UVP Gilze en Rijen 2022
Tekst van het document
Het toezicht en handhaving op en van bestemmingsplannen zal net als voorgaande jaren voornamelijk gericht zijn op illegale bewoning . De ervaring leert dat de kans op het aantreffen van een onveilige en/of ongezonde situatie bij illegale bewoning groot is. Voor 2022 is bovendien bestuurlijk de wens uitgesproken hier nadrukkelijk op toe te zien en waar nodig te handhaven. Doelstelling Doelen
Monitoring via dicatoren
Inzicht in mate van permanente bewoning van recreatiewoningen op de recreatieparken, waarvan het vermoeden bestaat dat veel woningen permanent worden bewoond Het uitvoeren van (integrale) controles om illegale woonsituaties waarbij sprake is van een onveilige en/of ongezonde situatie tegen te gaan. Afhandelen van officiële handhavingsverzoeken binnen de wettelijke termijn Bij overige meldingen/klachten in 100% van de gevallen een terugkoppeling van de ondernomen acties Maandelijkse rapportages Registratie van binnengekomen meldingen met statusupdate Aantal geconstateerde en afgehandelde zaken Aantal vooraankondigingen, vooraanschrijvingen, aanschrijvingen van handhaving
Taakstelling toezicht gebruiksfase Taakstelling Toezicht/handhaving meldingen/klachten/handhavingsverzoeken Project arbeidsmigranten Toezicht/handhaving permanente bewoning recreatieparken (MBAll) Toezicht/handhaving recreatieparken (excl. bewoning) Toezicht/handhaving brandveiligheid (buiten basistakenpakket brandweer) Administratieve werkzaamheden Totaal
Aantal uren 800 100 36 100 300 153 1489
22
Handhaving permanente bewoning recreatiewoningen Niet alleen arbeidsmigranten maar ook personen met problemen vestigen zich nogal eens op een camping of recreatiepark, waar bewoning sowieso niet is toegestaan. In 2017 hebben wij een nieuwe werkwijze ontwikkeld voor de aanpak van permanente bewoning op recreatieparken. Op nieuwe inschrijvingen wordt meteen (lik-op-stuk) een handhavingstraject toegepast. Voor het bestrijden van bewoning op recreatieterreinen is er sinds 2018 gemiddeld 4 uur per week specifieke capaciteit voor ingezet. In 2019 is dit verhoogd naar 12 uur in de week. In 2022 blijft deze capaciteit gelijk. Taakstelling juridische werkzaamheden recreatiewoningen Ten aanzien van de taakstelling betekent dit dat 458 uur worden begroot voor de juridische begeleiding en afhandeling van handhavingszaken op permanente bewoning recreatiewoningen.
Handhaving op huisvesting arbeidsmigranten Door de (tijdelijke) inzet van werknemers uit andere EU-landen, arbeidsmigranten genaamd, komen er meer problemen met de huisvesting van deze werknemers. Vaak worden zij door de werkgever in een eengezinswoning gehuisvest, waarbij er soms sprake is van overbewoning (meer dan 4 personen in 1 woning). Dat zorgt nogal eens voor overlast in de omgeving. Ook vestigen zij zich nogal eens op een camping of recreatiepark, waar bewoning sowieso niet is toegestaan. Sinds 2020 is toezicht en handhaving op dit onderdeel als speerpunt aangewezen. Het gaat dan om onrechtmatige bewoning. In 2021 is de capaciteit op dit onderdeel verhoogd naar aanleiding van het in november 2020 vastgestelde beleid hierop. In 2022 blijft deze verhoogde capaciteit in werking Taakstelling juridische ondersteuning Verwacht wordt dat jaarlijks 30 handhavingszaken (750 uur) behandeld zullen worden. Handhavingszaken in het kader van de ruimtelijke ordening in combinatie met de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (de Wabo) zijn vaak wat complexer en vergen in de praktijk meestal veel tijd. Er is daarom uitgegaan van gemiddeld 25 uur per handhavingszaak in plaats van 20 uur.
Taakstelling juridische werkzaamheden gebruiksfase Ten aanzien van de taakstelling betekent dit dat 750 uur worden begroot voor de juridische begeleiding en afhandeling van handhavingszaken (gemiddeld 25 uur per dossier).
