01 Raadsvoorstel Ontwikkelstrategie SRBT en Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Agendapunt: Zaaknummer: 2021-009039
Onderwerp Ontwikkelstrategie SRBT en Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant Datum voorstel
Datum raadsvergadering 10 oktober 2023
Aan de gemeenteraad, Voorstel 1. Kennis te nemen van de ‘Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg’ en het eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’. 2. Geen wensen en bedenkingen in te brengen bij het voorgenomen besluit van het college om in te stemmen met de ‘Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg’ en het eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’. Inleiding Het proces voor het opstellen van een gezamenlijke koers voor de integrale verstedelijkingsopgave van Brabant en van de Stedelijke Regio Breda-Tilburg (SRBT) is in 2020 gestart. Dit proces heeft als eerste in 2021 geresulteerd in de uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040. Parallel daaraan is op de schaal van de SRBT gewerkt aan de uitwerking van de Verstedelijkingsstrategie SRBT. Een conceptversie daarvan is in mei 2022 opgeleverd, tezamen met de conceptVerstedelijkingsstrategie Brabant, en aan alle colleges in de regio voorgelegd voor een bestuurlijke reactie. Op 7 juni 2022 heeft behandeling in het college van Goirle plaatsgevonden. Uw raad is daarover met een raadsinformatiebrief d.d. 9 juni 2022 geïnformeerd. In september 2022 zijn de raden in de SRBT in een webinar geïnformeerd over het proces https://www.youtube.com/watch?v=OI_mZrxjKlQ .
Vanaf het najaar van 2022 is de verdere uitwerking in een intensief regionaal proces doorgezet tot de eindvorm die het nu heeft: de Ontwikkelstrategie SRBT. Gelijktijdig is op de schaal van stedelijk Brabant op basis van de Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 een Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 uitgewerkt, waarin de Brabantbrede verstedelijkingsopgaven worden beschreven. De Ontwikkelstrategie SRBT is hiervoor een bouwsteen geweest. Voorafgaand aan het BO Leefomgeving van 13 juni 2023, waar het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant ter bespreking voor lag met het Rijk, is het bestuurlijk draagvlak in de regio gesondeerd. Ons college heeft zich op 9 mei over de concept-stukken gebogen. Uw raad is over het in genomen collegestandpunt met een raadsinformatiebrief d.d. 9 mei 2023 geïnformeerd. Ook heeft op 9 mei een beeldvormende bijeenkomst in GHO-verband plaatsgevonden en op 17 mei is opnieuw vanuit de SRBT een webinar georganiseerd https://vimeo.com/829164009/a3e28b3692?share=copy.
Ambtelijke bijstand: Sylvia Torremans Zaaknummer 2021-009039
1
Agendapunt:
Naar aanleiding van de bestuurlijke consultatie in de regio zijn zowel de Ontwikkelstrategie SRBT als het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant aangepast. De colleges in de SRBT is nu gevraagd om in te stemmen met de Ontwikkelstrategie SRBT en het eindconcept van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040. Ons college vindt het belangrijk dat er daarvoor voldoende draagvlak in de raad aanwezig is. Daarom wordt uw raad in de gelegenheid stellen om eventueel zienswijzen en bedenkingen kenbaar te maken voordat een definitief besluit genomen wordt. Argumenten 1.1 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 bieden het handvat voor de wijze waarop we onze verstedelijkingsopgaven slimmer en duurzamer oppakken. De uitwerking van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 en parallel daaraan de Ontwikkelstrategie SRBT, betekent een koerswijziging in de ruimtelijke ontwikkeling van Brabant. Er liggen forse bouw-, transformatie- en herstructureringsopgaven. Om ruimte te bieden aan al die opgaven met behoud van onze ruimtelijke kwaliteit, moeten we slimmer en duurzamer verstedelijken. De grote vraag naar ruimte voor woningen en bedrijvigheid moeten we in samenhang bezien met het oplossen van de opgaven op het vlak van klimaatadaptatie, energietransitie, slimme mobiliteit, biodiversiteit, gezondheid, inclusiviteit en circulaire economie.
