B5. Bijlage een thuis voor iedereen
Tekst van het document
Voor personen met verward gedrag zullen politie en ggz intensiever samenwerken. Zo zorgen zij ervoor dat deze personen aparte zorg krijgen en niet onnodig worden gearresteerd. • Bij de implementatie wordt rekening gehouden met gemeenten die al een woonzorgvisie gericht op ouderen hebben. We vragen die gemeenten om die woonzorgvisie uit te breiden. • Gemeenten, woningcorporaties en urgentiecommissies doen er goed aan naast het belang van de ouders, ook het belang van kinderen mee te wegen bij beslissingen rondom huisvesting. Het gaat dan onder meer om de continuïteit van onderwijs, zorg of het kunnen blijven zien van andere verzorgers. Het stappenplan ‘Het beste besluit voor het kind bij huisvestingsproblemen’, dat de Kinderombudsman ontwikkelde voor gemeenten en woningcorporaties, kan hen daarbij helpen.10
10
https://www.kinderombudsman.nl/system/files/publications/2020-Publicatie%20aanmaken/Handreiking-bestebeluit-kind-huisvestingsproblemen.pdf
28 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Woonzorgvisies maken de behoeften aan huisvesting en ondersteuning concreet inzichtelijk. Lokale prestatieafspraken worden verbreed. De zorg wordt partner bij deze afspraken.
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 29
Ontschotten van budgetten De wijze waarop de financiering van de verschillende onderdelen voor huisvesting en ondersteuning is geregeld, kan onbedoeld integrale oplossingen in de weg staan. Het ontschotten van budgetten is nodig volgens het adviesrapport ’Een thuis voor iedereen’, maar is geen eenvoudige opgave. Het ontschotten of samenvoegen, van budgetten kan op verschillende niveaus plaatsvinden. Waar dit succesvol lukt, zullen we de voorbeelden delen via de ondersteuningsstructuur van dit programma. → Er is een initiatief voor een wetsvoorstel domeinoverstijgend samenwerken. Die wet maakt het mogelijk dat zorgkantoren, samen met andere inkopende partijen (gemeenten, zorgverzekeraars of Dienst Justitiële Inrichtingen), rechtmatig kunnen investeren in preventieve maatregelen in een ander domein om zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) te voorkomen of uit te stellen. Dit stimuleert ook het samenwerken tussen de verschillende financiers om de zorg rondom de burger zo goed mogelijk te regelen. Het ontschotten van bekostiging brengt echter ook risico’s met zich mee voor onder meer het beheersen van de uitgaven, die bij de besluitvorming over de invoering worden meegewogen. Inmiddels is de consultatiefase voltooid en het is aan het kabinet om een besluit te nemen over deze wetswijziging.
→ Gekeken wordt naar bewezen (kosten)effectiviteit in de Wet langdurige zorg (Wlz), Jeugdwet en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. Daarbij wordt ook gekeken naar de onderlinge samenhang en interactie met huisvesting. Momenteel wordt het bouwen van meer sociale huur nog vaak ontmoedigd omdat dit ook een groter beroep op de Wmo met zich meebrengt.
‘Zo doen we dat’ Een coalitie van Actiz, Aedes, Sociaal Werk Nederland, Woonbond, Valente, Divosa, VNG, G40, de Nederlandse GGZ en MIND vond samen met Platform31 inspirerende voorbeelden van succesvolle samenwerking in de wijk om weer een goed ‘thuis’ voor alle bewoners te creëren. Bij het verbeteren van de huisvesting voor aandachtsgroepen in de wijk De Ruwaard in Oss is het betrokkenen bijvoorbeeld gelukt op wijkniveau budgetten bij elkaar te brengen om zo een integrale oplossing te realiseren. De coalitie presenteerde twaalf voorbeelden in een digitaal magazine dat uitgereikt is tijdens het webinar De Ruwaard Oss op 9 februari 2022. Daarna volgde een serie webinars. Hierin staat iedere keer een goed voorbeeld centraal en wordt verteld hoe bewoners en organisaties dit samen hebben aangepakt. Zo kunnen andere wijken, zorginstellingen en woningbouwcorporaties leren van elkaar. Het ministerie van BZK ondersteunt de samenwerking. De voorzitters van de belangenorganisaties uit de coalitie wonen leerkringen bij met lokale bestuurders over het voorbeeld dat wordt uitgelicht in de webinars en haalt zo de landelijke leer- en actiepunten op. Op deze manier leren zij domeinoverstijgend samen te werken.
