondwater. In het huidige onderzoek wordt een actualisatie uitgevoerd in grond en grondwater. Deellocatie 5 Tijdens voorgaande onderzoeken [I, II en III] is een sterke verontreiniging met zware metalen in de grond aangetoond. In het grondwater zijn sterk verhoogde concentraties aan zink en/of cadmium aangetoond.
Blad 19 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
In 2008 [XI] heeft een actualisatie onderzoek plaatsgevonden om vast te stellen of verspreiding van de sterke grondverontreiniging met zware metalen naar het grondwater optreedt. In het grondwater zijn sterk verhoogde concentraties aan cadmium en zink aangetoond. In het huidige onderzoek wordt een actualisatie uitgevoerd in grond en grondwater. Deellocatie 6 Met betrekking tot vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen zie deellocatie 1. Naast vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen zijn in het grondwater destijds matig verhoogde concentraties aan minerale olie, koper en nikkel aangetoond. In het huidige onderzoek wordt ter plaatse van deze locatie nogmaals het grondwater onderzocht op de eerder aangetoonde parameters. Tevens wordt de grond onderzocht. Deellocatie 7 In het huidige onderzoek wordt voor deze deellocatie de grond onder de aanwezige verhardingslaag onderzocht. De verhardingslaag zelf wordt milieuhygiënisch indicatief onderzocht. Deellocatie 8 In het huidige onderzoek betreft dit de overige terreindelen. Hierbij is ook de locatie van de gedempte sloot (zie paragraaf 2.5.1 ‘gedempte sloot’) meegenomen. Tabel 2.3: Overzicht deellocaties verkennend bodemonderzoek Deellocatie (oppervlakte in m2)
Hypothese
Strategie 1)
Deellocatie voorgaande onderzoeken 1995/2012
1.
B. Laboratorium (ca. 80 m2)
Maatwerk vanwege verontreiniging met VOCl 2)
n.v.t. 2)
1995: 2012: B
2.
F. Hotflue, artos (ca. 830 m2)
Maatwerk vanwege verontreiniging met zware metalen 2)
n.v.t. 2)
1995: 2012: F
3.
G. Chemicaliënopslag (ca. 100 m2)
Maatwerk vanwege verontreiniging met zware metalen 2)
n.v.t. 2)
1995: H 2012: G
4.
H. Bulkopslag olie (ca. 270 m2)
Maatwerk vanwege verontreiniging met minerale olie
n.v.t. 2)
1995: V 2012: H
5.
Watermolenstraat (ca. 700 m2)
Maatwerk vanwege verontreiniging met zware metalen 2)
n.v.t. 2)
1995: G 2012: M2
6.
Zuidoostzijde bedrijfsterrein (ca. 220 m2)
Maatwerk vanwege eerder aangetoond verhoogde concentratie met VOCl 2)
n.v.t. 2)
1995: 2012: Deellocatie gebaseerd op resultaten onderzoek 2002 [V] en 2008 [X]
7.
Parkeerplaats 3) (ca. 1.500 m2)
Verdacht
NEN 5740: VED-HE-NL
1995: 2012: -
2)
Blad 20 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Tabel 2.3: Overzicht deellocaties verkennend bodemonderzoek Deellocatie (oppervlakte in m2)
Hypothese
Strategie 1)
Deellocatie voorgaande onderzoeken 1995/2012
8.
Verdacht
NEN 5740: VED-HE-NL
1995: 2012: -
Overig terrein (ca. 56.300 m2)
1) Toelichting gebruikte onderzoekstrategieën: VED-HE-NL : Onderzoeksstrategie voor een verdachte niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming 2) Bij deze deellocaties is bij eerder verricht onderzoek reeds vastgesteld dat sprake is van een verontreiniging. Een hypothese vaststellen is derhalve niet van toepassing evenals een onderzoeksstrategie uit de NEN 5740. Door middel van maatwerk wordt vastgesteld of nog steeds sprake is van een verontreiniging en/of wat de omvang is van de verontreiniging. 3) Betreft grond onder de verhardingslaag (zie tabel 2.4 m.b.t. asbestonderzoek). De verhardingslaag is ook indicatief onderzocht op milieuhygiënische parameters
Asbest Op basis van het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat de locatie als asbestverdacht wordt aangemerkt omdat er aanwijzingen zijn voor bodembelastende activiteiten waarbij asbest op of in de bodem terecht is gekomen. In tabel 2.4 is een overzicht gegeven van de te onderzoeken deellocatie(s) voor het verkennend asbestonderzoek die op basis van de beschikbare voorinformatie bekend zijn. Tabel 2.4: Overzicht deellocaties verkennend asbestonderzoek Deellocatie (oppervlakte in m2)
Hypothese
Strategie 1)
7.
Parkeerplaats (ca. 1.500 m2)
Verdacht
NEN 5897: open halfverharding
1 t/m 6 en 8.
