CConstaterende datGoes
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Bodemonderzoeken voorblad notitie[1]

Besluitvormende raad 9 juli 2026, gemeente GoesBij agendapunt: Omgevingsplan ADRZ Goes978 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ABO-Milieuconsult B.V. Amundsenweg 29 4462 GP Goes

Abstract Management & Advies T.a.v. de heer A. Ceton Wilgenbos 20 3311 JX Dordrecht

Datum Ons kenmerk Betreft

Behandeld door Telefoon E-mail

: : :

2 december 2025 ANL25-10517-1 Voorblad uitgevoerde (bodem)onderzoeken plangebied ADRZ v2

: : :

De heer Ing. D. Ferket 06 57 76 80 99 Dario.ferket@abo-group.eu

Geachte heer Ceton, In antwoord op uw vraag ontvangt u hierbij het voorblad met daarop de uitgevoerd onderzoeken ter plaatse van het plangebied ADRZ, zie figuur 1

Figuur 1: Overzicht plangebied ADRZ

Het voorblad treft u aan in bijlage 1. Voor nadere informatie over deze aanbieding kunt u telefonisch contact opnemen met bovengenoemde projectleider. Hoogachtend, ABO-Milieuconsult B.V. De heer Ing. D. Ferket Bijlagen:

1. Voorblad uitgevoerde (bodem)onderzoeken plangebied ADRZ 2. Tekening 1: Reeds uitgevoerde bodemonderzoeken binnen het plangebied 3. Tekening 2: Potentieel verdachte bronnen binnen het plangebied

Bijlage 1, blad 1 van 2 Projectnummer: ANL25-10517-1 / 2 december 2025 / De heer Ing. D. Ferket

VOORBLAD UITGEVOERDE (BODEM)ONDERZOEKEN PLANGEBIED ADRZ Uitgevoerde (bodem)onderzoek ABO-Milieuconsult periode juli 2025 (tekening 1) Verkennend onderzoek, ABO-Milieuconsult B.V., ANL25-9962, d.d. 28 november 2025 Op basis van de resultaten kan geconcludeerd worden dat de grond over het gehele terrein ten hoogste licht is verontreinigd met plaatselijk zware metalen, minerale olie, PAK en/of bestrijdingsmiddelen (OCB). Ter plaatse van grondmonster M17 (boringen 20; traject 0,50 – 0,70 m-mv) is een sterke verontreiniging (>interventiewaarde) met nikkel aangetoond in het zand met sterke bijmeningen met slakken. Middels aanvullend onderzoek is de sterke verontreiniging afgeperkt. De verontreiniging met nikkel is niet aangetroffen in omliggende boringen of in het ondiepere bodemtraject. Het betreft een puntverontreiniging ter plaatse van boring 20 in het traject 0,5-0,7 mmv, gerelateerd aan de slakkenbijmenging. In de grond ter plaatse van de grondwal zijn ten hoogste lichte verontreinigingen met zware metalen en bestrijdingsmiddelen aangetoond. Tijdens het zintuiglijk onderzoek zijn ter plaatse van de gedempte watergangen brokken slakken, zwak baksteen houdend materiaal en menggranulaat aangetroffen. Deze bijmengingen worden echter over het gehele onderzochte terrein aangetroffen en worden derhalve niet aangemerkt als een indicator voor dempingsmateriaal.

In de grond zijn ter plaatse van gedempte watergangen geen verontreinigen aangetoond met de geanalyseerde parameters. In het grondwater zijn geen concentraties boven de signaleringsparameters aangetroffen met de onderzochte parameters. Zowel in de grond als in de puinlagen is zintuigelijk en analytisch (indicatief) geen asbest boven de detectiegrens aangetoond. De onderzoekslocatie van bovenstaand onderzoek is op tekening 1 aangegeven als groene omlijning waarbij het zwart gearceerde de geplande nieuwbouw betreft. De onderzochte gedempte watergangen zijn weergegeven als blauwe stippellijn. Verkennend waterbodemonderzoek, ABO-Milieuconsult B.V., ANL25-9962, d.d. 17 juli 2025 Op basis van de resultaten kan geconcludeerd worden dat in watergang WB01 geen sliblaag (baggerspecie) is aangetroffen op de vaste waterbodem. De vaste waterbodem is licht verontreinigd met koper en voldoet indicatief aan bodemkwaliteitsklasse Industrie. Op basis van PFOS (som) is de vaste waterbodem niet geschikt voor hergebruik (op basis van PFOS). De INEV wordt voor PFOS en PFOA niet overschreden. De onderzoekslocatie (watergang) is op de tekening 1 weergegeven als blauwe lijn. Verhardingsonderzoek, ABO-Milieuconsult B.V., ANL25-9962, d.d.

