015. Raadsvoorstel Rekenkamerrapport Handhaving Energiebesparingsplicht
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum vergadering Agendapunt Zaaknummer Onderwerp
: : : :
9 juli 2026 00. Z26. / D26. Rekenkamerrapport Handhaving Energiebesparingsplicht
Portefeuillehouder Programma Opgesteld door Afdeling
: : : :
J. Veldhuizen Frans de Kok Griffie
Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van de Bestuurlijke Nota “Zeeuws Beeld Handhaving Energiebesparingsplicht” en de daarin opgenomen bevindingen; 2. De in de nota geformuleerde conclusies en aanbevelingen te onderschrijven; 3. Het college op te dragen om te komen met een plan van aanpak, inclusief tijdsplanning, over het geven van uitvoering aan de aanbevelingen en de raad hierover uiterlijk in december 2026 te informeren. Juridische grondslag Verordening gemeentelijke Rekenkamer Goes 2023 Aanleiding De Rekenkamer Zeeland en de gemeentelijke rekenkamers van Middelburg, Vlissingen, Veere, Goes, Borsele, Reimerswaal, Noord-Beveland, Kapelle, Schouwen-Duiveland en Tholen (hierna de Zeeuwse Rekenkamers) hebben in 2024-2025 onderzoek verricht naar de uitvoering van toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht binnen de provincie Zeeland. De energiebesparingsplicht speelt in het Nederlandse klimaatbeleid een belangrijke rol om de gevolgen van het gebruik van fossiele energie voor het klimaat te beperken en daarmee samenhangende bindende Europese doelen voor energiebesparing te bereiken. Naast de bijdrage aan klimaatdoelstellingen levert het handhaven van de energiebesparingsplicht ook een bijdrage aan de maatschappelijke opgave rondom netcongestie en de energietransitie in bredere zin op.
Energie die niet wordt gebruikt wegens besparende maatregelen hoeft immers niet te worden getransporteerd en opgewekt te worden. De wijze waarop Provincie en gemeenten uitvoering geven aan hun rol bij de handhaving van de energiebesparingsplicht is essentieel voor het bereiken van de energie- en klimaatdoelen die door de Rijksoverheid worden nagestreefd en worden onderschreven door Provincie en gemeenten. Het onderzoek dat door de Zeeuwse rekenkamers is uitgevoerd is een vervolg op het landelijke DoeMee-onderzoek Energiebesparingsplicht van de Algemene Rekenkamer en (via de Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers NVRR) de lokale rekenkamers, waarin is onderzocht hoe effectief het toezicht en de handhaving op de energiebesparingsplicht in Nederland is georganiseerd.
Agendapunt Pagina 2
Doel Het doel van het onderzoek is om Provinciale Staten van Zeeland en de gemeenteraden van de Deelnemende Zeeuwse gemeenten in staat te stellen om: * Kennis te nemen van de taken op het gebied van het handhaven van de energiebesparingsplicht en de wijze waarop toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht in Zeeland wordt uitgevoerd door Provincie en gemeenten in samenwerking met omgevingsdiensten. * Hen daarmee in positie te brengen om, indien van toepassing, besluiten te nemen die de doelmatigheid en effectiviteit van beleid ten goede komen. Centrale vraag De centrale vraag bij het onderzoek luidt: “Hoe werd de handhaving van de energiebesparingsplicht in Zeeland uitgevoerd in de periode 2022-2025, welk beleid is daarop van toepassing, wat zijn de resultaten en hoe wordt daarover verantwoord?” Conclusie en aanbevelingen De rekenkamers trekken de volgende conclusie: Het handhaven van de energiebesparingsplicht in Zeeland blijkt een effectief instrument om energie besparingsmaatregelen bij bedrijven en instellingen in Zeeland te bevorderen. Bij circa 80% van de controles in de afgelopen jaren werden overtredingen op de energiebesparingsplicht vastgesteld. Bedrijven gaan niet allemaal uit zich zelf over tot het nemen van alle energiebesparende maatregelen die zich binnen vijf jaar terug verdienen.
