Agendapunt 04. Raadsvoorstel Transitievisie warmte
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum vergadering Agendapunt Zaaknummer Onderwerp
: : : :
Portefeuillehouder Programma Opgesteld door: Afdeling
: : :
Z22.111039 / D22.859094 Transitievisie Warmte (TVW) en Regionale Structuur Warmte (RSW) drs. J. de Goffau Milieu Arne Dorleijn Omgeving & Economie
Gevraagd besluit Wij stellen uw raad voor vast te stellen: a. De Transitievisie Warmte (TVW); b. De Regionale Structuur Warmte (RSW). Juridische grondslag In het Nationaal Klimaatakkoord hebben wij ons gezamenlijk als doel gesteld de wereldwijde CO2uitstoot met 49% te reduceren in 2030 en met 95% te reduceren in 2050 (t.o.v. 1990). Dit Nationaal Klimaatakkoord is samen met alle betrokken partners vertaald naar nationaal, regionaal en lokaal beleid. CO2-reductie in de gebouwde omgeving vormt een van de omvangrijkste uitdagingen binnen deze energietransitie. Wij zijn overeengekomen – in zowel het Nationaal Klimaatakkoord en het Interbestuurlijk Programma - dat gemeenten een regierol hebben op het gebied van aardgasvrije buurten en wijken. Daarnaast hebben alle gemeenten zich gecommitteerd aan het opleveren van een planning die gericht is op een transitie naar een zo goed als aardgasvrije gebouwde omgeving in 2050. Aanleiding In 2015 is in Parijs het klimaatakkoord gesloten. Doel van dit akkoord is de wereldwijde CO2 uitstoot met 49% te reduceren in 2030 en met 95% te reduceren in 2050 (t.o.v. 1990). Dit akkoord moet uiteraard worden vertaald naar nationaal, regionaal en lokaal beleid. Dit betekent onder andere dat we verkennen hoe deze CO2-reductie in de gebouwde omgeving, in onze wijken en dorpen, gerealiseerd kan worden.
Zowel in het Investeringsprogramma ‘Naar een duurzaam Nederland’, het klimaatakkoord, als het Inter Bestuurlijk Programma (IBP) worden deze doelstellingen omschreven. In het IBP wordt dit als volgt verwoord: ‘Bij de invulling van de klimaatdoelstellingen voor de gebouwde omgeving ligt een grote rol voor de medeoverheden, met een regierol voor gemeenten op het gebied van aardgasvrije buurten en wijken. Met het oog daarop is de inzet dat alle gemeenten voor 31 december 2021 een planning vaststellen in de gemeenteraad voor de transitie van de gebouwde omgeving naar aardgasvrij (woningen, maatschappelijk- en commercieel vastgoed) gericht op een CO2-arme gebouwde omgeving in 2050. Voor alle buurten die voor 2030 van het aardgas af gaan is in 2021 ook bekend wat het alternatief voor aardgas is.’ Hiermee wordt de ontwikkeling van een Transitievisie warmte (TVW) door gemeenten bedoeld. Vanuit de samenwerking in de Regionale Energie Strategie is tot een gezamenlijk Zeeuws proces gekomen waarbinnen we de Transitievisie hebben ontwikkeld. Inmiddels is de Transitievisie voor Goes gereed. Deze is tot stand gekomen met ondersteuning van een interne en externe projectgroep. Op 10 juni 2021 hebben wij het concept van deze visie aan de raad gepresenteerd. In de afgelopen maanden is deze verder vervolmaakt. Regionale Structuur Warmte (RSW) De Transitievisie is een gemeentelijke visie.
Om te bepalen welke warmtebronnen beschikbaar zijn hebben wij niet alleen naar gemeentelijke warmtebronnen gekeken. Sommige warmtebronnen kunnen namelijk een bovengemeentelijk potentieel hebben. In de RES 1.0 zijn deze geïnventariseerd. Wij hebben deze inventarisatie in de afgelopen periode geactualiseerd. Dit is samengebracht in de
Agendapunt Pagina 2
Regionale Structuur Warmte waarin wij tevens een aantal procesafspraken en een afwegingskader hebben opgenomen dat we hanteren bij het gebruik van regionale warmtebronnen op dorps- en wijkniveau (zie pagina 3 en 4 van de RSW). De RSW, de TVW en de dorps- en wijkplannen vullen elkaar dus naadloos aan. Resultaat -Transitievisie Warmte voor de gemeente Goes; -Regionale Structuur Warmte voor Zeeland. Argumenten Transitievisie Warmte (TVW) Op basis van de huidige informatie is onderzocht wat het meest logische tranisitiepad is voor de wijken en dorpen in onze gemeenten. Op basis van de huidige stand der techniek, de laagst maatschappelijke kosten en andere uitgangspunten die we gezamenlijk bepaald hebben. Wij benoemen nu geen gebieden waar binnen acht jaar woningen van het aardgas worden afgekoppeld. Wij zetten allereerst in op energiebesparing, communicatie en ontzorging en zowel op lokaal als in regionaal verband willen we hierin programmatisch te werk gaan. Gezien de lage dichtheid van huishoudens lijkt de realisatie van een lokaal warmtenet zeer uitdagend. Gezien de aanwezigheid van grote hoeveelheden restwarmte uit het Sloegebied doen we hier wel actief onderzoek naar.
