CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

ONBP Bavelseweg 5 Gilze (10-09-2021)

Gemeenteraad 31 januari 2022, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel tot het ongewijzigd vaststellen van bestemmingsplan Bavelseweg 5, Gilze26.720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Het plangebied bestaat uit een woonboerderij met voormalige stallen en een aantal bijgebouwen. Rondom het erf liggen groene gebieden. Het plangebied heeft een oppervlakte van 3.500 m2. Hemelwater Het plangebied bestaat in de huidige situatie uit een verhard erf met bestaande gebouwen en groen gebied rondom het erf. In de bestaande situatie wordt de neerslag via inzijging, afroming naar lagere terreindelen en verdamping afgevoerd. Oppervlaktewater Het plangebied valt binnen het beheergebied van het waterschap Brabantse Delta. Langs de Bavelseweg en aan de zuidzijde van het perceel zijn B-watergangen aanwezig. Deze watergangen blijven in stand.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|48

Uitsnede legger waterschap Brabantse Delta

Bodem en grondwater De ondergrond van midden Noord-Brabant is opgebouwd uit afzettingen, die geohydrologisch kunnen worden onderverdeeld in relatief goed en slecht waterdoorlatende lagen. In de ondergrond van midden Noord-Brabant komen twee waterafvoerende pakketten voor, min of meer gescheiden door een slechte doorlatende laag. Toekomstige situatie Afkoppelen hemelwater In onderstaande tabel is voor de huidige en toekomstige situatie de oppervlakteverharding inzichtelijk gemaakt bij het maximale planologische gebruik van de locatie. Bruto (verharde) oppervlakte Totaal oppervlakte plangebied Bebouwing Verharding perceel Totaal verhard oppervlakte Totaal onverhard oppervlakte Afname verhard oppervlak

Huidige situatie (m2) Ca. 3.500 Ca. 810 Ca. 635 Ca. 1.445 Ca. 2.055

Toekomstige situatie (m2) Ca. 3.500 Ca. 725 Ca. 645 Ca. 1.370 Ca. 2.130 Ca. 75 m2

Het totaal verhard oppervlakte neemt in de toekomstige situatie af met circa 75 m 2. Op basis van het beleid van het waterschap dient voor de toename van het verhard oppervlak tussen de 500 m2 en 10.000 m2 compenserende maatregelen te worden getroffen om versnelde afvoer van hemelwater tegen te gaan. Het verhard oppervlak neemt af, een compenserende maatregel op basis van het beleid van het waterschap en de gemeente is daarmee niet noodzakelijk.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|49

Omdat er een lichte afname aan verhard oppervlak is bestaat er geen retentieplicht. Conform de bestaande situatie zal ook in de nieuwe situatie de verharding niet aangesloten worden op de riolering, maar is sprake van infiltratie van het hemelwater dan wel afvoer naar oppervlaktewater (conform de voorkeursvolgorde van afvoer van schoon hemelwater). Afvalwater De bebouwing blijft aangesloten op het bestaande rioleringsstelsel. Milieuvriendelijke bouwmaterialen Bij de bouwwerkzaamheden zal gebruik worden gemaakt van milieuvriendelijke Bouwmaterialen. Er wordt geen gebruik gemaakt van uitlogende bouwmaterialen, zoals lood, koper, zink en zacht PVC. Deze stoffen kunnen zich ophopen in het water(bodem)systeem en hebben hierdoor een zeer nadelige invloed op de water(bodem)kwaliteit en ecologie. Wateradvies De uitwerking van het voorliggende plan in deze waterparagraaf wordt in het kader van het wettelijk vooroverleg aan het waterschap Brabantse Delta toegezonden. Op 24 maart 2021 is van het waterschap een wateradvies ontvangen. Het advies is verwerkt in voorliggende waterparagraaf. Conclusie Door het nemen van de juiste maatregelen levert het planvoornemen geen knelpunten op voor de waterhuishouding.

