05 Advies inzake de wijzigingen in de verordening WMO-1.pdf
Tekst van het document
Aan
Het college van Burgemeester en Wethouders
Betreft
Advies inzake de wijzigingen in de verordening WMO
Datum:
06 februari 2024
Aanleiding Met terugwerkende kracht tot 1 januari 2024 wordt in de gemeente Goirle een nieuwe verordening Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) van kracht. Vanwege wijzigingen in beleid en jurisprudentie is er reden om een nieuwe verordening te laten vaststellen door de raad. Voor (wijzigingen in) verordeningen moet advies gevraagd worden aan de Participatieraad. De Participatieraad Goirle (PRG) is op 9 januari 2024 geïnformeerd in het regulier overleg over de voorgestelde wijzigingen in de verordening WMO. Op 24 januari 2024 heeft de PRG overleg gehad over deze voorgestelde wijzigingen en de consequenties ervan met Onafhankelijk Client Ondersteuners (OCO’s) van Senioren Goirle, Dorpscollectief Riel, Seniorenbelang Riel, FNV en het platform Gehandicapten Goirle. De hieronder geformuleerde overwegingen en het daaruit voortvloeiende advies zullen volgens afspraak worden toegestuurd aan het college van Burgemeester en Wethouders en betrokken ambtenaar op 7 februari 2024 aanstaande. Het advies zal dan worden toegevoegd aan de raadsinformatiebrief over dit onderwerp.
Overwegingen 1. Uurtarief informele zorgverleners U stelt voor het uurtarief vast te stellen zoals in de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Daar kunnen wij ons uiteraard in vinden. Wanneer een Persoons Gebonden Budget (PGB) wordt toegekend is er op inhoudelijke gronden geconstateerd dat de onbetaalde hulp van naasten en/of de algemene voorzieningen in een bepaalde situatie onvoldoende zijn en een maatwerkvoorziening oftewel een PGB, noodzakelijk is.
Pagina 1 van 5
Wij maken bezwaar tegen de formulering dat er een aanzuigende werking uitgaat van de hogere beloning van de informele hulpverleners. Deze formulering doet geen recht aan de inzet van informele zorgverleners. Er kan immers van worden uitgegaan dat, indien er informele zorg wordt verleend, dit ook echt noodzakelijk is en dat hieraan een inhoudelijke beoordeling ten grondslag ligt op basis waarvan faciliteiten worden toegekend. Verder zijn wij van mening dat de kwetsbaarheid van de informele hulpverleners aandacht verdient. Zij zetten veelal hun eigen loopbaan op pauze, waarbij het vaak heel lastig is om terug te keren op de arbeidsmarkt. Wij realiseren ons dat dit de eigen keuze van de hulpverlener is. Deze hulpverlener moet echter wel op de hoogte zijn van de consequenties van die keuze in de toekomst. Goede, complete informatie over de consequenties van een PGB voor een informele hulpverlener is noodzakelijk. De gemeente moet hierin een actieve rol vervullen.
2. Stimuleren gebruik scootmobiel- en hulpmiddelenpool U wilt het gebruik van de scootmobiel- en hulpmiddelenpool stimuleren en stelt voor dat inwoners in principe het eerste half jaar deze pool gaan gebruiken voordat er een individueel vervoermiddel verstrekt wordt. Wij willen u wijzen op uw eigen tekst met betrekking tot het doel van de hulpmiddelen in de WMO. Het gaat om “voorzieningen voor het zich verplaatsen binnen de leefomgeving, het in redelijke mate mensen kunnen ontmoeten, contacten kunnen onderhouden, boodschappen kunnen doen en aan maatschappelijke activiteiten kunnen deelnemen”. Met andere woorden, de voorzieningen bieden de voorwaarden waardoor inwoners met een beperking toch kunnen deelnemen aan het gebruikelijke, dagelijkse sociale leven. Dit is ook in lijn met uw doelstelling van normaliseren en de uitgangspunten bij positieve gezondheid. Wij begrijpen niet dat het verwijzen naar een pool van hulpmiddelen die bereikbaar is op een of twee plaatsen in de gemeente Goirle bijdraagt aan deze uitgangspunten en doelstelling. Het betekent dat mensen meer dan nodig afhankelijk zullen zijn van hulp. Daarmee is het in tegenspraak met de doelstelling van zelfredzaamheid en normaliseren.
