CConstaterende datGoes
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendapunt 08. Beheerplan Havens, sluis en bruggen Definitief

Oordeelsvormende raad 14 september 2023, gemeente GoesBij agendapunt: Bestuursrapportage gemeente Goes 20234.766 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beheerplan havens, sluis en bruggen. 2020-2024

Inhoudsopgave: INHOUDSOPGAVE: ........................................................................................................................................... 2 1 INLEIDING ...................................................................................................................................................... 3 2 AANLEIDING EN DOEL.................................................................................................................................... 4 3 OMVANG AREAAL ........................................................................................................................................ 5 4 WERKWIJZE ................................................................................................................................................... 6 4.1 WETTELIJKE KADERS ..................................................................................................................................... 6 4.2 MACHINERICHTLIJNEN................................................................................................................................... 6 4.3 CE MARKERING ...........................................................................................................................................

6 4.3.1 Essentiële eisen ................................................................................................................................ 6 4.3.2 Stappenplan CE-markering ............................................................................................................... 7 4.3.3 Technische documentatie ................................................................................................................. 7 4.4 SAMENGESTELDE MACHINES ........................................................................................................................... 7 5 HUIDIGE SITUATIE ......................................................................................................................................... 8 5.1 SLUIS GOESE SAS ......................................................................................................................................... 8 5.2 GEMAAL GOESE SAS ..................................................................................................................................... 8 5.3 BRUG WILHELMINADORP ............................................................................................................................... 8 5.4 BEDIENGEBOUW GOESE SAS. ..........................................................................................................................

8 5.5 RINGBRUG ................................................................................................................................................. 9 5.6 ST. MAARTENBRUG ...................................................................................................................................... 9 5.7 OEVERS EN KUNSTWERKEN ............................................................................................................................. 9 5.8 HAVENS .................................................................................................................................................... 9 6 HUIDIG ONDERHOUDSNIVEAU .................................................................................................................... 10 7 BEHEERSTRATEGIE EN ONTWIKKELINGEN ................................................................................................... 11 7.1 ONDERHOUDSNIVEAU ................................................................................................................................. 11 7.2 HAVENS .................................................................................................................................................. 11 7.3 OEVER CONSTRUCTIES .................................................................................................................................

11 7.4 KANAAL EN DIEPTES .................................................................................................................................... 12 7.5 STADSHAVENS ........................................................................................................................................... 12 7.6 ONTWIKKELING LANDVERKEER ....................................................................................................................... 12 7.7 DUURZAAMHEID ........................................................................................................................................ 13 8 FINANCIËN................................................................................................................................................... 14 8.1 DEFINITIES ............................................................................................................................................... 14 8.1.1 Klein onderhoud ............................................................................................................................. 14 8.1.2 Groot onderhoud. ..........................................................................................................................

14 8.1.3 Investeringen ................................................................................................................................. 14 8.2 RELATIE TUSSEN VOORZIENING EN INVESTERINGEN ............................................................................................. 14 8.3 LANGE TERMIJNKOSTEN IN RELATIE TOT DOTATIES. ............................................................................................. 15 9 BIJLAGEN ..................................................................................................................................................... 16

1 Inleiding In Zeeland zijn er meerdere beheerders van de bruggen en sluizen. Op het gebied van sluizen heb je Rijkswaterstaat, Provincie Zeeland en de gemeente Goes. De gemeente Goes is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte en daarmee ook de beweegbare nautische objecten en havens inclusief kunstwerken binnen de gemeente. In het Burgerlijk Wetboek is de aansprakelijkheid van beheerders van de openbare voorzieningen geregeld. De centrale gedachte is dat de beheerder verantwoordelijk is voor het uitvoeren van voldoende onderhoud. In dit beheerplan wordt uitgelegd hoe we dit voor deze objecten binnen de gemeente regelen en vastleggen.

2 Aanleiding en doel In 2019 is er een grote modernisering doorgevoerd bij de beweegbare nautische objecten van Goes. Het meerjarig onderhoudsplan moet mede naar aanleiding hiervan geactualiseerd worden. Daarnaast is in de programmabegroting van 2020 in de voorziening havens, sluis en bruggen gemeld dat de oude onderhoudsplanning van 2016 na 4 jaar wordt geactualiseerd. De definities wat financieel gezien bij de voorziening en bij de investeringen hoort, is anders aangehouden dan bij de vorige uitwerking in 2016. De beweegbare nautische objecten worden twee keer per jaar geïnspecteerd op hydraulische en electrotechnische gebieden. De oevers en objecten in de havens worden twee jaarlijks geïnspecteerd. Op basis hiervan wordt het benodigde onderhoud voor het in stand te houden geprogrammeerd in het beheersysteem. Op basis van beschikbaar budget en de prioriteit van onderhoudsmaatregelen stelt de gemeente een onderhoudsplan op. De huidige werkwijze is nog niet gekoppeld aan een door het college goedgekeurde beheerstrategie. Het voornaamste doel is dan ook het opstellen van een beheerplan met concrete strategie en ambities en dit middels de jaarplannen voor te leggen aan het college.