De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 bieden het handvat voor de wijze waarop we onze verstedelijkingsopgaven in de SRBT slimmer en duurzamer kunnen oppakken. De inzet en het ‘hoger doel’ van de Ontwikkelstrategie SRBT is: leven, wonen en werken in een groene, gezonde en inclusieve stedelijke regio en het vergroten van die brede welvaart in een goede verdeling over stad en land. Om meer brede welvaart goed over het mozaïek van stad én land te verdelen moeten we gelijktijdig: - de kwaliteit van water, landschap en natuur te benutten en versterken; - de economie toekomstbestendig te maken; - het vestigingsklimaat voor wonen en werken verbeteren; - de ruimtelijke kwaliteit te verhogen; - samen gericht investeren in de - voor de regio extra grote - mobiliteitstransitie. In SRBT willen we verstedelijken met een zachte G: verstedelijking die groen en gezond is en waar brede welvaart goed gedeeld wordt. 1.2 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 zijn het resultaat van een gezamenlijk planvormingsproces. De Ontwikkelstrategie SRBT schetst een gezamenlijk toekomstperspectief van 19 gemeenten uit de regio SRBT op de ontwikkeling van de stedelijke regio Breda Tilburg.
In woord en beeld is het perspectief uitgewerkt in een integrale visie op de kernwaarden, de opgaven, en de ontwikkelprincipes van de regio, evenals de strategieën om die opgaven tot uitvoering te brengen. In het proces zijn meerdere bijeenkomsten georganiseerd, zowel op ambtelijk- en bestuurlijk niveau als met de raden. In dit proces hebben wij het lokale beleid, zoals vastgesteld in de Omgevingsvisie en de verschillende programma’s en beleidskaders, nadrukkelijk ingebracht. Dit heeft geresulteerd in een Ontwikkelstrategie SRBT die goed aansluit bij ons eigen beleid en de kaders die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. Het proces om te komen tot een Ontwikkelperspectief voor stedelijk Brabant heeft plaatsgevonden op het schaalniveau van het hele Brabantse stedelijk netwerk en dat van de vier stedelijke regio’s daarbinnen. De Ontwikkelstrategie SRBT is input geweest voor de uitwerking van het
Zaaknummer 2021-009039
2
Agendapunt:
Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040. Er is daarbij gewerkt met een Brabantbrede stuurgroep en met de regionale stuurgroepen, waaronder de stuurgroep SRBT. Bij het Ontwikkelperspectief voor stedelijk Brabant zijn ook de Waterschappen en provincie vertegenwoordigd. 2.1 Voordat het college een definitief besluit neemt wil zij draagvlak bij de raad peilen. Het college heeft zich vorig jaar in de SRBT op het standpunt gesteld dat het niet aan het college, maar aan de gemeenteraad is om leidende en kaderstellende principes vast te stellen. Daarom heeft het college in het proces tot begin mei 2023 steeds ‘slechts’ kennis genomen van alle stukken. Ook nu wil het college voordat een definitief besluit genomen wordt om in te stemmen met de Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant, door middel van het ophalen van zienswijzen en bedenkingen, eerst het draagvlak bij de raad peilen en eventuele input ophalen. 2.2 De Ontwikkelstrategie SRBT is in lijn met de Omgevingsvisie Goirle. De Ontwikkelstrategie SRBT is opgebouwd vanuit vijf ontwikkelprincipes: 1. Bodem- en watersystemen zijn sturend bij ruimtelijke ontwikkelingen. 2. We realiseren, faciliteren en stimuleren interactiemilieus en innovatie. 3. De juiste woning op de juiste plek. 4. Versnellen mobiliteitstransitie en vergroten nabijheid. 5. Groen en voorzieningen groeien mee met verstedelijking.
Deze vijf ontwikkelprincipes zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Ze vormen in samenhang het ambitiepakket en de beleidsinhoudelijke basis voor de strategieën en de uitwerkingen die daaruit voort komen. Deze ontwikkelprincipes komen voor een belangrijk deel overeen met de koers die in onze Omgevingsvisie is geschetst. Ook onze Omgevingsvisie is gebaseerd op de zogenaamde lagenbenadering en kiest de bodem en het watersysteem, het landschap en cultuurhistorie als sturende principes. Wij zien in onze Omgevingsvisie de hoeveelheid en groei van werkgelegenheid en economische bedrijvigheid als een belangrijke kracht van de regio en hebben het besef dat de regio inzet op de positie van Brabant als motor van de Nederlandse (kennis)economie. Wij begrijpen dat dit ook betekent dat er een verstedelijkingsopgave ligt om de bijbehorende ruimteclaims op te vangen en willen hieraan bijdragen als het gaat om woningbouw, energie, klimaatadaptatie, natuur en recreatie. Ook wij willen woningen op de juiste plek, de beschikbare ruimte daarbij optimaal gebruiken en een leefbare, vitale en diverse omgeving bieden waar mensen graag wonen, recreëren en ondernemen. Onze Omgevingsvisie zet ook in op duurzame mobiliteit en een transitie meer gericht op langzaam verkeer en collectief vervoer.
