Raadsvoorstel vaststelling Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering: Behandelend medewerker: Cluster: Afdeling
12 mei 2022 Jan-Willem Van Oorschot
Agendapunt: Portefeuillehouder:
Algemene Juridische Zaken Intern advies & ondersteuning
Programma:
Burgemeester Alssema
Voorstel tot het vaststellen van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022
1. Samenvatting Aanleiding: Wetswijzigingen, voortschrijdend inzicht en adviezen van de VNG geven aanleiding om de Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2021 op onderdelen aan te passen. Hiertoe dient een besluit te worden genomen door de gemeenteraad. Gevraagde beslissing: Vast te stellen de ‘Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022’. Beoogd effect: Ervoor zorg te dragen dat de Algemene plaatselijke verordening van de gemeente Gilze en Rijen upto-date is. 2. Onderbouwing, aanpak, uitvoering Voorgesteld wordt om de Algemene plaatselijke verordening van de gemeente Gilze en Rijen (hierna: APV) te updaten met de volgende (belangrijkste) wijzigingen ten opzichte van de huidige vigerende APV. Om duidelijk inzichtelijk te maken welke wijzigingen er exact worden voorgesteld, is als bijlage toegevoegd de APV 2021 met daarin alle voorgestelde wijzigingen bijgehouden. Komst van de Omgevingswet De Omgevingswet treedt (vermoedelijk) op 1 januari 2023 in werking. De komst van deze wet heeft gevolgen voor de APV, omdat in de APV ook regels staan over de fysieke leefomgeving. Hierdoor moet de APV op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt technisch zijn aangepast aan de Omgevingswet. Verder is er een overgangsfase waarin ook inhoudelijke aanpassingen zullen moeten worden verricht.
Gelet hierop zijn door de hele APV heen de wettelijke grondslagen, formele verwijzingen en definities geactualiseerd. De APV-bepalingen over geluidhinder en hinder door verlichting vanuit inrichtingen (de artikelen 4:1 tot en met 4:5 van de APV) blijven gelden tot uiterlijk het einde van de overgangsfase (2030). Om ervoor te zorgen dat duidelijk is dat de basis van deze regels wordt gevormd door de wet- en regelgeving zoals die vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet gelden, is er aan de verwijzing naar die wet- en regelgeving in de betreffende APVbepalingen toegevoegd: ‘zoals deze luidden direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet’. Om alles op het juiste moment in werking te laten treden is in artikel 6:5 van de APV 2022 een overgangsbepaling opgenomen voor de betreffende artikelen en artikelleden.
Zaaknummer: 391821
Van Drank- en Horecawet naar Alcoholwet De Drank- en Horecawet is per 1 juli 2021 gewijzigd. In artikel 49 van die wet is bepaald dat de citeertitel ervan voortaan anders luidt, namelijk ‘Alcoholwet’ in plaats van ‘Drank- en Horecawet’. In diverse artikelen van de huidige APV wordt verwezen naar de Drank- en Horecawet. Gelet op de nieuwe citeertitel dienen de betreffende APV-artikelen te worden gewijzigd door in die artikelen de verwijzing naar de Drank- en Horecawet te vervangen door de verwijzing naar de Alcoholwet. In de als bijlage toegevoegde versie van de huidige APV met daarin alle wijzigingen bijgehouden is eenvoudig terug te vinden in welke artikelen deze wijziging is doorgevoerd. Artikel 2:12 Maken of veranderen van een uitweg Intern is geconstateerd dat de ‘link’ tussen het maken of veranderen van een uitweg en bestemmingsplanbepalingen (later: omgevingsplanbepalingen) ontbreekt. Daardoor kan de onwenselijke situatie ontstaan dat indien onder omstandigheden ook een afwijking van het bestemmingsplan (later: omgevingsplan) nodig is en die niet wordt gehonoreerd toch de omgevingsvergunning voor het maken of veranderen van een uitweg niet kan worden geweigerd.