3 Omvang Areaal De gegevens in dit beheerplan zijn gebaseerd op de beheergegevens van de gemeente Goes en de resultaten van inspecties en onderzoeken. De beweegbare nautische objecten en de daarbij behorende kunstwerken, oevers en de havens zelf horen bij de scope van dit beheerplan. Het gebied en havens welke hiertoe behoren zijn vastgelegd in de havenverordening met de daarbij behorende tekening van het havengebied. Deze tekening is toegevoegd in bijlage 1. Goes beschikt over 5 beweegbare nautische objecten: - Sint Maartenbrug - Ringbrug - Brug Wilhelminadorp - Gemaal Goese Sas - Sluis Goese Sas incl. bediengebouw De bediensystemen van al de beweegbare nautische objecten voldeden niet meer aan de huidige normen. Gedurende het beheerplan van 2016-2020 zijn een aantal noodzakelijke renovaties gedaan van de nautische bedieningssystemen. Voor de komende periode is een nieuw onderhoudsplan gemaakt en is de Risico-inventarisatie-evaluatie geactualiseerd. De beweegbare nautische objecten zijn immers ook arbeidsmiddelen. Dit vereist functionele veiligheid van elektrische installaties, CE markering op productrichtlijnen, CE check op Arbo en controle op sociale veiligheid. Onderhoud en vervanging vinden plaats op basis van CE markering. CE markering is de gebruikelijke standaard voor dit soort objecten.

Onderhoud blijft ook in de komende jaren noodzakelijk en neemt toe ten opzichte van het vorige beheerplan. Stengere veiligheidsnormen vereisen frequenter uit te voeren testen, controles en werkzaamheden. Alle uit te voeren werken zijn in het bijgevoegde meerjarig onderhoudsplan toegelicht, gepland en begroot. ( bijlage 2 ) De specifieke CE-markering werkzaamheden zijn expliciet benoemd in het restmaatregelenplan. De keuze is gemaakt om de eerste 5 jaar qua financiering anders op te zetten dan de daarop volgende 15 jaar. Dit heeft als oorzaak dat er een aantal forse kostenposten in 2022 en 2024 zijn voorzien die niet uitgesteld kunnen worden. Dit betreft: - De deurenwissel van de sluis Goese Sas. Deze dienen opnieuw geconserveerd worden, om de levensduur te halen - Werkzaamheden in de beroepshaven van Goes - Civiel baggerwerk - Vernieuwen oeverconstructies .

4 Werkwijze Dit beheerplan is tot stand gekomen met de nieuwe opzet van het meerjarig onderhoudsplan van 2020-2025 en een doorkijk tot 2040. Hierin is als basis het meerjarig onderhoudsplan van 2016 genomen met nieuwe inspecties voor de beweegbare nautische objecten met de daarbij behorende kunstwerken, havens en de oevers. De beweegbare nautische objecten worden twee keer per jaar geïnspecteerd op diverse gebieden. De oevers en objecten in de havens worden twee jaarlijks geïnspecteerd. Op basis hiervan wordt het benodigde onderhoud voor het in stand te houden geprogrammeerd in het beheersysteem. Op basis van beschikbaar budget en de prioriteit van onderhoudsmaatregelen stelt de gemeente een onderhoudsplan op. De strategie die we hierin willen volgen zijn aangegeven in het restmaatregelenplan met de daarbij behorende prioritering. Op basis van de ze prioritering is het gedeelte van de beweegbare nautische objecten gemaakt. Voor de oevers en kunstwerken gaat we uit van de beheerprogramma’s waarin deze zijn opgenomen. Voor het civiele baggerwerk is op basis van metingen en meldingen een goede inschatting te maken.

4.1 Wettelijke kaders In dit hoofdstuk leggen we het verschil uit tussen de machinerichtlijnen en een CE productmarkering. Dit zijn de wettelijke eisen waaraan je met een elektrische machine moet voldoen. Dit geldt dus alleen voor de elektrisch aangedreven beweegbare nautische objecten.De St. Maartenbrug valt door de handbediening hier dus buiten, natuurlijk moet deze wel voldoen aan de arbo richtlijnen. Omdat de risico inventarisatie ook een CE check heeft gedaan op arbo en sociale veiligheid is deze wel hierin genoemd.