Ondanks de effectiviteit van het instrument, blijkt de inzet op het uitvoeren van de handhaving op de energiebesparingsplicht in Zeeland beperkt te zijn geweest in de periode 2021 – 2025. Door wisselende prioriteit bij gemeenten, onvoldoende financiering en gebrekkige samenwerking tussen gemeenten en de RUD Zeeland en bleef het tempo van controles laag. De Provincie Zeeland vormde een uitzondering door beleid te ontwikkelen gericht op de energiebesparingsplicht en extra middelen daarvoor jaarlijks in te zetten. De meeste gemeenten boden deze steun niet, waardoor een robuust energieteam van handhavers bij de RUD Zeeland maar beperkt tot ontwikkeling kon komen. Vanaf 2026 zal de robuustheid van de uitvoeringsorganisatie toenemen door landelijke verplichte robuustheidscriteria. De implementatie van het plan van aanpak Robuuste RUD Zeeland, zal de intensiteit van handhaving op de energiebesparing naar verwachting verdubbelen. Het is onduidelijk hoe effectief deze intensivering daadwerkelijk zal bijdragen aan doelen die gesteld zijn voor de maatschappelijke opgaven in relatie tot energie en klimaat in bijvoorbeeld de Regionale Energiestrategie Zeeland. Zowel regionaal als landelijk ontbreekt een goed inzicht in het maatschappelijke effect van handhaving op de energiebesparingsplicht.
De verantwoording over de uitvoering van de energiebesparingsplicht is gefragmenteerd en wisselend qua informatiewaarde. Er is winst te behalen wanneer bevoegde gezagen op één plek op dezelfde manier verantwoorden over de handhaving op de energiebesparingsplicht. De tweejaarlijkse verantwoordingsrapportage in het kader van de RES biedt hiervoor aanknopingspunten.
Agendapunt Pagina 3
Op basis van deze conclusie formuleren de rekenkamers de volgende aanbevelingen: 1. Geef opdracht aan het college van GS / B&W om in overleg met omgevingsdiensten meer inzicht te creëren in de effectiviteit van het handhaven op de energiebesparingsplicht. Dit inzicht dient de doelen die zijn gesteld in relatie tot energie en klimaat te betrekken. Sluit hierbij aan op landelijke informatie en kennisontwikkeling. 2. Geef opdracht aan het college van GS / B&W om de informatiewaarde van de verantwoording over handhaving op de energiebesparingsplicht te verhogen. De verantwoording dient te beschrijven wat de opbrengst is van het handhaven van de energiebesparingsplicht in Zeeland en brengt kansen en bedreigingen daarbij in relatie tot energie en klimaatdoelen in beeld. De rekenkamers merken bij deze aanbeveling op dat de tweejaarlijkse verantwoordingsrapportage in het kader van de RES biedt aanknopingspunten deze informatie efficiënt te communiceren aan alle betrokken partijen. 3. Geef opdracht aan het college van GS / B&W om de financiële middelen ten behoeve van het handhaven op de energiebesparingsplicht te oormerken in de opdracht aan de RUD Zeeland. 4. Geef opdracht aan het college van GS / B&W om in samenspraak met de andere opdrachtgevers een eenduidige opdracht te verlenen richting de RUD Zeeland inzake het handhaven van de energiebesparingsplicht.
Deze opdracht dient een relatie te leggen tussen de gestelde doelen op het gebied van energie en klimaat en de inzet op het handhaven van de energiebesparingsplicht. De rekenkamers merken bij deze aanbeveling op dat de Regionale Energiestrategie Zeeland een logisch reeds bestaand samenwerkingsverband is om beleidsmatig af te stemmen over prestaties en inzet op de energiebesparingsplicht als instrument daarbij. Reactie college van B&W van Goes De reactie van het college van B&W van de gemeente Goes is de volgende: “De gemeente Goes onderschrijft dat een goede uitvoering van de taken door zowel Provincie als gemeenten bij de handhaving van de energiebesparingsplicht essentieel is voor het behalen van de energie- en klimaatdoelen die door de Rijksoverheid worden nagestreefd. Vanaf 1 april 2026 zal de robuuste RUD Zeeland volledig operationeel zijn. In dit kader worden de controles op de informatie- en energiebesparingsplicht geïntensiveerd van eens per twintig jaar naar eens per tien jaar overeenkomstig het uitvoeringsplan van de robuuste RUD. De gemeente stelt hiervoor de benodigde financiële middelen beschikbaar. Ten aanzien van de overige aanbevelingen zijn wij van mening dat die onderdeel moeten zijn van de nog op te stellen regionale probleem- en risicoanalyse. Een werkgroep daartoe is inmiddels opgestart.”
Agendapunt Pagina 4
Financiën n.v.t. Communicatie & Participatie Het onderwerp leent zich niet voor participatie. De rekenkamers hebben gezamenlijk naast de bestuurlijke nota ook een animatie over het onderzoek laten opstellen. Deze vindt u hier. Uitvoering Als conform voorstel wordt besloten, is het aan het college om, in overleg met de Zeeuwse gemeenteraden en de RUD, de aanbevelingen uit het genoemde rapport ten uitvoer te brengen. Hoogachtend, Het Presidium van de gemeente Goes, drs. B.C. van Doornum,
C.H. van den Bos,
Griffier
Voorzitter