A2. verzoek college Goes Burgerkamer 041022
Tekst van het document
Sociaal & Groen idealen.visie.samen
secretariaat Ibisstraat 12
3815 TL
Amersfoort
website https://nieuwsociaalengroen.nl/
e-mail nieuwsociaalengroen@gmail.com
Aan het college van
bank
de gemeente Goes
NL56 TRIO 0320 4209 73
kenmerk datum per e-mail verzonden aan:
betreft
m.mulder@goes.nl h.schild@goes.nl
4 oktober 2022
: – verzoek voor (onderzoek naar) het instellen van een Burgerkamer; – verzoek om besluit (college-standpunt); - verzoek om overleg;
zeer geacht college, In onze samenleving staat democratische en bestuurlijke vernieuwing op de maatschappelijke agenda. Ook op die van de wetgever. Gemiddeld neemt rond de vijftig procent van uw gemeenteburgers nog de moeite om gebruik te maken van hun actieve kiesrecht. Geschikte wethouders en raadslieden vinden is een serieus probleem geworden (Aardema, “de vallende wethouder”). Het verloop is exorbitant. Onze democratie moet vernieuwen (“verkiezingen in een democratie: het moet niet gekker worden”/Boekscout). Het denk- en discussieplatform van Sociaal & Groen (WHD) heeft er lang en goed over nagedacht. In haar programma onder ‘democratische hervormingen’ is een voorstel “Burgerkamers” opgenomen, als antwoord op de behoefte van burgers en bestuur om aan meer democratisering en betrokkenheid met het openbaar bestuur te voldoen. Het voorstel biedt u een allesomvattend, eigentijds en innovatief model hoe u onder andere kunt voldoen aan de komende wettelijke verplichting (Wet versterking participatie op decentraal niveau) en het uitdaagrecht.
Ik zend u hierbij de link naar een verkorte en populaire versie van het voorstel zoals dat is opgenomen op de website van Sociaal & Groen: https://nieuwsociaalengroen.nl/burgerkamer-derde-kamer/ Waarom burgerparticipatie? Veranderde verhouding tussen overheid en samenleving De rol die de gemeente inneemt in de samenleving is de afgelopen jaren aan het veranderen. We hebben te maken met horizontalisering: de wens naar minder hiërarchie. Inwoners zijn kritischer en willen ervaringen, meningen en ideeën delen. Alles wat een (overheids-)organisatie doet is mede door de vergaande digitalisering snel zichtbaar en informatie is voor een groter publiek beschikbaar. Bovendien maken digitale ontwikkelingen het makkelijker voor inwoners om zelf het initiatief te nemen of zichzelf te organiseren. Zij verwachten hierbij een overheid die meedoet en niet meer alleen vertelt hoe het moet. Dit vraagt om een overheid die samenwerkt, faciliteert en sommige zaken steeds meer loslaat of deelt. Daarom is het belangrijk dat we onze overheden de juiste handvatten bieden om een participatieproces zorgvuldig vorm te geven.
Pagina 1 van 3
Bij het Rathenau Instituut, dat zich al ruim 30 jaar met onderzoek en debat over de impact van wetenschap, innovatie en technologie op de samenleving bezighoudt, is, op verzoek van het Europees Parlement, onderzoek gedaan naar de condities en impact dat (digitale) burgerparticipatie op de politiek heeft (Korthagen et al, 2017). In literatuuronderzoek zijn 400 publicaties meegenomen over (digitaliserings-)processen in de
democratie, haar effecten en de gedocumenteerde lessen over succes en falen. Een belangrijke conclusie uit de literatuur is dat initiatieven weliswaar vaak een maatschappelijke waarde hebben – bijvoorbeeld een gevoel van gemeenschap onder deelnemers – maar dat een concrete bijdrage aan beleid of politiek vaak mist. Dat kan leiden tot onvrede bij deelnemers, betrokken politici en beleidsmakers. In het onderzoek hebben zij 22 lokale, nationale en Europese initiatieven voor digitale participatieprocessen geanalyseerd en vergeleken. Op die manier meenden de onderzoekers condities te identificeren die zorgen dat de inbreng van burgers substantieel bijdraagt aan politiek of beleid, om zo onvrede – en daarmee vergroting van de kloof tussen burger en politiek – te voorkomen. De Burgerkamer is het enige model waarbij dat ‘gevaar’ onmogelijk is. De gemeenteraad is een in politieke partijen verdeeld gremium. De Burgerkamer daarentegen is apolitiek, een logische aanvulling. De gemiddelde burger denkt niet in partijpolitieke motieven. De gemeenteraad vertegenwoordigt in theorie de bevolking, maar door de opsplitsing in politieke partijen en de afkeer van de gevestigde orde vertegenwoordigt de raad niet meer dan ca. 2% van de bevolking. We kunnen dus stellen dat de burger – 98 % – zich kennelijk niet wenst te laten vertegenwoordigen door een politieke partij.
