CConstaterende datGoes
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-023 Rapport Samen Leren Samen Leven - gemeente Goes

Besluitvormende raad 5 februari 2026, gemeente GoesBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen5.260 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rapport

Samen leren, samen leven Onderwijs en participatie van amv’ers in de gemeente Goes

December 2025, Utrecht

Inhoud Inleiding

3

Opzet toezichtonderzoek

4

Het toezichtonderzoek in de gemeente Goes Opvang en onderwijs voor amv’ers

5 6

Opvang

6

Onderwijs

6

Ervaring van amv’ers

7

Samenwerking

8

Ambitie

8

Belangen

9

Relatie

9

Organisatie

10

Proces

11

Conclusie en aanbevelingen

13

Conclusie

13

Aanbevelingen

14

Afsluiting

15

Pagina 2 van 16

Inleiding Ieder kind heeft recht op onderwijs. Kinderen die nieuw zijn in Nederland hebben hierbij dezelfde rechten en plichten als Nederlandse kinderen, ongeacht hun verblijfsstatus. Naar school gaan biedt kinderen kansen en bereidt hen voor op hun toekomst, of die nu in Nederland ligt of in een ander land. Nieuwkomers behoren zo snel mogelijk onderwijs te krijgen, in ieder geval binnen drie maanden na aankomst in Nederland. Vanaf 12 juni 2026 moet dit zelfs binnen twee maanden, volgens vanaf dan geldend nieuw Europees asielbeleid. Binnen de nieuwkomers vormen de alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv’ers) een bijzondere groep. Zij bevinden zich in een kwetsbare positie. Amv’ers zijn minderjarige jongeren uit landen buiten de Europese Unie die zonder ouders of voogd naar Nederland zijn gekomen en bij aankomst in Nederland jonger dan 18 jaar waren. Volgens cijfers van het CBS kwamen er in 2024 3.935 amv’ers naar Nederland. Op landelijk niveau kent het onderwijs aan amv’ers meerdere uitdagingen. Veel amv’ers komen door oorlogen, vluchten en onveilige situaties met een onderwijsachterstand naar Nederland. Ze moeten vaak verhuizen, wat de voortgang in hun ontwikkeling verstoort. Ook is het verzuim hoog en lukt de overstap naar het reguliere onderwijs vaak niet goed. Veel amv’ers behalen daardoor geen startkwalificatie.

Het is daarom voor hen moeilijker om mee te doen in de samenleving en een goede toekomst op te bouwen. Om deze uitdagingen aan te pakken, werken gemeenten samen met onder andere COA, Nidos, schoolbesturen en lokale partners. Gemeenten vormen hierbij de lokale spil bij het waarborgen van onderwijs voor amv’ers. Zij moeten ervoor zorgen dat de amv’ers naar school kunnen en de leerplicht wordt nageleefd. Voor mensen met problemen op meerdere leefgebieden is het nodig dat organisaties samenwerken. Toezicht Sociaal Domein (TSD) stimuleert deze samenwerking en in ons toezicht kijken we hier dan ook naar. In dit toezichtonderzoek hebben we in drie gemeenten gekeken naar de samenwerking tussen betrokken partners die zich richten op de schoolgang en participatie van amv’ers. Dit is het rapport over de gemeente Goes. We bedanken iedereen van de gemeente Goes en alle betrokken organisaties die hebben meegeholpen aan dit toezichtonderzoek. Speciale dank gaat uit naar de amv’ers die zich hebben opengesteld om met ons in gesprek te gaan en hun ervaringen te delen.

Pagina 3 van 16

Opzet toezichtonderzoek Toezicht Sociaal Domein (TSD) heeft de zorg en ondersteuning ten behoeve van de schoolgang en participatie van amv’ers onderzocht in drie gemeenten: Goes, Amersfoort en Smallingerland. We hebben gekeken hoe (lokaal) betrokken organisaties binnen die gemeenten samenwerken om onderwijs te organiseren en participatie te stimuleren. We hebben ons daarbij gericht op jongeren die als amv’er naar Nederland zijn gekomen en in verschillende residentiële woonvormen verblijven. Het toezichtonderzoek vanuit TSD heeft een agenderend en stimulerend karakter. Voordat TSD de drie gemeenten selecteerde en tot de uitvoering van het toezichtonderzoek overging, heeft er een oriëntatie op het onderwerp ‘nieuwkomers in het onderwijs’ plaatsgevonden. We spraken met meerdere partijen. Ons doel was tot een afgebakende doelgroep te komen en een gerichte onderzoeksvraag op te stellen. We spraken in deze fase met: betrokken inspecties, LOWAN, de werkgroep Kind in AZC, het COA, Nidos, SAMAH, de gemeente Breda, één OCW-regiocoördinator en Ingrado. Ook brachten we een bezoek aan de Internationale schakelklas (ISK) in Breda. De gemeenten Goes, Amersfoort en Smallingerland zijn gekozen op basis van verschillende criteria. Zo moest er opvang zijn voor amv’ers en een school voor deze jongeren binnen de gemeente.