4.2 Machinerichtlijnen Elke machine die binnen de Europese Unie op de markt wordt gebracht of gebruikt, moet voldoen aan de veiligheids- en gezondheidseisen uit de Machinerichtlijn. Machines zijn er in honderden soorten en maten. Om voor al deze machines in detail in wetgeving vast te leggen waaraan ze moeten voldoen, is een onmogelijke opgave. De Europese Unie heeft om deze reden globale wetgeving ontwikkeld in de vorm van de Machinerichtlijn. Deze richtlijn is in Nederland verwerkt in het Warenbesluit Machines. De eisen zijn dus niet vrijblijvend maar wettelijk vastgelegd.

4.3 CE markering 4.3.1 Essentiële eisen De richtlijn beschrijft de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen waaraan machines moeten voldoen voordat de fabrikant de CE-markering mag aanbrengen. Voor machines die zijn gebouwd volgens de toepasselijke Europese geharmoniseerde normen (in het Engels) geldt een 'vermoeden van overeenstemming' met de essentiële eisen. In Nederland kunnen EN-normen worden aangevraagd bij het Nederlands normalisatie-instituut NEN. De Sluis Goese Sas, het gemaal en de elektrisch aangedreven bruggen zijn voor 1995 in gebruik genomen en hoeft derhalve geen CE-markering te hebben conform de Machinerichtlijn (2006/42/EG). CE-markering is alleen van toepassing voor machines die zijn gebouwd na 1995 of voor oudere machines die een ‘substantiële wijziging’ na 1995 hebben ondergaan. De geplande renovatie omvat de vervanging van het gehele besturingssysteem en moet dus gezien worden als een substantiële wijziging. Om die reden zal na de renovatie een CE markering op de objecten afgegeven moeten worden. Door deze CE-markering mag de gebruiker vermoeden dat de machines voldoen aan de veiligheidseisen van de Machinerichtlijn 2006/42/EG en daardoor een veilig arbeidsmiddel is en dat hij op adequate wijze wordt gewaarschuwd over de nog aanwezige risico’s.

4.3.2 Stappenplan CE-markering Bij CE-markering is een uitgebreid stappenplan van toepassing: Hieronder zijn de stappen genoemd, in de gemeente Goes zijn we met stap 4 bezig. 1 Vaststellen toepassingsgebied CE-markering 2 Risicobeoordeling en risicoreductie op basis van CE-markering 3 Technisch Dossier (TD) conform CE-markering 4 Gebruikershandleiding 5 EU verklaring van overeenstemming 6 CE-Check 7 CE-markering bij samengestelde machines 8 Borging CE-markering Als alle noodzakelijke stappen met succes zijn voltooid, moet de fabrikant het CE-markering op zijn product aanbrengen. De markering moet worden aangebracht in de onmiddellijke nabijheid van de naam van de fabrikant.

4.3.3 Technische documentatie De fabrikant moet een technisch dossier opstellen. Het dossier moet aantonen dat de machine in overeenstemming is met de eisen van de richtlijn. Hieronder vallen constructietekeningen, testresultaten en een beschrijving van de beschermingsmaatregelen. Ook de EG-verklaring van overeenstemming moet worden toegevoegd aan het dossier. De fabrikant moet het dossier bewaren voor de duur van 10 jaar na de datum waarop het laatste product in de handel is gebracht.

4.4 Samengestelde machines Aangezien het gaat om samengestelde machines is er niet direct één producent aan te wijzen die de voor het object de dossieropbouw bijhoud of de CE markering afgeeft. Op dit moment kan alleen de eigenaar aantonen dat hij met alle verschillende onderdelen voldoet aan de machinerichtlijnen en voor het totaal een goed dossier heeft opgebouwd. Zodra dit totaalplaatje er is, kan de eigenaar de CE markering afgeven. Door de veranderende wetgeving en eisen aan bijvoorbeeld constructies is dit een continu doorlopend proces. De gemeente Goes is eigenaar en moet dus na goed doorlopen van alle stappen de CE markering zelf afgeven. Daarbij zijn we nu bij stap 4, het schrijven van de gebruikershandleiding. Dit gaat verder dan alleen een gebruiksaanwijzing. Hierin moeten alle denkbare omstandigheden komen te staan en hoe je als bedienaar hier mee om dient te gaan. Op deze manier moeten alle risico’s die niet te voorkomen zijn, beschreven zijn met de juiste genomen maatregelen.