Planning Gemeenten, provincies, woningcorporaties en het rijk werken samen de verrijkte, integrale woonzorgvisie verder uit en bepalen de gegevens die regionaal en lokaal nodig zijn om tot een goede visie te komen. Q1 2022 • Uitwerking opdracht • Samenwerking aangaan met relevante partijen (bv Taskforce Wonen en Zorg)
Q3 2022 • Op vrijwillige basis aan de slag met de woonzorgvisie nieuwe stijl in koploperregio's
2023 • Opschaling naar heel Nederland en wettelijke verankering van woonzorgvisie nieuwe stijl
Het programma monitort nieuw beleid continu en adviseert hierover, waar het over de combinatie van wonen en zorg gaat
30 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Voorbeeld: Majella wonen in Utrecht Bij Majella Wonen in Utrecht wonen voormalig dak- en thuislozen en reguliere huurders zelfstandig samen. De gemeente Utrecht betaalt de begeleiding die de Tussenvoorziening regelt. Woningcorporatie Portaal levert de woningen. De mix van ‘vragende’ en ‘dragende’ bewoners leidt uiteindelijk tot een voor beide groepen zelfstandige, duurzame woonvorm. • Majella wonen ging in 2016 van start en bestaat uit 70 appartementen. • De voormalig dak- en thuisloze mensen krijgen - als alles goed gaat - na drie jaar een eigen huurcontact. Dat biedt hen perspectief om er te kunnen blijven wonen. Dat vergroot ook de betrokkenheid bij het leven in het wooncomplex. Na drie jaar ging 80 procent van de contracten over op eigen naam. In 2020 zat men op 90 procent. Er is maar één van de 35 bewoners teruggevallen. Het project is een ongekend succes. In andere trajecten is de terugval vaak rond de 60 procent. • De criminaliteit liep terug, de sociale betrokkenheid in de wijk groeide, juist dankzij de bewoners van Majella die bijvoorbeeld een buurt-app begonnen. • Het gemengd wonenproject loopt zo goed dat de meeste bewoners hebben aangegeven met elkaar te willen verhuizen naar het nieuwbouwcomplex De Grootmeester in Utrecht Leidsche Rijn centrum.
Foto: Ministerie van BZK Lees meer: ‘Al na drie jaar had de woonvereniging het sociaal beheer overgenomen’ | Artikel | Overheid van nu
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 31
Maatschappelijke opvang het Gasthuis Opvang voor dak- en thuisloze mensen
32 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Actielijn 4 Preventie Opgave Op de omvang van de aandachtsgroepen is niet in alle gevallen te sturen. Toch kunnen preventieve acties en maatregelen eraan bijdragen dat mensen niet voor problemen komen te staan waardoor zij dakloos worden en ook de zorg- en welzijnsopgave, onnodig groter worden. Anderzijds kan door huisvesting in combinatie met wonen, werk, zorg en welzijn goed te organiseren, worden voorkomen dat mensen in de problemen komen. Deze inzet op preventie heeft een positief effect op de leefbaarheid in de wijken. Brede sociale basis Een goede sociale basis is een randvoorwaarde voor (het herstel van) zelf- en samenredzaamheid. Typerend voor de sociale basis is een focus op wat nog wél kan. Gezien het decentrale karakter van deze opgaven zijn met name gemeenten aan zet. → Deze kabinetsperiode wil de staatssecretaris van VWS gemeenten ondersteunen bij het ontwikkelen van een wijkplan over het omzien naar elkaar in de wijk. Het doel daarvan is om de infrastructuur en de sociale netwerken in de wijk te versterken. Dat vraagt een brede benadering, en heeft raakvlakken met andere onderwerpen uit het coalitieakkoord, zoals gezondheidsbevordering, preventie en leefstijl. Vroegsignalering, voorkomen huisuitzettingen Het rapport ‘Een thuis voor iedereen’ stelt een aantal preventieve maatregelen voor waaraan al op diverse manieren uitvoering wordt gegeven.
Zo zetten gemeenten en corporaties intensief in op het voorkomen van huisuitzettingen. Dat heeft geleid tot een forse afname van 3.000 in 2018 naar 1.720 in 2020. Dit beleid zetten zij voort. Vanuit gemeenten en de rijksoverheid is er aandacht voor onder meer vroegsignalering en preventie bij (stapeling van) problemen. VWS zet met het programma ´Een thuis, een toekomst´ in op het voorkomen van dak- en thuisloosheid. Een belangrijk onderdeel van deze aanpak is de Preventie Alliantie, ingericht met ondersteuning vanuit het rijk, en gericht op vroegsignalering en advies aan gemeenten. De Brede Schuldenaanpak, die het ministerie van SZW coördineert, zet in op vroege interventie voor mensen met schulden, zodat de problemen niet escaleren. Met het wijzigen van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening kunnen gemeenten inwoners die door schulden in de problemen komen eerder helpen. Ook is het Waarborgfonds in het leven geroepen om sneller tot een schuldensanering te kunnen komen. SZW zet daarnaast nadrukkelijk in op het voorkomen van geldzorgen. Geldzorgen staan niet op zichzelf. Ze leiden vaak tot stress en daardoor ook tot problemen op het terrein van werk, huisvesting, gezondheid, opvoeding, ggz-problematiek, veiligheid etc.
