CConstaterende datGoes
Koppel je AI →
Document · PDF

065. Bijlage 3 Begroting 2026 Publiek Vervoer publicatie

Besluitvormende raad 18 december 2025, gemeente GoesBij agendapunt: Verlening toestemming voor wijzigen GR Publiek Vervoer Zeeland2.519 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp: begroting publiek vervoer 2026 – 2029 Datum:

1 oktober 2025

Voor de GR Publiek Vervoer Zeeland is een begroting 2026 met doorkijk tot en met 2029 opgesteld. Om tot deze begroting te komen is een werkgroep samengesteld, waarin een financiële vertegenwoordiging vanuit de provincie en gemeenten heeft plaatsgenomen. Deze financiële werkgroep heeft een aantal planuitgangspunten opgesteld. Deze uitgangspunten zijn vervolgens vastgesteld in de Kopgroep RMS van 25 juni 2025. Deze planuitgangspunten zijn opgenomen in bijlage 1. Op basis van deze uitgangspunten is vervolgens een begroting opgesteld welke is vastgesteld tijdens de Kopgroep van 15 september 2025. Belangrijk om te melden is dat de opzet van de begroting en verantwoording (rechtmatigheid en controle) daarvan door de Mobiliteitscentrale en de GR is voorgelegd aan de commissie BBV. Een uitspraak van deze commissie moeten we nog ontvangen. De belangrijkste 4 planuitgangspunten zijn: 1. In de begroting is één programma opgenomen met sub-programma’s 2. De in de begroting opgenomen inkoop van vervoer heeft alleen betrekking op Flex (dit is inclusief het vraaggestuurde doelgroepen vervoer). De kosten voor de OVconcessie en het routegebonden doelgroepen vervoer (vooral leerlingenvervoer) blijven voor rekening van respectievelijk provincie en gemeenten en maken géén onderdeel uit van de voorliggende begroting. 3.

De bijdrage van de gemeenten aan Flex is gebaseerd op de kosten voor het vraaggestuurde doelgroepen vervoer in 2024. Hierop zijn (indien van toepassing) de tarieven van de nieuwe contracten Zeeuws-Vlaanderen en Walcheren gekoppeld. Daarnaast zijn de tarieven geïndexeerd met de NEA index. 4. Met inachtneming van de fixatie is de begroting voor 4 jaar gefixeerd. In 2028 zal een evaluatie plaatsvinden, welke haar financieel effect zal hebben in 2030.

Samenvatting begroting 2026 Publiek Vervoer Jaarlijkse kosten per subprogramma Publiek Vervoer fixatieperiode 2026

2027

2028

2029

Programma Publiek Vervoer: Subprogramma WMO

€

9.335.015 €

9.615.065 €

9.903.517 €

10.200.622

Subprogramma VaV Jeugdzorg

€

2.367.458 €

2.438.482 €

2.511.637 €

2.586.986

Subprogramma Flex

€

4.120.000 €

4.704.525 €

4.845.661 €

4.991.031

Subprogramma Secretariaatskosten GR PV Subprogramma Uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale:

€

105.000 €

96.950 €

98.959 €

101.027

* Reguliere taken

€

2.631.252 €

2.710.190 €

2.791.495 €

2.875.240

* Midoffice taken

€

956.700 €

985.401 €

1.014.963 €

1.045.412

* Bijdrage I&W

€

-1.200.000 €

-

Subtotaal:

€

2.387.952 €

3.695.591 €

3.806.458 €

3.920.652

Totaal

€

18.315.425 €

20.550.613 €

21.166.231 €

21.800.318

€

-

€

-

Bijdrage per deelnemer Publiek Vervoer* fixatieperiode: *Bevat alle kosten voor Publiek Vervoer waaronder de netto vervoerskosten vraagafhankelijk vervoer, kosten Flex, secretariaatkosten GR PV en de kosten voor de mobiliteitscentrale 2026