Deze school mocht, vanwege de toezichtlast, niet onder verscherpt toezicht staan vanuit de Inspectie van het Onderwijs. Ook hebben we drie gemeenten gekozen waar TSD niet gelijktijdig of recent een ander onderzoek heeft uitgevoerd. Tot slot hebben we gekeken naar een goede spreiding over het land en gemeenten gekozen met verschillende omvang van inwoneraantallen. De onderzoeksvraag die centraal staat in het toezichtonderzoek van TSD is: In hoeverre slagen de geselecteerde gemeenten erin om samen met (lokaal) betrokken organisaties tijdig en passend onderwijs te faciliteren ten behoeve van de participatie van jongeren die als alleenstaande minderjarige vreemdeling (amv) naar Nederland zijn gekomen, in residentiële woonvormen verblijven en recht op onderwijs hebben? Om een antwoord te kunnen geven op de onderzoeksvraag hebben we gekeken of amv’ers, in de drie onderzochte gemeenten, binnen drie maanden geplaatst konden worden, op een passende onderwijsplek: een tijdelijke nieuwkomersvoorziening (TNV) of een ISK. En we onderzochten of de betrokken partners effectief samenwerken om de schoolgang en participatie van amv’ers te realiseren en/of te verbeteren. Om die samenwerking te onderzoeken hebben we als uitgangspunt het gesprekskader ‘Toezicht op zorgnetwerken’ van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd genomen.

Dit gesprekskader bestaat uit vijf thema’s: ambitie, belangen, relatie, organisatie en proces, met bijbehorende indicatoren die bijdragen aan een succesvolle samenwerking.1 Aan het toezichtkader hebben we specifieke vragen over het perspectief van amv’ers toegevoegd. Naast de gesprekken met de professionals, heeft er in elke gemeente een groepsgesprek plaatsgevonden met amv’ers. Deze gesprekken vonden plaats op hun school.

1

Gebaseerd op het boek Leren samenwerken tussen organisaties, Edwin Kaats en Wilfrid Opheij, 2012.

Pagina 4 van 16

Het toezichtonderzoek in de gemeente Goes We hebben voor het toezichtonderzoek in de gemeente Goes twaalf gesprekken gevoerd met de volgende partners: Gemeente Goes, COA, Nidos, TNV Goes, regio-coördinatoren van OCW, A&M Zorg, RBL (Regionaal Bureau Leerplicht), Scalda (MBO), GR De Bevelanden, Centrum Jeugd en Gezin en een voormalig wijkagent (tot vorig jaar in functie). Ook spraken we vijf amv’ers die onderwijs volgen op TNV Goes. Verder hebben we voor het toezichtonderzoek in gemeente Goes onder andere regionale en lokale documenten bestudeerd, zoals een rapport dat een externe organisatie heeft opgesteld in opdracht van gemeente Goes over nieuwkomers en doelgroepbepaling, het visiedocument Onderwijs aan nieuwkomers in Zeeland dat is opgesteld door de onderwijspartners in Zeeland en die verenigd zijn in CPOZ, de schoolgids en het schoolplan van TNV Goes. Reflectiebijeenkomst Op 7 oktober 2025 vond een reflectiebijeenkomst plaats voor alle gesproken partners in het stadskantoor van Goes. Ook de verantwoordelijk wethouders waren hierbij aanwezig. Daarnaast waren er drie amv’ers, zij gaven een presentatie over hun leven en ervaringen. Tijdens de bijeenkomst zijn de bevindingen van het toezichtonderzoek in de gemeente Goes gepresenteerd en besproken. Samen met een afvaardiging van bijna alle betrokken organisaties in Goes is gekeken naar mogelijkheden tot verbetering.

Belangrijke vragen waren: zijn de bevindingen herkenbaar? Wat willen jullie blijven vasthouden? Wat zouden jullie willen aanpakken en heeft volgens jullie nu prioriteit? Voorafgaand aan deze reflectiebijeenkomst hadden alle betrokken organisaties een samenvatting van de bevindingen ontvangen.

