Agendapunt 06. Notabodembeheer-Goes-2022
Tekst van het document
diepte (m-mv) 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5
toepaseis NEN5740 AW AW AW AW AW AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN WONEN AW WONEN WONEN WONEN WONEN WONEN
toepaseis bestr.midd.
Arseen 20 20 20 20 20 20 20 27 27 27 27 27 20 27 27 27 27 27
Cadmium 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2 1,2 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2 1,2
Chroom
Koper
Kwik
Lood
Nikkel
Zink
Kobalt
55 55 55 55 55 55 55 62 62 62 62 62 55 62 62 62 62 62
40 40 40 40 40 40 40 54 54 54 54 54 40 54 54 54 54 54
0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83 0,83 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83 0,83
50 50 50 50 50 50 50 210 210 210 210 210 50 210 210 210 210 210
35 35 35 35 35 35 35 39 39 39 39 39 35 39 39 39 39 39
140 140 140 140 140 140 140 200 200 200 200 200 140 200 200 200 200 200
15 15 15 15 15 15 15 35 35 35 35 35 15 35 35 35 35 35
Molybdeen 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 88 88 88 88 88 1,5 88 88 88 88 88
PAK10 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8 6,8 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8 6,8
minr. olie 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190
PCB7
DDD
DDE
DDT
drins (som)
0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04 0,04 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04 0,04
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
LMW
0,84
0,75
0,65
0,064
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
LMW
0,84
0,75
0,65
0,064
0-0,5
LMW
0,84
0,75
0,65
0,064
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
LMW
0,84
0,75
0,65
0,064
0-0,5
LMW
0,84
0,75
0,65
0,064
0,04
0,84
0,75
0,65
0,064
PCB7
DDD
DDE
DDT
0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04
0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,84 0,84 0,84 0,84 0,02 0,02 0,84 0,84 0,84 0,84
0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,75 0,75 0,75 0,75 0,1 0,1 0,75 0,75 0,75 0,75
0,02
0,02
0,1
0-1,0
WONEN
LMW
diepte (m-mv) 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0
toepaseis NEN5740 AW AW AW AW AW AW AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN
toepaseis bestr.midd. AW AW AW AW AW AW AW AW LMW LMW LMW LMW AW AW LMW LMW LMW LMW
1,0-2,0
AW
AW
27
1,2
20 20 20 20 20 20 20 20 27 27 27 27 20 20 27 27 27 27
Cadmium 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2 0,6 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2
20
0,6
Arseen
62
54
0,83
210
39
200
35
Chroom
Koper
Kwik
Lood
Nikkel
Zink
Kobalt
55 55 55 55 55 55 55 55 62 62 62 62 55 55 62 62 62 62
40 40 40 40 40 40 40 40 54 54 54 54 40 40 54 54 54 54
0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83 0,15 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83
50 50 50 50 50 50 50 50 210 210 210 210 50 50 210 210 210 210
35 35 35 35 35 35 35 35 39 39 39 39 35 35 39 39 39 39
140 140 140 140 140 140 140 140 200 200 200 200 140 140 200 200 200 200
15 15 15 15 15 15 15 15 35 35 35 35 15 15 35 35 35 35
Molybdeen 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 88 88 88 88 1,5 1,5 88 88 88 88
55
40
0,15
50
35
140
15
1,5
Te hanteren normen voor de beoordeling van toe te passen grond, afhankelijk van de bodemfunctieklasse en de zone waar de grond wordt toegepast. Bovenstaande waarden zijn in mg/kgds
88
6,8
190
1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8 1,5 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8
minr. olie 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190
1,5
190
PAK10
PFOA
PFOS
0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,007 0,007 0,007 0,007 0,007 0,0019 0,007 0,007 0,007 0,007 0,007
0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,003 0,003 0,003 0,003 0,003 0,0015 0,003 0,003 0,003 0,003 0,003
overige PFAS 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,003 0,003 0,003 0,003 0,003 0,0014 0,003 0,003 0,003 0,003 0,003
0,007
0,003
0,003
PFOA
PFOS
0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,65 0,65 0,65 0,65 0,2 0,2 0,65 0,65 0,65 0,65
drins (som) 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,064 0,064 0,064 0,064 0,015 0,015 0,064 0,064 0,064 0,064
0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 *0,007 *0,007 *0,007 *0,007 0,0019 0,0019 *0,007 *0,007 *0,007 *0,007
0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 0,0015 *0,003 *0,003 *0,003 *0,003 0,0015 0,0015 *0,003 *0,003 *0,003 *0,003
overige PFAS 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 *0,003 *0,003 *0,003 *0,003 0,0014 0,0014 *0,003 *0,003 *0,003 *0,003
0,2
0,015
0,0019
0,0015
0,0014
* Bovenstaande toepassingsnormen 0,007 / 0,003 / 0,003 gelden alleen voor het dieptetraject 0-1,0 m-mv
De getallen gelden voor standaardbodem (lutum=25%, humus=10%). Voor PFAS gelden de toepassingsnormen uit deze tabel voor grond en bagger afkomstig uit de regio Bevelanden en Tholen (gemeenten Borsele, Goes, Kapelle, Noord-Beveland, Reimerswaal en Tholen)
Nota bodembeheer gemeente Goes
13 juni 2022
Marmos . Bodemmanagement
BIJLAGE 3B: TOEPASSINGSNORMEN, GELDEND VOOR GROND AFKOMSTIG VAN BUITEN DE GEMEENTE GOES Bovengrond (0-0,5 m-v, tenzij anders vermeld) BodemToepassingszone functieklasse overig Zone 1: Buitengebied en naoorlogse bebouwing overig Zone 2: Naoorlogse bebouwing overig Zone 3: Bedrijfsterreinen (De Poel) overig Zone 4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) overig Zone 5: Vooroorlogse wijken en kernen overig Zone 6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken wonen Zone 1: Buitengebied en naoorlogse bebouwing wonen Zone 2: Naoorlogse bebouwing wonen Zone 3: Bedrijfsterreinen (De Poel) wonen Zone 4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) wonen Zone 5: Vooroorlogse wijken en kernen wonen Zone 6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken industrie Zone 1: Buitengebied en naoorlogse bebouwing industrie Zone 2: Naoorlogse bebouwing industrie Zone 3: Bedrijfsterreinen (De Poel) industrie Zone 4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) industrie Zone 5: Vooroorlogse wijken en kernen industrie Zone 6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken Zone 1 t/m 6: overig Nooit boomgaard of alleen boomgaard na 1980 Zone 1 t/m 6: overig Boomgaarden t/m 1980 Zone 1: Buitengebied en naoorlogse wijken wonen Nooit boomgaard of alleen boomgaard na 1980 Zone 2 t/m 6: wonen Nooit boomgaard of alleen boomgaard na 1980 Zone 1 t/m 6: wonen Boomgaarden t/m 1980 Zone 1: Buitengebied en
naoorlogse wijken industrie Nooit boomgaard of alleen boomgaard na 1980 Zone 2 t/m 6: industrie Nooit boomgaard of alleen boomgaard na 1980 Zone 1 t/m 6: industrie Boomgaarden t/m 1980 Gebiedsspecifiek beleid ontwikkeling bedrijfsterreinen De industrie Poel en Deltaweg
Ondergrond (0,5-2,0 m-v, tenzij anders vermeld) BodemToepassingszone functieklasse overig Zone 1: Buitengebied en naoorlogse bebouwing overig Zone 2: Naoorlogse bebouwing overig Zone 3: Bedrijfsterreinen (De Poel) overig Zone 4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) overig Zone 5: Vooroorlogse wijken en kernen overig Zone 6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken wonen Zone 1: Buitengebied en naoorlogse bebouwing wonen Zone 2: Naoorlogse bebouwing wonen Zone 3: Bedrijfsterreinen (De Poel) wonen Zone 4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) wonen Zone 5: Vooroorlogse wijken en kernen wonen Zone 6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken industrie Zone 1: Buitengebied en naoorlogse bebouwing industrie Zone 2: Naoorlogse bebouwing industrie Zone 3: Bedrijfsterreinen (De Poel) industrie Zone 4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) industrie Zone 5: Vooroorlogse wijken en kernen industrie Zone 6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken Gebiedsspecifiek beleid ontwikkeling bedrijfsterreinen De industrie Poel en Deltaweg
diepte (m-mv) 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5 0-0,5
toepaseis NEN5740 AW AW AW AW AW AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN WONEN AW WONEN WONEN WONEN WONEN WONEN
toepaseis bestr.midd.