2027

2028

Hulst

€

1.355.395 €

1.417.402 €

1.459.887 €

1.503.646

Sluis

€

1.329.871 €

1.391.112 €

1.432.808 €

1.475.755

Terneuzen

€

2.107.901 €

2.213.828 €

2.280.168 €

2.348.498

Borsele

€

612.262 €

651.975 €

671.497 €

691.604

Goes

€

1.196.340 €

1.274.920 €

1.313.093 €

1.352.410

Kapelle

€

278.399 €

308.096 €

317.301 €

326.783

Noord-Beveland

€

338.133 €

369.622 €

380.673 €

392.055

Reimerswaal

€

718.434 €

761.333 €

784.135 €

807.622

Schouwen-Duiveland

€

1.071.204 €

1.124.685 €

1.158.388 €

1.193.102

Tholen

€

865.789 €

913.108 €

940.464 €

968.640

Middelburg

€

1.359.372 €

1.442.843 €

1.486.053 €

1.530.560

Veere

€

789.264 €

834.287 €

859.278 €

885.019

Vlissingen

€

1.360.712 €

1.444.223 €

1.487.475 €

1.532.024

Provincie Zeeland

€

4.932.350 €

6.403.179 €

6.595.012 €

6.792.600

Totaal

€

18.315.425 €

20.550.613 €

21.166.231 €

21.800.318

De begroting van Publiek Vervoer bestaat uit één programma (Pubkiek Vervoer). Dit programma is vervolgens onderverdeeld in subprogramma's.

2029

Subprogramma WMO Bijdrage per gemeente netto* vraagafhankelijk WMO vervoer fixatieperiode: *De netto kosten zijn de bruto kosten minus de eigenbijdrage die voortkomen uit het vraagafhankelijk WMO vervoer. Jaarlijkse indexatie conform NEA. Voor nu ingeschat op 3%. 2026

2027

2028

2029

Hulst

€

887.008 €

913.618 €

941.027 €

969.258

Sluis

€

793.628 €

817.437 €

841.960 €

867.219

Terneuzen

€

1.378.773 €

1.420.136 €

1.462.740 €

1.506.623

Borsele

€

468.309 €

482.358 €

496.829 €

511.734

Goes

€

904.218 €

931.344 €

959.285 €

988.063

Kapelle

€

188.113 €

193.756 €

199.569 €

205.556

Noord-Beveland

€

267.888 €

275.925 €

284.202 €

292.729

Reimerswaal

€

375.383 €

386.644 €

398.243 €

410.191

Schouwen-Duiveland

€

840.837 €

866.062 €

892.044 €

918.805

Tholen

€

678.174 €

698.520 €

719.475 €

741.059

Middelburg

€

1.023.696 €

1.054.407 €

1.086.039 €

1.118.620

Veere

€

628.478 €

647.332 €

666.752 €

686.754

Vlissingen

€

900.511 €

927.526 €

955.352 €

984.012

Totaal

€

9.335.015 €

9.615.065 €

9.903.517 €

10.200.622

2

Subprogramma vraagafhankelijke Jeugdzorg vervoer Bijdrage per gemeente voor vraagafhankelijk Jeugdzorg vervoer fixatieperiode:

Jaarlijkse indexatie conform NEA. Voor nu ingeschat op 3%. 2026

2027

2028

2029

Hulst

€

312.546 €

321.922 €

331.580 €

341.527

Sluis

€

383.318 €

394.818 €

406.662 €

418.862

Terneuzen

€

486.347 €

500.937 €

515.965 €

531.444

Borsele

€

74.838 €

77.084 €

79.396 €

81.778

Goes

€

157.031 €

161.742 €

166.594 €

171.592

Kapelle

€

58.346 €

60.097 €

61.900 €

63.757

Noord-Beveland

€

31.654 €

32.603 €

33.581 €

34.589

Reimerswaal

€

262.115 €

269.979 €

278.078 €

286.421

Schouwen-Duiveland

€

110.151 €

113.455 €

116.859 €

120.365

Tholen

€

90.271 €

92.979 €

95.769 €

98.642

Middelburg

€

85.820 €

88.395 €

91.047 €

93.778

Veere

€

88.159 €

90.804 €

93.528 €

96.333

Vlissingen

€

226.861 €

233.667 €

240.677 €

247.897

Totaal

€

2.367.458 €

2.438.482 €

2.511.637 €

2.586.986

3

Subprogramma Flex Bijdrage Provincie Zeeland voor netto vervoerkosten Flex De netto vervoerskosten Flex worden jaarlijks geindexeerd met de NEA index. Dit aangezien het vervoersproduct Flex valt onder de doelgroepenvervoercontracten van gemeenten. Hier is een contractuele verplichting om jaarlijks de tarieven met de NEA index te indexeren. Jaarlijkse indexatie conform NEA. Voor nu ingeschat op 3% (2025: 1,5%) 2026 Provincie Zeeland