Milieu Taakstelling toezicht milieutaken De gemeente is verplicht om adequaat toezicht te organiseren op bedrijven en periodiek te controleren op naleving van de milieuregelgeving. In het werkprogramma (OMWB) is voor toezicht en hercontroles in totaal € 92.295,- opgenomen. Voor de bedrijven die behoren tot het door het Rijk verplicht gestelde basistakenpakket heeft de OMWB een frequentie voorgesteld, het zogenoemde Level Playing Field. Wij hanteren daarnaast het uitgangspunt van de voorlopers en achterblijvers: wanneer bij een eerste controle geen overtredingen zijn geconstateerd wordt hierbij rekening gehouden bij het uitvoeren van de eerstvolgende periodieke controle. Deze kan dan mogelijk later worden uitgevoerd afhankelijk van de beschikbare capaciteit. Sinds 2018 worden de bedrijven volgens bovengenoemde systematiek gecontroleerd. Doelstelling handhaving milieu Doelen Streven naar nalevingsgedrag van 50 % in 2022. Monitoring via Maandelijkse managementrapportages het ICT systeem van de OMWB waar wij dossiers kunnen inzien de rapportages van de OMWB die maandelijks door ons worden besproken met de OMWB Monitoring via Maandelijkse rapportages Indicatoren Aantal geplande en uitgevoerde controles Aantal constateringen, vooraankondigingen en lasten
23
De ervaring is dat bij ruim 57 % van de periodieke controles een hercontrole nodig is. In de volgende tabel worden de categorieën van bedrijven aangegeven (kolom 1), met een toelichting (kolom 2) en de controlefrequentie in de derde kolom. In de vierde en laatste wordt het aantal ingeplande controles weergegeven. 1. Categorie
2. Toelichting
3. Controlefrequentie
A B1
niet meldingplichtig meldingplichtig, behoort niet tot het basistakenpakket meldingplichtig, behoort wel tot het basistakenpakket Vergunningplichtig (niet zijnde C2, D1, D2) Risicovolle inrichtingen. Deze staan op de risicokaart van de gemeente. IPPC* vergunningplichtig: dit betreft zowel veehouderijen als industriële bedrijven, zoals LPG-tankstations. *IPPC: Integrated Pollution Prevention and Control BRZO* vergunningplichtig *BRZO : Besluit Risico Zware Ongevallen
Geen frequentie 1/10 jaar
4. Aantal controles 0 12
1/5 jaar (LPF)
34
1/2 jaar
5
1/ 1,5 jaar
4
1/1,5 jaar
4
Geen bedrijven
--
B2 C1 C2 D1
D2
In bovengenoemd overzicht zijn ook de hercontroles opgenomen. Overige controles Ketentoezicht: de OMWB houdt toezicht op activiteiten die een regionaal karakter hebben. Dit zijn onder meer vervoer van afvalstoffen en het toepassen en transporteren van grond en bouwstoffen. Controles naar aanleiding van klachten: wij zijn aangesloten bij de klachtendienst van de OMWB, die buiten werktijd klachten aannemen en als dat nodig is gaan controleren. Dit gebeurt wanneer meerdere klachten in korte tijd worden gedaan en wanneer wij een bedrijf op de aandachtlijst zetten. Toezichthouders leren elkaar en elkaars werk kennen en kunnen beter hun signaalfunctie uitvoeren. Door een betere afstemming en meer controles in het buitengebied hopen we een daling van het aantal incidenten te bewerkstelligen. Behandeling overige klachten Burgers kunnen 24/7 hun klachten over geluid, stank en bodemvervuiling melden bij de MilieuKlachtenCentrale. De klachten worden geregistreerd en behandeld door de OMWB. Jaarlijks ontvangen we van de OMWB hier een overzicht van. De gegevens worden verwerkt in het jaarverslag VTH. De gemeente Gilze en Rijen streeft er naar om alle klachten doelmatig te behandelen. Dat houdt in dat tijdig onderzoek wordt gedaan naar de oorzaak van de klacht en dat waar nodig aanschrijving volgt van het bedrijf, dan wel een afwijzing van de klacht omdat aan de milieuregels wordt voldaan.
Uitgaande van de ingekomen milieuklachten van de afgelopen jaren concluderen we dat er jaarlijks zo’n 40 klachten van inrichtingen komen, betreffende geluid, stank of bodemvervuiling. Overige klachten, zoals zwerfvuil en verkeerd geparkeerde auto’s, kunnen worden gemeld via de website van de gemeente zelf. Deze komen terecht in het centrale klachtensysteem Afhankelijk van de aard van de klacht wordt deze opgepakt door de buitendienst, BOA’s of andere afdelingen. Taakstelling juridische ondersteuning Voor handhaving is een uitvoeringsmandaat verleend aan de OMWB. Dat betekent dat de juristen van de OMWB het hele handhavingstraject behandelen, van het opstellen van de constateringsbrief tot aan het hoger beroep. Wel vindt er regelmatig afstemming plaats met portefeuillehouder (zakenoverleg) en/of juridisch beleidsmedewerker.
24
Taakstelling juridische werkzaamheden realisatiefase milieu Ten aanzien van de taakstelling betekent dit, dat jaarlijks 28 uur wordt begroot voor de afstemming met de juridisch beleidsmedewerker handhaving. Voor de milieuhandhaving (inclusief bezwaar en beroep) is in het werkprogramma van de OMWB een bedrag van € 20.075,- opgenomen. Voor klachtenbehandeling is een bedrag van € 15.000,opgenomen.
Brandveiligheid De gemeente is bevoegd gezag voor het toezicht en de handhaving op brandveiligheid. Bij de uitvoering van deze taak adviseert de Brandweer Midden- en West-Brabant, die onderdeel uitmaakt van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Het betreft activiteiten die uitgevoerd worden op het moment dat een object in gebruik is genomen (gebruiksfase) of een activiteit wordt uitgevoerd. Doel is om na te gaan of het gebruik en/of activiteit brandveilig en conform de geldende voorschriften plaatsvindt. De brandweer maakt voor de hele regio Midden- en West-Brabant een werkprogramma waarin wordt aangegeven waarop de capaciteit wordt ingezet. Dit gebeurt aan de hand van het Basis Taken Pakket risicobeheersing. Dit voorziet in een uniforme taakuitvoering van de brandweer in Midden- en West-Brabant. De brandweer categoriseert objecten op basis van risico’s. De mate van zelfredzaamheid van de gebruikers is daarbij een belangrijk criterium. Het toezicht door de brandweer vindt met name plaats op risicovolle bouwwerken. Minder risicovolle objecten worden in principe via andere bewustwordingsactiviteiten benaderd, bijvoorbeeld met een voorlichtingsbijeenkomst. In overleg met de brandweer kan bij bepaalde objecten van deze werkwijze afgeweken worden.