5.11

Vliegbasis Gilze-Rijen

Ihcs - 1 Het initiatief is gelegen binnen één luchtvaartverkeerszone van de vliegbasis Gilze-Rijen, waardoor een hoogtebeperking is opgelegd voor aanvliegroutes. In het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ van de gemeente Gilze en Rijen is op de locatie Bavelseweg 5 de gebiedsaanduiding ‘ihcs – 1’ opgenomen. Binnen de aanduiding ‘ihcs – 1’ is de hoogte vastgesteld op 56 meter boven NAP. Deze hoogte is opgelegd in verband met het beschermingsgebied van in- en uitvliegfunnel van vliegtuigen. Toetsing De hoogte beperking welke geldt op de planlocatie brengt geen beperkingen met zich mee voor de beoogde ontwikkeling op de planlocatie. De bouwregels maken geen bebouwing hoger dan 12 meter mogelijk. Veiligheidszone - munitie - 3 Voor de gronden ter plaatse van de gebiedsaanduiding ‘veiligheidszone –munitie – 3’ geldt het volgende: • Het is niet toegestaan gebouwen te bouwen met vlies- of gordijngevelconstructies alsmede gebouwen te bouwen met zeer grote glasoppervlakten waarin zich als regel een groot aantal personen bevindt. Toetsing De bouwbeperking welke geldt op de planlocatie brengt geen beperkingen met zich mee voor de beoogde ontwikkeling op de planlocatie. Conclusie Vliegbasis Gilze-Rijen vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|50

6.

JURIDISCHE REGELGEVING

6.1

Inleiding

In dit hoofdstuk is uiteengezet welke gedachten aan de juridische regeling ten grondslag hebben gelegen en hoe de juridische regeling is vormgegeven.

6.2

Systematiek van de regels

Voor wat betreft de regels wordt voor het onderhavige bestemmingsplan ‘Bavelseweg 5 Gilze’ aansluiting gezocht bij het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ van de gemeente Gilze en Rijen. Hier is voor gekozen, omdat het plangebied gelegen is binnen de plangrenzen van dit bestemmingsplan. De opzet van de regels is gebaseerd op de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP 2012). Uiteraard is de mogelijkheid tot het leveren van maatwerk opgenomen, om de specifieke eisen die een gebied stelt aan de bestemmingsregeling te kunnen verwerken. Daarnaast is in landelijke standaarden (SVBP 2012 en IMRO 2012) vastgesteld welke kleuren, lijnen, symbolen, e.d. toegepast worden bij het opstellen van de verbeelding. In de volgende paragraaf worden de gebruikte bestemmingen nader toegelicht. Hieronder wordt een toelichting gegeven op welke wijze een en ander in de regels is vastgelegd. De regels zijn als volgt ingedeeld: Hoofdstuk 1: Inleidende bepalingen Dit hoofdstuk bevat twee artikelen. In het eerste artikel zijn de begripsomschrijvingen opgenomen, het tweede artikel bevat de wijze van meten. Hoofdstuk 2: Regels met betrekking tot de bestemmingen Dit hoofdstuk bestaat uit een beschrijving van de bestemming.

Deze kennen per bestemming globaal de volgende opzet: • Bestemmingsomschrijving; • Bouwregels voor gebouwen; • Bouwregels voor aan-, uit- en bijgebouwen; • Bouwregels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde; • Eventuele nadere eisen; • Eventuele afwijkingen van de bouwregels; • Eventuele specifieke gebruiksregels; • Eventuele afwijking van de gebruiksregels. In dit hoofdstuk worden de bestemming van de gronden als eerste beschreven, gevolgd door de eventuele dubbelbestemmingen voor leidingen, waarden en waterstaatsdoelen. Hoofdstuk 3: Algemene regels Dit hoofdstuk bevat de regels die op het hele plangebied betrekking hebben en regelt de volgende onderwerpen: • Anti-dubbeltelregel; • Algemene bouwregels; • Algemene gebruiksregels; • Algemene aanduidingsregels; • Algemene afwijkingsregels; • Overige regels.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|51

Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels Dit hoofdstuk bevat regels die op het hele plangebied betrekking hebben en regelt de volgende onderwerpen: • Overgangsregeling: bouwwerken welke op het moment van tervisielegging van het plan aanwezig zijn, mogen blijven staan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. Het gebruik van de grond en het opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment waarop het plan rechtskracht verkrijgt, mag gehandhaafd blijven; • Titel: in deze regel wordt aangegeven onder welke naam de regels aangehaald kunnen worden.