€

4.120.000 €

2027

4.704.525 €

2028

4.845.661 €

2029

4.991.031

Uitgangspunt bedragen: 2026: € 4 mln en 2027: € 4.5 mln. (beide prijspeil 2025). Bedragen zijn doorgegeven door de Provincie Zeeland. Een nadere onderbouwing ontbreekt.

4

Subprogramma Secretariaatskosten GR Publiek Vervoer Uitsplitsing secretariaatskosten GR PV: 2026

2027 €

-

2028 €

-

2029

Mybility*

€

-

€

-

Accountantskosten

€

35.000 €

36.050 €

37.132 €

38.245

Ambtelijk secretaris

€

100.000 €

90.000 €

90.000 €

90.000

Uitvoering administratie

€

25.000 €

25.750 €

26.523 €

27.318

Overige uitgaven

€

5.000 €

5.150 €

5.305 €

5.464

Rentebaten

€

-60.000 €

-60.000 €

-60.000 €

-60.000

Totaal

€

105.000 €

96.950 €

98.959 €

101.027

Bijdrage aan secretariaatkosten GR PV* per deelnemer fixatieperiode: *Bevat de secretariaatskosten van de GR Publiek Vervoer. Denk hierbij aan de kosten voor een secretaris binnen de GR, administratiekosten vermindert met de rentebaten die voortkomen uit het schatkistbankieren. Jaarlijkse indexatie voor nu ingeschat op 3% per jaar. 2026

2027

2028

2029

Hulst

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Sluis

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Terneuzen

€

8.750 €

8.079 €

8.247 €

8.419

Borsele

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Goes

€

8.750 €

8.079 €

8.247 €

8.419

Kapelle

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Noord-Beveland

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Reimerswaal

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Schouwen-Duiveland

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Tholen

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Middelburg

€

8.750 €

8.079 €

8.247 €

8.419

Veere

€

4.375 €

4.040 €

4.123 €

4.209

Vlissingen

€

8.750 €

8.079 €

8.247 €

8.419

Provincie Zeeland

€

30.625 €

28.277 €

28.863 €

29.466

Totaal

€

105.000 €

96.950 €

98.959 €

101.027

5

Subprogramma Uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale B.v. Bijdrage aan uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale* per deelnemer fixatieperiode: *De totale uitvoeringskosten zijn opgebouwd uit een begrotingdeel A, conform het 'oude' doelgroepenvervoerstelstel, en een begrotingdeel B, voor de aanvullende taken die Publiek Vervoer met zich meebrengt en de daarbij behorende verdeelsleutel. Jaarlijkse indexatie voor nu ingeschat op 3% per jaar. 2026

Provincie Zeeland

€ € € € € € € € € € € € € €

154.783 151.866 240.663 68.056 132.973 30.881 37.532 79.878 119.157 96.285 247.738 71.569 231.222 725.350

Totaal

€

Hulst Terneruzen Sluis Borsele Goes Kapelle Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Tholen Middelburg Veere Vlissingen

2027

2028

2029

€ € €

177.822 € 174.818 € 284.675 €

183.157 € 180.062 € 293.215 €

188.652 185.464 302.012

€

88.493 €

91.148 €

93.883

€

173.754 €

178.967 €

184.336

€

50.203 €

51.710 €

53.261

€

57.054 €

58.766 €

60.529

€

100.670 €

103.690 €

106.801

€

141.128 €

145.362 €

149.723

€

117.570 €

121.097 €

124.730

€

291.963 €

300.722 €

309.743

€

92.112 €

94.875 €

97.722

€

274.951 €

283.200 €

291.696

€

1.670.377 €

1.720.488 €

1.772.103

2.387.952 €

3.695.591 €

3.806.458 €

3.920.652

Het bedrag 2026 is inclusief verrekening bijdrage IenW € 1.200.000

De vergoeding voor de centralekosten is o.a. bedoeld voor de 'midoffice' taken door de mobiliteitscentrale. Hieronder is een nadere specificatie opgenomen van deze taken met begrote kosten 2026. Deze zijn reeds verwerkt in de uitvoeringskosten van de Mobiliteitscentrale.