Tenslotte vinden wij ook in onze Omgevingsvisie de aanwezigheid van culturele en sociaalmaatschappelijke voorzieningen en van de aanwezigheid van groen in de directe omgeving met een toegankelijk en nabijgelegen buitengebied randvoorwaardelijk voor het goed toeven. 2.3 De Ontwikkelstrategie SRBT is in lijn met het Programma Mobiliteit. De SRBT geeft ruimte en kansen voor versnelling van de mobiliteitstransitie zoals ook beschreven is in onze Omgevingsvisie en het Programma Mobiliteit. In ons beleid zetten we specifiek in op ruimte voor duurzame mobiliteit. In de wijken en kernen is dit met name gericht op langzaam verkeer en dus minder op de auto. Regionaal is dat gericht op een mix van schone auto’s en openbaar vervoer, maar ook op realisatie van snelfietsroutes die Goirle en Riel verbinden met onder andere de Tilburgse (OV) voorzieningen.
Zaaknummer 2021-009039
3
Agendapunt:
2.4 Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 is in lijn met de Ontwikkelstrategie SRBT en de Omgevingsvisie Goirle. In het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant zijn de vijf ontwikkelprincipes uit de Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 vertaald naar een aantal hoofdkeuzes en eerste uitvoeringsafspraken op het schaalniveau van heel stedelijk Brabant en op het niveau van de vier stedelijke regio’s daarbinnen. De vijf ontwikkelprincipes Brabantbreed zijn: 1. Water en bodemsysteem als basis voor de verstedelijking. 2. Landschap en natuur groeien mee met verstedelijking. 3. Nieuwe woningen versterken bestaande stad en dorp. 4. Mobiliteitstransitie maatwerk voor stad en dorp. 5. Kwalitatieve werkgebieden als randvoorwaarde voor een circulaire economie. Deze ontwikkelprincipes sluiten goed aan bij de uitgangspunten van de Ontwikkelstrategie SRBT en vice versa. Deze 5 ontwikkelprincipes komen ook voor een belangrijk deel overeen met de centrale waarden die de raad in de Omgevingsvisie Goirle heeft vastgesteld en die ook kaderstellend zijn voor de mate waarin we (boven)regionale opgaven willen inpassen. Goirle heeft in de Omgevingsvisie positie gekozen en wil een regionale bijdrage leveren op het gebied van woningbouw (dit is bekrachtigd met het onderteken van de SRBT-Woondeal), extensieve recreatie, natuurbehoud, klimaatadaptatie en energie.
Ook wij kiezen in de Omgevingsvisie het bodem- en watersysteem als basis en zetten in op het realiseren van een robuust groen- en natuurnetwerk. Wij willen ook dat verstedelijking bijdraagt aan kwaliteit, het behoud van de functionele structuur en leefbaarheid en dat verstedelijking niet voorbij mag gaan aan het ‘dorps karakter’ van onze gemeente. Inzetten op duurzame mobiliteit is uitgangspunt van ons beleid en onze woon- en werkgebieden willen we vitaal, innovatief en duurzaam ontwikkelen. 2.5 De overwegingen die het college in juni 2022 heeft meegegeven, hebben in de definitieve stukken voldoende vertaling gekregen. Het college heeft vorig jaar besloten om voor het vervolgtraject een aantal aandachtspunten mee te geven (zie raadsinformatiebrief d.d. 9 juni 2022). In de voorliggende stukken en in het proces is hierop voldoende ingespeeld. Pas nu liggen de definitieve verstedelijkingstrategieën, nu ontwikkelperspectieven genoemd, ter besluitvorming voor. De raad is daarbij in een aantal (digitale) bijeenkomsten meegenomen en wordt in de gelegenheid gesteld om zienswijzen en bedenkingen in te brengen, die het college kan betrekking bij de afweging om al dan niet in te stemmen met de Ontwikkelstrategie SRBT.
De Ontwikkelstrategie SRBT sluit realisatie van de potentiële woningbouwlocaties die de raad in de Omgevingsvisie zowel op in- als uitbreidingslocaties heeft vastgesteld niet op voorhand uit. Het bereikbaar houden van de regio met het openbaar vervoer wordt in de Ontwikkelstrategie SRBT nu als van belang genoemd. Het principe “woningbouw als hefboom” in de Ontwikkelstrategie SRBT zet in op het behoud van de financiële motor om het mogelijk te maken om andere opgaven gelijktijdig aan te pakken. Ook het landschap aan de zuidzijde van de regio is beter in beeld. Belangrijk resultaat dat de kleine(re) gemeenten geboekt hebben is in het proces is de introductie van de dorpenstrategie als wezenlijk onderdeel van de ontwikkelstrategie van de SRBT. Er is door iets meer tijd te nemen in het proces om colleges en raden aan te haken, geprobeerd om politiek-bestuurlijk draagvlak beter te borgen.