Pagina 5 van 16

Opvang en onderwijs voor amv’ers Opvang Asielzoekers worden in Goes, sinds december 2023, opgevangen in het voormalige Van der Valk Hotel: een procesopvanglocatie (POA) net buiten het centrum van Goes. Er is plaats voor maximaal 450 asielzoekers. Voor die tijd werden asielzoekers vanaf september 2021 tijdelijk opgevangen in de Zeelandhallen in Goes (ongeveer 320 plekken). Gemeente Goes vangt sinds de opvang in het oude Van der Valk Hotel ook amv’ers op, eerder niet. De 80 amv’ers, met 24-uursbegeleiding vanuit COA, zitten in een aparte vleugel van het gebouw. Sommigen weten al dat ze in Nederland mogen blijven, maar wachten op een andere woonplek. Verder wonen er: asielzoekers (alleenreizende mannen, gezinnen en kinderen) en andere statushouders die wachten op een woning in Zeeland. Ongeveer 24 amv’ers in Goes hebben een verblijfsstatus gekregen en wonen niet in het oude hotel. Deze groep amv’ers woont, met 24-uursbegeleiding van A&M Zorg, in een groepswoning op het terrein van Emergis (een brede maatschappelijke organisatie voor mentale gezondheid en welzijn in Goes). En in een huurwoning in het centrum van Goes via Beveland Wonen, waar ze ook begeleiding krijgen vanuit A&M Zorg, maar geen 24uursbegeleiding.

Onderwijs Op 6 mei 2024 is TNV Goes geopend. Hierbij is gebruik gemaakt van de wet tijdelijke nieuwkomersvoorzieningen. TNV Goes is een tweede locatie van het al langer bestaande ISK in Middelburg en is gehuisvest in een voormalig schoolgebouw, dicht bij het CS Goes. Zowel TNV Goes als ISK Walcheren vallen onder de besturen Mondia Scholengroep en de Christelijke Scholengemeenschap Walcheren. Wat is een tijdelijke nieuwkomersvoorziening (TNV)? Het wetsvoorstel tijdelijke nieuwkomersvoorzieningen in het onderwijs is op 11 oktober 2023 in werking getreden. Hierdoor hebben gemeenten en scholen meer mogelijkheden om in een noodsituatie tijdelijke nieuwkomersvoorzieningen in te richten. Schoolbesturen hebben ruimte om in een TNV af te wijken van bestaande regels voor het onderwijspersoneel, de onderwijsinhoud en de onderwijstijd. Hierdoor kunnen nieuwkomers sneller naar school. TNV Goes biedt onderwijs aan amv’ers tot 18 jaar. De school heeft een regiofunctie, wat inhoudt dat er ook leerlingen van buiten Goes komen. In totaal zitten er nu ongeveer 130 leerlingen op TNV Goes. Alle leerlingen volgen een zogenaamd ‘vierkant rooster’ en hebben alle dagen les tussen 9.00 uur en 14.00 uur. Wanneer de amv’ers 18 worden, kunnen ze uitstromen naar MBO (entree) bij Scalda in Goes.

Voor amv’ers, die de taal nog niet goed genoeg spreken voor de overgang naar het mbo, of om andere redenen erg ‘kwetsbaar’ zijn, draait er sinds september 2025 een pilot in de vorm van een ‘coachklas’ op Scalda.

Pagina 6 van 16

Ervaring van amv’ers Om een goed beeld te krijgen van onderwijs en participatie onder amv’ers, is het belangrijk om hun eigen perspectief te belichten. We spraken daarom met vijf leerlingen van de TNV Goes. De jongeren zijn enthousiast over school. Ze vinden de lessen goed en zijn blij met de activiteiten die school daarnaast organiseert. Eén van de leerlingen geeft aan dat ze op school lesgeven ‘vanuit hun hart’. Wel zijn er omstandigheden die het leren moeilijker maken. Slapen is vaak lastig, dit komt onder andere doordat de lichten tot laat aan staan op hun opvanglocatie of omdat ze denken aan alles wat ze hebben meegemaakt. De leerlingen die we spraken zijn allemaal meerdere keren verhuisd. Dit vinden ze moeilijk, omdat ze telkens opnieuw mensen moeten leren kennen. ‘Voor het doorlopend onderwijsproces is het vele verhuizen dodelijk.’– Professional in Goes Naast de verhuizingen en het steeds opnieuw beginnen, ervaren de jongeren het wachten tijdens hun asielprocedure als zwaar. Ze hebben het idee dat ze ‘stil’ staan, dit maakt ze somber en geeft stress. Sommige ouders hadden van hen verwacht dat ze hier zouden werken in plaats van naar school te gaan. De jongeren ervaren daardoor druk en proberen een balans te vinden tussen deze verwachtingen en hun eigen schoolleven. Eén van de gesproken leerlingen is een periode niet naar school gegaan.