In de meeste wijken ligt het voor de hand om eerst de warmtevraag zoveel mogelijk te reduceren (door het nemen van geen-spijt maatregelen op natuurlijke momenten) en waar mogelijk over te schakelen op hybride systemen. De resterende warmtevraag kan hier op termijn worden ingevuld met duurzaam gas. Ook is het mogelijk dat de hybride systemen uiteindelijk worden vervangen door volledig elektrische systemen. In verschillende nieuwere woningen/wijken (< 2005) ligt een transitie naar all-electric oplossingen het meest voor de hand. In onze gemeente zijn we al vanaf 2001 begonnen met de aanleg van aardgasvrije wijken. Overschakeling op all-electric is in onze gemeente dan ook in mindere mate aan de orde dan bij de andere gemeenten binnen Zeeland. In alle gevallen geldt dat de TVW een dynamisch document is en minimaal iedere vijf jaar wordt herijkt. Daarnaast zullen we plannen gaan verfijnen door planvorming op dorps- en wijkniveau middels Wijk Uitvoering Plannen (WUP). Wij willen waar mogelijk regionaal samenwerken maar streven er vooral ook naar onze inwoners en bedrijven actief te blijven betrekken. Regionale Structuur Warmte (RSW) In de RSW staan de warmtebronnen met een bovenlokale potentie omschreven alsook waar en op welke wijze deze ingezet kunnen worden.
Om te voorkomen dat die warmtebronnen onbenut blijven of dat er juist knelpunten voor gebruik hiervan ontstaan kan bovengemeentelijke afstemming nodig zijn. De RSW vormt de basis en een handreiking om met andere gemeenten en partners het gesprek te voeren. Met een afwegingskader dat we samen hebben opgesteld. In de RSW wordt wederom eerst ingezet op het terugdringen van de warmtevraag. Regionale warmteopties die naar voren komen zijn o.a. (industriële) restwarmte, aquathermie, geothermie en zonthermie. Ook de inzet van duurzame gassen (groen gas, biogas en waterstof) komt actief aan bod. Voorzien is dat deze in ieder geval tot 2030 slechts met een gering volume beschikbaar zijn voor de gebouwde omgeving en dat hiervoor ook nationale strategische keuzes moeten worden gemaakt. De gezamenlijke gemeenten hebben afgesproken de RSW individueel vast te laten stellen. De RSW ’21 van Zeeland, is een verdieping op de RSW die onderdeel was van de Regionale Energie Strategie (RES) 1.0. Deze RES 1.0 is in 2020 vastgesteld door alle gemeenteraden, Provinciale Staten en het Waterschapsbestuur. De RSW ‘21 wordt uiteindelijk onderdeel van de RES 2.0, die uiterlijk in 2023 moet worden vastgesteld. Kanttekeningen Een mogelijk risico is dat de uitrol van de Wijk Uitvoeringsplannen stagneert als verder Rijksbijdrage uit zal blijven.
Het risico hierop wordt verkleind door de actieve lobby die hiervoor gevoerd wordt. Gezien de eerdere afspraken en de middelen die het kabinet in het regeerakkoord beschikbaar stelt lijkt de kans dat er geen middelen beschikbaar worden gesteld klein. Het huidige budget is toereikend voor een periode van 2 jaar.