Om die reden wordt voorgesteld om als weigeringsgrond toe te voegen dat de vergunning wordt geweigerd als de aanleg van de uitweg leidt tot strijd met een geldend bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. Uiteraard dient vervolgens vanwege de invoering van de Omgevingswet in de overgangsbepaling (artikel 6:5 van de APV) te worden geregeld dat de APV-bepaling op moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet verwijst naar het omgevingsplan. Artikel 2:22 Detectieverbod Het huidige detectieverbod in de APV voorziet uitsluitend in een verbod op het gebruik van een metaaldetector in de in artikel 2:12 APV bedoelde gevallen. Omdat er meerdere technieken zijn om op vergelijkbare wijze als met een metaaldetector naar metalen voorwerpen te zoeken (zoals bijvoorbeeld magneetvissen) wordt voorgesteld om aan artikel 2:22 APV toe te voegen het zoeken met enig ander voorwerp bestemd voor het opsporen van metalen voorwerpen. Artikel 2:26 Ordeverstoring Op verzoek van de politie en het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC) zijn bij de vorige actualisatie van de APV specifieke APV-bepalingen opgenomen die erop gericht zijn om het voeren van uiterlijke kenmerken van een verboden Outlaw Motorcycle Gang (OMG) te verbieden. Dit staat ook wel bekend als het ‘colorverbod’.
Bij arrest van 24 december 2021 heeft de Hoge Raad echter het in de APV van de in die procedure betrokken gemeente opgenomen ‘colorverbod’ onverbindend verklaard, omdat dit in strijd is met het in artikel 7, derde lid, van de Grondwet neergelegde recht op vrijheid van meningsuiting (ECLI:NL:HR:2021:1946). Naar aanleiding van deze uitspraak is het aan te raden om het ‘colorverbod’ ook uit de gemeente-eigen APV te halen. Voorgesteld wordt dan ook om artikel 2:26, tweede en derde lid, en artikel 2:50a te laten vervallen. Ook dient dan de verwijzing naar artikel 2:50a te worden geschrapt uit artikel 2:75 (Bestuurlijke ophouding). Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting In het vijfde lid van artikel 2:28 APV is een voor de zogenaamde ‘natte horeca’ (horeca waar alcohol wordt geschonken) bij de vorige actualisatie van de APV een vrijstellingsmogelijkheid (op verzoek of ambtshalve) van de exploitatievergunningplicht opgenomen conform de model-APV. Daarbij wordt de vergunningplicht afhankelijk gesteld van de overlast die de betreffende inrichting veroorzaakt. In de praktijk blijkt het echter van gemeentewege wenselijker te zijn dat de exploitatievergunningplicht onverkort geldt voor zowel natte als droge horeca-inrichtingen.
Dit omdat de exploitatievergunning andere doelen dient (openbare orde en veiligheid in het algemeen) dan de Alcoholwetvergunning (voorkomen van gezondheidsschade door alcohol bij jongeren en terugdringen van verstoring van de Zaaknummer: 391821
openbare orde door alcoholmisbruik onder jongeren). Dit betekent dat aan de exploitatievergunning dus andere voorwaarden kunnen worden verbonden dan aan de Alcoholwetvergunning. Om de mogelijkheid van het opleggen van die voorwaarden te behouden dient de exploitatievergunningplicht dan ook te worden gehandhaafd in de APV. Artikel 2:40 Kansspelautomaten Voorgesteld wordt om de standaardduur waarvoor een vergunning voor het plaatsen van een kansspelautomaat wordt verleend, te wijzigen van 3 jaar naar 1 jaar. Hierdoor is meer flexibiliteit in geldigheidsduur mogelijk. Het komt namelijk regelmatig voor dat een aanvrager een vergunning wenst met een geldigheidsduur van 1 of 2 jaar, hetgeen op grond van de huidige APV-bepaling niet mogelijk is. Die kent momenteel namelijk slechts de mogelijkheid van het verlenen van een vergunning voor de (vaste) duur van 3 jaar. Verder zorgt de voorgestelde wijziging voor een betere aansluiting op het bepaalde in de Legesverordening. Artikel 2:50a Verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties Zie de toelichting bij artikel 2:26 APV. Artikel 2:64 Bijen Voorgesteld wordt om het tweede, derde en vierde lid van dit artikel, in lijn met de door de VNG met betrekking tot dit artikel in de model-APV doorgevoerde wijzigingen, aan te passen.