5 Huidige situatie In dit hoofdstuk geven we een korte omschrijving per object zonder er technisch inhoudelijk op in te gaan. In de bijlage staat de volledige risico inventarisatie en evaluatie behorende bij de beweegbare nautische objecten.

5.1 Sluis Goese Sas De sluis Goese Sas is in 1985 in gebruik genomen. Na de ingebruikname is de sluis op gebied van onderhoud goed bijgehouden maar er is nooit iets vernieuwd, bijvoorbeeld na einde levensduur. Hierdoor was er op gebeid van veiligheid een grote achterstand opgelopen. Dit is na de inventarisatie van 2018 en het maken van de risico inventarisatie (RI&E) duidelijk geworden. Hierdoor is de RI&E de basis geworden voor de renovatie van 2019, enis hiermee een grote inhaalslag gedaan. De volledige besturing en elektrotechnische installaties zijn vervangen. Daarnaast zijn er diverse veiligheidsmaatregelen toegevoegd zoals slagbomen en extra camera’s. Deze losse onderdelen voldoen aan de machinerichtlijnen. Het dossier is met dit renovatiewerk goed opgezet en voldoet daarmee aan de huidige eisen. Dit dossier is echter nog niet compleet met alle onderdelen van de sluis. De constructieve en werktuigbouwkundige zaken zijn met de renovatie van 2019 niet in het dossier opgenomen. De nog te nemen veiligheidsmaatregelen om te komen tot een CE markering staan in het restmaatregelenplan.

5.2 Gemaal Goese Sas Voor het gemaal Goese Sas telt hetzelfde als de hierboven beschreven sluis. In het begin is dit gestart als een gemaal met speciale vacuum pompen. De pompen zijn na een paar jaar omgewisseld voor standaard pompen. Deze werden aangestuurd vanaf de lessenaar in het bediengebouw van de sluis. Hierdoor was het met de renovatie onvermijdelijk hier niets aan te doen. Het gemaal heeft nu een eigen PLC ( computer ) gekregen en een aparte besturing. Deze is ook verder geautomatiseerd.

5.3 Brug Wilhelminadorp De brug Wilhelminadorp is in 1987 in gebruik genomen. Deze had een hydraulische aandrijving welke in de hameistijlen was gemaakt. Met de renovatie is naast de complete besturing ook de gehele aandrijving vernieuwd. Voor een beter beheer en onderhoud is deze vervangen door een elektromechanische aandrijving. De overige werkzaamheden zoals de leuning, schilder-en constructiewerk is hiermee nog niet uitgevoerd. Deze staan hoog op de prioriteiten in de RI&E.

5.4 Bediengebouw Goese Sas. Zoals hierboven te lezen is het bediengebouw niet exclusief voor één object. Zowel de sluis, gemaal en brug bij Wilhelminadorp worden vanaf hier bediend. Hierdoor is deze als apart object opgenomen in de risico inventarisatie. Daarnaast is dit ook de werkplek voor de sluismeester om overige administratieve zaken uit te voeren. Ook deze werkplek moet voldoen aan de arbo richtlijnen.

5.5 Ringbrug De Ringbrug is in 1966 in gebruik genomen. Tot 2012 zijn hier geen vernieuwingen op aangebracht. Ook deze liep hierdoor achter op gebied van veiligheid. Na de ombouw van 2013 zijn de val ( klep )en de elektrotechnische installatie vernieuwd. Tevens is hij uitgebreid met een extra bediening aan de zuidzijde van de brug. Met het produceren van het nieuwe val is er rekening gehouden met een mogelijke 4e rijstrook. De rest van de brug, zoals de fundatie en landhoofden, moeten hiervoor nog worden aangepast.

5.6 St. Maartenbrug De St. Maartenbrug kent vanuit de geschiedenis vele verschijningsvormen. Gestart als dubbele ophaalbrug, draaibrug, vaste brug en vanaf 1974 in de huidige vorm. Deze brug was in 1974 van hout en is in 1980 in staal nagemaakt. Deze brug heeft in zijn laatste verschijningsvorm niet voldaan aan de arbo-richtlijnen. In 2019 is deze brug geheel gerenoveerd met een nieuwe val ( klep ) en na diverse kleine verbouwingen voldoet deze nu aan de huidige arbo-richtlijnen waardoor er een veilige bediening kan wordt gegarandeerd.