School heeft in die periode contact met hem gehouden en uiteindelijk is er weer een weg terug naar school gevonden. Binnenkort gaat hij naar de coachklas op Scalda, waar hij extra begeleiding en ondersteuning krijgt. ‘School doet meer dan alleen leren, ze luisteren naar ons en ze helpen ook met andere dingen.’– Leerling TNV Goes Elke jongere heeft wel een professional die hij vertrouwt en op wie hij terug kan vallen (een mentor van school, de COA-mentor of de voogd van Nidos). Ze vinden het ook goed dat de professionals onderling contact met elkaar hebben. Er zijn verschillende manieren waarop de jongeren meedoen in de samenleving. Sommige van de leerlingen die we spraken, werken of lopen stage. Ze ervaren dit als positief, omdat ze op die manier de taal leren in de praktijk. Ook kijken ze uit naar onderwijs volgen op Scalda. Daar zitten ze samen met Nederlandse leerlingen op school, wat positief is voor de taalontwikkeling. Over het voetbalteam waarmee ze trainen en meedoen in lokale competitie zijn ze erg enthousiast. Dit voetbalteam is wel alleen voor jongeren die in Goes wonen. Jongeren die in Middelburg en Vlissingen wonen, maar onderwijs volgen op TNV Goes, vinden het jammer dat ze niet mee kunnen doen in het voetbalteam. De jongeren ervaren verschil in afspraken en beleid tussen de gemeenten.

‘De school is een superfijne plek voor de jongeren, ze gaan daar over het algemeen graag naartoe. Maar daarnaast gun je ze dat ze wat vaker van de POAlocatie kunnen gaan. Dat ze ergens anders welkom zijn, dat ze ergens bij mogen horen, dat ze ergens onderdeel van zijn. Vooral in de vakanties is hier echt behoefte aan.’ – Professional in Goes

Pagina 7 van 16

Samenwerking De afgelopen twee jaar hebben de partners in de gemeente Goes intensief samengewerkt aan de opvang, begeleiding en scholing van amv’ers. In redelijk korte tijd is een basis gelegd, onder andere met de oprichting van TNV Goes. Deze samenwerking heeft veel opgeleverd, maar er liggen ook kansen en verbeterpunten. In dit hoofdstuk bespreken we de vijf thema’s binnen samenwerking: ambitie, belangen, relatie, organisatie en proces. Zowel de sterke punten als de knelpunten komen aan bod, met als doel om inzicht te geven in waar de samenwerking nu staat en wat nodig is om te groeien naar een duurzame, toekomstbestendige structuur voor de opvang en het onderwijs van amv’ers in gemeente Goes. Per thema geven we eerst een korte toelichting van het thema zelf en met welke insteek de gesprekken zijn gevoerd. Daarnaast zijn per thema enkele kansen/verbeterpunten toegevoegd, die door de partners zelf zijn ingebracht tijdens de reflectiebijeenkomst.

Ambitie Wat bedoelen we met ambitie? Organisaties herkennen zich in de gezamenlijke ambitie en dragen deze verder uit binnen hun eigen organisatie. De gezamenlijke ambitie is vertaald in een heldere doelstelling. Er is sprake van een gedeelde ambitie als het gaat om amv’ers in de gemeente Goes, al is die nog niet expliciet uitgesproken en gezamenlijk vastgesteld. De onderwijspartners hebben een visiedocument Nieuwkomers opgesteld. Dit document is een mooi begin voor samenwerking binnen het onderwijs en eenduidig werken, maar moet nog verder uitgewerkt worden en is niet bij alle partners bekend. In de dagelijkse praktijk werkt de gedeelde ambitie wél ondersteunend: de afgelopen twee jaar is dat duidelijk geworden bij het redelijk snel opzetten van onderwijs voor de amv’ers in de vorm van TNV Goes. Tegelijkertijd blijft de gedeelde ambitie nog te impliciet en niet eenduidig vastgesteld. Daardoor richten partners zich in de praktijk te vaak vooral op hun eigen opdracht en werken ze ook langs elkaar heen. Daarnaast verschillen de visies op bepaalde onderwerpen, bijvoorbeeld op schoolverzuim. Op het gebied van schoolverzuim is er op dit moment geen eenduidigheid over een passende aanpak: zo zijn er partners die voorstander zijn van een zogenoemde ‘harde’ aanpak, terwijl andere partners de ‘zachte’ aanpak passender vinden.

Dit zorgt in de praktijk voor zowel de professionals als de amv’ers voor onduidelijkheid. Daarnaast zorgt het voor onbegrip tussen partners wat de samenwerking in de weg kan staan en de schoolgang en participatie van de amv’ers niet ten goede komt. Wat gaven de partners aan tijdens de reflectiebijeenkomst: ›

›

De intenties van de partners zijn goed, alleen liggen de visies (bijvoorbeeld op de aanpak van verzuim) niet altijd op één lijn. Verder ontbreekt het aan een expliciete, gezamenlijke ambitie, die meer richting kan geven (bijvoorbeeld wanneer er concessies gedaan moeten worden of knopen doorgehakt). Er is meer éénduidigheid gewenst vanuit de verschillende gemeenten (rondom regelgeving en afspraken). Bijvoorbeeld een visie op Bevelands niveau of Zeeuws

Pagina 8 van 16

breed. Nu is het bijvoorbeeld lastig voor de school om ‘hetzelfde’ te zijn voor elke leerling door die verschillen in afspraken tussen gemeenten.