Arseen 20 20 20 20 20 20 20 27 27 27 27 27 20 27 27 27 27 27
Cadmium 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2 1,2 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2 1,2
Chroom
Koper
Kwik
Lood
Nikkel
Zink
Kobalt
55 55 55 55 55 55 55 62 62 62 62 62 55 62 62 62 62 62
40 40 40 40 40 40 40 54 54 54 54 54 40 54 54 54 54 54
0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83 0,83 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83 0,83
50 50 50 50 50 50 50 210 210 210 210 210 50 210 210 210 210 210
35 35 35 35 35 35 35 39 39 39 39 39 35 39 39 39 39 39
140 140 140 140 140 140 140 200 200 200 200 200 140 200 200 200 200 200
15 15 15 15 15 15 15 35 35 35 35 35 15 35 35 35 35 35
Molybdeen 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 88 88 88 88 88 1,5 88 88 88 88 88
PAK10 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8 6,8 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8 6,8
minr. olie 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190
PCB7
DDD
DDE
DDT
drins (som)
0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04 0,04 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04 0,04
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
WONEN
0,84
0,13
0,2
0,04
0-0,5
WONEN
0,84
0,13
0,2
0,04
0-0,5
AW
0,02
0,1
0,2
0,015
0-0,5
WONEN
0,84
0,13
0,2
0,04
0-0,5
LMW
0,84
0,75
0,65
0,064
0,02
0,02
0,1
0,2
0,015
PCB7
DDD
DDE
DDT
0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04 0,02 0,02 0,04 0,04 0,04 0,04
0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,02 0,84 0,84 0,84 0,84 0,02 0,02 0,84 0,84 0,84 0,84
0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,1 0,13 0,13 0,13 0,13 0,1 0,1 0,13 0,13 0,13 0,13
0,02
0,02
0,1
0-1,0
AW
AW
diepte (m-mv) 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0 0,5-2,0
toepaseis NEN5740 AW AW AW AW AW AW AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN
toepaseis bestr.midd. AW AW AW AW AW AW AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN AW AW WONEN WONEN WONEN WONEN
1,0-2,0
AW
AW
20
0,6
20 20 20 20 20 20 20 20 27 27 27 27 20 20 27 27 27 27
Cadmium 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2 0,6 0,6 1,2 1,2 1,2 1,2
20
0,6
Arseen
55
40
0,15
50
35
140
15
1,5
Chroom
Koper
Kwik
Lood
Nikkel
Zink
Kobalt
55 55 55 55 55 55 55 55 62 62 62 62 55 55 62 62 62 62
40 40 40 40 40 40 40 40 54 54 54 54 40 40 54 54 54 54
0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83 0,15 0,15 0,83 0,83 0,83 0,83
50 50 50 50 50 50 50 50 210 210 210 210 50 50 210 210 210 210
35 35 35 35 35 35 35 35 39 39 39 39 35 35 39 39 39 39
140 140 140 140 140 140 140 140 200 200 200 200 140 140 200 200 200 200
15 15 15 15 15 15 15 15 35 35 35 35 15 15 35 35 35 35
Molybdeen 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 88 88 88 88 1,5 1,5 88 88 88 88
55
40
0,15
50
35
140
15
1,5
1,5
190
1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8 1,5 1,5 6,8 6,8 6,8 6,8
minr. olie 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190 190
1,5
190
PAK10
PFOA
PFOS
0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019
0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014
overige PFAS 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014
0,0019
0,0014
0,0014
PFOA
PFOS
0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2 0,2
drins (som) 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,015 0,04 0,04 0,04 0,04 0,015 0,015 0,04 0,04 0,04 0,04
0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019 0,0019
0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014
overige PFAS 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014 0,0014
0,2
0,015
0,0019
0,0014
0,0014
Te hanteren normen voor de beoordeling van toe te passen grond, afhankelijk van de bodemfunctieklasse en de zone waar de grond wordt toegepast. Bovenstaande waarden zijn in mg/kgds De getallen gelden voor standaardbodem (lutum=25%, humus=10%). Voor PFAS gelden de toepassingsnormen uit deze tabel voor grond en bagger afkomstig van buiten de regio Bevelanden en Tholen (gemeenten Borsele, Goes, Kapelle, Noord-Beveland, Reimerswaal en Tholen)
Nota bodembeheer gemeente Goes
13 juni 2022
Wilhelminadorp Wilhelminadorp
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Goes Goes Kloetinge Kloetinge
BIJLAGE:
PROJECT:
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM:
10-6-2022
4A
Bodemfunctiekaart
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
in het kader van het Besluit bodemkwaliteit Bodemfunctieklasse Wonen Bodemfunctieklasse Industrie overig
4A: Bodemfunctiekaart
Bodemfunctiekaart
Kattendijke Kattendijke
Bedrijfsterrein Bedrijfsterrein Lewedorp Lewedorp
Wolphaartsdijk Wolphaartsdijk
Oud-Sabbinge Oud-Sabbinge
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Eindewege Eindewege
Bodemfunctiekaart BIJLAGE:
PROJECT:
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM:
10-6-2022
4B
Bodemfunctiekaart
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
in het kader van het Besluit bodemkwaliteit Bodemfunctieklasse Wonen Bodemfunctieklasse Industrie overig
4B: Bodemfunctiekaart
's 's Heer Heer Arendskerke Arendskerke
5A: Ontgravingskaart (NEN5740)
Bodemkwaliteitskaart Kwaliteitsklasse bovengrond (0-0,5 m-mv)
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
Bodemkwaliteitskaart: ontgravingskaart NEN5740-parameters
BIJLAGE:
5A
PROJECT:
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Wonen Industrie Niet gezoneerd, verdacht
Wilhelminadorp Wilhelminadorp
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Goes Goes Kloetinge Kloetinge
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
Bodemkwaliteitskaart: ontgravingskaart NEN5740-parameters
BIJLAGE:
5B
PROJECT:
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Kwaliteitsklasse bovengrond (0-0,5 m-mv) Achtergrondwaarde Wonen Industrie Niet gezoneerd, verdacht
5B: Ontgravingskaart (NEN5740)
Bodemkwaliteitskaart
Kattendijke Kattendijke
Wolphaartsdijk Wolphaartsdijk
Oud-Sabbinge Oud-Sabbinge
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Eindewege Eindewege
BIJLAGE:
PROJECT:
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
5C
Bodemkwaliteitskaart: ontgravingskaart NEN5740-parameters
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Bodemkwaliteitskaart Kwaliteitsklasse bovengrond (0-0,5 m-mv) Achtergrondwaarde Wonen Industrie Niet gezoneerd, verdacht
5C: Ontgravingskaart (NEN5740)
's 's Heer Heer Arendskerke Arendskerke
5D: Ontgravingskaart (NEN5740)
Bodemkwaliteitskaart Kwaliteitsklasse ondergrond (0,5-2,0 m-mv)
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM: 10-6-202
Bodemkwaliteitskaart: ontgravingskaart NEN5740-parameters
BIJLAGE:
5D
PROJECT:
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Wonen Industrie Niet gezoneerd, verdacht
6A: Toepassingskaart (NEN5740)
Toepassingseis NEN5740-parameters Dieptetraject 0-0,5 m-mv
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
BIJLAGE:
6A
PROJECT:
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Toepassingseis NEN5740-parameters (0-0,5 m-mv) Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Maximale waarden voor Wonen Maximale waarden voor Wonen (0-1,0 m-mv) Maximale waarden voor industrie
Wilhelminadorp Wilhelminadorp
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Goes Goes Kloetinge Kloetinge
1:20.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
BIJLAGE:
6B
PROJECT:
Nota bodembeheer P22-08 gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Toepassingseis NEN5740-parameters Dieptetraject 0-0,5 m-mv Achtergrondwaarde Maximale waarden voor Wonen Maximale waarden voor Wonen (0-1,0 m-mv) Maximale waarden voor industrie
6B: Toepassingskaart (NEN5740)
SCHAAL:
Toepassingseis NEN5740-parameters (0-0,5 m-mv)
Kattendijke Kattendijke
Wolphaartsdijk Wolphaartsdijk
Oud-Sabbinge Oud-Sabbinge
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Eindewege Eindewege