In sommige wijken van grote steden is slechts 20% op komen dagen bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen; een alarmerende situatie die u aangaat. Wij zijn tot de conclusie gekomen dat onderschatting daarvan een gevaar inhoudt voor de democratie. Terecht of niet, het wantrouwen jegens de overheid neemt alarmerende vormen aan. Aan dat gegeven blijken de laatste decennia gevaren te kleven voor een samenleving. De burger zal een maatschappelijke ‘uitlaatklep’ moeten hebben, de noden en voorstellen zullen gehoord moeten worden. Anno 21ste eeuw is een politiek gremium zoals we dat ongeveer 180 jaar geleden vorm hebben gegeven, niet meer voldoende, zijnde verre van een vertegenwoordigende afspiegeling. Overigens staan wij in die opvatting zeker niet alleen. Vele onderzoeken onderstrepen deze analyse maar ook de participatie-behoefte en ook wetenschappelijke bureaus van politieke partijen. Niet alleen burgers verlangen naar meer democratie. De aanvankelijke actiegroep Code Oranje is hier een goed voorbeeld van. Dit was een groep van enkele honderden burgemeesters, wethouders, ondernemers, raadsleden, wetenschappers en actieve burgers die zich zorgen maken over de staat van de huidige politieke democratie. Hun pleidooi is om burgers meer invloed en zeggenschap te geven en meer kennis en kunde uit de samenleving te betrekken bij politiek en bestuur.
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) zit op hetzelfde spoor. Zij stelden in 2016 een ontwikkelagenda Lokale Democratie 2017-2022 op, waarin een van de pijlers meer inspraak, zeggenschap en ruimte voor eigen initiatieven van burgers is. De VNG wil daarbij uitgaan van democratie op maat waarbij differentiatie tussen gemeentes nodig zijn om tot oplossingen te komen. Zij pleiten daarom voor meer experimenteerruimte. Het Burgerkamer-voorstel van Sociaal & Groen voldoet daaraan. Inwoners nemen steeds vaker zelf het initiatief in hun leefomgeving. Als deze trend zich voortzet is de verwachting dat de komende jaren –als onderdeel van participatie- er steeds meer sprake zal zijn van initiatieven uit de samenleving of initiatieven voor het overnemen van gemeentelijke taken: het uitdaagrecht. Het is verstandig vooraf gemeentelijk beleid daarop in te richten. De tot op heden bedachte modellen (inspraak, beraad, voorlichting, wijkraden en raadpleging bijvoorbeeld) voldoen niet (meer) aan de maatschappelijke wens van nu. Uit de gesprekken die wij met (grote) gemeenten voeren blijkt dat iedere gemeente zelf vorm en inhoud probeert te geven aan burgerparticipatie, met een grote verscheidenheid aan vormen als gevolg.
Naast een enorme verspilling van tijd levert deze inefficiënte ook nog meer frustratie bij de burger en ambtenaren op, omdat geen model (volledig) beantwoordt aan de verwachtingen en behoefte. Daarom denken wij dat een eensluidend allesomvattend innovatief en eigentijds model de voorkeur geniet.