6.3

Beschrijving van de bestemmingen

Artikel 3 Groen – Landschappelijke inpassing Voor de bestaande en nieuw aan te planten groenvoorzieningen in het plangebied is de bestemming ‘Groen – Landschappelijke inpassing’ opgenomen. Naast het in stand houden van gebiedseigen beplanting overeenkomstig het landschappelijke inpassingsplan, ter inpassing van de gebouwen, verhardingen en andere voorzieningen in het landschap zijn binnen deze bestemming ook water- en waterhuishoudkundige voorzieningen, onverharde fiets- en wandelpaden, extensief dag recreatief medegebruik en een en ander bijbehorende voorzieningen toegestaan. In het bestemmingsplan zijn de volgende voorwaardelijke verplichtingen opgenomen: • Het (doen/ laten) gebruik(en) van de bestemming ‘Wonen’ is uitsluitend toegestaan indien de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 sub b, overeenkomstig het landschappelijke inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 3 van de regels, maximaal 2 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is uitgevoerd en kwalitatief en kwantitatief in stand wordt gehouden. • Het (doen/ laten) gebruik(en) van de bestemming ‘Wonen’ is uitsluitend toegestaan als het bijgebouw van 80 m2 wordt gesloopt, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 3 van deze regels, maximaal 2 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan.

Artikel 4 Wonen Binnen de bestemming ‘Wonen’ mag het aantal woningen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding ‘maximum aantal wooneenheden’ is aangegeven. De inhoudsmaat bedraagt maximaal 750 m3, inclusief aan- en uitbouw. Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – 1’ betreft de inhoudsmaat maximaal 1.250 m3. Daarnaast is ter plaatse van het bouwvlak 200 m2 bijgebouwen per woning toegestaan. In de tabel bij de regels staan verder regels aangegeven over de toegestane hoogten van gebouwen en de positionering hiervan. Specifiek is benoemd dat gebruik van gronden ten behoeve van paardenbakken niet zijn toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding ‘karakteristiek’ wordt gestreefd naar behoud en/ of herstel van de cultuurhistorische waarden van de op deze gronden aanwezige bouwwerken. In het bestemmingsplan zijn de volgende voorwaardelijke verplichtingen opgenomen: • Onder een gebruik in strijd met de bestemming ‘Wonen’ wordt in ieder geval verstaan een gebruik van de gebouwen voor wonen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – dove gevel’, tenzij dove gevels conform het akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, zoals opgenomen in de bijlagen bij de regels, zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. Het uitoefenen van een beroep aan huis is wel mogelijk, maar alleen als wordt voldaan aan een aantal voorwaarden.

Het aan-huis-gebonden beroep dient ten hoogste te vallen binnen de categorieën A en B1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten en er mag geen melding- of vergunningsplicht op grond van het Inrichtingen- en vergunningbesluit milieubeheer gelden.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|52

Artikel 5 Waarde – Archeologie De voor ‘Waarde - Archeologie’ aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de bescherming van te verwachten archeologische waarden. Algemene aanduidingen Overige zone – ihcs – 1 Ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone – ihcs – 1’ geldt een bouwverbod ten behoeve van het obstakelvrije (start- en landings)vlak met zijkanten voor gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, met een hogere bouwhoogte dan 56 meter boven NAP; Veiligheidszone – munitie – 3 Ter plaatse van de aanduiding ‘veiligheidszone – munitie – 3’ is het niet toegestaan gebouwen te bouwen met vlies- of gordijngevelconstructies alsmede gebouwen te bouwen met zeer grote glasoppervlakten waarin zich als regel een groot aantal personen bevindt.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|53

7.

UITVOERBAARHEID

7.1

Economische haalbaarheid

Op grond van artikel 3.1.6 lid 1 onder f van het Besluit ruimtelijke ordening dient de uitvoerbaarheid van bestemmingsplannen te worden aangetoond. De ontwikkelingen betreffen een particulier initiatief en bevinden zich op particulier terrein. Er wordt een overeenkomst opgesteld tussen de initiatiefnemer en de gemeente ten behoeve van de kosten. Hiermee is het verhaal van kosten van de grondexploitatie over in het plan begrepen gronden anderszins verzekerd en hoeft geen exploitatieplan conform de Wro te worden opgesteld. Daarnaast wordt een planschadeovereenkomst vóór de terinzagelegging van dit ontwerpbestemmingsplan afgesloten met de initiatiefnemer.