Belangen Wat bedoelen we met belangen? Organisaties zijn op de hoogte van elkaars belangen, respecteren die en zoeken daarin naar de gemeenschappelijke deler. Alle partners delen het belang van een goede schoolgang voor de amv’ers en zetten zich daar actief voor in. De TNV Goes vervult een belangrijke rol als ankerpunt voor de jongeren die naar school gaan. Dat wordt door zowel de partners als de amv’ers zelf benoemd. Er is bovendien een eerste stap gezet om tegengestelde belangen, bijvoorbeeld rondom verzuim, met elkaar te bespreken. Dit gebeurde in een bijeenkomst in mei 2025. Toch liggen die belangen rondom verzuim nog niet altijd op één lijn, vooral op het gebied van welzijn en begeleiding (zie ook uitleg bij thema ambitie). Er is behoefte aan cultuursensitieve zorg en ondersteuning voor deze doelgroep. Het huidige (zorg)aanbod in Goes, maar eigenlijk in de hele provincie Zeeland, sluit daar nu onvoldoende op aan. Het is niet ingekocht, maar ook nauwelijks aanwezig in Zeeland. Wanneer je cultuursensitieve zorg wilt aanbieden, brengt dit financiële implicaties met zich mee. In de praktijk betekent dit dat de amv’ers die diepgaandere zorg nodig hebben, dit alleen buiten Zeeland kunnen krijgen. Belangen van samenwerkende partners liggen dus niet altijd op één lijn en het ontbreekt hierbij aan een heldere regie of aansturing.

Hierdoor is ook prioritering niet helder: wat krijgt nu voorrang in het belang van de amv’er? Hier zijn nog geen duidelijke afspraken over gemaakt (zie ook thema organisatie). Wat gaven de partners aan tijdens de reflectiebijeenkomst: › ›

Verwachtingen kunnen we meer naar elkaar uitspreken: waarom zijn de dingen zoals ze zijn? Dit zorgt voor meer onderling begrip en is waardevol voor het verdere gesprek. We moeten investeren in een meer gezamenlijke visie op schoolverzuim. Dit vraagt zelfs intern, in de eigen organisaties, ook nog aandacht.

Relatie Wat bedoelen we met relatie? Organisaties hebben vertrouwen in elkaars deskundigheid en werkwijze. Ze geven elkaar feedback en zijn bereid van elkaar te leren. Vanuit de inwoners van Goes zijn in 2023 weinig bijzonderheden of reacties gekomen op de komst van de amv’ers in de gemeente, waardoor de partners zich direct op de opdracht, inhoud en de onderlinge samenwerking konden richten. De onderlinge relaties tussen partners zijn de afgelopen periode verbeterd, mede door de komst van TNV Goes en alles wat daarbij kwam kijken. Het heeft de samenwerking écht versneld en versterkt: in noodsituaties weten partners in gemeente Goes elkaar goed te vinden. Ook het onderlinge vertrouwen is gegroeid en de aanspreekcultuur is verbeterd. Toch blijft het contact binnen die samenwerking (te) vaak reactief geïnitieerd in plaats van preventief. En door het ontbreken van een expliciete gezamenlijke ambitie en specifieke ervaring met en expertise van de doelgroep is er soms nog onvoldoende vertrouwen in elkaars deskundigheid. Partners geven aan dat ze hierdoor om anderen heen willen werken om sneller te kunnen handelen en stappen te kunnen zetten.

Pagina 9 van 16

Daarnaast helpt de huidige overlegstructuur niet altijd mee. Zo worden niet alle relevante partijen bij elk overleg betrokken, wat de relatie niet ten goede komt of verder versterkt. Ook personeelswisselingen maken de onderlinge samenwerking kwetsbaar, zeker wanneer overdrachten niet zorgvuldig of ‘warm’ gebeuren. Naast dat het voor de onderlinge samenwerking tussen organisaties niet bevorderend is, zorgt het ook voor onduidelijkheid en verschil in aanpak voor de amv’ers zelf. Wat gaven de partners aan tijdens de reflectiebijeenkomst: › We missen te vaak specifieke kennis over deze doelgroep. Maar ook over de jongeren zelf: over het hoe en wat in het proces en een statusaanvraag. Dit gebrek aan kennis heeft invloed op de onderlinge relatie tussen partners. › Niet iedereen hoeft altijd betrokken te zijn bij elk overleg of besluit, maar de belangrijke mensen moeten elkaar wel weten te vinden.