Artikel 2:79 Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet In artikel 2:79 van de APV 2021 is een zorgplicht opgenomen voor gebruikers en verhuurders van woningen om geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden te veroorzaken. De burgemeester kan op grond hiervan gedragsaanwijzingen geven aan overlastgevers in zowel huurals koopwoningen en aan verhuurders. Tot 1 januari 2021 was de gedragsaanwijzing aan verhuurders alleen mogelijk als de persoon die overlast gaf niet als ingezetene in de desbetreffende gemeente stond ingeschreven. Met de inwerkingtreding van de Wet toeristische verhuur van woonruimte (Stb. 2020, 460) op 1 januari 2021 is die beperking vervallen. In verband hiermee wordt voorgesteld om artikel 2:79, conform de model-APV van de VNG, aan te passen. Om woonoverlast beter tegen te gaan, geldt de zorgplicht voortaan in alle gevallen voor verhuurders van woonruimten. Dat betekent dat verhuurders zorgdragen dat de ‘woningen’ die zij verhuren geen ernstige en herhaaldelijke hinder veroorzaken. Als de verhuurder zich niet of op een verkeerde manier inzet tegen ernstige en herhaaldelijke hinder, kan de burgemeester direct een verhuurder aanspreken en hoeft de burgemeester daarvoor niet eerst de huurder te hebben aangesproken. Dit is wenselijk wanneer verschillende huurders van dezelfde verhuurder hinder hebben veroorzaakt.
Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn in panden waar meerdere huurders wonen of waar huurders snel wisselen. De burgemeester kan dan dus – als ultimum remedium – direct aan een verhuurder een last onder bestuursdwang of dwangsom opleggen. Hoofdstuk 3, Afdeling 3 Uitoefenen seksbedrijf In enkele artikelen wordt voor ‘prostituee’ een vrouwelijke verwijzing gebruikt (‘zij’). Voorgesteld wordt om die verwijzingen genderneutraal te maken. Artikel 3:7 Weigeringsgronden In artikel 3:7 van de APV 2021 zijn de weigeringsgronden voor een vergunning voor het uitoefenen van een seksbedrijf opgenomen. In artikel 3:7, tweede lid, aanhef en onder b, is bepaald dat een schikking wordt gelijkgesteld met een veroordeling. Hiervoor is in het verleden aansluiting gezocht bij het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet. In de Algemene wet inzake rijksbelastingen is de schikking vervangen door een bestuurlijke strafbeschikking, waarin een geldboete kan worden opgelegd (artikel 76, tweede lid, Algemene wet inzake rijksbelastingen). Zaaknummer: 391821
Voorgesteld wordt om het APV-artikel hiermee, conform de model-APV, in overeenstemming te brengen door deze aan te passen. Overigens is deze wijziging ook in het Alcoholbesluit, dat het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet per 1 juli 2021 vervangt, op deze wijze doorgevoerd. In verband hiermee wordt tevens, conform de model-APV, voorgesteld om in artikel 3:7, tweede lid, aanhef en onder b van de APV 2021 het woord ‘vrijwillige’ voor ‘betaling’ te schrappen. Voor de schikking op grond van artikel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht volgt de vrijwilligheid namelijk reeds uit het accepteren van de schikkingsvoorwaarden. Hoofdstuk 4, afdeling 3 Het bewaren van houtopstanden In enkele APV-bepalingen wordt de definitie ‘boom’ of ‘bomen’ gebruikt, terwijl het beter is om daarvoor de bredere definitie ‘houtopstand’ te gebruiken. Voorgesteld wordt dan ook in die gevallen de gebruikte definitie aan te passen. 3. Alternatieven Het alternatief is om de Algemene plaatselijke verordening niet te updaten. Een ander alternatief is om de Algemene plaatselijke verordening in afwijking van de voorgestelde wijzigingen te updaten c.q. aan te passen. Geen van deze alternatieven wordt geadviseerd. 4. Lasten, baten en dekking Investering: Aan dit voorstel zijn geen directe financiële consequenties verbonden.