7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Omgevingsdialoog Op basis van de gemeentelijke beleidsnota “Omgevingsdialoog bij Ruimtelijke plannen” is door de initiatiefnemer een omgevingsdialoog uitgevoerd. Initiatiefnemers hebben op 29 oktober 2020 een omgevingsdialoog gevoerd met de direct omwonende van het plangebied. Op deze dag zijn de plannen toegelicht. Hieruit is gebleken dat er op basis van de bezoeken in deze omgevingsdialoog geen bezwaren naar voren zijn gekomen tegen de bestemmingswijziging naar wonen en de extra woning in de karakteristieke schuur. De omwonende hebben schriftelijk bevestigd dat ze door de initiatiefnemer zijn geïnformeerd en tevreden zijn met de uitkomst van de gevoerde omgevingsdialoog. Uit de omgevingsdialoog zijn geen opmerkingen naar voren gekomen. Vooroverleg In het kader van het vooroverleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening wordt het voorontwerp-bestemmingsplan voorgelegd aan de vooroverleg partners: de Provincie Noord-Brabant en het Waterschap Brabantse Delta. Provincie Noord-Brabant De provincie Noord-Brabant heeft op 21 april 2021 hun reactie gegeven. De provincie gaf enkele opmerkingen. De opmerkingen van de vooroverlegreactie van de provincie zijn verwerkt in de toelichting en de regels. Tevens gaf de provincie een aantal suggesties waarop het bouwplan is aangescherpt, waardoor de cultuurhistorische waarden nog beter ingepast zijn.

De reactie van de provincie is opgenomen als bijlage bij de toelichting. Hieronder wordt ingegaan op de genoemde punten uit de reactie en de wijze waarop deze in het ontwerp bestemmingsplan zijn verwerkt:

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|54

“Cultuurhistorie De mogelijkheid voor het splitsen van een woning, dan wel het creëren van een woning in een opstal, is ingegeven vanuit het belang van het behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Daarbij hoort het plan inzicht te geven in de cultuurhistorische waarde van de bebouwing en het behoud en/of herstel van deze bebouwing. Het aantonen van cultuurhistorische waarde kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld aan de hand van een gemeentelijke erfgoedkaart of de cultuurhistorische waardenkaart (CHW-kaart) van de provincie Noord-Brabant. Wij merken op dat alleen de boerderij als cultuurhistorisch waardevol is aangewezen. Nu kunnen wij vanwege de ligging en de ensemblewerking met de naastliggende boerderij ook de schuur als een cultuurhistorisch waardevol pand zien. Wel vinden wij het dan belangrijk dat op de lijst van ‘Cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende panden’ onder Bavelseweg 5 ook de schuur als cultuurhistorisch waardevol pand wordt toegevoegd en beschreven. Graag zien wij deze beschrijving ook terugkomen in het bestemmingsplan en op de plankaart zodat de cultuurhistorische waarde ook juridisch wordt beschermd. Conclusie Wij verzoeken u om de cultuurhistorische waarde van de schuur beter te onderbouwen en te beschermen in de planregels.

Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen of opmerkingen dan zijn wij graag bereid tot nader overleg.” Reactie gemeente: Voor de bescherming van de cultuurhistorische waarden is voor het gehele perceel de bouwaanduiding “karakteristiek” opgenomen. Dus zowel de boerderij als de schuur vallen binnen deze aanduiding. In artikel 7.3 van de planregels is een regeling voor deze cultuurhistorische waardevolle bebouwing opgenomen. In deze regeling is een juridische koppeling gemaakt naar de cultuurhistorische waarden beschreven in bijlage 4 bij de regels Waardestelling Bavelseweg 5 te Gilze, zodat deze cultuurhistorische waarden van het gehele perceel behouden dienen te blijven. Op deze wijze zijn de cultuurhistorische waarden van zowel de boerderij, de schuur als de ensemble als geheel beschermd. Daarnaast zijn van de provincie per mail nog suggesties ontvangen om de cultuurhistorische waarden van de schuur nog beter in het architectonisch ontwerp mee te nemen. De architect heeft deze suggesties meegenomen in een aangepast schetsontwerp, dat als bijlage 2 bij de toelichting van het ontwerp bestemmingsplan is gevoegd. Waterschap Brabantse Delta Het Waterschap Brabantse Delta heeft op 24 maart 2021 een wateradvies afgegeven. Het advies is verwerkt in de waterparagraaf. De reactie van het waterschap is opgenomen als bijlage bij de toelichting.