Door (eerste) signalen van geldzorgen als aanknopingspunt te benutten om kwetsbare groepen (waaronder kinderen en jongeren) vroegtijdig in beeld te krijgen en ondersteuning te bieden kunnen meer hardnekkige problemen worden voorkomen of opgepakt. Het niet langer stoppen van de volledige uitkering als een uitkeringsgerechtigde tijdelijk wordt opgenomen in een zorginstelling draagt ook bij aan het voorkomen van woonproblematiek. Per 1 januari 2022 is dit geregeld via het amendement Kwint.11 Ter voorkoming van recidive werkt het ministerie van JenV aan meer maatwerk in het gevangenisregime. Re-integratie in de samenleving is daar een belangrijk onderdeel van. Zo is er om- en bijscholing in de gevangenis en wordt de huisvesting voor ex-gedetineerden mogelijk gemaakt. De verbondenheid met de wijk is één van de grootste krachten van de Nederlandse politie. De wijkagent als ‘ogen en oren 11
Kamerstukken II, 2020–2021, 35 667, nr. 37
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 33
op straat’ en als eerste aanspreekpunt voor burgers. Vanaf 2024 zullen er landelijk agenten in de wijk bijkomen, waarvan een deel van deze agenten het accent jeugd en school krijgt. Dit om te voorkomen dat probleemjongeren opgroeien tot criminelen. Versterking positie kwetsbare jongeren Preventieve maatregelen om jongeren die dat nodig hebben een goede start te geven, helpen hen in hun latere leven. Het gaat dan om jongeren in een kwetsbare positie, met name jongeren uit het praktijkonderwijs (Pro), Voortgezet speciaal onderwijs (Vso), Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen (AMV’s) en jongeren die uitstromen uit jeugdhulp met verblijf. Zij dreigen door onder andere het tekort aan betaalbaar woonaanbod, het hanteren van verschillende leeftijdsgrenzen en beperkingen in weten regelgeving, regelmatig tussen wal en schip te raken. Om dit te voorkomen ondernemen diverse departementen, in samenwerking met gemeenten en wooncorporaties, acties. De acties zien zowel toe op vloeiende overgangen en passende ondersteuning als op het verbeteren van de inkomenspositie.
Continuïteit van zorg en ondersteuning bij uitstroom uit jeugdhulp met verblijf → Jeugdhulpverleners laten jongeren niet los als zij 18 jaar worden, mits aantoonbaar is voorzien in ‘the big 5’: huisvesting, zorgcontinuïteit, zinvolle daginvulling (school of werk), een volwassene om op terug te vallen/informeel support en financiën die op orde zijn of waarbij in ondersteuning daartoe is voorzien. Onderdeel hiervan is dat iedere jongere met een persoonsgericht Toekomstplan tijdig en gedegen wordt voorbereid op het verlaten van jeugdhulp met verblijf. In het plan is aandacht voor alle vijf leefgebieden en in het bijzonder huisvesting. In 2022 worden concrete afspraken gemaakt over verbeterde uitstroom uit residentiële jeugdhulp en worden de uitkomsten van de drie pilot regio’s breed gedeeld met regio’s. (voortouw: VWS). → Werken aan de ‘big 5’ en met het Toekomstplan maakt onderdeel uit van de richtlijn Toekomstgericht Werken voor jeugdhulpprofessionals. Deze richtlijn wordt in 2022 vastgesteld door het Nederlands Jeugdinstituut (NJI) en vervolgens breed geïmplementeerd bij jeugdhulpinstellingen met verblijf. → De uiteenlopende leeftijdsgrenzen voor jongeren bij de verschillende arrangementen voor bijvoorbeeld huisvesting, zorgcontinuïteit, zinvolle dag invulling (school of werk)en inkomen staan integrale oplossingen en aanpakken soms in de weg.
Een aantal ministeries werkt samen met de gemeenten om dit te verbeteren. Dat is complex en tijdrovend omdat er diverse wetswijzigingen mee gemoeid kunnen zijn. De ministeries van VWS, BZK en SZW nemen hier het voortouw. → Gemeenten kunnen jongeren die verblijven in jeugdhulp met verblijf (residentiele jeugdhulp/ gesloten en open, pleegzorg en gezinsvervangende tehuizen) met meer urgentie helpen aan huisvesting. Dat kan bijvoorbeeld door directe bemiddeling naar een woning of door hen (meer) voorrang te geven (zoals in de regio Amsterdam gebeurt met het toekennen van urgentiepunten in het toewijzingssysteem).
34 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Preventieve maatregelen helpen voorkomen dat mensen (verder) in de problemen raken en dat onnodige woon- en zorgopgaves ontstaan.