Eenmalige kosten: Er zijn geen eenmalige kosten verbonden aan dit voorstel. Structurele kosten: Er zijn geen structurele kosten verbonden aan dit voorstel. Dekking: Vanwege het ontbreken van direct tot dit voorstel te herleiden kosten is dekking niet aan de orde. 5. Duurzaamheid en inclusie Er is geen directe relatie tussen duurzaamheid en de Algemene plaatselijke verordening. Door deze aanpassingen zet de gemeente een stap in de richting om alle communicatie genderneutraal te maken. Zo vermijden we woorden die als vooringenomen, discriminerend of denigrerend zouden kunnen worden ervaren omdat een bepaald geslacht of gender de norm zou zijn. 6. Commissiebehandeling
7. Relatie ABG-Organisatie Er is zoveel als mogelijke aansluiting gezocht bij de model-APV van de VNG. Ook in de twee andere ABG-gemeenten wordt om die reden een voorstel tot het updaten van de Algemene plaatselijke verordening voorgelegd. Op deze wijze worden de verordeningen zoveel als mogelijk geharmoniseerd, hetgeen ook met name de efficiency ten goede komt. Omdat de APV een breed scala aan onderwerpen bevat, is echter ook daar waar gewenst voldoende aandacht besteed aan de gemeentelijke couleur locale. 8. Risico’s Indien de Algemene plaatselijke verordening niet wordt geüpdatet dan loopt de gemeente het risico om gemeentelijke regelgeving te hebben die in strijd is met de wet. Dit kan in een eventuele Zaaknummer: 391821
procedure tot gevolg hebben dat de lokale regelgeving onverbindend verklaard wordt. Daarnaast kan met regelgeving die niet up-to-date is ook niet voldoende worden gegarandeerd dat de gemeentelijke wensen, belangen en doelstellingen op de juiste wijze worden behartigd. 9. Vervolg Planning: Na vaststelling van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022 door de gemeenteraad zal deze direct op de wettelijk voorgeschreven wijze worden gepubliceerd zodat de verordening ook daadwerkelijk in werking treedt. Communicatie: Na vaststelling dient dit besluit op de gebruikelijke wijze digitaal te worden bekendgemaakt in het elektronisch gemeenteblad. Het besluit zal ook intern op deugdelijke wijze worden gecommuniceerd, zodat de uitvoerende medewerkers op de hoogte zijn van de nieuwe bepalingen en deze op correcte wijze kunnen toepassen.
BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN GILZE EN RIJEN
R.M. (René) Wiersema secretaris
D.A. (Derk) Alssema burgemeester
Bijlage(n) : Bijlage 1: Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2021; Bijlage 2: Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022 met bijgehouden wijzigingen; Bijlage 3: Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022.
Zaaknummer: 391821
Agendapunt Vergadering d.d. 12 mei 2022 DE RAAD VAN DE GEMEENTE GILZE EN RIJEN; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders nr. 391821;
gelet op het bepaalde in de Gemeentewet; besluit: Vast te stellen de ‘Algemene plaatselijke verordening gemeente Gilze en Rijen 2022’.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 12 mei 2022 DE RAAD VOORNOEMD, de griffier,
de voorzitter,
S. van Dijk
D.A. Alssema
Zaaknummer: 391821