Ontwerp Na de instemming van het college van burgemeester en wethouders op het ontwerpbestemmingsplan is het ontwerp 6 weken ter inzage gelegd. In deze periode heeft eenieder de mogelijkheid gehad zienswijze in te dienen bij het college van burgemeester en wethouders. PM. Vaststelling Na vaststelling wordt het plan, samen met het besluit tot vaststelling hiervan, opnieuw 6 weken ter inzage gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen dit besluit beroep aantekenen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tevens kan beroep worden ingesteld tegen de eventueel gewijzigde onderdelen. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01 Bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

REGELS

|1

1 Inleidende regels

2

Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten

2 6

2 Bestemmingsregels

7

Artikel 3 Groen - Landschappelijke inpassing Artikel 4 Wonen Artikel 5 Waarde - Archeologie

7 9 12

3 Algemene regels

16

Artikel 6 Anti-dubbeltelregel Artikel 7 Algemene bouwregels Artikel 8 Algemene gebruiksregels Artikel 9 Algemene aanduidingsregels Artikel 10 Algemene afwijkingsregels Artikel 11 Algemene wijzigingsregels Artikel 12 Overige regels

16 17 19 20 21 22 23

4 Overgangs- en slotregels

24

Artikel 13 Overgangsrecht Artikel 14 Slotregel

24 25

Bijlagen: 1. Staat van Bedrijfsactiviteiten 2. Akoestisch onderzoek 3. Landschappelijk inrichtingsplan 4. Waardestelling Bavelseweg 5, te Gilze

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|2

1 INLEIDENDE REGELS Artikel 1 Begrippen 1.1 Plan het bestemmingsplan 'Bavelseweg 5 Gilze' met identificatienummer NL.IMRO.0784.Bavelseweg5ON01 van de gemeente Gilze en Rijen. 1.2 Bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3 Aanduiding een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/ of het bebouwen van deze gronden. 1.4 Aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5 Aan- en uitbouw/ aangebouwd bijgebouw een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw. 1.6 Aan-huis-gebonden beroep vrije beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten die ten hoogste vallen binnen de categorieën A en B1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' in bijlage 1, waarvoor geen melding- of vergunningplicht op grond van het Inrichtingen en vergunningbesluit milieubeheer geldt en dat in een woning door de bewoner wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.

1.7 Afhankelijke woonruimte een bijgebouw dat een ruimtelijke en planologische eenheid vormt met de woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit het oogpunt van mantelzorg is gehuisvest. 1.8 Archeologische deskundige een door bevoegd gezag aan te wijze deskundige op het gebied van archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH. 1.9 Archeologisch onderzoek onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die daarvoor gecertificeerd is. 1.10 Archeologische waarde de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden. 1.11 Bebouwing een of meer gebouwen en/ of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.12 Bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen afstands-, hoogte-, inhouds-, en oppervlaktematen, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan tot stand zijn gekomen of tot stand zullen komen met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Wabo. 1.13 Bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak. 1.14 Bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; bestemmingsvlakken ten behoeve van bestemmingen die verbonden zijn door middel van de aanduiding 'relatie', worden geacht één bestemming te vormen.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|3 1.15 Bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.16 Bouwgrens de grens van een bouwvlak. 1.17 Bouwperceelgrens de grens van een bouwperceel. 1.18 Bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.19 Bouwwerk een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.20 Bijgebouw een vrijstaand gebouw dat in functioneel en architectonisch opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw en ten dienste staat van het woongenot. 1.21 Cultuurhistorische waarde de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met ouderdom en gaafheid. 1.22 Detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, verkopen en/ of leveren van goederen aan degene die deze goederen kopen voor eigen gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.23 Erf- en terreinafscheiding een bouwwerk dat dient ter scheiding van het erf of een terrein. 1.24 Gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.25 Hoofdgebouw een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.26 Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer besluit van 5 januari 1993 (Stb. 50) houdende uitvoering van de hoofdstukken 1 en 8 van de Wet milieubeheer en hoofdstuk V van de Wet geluidhinder, zoals dit luidde op het moment van tervisielegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.27 Landschappelijke inpassing een zodanige vormgeving en inpassing dat deze optimaal is afgestemd op bestande dan wel nog te ontwikkelen landschappelijke (ruimtelijke, natuurlijke en cultuurhistorische) landschapskwaliteiten; dit kan door middel van architectuur (vormgeving, situering, bebouwing en materiaalgebruik), aanleg van landschappelijke en/ of natuurlijke elementen al dan niet in combinatie met sloop. 1.28 Mantelzorg het bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/ of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband.