6

Bijlage 1: Planuitgangspunten Begroting GR Publiek Vervoer 2026 (e.v.) Nr:

Categorie:

Onderwerp:

Planuitgangspunt werkgroep:

1

Algemeen

Toevoegen vraagafhankelijk vv Jeugdzorg

2

Algemeen

Inrichting begroting

3

Algemeen

Fixatie kosten WMO, Jeugdzorg en Flex

4

Programma’s vraagafhankelijk WMO- en Jeugdzorgvervoer

Fixatie vervoerskosten

5

Programma WMO

Eigen bijdrage

6

Programma’s WMO, Jeugdzorg en Flex

Indexatie

7

Uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale

Totaalbedrag 2026

Vervoerderscontracten kennen alleen indeling routegebonden en vraagafhankelijk vervoer. Ontwikkelingen (volumes) in WMO en Flexvervoer hebben daardoor invloed op “prijs ”vraagafhankelijk” vervoer Jeugdzorg. Is wederkerig: Ontwikkelingen in volumes Jeugdzorg hebben effect op “prijs” WMO en Flex. Vraagafhankelijk vv Jeugdzorg moet daarom onderdeel zijn van fixatie binnen GR. Begroting/verantwoording GR PV wordt vormgegeven door 1 programma met 4 subprogramma’s: Vraagafhankelijk vervoer WMO (1), Jeugdzorg (2), Flex (3) en secretariaat (4). Het routegebonden vv Gemeenten en de OV concessie maken GEEN onderdeel uit van de financiële verantwoording. Deze verantwoording loopt, middels DVO’s, buitenom/langs de GR. Gefixeerd voor de komende 4 jaar (v.w.b. vraagafhankelijk vv WMO en Jeugdzorg) en Flex de netto kosten. Dit wil zeggen voor WMO en Jeugdzorg de bruto vervoerskosten -/- de eigen bijdragen. Voor Flex de bruto vervoerskosten -/- de OV opbrengsten. De baten zijn namelijk onlosmakelijk verbonden aan de vervoerskosten. Dit betekent tegelijkertijd wel dat in de financiële verantwoording 2026 e.v. deze baten ook aan de GR moeten worden gealloceerd. Voor de gefixeerde vervoerskosten zijn de volumes uit het verslagjaar 2024 genomen. Deze zijn vermenigvuldigd met het prijsniveau 2026.

Hierbij is ook rekenschap gegeven aan het prijseffect van aanbestedingen (ZVL, Walcheren en Bevelanden) en de contractueel vastgelegde prijsindexatie: de NEA. Voor de gefixeerde eigen bijdragen van de Gemeenten zijn de bedragen genomen uit het verslagjaar 2024 aangepast aan het prijsniveau 2026 (=werkelijke NEA 2025 en inschatting 2026) De vervoerscontracten vraagafhankelijk vervoer en de eigen bijdragen (bij grootste gedeelte van de gemeenten) worden jaarlijks geïndexeerd met de NEA. Voor 2026 e.v. is deze geschat op 3%. Aangezien Flex een onderdeel uitmaakt van de vervoerscontracten van de Gemeenten loopt Flex automatisch mee. Dit m.u.v. 2026 waarin Provincie € 4,0 mio beschikbaar stelt. Als uitgangspunt heeft de werkgroep de gepresenteerde bedragen genomen van € 3,6 mio. Hierop zijn in mindering gebracht de secretariaatskosten van

8

Uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale

Verdeling begroting Mobiliteitscentrale 2026 deel A

9

Uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale

Verdeling begroting Mobiliteitscentrale 2026 deel B

10

Secretariaatskosten en uitvoeringskosten Mobiliteitscentrale

Organisatorische ophanging midoffice.