Organisatie Wat bedoelen we met organisatie? Organisaties hebben gezamenlijke afspraken gemaakt over de organisatiestructuur binnen de samenwerking en komen deze na. Daarnaast hebben ze gezamenlijke afspraken gemaakt over de governance (leiderschap, financiën, verantwoording en toezicht) van de samenwerking en komen deze na. Op organisatorisch vlak is er veel opgebouwd in de gemeente Goes. Er zijn diverse overlegstructuren op zowel gemeentelijk als provinciaal niveau. Bestaande projectstructuren, zoals de projectstructuur opvang Oekraïners, konden snel worden ingezet bij de komst van amv’ers en de opzet van TNV Goes. Tegelijkertijd sluiten de huidige overlegvormen niet altijd meer goed aan bij wat nu nodig is. Gemeente en Nidos hebben recent afspraken over het 17,5-jaargesprek met de amv’er vastgelegd in een convenant. Tijdens de reflectiebijeenkomst werd duidelijk dat dit convenant nog niet bij veel partners bekend is. Op de POA-locatie Goes (Van der Valk) werken COA en Nidos fysiek dichtbij elkaar en er is hierdoor regelmatig constructief contact. Dit ervaren beide partners als prettig. De regie en aansturing binnen de samenwerking zijn onduidelijk, en taken en verantwoordelijkheden binnen de samenwerking zijn ook niet voor iedereen altijd even helder. In sommige gevallen is de uitvoering te persoonsafhankelijk.

Ook is er nog te weinig sprake van een lerende cultuur, waarin successen en knelpunten binnen de samenwerking structureel worden geëvalueerd. Tot slot verschillen afspraken en beleid tussen gemeenten. Hierdoor is het bijvoorbeeld lastig voor TNV Goes, die een regiofunctie heeft en dus ook leerlingen opvangt van buiten Goes, om hetzelfde te zijn voor alle leerlingen. De verschillen tussen gemeenten bemoeilijkt de samenwerking en leidt bij de amv’ers op school tot onbegrip, bijvoorbeeld op het gebied van huisvesting, vervoer of ondersteuning. Wat gaven de partners aan tijdens de reflectiebijeenkomst: › Informatie over nieuwe afspraken met betrekking tot de amv’ers (bijvoorbeeld het Convenant 17,5 jaar en de opzet van een coachklas) moet beter gedeeld worden. › Hoe krijgen we nog beter zicht op de uitvallers binnen het onderwijs? Vraagt dit om specifiek beleid? Welke mogelijkheden zijn er voor deze groep, ook qua dagbesteding? › Er is meer regie, aansturing en betrokkenheid nodig op procesniveau. › Vaste contactpersonen zijn belangrijk voor de samenwerking, nu vaak roulerend.

Pagina 10 van 16

›

Er is meer aandacht nodig voor de overgang van TNV naar ISK in de overleggen.

Proces Wat bedoelen we met proces? Organisaties betrekken de professionals en de doelgroep bij de manier waarop de samenwerking verloopt. Ook dragen ze er zorg voor (of faciliteren ze) dat hun medewerkers kunnen samenwerken. Verder evalueren ze periodiek het samenwerkingsproces en stellen dit waar nodig bij. Het proces zelf laat positieve ontwikkelingen zien. Partners tonen bereidheid om kritisch naar zichzelf en elkaar te kijken en nemen actie wanneer dat nodig is. Er is aandacht voor incidenten met amv’ers. Deze monitoren de betrokken partners om te kijken wat hierin nodig is, zoals het voorkomen ervan, het goed opvolging geven en de begeleiding regelen die nodig is. De bestaande korte lijntjes binnen deze procesafspraak zijn daarin ondersteunend en bevorderend binnen de samenwerking. Uit het onderzoek, uitgevoerd door een externe organisatie in opdracht van de gemeente, bleek dat het beleid op het gebied van nieuwkomers en asiel te versnipperd is binnen gemeente Goes. En bij de komst van de amv’ers in 2023 was er veel onduidelijkheid over wet- en regelgeving, mede doordat de doelgroep nieuw is voor de gemeente. Hierin zijn al verbeteringen door gevoerd, maar het vraagt de komende periode zeker nog gerichte aandacht en verbetering. Door stagnatie in de door- en uitstroom van amv’ers komen bestaande afspraken onder druk te staan.