Overig terrein (ca. 58.500 m2)
Verdacht
NEN 5707: VED-HE
1)
VED-HE:
Diffuus belaste locatie met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging op schaal van monsterneming
PFAS In onderhavig onderzoek zijn indicatief een aantal PFAS analyses uitgevoerd ter plaatse van bekende bodemverontreinigingen met betrekking tot de mogelijke afzet van de verontreinigde grond.
Blad 21 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
3
Verrichte werkzaamheden
3.1
Veldwerkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd in de periode juli – augustus 2019. In september 2019 hebben aanvullende veldwerkzaamheden plaatsgevonden om aangetroffen verontreinigingen nader te onderzoeken dan wel zo nodig in te kaderen. Het veldwerk is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000. In bijlage 10 is aangegeven welke protocollen zijn gevolgd en welke veldmedewerkers zijn ingezet. In tabel 3.1 is een overzicht van de verrichte veldwerkzaamheden weergegeven. Tabel 3.1: Overzicht veldwerkzaamheden Deellocatie (oppervlakte in m2 of in ha, lengte in m)
Veldwerkzaamheden
Nummering
1.
B. Laboratorium (ca. 80 m2)
Herbemonsteren bestaande peilbuizen A03 en B02
-
2.
F. Hotflue, artos (ca. 830 m2)
1 x 0,6 m -mv. 4 x 1,0 m -mv. 5 x proefgat Ø 35 cm x 0,5 m -mv. 1) Herbemonsteren bestaande peilbuizen 020 en F02
201 t/m 205
Aanvullend onderzoek 1 x 3,0 m -mv. 4 x proefgat Ø 35 cm x 0,5 m -mv., waarvan 1 met boring tot 2,0 m-mv.
202A, 206 t/m 209
3.
G. Chemicaliënopslag (ca. 100 m2)
3 x 3,0 m -mv. 1 x peilbuis (filter van 2,5-3,5 m -mv.)
301 t/m 304
4.
H. Bulkopslag olie (ca. 270 m2)
3 x 1,0 m -mv. 1 x peilbuis (filter van 2,5-3,5 m -mv.) 2)
401 t/m 404
5.
Watermolenstraat (ca. 700 m2)
8 x ca. 0,5 m -mv. 2 x ca. 1,0 m -mv. 4 x ca. 1,3 m -mv. 9 x 3,0 m -mv. 4 x peilbuis (filters variërend van 2,0-3,0 tot 2,7-3,7 m -mv.) 11 x proefgat 0,3 x 0,3 m x 0,5 m -mv.
501 t/m 518, 502.1 t/m 505.1 507A t/m 509A, 511A, 516A
6.
Zuidoostzijde bedrijfsterrein (ca. 220 m2)
Blad 22 van 50
Aanvullend onderzoek 7 x 3,0 m -mv.
555 t/m 561
2 x peilbuis (filters van 2,5-3,5 m -mv.)
601 en 602
Aanvullend onderzoek 2 x peilbuis (filter 2,5-3,5 m-mv. en filter 4,5-5,5 m-mv.)
603 en 604
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
Tabel 3.1: Overzicht veldwerkzaamheden Deellocatie (oppervlakte in m2 of in ha, lengte in m)
Veldwerkzaamheden
Nummering
7.
Parkeerplaats (ca. 1.500 m2)
10 x 1,0 m -mv. 2 x 2,0 m -mv. 1 x peilbuis (filter van 2,2-3,2 m -mv.) 2) 13 x proefgat 0,3 x 0,3 m x 0,5 m -mv.
701 t/m 713
8.
Overig terrein (ca. 56.300 m2)
7 x ca. 0,5 m -mv. 57 x 1,0 m -mv. 1 x 1,6 m -mv. 13 x 2,0 m -mv. 2 x peilbuis (filters van 2,5-3,5 m -mv.) Herbemonsteren bestaande peilbuizen C01, E02, 313 en 881 3 x proefgat Ø 35 cm x 0,5 m -mv. 11 x proefgat 0,3 x 0,3 m x 0,5 m -mv.
801 t/m 880 3)
Aanvullend onderzoek 1 x peilbuis (filter 2,5-3,5 m-mv.) 3 x 1,0 m -mv. 1 x 3,0 m -mv. 1) 2) 3)
313A, 882 t/m 884, 835A
De asbestgaten van het verkennend asbestonderzoek zijn gecombineerd uitgevoerd met de boringen t.b.v. het verkennend bodemonderzoek. Deze peilbuizen zijn gecombineerd met deellocatie 8 Peilbuis 313A betreft een bestaande oude peilbuis die na bemonstering niet meer als representatief is beschouwd op basis van de filterstelling maar abusievelijk toch is geanalyseerd. Daarom is naast deze peilbuis een nieuwe peilbuis geplaatst. In het grondwater van de nieuwe peilbuis is een matig verhoogde concentratie cadmium aangetoond.