Agendapunt Pagina 3
Financiën Wat kost het? In de decembercirculaire (2019) zijn vanuit het Rijk middelen beschikbaar gesteld voor de ontwikkeling van de Transitievisie warmte en de eerste Wijk Uitvoeringsplannen (WUP). Aanvullend hierop hebben wij voor de ontwikkeling van de Transitievisie een landelijke subsidie aangevraagd en toegekend gekregen. De Regionale Structuur Warmte is vanuit de RES bekostigd. Met de resterende middelen uit de decembercirculaire kunnen we een start maken met de uitvoering en doorvertaling van de Transitievisie. Hiervoor willen we een projectleider aantrekken voor circa 2 dagen per week voor een periode van 2 jaar. Tevens zal een deel van deze middelen nodig zijn voor uitvoering van onderzoeken en voor overige projectkosten. De middelen uit de decembercirculaire bedragen € 237.800,-. Dit willen we grofweg op de volgende manier besteden: -loonkosten tijdelijke inhuur: € 140.000,-diverse onderzoeken en studies: € 50.000,-Communicatie: € 25.000,-Onvoorzien, zoals bijvoorbeeld extra onderzoeken, enquêtes, projectondersteuning, etc: € 25.000,Tegelijkertijd weten we dat de beschikbare middelen ontoereikend zijn om de alle uitvoeringsplannen op wijkniveau te ontwikkelen en hier vervolgens uitvoering aan te geven. Zoals afgesproken zal het Rijk gemeenten tegemoet moeten komen bij de uitvoering van het Klimaatakkoord.
Het advies hieromtrent van de Raad van Openbaar Bestuur is hierin leidend. Vooralsnog heeft het kabinet nog geen uitsluitsel gegeven over de opvolging hiervan. Hoewel wij een begin kunnen maken met de uitvoering van de Transitievisie is met behulp van een brief duidelijk aan het Rijk gecommuniceerd dat wij onze gezamenlijke ambities niet kunnen realiseren zonder de benodigde Rijksbijdragen. Hoe worden de kosten gedekt? De middelen zijn reeds beschikbaar gesteld voor 2022 via de door uw raad vastgestelde budgetoverheveling. Zijn er grote gevolgen voor het weerstandvermogen? Dit voorstel heeft geen invloed op het weerstandsvermogen. Duurzaamheid De TVW en de RSW dragen bij aan het realiseren van de klimaatdoelstellingen. De uitvoering draagt bij aan de CO2 reductie in de gebouwde omgeving. Hiermee wordt gewerkt aan de transitie naar een zo goed als aardgasvrije gebouwde omgeving in 2050. Communicatie & Participatie Wie zijn de betrokken bij dit raadsbesluit? De Transitievisie Warmte kwam tot stand met inbreng van inwoners, bedrijven en gemeenteraad. Gedurende het proces is op verschillende manieren en momenten gecommuniceerd. De belangrijkste communicatiemomenten betreffen de enquête voor inwoners en raadsleden, de (digitale) raadsinformatiebijeenkomst van 10 juni 2021, de (digitale) inwonersbijeenkomst van 20 juli 2021 en de raadpleging via het platform Goes praat mee.
Na de vaststelling van de TVW informeren wij inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties middels een publieksvriendelijke samenvatting op www.goes.nl. Inwoners kunnen op de adressentool: Aardgasvrij wonen in Zeeland (arcgis.com) nagaan wat het transitiepad is voor hun woning. Tot slot bieden we de TVW en de RSW actief aan de VNG en het Rijk. Met een brief maken we kenbaar dat wij de ambitie hebben hier uitvoering aan te geven, maar dat dit enkel mogelijk is wanneer het Rijk daar de (financiële) middelen voor levert.
Agendapunt Pagina 4
Hoe wordt aan participatie uitvoering gegeven? In de uitvoeringsplannen op dorps- en wijkniveau spelen de uitkomsten van de inwonerraadpleging een rol. Passend bij het uitwerken van de transitiepaden kijken we per wijk en dorp welke communicatie- en participatie acties nodig zijn. Hierbij worden inwoners en andere stakeholders nauw betrokken. Uitvoering In 2022 zullen wij een start maken met de ontwikkeling van de plannen op dorps- en wijkniveau. Hiervoor wordt een projectleider aangetrokken. In de TVW worden ’s-Heer Hendrikskinderen en de Goese polder gezien als mogelijke startkansen. Wij willen hier dan ook starten met enerzijds een Wijkuitvoeringsplan in ‘s-Heer Hendrikskinderen en anderzijds met een studie naar de mogelijkheid voor een warmtenet in de Goese Polder. Wij zullen ons verder regionaal en lokaal inzetten op het bieden van handelingsperspectief. Dit doen we met behulp van gebiedsgerichte en doelgroepgerichte activiteiten. Variërend van het bieden van informatie over woningverduurzaming, tot het ontzorgen van woningeigenaren bij inkoop- en aanbestedingstrajecten. Daarbij zal het Bespaarhuis een grote rol spelen.
Hoogachtend, Burgemeester en Wethouders van Goes,
mr. H.E. Schild Secretaris
drs. M. Mulder MSc. Burgemeester