In de toelichting gegeven op 9 januari 2024 op de beoogde wijzigingen werd aangegeven dat deze wijziging in de verordening bedoeld is om het aantal weinig gebruikte scootmobielen terug te dringen. Wij staan achter deze doelstelling maar denken dat andere middelen daarvoor meer geëigend zijn. Wij denken bijvoorbeeld aan het verstrekken op maat van de scootmobiel en het evalueren van het gebruik na verloop van tijd. Wij hebben begrepen dat het daarbij niet alleen om een subjectieve beoordeling hoeft te gaan, maar dat het ook mogelijk is om het aantal kilometers dat gereden is op te vragen. Dit zou dan bij de verstrekking van de scootmobiel in de voorwaarden opgenomen moeten worden.
Pagina 2 van 5
We constateren dat de aanname dat er veel weinig gebruikte scootmobielen bij gebruikers thuis zijn, gebeurt op basis van bezoekjes aan huis, lijsten van gebruikers bij reserveringen. Dit is niet gebaseerd op concrete meetgegevens en afhankelijk van de constateringen/observaties aan huis of bij reservering. Graag zouden wij concrete meetgegevens zien over de mate van gebruik en reden van gebruik. Na het overleg op 9 januari 2024 zijn ons de spelregels rondom de hulpmiddelenpool toegestuurd. We hebben hiervan kennis genomen en betreuren de formulering van deze spelregels. In feite ontstaat er een situatie van onderhuur tussen gemeente en cliënt. Formaliseer deze in een overeenkomst waarin de verplichtingen van de gebruiker / onderhuurder concreet worden vastgelegd. De gehanteerde toon is belerend en de inhoud te vaag, zodat het voor gebruikers en beoordelaars niet helder is waaraan moet worden voldaan.
3. Verordening in algemene zin De wijzigingen van de verordening WMO is een regelmatig terugkerend thema. Enkele kanttekeningen ter overweging zijn de volgende. - In artikel 29 van de verordening WMO staat beschreven dat de gemeente eenmaal per 4 jaar de gehele verordening evalueert en daarnaast continu evalueert en wijzigingen voorlegt. Wij zijn van mening dat evalueren van een verordening altijd moet gebeuren aan de hand van gestelde doelen, beleid en visie en daarbij horende meetbare gegevens. De PRG zou deze evaluaties dan ook graag zien en bespreken. - De PRG heeft te laat informatie gekregen over de voorgestelde wijzigingen. Pas op 9 januari 2024 zijn de voorgestelde wijzigingen aan de PRG verstrekt in een regulier overleg met de ambtenaar. Terwijl deze wijzigingen met terugwerkende kracht op 1 januari 2024 al in hadden moeten gaan. - Bovendien is het opmerkelijk dat uit de conceptraadsinformatiebrief bleek dat ervan uitgegaan was dat de PRG alleen geïnformeerd hoeft te worden op dit punt. De Participatieraad constateerde tijdens genoemd overleg dat er vragen en opmerkingen te maken zijn over de voorgestelde wijzigingen. - Vervolgens heeft de PRG de ruimte genomen om OCO’s en belangenverenigingen eigenstandig te bevragen over de wijzigingen in de WMO verordening. Dit kost tijd, waarna een gedegen advies uitgebracht moet worden.