Door gebrek aan doorstroming, wanneer jongeren 18 worden, blijven ze nu langer op de kleinschalige woonvormen. Amv’ers die een status krijgen, moeten hierdoor weer langer wachten om door te stromen naar die kleinschaligere woonvormen en blijven langer op de POA-locatie in Goes. De overgang van amv’ers van 17 naar 18 jaar is kwetsbaar, aangezien de voogdij van Nidos dan stopt, net als de begeleiding vanuit de opvang voor minderjarigen. De jongere wordt wettelijk meerderjarig en moet in principe zelfstandig verder met zaken als huisvesting, inkomen en opleiding. Partners in Goes hebben dit ook benoemd in de gesprekken en aangegeven dat dit extra aandacht vraagt. Verlengde opvang De overgang naar volledig zelfstandig leven bij het bereiken van de leeftijd van 18 jaar is voor amv’ers niet altijd een eenvoudige opgave. Daarom heeft de Rijksoverheid het mogelijk gemaakt dat amv’ers die 18 jaar worden, een verblijfsvergunning hebben en dat willen, vanaf 1 januari 2023, tot maximaal 21 jaar in hun opvanggezin of de kleinschalige opvang kunnen blijven wonen en worden begeleid in de vorm van verlengde opvang. Dit moet aangevraagd worden bij de gemeente. De Rijksoverheid financiert deze verlengde opvang. Dit is een mogelijkheid voor jongeren die extra ondersteuningsbehoefte hebben. Het gebrek aan huisvesting is geen geldige reden voor verlengde opvang.

Niet alle partners zijn vanaf het begin aangehaakt bij de overlegstructuur en het knopen doorhakken over opvang en onderwijs van de amv’ers. Dit vraagt dus aandacht. De huidige overleg- en organisatiestructuur heeft tot nu redelijk gewerkt, maar is nog niet

Pagina 11 van 16

voldoende toegerust om de volgende stap te zetten richting een blijvende, goed georganiseerde, duurzame onderwijsvoorziening in de vorm van een ISK. Wat gaven de partners aan tijdens de reflectiebijeenkomst: › Het blijft belangrijk om te investeren in het ‘kennen’ van elkaar. Verder zijn niet alle partners goed aangehaakt in de overlegstructuur en wordt het delen van belangrijke (nieuwe) infomatie gemist. › Op bepaalde plekken zie je veel intensieve samenwerking en een concentratie van overleggen/verantwoordelijkheid, dat is niet voor elke partner zo. Meer structuur en duidelijkheid is nodig in wat noodzakelijk is om iedereen goed aan te (blijven) haken.

Pagina 12 van 16

Conclusie en aanbevelingen Conclusie De start van TNV Goes (2023) en het realiseren van onderwijs was moeilijk. Bij de komst van de allereerste amv’ers in Goes (december 2023) lukte het gemeente Goes en de partners niet om direct onderwijs voor deze groep amv’ers te realiseren. Op het ISK Middelburg bleek geen ruimte te zijn voor deze doelgroep, waardoor in Goes een nieuwe school (TNV Goes) opgestart werd. Er was naast gebrek aan huisvesting ook onduidelijkheid over de bekostiging. Gemeente Goes heeft lang moeten wachten op een beschikking vanuit het ministerie (OCW) voor het opstarten van TNV Goes. Dit zorgde voor extra vertraging. De eerste groep amv’ers in Goes had niet binnen drie maanden toegang tot onderwijs. Pas in mei 2024 konden amv’ers naar TNV Goes voor het volgen van onderwijs. In die beginperiode was het voor veel partners behoorlijk ‘zoeken’ binnen de eigen organisatie, maar ook in de onderlinge samenwerking tussen partners binnen gemeente Goes. Er bleek in de praktijk nog veel onwetendheid over bijvoorbeeld de zorg- en ondersteuning ten behoeve van de schoolloopbaan en participatie voor amv’ers. Het was voor veel partners een nieuwe doelgroep en de specifieke kennis daarover ontbrak of was niet toereikend. Niet alle partners zijn vanaf het allereerste moment betrokken geweest bij de facilitering en participatie van onderwijs en de bijbehorende overleggen.

Achteraf bleek het wel wenselijk om partners eerder te betrekken, zeker gezien de samenwerking die noodzakelijk bleek. Noemenswaardig is wel het feit dat partners in die allereerste periode elkaar, daar waar nodig, redelijk snel wisten te vinden en het gezamenlijk belang (zo snel mogelijk onderwijs faciliteren) boven het eigen organisatiebelang wisten te zetten. Hierdoor is er toch in een redelijk korte periode een volwaardige school voor amv’ers gerealiseerd in Goes. Situatie nu (2025): TNV Goes draait als een volwaardig ISK. Gemeente Goes slaagt er samen met (lokaal) betrokken partners in om op tijd onderwijs te faciliteren voor de amv’ers. Een redelijk grote groep amv’ers, die gehuisvest is in Goes, gaat naar TNV Goes en ontvangt daar onderwijs. In de praktijk zijn alle partners gedreven, zien zij het belang in van een goede schoolgang van de amv’ers en zetten zij zich hiervoor in. Maar de focus ligt nog (te) veel op de eigen opdracht. Hierdoor werken partners soms langs elkaar heen en om elkaar heen. Het expliciet maken en vastleggen van de gezamenlijke visie en ambitie zou hierbij kunnen ondersteunen en de onderlinge samenwerking kunnen versterken. Nog geen dekkend zorgnetwerk voor amv’ers binnen Zeeland.