1.29 Nutsvoorzieningen voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|4 1.30 Ondergeschikte detailhandel detailhandel als activiteit die in ruimtelijk, functioneel en inkomenswervend opzicht duidelijk ondergeschikt is aan de op de ingevolge het bestemmingsplan toegestane hoofdfunctie. de detailhandelsactiviteit is van zulke beperkte bedrijfsmatige en/ of ruimtelijke omvang dat de (nietdetailhandel) functie waaraan zij wordt toegevoegd qua aard, omvang en verschijningsvorm, overwegend of nagenoeg geheel als hoofdfunctie duidelijk herkenbaar blijft. 1.31 Ondergeschikte horeca het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en/ of etenswaren voor gebruik ter plaatse als ondergeschikte activiteit bij de hoofdfunctie, waarbij de ondergeschikte horeca-activiteiten passen bij de hoofdfunctie en niet zelfstandig worden uitgeoefend en niet toegankelijk zijn los van de hoofdfunctie. 1.32 Overig bouwwerk een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.33 Overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van maximaal drie gesloten wanden. 1.34 Open constructie constructie met een doorkijk, voor minimaal 80% voorzien van open delen, zoals een constructie als een hekwerk. 1.35 Opslag het bewaren van goederen, materialen en stoffen zonder dat ter plaatse sprake is van productie, bewerking, verwerking, handel en/ of activiteiten van administratieve aard.

1.36 Paardenbak een buitenrijbaan ten behoeve van paardrijactiviteiten, met een bodem van zand, hout, boomschors of ander materiaal om de bodem te verstevigen en al dan niet voorzien van een omheining. 1.37 Pand de kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar. 1.38 Peil a. b.

voor bouwwerken die onmiddellijk aan de weg grenzen: de hoogt van die weg, ter plaatse van de hoofdtoegang; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.

1.39 Permanente bewoning het verblijven in een kampeermiddel, een recreatieverblijf, een verblijfsrecreatief appartement of in een gebouw, geen woning zijnde, met het kennelijke doel om dat kampeermiddel, recreatieverblijf, verblijfsrecreatief appartement dan wel het gebouw als hoofdverblijf te gebruiken. 1.40 Seksinrichting een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotischpornografische aard plaatsvinden; onder een seksinrichting wordt in elk geval verstaan: een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf, waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.41 Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' de Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' die van deze regels deel uitmaakt. 1.42 Verbeelding de digitale weergave van het bestemmingsplan. 1.43 Voorgevelrooilijn de denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelgrenzen. NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|5 1.44 Woning een (gedeelte van een) gebouw, uitsluitend geschikt en bestemd voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden, of een andere daarmede vergelijkbare economische eenheid. 1.45 Zijdelingse perceelgrenzen de zijdelingse grens tussen twee (of meerdere) percelen.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|6

Artikel 2 Wijze van meten 2.1 De afstand tot de zijdelingse perceelgrens Tussen de zijdelingse grenzen van een perceel en enig punt van het betreffende bouwwerk, waar de afstand het kortste is. 2.2 De bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.3 De dakhelling Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.4 De goothoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.5 De hoogte van een windturbine Vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine. 2.6 De inhoud van een bouwwerk Tussen de onderzijde van de beganegrondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/ of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.7 De oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/ of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|7

2 BESTEMMINGSREGELS Artikel 3 Groen - Landschappelijke inpassing 3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen - Landschappelijke inpassing' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b. c. d. e.

het aanleggen en in stand houden van gebiedseigen beplanting overeenkomstig het landschappelijke inpassingsplan, ter inpassing van de gebouwen, verhardingen en andere voorzieningen in het landschap; onder landschappelijke inpassing wordt in deze regels verstaan het landschappelijk inpassingsplan als opgenomen in bijlage 3 van deze regels; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; onverharde fiets- en wandelpaden; extensief dag recreatief medegebruik;

een en ander met bijbehorende voorzieningen. 3.2 Bouwregels 3.2.1 Algemeen Op deze gronden mogen uitsluitend erf- en terreinafscheidingen worden gebouwd, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. b.

de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1 meter; erf- en terreinafscheidingen moeten als open constructie worden opgericht.

3.3 Specifieke gebruiksregels 3.3.1 Strijdig gebruik Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden voor: a. b. c. d.

het realiseren van parkeerplaatsen; het gebruik als kampeerterrein; buitenopslag; het lozen en/ of opslaan van stoffen.