Zaaknummer 2021-009039
4
Agendapunt:
2.6 De overwegingen die het college in mei 2023 heeft meegegeven, hebben in de definitieve stukken voldoende vertaling gekregen. Het college heeft in mei 2023 besloten om voor het vervolgtraject de volgende aandachtspunten mee te geven (zie raadsinformatiebrief d.d. 9 juni 2022). In de voorliggende stukken en in het proces is hierop voldoende ingespeeld. In de Ontwikkelstrategie is verduidelijkt dat de SRBT een samenhangende regio is waarin alle kernen (dorps en stedelijk) een rol hebben en daarom programmatische ruimte hebben voor de duurzame, op een leefbare omgeving gerichte ontwikkeling van de SRBT. De dorpenstrategie zet dorpen niet op slot, maar is juist bedoeld om op zoek te gaan naar specifieke vraagstukken en oplossingen. De ontwikkelstrategie SRBT sluit, net als in de NOVI, uit- en aanbreiden niet uit. Wel verschuift de aandacht en inzet naar het bestaande bebouwd gebied, maar als er essentiële meekoppelopgaven zijn, blijft er in de regio ruimte voor de realisatie van uitleglocaties. Daarmee wordt aangesloten op de afspraken uit de woondeal. Naast inzet op de mobiliteitstransitie, is meer nadrukkelijk in de Ontwikkelstrategie aangegeven dat ingrepen in de bestaande infrastructuur niet worden uitgesloten.
Het onderzoeken naar en introduceren van nieuwe vormen van openbaar vervoer, collectief vervoer en gedeelde mobiliteit voor goed bereikbare dorpen wordt expliciet genoemd. Ook is verduidelijkt dat de signaleringskaart voor (risico’s in) het watersysteem bedoeld is als een sturend principe in het afwegen en uitwerken van ontwikkelingen en niet de bedoeling heeft om de regio op slot te gooien. Economie is aangevuld met inzet op het duurzaam doorontwikkelen van het sterk aanwezige leisure klimaat en het behouden en versterken van de in de gehele regio aanwezige brede economische verscheidenheid inclusief die op het platteland. 2.7 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 bieden kansen voor Goirle. Bij ontwikkelingen die passen binnen de Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 mag verwacht worden dat we andere overheden aan onze zijde hebben en indien er sprake is van een gemeenschappelijk belang dat we ook op steun van Rijk / provincie kunnen rekenen (o.a. in de vorm van cofinanciering). Het gezamenlijk belang is ook onderstreept in de SRBT-Woondeal. Voor het realiseren van woningbouw op sleutellocaties en het benoemden van kansrijke locaties trekken we samen op bij het realiseren van meer betaalbare woningen in de regio.
Onze woonambities gaan verder dan (het versnellen van) de bouwopgave en de gezamenlijke inzet in onze regio. We staan voor een goed en kwalitatief woon- en leefklimaat in onze regio. We maken (proces)afspraken over de huisvesting van een aantal aandachtgroepen en de uitwerking van regionale kaders op het gebied van wonen en zorg. Door het benoemen van de wens om kansrijke locaties te ontwikkelen (denk aan centrumlocaties, locaties rondom Riel en verplaatsing sportparken) kan in het Ontwikkelperspectief worden onderzocht of dit ook daadwerkelijk realiseerbaar is. De principes groen en voorzieningen c.q. landschap en natuur groeien mee met verstedelijking bieden kansen voor de ontwikkeling van ons prachtlandschap van de toekomst. In de SRBT en ook in midden-Brabant voegen wij immers een belangrijk deel van het groene en blauwe netwerk van de regio toe. De verduurzaming en transitie van de mobiliteit kunnen wij niet alleen en vergt grote (financiële) inspanningen. Bijvoorbeeld op het gebied van (snel)fietsroutes, openbaar vervoer en het onderzoek naar alternatieve wijzen van (collectief) vervoer. Voor het borgen van een goede bereikbaarheid hebben we onze partners op regionaal-, provinciaal en rijksniveau nodig.