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 35
Bestaanszekerheid → Het wettelijk minimumloon (WML), met daaraan gekoppeld de sociale minimumuitkeringen behoudens de AOW, wordt stapsgewijs in 2024 en 2025 met 7,5 procent verhoogd. Daarnaast is er structureel 3 miljard euro beschikbaar voor lastenverlichting voor met name lage- en middeninkomens, werkenden en gezinnen. De inkomensruimte van een hoger minimumloon of uitkering wordt gedeeltelijk ingezet om de huurtoeslag te hervormen en te vereenvoudigen. → Naar aanleiding van het traject hardheden Participatiewet wordt door de minister voor Armoede, Participatie en Pensioenen gewerkt aan een beleidsplan tot herziening van de Participatiewet. Twee wijzigingen zijn al aangekondigd: → De kostendelersnorm kan een belemmering vormen voor woningdelen en kan bijdragen aan dakloosheid van jongeren. In het coalitieakkoord is afgesproken de leeftijdgrens voor de kostendelersnorm in de Participatiewet, IOAW, IOAZ, Anw en Toeslagenwet aan te passen, zodat inwonende jongvolwassenen tot 27 jaar niet langer meetellen als kostendeler voor de uitkering van huisgenoten. Hiervoor wordt door SZW een wetswijziging ingediend bij het parlement. Als ingangsdatum wordt gestreefd naar 1 januari 2023. → In het coalitieakkoord is afgesproken de bijverdiengrenzen in de Participatiewet te verruimen. Gemeenten en andere belanghebbenden zijn bij dit wetstraject betrokken.
Wonen → Jongeren tussen de 18 en 23 jaar krijgen momenteel huurtoeslag voor woningen tot en met de jongerenhuurgrens (€ 442,46). Jongeren vanaf 23 jaar komen in aanmerking voor huurtoeslag voor woningen tot en met de huurtoeslaggrens (€ 763,47). Het ministerie van BZK verlaagt deze leeftijdsgrens zodat jongeren vanaf 21 jaar al in aanmerking komen voor huurtoeslag voor woningen tot en met de maximum huurgrens (€ 763,47). → Partijen bij het programma maken een handreiking voor intermediaire verhuur van onzelfstandige woonruimte zoals via ´Friendscontracten’. De handreiking wordt verspreid onder gemeenten en woningcorporaties. Gemeenten en corporaties die gezamenlijk willen investeren in Friendscontracten krijgen zo mogelijk ondersteuning vanuit de ondersteuningsstructuur van het programma. Benutten kansen gegevensdeling Woningcorporaties vervullen een belangrijke maatschappelijke taak in het zorgen voor betaalbare huisvesting voor de mensen met een smallere beurs. Ook hebben ze een taak in het zorgen voor een fijn leefklimaat in de wijk. Bij de uitvoering van hun taken verwerken woningcorporaties persoonsgegevens.
Het is met het oog op de uitvoering van hun taken wenselijk dat woningcorporaties in specifieke gevallen meer persoonsgegevens mogen verwerken dan alleen de gewone persoonsgegevens en dat hiervoor een expliciete grondslag bestaat om duidelijkheid te bieden aan de woningcorporatiesector. → Het ministerie van BZK past de Woningwet aan zodat woningcorporaties bijvoorbeeld mensen met een medische urgentie sneller en beter huisvesten door betere gegevensdeling. → Met het wetsvoorstel aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) wordt geregeld dat er – van inwoners van gemeenten die kampen met multiproblematiek - gegevens uitgewisseld kunnen worden tussen verschillende instanties ten behoeve van de zorg voor deze mensen.
36 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Voorbeeld: Case Nederlandse GGZ Hoe kun je een goede buur zijn? Als bewoners die ook klant zijn bij de ggz dit begrijpen, dan kan dat escalatie in de buurt voorkomen. Voor de bewoners zelf is dat lastig omdat ze zichzelf minderwaardig voelen en het nut niet zien van goede contacten met de buurt. Ze willen zonder labeltjes in de wijk wonen, maar hebben bepaald gedrag wat een reactie oproept. ‘Welkome Wijk’ is ontwikkeld door ‘Samen sterk zonder stigma’, met het doel de acceptatie van bewoners met een psychische achtergrond te vergroten. Aanleiding is dat steeds meer mensen met een psychische kwetsbaarheid in de wijk wonen. Prettig met anderen samenleven zou normaal moeten zijn, maar blijkt door vooroordelen soms lastig. Vooroordelen ontstaan als mensen elkaar niet begrijpen. Samen Sterk zonder Stigma organiseert daarom bewustwordingsbijeenkomsten die voor betere communicatie tussen wijkbewoners en mensen met een psychische aandoening moeten zorgen. Tijdens deze (bewustwordings-)bijeenkomsten van 2,5 uur wordt informatie gegeven over wat het betekent om een psychische kwetsbaarheid te hebben en hoe (zelf) stigmatisering werkt. Deelnemers kunnen ervaringen delen en vragen stellen over het omgaan met mensen met een psychische kwetsbaarheid. Ervaringsdeskundige ambassadeurs van Samen Sterk brengen hun eigen ervaringen in, zodat meer begrip ontstaat.
