RIB doordecentralisatie beschermd wonen
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan
Gemeenteraad / Raadscommissie Samenleving
Van
College van burgemeester en wethouders
Portefeuillehouder
Wethouder Doremalen
Onderwerp
Doordecentralisatie beschermd wonen
Datum collegevergadering
6 september 2022
Behandelend medewerker
Marleen Loots
Zaaknummer
410155
RIB-Nummer
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------1. Inleiding Al een aantal jaar wordt er gewerkt aan de voorbereidingen voor een doordecentralisatie van Beschermd Wonen van de 43 centrumgemeenten in Nederland naar alle gemeenten. Voor Gilze en Rijen betekent dit dat de centrumgemeentetaak bij de gemeente Tilburg wegvalt en dat we zelf verantwoordelijk worden voor deze taak. Beschermd Wonen op grond van de Wmo is bedoeld voor iedereen die tijdelijk niet zelfstandig kan wonen vanwege psychische of psychosociale problematiek en/of een (lichte) verstandelijke beperking. Op 20 december 2021 stelde u de regiovisie Beschermd Wonen regio Hart van Brabant vast. We kondigden destijds aan dat we in het najaar van 2022 met aanvullende voorstellen zouden komen rondom de bekostiging. Vanwege ontwikkelingen op landelijk niveau is dat niet haalbaar gebleken. In deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de ontwikkelingen en de huidige stand van zaken. 2. Inhoudelijk In april bracht de Raad van State een negatief advies uit over de doordecentralisatie van beschermd wonen. De belangrijkste zorgen van Raad van State: - Gemeenten zijn er nog niet klaar voor: beschermd wonen is veelal zo specialistisch dat gemeenten dat alleen goed kunnen organiseren als ze regionaal en landelijk samenwerken.
Die samenwerking is echter (te) vrijwillig en komt niet overal van de grond. - Risico dat cliënten de dupe worden: er zijn gemeenten die nu al afschuifgedrag vertonen bij deze vaak dure cliënten en invoering van het woonplaatsbeginsel kan dit versterken. Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om zich onbevoegd te verklaren en zullen meer tijd kwijt zijn aan onderling overleg over de vraag welke gemeente verantwoordelijk is. - het systeem wordt complexer: gemeenten zullen onderling meer moeten afstemmen in het organiseren van zorg en op cliëntniveau is niet langer altijd één gemeente integraal verantwoordelijk. Zorgaanbieders zullen mogelijk contracten moeten sluiten met meer gemeenten. Ook de afstemming met woningcorporaties en met het CAK wordt omslachtiger. - het systeem wordt duurder: de RvS verwacht dat wanneer alle gemeenten beschermd wonen moeten aanbieden, dat minder efficiënt en dus duurder is, terwijl het Rijk daar geen extra geld voor geeft.
Naar aanleiding van dit advies besloot de staatssecretaris tot uitstel van en aanvullend onderzoek naar de doordecentralisatie van Beschermd Wonen en de randvoorwaarden die daarvoor nodig zijn. Een werkgroep van VWS, de VNG en BZK heeft de afgelopen periode de aandachtspunten rond de doordecentralisatie van Beschermd Wonen nader onderzocht en besproken met alle betrokken partijen zoals vertegenwoordigers van aanbieders en cliënten. De eindrapportage met de resultaten van de afweging van verschillende scenario’s en mogelijke waarborgen is op 30 juni voorgelegd aan het bestuurlijk overleg. Daar was de conclusie dat voor het voortzetten van de inhoudelijke beweging naar een Beschermd Thuis de doordecentralisatie een onmisbare stap is en dat er voldoende waarborgen ingebouwd kunnen worden om tegemoet te komen aan de aandachtspunten en risico's die aan de doordecentralisatie verbonden zijn. De doordecentralisatie gaat dus door. Vanaf 2024 gaan alle gemeenten (geleidelijk) de middelen voor Beschermd Wonen ontvangen op basis van een objectief verdeelmodel. 3. Procedureel De eindrapportage van de werkgroep wordt openbaar als de staatssecretaris de Tweede Kamer na de zomer uitgebreider informeert over de besluitvorming.
Dan wordt ook het vervolgproces verder vormgegeven en weten we dus wanneer er meer duidelijkheid is over de inhoudelijke en financiële randvoorwaarden (de definitieve wettekst en het verdeelmodel). In de tussentijd werken we op lokaal en regionaal niveau verder aan het vormgeven van de transformatie van beschermd wonen naar beschermd thuis, onder andere via de nieuwe inkoop van beschermd wonen en het project Weer Thuis met de woningbouwcorporaties.