Daardoor loopt de vaststelling van de wijzigingen vertraging op. - Tijdens het overleg op 24 januari 2024 met de OCO’s van de belangenverenigingen bleek dat zij niet geïnformeerd zijn over de wijzigingen die eraan komen, hetgeen wel in de conceptraadsinformatiebrief geschreven werd.
Pagina 3 van 5
- Wijzigingen die met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2024 van kracht zijn, zijn daardoor mogelijk niet goed gecommuniceerd met de inwoners die een aanvraag hebben gedaan. - De OCO`s geven aan dat de criteria voor toewijzing van de scootmobiel niet altijd duidelijk zijn. Het zou goed zijn om de criteria nog eens goed tegen het licht te houden, zodat inwoners en OCO hier helderheid over hebben. - Hoe inwoners over de wijzigingen in de WMO worden geïnformeerd is niet uitgelegd of besproken. Wij zouden dan ook graag willen weten hoe dit proces gaat verlopen. Hoe worden de gebruikers, OCO’s én inwoners geïnformeerd over de wijzigingen en consequenties? Advies Op basis van het bovenstaande adviseren wij de gemeente als volgt: ➢ Wij zijn het niet eens met de bewoordingen zoals in de verordening staat aangegeven dat iedereen het eerste half jaar gebruik moet maken van de pool voor hulpmiddelen. Zoals deze is verwoord is het een drempelverhogende maatregel. Daarom adviseren wij om een scootmobiel altijd op maat te verstrekken. Ga eerst in een gesprek na waarvoor de scootmobiel gebruikt gaat worden en leg dat vast. Daarna moet de keuze voor de pool of een individuele voorziening gemaakt worden. Dit geldt ook voor het verstrekken van andere hulpmiddelen uit de pool zoals duofiets of rolstoel. Wij willen dit graag vastgelegd hebben in de verordening.
➢ Wij kunnen ons niet vinden in de wijzigingen verordening, omdat het gaat over de meest kwetsbare inwoners. Daarom is het evalueren van het gebruik van groot belang. ➢ Evalueer het gebruik van de scootmobiel of een ander hulpmiddel dat wordt aangevraagd en toegekend minimaal jaarlijks door middel van een gesprek met de gebruiker, aangevuld met meetbare gegevens zoals bijvoorbeeld het aantal genoteerde gemaakte kilometers met de scootmobiel. Leg ook deze evaluatie ook vast. Evalueer ook het doel van de individuele gebruiker of dit behaald is door het gebruik. ➢ Maak afspraken met de leverancier en eigenaar van de hulpmiddelen om de evaluatie mogelijk te maken. ➢ Informeer inwoners en informele zorgverleners over consequenties voor de toekomst van de keuze voor PGB en de betaling volgens de geldende richtlijnen. ➢ Evalueer de verordening minimaal eenmaal per 4 jaar én bij wijzigingen en leg dit vast. Ben helder in wat wordt geëvalueerd, met wie en de wijze waarop deze evaluatie plaatsvindt. ➢ Formuleer heldere en concrete afspraken en voorwaarden voor het gebruik van de hulpmiddelen in de hulpmiddelenpool.
Pagina 4 van 5
➢ Formuleer zorgvuldig. Vermijd neerbuigend of betuttelend taalgebruik, in het bijzonder indien elke vorm van onderbouwing -al dan niet wetenschappelijk- ontbreekt. ➢ Informeer de PRG tijdig bij voorgestelde wijzigingen en vraag advies over de voorgestelde wijzigingen. ➢ Voor het creëren van een gedragen plan is het van groot belang om hierbij de belangengroepen en OCO’s te betrekken. ➢ Informeer inwoners, OCO’s en het Dorpsteam zo snel mogelijk, helder en duidelijk over de wijzigingen in de WMO, de consequenties en voorwaarden van het gebruik van een hulpmiddel in het kader van de WMO.
Namens de Participatieraad Goirle, Yvonne Kruize, secretaris
Pagina 5 van 5