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
Toepassingseis NEN5740-parameters (0-0,5 m-mv)
BIJLAGE:
6C
PROJECT:
Nota bodembeheer P22-08 gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Toepassingseis NEN5740-parameters Dieptetraject 0-0,5 m-mv Achtergrondwaarde Maximale waarden voor Wonen Maximale waarden voor Wonen (0-1,0 m-mv) Maximale waarden voor industrie
6C: Toepassingskaart (NEN5740)
's 's Heer Heer Arendskerke Arendskerke
6D: Toepassingskaart (NEN5740)
Toepassingseis NEN5740-parameters Dieptetraject 0,5-2,0 m-mv
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
BIJLAGE:
6D
PROJECT:
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Toepassingseis NEN5740-parameters (0,5-2,0 m-mv) Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Achtergrondwaarde (1,0-2,0 m-mv) Maximale waarden voor Wonen Maximale waarden voor industrie
7: Ontgravingskaart (bestrijdingsmiddelen)
BIJLAGE:
PROJECT: SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM:10-6-2022
7
Bodemkwaliteitskaart: ontgravingskaart bestrijdingsmiddelen
P22-08
OPDRACHTGEVER:
Nota bodembeheer gemeente Goes Gemeente Goes
Zones bestrijdingsmiddelen Kwaliteitsklasse bovengrond (0-0,5 m-mv) boomgaarden t/m 1980; bodemkwaliteitsklasse industrie
8A: Toepassingskaart (bestrijdingsmiddelen)
Toepassingseis DDD, DDE, DDT en drins (som) Dieptetraject 0-0,5 m-mv
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM:10-6-2022
BIJLAGE:
8A
Toepassingseis Bestrijdingsmiddelen (0-0,5 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Lokale Maximale Waarden (LMW) bestrijdingsmiddelen
Wilhelminadorp Wilhelminadorp
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Goes Goes Kloetinge Kloetinge
1:20.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
8B
Toepassingseis bestrijdingsmiddelen (0-0,5 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Lokale Maximale Waarden (LMW) bestrijdingsmiddelen
8B: Toepassingskaart (bestrijdingsmiddelen)
SCHAAL:
BIJLAGE:
Toepassingseis DDD, DDE, DDT en drins (som) Dieptetraject 0-0,5 m-mv
Kattendijke Kattendijke
Wolphaartsdijk Wolphaartsdijk
Oud-Sabbinge Oud-Sabbinge
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Eindewege Eindewege
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM: 10-6-2022
BIJLAGE:
8C
Toepassingseis bestrijdingsmiddelen (0-0,5 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Toepassingseis DDD, DDE, DDT en drins (som) Dieptetraject 0-0,5 m-mv Achtergrondwaarde Lokale Maximale Waarden (LMW) bestrijdingsmiddelen
8C: Toepassingskaart (bestrijdingsmiddelen)
's 's Heer Heer Arendskerke Arendskerke
8D: Toepassingskaart (bestrijdingsmiddelen)
Toepassingseis DDD, DDE, DDT en drins (som) Dieptetraject 0,5-2,0 m-mv
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM:10-6-2022
BIJLAGE:
8D
Toepassingseis Bestrijdingsmiddelen (0,5-2,0 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Achtergrondwaarde Lokale Maximale Waarden (LMW) bestrijdingsmiddelen Lokale Maximale Waarden (LMW) bestrijdingsmiddelen (0,5-1,0 m-mv)
9A: Toepassingskaart (PFAS)
Toepassingseis PFAS Dieptetraject 0-0,5 m-mv
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM: 13-6-2022
BIJLAGE:
9A
Toepassingseis PFAS (0-0,5 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,5 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds PFOA 7,0 µg/kgds / overige indiv. PFAS 3,0 µg/kgds
Wilhelminadorp Wilhelminadorp
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Goes Goes Kloetinge Kloetinge
1:20.000 (op A3)
DATUM:13-6-2022
9B
Toepassingseis PFAS (0-0,5 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Toepassingseis PFAS Dieptetraject 0-0,5 m-mv PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,5 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds PFOA 7,0 µg/kgds / overige indiv. PFAS 3,0 µg/kgds
9B: Toepassingskaart (PFAS)
SCHAAL:
BIJLAGE:
Kattendijke Kattendijke
Wolphaartsdijk Wolphaartsdijk
Oud-Sabbinge Oud-Sabbinge
's 's Heer Heer Hendrikskinderen Hendrikskinderen
Eindewege Eindewege
SCHAAL:
1:20.000 (op A3)
DATUM: 13-6-2022
BIJLAGE:
9C
Toepassingseis PFAS (0-0,5 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
Toepassingseis PFAS Dieptetraject 0-0,5 m-mv PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,5 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds PFOA 7,0 µg/kgds / overige indiv. PFAS 3,0 µg/kgds
9C: Toepassingskaart (PFAS)
's 's Heer Heer Arendskerke Arendskerke
9D: Toepassingskaart (PFAS)
Toepassingseis PFAS Dieptetraject 0,5-1,0 m-mv
SCHAAL:
1:50.000 (op A3)
DATUM: 20-6-2022
BIJLAGE:
9D
Toepassingseis PFAS (0,5-1,0 m-mv)
PROJECT:
P22-08
Nota bodembeheer gemeente Goes
OPDRACHTGEVER:
Gemeente Goes
PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,5 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds PFOA 7,0 µg/kgds / overige indiv. PFAS 3,0 µg/kgds Voor het dieptetraject 1,0-2,0 m-mv geldt overal als toepassingseis: PFOA 1,9 µg/kgds / PFOS 1,5 µg/kgds / overige indiv. PFAS 1,4 µg/kgds
BIJLAGE 10: RISICOTOOLBOX 10.1
Gebiedsspecifiek beleid en de risicotoolbox
In hoofdstuk 4 van deze Nota bodembeheer is gebiedsspecifiek beleid opgenomen, waarbij voor een aantal gebieden Lokale Maximale Waarden (LMW) zijn vastgelegd. Een voorwaarde voor het vaststellen van LMW is, dat de gevolgen van deze waarden worden beoordeeld met behulp van de risicotoolbox (www.risicotoolbox.nl). Dit instrument is ontwikkeld om te bepalen welke risico’s de LMW met zich mee brengen bij een bepaald terreingebruik. Deze bijlage bevat de uitkomsten van de toepassing van de risicotoolbox. De berekeningen zijn uitgevoerd met versie 1.1.0.0 van de risicotoolbox. In hoofdstuk 4 zijn voor de volgende situaties hogere LMW vastgelegd dan de generieke toepassingseisen: Gebied LMW Ter plaatse van voormalige boomgaarden DDD: 0,84 mg/kgds (= MaxWONEN) DDE: 0,75 mg/kgds DDT: 0,65 mg/kgds Drins (som): 0,04 mg/kgds (= MaxWONEN) Gebieden waar voor de NEN5740-paremeters DDD: 0,84 mg/kgds (= MaxWONEN) als generieke toepassingseis MaxWONEN of DDE: 0,75 mg/kgds MaxINDUSTRIE geldt DDT: 0,65 mg/kgds drins (som): 0,04 mg/kgds (= MaxWONEN) Te ontwikkelen delen van bedrijfsterreinen NEN5740-parameters: MaxWONEN De Poel 2 en Deltaweg DDD: 0,84 mg/kgds (= MaxWONEN) DDE: 0,75 mg/kgds DDT: 0,65 mg/kgds drins (som): 0,04 mg/kgds (= MaxWONEN) Algemeen Geen bodemtypecorrectie bij minerale olie voor de toetsing aan de Achtergrondwaarde bij humuspercentages lager dan 10% De parameter minerale olie
komt niet voor in de risicotoolbox en is derhalve in deze bijlage verder buiten beschouwing gelaten. Er is volgens de risicotoolbox sprake van een duurzaam geschikte bodem indien de risico-index lager is dan 1. Bij een hogere risico-index geldt de bodem weliswaar niet als “duurzaam geschikt”, maar daarmee is de bodem nog niet ongeschikt voor het betreffende gebruik. Of de bodem al of niet (mogelijk) ongeschikt is voor het betreffende gebruik wordt beoordeeld met een ander risicomodel: Sanscrit. In geval van een ernstige bodemverontreiniging dient men met behulp van Sanscrit te bepalen of er sprake is van onaanvaardbare risico’s waardoor spoedige sanering van de verontreiniging noodzakelijk is. Hiervan is mogelijk sprake, wanneer de risico-index volgens Sanscrit hoger is dan 1.
Nota bodembeheer gemeente Goes
1/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
In een aantal gevallen zijn de LMW niet hoger dan de maximale waarden die bij de betreffende functie van de bodem behoren. In dat geval is de uitkomst van de risicotoolbox, dat de bodem duurzaam geschikt is voor het betreffende gebruik. De LMW voor de bestrijdingsmiddelen zijn in een deel van de gemeente hoger zijn dan de maximale waarden die bij de betreffende functie van de bodem behoren. De volgende paragrafen behandelen de uitkomsten van de risicotoolbox, met onderscheid in ecologische risico’s en humane risico’s.