Zaaknummer 2021-009039
5
Agendapunt:
2.8 Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 vormt input voor het gesprek met het Rijk Het Rijk maakt op basis van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 verdere afspraken met provincie, waterschappen en stedelijke regio’s. Er worden geen aparte verstedelijkingsakkoorden (meer) afgesloten met de stedelijke regio’s. De regio SRBT wordt in het gesprek met provincie en Rijk bestuurlijk vertegenwoordigd. Gemeenten sluiten niet afzonderlijk aan. Het Ontwikkelperspectief betreft dus zowel het Brabantbrede als het regionale schaalniveau. Samen met de provincie gaan we de hoofdkeuzes en de eerste uitvoeringsafspraken verder uitwerken. Wanneer er een rijksbelang is sluit het Rijk ook aan. 2.9 De Ontwikkelstrategie SRBT vormt input voor beleid van provincie en Rijk. De Ontwikkelstrategie SRBT is input geweest voor de uitwerking van het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040. Dat geldt met name voor de regionale paragraaf in hoofdstuk 5 en voor de eerste uitvoeringsafspraken in hoofdstuk 4 van het Ontwikkelperspectief. De Ontwikkelstrategie SRBT is ook een belangrijke bouwsteen voor het zogenaamde ruimtelijk voorstel dat elke provincie in het kader van de nieuwe nationale Nota Ruimte dit jaar nog aan het Rijk moet doen. 2.10 De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 vormen input voor het gemeentelijk beleid.
Zowel de Ontwikkelstrategie SRBT als het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant hebben het karakter van beleidsvoornemens en als zodanig geen eigenstandige, formeel-juridische of planologisch status of werking. Het is de bedoeling dat de voornemens en afspraken door de bevoegde gezagen vertaald gaan worden in hun eigen (omgevings)beleid. De verdere doorvertaling gericht op de uitvoering vindt plaats in een uitvoeringsagenda die nog opgesteld zal worden in samenwerking met Rijk, provincie, waterschappen en de stedelijke regio’s. Omdat de Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant in hoofdlijnen aansluiten bij onze Omgevingsvisie, is de verwachting dat vanuit deze perspectieven geen ingrijpende wijzigingen in onze Omgevingsvisie nodig zijn.
Kanttekeningen 2.1 Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 is al besproken met het Rijk voordat het college en de raad hebben ingestemd met de Ontwikkelstrategie SRBT. Het bespreken van het eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’ op het Bestuurlijk Overleg Leefomgeving van 13 juni 2023, voordat de gemeenteraad zich over de Ontwikkelstrategie SRBT heeft uitgesproken, sluit niet goed aan bij het standpunt van ons college dat het aan de gemeenteraad is om leidende en kaderstellende principes vast te stellen. In een ideaal proces was eerst de Ontwikkelstrategie SRBT vastgesteld door colleges en raden, was deze ingebracht en overgenomen in het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant en worden vervolgens afspraken met het Rijk gemaakt. Dit heeft echter niet plaatsgevonden. De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant zijn gelijk opgelopen. Daardoor lijken de stukken erg op elkaar, wat laat zien dat de Ontwikkelstrategie SRBT op hoofdlijnen wel is overgenomen. We mogen concluderen dat we vanuit Goirle zowel ambtelijk als bestuurlijk fors in het proces hebben ingezet op de vertaling van onze Omgevingsvisie. Dit heeft een positief
Zaaknummer 2021-009039
6
Agendapunt:
resultaat gehad. We kunnen vaststellen dat beide ontwikkelperspectieven op hoofdlijnen aansluiten bij de Omgevingsvisie. 2.2 Bodem en water sturend kan consequenties hebben. Bodem en water sturend betekent dat we het gebruik en de inrichting van de ruimte, in bebouwd en onbebouwd gebied, afstemmen op de ondergrond. Hoewel wij dit principe ook in onze Omgevingsvisie op zich onderschrijven, moeten we ons realiseren dat dit wel consequenties kan hebben voor het gebruik, zowel bestaand als nieuw. Dat we met technische maatregelen oplossingen kunnen bedenken, zal steeds minder geaccepteerd worden. Voor de agrarische sector betekent dit het streven om het agrarisch gebruik zoveel mogelijk te laten aansluiten bij de grondslag. Dit kan gevolgen hebben voor de toekomst van de agrarische sector in onze gemeente, met name in Buitengebied-West waar in onze Omgevingsvisie nu ruimte geboden wordt voor meer intensieve en productiegerichte landbouw. Het principe bodem en water sturend kan ook consequenties hebben voor andere ontwikkelingen, bijvoorbeeld de realisatie van woningbouw en/of een sportpark binnen de invloedsfeer van het grondwaterbeschermingsgebied nabij Riel of een beekdal. Dergelijke ontwikkelingen worden op voorhand niet uitgesloten, maar het kan wel beperkingen of voorwaarden opleggen aan lokale ambities en plannen.