5.7 Oevers en kunstwerken De oever en kunstwerken welke ouder zijn worden iedere twee jaar geïnspecteerd. Na deze inspectie worden deze gegevens verwerkt in het beheer pakket. Door regelmatige controle krijgen we een goed beeld van de condities van de verschillende kadeconstructies. Het merendeel van de kadeconstructies in het havengebied zijn eigendom van de gemeente. Het beleid is wanneer er aan het water grenzende percelen worden verkocht, de kade constructie mee wordt verkocht. Hierdoor valt het beheer en onderhoud bij de nieuwe eigenaar. In het verleden zijn er nooit afspraken gemaakt met de bedrijven die de kade constructies gebruiken om hier een vergoeding voor af te spreken. Deze vergoeding zou bij kunnen dragen aan de financiering van het beheer en onderhouden van de gebruikte kades. De kunstwerken hebben vooral betrekking op het geleiden van de scheepvaart of het aanmeren hiervan. Dit zijn de dukdalven, losse palen en wachtplaatsen voor bruggen en sluis. Ook de kunstwerken zijn opgenomen in het beheer programma.

5.8 Havens Voor de havens zelf zijn er twee zaken belangrijk. Is de bodem schoon en diep genoeg. Als één van deze zaken niet voldoet is het noodzakelijk dat er baggerwerkzaamheden worden uitgevoerd. In 2020 zijn de stadshavens en een gedeelte van de oude haven gebaggerd vanwege het niet schoon zijn van de bodem. In de komende tijd gaan we in de nieuwe haven baggeren ten behoeve van de diepgang.

6 Huidig onderhoudsniveau De gemeente Goes hanteert voor de beweegbare nautische objecten momenteel het IBORG systeem Het soort onderhoud en de frequentie van dit onderhoud is er op gericht het areaal zo kostenefficiënt mogelijk in stand te houden, waarbij we streven naar een maximaal haalbare levensduur. Er worden geen concessies gedaan ten aanzien van veiligheid zoals deze bijgehouden zijn in de risico inventarisatie. Ook hier geld schoon, heel en veilig zijn de basis voor de onderhoudskeuzes. Op gebied van havens en oeverconstructies is er nog geen vastgesteld onderhoudsniveau. Hiervoor stellen wij voor om ook het basis niveau aan te houden. In de nabije toekomst is er nog veel achterstallig onderhoudswerk hieraan te doen. De havens worden regelmatig nagemeten. Op deze manier weten we of deze voldoen aan hun civiele technische eisen. De uitdagingen om deze onderhoudsniveaus te halen worden in het volgende hoofdstuk beschreven.

7 Beheerstrategie en ontwikkelingen 7.1 Onderhoudsniveau Om het gewenste onderhoudsniveau te halen zijn er diverse opgaven en ontwikkelingen voor de komende beheerperiode. Hiervoor is er een vastgestelde beheerstrategie nodig. Deze is hieronder uitgeschreven. De uitdagingen bij de beweegbare nautische objecten zijn weergegeven in de risico inventarisatie en evaluatie. Hierin zijn alle werkzaamheden aangegeven met hun prioriteit. In het meerjarig onderhoudsplan zijn de overeenkomsten tussen de losse uit te voeren delen aangegeven. Sommige losse onderdelen kunnen niet los van elkaar uitgevoerd worden. Verdere professionalisering van de organisatie bij de sluis Goese Sas. Goede handleidingen schrijven voor de normale voorkomende zaken bij de beweegbare nautische objecten. Hieronder worden ook de landelijke kaders mee genomen en de protocollen die nodig zijn voor de veilige bediening van deze objecten. Verder richting CE markering zoals aangegeven in hoofdstuk 4. Hierbij moet gedacht worden om alles zo goed te maken, dat de gemeente Goes zelf de verantwoordelijk kan nemen als eigenaar, om de CE markering af te geven.

7.2 Havens In de havens zelf zijn er veel verschillende ontwikkelingen. Ontwikkeling beroepshaven gebied naar woningbouw (Goese Diep), woon- werkkavels (Ketelhaven) en andere bedrijfsbestemmingen (Boatshed). Deze verschillende ontwikkelingen volgen zich in rap tempo op. Iedere nieuwe bestemming op het land heeft effect op het gebruik van het naast gelegen water. Zo is de Ketelhaven over gegaan van bedrijfsmatige inrichting en beroepshaven naar woningbouw en recreatie- en pleziervaart. Deze nieuwe eigenaren gaan dit water gebruiken voor de particuliere pleziervaart. De combinatie die hierdoor ontstaat in het voormalige beroepshavengebied neemt risico’s met zich mee. De pleziervaart kruist de beroepsvaart in het manoeuvreer gebied voor de beroepsvaart. Dit met woning aan het water er direct naast waardoor er een kans bestaat dat er gezwommen wordt op dit gevaarlijke punt. In het zelfde gevaarlijke manoeuvreer gebeid van de beroepsvaart zijn er een nieuwe pleziervaartligplaatsen gepland. Om dit gebied te ontlasten wordt er dit jaar een start gemaakt met een wachtplaats voor de beroepsvaart nabij de sluis Goese Sas. Hierdoor wordt het mogelijk om alleen de noodzakelijke beroepsschepen in het havengebied aanwezig te laten zijn. Deze wachtplaatsvoorziening kan ook gebruikt worden in de vakantie als ligplaats voor de beroepsvaart.