Nota bodembeheer gemeente Goes
2/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
10.2
Ecologische risico’s volgens de risicotoolbox
Voor de ecologische risico’s rekent de risicotoolbox met 3 verschillende beschermingsniveaus, afhankelijk van de functie van de bodem. Afhankelijk van het beschermingsniveau toetst de risicotoolbox voor de ecologische risico’s van de somparameter van PAK en de metalen uit NEN5740 aan de Achtergrondwaarde, MaxWONEN of MaxINDUSTRIE 1: Bodemfunctie Ecologisch beschermingsniveau Risicogrenswaarde Natuur Hoog Achtergrondwaarde Wonen met tuin Gemiddeld MaxWONEN * Moestuinen/volkstuinen Gemiddeld MaxWONEN * Landbouw zonder boerderij/erf Gemiddeld MaxWONEN Groen met natuurwaarden Gemiddeld MaxWONEN Plaatsen waar kinderen spelen Gemiddeld of MaxWONEN * of Matig MaxINDUSTRIE Ander groen, bebouwing en industrie Matig MaxINDUSTRIE * Voor cadmium en kwik hogere risicogrenswaarden dan MaxWONEN De risico-index wordt in de risicotoolbox als volgt bepaald: Risico-index = LMW / risicogrenswaarde Verder berekent de risicotoolbox de toxische druk op ecosystemen van (mengsels van) stoffen, uitgedrukt in msPAF. De afkorting PAF staat hierbij voor ‘Potentieel Aangetaste Fractie’, en het voorvoegsel ms duidt aan, dat de risico’s een optelsom van het effect van meerdere stoffen zijn. De msPAF geeft een percentage van het aantal organismen waarop de hogere concentraties een merkbaar/meetbaar effect hebben. De ecologische mengselrisico’s zijn buiten beschouwing gelaten.
Deze zijn een optelsom van risico’s voor verschillende stoffen, maar in de praktijk zal de toe te passen grond voor een deel van de stoffen schoner zijn dan de Lokale Maximale Waarden, waardoor de berekening van ecologische mengselrisico’s met alle stoffen tezamen te hoog uit zouden vallen.
1
lood: enigszins afwijkende waarden (540 in plaats van 530 mg/kgds en 214 in plaats van 210 mg.kgds)
Nota bodembeheer gemeente Goes
3/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
10.3
Humane risico’s volgens de risicotoolbox
10.3.1 Algemeen Voor de humane risico’s is in het model CSOIL een maximale blootstellingsdosis vastgelegd, waarbij mensen nog niet ziek worden: het MTR-humaan (Maximaal Toelaatbaar Risiconiveau voor de mens). De mens mag niet meer dan deze dosis in mg per kg lichaamsgewicht per dag ‘binnen krijgen’ van een bepaalde verontreinigende stof (lit. 26). De risico-index is gedefinieerd als: Blootstelling (LMW) / MTR-humaan Bij de humane risico’s is voor het bodemgebruik ‘moestuinen / volkstuinen’ uitgegaan van een gemiddelde gewasconsumptie uit eigen tuin. Dit komt overeen met de consumptie van 50% bladgewassen en 25% knolgewassen uit eigen tuin. In de praktijk is hiervoor een moestuin met een minimale oppervlakte van 100 m2 benodigd (lit. 27). Bij de bodemfunctie ‘wonen met tuin’ rekent het risicomodel met een gewasconsumptie van 10% uit eigen tuin (lit. 27). De uitkomsten voor de bodemfuncties ‘wonen met tuin’ en ‘landbouw (zonder boerderij/erf)’ zijn voor de humane risico’s identiek. De uitkomsten voor de bodemfuncties ‘natuur’, ‘groen met natuurwaarden’ en ‘overig groen, bebouwing, industrie’ zijn voor de humane risico’s eveneens identiek.
10.3.2 Humane risico’s bestrijdingsmiddelen De tabellen op de volgende pagina’s bevatten de uitkomsten van de berekening van de humane risico’s voor de bestrijdingsmiddelen voor de verschillende LMW en verschillende bodemfuncties. A|s referentie is ook de blootstelling bij de Achtergrondwaarde bepaald. Voor de humane risico’s is er voor DDD, DDE, DDT en drins een lineair verband tussen de concentratie in de bodem en de blootstelling: een 2 x zo hoge LMW levert bij eenzelfde bodemfunctie een 2 x zo hoog blootstellingsrisico op. Voor de drins worden de humane risico’s in de risicotoolbox afzonderlijk bepaald voor dieldrin, aldrin en endrin. Aldrin is daarbij de gevoeligste parameter. De Achtergrondwaarde, MaxWONEN en MaxINDUSTRIE hebben betrekking op de som van deze stoffen.
Nota bodembeheer gemeente Goes
4/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
DDD (Blootstelling in mg/kg lg/dag voor LMW bij standaardbodem, organische stof = 10%): Bodemfunctie LMW = LMW = 0,02 mg/kgds 0,86 mg/kgds (achtergrondw.) (MaxWONEN) Moestuin/volkstuin 6,49 x 10-7 2,79 x 10-5 (gemidd. gewasconcumptie) [index 0,00] [index 0,07] -7 Wonen met tuin 2,44 x 10 1,05 x 10-5 Landbouw [index 0,00] [index 0,03] -8 Plaatsen waar kinderen 2,74 x 10 1,18 x 10-6 spelen [index 0,00] [index 0,00] -9 Natuur 7,05 x 10 3,03 x 10-7 Groen met natuurwaarden [index 0,00] [index 0,00] Overig groen, bebouwing, industrie Tussen vierkante haken is de risico-index weergegeven. DDE (Blootstelling in mg/kg lg/dag voor LMW bij standaardbodem, organische stof = 10%): Bodemfunctie LMW = LMW = 0,1 mg/kgds 0,75 mg/kgds (achtergrondw.) Moestuin/volkstuin 8,02 x 10-6 6,01 x 10-5 (gemidd. gewasconcumptie) [index 0,02] [index 0,15] -6 Wonen met tuin 2,96 x 10 2,22 x 10-5 Landbouw [index 0,01] [index 0,06] -7 Plaatsen waar kinderen 1,37 x 10 1,02 x 10-6 spelen [index 0,00] [index 0,00] -8 Natuur 3,45 x 10 2,59 x 10-7 Groen met natuurwaarden [index 0,00] [index 0,00] Overig groen, bebouwing, industrie Tussen vierkante haken is de risico-index weergegeven. DDT (Blootstelling in mg/kg lg/dag voor LMW bij standaardbodem, organische stof = 10%): Bodemfunctie LMW = LMW = 0,2 mg/kgds 0,65 mg/kgds (achtergrondw.) Moestuin/volkstuin 8,9 x 10-6 2,89 x 10-5 (gemidd.
gewasconcumptie) [index 0,02] [index 0,07] -6 Wonen met tuin 3,33 x 10 1,08 x 10-5 Landbouw [index 0,01] [index 0,03] Plaatsen waar kinderen 2,71 x 10-7 8,81 x 10-7 spelen [index 0,00] [index 0,00] Natuur 6,72 x 10-8 2,18 x 10-7 Groen met natuurwaarden [index 0,00] [index 0,00] Overig groen, bebouwing, industrie Tussen vierkante haken is de risico-index weergegeven.
Nota bodembeheer gemeente Goes
5/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
Dieldrin (Blootstelling in mg/kg lg/dag voor LMW bij standaardbodem, organische stof = 10%): Bodemfunctie LMW = LMW = 0,015 mg/kgds 0,04 mg/kgds (achtergrondw.) (MaxWONEN) Moestuin/volkstuin 5,69 x 10-7 1,52 x 10-6 (gemidd. gewasconcumptie) [index 0,01] [index 0,03] -7 Wonen met tuin 1,67 x 10 4,45 x 10-7 Landbouw [index 0,00] [index 0,01] -8 Plaatsen waar kinderen 2,28 x 10 6,09 x 10-8 spelen [index 0,00] [index 0,00] -9 Natuur 7,59 x 10 2,01 x 10-8 Groen met natuurwaarden [index 0,00] [index 0,00] Overig groen, bebouwing, industrie Tussen vierkante haken is de risico-index weergegeven. Aldrin (Blootstelling in mg/kg lg/dag voor LMW bij standaardbodem, organische stof = 10%): Bodemfunctie LMW = LMW = 0,015 mg/kgds 0,04 mg/kgds (achtergrondw.) (MaxWONEN) Moestuin/volkstuin 1,28 x 10-5 3,41 x 10-5 (gemidd. gewasconcumptie) [index 0,21] [index 0,57] Wonen met tuin 4,7 x 10-6 1,25 x 10-5 Landbouw [index 0,08] [index 0,21] Plaatsen waar kinderen 4,63 x 10-8 1,24 x 10-7 spelen [index 0,00] [index 0,00] -9 Natuur 8,92 x 10 2,38 x 10-8 Groen met natuurwaarden [index 0,00] [index 0,00] Overig groen, bebouwing, industrie Tussen vierkante haken is de risico-index weergegeven.