2.3 De ontwikkeling van een landschapspark ten westen van Riel kan op gespannen voet staan de koers van de Omgevingsvisie. Zowel de Ontwikkelstrategie SRBT als het Ontwikkelperspectief stedelijk Brabant gaan uit van het realiseren van groene zones tussen de stedelijke gebieden. In de SRBT wordt ingezet op een landschapspark tussen Gilze en Rijen en Tilburg. Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant gaat uit van landschapsparken aan weerszijden van onze gemeente. Een landschapspark aan de oostzijde, ten oosten van de Oostplas, sluit aan bij onze Omgevingsvisie. Ten westen van Goirle/Riel is dit echter minder het geval. In Buitengebied-West wordt prioriteit gegeven aan de agrarische sector en op verzoek van de gemeenteraad is het gebied ten noorden van het Zandeind, waar een eerste aanzet tot een landschapspark gegeven is met een landgoedontwikkeling, van kleur verandert naar behoud van agrarisch gebruik. Hoewel de ontwikkeling van een landschapspark agrarisch gebruik niet uitsluit, verandert wel de primaire insteek van agrarisch met landschap naar landschap met agrarisch. 2.4 Woningbouw wordt in principe niet in het groene buitengebied gerealiseerd.
In de Ontwikkelstrategie SRBT staat dat we zoveel mogelijk binnenstedelijk en binnendorps bouwen en dat we, volgens de NOVI prioriteiten en afwegingsprincipes en de Voorkeursvolgorde verstedelijking uit de NOVI 2, in principe niet bouwen in het groene buitengebied. Versnelling in het bouwen van woningen, zoals gewenst in de Woondeal, kan op gespannen voet komen staan met dit principe. Het realiseren van nieuwe woningen of andere rode functies op uitbreidingslocaties, zoals bijvoorbeeld de potentiële woningbouwlocaties die in de Omgevingsvisie rondom Riel zijn aangeduid, heeft namelijk vanuit het Ontwikkelperspectief gezien niet de voorkeur. Het wordt op voorhand echter ook niet volledig uitgesloten. Zoals in het Ontwikkelperspectief van de provincie is aangegeven kan uitleg nog steeds nodig zijn, maar dan altijd als onderdeel van een strategie gericht op het maken van een schaalsprong en verduurzamingsslag in het bestaand stedelijk gebied zelf en op plekken die vanuit een duurzaam bodem- watersysteem, het landschap, de energietransitie en bereikbaarheid goed scoren. Nieuwe uitlegplannen kunnen aan de orde komen als transformatie en inbreiding onvoldoende mogelijkheden bieden en er sprake van is essentiële meekoppelopgaven voor de betreffende ontwikkeling. Deze locaties moeten volgens het provinciale
Zaaknummer 2021-009039
7
Agendapunt:
kader wel op regionaal niveau en integraal afgewogen worden, wat betekent dat we daar niet alleen het stuur in handen hebben. Hoewel het niet principieel afwijkt van het huidige beleid van inbreiden voor uitbreiden op basis van de ladder van duurzame verstedelijking, wordt de drempel om uit te kunnen breiden naar verwachting wel steeds hoger. Dit kan consequenties hebben voor de mogelijkheden, de omvang en/of snelheid waarmee wij de potentiële woningbouwcapaciteit rondom Riel kunnen benutten. 2.5 De aanduiding stedelijk gebied kan conflicteren met onze centrale waarde ‘Doenerig dorp’. De Ontwikkelstrategie SRBT zet in op het ontwikkelen van hoogstedelijke milieus en vergroten van het aanbod aan stedelijke milieus. Een strategie gericht op het maken van een schaalsprong en verduurzamingsslag in het bestaand stedelijk gebied zelf en op plekken die vanuit een duurzaam bodem- watersysteem, het landschap, de energietransitie en goede mobiliteit. Zowel de kernen Goirle als Riel zijn in de Ontwikkelstrategie SRBT aangemerkt als onderdeel van het stedelijk milieu van de regio. Hoewel dit op zich aansluit bij de Omgevingsvisie, waarin we hebben aangegeven een rol te willen vervullen in regionale opgaven op het gebied van woningbouw, kan dit wel iets betekenen voor de wijze waarop we hier invulling aan kunnen geven.