Met eenvoudige tips kunnen buren en andere wijkbewoners een belangrijke rol spelen in de dé-stigmatisering en participatie van mensen met psychische kwetsbaarheden. Het doel is om de deelnemers bewust te maken wat het betekent om een psychische kwetsbaarheid te hebben en hoe het is hiermee te wonen en leven in een wijk. Meer informatie: https://www.trimbos.nl/actueel/nieuws/welkome-wijk-moet-acceptatie-bewoner-met-psychischeachtergrond-vergroten/ https://samensterkzonderstigma.nl/app/uploads/2021/09/SSzS-Argumentatie-Wijk-v4.pdf
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 37
38 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Sturing, ondersteunings structuur, financiën en planning Interbestuurlijk programma De doelen in het programma realiseren wij via een gezamenlijke aanpak met medeoverheden, ministeries, corporaties en andere betrokken partijen. We bouwen hierbij voort op de samenwerking die we met elkaar hebben opgebouwd. Die samenwerking is gebaseerd op vertrouwen en houdt rekening met elkaars taken en verantwoordelijkheden. De minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening is de coördinerend bewindspersoon van het programma. Deze minister informeert de Tweede Kamer over de voortgang, mede namens de andere bewindslieden en bestuurders van Aedes, gemeenten en provincies na afstemming in het bestuurlijk overleg tussen de partijen. Via monitoring, het volgen van de acties en periodieke overleggen houden we zicht op de voortgang. Knelpunten worden tijdig gesignaleerd. Zo kunnen we bijsturen als de voortgang stagneert. Het programma neemt bestaande verantwoordelijkheden niet over. Zo blijft bijvoorbeeld de minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen vanzelfsprekend verantwoordelijk voor de kostendelersnorm en zorgen gemeenten en corporaties voor de juiste toewijzing van sociale huurwoningen. Alle deelonderwerpen kennen sterke onderlinge afhankelijkheden en worden ook in het totaal bezien. Bij nieuw rijksbeleid wordt de impact op de huisvesting meegewogen in de besluitvorming.
Zo verrassen overheden elkaar niet. Sturing op de acties vindt plaats via de meest logische lijnen en voor het geheel stuurt het interdepartementale en interbestuurlijk directieoverleg en bestuurlijk overleg. Daarin zijn de departementen van BZK, VWS, J&V, SZW, OCW, het RVB, de VNG, IPO en Aedes vertegenwoordigd. Het programma is veelomvattend. Besluitvorming over onderdelen van het programma kan op andere tafels plaatsvinden. Het programma legt verbindingen en bewaakt de voortgang op het totaal in samenhang. Het interbestuurlijk en interdepartementaal programmateam dat zorgt voor de (coördinatie van de) acties is organisatorisch ondergebracht bij het ministerie van BZK. Het team bewaakt ook de samenhang met andere programma’s en initiatieven, zoals het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid. De inhoud van het programma is adaptief. Dat wil zeggen dat er ruimte is om in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en onderwerpen die eruit kunnen (als deze bijvoorbeeld zijn afgrond of onvoldoende blijken bij te dragen aan een oplossing). Voor Caribisch Nederland wordt een separate beleidsagenda Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening opgesteld. Daarin zal de huisvesting van aandachtgroepen een plek krijgen. De beleidsagenda zal voor de zomer aan de Tweede Kamer worden gestuurd.
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 39
Toereikende middelen, uitvoeringstoets In dit programma zijn nieuwe taken en bevoegdheden voor provincies en gemeenten aangekondigd die verankerd worden in het wetsvoorstel versterking regie volkshuisvesting. Met het verplichte onderzoek vanwege artikel 2 van de Financiële-verhoudingswet worden de financiële gevolgen voor de medeoverheden in kaart gebracht. Het ministerie van BZK doet een ‘Uitvoeringstoets decentrale overheden’ (UDO). Hiermee kunnen nadere keuzes worden gemaakt of scenario’s worden geschetst om tot een zo optimaal mogelijke aanpak te komen voor het integrale, interbestuurlijke vraagstuk van de huisvesting van aandachtsgroepen. Het ministerie van BZK zorgt voor coördinatie van de UDO, dat een interbestuurlijk traject is waarbij ook Aedes wordt betrokken. Dit traject loopt parallel aan het wetsvoorstel versterking regie volkshuisvesting.
Monitoring Het doel van het programma ‘Een thuis voor Iedereen’ is voldoende betaalbare woningen voor aandachtsgroepen, die evenwichtig verdeeld zijn over gemeenten met de juiste zorg, ondersteuning en begeleiding. We volgen en beoordelen de ontwikkelingen zodat we weten in welke mate deze doelstelling wordt gerealiseerd. De monitor voor het programma Woningbouw zal hieraan een belangrijke bijdrage leveren. Deze monitor zal immers inzicht geven in de ontwikkeling van het aantal betaalbare woningen. Met het dashboard ‘Een thuis voor iedereen’ kan de voorraad aan sociale huurwoningen gevolgd worden. Abf Research ontwikkelt dit dashboard op basis van gegevens van het CBS. Daarin is de omvang van de sociale huurvoorraad per gemeente, per provincie en voor heel Nederland zichtbaar. Dit dashboard maakt het mogelijk om te zien of de evenwichtige verdeling tussen gemeenten tot stand komt. We willen daarnaast ook specifiek het effect van het programma op mensen uit aandachtsgroepen meten, met name in hoeverre er voldoende betaalbare woningen voor hen zijn gerealiseerd. Daartoe moet allereerst veel scherper dan nu de opgave in beeld zijn, zowel landelijk, regionaal als lokaal. Dat vraagt om duidelijker definities van de aandachtsgroepen en beter zicht op de aantallen.