Het bestuur van de Veiligheidsregio heeft voor de uitvoering van het Basis Taken Pakket Risicobeheersing de volgende prioriteiten benoemd: Zorginstellingen BRZO+ (de inrichtingen die binnen en net onder de classificatie BRZO vallen) Brandveilig Leven/toolbox Nachtrecreatie (kampeerterreinen) Aan de hand van deze prioriteiten wordt in samenspraak met de gemeente het jaarlijkse toezichtsplan opgesteld. Dit gebeurt begin 2022. Het aantal uur dat beschikbaar is voor toezicht, is afhankelijk van het inwonerspercentage in de regio. Voor de ABG gaat de Veiligheidsregio uit van 280 uur in 2022. Voor gemeente Gilze en Rijen betekent dit ruim 152 uur) Naast de controles in het kader van het toezichtsplan, vinden er ook incidentele controles plaats op basis van klachten en meldingen of constateringen van de toezichthouders. Bij de uitvoering van de controles werken de toezichthouders van de gemeente samen met de medewerkers van de Veiligheidsregio. De toezichthouders van de gemeente voeren ook zelfstandig controles brandveiligheid uit. Verder is de gemeente verantwoordelijk voor de controle op de aanleg en keuring van bluswatervoorzieningen. Juridische ondersteuning De ervaring leert dat tijdens de controles op brandveilig gebruik in veel gevallen overtredingen worden geconstateerd.
Deze zijn echter vaak niet zodanig ernstig dat hier direct een formeel bestuursrechtelijk handhavingstraject voor moet worden gestart. Er wordt daarom in deze gevallen een constateringsbrief gestuurd met het verzoek de geconstateerde overtredingen te verhelpen. In de praktijk blijkt dat na het versturen van de constateringsbrief de overtredingen worden verholpen. In de gevallen dat dit niet gebeurt zal alsnog een bestuursrechtelijk handhavingstraject worden doorlopen. Dit geldt ook wanneer de geconstateerde overtreding van ernstigere aard is. In de meest ernstige situaties kan dit betekenen dat er wordt overgegaan tot het opleggen van een last onder bestuursdwang, wat in kan houden dat het gebruik (tijdelijk) moet worden gestaakt.
25
4.5
APV en bijzondere wetten
De APV bevat verbodsbepalingen, al dan niet met de mogelijkheid tot vergunning of ontheffing. De hoogste prioriteit hebben de evenementen, foutief parkeren en verkeersveiligheid. Voor wat betreft de horeca zal het accent liggen op de actualiteit van de drank- en horecavergunning en de leeftijdsgrenzen alcoholgebruik. Tijdens evenementen zal primair worden gecontroleerd op veiligheid door de brandweer. De handhaving van overige APV-voorschriften vindt voor het overgrote deel plaats na klachten en meldingen. De BOA behandelt deze en controleert verder actief op foutief parkeren, het illegaal dumpen van afval, evenementen, overhangend groen en hondenpoep. Verder zal in 2022 ook het aspect verkeersveiligheid onderdeel blijven van de werkzaamheden van de BOA. Voor wat betreft de snelheid is dit dan wel hoofdzakelijk een signaalfunctie, de handhaving van snelheidsovertredingen is namelijk in handen van de politie. De BOA kan natuurlijk wel handhaven op bijvoorbeeld fout parkeren en verkeersgedrag niet gemotoriseerd verkeer. Doelstelling Doelen
Monitoring via Indicatoren
Inzicht in de veiligheid bij horecabedrijven Borging van de veiligheid van evenementen Voorkomen van parkeeroverlast Zorgdragen voor een goede verkeersveiligheid Terugdringen overlast hondenpoep Actieve handhaving afval en zwerfvuil Maandelijkse managementrapportages Aantal geplande en uitgevoerde controles Aantal en aard van sancties (bestuurlijk/ strafrechtelijk) Aard van en aantal geconstateerde overtredingen per taakveld
Taakstelling BOA en BRP-controleur Taakstelling Horeca APV/Evenementen Verkeer(s-veiligheid)/ parkeren Landelijk onderzoek adreskwaliteit (BRP-onderzoek) Ordeverstorende jeugd Hondenoverlast Zwerafval/inzameling afval Illegaal plakken en graffiti Kappen en inritten en rioolaansluitingen Algemene werkzaamheden waaronder overleg, afstemming, voorlichting Klachten en meldingen Overige verzoektaken (o.a. corona) Totaal
Periodieke controles Aantal Uren 30 90 40 160 80 225 125 1388 300 800 60 200 100 200 40 80 25 100 110 650 310 onbekend
620 135 4788