3.4 Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3 lid 1 sub a indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals bedoeld in bijlage 3 van deze regels, andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat: a.

b. c.

de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het landschap inpassingsplan opgenomen landschapsmaatregelen en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het inrichtingsplan genoemde landschapsmaatregelen zijn bepaald; hetgeen onder a beschreven kan worden aangetoond met een waarde berekening inclusief toelichting en beplantingsplan; er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in de omgeving aanwezige waarden.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|8 3.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 3.5.1 Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/ of werkzaamheden uit te voeren: a.

b. c. d. e. f. g.

het vellen van houtgewas wat niet overeenkomt met de duurzame ontwikkeling of instandhouding van de bij de bestemming behorende landschappelijke en natuurlijke waarden; het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging; het verrichten van grondroeractiviteiten, bijvoorbeeld het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage; het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; het plaatsen van onroerende objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; het aanbrengen van voorzieningen van geringe omvang ten behoeve van extensieve recreatie; het aanbrengen van halfverhardingen.

3.5.2 Uitzonderingen Het in artikel 3 lid 5.1 vervatte verbod geldt niet voor werken en/ of werkzaamheden die: a.

b. c. d.

behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming, als afzetten, knotten, dunnen, waarbij de in artikel 3 lid 5.1 sub a genoemde waarden duurzaam worden veiliggesteld; noodzakelijk zijn in verband met het op de bestemming gerichte beheer of gebruik van de grond; reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.

3.5.3 Toelaatbaarheid De in artikel 3 lid 5.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in de landschappelijke waarden van de landschapselementen.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|9

Artikel 4 Wonen 4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

het wonen; gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde; ter plaatse van de bouwaanduiding 'karakteristiek': cultuurhistorisch waardevol pand; bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen, water en (ontsluitings)wegen;

met uitzondering van: e.

aan-huis-gebonden beroepen;

4.2 Bouwregels 4.2.1 Algemeen Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b.

ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is bouwen uitsluitend toegestaan indien voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 7 lid 3; gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van erfafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd;

met dien verstande dat: c.

overigens geldt het volgende: max max max max max dakhel- min afstand afstand aantal per inhoud opper- goot- bouw- ling tot tot de bouwvlak vlak hoogte hoogte (min/ zijdelingse woning max) perceel(min/ grens max)

woning, inclusief aanen uitbouw

één, 750 m2 5m tenzij anders op de verbeelding aangegeven 200 m2 3,5 m

bijgebouwen en overkappingen bij de woning erfafscheidinge n binnen het bouwvlak: • •

-

voor de voorgevel: overige

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

-

min afstand tot de voorgevelrooilijn -

10 m

20°/ 55° 5 m

-

5,5 m

20°/ 55° -

2 m/ 10 m

5m

-

-

-

-

-

1m

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|10 plaatsen

erfafscheidinge n buiten het bouwvlak: antennes en 1 windturbines overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde (met uitzondering van erfafscheidinge n) d.

2m

-

-

1m 12

-

-

5m

2 m/ -

10 m

-

-

6m

-

-

-

-

-

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' mag de inhoud van de woning niet meer bedragen dan 1.250 m2.

4.2.2 Parkeren Bij het oprichten van gebouwen of het veranderen van gebruik dient de inrichting van elk perceel zodanig te zijn dat voldoende ruimte aanwezig is om zowel het parkeren als het eventueel laden en lossen op eigen terrein te kunnen afwikkelen. Op eigen terrein dient voorzien te zijn in voldoende parkeeraccommodatie conform de parkeerrichtlijnen volgens het gemeentelijk parkeerbeleid. 4.3 Afwijken van de bouwregels 4.3.1 Ten behoeve van afstand tot de zijdelingse perceelgrens Bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van het bepaalde in artikel 4 lid 2.1 sub c ten behoeve van de afstand tot de zijdelingse perceelgrens mits de voorgenomen afstand stedenbouwkundig aanvaardbaar is. 4.4 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a.

paardenbakken binnen het bouwvlak zijn niet toegestaan.

4.4.1 Voorwaardelijke verplichting dove gevels Onder een gebruik in strijd met de bestemming 'Wonen' wordt in ieder geval verstaan een gebruik van de gebouwen voor wonen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - dove gevel', tenzij dove gevels conform het akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, zoals opgenomen in bijlage 2 bij de regels, zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. 4.4.2 Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing Het (doen/ laten) gebruik(en) van de bestemming 'Wonen' is uitsluitend toegestaan indien de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in artikel 3 lid 1 sub b, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 3 van de regels, maximaal na 2 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is uitgevoerd en kwalitatief en kwantitatief in stand wordt gehouden. 4.4.3 Voorwaardelijke verplichting sloop Het (doen/ laten) gebruik(en) van de bestemming 'Wonen' is uitsluitend toegestaan als het bijgebouw van 80 m2 wordt gesloopt, overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 3 van deze regels, maximaal na 2 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan. NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|11 4.5 Afwijken van de gebruiksregels 4.5.1 Ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen Het bevoegd gezag kan in afwijking van het bepaalde in artikel 4 lid 1 sub e ten behoeve van het toestaan van aan-huis-gebonden beroepen die ten hoogste vallen binnen de categorieën A en B1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten en waarvoor geen melding- of vergunningplicht op grond van het Inrichtingen- en vergunningbesluit milieubeheer geldt, met inachtneming van het volgende: a. b. c.