Daarbij moet worden bedacht dat niet alle mensen uit aandachtsgroepen bekend zijn, zoals dak- en thuisloze mensen, mensen met een sociale urgentie en arbeidsmigranten. Ook kunnen mensen regelmatig gerekend worden tot meerdere groepen. Dit maakt een adequate monitoring uitermate lastig. We zullen desalniettemin met alle stakeholders en experts proberen de ontwikkelingen zo goed mogelijk in beeld te krijgen. Daartoe werken we indicatoren uit, bijvoorbeeld de wachttijd op een sociale huurwoning. We zoeken daarbij zoveel mogelijk aansluiting bij bestaande monitors (zoals de monitor dak- en thuisloosheid van het CBS en de CBS migrantenmonitor) en werkwijzen (onder andere registraties) van gemeenten en corporaties. Dit is een complex traject met een lange doorlooptijd. Het streven is om het monitoringssysteem in het vierde kwartaal van 2023 operationeel te hebben. We zullen daarnaast onderzoeken in welke mate integrale woonzorgvisies tot stand komen met concrete prestatieafspraken over wonen en ondersteuning voor mensen uit aandachtsgroepen. Daarbij kijken we ook hoe hiermee de huisvesting in combinatie met zorg, welzijn en ondersteuning is verbeterd. Tot slot gaan we aan de slag met een maatschappelijke kosten-batenanalyse. Bij met name preventieve maatregelen gaan de kosten voor de baat uit.
Hetzelfde geldt voor het opvangen van mensen in een intramurale instelling versus het zorgen voor goede huisvesting met ondersteuning. Om inzichtelijk te maken wat de inzet in verbeteren van de huisvestingssituatie oplevert, wordt door de partijen van het programma deze analyse opgezet.
40 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Ondersteuningsstructuur Aanleiding en doel Om integraal aan de actielijnen te werken, zullen de overheden en woningcorporaties deels anders gaan (samen)werken, bijvoorbeeld met de woonzorgvisies en urgentieverordeningen. Om gemeenten, provincies, rijk, woningcorporaties en maatschappelijke organisaties in staat te stellen de doelen uit het voorliggende programma te realiseren, werken we in het programma gezamenlijk aan een brede ondersteuningsstructuur. De ondersteuning is erop gericht om het werken met specifieke (en nieuwe) instrumenten te vergemakkelijken en het fysieke domein (woningbouw) en het sociale domein regionaal en lokaal te verbinden. Voor verschillende aandachtsgroepen is de ondersteuning voor professionals nu apart georganiseerd. De ondersteuningsstructuur van het programma verbindt de initiatieven om de hulp zo integraal mogelijk aan te bieden. Dit draagt bij aan het leren van elkaar en een geharmoniseerde uitvoering. • Voor de ondersteuningsstructuur komt geld beschikbaar uit de regeling huisvesting aandachtsgroepen en middelen van VWS en kunnen gemeenten gebruikmaken van de regeling flexpool.12 Schets ondersteuningsstructuur De ondersteuningsstructuur bouwen we op als een piramide. We starten met een brede basis voor alle partijen waar zij kennis en goede voorbeelden kunnen vinden.
We bieden proactieve ondersteuning waarbij hulp naar partijen toe wordt georganiseerd.
e
nin rst eu de on ev e
Faciliteren van kennisdeling / -uitwisseling, netwerkevents, stakeholdersessies, webinars
ft oe
Pro ac ti
Eén loket / vraagbaak
eh eb pd
Regionale teams / doorbraakteams
o md
ste
ge
Handen in organisatie
Af
g
Figuur 3 Ondersteuningsstructuur
Online kennis- en expertisecentrum (landingspagina)
Ondersteuning is maatwerk en wordt afgestemd op de behoefte van partijen. De piramide is opgebouwd uit verschillende lagen, van breed naar specifiek. • Een online kennis- en expertisecentrum (platform/website) met informatie over huisvesting en en sociale begeleiding. Op deze pagina zijn handreikingen, stappenplannen, gereedschapskisten, informatie over financiële regelingen etc. te vinden. Deze website bundelt alle beschikbare informatie over de huisvesting van aandachtsgroepen, zowel generiek als specifiek voor bepaalde aandachtsgroepen. Het biedt ook ruimte voor kennisdeling en informatie over webinars, netwerkevenementen en stakeholdersessies. Dit komt tegemoet aan de behoefte aan één centraal informatiepunt. 12 Voor zover middelen op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën staan, is de inzet afhankelijk van goedgekeurde bestedingsplannen.