Opiumwet Dan zijn er nog wat ontwikkelingen op het gebied van het Damocles-beleid. Het Damocles beleid is in 2019 opnieuw aangescherpt. Uit recente uitspraken van de rechtbank blijkt echter dat er steeds meer aan motivatie en onderbouwing wordt gevraagd in sluitingsbesluiten. Dergelijke zaken vergen dus meer tijd qua voorbereiding en uitvoering. Daarnaast worden steeds vaker hennepkwekerijen en/of harddrugs in woningen of loodsen ontdekt. Alcoholwet Vanaf 1 juli 2021 is de Alcoholwet van kracht. In deze wet zijn onder andere de verantwoordelijkheden van gemeenten op het gebied van preventie en handhaving vastgelegd. De gemeente pakt de preventie op het gebied van alcoholgebruik breed op in een “Fitakkoord”. Samen met de professionals en de maatschappelijke organisaties werkt de gemeente aan verbeteringen op het gebied van gezondheid, waaronder beperking van het alcoholgebruik. 26
Het toezicht op het gebied van alcoholgebruik en -verstrekking bestaat uit twee onderdelen: Programmatische controle op de verleende vergunningen Incidentele controle op de verstrekking van alcohol (met name 18- controles en schenken zonder vergunning) Bij het toezicht en handhaving werkt de gemeente voor de incidentele controles samen met de andere gemeenten in het politie-district (de Boa-pool). De intensiteit van het toezicht is afhankelijk van de ontwikkeling van de corona-maatregelen. Zolang er restrictieve maatregelen gelden voor de horeca, zet de gemeente de programmatische controle op een laag pitje. Wet aanpak woonoverlast Op 1 juli 2017 is de Wet aanpak woonoverlast in werking getreden. Met deze wet hebben gemeenten een aanvullend instrument gekregen om woonoverlast effectiever aan te pakken. De burgemeester beschikt pas over de bevoegdheid om een gedragsaanwijzing te geven als dit in een gemeentelijke verordening (APV) mogelijk wordt gemaakt. In december 2020 is deze mogelijkheid daarom in de APV opgenomen. De burgemeester heeft nu in situaties waarbij er sprake is van ernstige en herhaaldelijke hinder, de mogelijkheid om specifieke gedragsaanwijzingen te geven aan overlastgevers in zowel huur- als koopwoningen. De gedragsaanwijzing krijgt de vorm van een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom.
Deze specifieke gedragsaanwijzing kan overigens pas worden opgelegd als de ernstige hinder redelijkerwijze niet op een andere geschikte wijze kan worden gestopt (gesprek, buurtbemiddeling, mediation, waarschuwing). Om een nadere invulling te geven aan de Wet aanpak woonoverlast wordt er op dit moment beleid opgesteld. De verwachting is dat dit in het voorjaar van 2022 gereed is. Taakstelling juridische ondersteuning Verwacht wordt dat wat betreft APV en bijzondere wetten jaarlijks 30 handhavingszaken behandeld zullen worden. Dit aantal is inclusief de handhaving op grond van de Opiumwet (Damoclesbeleid). Dit betekent dat we ook in 2022 handhavend optreden wanneer er in een pand sprake is van hennepteelt of andere vormen van drugsproductie en/of verkoop. Taakstelling juridische werkzaamheden APV en bijzondere wetten Ten aanzien van de taakstelling betekent dit dat jaarlijks 600 uur wordt begroot voor de juridische afhandeling van handhavingszaken (gemiddeld ongeveer 20 uur per dossier).
4.6
Klachten
De gemeente Gilze en Rijen streeft er naar om alle klachten en meldingen doelmatig te behandelen. Om de klacht/meldingsbereidheid zo hoog mogelijk te maken zijn er diverse manieren om een klacht/melding in te kunnen dienen. Klachten van burgers kunnen worden ingediend via info@gilzerijen.nl) of in de BuitenBeter app. Daarnaast is het ook mogelijk via het twitteraccount van de Boa’s een klacht of melding te doen. Alle genoemde systemen worden dagelijks geraadpleegd. De binnengekomen klachten/meldingen worden doorgezet naar de behandelende afdeling. De klachten gaan onder andere over zwerfafval, verkeerd geparkeerde auto’s en strijdige situaties. De meeste klachten en meldingen worden door de BOA’s of de buitendienst afgehandeld. De Boa’s zijn ook in de avonden en weekenden werkzaam, zodat ook dan klachten en meldingen kunnen worden afgehandeld. Voor calamiteiten buiten de werktijden is een storingsnummer beschikbaar. De klachten en meldingen worden geregistreerd in het zaaksysteem (Green Valley) van de gemeente. De gemeente hanteert een kwaliteitshandvest en servicenormen voor de dienstverlening. Hierin zijn ook normen opgenomen voor het behandelen van meldingen (en klachten) openbare ruimte. De normen zijn te raadplegen op de website van de gemeente: www.gilzerijen.nl/servicenormen.
De geformuleerde norm is als volgt: • Als een eenvoudige oplossing mogelijk is, wordt de melding binnen 24 uur opgelost • Als een eenvoudige oplossing niet mogelijk is, de klant binnen 24 uur laten horen wat de termijn van afhandeling is. We willen dat we in 95% van de meldingen voldoen aan deze norm.