Endrin (Blootstelling in mg/kg lg/dag voor LMW bij standaardbodem, organische stof = 10%): Bodemfunctie LMW = LMW = 0,015 mg/kgds 0,04 mg/kgds (achtergrondw.) (MaxWONEN) Moestuin/volkstuin 6,8 x 10-7 1,81 x 10-6 (gemidd. gewasconcumptie) [index 0,00] [index 0,01] -7 Wonen met tuin 1,88 x 10 5,01 x 10-7 Landbouw [index 0,00] [index 0,00] Plaatsen waar kinderen 2,31 x 10-8 6,16 x 10-8 spelen [index 0,00] [index 0,00] Natuur 7,8 x 10-9 2,08 x 10-8 Groen met natuurwaarden [index 0,00] [index 0,00] Overig groen, bebouwing, industrie Tussen vierkante haken is de risico-index weergegeven.
Nota bodembeheer gemeente Goes
6/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
10.3.3 Humane risico’s NEN-5740-parameters
Metalen In onderstaande tabel zijn de blootstelling en de bijbehorende risico-index opgenomen [tussen vierkante haken] voor MaxWONEN en MaxINDUSTRIE voor de bodemfunctie ‘Ander groen, bebouwing en industrie’. Er is uitgegaan van een standaardbodem (lutum=25%, humus=10%) 2. Dit is een worst case benadering, aangezien in alle zones in de gemeente Goes de gemiddelde percentages voor lutum en organische stof lager zijn. De werkelijke waarden voor MaxWONEN en MaxINDUSTRIE zijn dus lager dan bij een standaardbodem. De blootstelling aan de verschillende stoffen is bij de werkelijke waarden voor MaxWONEN en MaxINDUSTRIE lager dan de in deze bijlage berekende blootstelling. Voor de pH van de bodem zijn geen meetgegevens beschikbaar. Als aanname is een pH-waarde van 6 gehanteerd. Voor de meeste stoffen is de pH niet van invloed op de resultaten. Bodemfunctie: - Ander groen, bebouwing en industrie Arseen
MaxWONEN (mg/kgds) 27
Cadmium
1,2
Chroom (III)
62
Koper
54
Kwik
0,83
Lood
210
Nikkel
39
Zink
200
Kobalt
35
Molybdeen
88
Blootstelling (mg/kg lg/dag) 7,20 x 10-6 [index 0,01] 3,05 x 10-7 [index 0,00] 1,53 x 10-5 [index 0,00] 1,99 x 10-4 [index 0,00] 4,49 x 10-7 [index 0,00] 2,10 x 10-4 [index 0,12] 0,00113 [index 0,02] 5,09 x 10-5 [index 0,00] 1,10 x 10-5 [index 0,01] 2,29 x 10-5 [index 0,00]
MaxINDUSTRIE (mg/kgds) 76 4,3 180 190 4,8 530 100 720 190 190
Blootstelling (mg/kg lg/dag) 2,03 x 10-5 [index 0,03] 1,09 x 10-6 [index 0,00] 4,45 x 10-5 [index 0,01] 6,99 x 10-4 [index 0,01] 2,6 x 10-6 [index 0,00] 5,31 x 10-4 [index 0,30] 0,0029 [index 0,06] 1,83 x 10-4 [index 0,00] 5,96 x 10-5 [index 0,05] 4,95 x 10-5 [index 0,01]
Voor de humane risico’s van de metalen zijn de uitkomsten in het algemeen niet afhankelijk van de ingevoerde waarden voor lutum en humus 2
Nota bodembeheer gemeente Goes
7/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
PAK De normering uit de Regeling bodemkwaliteit gaat uit van de som van 10 PAK’s. De risicotoolbox berekent voor PAK per individuele PAK een blootstelling en een bijbehorende risico-index. Vervolgens worden deze afzonderlijke risico-indexen gesommeerd tot een totale risico-index voor som-PAK. Benzo(a)pyreen weegt het zwaarst in de bepaling van de risico-index, gevolgd door indeno(123cd)pyreen. De dataset uit het gemeentelijk bodeminformatiesysteem bevat voor 1610 grondmonsters de 539 monsters een som-PAK hoger dan de Achtergrondwaarde (1,5 mg/kgds), waarvan 254 monsters een som-PAK hoger dan MaxWONEN (6,8 mg/kgds) hebben. Voor deze monsters is bekeken, welk aandeel benzo(a)pyreen en indeno(123cd)pyreen hebben in de totale som van PAK. In 95% van de monsters boven de Achtergrondwaarde bestaat de som-PAK uit maximaal 15% benzo(a)pyreen. Verder bestaat in 96% van de monsters boven de Achtergrondwaarde de som-PAK uit maximaal 15% indeno(123cd)pyreen. Ook in andere gemeentes bestaat de som-PAK meestal voor minder dan 15% uit benzo(a)pyreen en voor minder dan 15% uit indeno(123cd)pyreen (zie bijv. lit. 21). Voor de toepassing van de risicotoolbox is uitgegaan van een aandeel van 15% benzo(a)pyreen en 15% indeno(123cd)pyreen in de totale som-PAK. De resterende 70% is verdeeld over de overige acht PAK’s.
Onderstaande tabel bevat de risico-index voor MaxWONEN en MaxINDUSTRIE van som-PAK. Risico-index som-PAK bij standaardbodem (organische stof = 10%): Bodemfunctie MaxWONEN Risico-index MaxINDUSTRIE (mg/kgds) (mg/kgds) Overig groen, bebouwing, 6,8 0,08 40 industrie
Nota bodembeheer gemeente Goes
8/11
Risico-index 0,49
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
10.4
Zones met 95-percentielwaarde hoger dan interventiewaarde
De indeling van de zones uit de bodemkwaliteitskaart in verschillende bodemkwaliteitsklasses is gebaseerd op het rekenkundig gemiddelde van de verschillende stoffen. De concentraties van de verschillende stoffen hebben een zekere spreiding en een deel van de waarnemingen in een zone voldoet niet aan de bodemkwaliteitsklasse waarin de zone is ingedeeld. Gemiddeld leidt dit niet tot een verslechtering van de bodemkwaliteit. Het grondverzet levert geen ‘nieuwe’ verontreiniging op, maar betreft een verplaatsing van al in het milieu aanwezige verontreiniging. Het grondverzet mag er echter niet toe leiden dat op de toepassingslocatie dusdanige milieuhygiënische risico’s ontstaan, dat volgens de Wet bodembescherming een spoedige sanering noodzakelijk zou zijn. Om de kans op dit laatste te minimaliseren is in artikel 4.3.5, lid 3c van de Regeling bodemkwaliteit een toetsing opgenomen van de 95-percentielwaarde van de bodemkwaliteitszone van de plaats van herkomst van de grond. Op basis van de 95-percentielwaarde wordt getoetst of vrij grondverzet op de toepassingslocatie volgens de Wet bodembescherming kan leiden tot een noodzaak tot spoedige sanering. Een locatie kan in principe alleen spoedeisend zijn wanneer de interventiewaarde wordt overschreden. Voor deze risicobeoordeling is een standaardbeoordeling uitgewerkt in het computerprogramma Sanscrit.
In de volgende zones is de 95-percentielwaarde voor één van de stoffen hoger dan de interventiewaarde: Zone ‘4: Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark): PAK in de ondergrond; Zone ‘5: Vooroorlogse wijken en kernen’: lood en zink in de bovengrond; Zone ‘6: Binnenstad Goes en vooroorlogse wijken’: lood in de boven- en ondergrond en zink in de bovengrond; Dit betreft steeds zones die geclassificeerd zijn als klasse Industrie. Grond met klasse industrie kan in de gemeente Goes alleen worden toegepast in enkele gebieden met bodemfunctieklasse industrie en in Grootschalige bodemtoepassingen. Volgens de standaardbeoordeling uit Sanscrit is bij het ongevoelige terreingebruik ‘ander groen, bebouwing, infrastructuur en industrie’ voor een spoedeisende bodemverontreiniging vanwege humane risico’s een loodgehalte benodigd van minimaal 2825 mg/kgds. De 95-percentielwaarden zijn ruim beneden voornoemde waarde. Volgens de standaardbeoordeling uit Sanscrit is bij het terreingebruik ‘ander groen, bebouwing, infrastructuur en industrie’ een humaan spoedeisende verontreiniging met zink niet mogelijk. Voor zone 4 geldt altijd de vereiste, dat de kwaliteit van vrijkomende grond wordt vastgesteld middels onderzoek.