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 41
• Eén loket/vraagbaak (email/telefoon) voor vragen over de huisvesting en sociale randvoorwaarden van aandachtsgroepen. Dit loket fungeert als een frontoffice. Hier kunnen vragen worden gesteld die, als dat nodig is, worden doorgeleid naar een expert. • Een team met experts voor de verschillende aandachtsgroepen die vragen beantwoorden en ondersteuning bieden. Deze experts helpen bij het verkrijgen van inzicht in de regionale/lokale opgave voor de huisvesting van aandachtsgroepen, het komen tot integrale woonzorgvisies en de uitvoering van deze visies met alle betrokken partijen. We besteden aandacht aan hoe partijen van elkaar kunnen leren en feedback kunnen geven. • Professionals die voor een periode bij de gemeente aan de slag gaan om te zorgen voor een versnelling in het realiseren van huisvesting voor aandachtsgroepen. Daarbij wordt de verbinding gelegd met het sociale domein. Het gebrek aan personele capaciteit is een groot knelpunt bij gemeenten en er wordt met urgentie aan een regeling gewerkt.
Financiële middelen De onderstaande tabel geeft een overzicht van de extra middelen die deels ondersteunend zijn aan dit programma. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen geld dat voor woningbouw en betaalbaarheid wordt toebedeeld aan MBZK/MVRO en geld dat wordt toebedeeld aan andere ministeries.
(bedragen in mln)
2022
Woningbouwimpuls (10 x 100mln Woningbouwimpuls
2023
2024
2025
2026
100
100
100
100
150
150
150
150
20
20
20
300
300
40
10
10
64
64
250
Volkshuisvestingfonds (4x150 mln) 14 grootschalige woninbouwgebieden
500
Ondersteuning medeoverheden (flexpools)
20
Vereenvoudiging huurtoeslag Huisvesting Aandachtsgroepen
Struc
40
Afschaffen kostendelersnorm onder 27 (SZW)
300
300
65
66
74
Aanpak dak- en thuisloosheid (VWS)
65
65
65
65
65
65
Versterken preventieaanpak (J &V)
50
100
150
150
150
200
Een deel van het geld staat op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën. Voor besteding van dit geld is eerst goedkeuring van beleidsvoorstellen van het ministerie van Financiën vereist.
42 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 43
Planning 2022 mei
juni
juli
augustus
september
Regie Woningbouw Bestuurlijke afspraken inclusief 30%
Gesprekken over opgave
Reality check indicatieve taakstellingen
Prestatieafsprak provincies
Indicatieve taakstellingen (1 juni)
Prestatieafspraken
Nationale afspraken over opgaven corporaties
Prestatieafspraken woningcorporaties per gemeente
Regie wonen Integrale woonzorgvisies
Integrale woonzorgvisies voor alle aandachtsgroepen uitwerken met koploperregio’s (loop
Urgentieverordeningen
Uitwerking definities specifieke aandachtgroepen t.b.v. urgentieverordeningen (loopt in 20
Meerwaarde toetsen van toewijzen van 30% van vrijkomende sociale huu
Wet- en regelgeving
Inzet instrumentarium Omgevingswet
Wetsvoorstel Versterken regie volkshuisvesting (incl. woonzorgvisies en
Monitoring en ondersteuning Ondersteuningsstructuur Dashboard 30%
Integrale ondersteuningstructuur opzetten samen met koploperregio’s (loopt in 2022) Dashboard online
Definities
Uitwerken definities aandachtsgroepen (in 2022)
Monitor
Integrale monitoring aandachtsgroepen (inrichten en operationeel maken loopt in 2022 en
44 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
2023 oktober
november
2024
december
Rijk (en provincies) sluiten woondeals met regio’s
ken met
e (december 2022)
Loopt door in 2023
pt in 2022)
Uitwerking brede prestatieafspraken in koplopers (gemeenten, woon-, huurders-, client-, zorg-, welzijnsorganisaties) Uitrol integrale woonzorgvisies in heel Nederland (vanaf 2023) Uitrol brede prestatieafspraken in heel Nederland (vanaf 2024)
022)
urwoningen aan specifieke aandachtsgroepen in koplopersregio’s (start in 2022 en loopt door in 2023)
n urgentieverordeningen)
Uitwerken urgentieverordeningen in heel Nederland (vanaf 2023) Wettelijke verankering per 1 januari 2024
In werkingtreding 1 januari 2024
n 2023)
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 45
De Hub Haren De Hub Haren is een woonvoorziening voor nieuwkomers; jonge mensen met een persoonlijke kwetsbaarheid en voor mensen die het leuk vinden om in de Hub te wonen en te participeren. Er is werkruimte voor 20 ondernemers en voor organisaties met een sociaal-maatschappelijke inslag. In de Hub wonen ca. 55 mensen. Foto: Ton Sprenger
46 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Bijlage 1 Nieuwe of aangepaste wet- en regelgeving Onderstaand is per actielijn uit het programma ´Een thuis voor iedereen´ weergegeven welke wettelijke instrumenten worden ingezet. 1. Voldoende betaalbare en passende woningen (zie ook het programma Woningbouw) Instrumentarium Omgevingswet Daar waar nodig zullen de instrumenten van de Omgevingswet worden ingezet om te zorgen dat alle gemeenten, provincies en het rijk hun deel van de taak en verantwoordelijkheid nemen op het terrein van de volkshuisvesting. Het ministerie van BZK zal waar nodig instructieregels opstellen (bijvoorbeeld via het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening en het Besluit kwaliteit leefomgeving). Wet versterken regie volkshuisvesting Op basis van alle programma’s rond de volkshuisvesting bereidt het ministerie van BZK een integraal wetsvoorstel voor dat vastlegt hoe het rijk regie kan gaan voeren over het volkshuisvestingsbeleid (Wet versterken regie volkshuisvesting). Het streven is dat wetsvoorstel dit najaar in consultatie te brengen. Onderdeel hiervan wordt de wettelijke verankering in de Woningwet van het opstellen van een woonzorgvisie. Een ander onderwerp dat in het kader van dit wetsvoorstel nader wordt uitgewerkt, is het opstellen van een urgentieverordening en/of huisvestingsverordening door gemeenten voor specifieke aandachtsgroepen.