11

Secretariaatskosten

Secretaris

12

Secretariaatskosten

Administratiekosten

de GR, ad € 0,1 mio. Ten tijden van opstelling begroting Mobiliteitscentrale was onderscheid GR/Mobiliteitscentrale namelijk nog niet helder. De begroting 2026 Mobiliteitscentrale “going concern”, ad € 2,267K is verdeeld naar opdrachtgevers en programma’s, Hierdoor blijft aan uitvoeringskosten “going concern” € 1.820K voor de deelnemers aan de GR Publiek. Overige € 447K heeft betrekking op andere opdrachtgevers (Goeree-Overflakke) en programma’s die geen onderdeel uitmaken van de GR (=het routegebonden vervoer Gemeenten), Hiervoor is gekozen om fiscale(BTW) redenen. In de DVO’s met de gemeenten zullen deze kosten van de mobiliteitscentrale, gefixeerd, met in toekomst (voor 2027 e.v.) geïndexeerd worden opgenomen. De additionele kosten (deel B), ad € 1.873K, als gevolg omvorming zijn, onder aftrek secretariaatskosten GR 2026 (zie punt 7), daarmee uitkomend op € 1.768K, ondergebracht bij de GR Publiek Vervoer. In 2026 worden deze kosten grotendeels gedekt door de bijdrage van het Rijk: € 1.200K. Het overige kosten (€ 568K) worden conform de verhouding als afgesproken tijdens het OZO van 12 februari 2025 tussen gemeenten en provincie verdeeld. Waarbij de gemeenten betalen naar aandeel in de stemverhouding van de Gemeenten. Wellicht hoort een gedeelte van kosten Provincie thuis binnen de DVO t.a.v.

de concessie maar, bij ontbreken nader inzicht, heeft de werkgroep deze kosten opgenomen binnen de GR. Door de Kopgroep is hierover op 15 september het volgende besloten: a. Binnen de B.V. komst één organisatie voor zowel front, mid- en backoffice b. Om te borgen dat bestuurders in staat worden gesteld om adequaat te kunnen besturen wordt voor de midoffice een strikte scheiding aangebracht tussen de hiërarchische en functionele aansturen van functionarissen. De secretaris van de GR stuurt hierbij functioneel de beleidsmakers midoffice aan terwijl de directeur BV zorgt voor de PIOF taken midoffice. c. De midoffice wordt als aparte post binnen de begroting uitvoeringskosten mobiliteitscentrale B.V. opgenomen. Gegeven punt 10 wordt de functie directeur-secretaris een secretarisfunctie. Dit in afwijking op gestelde in Bestuurlijke Toelichting bij de intentieovereenkomst, 14/03/24. Tegelijkertijd verwacht werkgroep dat dit een “zware” functie wordt aangezien in deze functie de fixatie moet vormkrijgen en hij/zij het scharnierpunt vormt tussen beleid en uitvoering. In begroting 2026 opgenomen kosten voor 28 uur pw. Later (2027 e.v.) terug te brengen naar 24. In eerste draft van de Begroting gaat de werkgroep er vanuit dat de administratieve verwerking (breed, dus inc voorbereiding jaarrekening en

begroting) wordt ondergebracht bij een deelnemer (Gemeente of Provincie) of een aanpalend samenwerkingsverband dat hier reeds ervaring mee heeft. Redenen: 1. Werkzaamheden zeer divers hetgeen vraagt om een organisatie die al zo is georganiseerd (“divers”; van facturatie tot kennis inrichting jaarrekening). 2. Bedragen die in GR omgaan vragen om “zware” AO/IB bij onderbrengen bij “private” partij. 3, Zelf organiseren betekent zoeken naar het “schaap met de zeven poten” die zowel een factuur wil opstellen maar ook op de hoogte is van ontwikkeling publiek- als privaatrechtelijk. Ondoenlijk. En hier speelt ook nog eens het organisatorische probleem van 1 medewerker = geen. Vandaar uitdrukkelijk voorstel werkgroep: Onderbrengen bij één van de deelnemers of een aanpalend samenwerkingsverband dat hier reeds ervaring mee heeft. Hierop zijn de kosten en rentebaten (voortkomend uit schatkistbankieren) ook op gebaseerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16221916/1