27
4.7
Urenraming werkzaamheden
De gemeente Gilze en Rijen beschikt voor toezicht en handhaving over een uitvoeringscapaciteit van 13006 uur (9,37 fte’s) voor de realisatie van het werkprogramma. Voor de uitvoering van het werkprogramma wordt gekozen voor een combinatie van uitvoering binnen de eigen organisatie en het inhuren van externe ondersteuning. Inhuur van externen is voor wat betreft het cluster handhaving beperkt tot inhuur voor omvangrijke handhavingszaken en op het cluster toezicht is dit beperkt tot inhuur voor controles die de toezichthouder zelf niet kan verrichten. Verder doet de OMWB de toezicht en handhaving voor wat betreft milieukwesties. Hieronder volgt een compleet overzicht in de wijze van realisatie van het werkprogramma. Taakstelling Coördinator
Interne uren
Coördinator toezicht en handhaving Totaal
672 672
Taakstelling Overlastregisseur
Interne uren
Overlastregisseur Totaal
1388 1388
Taakstelling medewerker Toezicht en Handhaving
Interne uren
Realisatiefase: controle bouw categorie 1 Realisatiefase: controle bouw categorie 2 Realisatiefase controle bouw WKB gevolgklasse 1 (administratief) Realisatiefase controle bouw WKB gevolgklasse 1 (administratief) Realisatiefase: sloopvergunning/melding (zonder asbest Realisatiefase: verwerken constructieve stukken Gebruiksfase: toezicht/handhaving meldingen/klachten/handhavingsverzoeken Gebruiksfase: project huisvesting arbeidsmigranten Gebruiksfase: toezicht/handhaving permanente bewoning recreatieparken (MBAll) Gebruiksfase: toezicht/handhaving recreatieparken (excl. bewoning) Gebruiksfase: toezicht/handhaving brandveiligheid (buiten basistakenpakket brandweer) Handhavingsactie Bit en ondermijning (enkel uren controle) Invoering Omgevingswet/Wet kwaliteitsborging/nieuw VTH pakket en digitaal werken Ministeriële opdrachten Algemene werkzaamheden (voorlichting, afstemming, algemene administratieve taken) Totaal
325 325 75 75 25 150 800 100 36 100 300 60 100 0 285 2756
Taakstelling administratief medewerker Toezicht
Interne uren
Realisatiefase: verwerken constructieve stukken Overige administratieve werkzaamheden Totaal
200 306 506
Taakstelling Juridisch beleidsmedewerker
Interne uren
Juridische werkzaamheden realisatiefase Juridische werkzaamheden gebruiksfase Juridische werkzaamheden gebruiksfase milieu Juridische werkzaamheden APV en bijzondere wetten Procesgerichte activiteiten (o.a. uitvoeringsprogramma, jaarverslag, beleid, invoering Omgevingswet) Interne afstemming, voorlichting burgers en regionale samenwerking Subtotaal Permanente bewoning recreatiewoningen Totaal
500 750 28 600 320 245 2443 458 2901
28
Taakstelling BOA en BRP controleur
Interne uren
Toezicht en klachten van evenementen, verkeer, groen en APV/milieu BRP-controles Totaal
3400 1388 4788
Borging van middelen In artikel 7.5 van de BOR wordt aangegeven dat de middelen van de uitvoering inzichtelijk moeten worden gemaakt en geborgd moeten worden. Alle activiteiten die wij het komende jaar gaan uitvoeren zoals beschreven in dit uitvoeringsprogramma om de doelstellingen uit het beleidsplan VTH 2020-2024 te behalen, vallen binnen de middelen die zijn opgenomen in de begroting van 2022. Als blijkt dat de middelen niet toereikend zijn kunnen ze in de 1e of 2e tussentijdse rapportage bijgesteld worden of wordt het uitvoeringsprogramma aangepast.
29
5 Procesgerichte taken Ook in de komende jaren wordt kwaliteitsmanagement één van de belangrijkste pijlers in het kader van de uitvoering van vergunningverlening en handhaving.
5.1
Borging van kwaliteit en voortgang uitvoeringsprogramma
Kwaliteitsmanagement is een middel om constante verbetering van handhavings-, toezichts- en vergunningverleningsactiviteiten te bereiken. Hiermee zullen de prestaties en het vermogen van de organisatie over de gehele linie in stand gehouden en verbeterd worden. Kwaliteitsmanagement heeft de volgende doelstellingen: • Uniformiteit in de uitvoering van activiteiten op gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Hierdoor wordt eenzelfde hoge kwaliteit gewaarborgd. • Een betere controle op de uitvoering van taken. • Efficiënte en effectieve overdracht tussen de medewerkers onderling. • Het duidelijk in kaart brengen en vastleggen van de werkprocessen en verantwoordelijkheden in de bedrijfsvoering. Activiteiten Opstellen beleidsplan, uitvoeringsprogramma, jaarverslag Monitoring handhaving en Omgevingswet Totaal
5.2
Begrote uren 120 300 420
Afstemming/Voorlichting/Regionale samenwerking
Interne afstemming Interne afstemming binnen de eigen organisatie is van wezenlijk belang. De handhavingsjuristen hebben regelmatig overleg met verschillende toezichthouders binnen de verschillende clusters, de collega’s van Ruimtelijke Ordening en de algemene juristen. Tussen vergunningverleners en toezichthouders vindt regelmatig overleg plaats, vooral in gevallen waar sprake is van een vergunningaanvraag. Daarnaast vindt in bijzondere gevallen, informatie-uitwisseling plaats, ter voorbereiding van een controle. Voor specifieke controles, zoals recreatie, wordt overleg gepleegd met andere domeinen (met name sociaal domein) en/of clusters (bijv. financiën en GEO). Via onder andere portefeuillehoudersoverleggen vindt er natuurlijk ook regelmatig overleg/afstemming plaats met de burgemeester als verantwoordelijk portefeuillehouder. Externe afstemming In het VTH beleidsplan 2020-2024 komt de afstemming met externe partijen ruimschoots aan bod. Wij verwijzen dan ook naar het VTH beleidsplan. Afstemming met deze partners is opgenomen in de urenplanning onder algemeen. Hier worden geen aparte uren voor geraamd. Communicatie Belangrijk speerpunt voor de komende jaren is om handhaving te voorkomen en te bevorderen dat burgers en bedrijven uit zichzelf de regels naleven. Burgers moeten hun eigen verantwoordelijkheid nemen.