Op deze manier komen zij zo min mogelijk nabij de nieuwe ontwikkelingen in het havengebied. Om deze nieuwe ontwikkelingen in goede banen te leiden, is het noodzakelijk om de havenverordening te herzien. Deze voorziet namelijk niet meer met de nieuwe risicovolle situaties die ontstaan.

7.3 Oever constructies De opgaven in de oeverconstructies zit in de verscheidenheid en verandering van het gebruik. Door de nieuwbouw in het havengebied, worden kavels bebouwd tot op de grens met het water. Daar zijn de huidige kades niet voor bedoeld. Het is daarom het beleid om de kade mee te verkopen met het naast gelegen kavel. Hierdoor kan de nieuwe eigenaar de kade gebruiken zoals hij zelf wilt en wordt het wel mogelijk om tot op de grens met het water te bouwen. In het verleden is er nooit met een gebruiker van de kadeconstructie een overeenkomst gemaakt voor het gebruik hiervan. Hierdoor was het mogelijk om een rechtvaardige vergoeding hier

tegenover te stellen. Met deze vergoeding is het mogelijk om het noodzakelijk onderhoud door het gebruik uit te voeren. Dit onderhoud is wel noodzakelijk om de levensduur te halen. Op het einde van de levensduur is er vanuit het gebruik geen geld beschikbaar voor vervanging. Deze juridische vraag is nu van toepassing voor twee bedrijven te weten Haringman Beton en Zand- en grindhandel de Houtkaai. Zandhandel Faase heeft op eigen rekening zelf de kade gerenoveerd en deels vernieuwd.

7.4 Kanaal en dieptes Het havenkanaal is eigendom van de Koninklijke Maatschap Wilhelmina Polder (KMWP) Hierbij horen ook de oeverconstructies van het havenkanaal. Er is een ( om/niet) overeenkomst welke inhoud dat de klanten van de gemeente kosteloos gebruik kunnen maken van het kanaal. Hiervoor onderhoud de gemeente de oeverconstructies aan het kanaal. Voor de beroepsvaart is het nodig om de watergangen op de juiste diepte van minimaal 2,50 meter te houden. Dit om te voldoen aan de vastgestelde CEMT klasse welke geldt bij de sluis Goese Sas. Jachthaven de Werf is een eigen jachthaven gerund door vrijwilligers. De Stadshaven Goes wordt beheert door de stichting Stadshaven Goes welke de haven pacht van de gemeente Goes. De Stadshaven Goes en Jachthaven de Werf zijn in 2020 gebaggerd om te voldoen aan de minimale waterkwaliteitseisen. In jachthaven de Werf zijn tegelijk de meeste damwanden vernieuwd. In de stadshaven wordt in het najaar van 2020 het slechtste gedeelte ook vervangen als onderdeel van dit werk.

7.5 Stadshavens In de stadshavens zie je een verschil in gebruik komen. Door vergrijzing komen er steeds minder boten, maar de boten die komen zijn groter en verblijven meestal meerdere nachten. Hierdoor is er een aanpassing nodig in de indeling van de haven. Het klein onderhoud bij de Stadshaven wordt uitgevoerd door de Stichting Stadshaven Goes. Het groot onderhoud, zoals het vervangen van de steigers op het einde van de levensduur, wordt uitgevoerd door de gemeente Goes en is opgenomen in dit meerjarig onderhoudsplan. In 2022 zijn de steigers aan de beurt bij de Stadshaven. De indeling zal aangepast worden op de aangepaste gebruikersvraag. De gemeente Goes beheert ook de historische kades, dit is ondergebracht bij de voorziening onderhoud gebouwen.