Dit betekent naar verwachting ook voor ons het maken van een schaalsprong in de zin van hogere dichtheden en meer stedelijkheid. We worden daarmee echt geen steden, maar zullen wel transformeren naar meer stedelijke dorpen. 2.6 De gebiedsaanduidingen in de Ontwikkelstrategie en het Ontwikkelperspectief komen niet overeen. Zowel de kernen Goirle als Riel zijn in de Ontwikkelstrategie SRBT aangemerkt als onderdeel van het stedelijk milieu van de regio. Dit sluit aan bij onze Omgevingsvisie, waarin we hebben aangegeven een rol te willen vervullen in regionale opgaven op het gebied van woningbouw. De kern Riel is in het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant niet als onderdeel van het stedelijk milieu is aangeduid. Ons college heeft gevraagd om de aanduiding stedelijk milieu in het ‘Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040’ in overeenstemming te brengen met de aanduiding in de ‘Ontwikkelstrategie SRBT’. Dit, om volstrekte helderheid te hebben dat in beide stukken voor het gebied rondom Riel dezelfde koers geldt. De aanduidingen in het Ontwikkelperspectief zijn echter ongewijzigd gebleven. Hiervoor wordt een andere methodiek gebruikt.
Het feit dat in het Ontwikkelperspectief staat beschreven dat bouwen aan de randen van bestaande bebouwing op voorhand niet onmogelijk is en dat deze locaties op regionaal, dus op SRBT-niveau, worden afgewogen in lijn met de hierover reeds gemaakte afspraken in de woondeal, biedt voor nu voldoende vertrouwen dat er geen verschil van inzicht is. 2.7 De mobiliteitstransitie kan niet worden opgelegd. Het particulier autobezit in Brabant is onderdeel van “onze” leefstijl. Dit betekent een verandering in het gedrag van mensen en nieuwe leefstijlen. Gedragsverandering is niet iets wat je zo maar kunt opleggen, maar een geleidelijke transitie door moet maken. 40 jaar ongebreideld autobezit en gebruik, daar kan niet cold-turkey op worden afgekickt door bijvoorbeeld het verlagen van een parkeereis in nieuwbouwplannen. Ondanks dat de prioriteit bij duurzame mobiliteit ligt, moeten we het huidige mobiliteitsgebruik, dat voornamelijk is gericht op de auto, niet uit het oog verliezen. Het is een geleidelijke transitie die moet passen binnen de capaciteiten van de infrastructuur.
Zaaknummer 2021-009039
8
Agendapunt:
2.8 Regionale samenwerking verschuift van Hart van Brabant naar (meer) SRBT. De regionale samenwerking in de (fysieke) leefomgeving vindt steeds meer plaats in SRBT-verband (RIA, Woondeal, Ontwikkelperspectief). In het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant staat dat we willen afspreken dat de stedelijke regio’s het bestuurlijk verband zijn waarbinnen partijen komen tot een integrale aanpak van de verstedelijkingsopgaven. Samenwerking als 1 overheid is met 9 gemeenten in Hart van Brabant al makkelijker gezegd dan gedaan, maar met 19 gemeenten wordt het er niet eenvoudiger op. Binnen de regionale samenwerking Hart van Brabant hebben we in de kernagenda projecten en prioriteiten vastgelegd. Vanuit de Ontwikkelstrategie SRBT worden daar projecten aan toegevoegd en wordt opgeroepen om mede-eigenaarschap te tonen voor de samenwerking en hierop naar vermogen inzet, kennis en capaciteit in te brengen. Wat hiervan ook voor Goirle de consequenties zijn is op dit moment niet goed te overzien. Uit het stuk blijkt dat de komende periode wordt gebruikt om de Ontwikkelstrategie SRBT uit te werken in een uitvoeringsagenda (met programmalijnen en concrete projecten) en een bijbehorende realisatie- en (co)financieringstrategie. Financiën De stukken die nu voorliggen hebben geen financiële consequenties. In het proces is input geleverd vanuit de regulier formatie.