Om ze bewust te maken van deze verantwoordelijkheid en ze te bewegen de regels na te leven (preventieve handhaving) is het onder andere van belang dat er goede voorlichting wordt gegeven, we goed bereikbaar zijn voor vragen, regels duidelijkheid en uitlegbaar zijn en deze ook zo uitleggen. Ook wanneer het toch tot een formeel handhavingstraject (repressieve handhaving) komt is communicatie met de burger van belang. Zo wordt er na het constateren van een overtreding, door de toezichthouder en/of juridisch medewerker inzicht gegeven in de aard van de overtreding(en) en het eventueel te volgen handhavingstraject conform de Landelijke Handhavingsstrategie. Het is daarvoor van belang om voor het starten van het formele handhavingstraject eerst contact te leggen met de overtreder. Na dit contactmoment zal het handhavingstraject veelal aanvangen met een vooraankondiging of vooraanschrijving van handhaving waarin de mogelijkheid wordt geboden de overtreding te beëindigen voordat er een formeel besluit (last onder dwangsom of last onder bestuursdwang) volgt en hopelijk door onder andere de goede communicatie niet nodig is. Dit geldt niet wanneer er sprake is van spoedeisendheid of zwaarwegende belangen waar een meer 30
voortvarende manier van handhaven op zijn plaats is (bijvoorbeeld het toepassen van spoedeisende bestuursdwang). Echter ook in deze gevallen is goede communicatie essentieel. Steeds meer wordt getracht via overleg of (pre)mediation een handhavingszaak op te lossen. Soort overleggen Interne afstemming, overleg Handhaving, voorlichting en advies burgers Externe overleggen/regionale samenwerking/BIT-acties Totaal
Begrote uren 505 85 590
31
6 Borging kwaliteit In dit hoofdstuk wordt beschreven op welke wijze de kwaliteit van de handhavingsactiviteiten zal worden gewaarborgd. Voor strategie en werkwijze wordt verwezen naar de Beleidsplan VTH 2020-2024.
6.1
Uitvoering, monitoring en verantwoording
De resultaten van de uitvoering worden jaarlijks gemonitord, geëvalueerd en gerapporteerd. Als er significante afwijkingen zijn tussen planning en realisatie dan worden deze verklaard in het jaarverslag. Indien nodig wordt vervolgens ook de planning weer bijgesteld. Een van de kwaliteitscriteria betreft de monitoring. Het bestuursorgaan dient met behulp van een geautomatiseerd systeem de resultaten en de voortgang te bewaken van: 1. a. de uitvoering van het uitvoeringsprogramma; en b. het bereiken van de in het handhavingsbeleid gestelde doelen. 2. In het systeem worden voorts in het kader van de handhaving verkregen gegevens geregistreerd. Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving beschikken over enkele geautomatiseerde systemen waarin elke verleende vergunning en strijdige situatie, op het gebied van Milieu, Ruimtelijke Ordening, Bouwen, APV en bijzondere wetten, Recreatie en toerisme, waartegen wordt gehandhaafd, wordt ingevoerd, bijgehouden en gemonitord. Door de registratie op het netwerk van de ABG-organisatie kan iedere werknemer op de hoogte zijn tegen welke situaties wordt gehandhaafd, wie de behandelend ambtenaar is, hoever de handhavingsprocedure is gevorderd en of de handhavingsprocedure al dan niet is afgehandeld. Dit bevordert een integrale werkwijze.
6.2
Kwaliteit van de capaciteit
Voor een adequate uitvoering van de taken is naast voldoende personele capaciteit ook de kwaliteit van de personele capaciteit van belang. De afdeling dient over voldoende deskundigheid en/of financiële middelen voor het inhuren van deskundigheid te beschikken voor een goede taakuitvoering en het ontwikkelen van kennis en vaardigheden.
6.3
Werkprocessen
Op 1 januari 2016 is de ABG-organisatie van start gegaan. Nu deze organisatie al weer langere tijd werkzaam is, zijn de meeste werkprocessen voor de drie gemeenten universeel. Ook bij het opstellen van beleidsnota’s en verordeningen wordt getracht deze zoveel mogelijk universeel te maken. Wel blijven er onderlinge verschillen bestaan, omdat dat wenselijk is in verband met de plaatselijke situatie.