Toelichting op asbestonderzoek Het maaiveld op de onderzoekslocatie is voor meer dan 75% verhard (beton, klinkers, tegels) of begroeid. De verharding/begroeiing is niet verwijderd omdat de maatregelen niet in verhouding staan tot de gehanteerde onderzoeksintensiteit. Hierdoor was het niet mogelijk om de voorgeschreven maaiveldinspectie uit te voeren ter plaatse van de verharde terreindelen. Het uitvoeren van een maaiveldinspectie wordt gebruikt om te beoordelen of gedeelten aanwezig zijn die als onverdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest kunnen worden aangemerkt. In het geval geen inspectie mogelijk is wordt de gehele verharde deellocatie als asbestverdacht aangemerkt. Op het overige onverharde terreingedeelte is ten behoeve van het lokaliseren van verontreinigingsgebieden/-kernen de toplaag afgezocht naar de mogelijke aanwezigheid van asbestverdachte materialen, maar was de maaiveldinspectie niet goed mogelijk in verband met de aanwezige vegetatie. De inspectie-efficiëntie voor het overige terrein wordt op basis van de weersomstandigheden, de aanwezige vegetatie en de grondslag ingeschat op 50%-70%. Vanwege de aanwezig begroeiing was het niet mogelijk een gedegen maaiveldinspectie uit te voeren. Hierdoor bestaat de kans dat er asbest niet is waargenomen.
Indien na verwijdering van de begroeiing asbest op het maaiveld wordt aangetroffen dient de betreffende locatie aanvullend te worden onderzocht. Opgemerkt wordt dat bij het opstellen van de onderzoeksopzet naast een halfverharding aan de westzijde van het bedrijfsterrein (asbestverdacht), het gehele overige terrein eveneens als asbestverdacht is aangemerkt. Bij eerder verrichte onderzoeken waren inpandig sporadisch zwakke bijmengingen met puin waargenomen evenals op het buitenterrein. Tijdens de huidige
Blad 23 van 50
Rapport Verkennend en (actualiserend) nader bodemonderzoek, inclusief verkennend asbestonderzoek Bergstraat 50 e.o. te Goirle projectnummer 0420418.105 2 april 2020 revisie 02
veldwerkzaamheden is bij één inpandige boring een bijmenging met puin waargenomen (boring 204) en deze is asbestverdacht (strategie VED-HE uit de NEN 5707). Daarnaast is bij één boring een laag baksteen onder de betonvloer aangetroffen. Bijmengingen met alleen baksteen worden niet als asbestverdacht beschouwd (NEN 5725, Bijlage A4). Dit houdt in dat nagenoeg de gehele bebouwing (ca. 29.000 m2) als onverdacht voor asbest kan worden beschouwd. Alleen de locaties die op basis van de veldwaarnemingen als verdacht op asbest zijn beschouwd, zijn als zodanig onderzocht. Bij het onderzoek uit 2015 is ter plaatse van de geplande overkapping (gebouw 166 en ten noorden van gebouw 150) een uiterst puinhoudende toplaag onder de klinkerverharding aangetoond. Tijdens de huidige veldwerkzaamheden is middels twee boringen (nrs. 808 en 809) vastgesteld dat ter plaatse nog steeds sprake is van een uiterst puinhoudende laag. Deze puinhoudende laag is ook aanwezig onder een deel van de klinkerverharding aan de zuidwestzijde van het bedrijfsterrein en onder de rondweg aan de west- en zuidzijde van het bedrijfsterrein. Tezamen met de halfverharding van het parkeerterrein betreft dit feitelijk één aaneengesloten gebied met een oppervlakte van ca. 6.000 m2 die als asbestverdacht wordt beschouwd.
Juist buiten het bedrijfsterrein van HaVeP en direct naast de Watermolenstraat is aan beide zijden van de straat sprake van een halfverharding. Aan beide zijden van de straat bestaat deze halfverharding uit een toplaag van schelpen met daaronder een sterk puinhoudende laag (boringen 502.1 t/m 505.1, 517 en 518). Vlak naast deze halfverharding zijn in de bovengrond (boring 831) nog zwakke bijmengingen met puin en baksteen aangetroffen. Deze halfverharding (ca. 300 m2) is als asbestverdacht beschouwd. Daarnaast zijn nabij de Watermolenstraat bij de boringen 503, 507, 508, 509 en 516 in de ondergrond (tussen 0,5 en 2,0 m -mv.) bijmengingen met puin waargenomen. Vanwege de diepte van deze bijmengingen zijn geen proefgaten gegraven en zijn in eerste instantie geen monsters genomen voor asbestonderzoek. Aansluitend zijn nieuwe proefgaten gegraven tot 0,5 m -mv. (nrs. 507A, 508A, 509A en 516A), waarna met een Ø 120 mm boor deze proefgaten zijn doorgeboord tot 1,0 à 1,4 m -mv. Verder zijn op het buitenterrein geen bijmengingen met puin waargenomen, waardoor ook het overige buitenterrein als onverdacht voor asbest kan worden beschouwd. Tijdens aanvullende veldwerkzaamheden in september is ter plaatse van één boring een sterk puinhoudende laag aangetroffen (nr. 884). Ter plaatse van deze boring is vervolgens een proefgat gegraven.