Reacties van gemeenten: reacties van gemeenten op voorstel burgerkamer
Pagina 2 van 3
Ons initiatief Enige tijd geleden hebben wij alle colleges van alle grote gemeenten (> 100.000) aangeschreven en verzocht een Burgerkamer in te stellen of met ons een oriënterend gesprek aan te gaan. De veelzijdigheid in reacties heeft ons verbaasd. De meeste gemeenten reageerden enthousiast. Een enkele gemeente probeert zich aan de (morele) verplichting te onttrekken en verwijst ons naar de
bestuursrechter (zie bijlage). Een weinig coöperatieve weg die we noodgedwongen opvolgen. Helaas moeten burgerrechten soms worden afgedwongen. Inmiddels hebben we een groot aantal gesprekken met grote gemeenten gevoerd. Daarbij is ons een paar zaken opgevallen. Op een hoge uitzondering na is iedere gemeente bezig met burgerparticipatie. Er is geen coördinatie, iedere gemeente probeert eigen modellen en vormen te bedenken. Sociaal & Groen probeert (omliggende) gemeenten samen te laten werken en te laten leren van elkanders ervaringen en wensen. De wethouders/ambtenaren reageren zeer positief. De door ons bijgeleverde documentatie was onvoldoende voor de overzichtelijkheid van het totale voorstel. Na een gesprek met ons werden de bestuurders/ambtenaren enthousiast. Het Burgerkamer-plan van Sociaal & Groen lost immers een aantal 'problemen' op en biedt tevens perspectief voor het achterliggende maatschappelijke probleem. Groot voordeel is bovendien dat het een totaal-concept is: het vervangt alle andere vormen van inspraak, beraad (energietransitie), voorlichting en raadpleging. Maar het voldoet ook aan (de geest van) wettelijke eisen, zoals bijvoorbeeld de participatieverplichting in de Omgevingswet (art. 16,55 lid 7). De Burgerkamer biedt niet alleen voordelen voor de burger, maar zeker, misschien wel meer, voor de gemeente.
Dat dringt nu bij de gemeenten waarmee we gesprekken voeren door. Minder inmenging, minder rompslomp, minder 'discussies' met de burgers, minder inzet van het ambtenarenapparaat, minder procedures en dus minder kosten. Maar bovenal creëert het voorstel meer burgerlijke betrokkenheid. Het is onze overtuiging dat een goed participatiemodel bijdraagt tot hernieuwd electoraal draagvlak. Omdat we eerst ervaring wilden opdoen en tegelijkertijd met alle 345 gemeenten in gesprek gaan praktisch niet haalbaar was hebben we ons, zoals gesteld, eerst beperkt tot grote gemeenten. Het is ons inziens voor de beoogde draagvlak-verwerving van groot belang dat er een uniform helder concept komt voor burgerparticipatie. Dat betekent dat wij ook met u in gesprek willen. We proberen gemeenten samen te laten werken en te laten leren van elkanders ervaringen en fouten. Ook opvallend was dat de meeste gemeenten in de veronderstelling verkeerden al te voldoen aan zowel de maatschappelijke roep als de wettelijke verplichting. Al delibererende bleek dat in geen enkele gemeente het geval! We hebben geen enkel model aangetroffen dat in de buurt komt van de Burgerkamer. Nu gemeenten de waarde en voordelen van de Burgerkamer boven alle andere vormen beginnen te ontdekken ontstaat er behoefte alle andere gemeenten in het overleg en proces te betrekken, in een gezamenlijk overleg met omliggende gemeenten.