32
7 Ontwikkelingen Hieronder volgt een overzicht van de plaatselijke, regionale en landelijke ontwikkelingen.
7.1
Omgevingswet
Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. De wet bundelt bijvoorbeeld 26 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Daardoor moet het straks makkelijker zijn om bijvoorbeeld een bouwproject te starten, zoals woningbouw op voormalige bedrijventerreinen. Verder biedt de wet meer ruimte voor particuliere ideeën. Dit komt doordat er meer algemene regels gelden, in plaats van gedetailleerde vergunningen. Het doel staat voorop en niet het middel om er te komen. De houding bij het beoordelen van plannen is ‘ja mits’ in plaats van ‘nee tenzij’. Zo ontstaat ruimte voor bedrijven en organisaties om met ideeën te komen. Door de corona perikelen en ook door de complicatie bij het invoeren van het DSO is de inwerkingtreding van de Omgevingswet vooralsnog uitgesteld tot 1 juli 2022. Of deze nieuwe datum ook haalbaar is, zal afhangen van de ontwikkelingen de komende tijd. Intern wordt inmiddels druk gewerkt aan de gevolgen van invoering van de deze wet. Daarvoor is ook een budget beschikbaar gesteld. Dit budget wordt benut voor het inhuren van externe deskundigheid, het organiseren van bijeenkomsten voor medewerkers, bestuurders, raadsleden en bewoners en organisaties. Daarnaast zijn er uren geraamd per betrokken medewerker.
Deze zijn opgenomen onder procesgerichte taken of algemene werkzaamheden. Voor de implementatie is een externe projectleider ingehuurd. Medewerkers vanuit het cluster nemen deel aan de werkgroepen die zich voorbereiden op de implementatie. Vooralsnog treedt de omgevingswet 1-7-2022 in werking. Het is de bedoeling dat alle medewerkers van het clusters vanaf 1-1-2022 meer aandacht besteden aan de komst van de Omgevingswet. Hierbij wordt onder andere gedacht aan het verder aanpassen van de huidige werkprocessen en beleid, afspraken met andere clusters en ketenpartners, volgen van trainingen en opleidingen. Digitaal stelsel Omgevingswet (DSO) Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ondersteunt de uitvoering van de Omgevingswet. Het digitaal stelsel bestaat uit de landelijke voorziening die wordt ontwikkeld door het programma Aan de slag met Omgevingswet en lokale systemen bij overheden. Eén digitaal loket voor de fysieke leefomgeving Het DSO biedt het digitale loket (Omgevingsloket) waar initiatiefnemers, overheden en belanghebbenden snel kunnen zien wat is toegestaan in de fysieke leefomgeving. Het digitaal stelsel vervangt bij de inwerkingtreding van de wet de bestaande toepassingen: Omgevingsloket online, Activiteitenbesluit Internet Module (AIM) en ruimtelijkeplannen.nl. Processen bij overheden De Omgevingswet heeft invloed op 4 processen bij overheden.
Het digitaal stelsel ondersteunt deze processen: • Omgevingsdocumenten digitaal beschikbaar maken in de LVBB (landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen) • Toepasbare regels voor vragenbomen in het Omgevingsloket • Vergunningaanvragen en meldingen ontvangen • Samenwerken aan het behandelen van een verzoek Het maken van vragenbomen in het omgevingsloket Hiervoor gaan we werken met het pakket Berkeley Bridge. Om ons op weg te helpen ondersteund Berkeley Bridge ons met de eerste vragenbomen. Bestemmingsplan /Omgevingsplan De huidige bestemmingsplannen zijn digitaal in te zien via ruimtelijkeplannen.nl. Met de komst van de omgevingswet loopt dat via het DSO. Hiervoor hebben wij gekozen voor het softwarepakket Tercera. Hiermee kan het omgevingsplan (nu bestemmingsplan), omgevingsvisie gemaakt, gewijzigd, gevalideerd en gepubliceerd worden. Daarnaast kunnen hiermee besluiten bekend gemaakt worden en beschikbaar worden gesteld.
33
Omgevingsdialoog De gemeente is verantwoordelijk voor het tijdig afgeven van kwalitatief goede vergunningen. De initiatiefnemers van vergunningaanvragen zijn in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor het (tijdig) indienen van de complete aanvraag. Ook zijn initiatiefnemers zelf verantwoordelijk voor het creëren van draagvlak en acceptatie van de voorgenomen plannen bij belanghebbenden zoals buren. Met ingang van de Omgevingswet wordt hiervoor de werkwijze van de “omgevingsdialoog” geïntroduceerd. De gemeente Gilze en Rijen past het instrument “omgevingsdialoog” al toe middels de beleidsnota “omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen” die door de Raad is vastgesteld. Het doel van de omgevingsdialoog is de input van de omgeving al vanaf het begin te betrekken bij het ontwerp. Dat zorg voor betrokkenheid en het gevoel ook daadwerkelijk bij te kunnen dragen aan de kwaliteit van de eigen leefomgeving en/of de oplossing van een probleem. De verwachting is dat een plan er beter van wordt (omdat het draagkracht heeft) en ondoelmatige kosten (kosten dubbel werk bij aanpassingen in latere fasen en lange procedure) worden bespaard. Naast dat Ruimtelijke Ontwikkeling deze beleidsnota toepast, passen we de omgevingsdialoog ook bij aanvragen om een omgevingsvergunning toe.