Nota bodembeheer gemeente Goes
9/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
10.5
Conclusie risicotoolbox
Voor een aantal situaties zijn in hoofdstuk 4 van deze Nota als toepassingseis voor grond en bagger hogere Lokale Maximale Waarden (LMW) opgenomen dan de toepassingseisen volgens het generieke beleid. In dat geval schrijft het Besluit bodemkwaliteit voor, dat de gevolgen van deze LMW worden beoordeeld met behulp van een landelijk voorgeschreven risicomodel, de risicotoolbox.
Conclusie voor de bestrijdingsmiddelen In de volgende situatie zijn de LMW hoger dan de maximale waarden die bij de betreffende functie van de bodem behoren: LMW bestrijdingsmiddelen bij bodemfunctie Overig en bodemfunctie Wonen. De LMW voor de bestrijdingsmiddelen kunnen volgens de risicotoolbox ecologische risico’s opleveren in gebieden met een gemiddeld of hoog ecologisch beschermingsniveau. In het buitengebied gelden deze LMW alleen ter plaatse van voormalige boomgaarden. Hierdoor vormen de gekozen LMW in het buitengebied geen verslechtering van de huidige bodemkwaliteit en daarmee geen toename van de ecologische risico’s ten opzichte van de huidige situatie. In een aantal gebieden met de bodemfuncties Wonen en Industrie wordt met de LMW voor de bestrijdingsmiddelen plaatselijk een verslechtering van de bodemkwaliteit toegestaan. Ook hier levert dit in de praktijk geen toename van ecologische risico’s op. Bij gebiedsontwikkeling vindt deels grondverzet over korte afstand plaats, waarbij de bestaande verontreiniging over korte afstand wordt verplaatst en er netto geen nieuwe verontreiniging of risico’s ontstaan.
Verder wordt bij het grondverzet eerder grond met verhoogde gehaltes bestrijdingsmiddelen verplaatst van een ontgravingslocatie met een hoger ecologisch beschermingsniveau naar een toepassingslocatie met een lager ecologisch beschermingsniveau (bijvoorbeeld wanneer grond uit het buitengebied wordt toegepast op een bouwlocatie) dan omgekeerd. De LMW voor de bestrijdingsmiddelen leiden niet tot noemenswaardige humane risico’s. Uit oogpunt van de humane risico’s blijft de bodem duurzaam geschikt voor het betreffende gebruik.
Conclusie voor de NEN5740-parameters De LMW voor de NEN5740-parameters zijn niet hoger dan de maximale waarden die bij de betreffende functie van de bodem behoren. In dat geval is de bodem in beginsel duurzaam geschikt voor het betreffende gebruik.
Nota bodembeheer gemeente Goes
10/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
Disclaimer bij de risicotoolbox Onderstaand kader bevat de disclaimer zoals ook opgenomen op de website www.risicotoolbox.nl: Status van de berekeningen van de risicotoolbox De risicotoolbox berekent de risico's van een ingevoerde chemische bodemkwaliteit voor ecosysteem, mens en landbouwproductie. De risicotoolbox maakt hiervoor gebruik van wetenschappelijke modellen uit de normstellingspraktijk. Modellen kunnen slechts een voorspelling geven van te verwachten risico's. De kwaliteit van deze voorspellingen wordt bepaald door de betrouwbaarheid van de modellen. De modellen achter de risicotoolbox hebben uiteenlopende betrouwbaarheden. Bij het weergeven van de resultaten wordt een kwalitatieve indruk gegeven van de betrouwbaarheid van een resultaat. De verantwoordelijkheid voor de interpretatie van de resultaten ligt bij de gebruiker van het instrument. Het bovenstaande betekent dat voorspellingen van risico's die zowel boven als onder de - voor de gekozen bodemgebruiksvorm relevante - risicogrenswaarde liggen slechts indicatief zijn. Juist bij resultaten die dicht bij risicogrenswaarden liggen is het belangrijk om hierbij in de interpretatiefase stil te staan.
Nota bodembeheer gemeente Goes
11/11
Bijlage 10: risicotoolbox, 29 april 2013
Nota Bodembeheer januari 2014 Bijlage 11: Checklist alleen voor grondverzet door particulieren en agrarische bedrijven: Te gebruiken t.b.v. eigen onderzoek en eventueel overleg bevoegd gezag.
Gegevens percelen en kwaliteit grond: Adres en eigenaar perceel waar de grond vrij komt:
...................................................................................... ………………………………………………………………. ………………………………………………………………. ……………………………………………………………….
Adres en eigenaar waar de grond wordt toegepast:
...................................................................................... ………………………………………………………………. ………………………………………………………………. ……………………………………………………………….
Zone bodemkwaliteit waar de grond vrijkomt:
Zone bodemkwaliteit waar de grond wordt toegepast:
1 Buitengebied en naoorlogse bebouwing 2 Naoorlogse bebouwing 3 Bedrijfsterreinen (De Poel) 4 Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) 5 vooroorlogse wijken en kernen 6 Binnenstad en vooroorlogse wijken Goese Schans zone 2: oost 1 Buitengebied en naoorlogse bebouwing 2 Naoorlogse bebouwing 3 Bedrijfsterreinen (De Poel) 4 Bedrijfsterreinen (Marconistraat en Stationspark) 5 vooroorlogse wijken en kernen 6 Binnenstad en vooroorlogse wijken Goese Schans zone 2: oost
Hoeveelheid grond (m3): Zijn er gegevens van het herkomstperceel bekend waaruit blijkt dat het perceel of delen van het perceel verontreinigd (zou kunnen) zijn: (eventueel navragen bij gemeente) Zitten er in de grond meer dan 5% of 10% bodemvreemde bijmengingen (bijv. puin, glas, hout, plastics of oogstrestanten) of is de toe te passen grond (mogelijk) verontreinigd: (eventueel navragen bij gemeente) Agrarisch bedrijf: is de grond afkomstig van een perceel van datzelfde landbouwbedrijf en is sprake van vergelijkbaar gewas: Is de plaats waar de grond wordt toegepast (mogelijk) verontreinigd: (eventueel navragen bij gemeente) Vinden er op het perceel waar de grond vrijkomt activiteiten plaats, of hebben die plaats gevonden, waardoor de bodem verontreinigd zou kunnen worden: Vinden er naast het perceel waar de grond vrijkomt activiteiten plaats, of hebben die plaats gevonden, waardoor de bodem verontreinigd zou kunnen worden: Datum: …………………...
ja nee onbekend
opmerkingen …………………………………………….. …………………………………………….. ……………………………………………..
ja nee onbekend
…………………………………………….. …………………………………………….. ……………………………………………..
ja nee onbekend ja nee onbekend ja nee onbekend
…………………………………………….. …………………………………………….. …………………………………………….. …………………………………………….. …………………………………………….. …………………………………………….. …………………………………………….. …………………………………………….. ……………………………………………..
ja nee onbekend
…………………………………………….. …………………………………………….. ……………………………………………..
Ingevuld door (naam en adres): …………………………….…………. …………………………….…………. …………………………….………….
MARMOS bodemmanagement
BIJLAGE 12: AFKORTINGEN- EN BEGRIPPENLIJST Achtergrondwaarde
Landelijke norm op basis waarvan wordt bepaald of de bodem als “schoon” wordt beschouwd. In de Nota van Toelichting van het Besluit bodemkwaliteit omschreven als:
Landelijk geldende waarden voor een multifunctionele bodemkwaliteit die de grens vormen aan wat in het dagelijks gebruik <<schone grond en bagger>> wordt genoemd. De Achtergrondwaarden zijn opgenomen in Bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit. Asbest
Verzamelnaam voor een aantal in de natuur voorkomende mineralen (silicaten), die zijn opgebouwd uit fijne, microscopisch kleine vezels. In het verleden is asbest in verschillende producten (waaronder bouwmaterialen) toegepast vanwege de isolerende, brandwerende en slijtvaste eigenschappen. In gebonden toestand levert asbest geen direct gevaar voor de volksgezondheid op. Het inademen van losse asbestvezels vormt echter een ernstig gezondheidsrisico. Sinds 1993 is het gebruik van asbest in Nederland volledig verboden. Asbest kan bijvoorbeeld in de bodem voorkomen via bouw- en sloopafval en via wegfunderingsmateriaal.
AW2000
Afkorting van het project Achtergrondwaarden 2000. In dit project zijn verspreid over Nederland 100 locaties in natuur- en landbouwgebieden onderzocht, waarin naar verwachting een niet meer dan normale diffuse achtergrondbelasting uit antropogene en natuurlijke bronnen wordt verwacht. Op basis van het AW2000-project is de hoogte van de Achtergrondwaarden voor de verschillende stoffen bepaald.