Integrale, gebiedsgerichte aanpak en ruimte voor experimenten en maatwerk De komende tijd beziet het ministerie van BZK in het kader van het programma leefbaarheid en veiligheid of en waar wetgeving moet worden gewijzigd. Dit om een meer integrale en gebiedsgerichte aanpak mogelijk te maken en meer ruimte te maken voor experimenten en maatwerk. Ook wordt waar nodig bezien of en welke nieuwe instrumenten in sectorale wetgeving moeten worden toegevoegd om beter te kunnen optreden tegen misstanden. Goed verhuurderschap13 Het ministerie van BZK maakt een wet goed verhuurderschap om de positie van huurders ten opzichte van verhuurders te versterken. Dit wetsvoorstel is ook belangrijk voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Naar verwachting kan het wetsvoorstel voor de zomer bij de Tweede Kamer worden ingediend. 2. Evenwichtige verdeling in alle gemeenten Verbeteren balans woonvoorraad Er is een nieuwe balans nodig in de woningvoorraad van gemeenten. Gemeenten moeten in het uiterste geval gehouden kunnen worden aan het toewerken naar het streven naar meer evenwicht in de woningvoorraad. Daartoe krijgen provincies een wettelijke interventiemogelijkheid. 3.
Combineren wonen, zorg, welzijn en werk Wet op de huurtoeslag De in het coalitieakkoord aangekondigde verlaging van de jongerengrens, het niet meer meetellen van servicekosten en het schrappen van de maximale huurgrens worden doorgevoerd en de in het coalitieakkoord aangekondigde genormeerde huren in de huurtoeslag zal in wetgeving worden geregeld.
13 Momenteel wordt er een artikel 2-onderzoek op basis van de Wet financiële-verhoudingen uitgevoerd om de uitvoeringskosten van dit wetsvoorstel voor gemeenten in kaart te brengen. Financiële dekking van deze uitvoeringskosten voor gemeenten is voorwaardelijk voor invoering van de wet. De dekking zal worden bezien tijdens de voorjaarsbesluitvorming.
Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening | Programma Een thuis voor iedereen | 47
Wet domeinoverstijgend samenwerken VWS bereidt wetgeving voor om de samenwerking tussen de verschillende financiers beter van de grond te laten komen, zodat de zorg rondom de burger zo goed mogelijk geregeld wordt. Preventie Verbetering positie weeskinderen in ouderlijke huurwoning Het ministerie van BZK bereidt wetgeving voor om de positie van weeskinderen in ouderlijke huurwoningen te verbeteren. Wijziging woningwet Het ministerie van BZK bereidt een wijziging van de Woningwet voor waarin grondslagen voor het verwerken en delen van persoonsgegevens door woningcorporaties worden geregeld. Wetsvoorstel aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) Het ministerie van VWS bereidt samen met de ministeries van SZW, BZK en J&V wetgeving voor om gegevensuitwisseling tussen verschillende instanties ten behoeve van de zorg voor mensen met multiproblematiek mogelijk te maken. Wettelijk minimunloon Het ministerie van SZW bereidt de verhoging van het wettelijk minimumloon (WML) voor. Participatiewet Naar aanleiding van het traject hardheden Participatiewet wordt door de minister voor Armoede, Participatie en Pensioenen gewerkt aan een beleidsplan tot herziening van de Participatiewet. Twee wijzigingen zijn al aangekondigd: • De kostendelersnorm kan een belemmering vormen voor woningdelen en kan bijdragen aan dakloosheid van jongeren.
In het coalitieakkoord is afgesproken om de leeftijdgrens voor de kostendelersnorm in de Participatiewet, IOAW, IOAZ, Anw en Toeslagenwet aan te passen, zodat inwonende jongvolwassenen tot 27 jaar niet langer meetellen als kostendeler voor de uitkering van huisgenoten. Hiervoor wordt door het ministerie voor SZW een wetswijziging ingediend bij het parlement. Als ingangsdatum wordt gestreefd naar 1 januari 2023. • In het coalitieakkoord is afgesproken om de bijverdiengrenzen in de Participatiewet te verruimen. Gemeenten en andere belanghebbenden zijn bij dit wetstraject betrokken.
48 | Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening www.minbzk.nl www.volkshuisvestingnederland.nl Mei 2022