Als een leerling van TNV Goes meer nodig heeft op het gebied van zorg (psychisch/lichamelijk) is inmiddels duidelijk welke partners dan een rol en taak hebben vanuit hun verantwoordelijkheid. Cultuursensitieve zorg blijft echter een aandachtspunt. In de zorg en ondersteuning voor amv’ers is hier een verbeterslag te slaan. Wanneer er zwaardere psychische ondersteuning nodig is, moeten amv’ers buiten de grenzen van de provincie Zeeland, aangezien die expertise voor deze doelgroep er nu niet is en mogelijk ook niet snel gaat komen. Er is op dit moment dan ook geen dekkend zorgnetwerk voor deze doelgroep aanwezig binnen Zeeland. Dit komt de schoolgang en participatie niet ten goede en kan dus beter.

Pagina 13 van 16

Verbetering zit vooral op het thema ‘organisatie’. Als we kijken naar de bevindingen op thema-niveau, concluderen we dat er op alle thema’s nog knelpunten liggen, maar dat er ook veel goed gaat in de samenwerking. De komst van de TNV Goes heeft de onderlinge samenwerking en relaties in een versnelling gebracht. Tijdens de reflectiebijeenkomst spraken de aanwezige partners uit dat ze best trots zijn op hoe het nu in Goes is geregeld en georganiseerd voor de amv’ers. Tegelijkertijd zien alle partners dat er op alle thema’s verbetering mogelijk is en zijn ze bereid om kritisch naar de eigen rol, taak en verantwoordelijkheid te kijken. De huidige aanspreekcultuur noemen de partners zelfs goed. Dit zien ze als een goede basis om met elkaar in gesprek te gaan over de knelpunten. Dit vanuit het gezamenlijk belang: een goede participatie en schoolgang van de amv’ers. Meer duidelijkheid over taken, rollen en verantwoordelijkheden is daarbij gewenst. Net als duidelijkheid over de regierol. Op dit moment wordt regie gemist. Wie pakt die rol nu op en voor wat precies? En die regierol betekent niet dat een bepaalde partner ‘de kar volledig moet trekken’, maar dat er meer regie en facilitering gepakt wordt op de twee thema’s organisatie en proces, zodat alle partners bijvoorbeeld weten welke afspraken er zijn of gemaakt worden.

Ook voor de partners die niet bij bepaalde overleggen aanwezig of nodig zijn.

Aanbevelingen Vanuit dit toezicht komen we tot enkele aanbevelingen. Het is aan de betrokken partners om deze aanbevelingen te vertalen naar de eigen praktijk, gericht op versterking van de onderlinge samenwerking ten behoeve van de participatie en schoolgang van de amv’ers in de gemeente Goes. De gemeente moet hierin een voortrekkersrol pakken. ›

Leg de gezamenlijke ambitie (en visie) vast, zodat die echt richtinggevend en ondersteunend is voor de betrokken partners (bijvoorbeeld in de doorontwikkeling naar een ISK).

›

Zorg dat de regierol duidelijk(er) wordt belegd, zodat er meer sturing en duidelijkheid is op organisatie- en procesniveau.

›

Behoud de korte lijnen tussen partners, dat werkt blijkbaar goed in de samenwerking wannneer het écht nodig is (noodsituaties). Maar investeer ook opnieuw in de overlegstructuur (zowel horizontaal als verticaal) en maak duidelijk wie er knopen mag en kan doorhakken (mandaat).

›

Investeer in de structuur voor het delen van informatie, zodat alle partners op de hoogte zijn van (nieuwe) afspraken en initiatieven met betrekking tot de amv’ers.

›

Investeer in meer provinciebrede afspraken, zodat de onderlinge verschillen tussen gemeenten kleiner worden en er meer eenduidigheid komt voor de amv’ers die onderwijs volgen op TNV Goes.

Pagina 14 van 16

Afsluiting Naast het toezichtonderzoek in gemeente Goes, heeft TSD ook in gemeente Amersfoort en gemeente Smallingerland onderzoek gedaan. Alle drie de rapporten publiceert TSD op de eigen website. In 2026 volgt nog een eindrapport, waarin we de rode draden op landelijk niveau terugkoppelen. In 2027 nemen we opnieuw contact op met de onderzochte gemeenten. We bespreken dan hoe de partijen de aanbevelingen hebben opgepakt.

Pagina 15 van 16

Voor mensen met problemen op meerdere leefgebieden is het nodig dat hulpverleners samenwerken. Toezicht Sociaal Domein (TSD) stimuleert deze samenwerking. Binnen TSD werken vier rijksinspecties samen. www.toezichtsociaaldomein.nl. Pagina 16 van 16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16537537/1