Bermgrond
Definitie zoals gehanteerd in de bodemkwaliteitskaart van de wegbermen in Zeeland: Bermgrond is de grond vanaf de rand van de wegverharding van de weg tot aan de insteek van de sloot of tot aan de voet van de dijk/grondwal of tot aan de kruin van de dijk (bij een dijk) tot 50 cm onder maaiveld. Indien er geen sloot aanwezig is, wordt hiervoor een arbitraire afstand van 10 meter aangehouden (6 meter voor gemeentelijke wegbermen) vanaf de rand van de wegverharding van de weg. Indien een fietspad langs de weg aanwezig is, is de wegberm het gedeelte vanaf de rand van het asfalt van de weg tot aan de rand van het asfalt van het fietspad en het gedeelte vanaf de rand van het asfalt tot aan de insteek van de sloot.
Besluit bodemkwaliteit
Algemene Maatregel van Bestuur (AmvB) op basis van onder andere de Wet bodembescherming. Vormt sinds 2008 het algehele kader van de regelgeving voor het toepassen van bouwstoffen (buiten gebouwen), grond en baggerspecie.
Betrouwbaarheidsinterval van het Bandbreedte waarbinnen het rekenkundig gemiddelde van een gemiddelde dataset naar verwachting ligt.
Nota bodembeheer gemeente Goes
1
21 januari 2014
MARMOS bodemmanagement
Een betrouwbaarheidsinterval van het gemiddelde van 80% wil zeggen, dat er 80% kans is dat het werkelijke gemiddelde van de zone (de populatie) binnen het desbetreffende interval ligt. Zie verdere uitleg in bijlage 18 van de bodemkwaliteitskaart. Bodembeheergebied
Gebied waarop de regelgeving uit een Nota bodembeheer betrekking heeft. Bij verhoogde Lokale Maximale Waarden (LMW): het herkomstgebied van grond waarvoor de LMW van toepassing is. In voorliggende Nota is het bodembeheergebied de gemeente Goes.
Bodembeheerplan
Term in het verleden gehanteerd in de Vrijstellingsregeling grondverzet. De tegenwoordige terminologie uit het Besluit bodemkwaliteit is ‘Nota bodembeheer’ Beleidsdocument waarin op basis van een bodemkwaliteitskaart op lokaal niveau wordt beschreven welke regels er voor grondverzet gelden (waar mag –afgezien van uitzonderingssituaties- vrijkomende grond op basis van de bodemkwaliteitskaart zonder aanvullende keuringen worden hergebruikt).
Bodemfunctiekaart
Kaart waarin het grondgebied van een gemeente is ingedeeld in de bodemfunctieklassen ‘wonen’ en ‘industrie’ en overig (landbouw/natuur). In het Besluit bodemkwaliteit zijn de normen voor het toepassen van grond en bagger op de landbodem afhankelijk gesteld van zowel de bodemkwaliteitsklasse als de bodemfunctieklasse van de ontvangende bodem. Verder is de bodemfunctiekaart van belang voor de bepaling van terugsaneerwaarden bij saneringen op basis van een BUS-melding. Gemeentes zijn volgens het Besluit bodemkwaliteit verplicht om een bodemfunctiekaart bestuurlijk vast te stellen.
Bodemkwaliteitskaart
Kaart waarin een bodembeheergebied (bijvoorbeeld een gemeente) is ingedeeld in één of meer zones met een vergelijkbare algemene (gemiddelde) bodemkwaliteit. Een bodemkwaliteitskaart is één van de bewijsmiddelen (milieuhygiënische verklaringen) uit de Regeling bodemkwaliteit, waarmee men de kwaliteit van een partij vrijkomende grond kan aantonen (mits er geen sprake is van een uitzonderingslocatie).
Bodemkwaliteitsklasse
Nota bodembeheer gemeente Goes
De kwaliteit van de bodem of een partij grond wordt volgens het Besluit bodemkwaliteit ingedeeld in één van de volgende bodemkwaliteitsklassen: - Achtergrondwaarde - Klasse wonen - Klasse industrie - Voldoet niet aan klasse industrie
2
21 januari 2014
MARMOS bodemmanagement
Deze toetsing geschiedt op basis van de volgende in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit opgenomen normen: - Achtergrondwaarden - Maximale waarden voor wonen - Maximale waarden voor industrie Bij de toetsing aan de Achtergrondwaarden en de toetsing aan de Maximale waarden voor wonen gelden toetsingsregels (zie onder toetsingsregel) Bodemsanering
Geheel van maatregelen gericht op het beperken en zoveel mogelijk ongedaan maken van een bodemverontreiniging en de gevolgen daarvan
Bodemtypecorrectie
Normen voor gehaltes verontreinigende stoffen in de bodem zijn bij de meeste stoffen afhankelijk van het percentage lutum (kleideeltjes) en organische stof (humus) Bodemnormen zoals gepubliceerd in bijvoorbeeld de Regeling bodemkwaliteit gelden voor een standaardbodem (lutum = 25% en humus = 10%). Om te toetsen aan deze normen moet een bodemtypecorrectie worden uitgevoerd op basis van de percentages lutum en humus van de te toetsen bodem of partij grond.
Bouwstoffenbesluit
Algemene Maatregel van Bestuur (AmvB) die in 2008 is vervangen door het Besluit bodemkwaliteit.
Bovengrond
In dit rapport: het dieptetraject tussen 0 en 0,5 m-mv. (= het gangbare dieptetraject van geanalyseerde bovengrondmonsters in verkennend bodemonderzoek)
Bovengrondmonster
In deze bodemkwaliteitskaart worden grondmonsters meegerekend bij de bovengrond indien: 0 < (bovenkant monster + onderkant monster)/2 <=0,5 BUS-melding
BUS staat voor Besluit uniforme saneringen. Voor een aantal relatief eenvoudige standaardsituaties kan voor een bodemsanering worden volstaan met het indienen van een plan van aanpak middels een BUS-melding bij de provincie. De procedure voor een BUS-sanering is korter dan voor een sanering, waarbij de provincie een beschikking moet afgeven over het saneringsplan.
DDD
Afkorting voor dichloordifenyldichloorethaan. Afbraak-product van het organochloorbestrijdingsmiddel DDT. Zie verder onder DDT
DDE
Afkorting voor dichloordifenyldichloorethyleen. Afbraak-product van het bestrijdingsmiddel DDT. Zie verder onder DDT
DDT
Nota bodembeheer gemeente Goes
Afkorting voor dichloordifenyltrichloorethaan, een organochloorbestrijdingsmiddel waarvan het gebruik in Nederland sinds 1974 verboden is.
3
21 januari 2014
MARMOS bodemmanagement
DDT werd vooral als bestrijdingsmiddel gebruikt in boomgaarden in de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw. DDD, DDE en DDT zijn slecht afbreekbaar in het milieu en vormen een risico in de voedselketen door ophoping in vetweefsel. Diffuse verontreiniging
Verontreiniging die in een groter gebied voorkomt, zonder dat er sprake is van een aanwijsbare puntbron of veroorzaker. Bijvoorbeeld de verontreiniging in oude binnensteden als gevolg van eeuwenoude bewoning.
Drins
Verzameling van inmiddels chloorhoudende bestrijdingsmiddelen. De somparameter drins bestaat uit aldrin, dieldrin en endrin.
Drogere oevergebieden
Drogere oevergebieden zijn gebieden die behoren tot een oppervlaktewaterlichaam, maar slechts zelden onder water staan. De aanwijzing van drogere oevergebieden in de rijkswateren is opgenomen in de kaarten bij de Waterregeling. Voor regionale wateren zijn zij aangewezen bij provinciale verordening. In het kader van het Besluit bodemkwaliteit vallen drogere oevergebieden onder het bevoegd gezag van de landbodem (de gemeente).
Duurzaam geschikt
De bodem wordt blijvend geschikt oftewel duurzaam geschikt geacht als de bodemkwaliteit in overeenstemming is met het gebruik van de bodem. Bij de bodemfunctie wonen is bodem duurzaam geschikt als de gehaltes in de bodem voldoen aan de Maximale waarden voor wonen. Bij de bodemfunctie industrie is bodem duurzaam geschikt als de gehaltes in de bodem voldoen aan de Maximale waarden voor industrie. In het buitengebied is de bodem duurzaam geschikt als de gehaltes in de bodem voldoen aan de Achtergrondwaarden.
Ecologische risico's
Strikt genomen de milieuhygiënische risico’s van bodemverontreiniging voor plant en dier. De risicomodellen Sanscrit en Risicotoolbox kijken echter alleen naar het percentage soorten organismes (dieren) die negatief effecten ondervinden van de bodem-verontreiniging.
