T25025 Plan van aanpak uitvoering adviezen Berenschot over governance GR Samenwerking De Bevelanden
Tekst van het document
Plan van aanpak uitvoering adviezen Berenschot over governance GR Samenwerking De Bevelanden (besproken in de regiegroep op 17 november 2021)
Nr Advies/aanbeveling
Wijze van uitvoering
Wie
Eenvoudige wijzigingen 1
2 3
4
5
Wijziging van artikel 1 van de Reglementen van orde Regeling en/of Reglementen van orde zodanig aanvoor de vergaderingen en andere werkzaamheden passen dat als de samenstelling van een poho overvan de portefeuillehoudersoverleggen. eenstemt met de samenstelling van het dagelijks bestuur er geen poho is en alles rechtstreeks in het db wordt besproken. Handhaven van de samenstelling van het dagelijks Op termijn nadere heroverweging over de samenstelbestuur (5 burgemeesters). ling van zowel het algemeen als het dagelijks bestuur. Herzien van de samenstelling van de begeleidings- Vasthouden aan de samenstelling van de begeleicommissie (controllers dan wel beleidsmedewerkers dingscommissie, zoals geadviseerd door de Werkfinanciën) en het bepalen van de rol tot adviserend groep gemeenschappelijke regelingen van de aan de gemeenteraden en klankbord voor de GR. VZG. - Met de begeleidingscommissie overleggen over de werkwijze. Bespreek met de klankbordgroep op welke wijze de In overleg bespreken met de klankbordgroep. raden meer betrokken kunnen worden bij de GR. De klankbordgroep zelf zou een procesmatige rol kunnen spelen in de afstemming tussen zienswijzen. Goede afstemming tussen de regionale informatiebijeenkomsten en de reactietermijnen. Verzoek aan de klankbordgroep om bij de wisseling In overleg bespreken met de klankbordgroep.
van de samenstelling (in het bijzonder na de raadsverkiezingen) aandacht te hebben voor de spreiding tussen de voorstanders van de samenwerking en de meer kritische beschouwers. Drie ‘grote’ onderwerpen
Arnold van den Berge werkt een en ander uit in een wijzigingsbesluit. Jack Jansen Bas Melis, Patrick van den Beemt
Arnold van den Berge, Patrick van den Beemt
Arnold van den Berge, Patrick van den Beemt
Nr Advies/aanbeveling 6 Het opstellen van een centrale strategische visie voor de GR als uitvoeringsorganisatie voor de komende 5 – 10 jaar, de uitwerking van die visie in visies voor de afzonderlijke taakvelden en de verwerking van die visies in de dvo voor dat taakveld. Daaraan gekoppeld het opnieuw invullen van het proces van de totstandkoming van de dvo’s, het organiseren van structureel overleg over uitvoering van de dvo en bespreken van relevante trends en ontwikkelingen alsmede het benoemen van de rollen en taken van regiegroep en deelnemersoverleggen daarbij. Werk duidelijke rol/taakomschrijvingen uit voor alle betrokken gremia en bespreek deze in gezamenlijke sessies. 7 Het opnieuw inregelen van de P&C cyclus op basis van vereenvoudiging, betrokkenheid van de begeleidingscommissie en speelruimte van de directeur. P&C-stukken niet meer behandelen in de regiegroep. 8 Het opzetten van een leerprogramma ter bevordering van een cultuur van openheid & vertrouwen. Onderdelen van dit programma kunnen zijn: opstellen en doorleven van de gezamenlijke strategische visies, periodieke reflectiemomenten per gremia, werkwijze leren van ervaringen, af en toe eens ‘iets leuks’ doen. Reflecteer regelmatig op de opbrengsten uit het leerprogramma en hoe dit in het bredere perspectief van samenwerking op de Bevelanden een plek kan krijgen.
Wijze van uitvoering Met ondersteuning van een externe deskundige een sessie organiseren met de regiegroep, directeur GR en strategisch adviseurs om tot een praktische centrale strategische visie te komen, die kan worden doorvertaald naar de drie taakvelden. Op basis daarvan uitgangspunten voor de verschillende dvo’s bepalen waarmee de betreffende deelnemersoverleggen aan de slag kunnen om concept dvo’s op te stellen.
Wie Bas Melis, Arnold van den Berge, Patrick van den Beemt Arnold benadert extern deskundige
Neerleggen bij de begeleidingscommissie en de Werkgroep gemeenschappelijke regelingen van de VZG. Directeur GR betrekken bij dit proces.
Hans Schild, Patrick van den Beemt
De onder punt 6 aangegeven op te stellen visie is mede bepalend voor de invulling van een cultuurtraject. Waar staat de organisatie voor? De opbrengst van het visietraject vormt de start voor dit cultuurtraject. Op dat moment kan het verdere traject worden ingevuld.
Wordt te zijner tijd bepaald.