17 juli 2025 Uit het asfaltonderzoek blijkt dat het asfalt (met een variërende dikte van 10 tot 12,7 cm) ter plaatse van de onderzochte locatie als niet teerhoudend kan worden beschouwd. De fundering bestaat uit menggranulaat (dikte circa 30-37 cm) voldoet (indicatief) aan de criteria voor toepassing als niet-vormgegeven bouwstof. In de aanwezige fundering is zowel zintuigelijk- als analytisch geen asbest aangetroffen. De onderzoekslocatie van het verhardingsonderzoek is op tekening 1 weergegeven als oranje gearceerd.

Bijlage 1, blad 2 van 2 Projectnummer: ANL25-10517-1 / 2 december 2025 / De heer Ing. D. Ferket

Partijkeuring (depot), ABO-Milieuconsult B.V., ANL25-9962, d.d. 27 november 2025 Uit het onderzoek blijkt dat de partij uit zand bestaat met puinbijmengingen. Aan de hand van de resultaten kan de partij indicatief worden toegepast op landbodem met kwaliteitsklasse Landbouw/natuur. Analytisch is asbest (indicatief) niet boven de detectiegrens aangetoond. De onderzoekslocatie van de indicatieve partijkeuring is op tekening 1 weergegeven als geel/groen gearceerd. Historisch vooronderzoek, ABO-Milieuconsult B.V., ANL25-10517, d.d. 27 november 2025 Voor het gehele plangebied is op 7 oktober 2025 door ABO-Milieuconsult een historisch vooronderzoek uitgevoerd inclusief locatiebezoek. Uit het historisch vooronderzoek wordt geconcludeerd dat een bodemonderzoek ter plaatse van de onverdachte terreingedeeltes een bodemonderzoek niet noodzakelijk wordt geacht. De onverdachte terreingedeeltes zijn hieronder opgesomd. o De gehele kelder van het ziekenhuis is voorzien van een vloeistofdichte waterkerende vloer. De vloer is per afdeling verder afwerkt met stenen tegels en/of linoleum; o Buitenopslag van gasflessen. De gassen die daar worden opgeslagen zijn geen bodembedreigende stoffen; o De bovengrondse zuurstoftank bevat geen bodembedreigende stof; o Ook in het gasflessengebouw worden geen stoffen/gassen opslagen die als bodembedreigend worden beschouwd.

Uit het historisch vooronderzoek zijn ook potentieel verdachte bronnen van bodemverontreiniging naar voren gekomen waarbij een bodemonderzoek noodzakelijk wordt geacht. Deze zijn hieronder opgesomd. In tekening 2 zijn de potentieel verdachte bronnen aangegeven. • Alle percelen zijn vanwege de voormalige boomgaarden verdacht op bestrijdingsmiddelen (OCB); • De aanwezige gedempte watergangen zijn mogelijk gedempt met bodemvreemd materiaal; • De puinhoudende laag onder de wegen en parkeerterreinen zijn mogelijk asbestverdacht; • De voormalige (ondergrondse) tank is verdacht op minerale olie en/of vluchtige aromaten; • Bromidemachine en tijdelijke chemische opslag is verdacht op bromide en op parameters uit het standaard NEN 5740 pakket; • Milieuplein is verdacht op parameters uit het standaard NEN 5740 pakket en de achterliggende noodstroomaggregaat is verdacht op minerale olie en/of vluchtige aromaten; • Het afvalwater ter plaatse van het controlepunt is verdacht op parameters uit het standaard NEN 5740 pakket. Bijlage 2: Tekening 1: Reeds uitgevoerde bodemonderzoeken binnen het plangebied Bijlage 3: Tekening 2: Potentieel verdachte bronnen binnen het plangebied

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16998474/1