EOX
EOX staat voor Extraheerbare Organo Halogenen. Halogenen zijn chloor, fluor, broom en jodium. De analyse van EOX bepaalt het gehalte aan halogenen die organisch zijn gebonden. Organisch gebonden betekent dat de halogenen zijn opgenomen in kleinere of grotere moleculen waarin koolstof een centrale rol speelt. Tot 1 juli 2008 maakte EOX deel uit van het basispakket van NEN5740 als indicatie voor de aanwezigheid van organohalogeenverbindingen.
Ernstige bodemverontreiniging
Nota bodembeheer gemeente Goes
Er is sprake van een “geval van ernstige bodem-verontreiniging”
4
21 januari 2014
MARMOS bodemmanagement
indien de gemiddelde gehaltes in meer dan 25 m 3 grond danwel in het grondwater in meer dan 100 m3 bodemvolume hoger zijn dan de interventiewaarde. Gebiedsspecifiek beleid
Lokale beleidskeuzes in afwijking van het generieke beleid in het kader van het Besluit bodemkwaliteit (bijvoorbeeld het vaststellen van Lokale Maximale Waarden) Wordt vastgelegd in een door de gemeenteraad vastgestelde Nota bodembeheer.
Generiek beleid
Algemene landelijke regels / normen voor het toepassen van grond en bagger in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Gebaseerd op een klasse-indeling voor zowel de kwaliteit als de functie van de ontvangende bodem.
Historisch onderzoek
Zie vooronderzoek
Humane risico's
Gezondheidsrisico’s voor de mens
Immobiele verontreiniging
Verontreiniging die zich door de kenmerken van de verontreinigende stof (vrijwel) niet verder verspreidt in het milieu.
Interventiewaarde
Bodemnorm opgenomen in de Circulaire bodemsanering 2009, op basis waarvan wordt bepaald of er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging (zie aldaar).
Landsdekkend beeld bodemkwaliteit
Inventarisatie van (mogelijk) verontreinigde locaties, uitgevoerd door de bevoegd gezagen Wet bodembescherming (alle provincies en 30 grote gemeentes) in de periode tot 2004. Met name gebaseerd op bedrijfsactiviteiten uit oude Hinderwetvergunningen.
LDB Lognormaal gemiddelde
Gemiddelde dat is berekend nadat eerst alle waarnemingen logaritmisch zijn getransformeerd. Het gemiddelde van deze logaritmes wordt vervolgens weer teruggetransformeerd.
Lokale Maximale Waarden
Gebiedsspecifieke toepassingsnormen voor het toepassen van grond en bagger (in afwijking van de generieke normen gebaseerd op toetsing aan zowel de bodemkwaliteitsklasse als de bodemfunctieklasse van de ontvangende bodem)
LMW
Verhoogde LMW gelden alleen voor grond en bagger afkomstig uit het eigen bodembeheergebied. m-mv
Afkorting voor meter beneden maaiveld
Maximale waarde voor industrie
Norm opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit, waarmee wordt getoetst of een bepaalde bodem of partij grond voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse industrie. In voorliggende Nota is hiervoor als notatie MaxINDUSTRIE gebruikt.
MaxINDUSTRIE Maximale waarde voor wonen MaxWONEN
Norm opgenomen in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit, waarmee wordt getoetst of een bepaalde bodem of partij grond voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse wonen. In voorliggende Nota is hiervoor als notatie MaxWONEN gebruikt.
mg/kg lg/dag
Afkorting voor milligram per kilogram lichaamsgewicht per dag: eenheid voor de blootstelling aan verontreinigende stoffen (hoeveel verontreiniging krijgt men per dag gemiddeld binnen). De blootstelling is afhankelijk van het lichaamsgewicht.
mg/kgds
Afkorting voor milligram per kilogram droge stof, de gangbare eenheid
Nota bodembeheer gemeente Goes
5
21 januari 2014
MARMOS bodemmanagement
voor verontreinigende gehaltes bij bodemonderzoek en bodemnormen. Milieuhygiënische verklaring
Wettig bewijsmiddel in het kader van het Besluit bodemkwaliteit voor de milieuhygiënische kwaliteit van bouwstoffen, grond of bagger, opgesteld conform de hiervoor in de Regeling bodemkwaliteit vermelde normdocumenten.
msPAF
Afkorting voor ‘meer stoffen Potentieel Aangetaste Fractie’ Het percentage soorten organismes dat bij een bepaalde verontreinigingssituatie een negatief effect van deze verontreiniging ondervindt, waarbij rekening wordt gehouden met het gecombineerde effect van verschillende stoffen. msPAF is een modelmatige maat om de toxische druk in een ecosysteem te voorspellen.
MTR-humaan
MTR is een afkorting voor Maximaal Toelaatbaar Risico. MTR-humaan is de grenswaarde aan blootstelling aan een bepaalde milieuverontreiniging, die voor de volksgezondheid beleidsmatig nog aanvaardbaar wordt geacht.
NEN5740
Voorgeschreven norm voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek. Hierin is vastgelegd op welke stoffen men de bodem minimaal moet onderzoeken en welke onderzoeksinspanning men afhankelijk van de oppervlakte van de onderzoekslocatie minimaal moet leveren (aantal boringen, peilbuizen en te analyseren grond- en grondwatermonsters afhankelijk van de oppervlakte van de locatie).
Nota bodembeheer
Beleidsnota in het kader van het Besluit bodemkwaliteit, met lokale uitwerking van regelgeving voor het toepassen van grond en bagger. Wordt vastgesteld door de gemeenteraad met een voorbereidingsprocedure conform afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht
Omgevingsvergunning
Vergunning afgegeven op basis van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). In de Wabo zijn de vergunningsstelsels uit verschillende wetten samengebracht in één kader. Zo vervangt de ‘omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen’ de vroegere ‘bouwvergunning’.
Onaanvaardbare risico's
Humane, ecologische, danwel verspreidingsrisico’s die dusdanig zijn dat deze volgens de Wet bodem-bescherming met spoed gesaneerd danwel beheerst.
Ondergrond
In dit rapport: het dieptetraject tussen 0,5 en 2,0 m-mv. (= het gangbare dieptetraject van geanalyseerde ondergrondmonsters in verkennend bodemonderzoek)
Ondergrondmonster
In deze bodemkwaliteitskaart worden grondmonsters meegerekend bij de ondergrond indien: 0,5 < (bovenkant monster + onderkant monster)/2 <=2,0
Nota bodembeheer gemeente Goes
6
21 januari 2014
MARMOS bodemmanagement
PAK PAK-totaal PAK (10 van VROM)
PCB
Voluit: Polycyclisch Aromatische Koolwaterstoffen. In de bodemnormering worden 10 afzonderlijke PAK onderzocht, die ook wel worden aangeduid als de "10 van VROM". Deze 10 afzonderlijke PAK worden gesommeerd tot een waarde voor PAKtotaal Dit betreft de volgende stoffen: - antraceen - benzo(a)antraceen - benzo(ghi)peryleen - benzo(a)pyreen - benzo(k)fluorantheen - chryseen - fenantreen - fluorantheen - indeno(1,2,3cd)pyreen - naftaleen Afkorting voor Polychloorbyfenyl, een groep slecht in het milieu afbreekbare stoffen. Werd in het verleden onder andere gebruikt als isolatievloeistof, koelvloeistof, smeermiddel en brandvertrager. Productie en gebruik van PCB’s zijn inmiddels verboden in Nederland. PCB’s zijn slecht oplosbaar in water, maar goed oplosbaar in olie en vet. PCB’s hopen zich op in vetweefsel van dieren en vormen daarmee een risico in de voedselketen. PCB’s zijn in meerdere opzichten giftig. In de bodemnormering wordt gekeken naar (de som van) de volgende 7 PCB’s: PCB28, PCB52, PCB101, PCB118, PCB138, PCB153 en PCB180.
Percentielwaarden
Een percentielwaarde is een statistische maat hoeveel procent van de waarnemingen onder een bepaalde waarde liggen. Zo is de 50percentielwaarde oftewel de mediaan het getal waarbij de helft van de waarnemingen lager is en de helft van de waarnemingen hoger. De 95-percentielwaarde voor een stof in een bepaalde zone is het getal waarbij in 95% van de representatieve monsters een lagere concentratie van die stof is gemeten. 5% van de representatieve monsters heeft in die zone een hogere concentratie dan de 95percentielwaarde. Voor het berekenen van percentielwaarden bestaan in de literatuur verschillende formules. In de Regeling bodemkwaliteit is voor de 95percentielwaarde voorgeschreven op welke wijze deze dient te worden berekend. Deze berekeningswijze is gehanteerd voor alle percentielwaarden.
Regeling bodemkwaliteit
Ministeriële regeling bij het Besluit bodemkwaliteit, met de inhoudelijke uitwerking van de bepalingen uit het Besluit bodemkwaliteit.