7.6 Ontwikkeling landverkeer Naast het scheepvaartverkeer verandert ook het landverkeer. Dit landverkeer wordt in Goes steeds drukker en intenser. Hiervoor wordt het conflict met de bruggen steeds groter. Aangezien de scheepvaart officieel voorrang heeft, wordt de behoefte om het landverkeer te ontlasten steeds groter. Een van de oplossingen is om een 4e rijbaan over de Ringbrug te leggen. Hierdoor komt het landverkeer na de brugopening weer sneller in zijn normale situatie. Voor deze aanpassing aan de Ringbrug moet er wel een aanpassing aan de fundatie komen. Dit is een zeer gecompliceerd werk. De nieuwe rekennorm van bijvoorbeeld remkrachten zijn zo zwaar dat de huidige brugkelder hier niet aan kan voldoen. Het val is tijdens de renovatie in 2013 voorbereid voor een 4e rijbaan. De landhoofden moeten samen met de fundering worden aangepast. Hiervoor is uitgebreid onderzoek nodig. Dit onderzoek is gepland om uit te voeren in deze planperiode.

7.7 Duurzaamheid Als laatste is er de wens om als gemeente zo duurzaam mogelijk te worden. De sluis Goese Sas en met name het gemaal zijn grote stroomverbruikers. Naar de toekomst toe is het streven om dit om te zetten of aan te passen naar een meer energie neutrale installatie in overeenstemming met de gemeentelijke ambities op het gebied van klimaat doelstellingen. We volgen de ontwikkelingen in de branche op het gebied van energiebesparingen. In deze planperiode zijn grote wijzingen echter nog niet voorzien.

8 Financiën 8.1 Definities 8.1.1 Klein onderhoud Het klein onderhoud is nu apart opgenomen (via de exploitatie), te starten met een bedrag van € 46.000 per 2020 oplopend met een jaarlijkse index van 2,2%. Onder klein onderhoud verstaan we de preventieve maatregelen en dagelijkse reparaties die noodzakelijk zijn om het object in goede werkende en veilige staat te houden tegen een van te voren vastgesteld kwaliteitsniveau.

8.1.2 Groot onderhoud. Voor het egaliseren van de kosten groot onderhoud maken wij vervolgens gebruik van de voorziening groot onderhoud havens, sluis en bruggen. Als definitie voor deze voorziening is deze bedoeld voor onderhoud aan de bestaande assets. Hieronder vallen maatregelen om de functionele kwaliteit in stand te houden of te herstellen en dus de levensduur van een (object-) onderdeel te realiseren c.q. te verlengen.

8.1.3 Investeringen De investeringen zijn voor uitbreidingen van de assets of de complete vernieuwen vanwege het behalen van de einde levensduur. Hiermee sluiten we aan bij de financiële wetgeving vanuit de Notitie materiële vaste activa van de commissie BBV (gepubliceerd in december 2017, en opnieuw geactualiseerd in 2020) waarin definities zijn aangescherpt met betrekking tot het onderhoud van en investeringen in kapitaalgoederen. In overleg met onze accountant hebben we deze notitie geïnterpreteerd, wat in enkele gevallen heeft geleid tot aanpassingen in financiële kwalificaties (onderhoud of investering). Dit ter verdediging van het feit dat we nu op vrij korte termijn worden geconfronteerd met grote onderhoudskosten waarvoor we eveneens in een korte termijn flink moeten sparen. Deze aanpassing van de definities heeft dus de nodige consequenties voor de verdeling tussen de voorziening en investeringen.

8.2 Relatie tussen voorziening en investeringen In de vorige MJOP 2016 was er rekening gehouden met een financiële grens voor de verhouding tussen de voorziening en investeringen. Hierdoor zaten er geen grote bedragen in de voorziening en waren deze opgenomen in de investeringsplanning. In het nieuwe MJOP is de bovengenoemde definitie leidend voor de keuze of het op de investeringsplanning of in de voorziening komt. Hierdoor is er een grote verschuiving te zien.

Investeringen havens, sluis en bruggen 2020-2040 Omschrijving Sluis inclusief gemaal Brug Wilhelminadorp Ringbrug St. Maartenbrug Bediengebouw Kadeconstructies Havens Totaal investeringen

2020 € €

2021 22.285 15.330

2022 € €

€

€ NVT exploitatie

31.784 € €

10.549 470.331

69.399 €

480.880 €

2023 464.346 € € 52.306

2024 188.821 27.601

€

37.452

516.652 €

253.874

Groot onderhoud havens, sluis en bruggen 2020-2040 Omschrijving Sluis inclusief gemaal Brug Wilhelminadorp Ringbrug St. Maartenbrug Bediengebouw Kadeconstructies Havens Totaal groot onderhoud