Dat is ook een stuk efficiënter. Sociaal & Groen probeert ambtelijke werkgroepen te vormen (waarin elkanders ervaring wordt uitgewisseld en implementatie door gedachtenuitwisseling aan kwaliteit toeneemt) waaraan uw gemeente kan deelnemen. Wij hebben deze eensluidende brief gestuurd naar omliggende gemeenten van de grote gemeente waarmee wij reeds gesprekken hebben gevoerd. Wij hopen dat u deze belangrijke kans niet voorbij laat gaan en deel wilt nemen aan ons gezamenlijk overleg. Dat staat u natuurlijk vrij. Overigens, dit is ook een verzoek om participatie; wij zijn ook burgers. Wij laten het aan u in welke samenstelling u wilt deelnemen en in welke volgorde. Sommige gemeenten willen eerst vooroverleg met een wethouder, andere gemeenten ‘beginnen’ ambtelijk. Wij nodigen u uit met ons in gesprek te komen en zullen u dan betrekken in een eerste oriënterend gesprek met andere gemeenten. Wij vernemen graag van u. Met vriendelijke groet, Sociaal & Groen Wim Lanfermeijer, voorzitter
bijlagen
___________pagina 3 van 3__________________________________________________________________ Kamer van Koophandel 84752327
wettelijk kader burgerparticipatie
1. Wetsvoorstel participatieverordening
In het licht van de veranderende rol van de overheid is eind 2019 een concept wetsvoorstel Versterking participatie op decentraal niveau gepubliceerd. Dit wetsvoorstel regelt dat de lokale overheid inwoners in staat stelt te participeren bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid. Het voorstel biedt ook kaders voor gemeenten wanneer zij de uitvoering van beleid uit handen willen geven aan inwoners: het zogenaamde ‘uitdaagrecht’ of ‘Right to challenge’. Dit is een specifieke vorm van participatie en biedt burgers de mogelijkheid om taken van de gemeente over te nemen als zij denken dat dit beter kan. Dit is feitelijk niet veel anders dan in de praktijk al gebeurt, maar dan voorzien van een nieuw wettelijk kader, dat gevolgen heeft voor een (lokale) overheid. 2. uitdaagrecht (‘Right to Challenge’) De Memorie van Toelichting wijziging Gemeentewet, de Provinciewet, de Waterschapswet en de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in verband met de participatieverordening en het uitdaagrecht van inwoners en maatschappelijke partijen (Wet versterking participatie op decentraal niveau), p 1-2 is te raadplegen via: https://www.internetconsultatie.nl/participatieverordening In maart 2021 liet minister Ollongren weten het wetsvoorstel in voorbereiding te hebben. 3.
Artikel 150 van de Gemeentewet In dat artikel staat dat de gemeenteraad een inspraakverordening moet vaststellen. Hierin staat hoe de gemeente betrokkenheid van belanghebbenden bij de voorbereiding van beleid regelt. Maar vandaag de dag is inspraak niet meer de enige manier waarop gemeenten belanghebbenden betrekken bij het maken van beleid en de uiteindelijke besluitvorming. Zij spelen steeds vaker een rol in de agendering, totstandkoming, uitvoering en beoordeling van beleid. Formele inspraak is slechts een van de vele vormen om te participeren. Het Rijk vindt daarom dat de huidige inspraakverordening niet meer aansluit bij de praktijk. Daarom stelt zij voor artikel 150 van de Gemeentewet te wijzigen zodat in de verordening, naast de betrokkenheid bij de voorbereiding van gemeentelijke beleid, ook de betrokkenheid bij de uitvoering en evaluatie van beleid staat beschreven. Gemeenten moeten duidelijk maken hoe zij met participatie in de verschillende fasen van het beleidsproces omgaan. Ook stelt de minister voor het uitdaagrecht/Right to Challenge op te nemen als onderdeel van de voorgestelde participatieverordening. De gemeenteraad kan op dat moment kaders en voorwaarden vaststellen waaronder inwoners taken van de gemeente kunnen uitvoeren.
Nu zetten we alleen nog in op het informeren van inwoners over de mogelijkheden van Right to Challenge en het voorbereiden van medewerkers op deze vorm van participatie. Om uiteindelijk – op basis van opgedane ervaringen – te komen tot een procedure en criteria voor deze manier van participeren. Dit vraagt in detoekomst dus nog om een verdere uitwerking. Inmiddels is de verwachting dat de wet Versterking Participatie gelijktijdig met de Omgevingswet in werking treedt en dan moet binnen een jaar een lokale participatie verordening worden vastgesteld. 4. Participatie onder de Omgevingswet Het belang van participatie komt ook naar voren in de positie die participatie krijgt in de Omgevingswet. Een van de uitgangspunten van de Omgevingswet is het vroegtijdig betrekken van belanghebbenden. De wet legt deze verantwoordelijkheid bij de initiatiefnemer. De wetgever verwacht echter wel dat de gemeente participatie bij initiatieven in de fysieke leefomgeving stimuleert. Daarbij is het van belang dat de gemeente in het geval van ruimtelijke ontwikkelingen initiatiefnemers handvatten biedt voor zorgvuldige participatieprocessen.
https://kennisopenbaarbestuur.nl/media/257588/kamerbrief-over-voortgang-versterking-en-vernieuwing-vande-lokale-democratie-2020.pdf