Indien er strijdigheid is met het bestemmingsplan wordt in overleg met Ruimtelijke Ontwikkeling onderzocht in welke gevallen dit ook voor een aanvraag gewenst is.
7.2
Private kwaliteitsborging in de bouw (WKB)
Als het gaat om Wabo vergunningverlening en toezicht staat er een stapsgewijze invoering van de Wet Private kwaliteitsborging op stapel. Hiermee worden de verantwoordelijkheden in de bouw anders neergelegd en wordt de markt primair verantwoordelijk voor de kwaliteit van de bouw. In plaats van de gemeente controleert een (private) kwaliteitsborger gedurende het ontwerp- en uitvoeringsproces of er gebouwd wordt volgens het Bouwbesluit. Voor de gemeente vervalt dan grotendeels de technisch-inhoudelijke toetsing aan het Bouwbesluit. Hiervoor in de plaatst komt er een aantal, voornamelijk administratieve, taken bij. Zoals de controle of het juiste instrument van kwaliteitsborging is toegepast en een controle of er sprake is geweest van een erkende kwaliteitsborger. In de vergunning fase toetsen we in het voorgenomen stelsel dus niet langer aan bouwtechnische voorschriften. Gemeenten houden bij vergunningverlening wel hun taken in het kader van de toetsing aan bestemmingplannen, bouwverordening, welstand en omgevingsveiligheid. Een groot deel van de werkzaamheden in het kader van de vergunningverlening voor het bouwen zal dus blijven bestaan. Wij besteden de bouwbesluit- en constructieve toets voor een groot deel uit aan een externe partij. Dit hoeft dan niet meer. Hierdoor heeft deze wetwijziging nauwelijks gevolgen voor de formatie bij vergunningverlening.
Voor wat betreft het toezicht, onze taak om tijdens de bouw te controleren of conform Bouwbesluit wordt gebouwd, komt dit te vervallen. In plaats daarvan toetsen wij of toegelaten instrumenten voor kwaliteitsborging worden toegepast die geschikt zijn voor de risicoklasse van het bouwwerk en of de gekozen kwaliteitsborger gerechtigd is om het instrument toe te passen. Wel houden wij het toezicht en de handhaving voor de bestaande voorraad bouwwerken. De Wet kwaliteitsborging borging voor het bouwen zal bij inwerkingtreding alleen gelden voor bouwwerken vallend onder Gevolgklasse 1. Welke bouwwerken hieronder vallen is vastgelegd in het (concept) Besluit kwaliteitsborging (zie afbeelding hierna). Het gaat samengevat om de volgende bouwwerken: Grondgebonden woningen Woonboten Vakantiewoningen Bedrijfspanden van maximaal 2 bouwlagen, inclusief een klein kantoor / kantine Fiets- en voetgangersbruggen Overige bouwwerken geen gebouw zijnde tot maximaal 20 meter hoog Bovenstaande bouwwerken vallen niet onder gevolgklasse 1 indien het monumenten zijn, indien er sprake is van een gelijkwaardige oplossing voor brand- of constructieve veiligheid, indien een melding of vergunning brandveilig gebruik nodig is of indien er een milieuvergunning nodig is. In dat geval vallen de bouwwerken – net als andere bouwwerken – vooralsnog onder het bestaande regime van de gemeentelijke toetsing.
In de eerste 3 jaar na invoering van de Wkb wordt geëvalueerd of en zo ja met welke eventuele aanpassingen ook de rest van de bouwwerken onder de Wkb gaan vallen. De wet treedt gelijktijdig met de Omgevingswet in werking. In het programma is onder 4.3 al rekening gehouden met de invoering van deze wet.
34
Implementatie nieuw back office pakket (CLO) Het huidige VTH-workflowsysteem GISVG gaat vervangen worden. GISVG is niet “Omgevingswetproef” en de leverancier heeft aangegeven dit systeem niet verder te ontwikkelen. We zijn daarom in 2020 op zoek geweest naar een nieuw systeem. Dat hebben we samen met andere Equalit-gemeenten gedaan. De aanbesteding hiervan heeft plaatsgevonden. We gaan werken met het pakket ‘Leefomgeving’ van Centric. Voordat we met het pakket kunnen werken moet het pakket ingericht worden. Ook moeten er diverse koppelingen met andere pakketten en sjablonen gemaakt worden. Dit doen we samen met Equalit en deelnemende gemeenten. We houden wel ieder een eigen inrichting omdat de werkprocessen per gemeente verschillend zijn. Daarnaast moeten gebruikers en key-users opgeleid worden. Het pakket had in het vierde kwartaal van 2021 in gebruik genomen moeten zijn. We streven nu naar het tweede kwartaal van 2022 voor de Wabo. Door diverse factoren heeft dit vertraging opgelopen. In de tussen tijd zijn de werkgroepen bezig met de inrichting van het pakket voor de Omgevingswet. Op het moment dat we live gaan met CLO wordt ook overgestapt van Corsa naar het zaaksysteem Green Valley. Op dit moment is niet bekend hoeveel impact dit heeft op de werkzaamheden.
35
Bijlage 1: Werkprogramma OMWB
36
Bijlage 2: Risicomatrix
37