€ € € € € € € €

2020 56.673 28.799 26.569 3.500 7.500 69.663 3.500 196.204

€ € € € € € € €

2021 23.301 12.310 12.310 3.577 7.665 37.042 3.577 99.782

€ € € € € € € €

2022 856.476 233.176 13.834 3.656 7.834 52.386 3.656 1.171.017

€ € € € € € € €

2023 27.719 16.239 16.239 3.736 8.006 39.680 3.736 115.355

€ € € € € € € €

2024 27.277 15.545 15.545 3.818 8.182 125.593 822.028 1.017.989

2023 49.103 €

2024 50.184

Klein / correctief onderhoud Omschrijving Klein / correctief onderhoud

€

2020 46.000 €

2021 47.012 €

2022 48.046 €

8.3 Lange termijnkosten in relatie tot dotaties. Door de aanpassing van definities ( 6.1 ) moet er veel worden opgevangen in de voorziening. Om hierdoor de eerste jaren in de voorziening niet negatief te komen, moet er de eerste 5 jaar een dotatie toegewezen worden aan de voorziening van € 488.000. Deze wordt jaarlijks geïndexeerd met 2,2%. Na de eerste 5 jaar kan de dotatie verlaagd worden naar € 289.000. Ook deze dotatie wordt jaarlijks geïndexeerd met 2,2%. Deze dotatie is toereikend voor de daarop volgende 15 jaar. In de onderstaande tabel is dit terug te vinden. Aanpassing van de indexering volgt gezien de situatie op de markt op basis van de dan geldende index volgens de “CBS statline Grond-, Weg-, en Waterbouw (GWW) inputprijsindex 2015=100”. Het financieel effect daarvan wordt aan de raad ter goedkeuring voorgelegd bij Kadernota, Programmabegroting en/of Bestuursrapportage.

Verloopoverzicht voorziening havens, sluis en bruggen 2020-2040

VZG richtlijn 2021 = 2,2%

1,022 5e jaar 2024

Omschrijving In voorziening per start jaar

2020

2021

2022

2023

€ 53.000

€ 344.796

€ 743.750

€ 82.441

€ 488.008

€ 2.401

Dotatie

€ 488.000

€ 498.736

€ 509.708

€ 520.922

€ 532.382

€ 289.000

Jaarlijkse bestedingen

€ 196.204

€ 99.782

€ 1.171.017

€ 115.355 € 1.017.989

€ 165.460

restant na uitvoering jaarplan * indexering jaarlijks 2,2% vanaf 2021 conform VZG richtlijn

€ 344.796

€ 743.750

€ 82.441

€ 488.008

€ 125.941

€ 2.401

2025

Omschrijving In voorziening per start jaar

2026

2027

2028

2029

2030

2031

€ 125.941

€ 280.269

€ 454.046

€ 626.347

€ 772.038

€ 945.202

Dotatie

€ 295.358

€ 301.856

€ 308.497

€ 315.284

€ 322.220

€ 329.309

Jaarlijkse bestedingen

€ 141.030

€ 128.079

€ 136.195

€ 169.593

€ 149.056

€ 142.610

restant na uitvoering jaarplan * indexering jaarlijks 2,2% vanaf 2021 conform VZG richtlijn

€ 280.269

€ 454.046

€ 626.347

€ 772.038

€ 945.202 € 1.131.900

Omschrijving

2032

2033

2034

2035

2036

2037

In voorziening per start jaar

€ 1.131.900 € 1.314.041

€ 1.501.316

€ 587.601

€ 773.316

€ 967.537

Dotatie

€ 336.554

€ 343.958

€ 351.525

€ 359.258

€ 367.162

€ 375.240

jaarlijks benodigd*

€ 154.413

€ 156.682

€ 1.265.240

€ 173.544

€ 172.941 € 1.339.954

€ 1.314.041 € 1.501.316

€ 587.601

€ 773.316

€ 967.537

restant na uitvoering jaarplan * indexering jaarlijks 2,2% vanaf 2021 conform VZG richtlijn

15e jaar 2039

Omschrijving In voorziening per start jaar

2038 € 2.822

€ 202.681

€ 375.815

2040

Dotatie

€ 383.495

€ 391.932

€ 400.554

Jaarlijkse bestedingen

€ 183.636

€ 218.797

€ 220.860

restant na uitvoering jaarplan * indexering jaarlijks 2,5% vanaf 2021 conform VZG richtlijn

€ 202.681

€ 375.815

€ 555.510

€ 2.822

9 Bijlagen Bijlage 1 Tekening havengebied volgens havenverordening. Bijlage 2 MJOP van 2020 t/m 2040.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13098146/1