De uitvoering van de Ontwikkelperspectieven kan wel financiële consequenties hebben. De oproep in de Ontwikkelstrategie SRBT om mede-eigenaarschap te tonen voor de samenwerking en hierop naar vermogen inzet, kennis en capaciteit in te brengen kan resulteren in meer ambtelijke capaciteit. De uitvoering van de Ontwikkelperspectieven in concrete projecten kan resulteren in benodigde co-financiering. Wat dit voor Goirle betekent kan op dit moment niet geduid worden. Pas wanneer in de loop van dit jaar concrete voorstellen worden gepresenteerd voor een uitvoeringsagenda en de governance- en organisatievraagstukken kunnen we dit beoordelen. Samenwerking De Ontwikkelstrategie SRBT is in regionaal verband opgesteld in een samenwerking tussen de regio Hart van Brabant en de regio Baronie. Het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 is gemaakt door de provincie met input vanuit de SRBT, de Waterschappen en de andere stedelijke regio’s in Brabant. Communicatie De Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant zijn begin juli aan alle colleges in het SRBT-verband aangeboden, met als doel beide documenten, als een tweeluik, met de raden te bespreken. De vorm waarin - zienswijze, wensen-bedenkingen etc. - verschilt per gemeente.
Vervolg Voor de oordeelsvorming/zienswijze bepaling/wensen en bedenkingen procedure door de raden, benutten de gemeenten de periode juli - oktober. Op basis van het verkregen draagvlak stemmen partijen in met de Ontwikkelstrategie SRBT en het Ontwikkelperspectief en de eerste uitvoeringsafspraken. Formele instemming met het Ontwikkelperspectief en de eerste uitvoeringsafspraken zal plaatsvinden in de stuurgroep NOVEX Stedelijk Brabant danwel het B0 MIRT in de periode september-november 2023. De verdere doorvertaling gericht op de uitvoering vindt vervolgens plaats in een uitvoeringsagenda die nog opgesteld zal worden in samenwerking met Rijk, provincie, waterschappen en de stedelijke regio’s.
Zaaknummer 2021-009039
9
Agendapunt:
Voortbouwend op de Ontwikkelstrategie SRBT (inclusief de versnellingslocaties en NOVEX-gebieden), het Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant, de gewenste (versnelling van de) mobiliteitstransitie en de beoogde schaalsprong van OV en fiets, wordt gewerkt aan het Multimodaal Mobiliteitspakket SRBT. Dit afsprakenpakket geeft invulling aan de bestuurlijke afspraken in het BO MIRT van november 2022. Het doel van dit pakket is het bereiken van overeenstemming tussen gemeenten in de regio, de provincie Noord Brabant en het Rijk over een meerjarig, adaptief en samenhangend pakket aan mobiliteitsmaatregelen dat bijdraagt aan het accommoderen van de verstedelijkingsopgave (1), het versnellen van de mobiliteitstransitie (2) en het verminderen van de gevolgen van het uitstel van de verbreding van A58 (3). Het voorgestelde Multimodaal Mobiliteitspakket SRBT is gericht op de agendering in het BO-MIRT van november 2023. In het najaar van 2022 hebben de provincies van de Minister voor VRO de opdracht gekregen om dit jaar een integraal Ruimtelijk Voorstel op te stellen. In dit Ruimtelijk Voorstel worden alle ruimtelijke opgaven die in de provincie spelen ten opzichte van elkaar afgewogen voor de periode tot 2030 en met een doorkijk naar 2050 (de ruimtelijke puzzel).
Het gezamenlijk opgestelde Ontwikkelperspectief Stedelijk Brabant 2040 is een van de drie perspectieven die in het Ruimtelijk Voorstel gaan landen. Dus ook via het Ruimtelijk Voorstel krijgt het Ontwikkelperspectief zijn doorwerking. De andere twee perspectieven in dit verband zijn het perspectief voor natuur, water en landbouw (het Brabants Programma Landelijk Gebied/GGA) en het perspectief voor klimaat en energie (REKS/PMIEK). Bijlagen - Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg’. - Eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’.
burgemeester en wethouders van Goirle
Mark van Stappershoef, burgemeester Ruud Lathouwers, secretaris
Zaaknummer 2021-009039
10
Agendapunt:
De raad van de gemeente Goirle; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 22 augustus 2023 gelet op de Gemeentewet;
besluit:
1. Kennis te nemen van de ‘Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg’ en het eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’. 2. Geen wensen en bedenkingen in te brengen bij het voorgenomen besluit van het college om in te stemmen met de ‘Ontwikkelstrategie Stedelijke Regio Breda Tilburg’ en het eindconcept ‘Ontwikkelperspectief en eerste uitvoeringsafspraken Stedelijk Brabant 2040’.
Aldus besloten door de raad van de gemeente Goirle in zijn vergadering van 10 oktober 2023.
de raadsgriffier,
de voorzitter,
Frits Harteveld
Mark van Stappershoef
Zaaknummer 2021-009039
11