d. e. f. g. h.

het vloeroppervlak ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen mag niet meer dan 60 m2 bedragen; buitenopslag en buitenactiviteiten ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen zijn niet toegestaan; in het kader van de aan-huis-gebonden beroepen is geen horeca en detailhandel toegestaan uitgezonderd horeca en detailhandel ondergeschikt en gelieerd aan het aanhuis-gebonden beroep; aan-huis-gebonden beroepen zijn toegestaan indien er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de omgeving; het aan-huis-gebonden leidt niet tot extra belemmering voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving; ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid binnen het bouwvlak; het gebruik voor aan-huis-gebonden beroepen heft geen nadelige invloed op de normale afwikkeling van het verkeer; één van de bewoners van het bedrijfsgebouw dient eigenaar/ bedrijfsleider te zijn van het aan-huis-gebonden beroep.

4.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.6.1 Verbod Het is verboden buiten het bouwvlak op of in de gronden met de bestemming zoals bedoeld in artikel 4 lid 1 zonder of in afwijking van een schriftelijke aanlegvergunning van bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.

de sloop van gebouwen met de specifieke bouwaanduiding 'karakteristiek'.

4.6.2 Uitzonderingen Het verbod in artikel 4 lid 6.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. b. c.

normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning.

4.6.3 Voorwaarde voor omgevingsvergunning De werken en werkzaamheden, zoals in artikel 4 lid 6.1 bedoeld, zijn slechts toelaatbaar, indien het cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende karakter van de aanwezige bebouwing daardoor niet onevenredig wordt geschaad. 4.6.4 Strafbaar feit Overtreding van het verbod in artikel 4 lid 6.1 is een strafbaar feit, zoals bedoeld in artikel 1a van de Wet op de economische delicten.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|12

Artikel 5 Waarde - Archeologie 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van archeologische waarden. 5.2 Bouwregels Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a.

b.

bouwwerken ter vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de bestaande oppervlakte van het bouwwerk niet wordt vergroot of ruimtelijk gewijzigd en voor zover bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan 0,4 meter over een oppervlakte groter dan 250 m2; bouwwerken met een oppervlakte van minder dan 250 m2 voor zover bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan 0,4 meter.

5.3 Afwijken van de bouwregels 5.3.1 Afwijken vor bouwen ten dienste van andere bestemming Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 5 lid 2 sub a, voor de bouw van bouwwerken ten dienste van de andere geldende bestemming(en), mits: a.

b.

c.

d.

op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of de volgende voorwaarden in acht genomen worden indien, op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten kunnen worden verstoord: 1.

een verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden (behoudsmaatregelenplan); of 2. een verplichting tot het doen van opgravingen (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of 3. een verplichting de uitvoering van bouwactiviteiten te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA, namelijk een daarvoor gecertificeerde instantie; deze vorm van onderzoek kan alleen in uitzonderlijke situaties worden toegepast zoals verwoord in de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie; hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht; bij de beoordeling van archeologische rapporten, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|13 5.3.2 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt over een voor de beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek voor de gronden waarop een aanvraag om omgevingsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoeve van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te overleggen dat voldoet aan de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). Indien het gravend onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag. 5.3.3 Advies Bij de beoordeling van het archeologisch onderzoek, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen. 5.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.4.1 Omgevingsvergunning Het is verboden op of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.

b.

c.

d. e.

het ophogen, afgraven (ook ten behoeve van het verwijderen van bestaande funderingen), woelen, mengen, diepploegen, aanbrengen van heipalen, egaliseren en ontginnen van gronden met dien verstande dat het werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden betreft met een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 0,4 meter; het wijzigen van de waterhuishouding, zoals draineren en het uitdiepen, graven en/ of verleggen van waterlopen over een oppervlakte groter dan 250 m 2 en dieper dan 0,4 meter; het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur over een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 0,4 meter; het verlagen van het waterpeil over een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 0,4 meter; het doen van opgravingen in het kader van archeologisch onderzoek, mits verricht door een ter zake deskundige, namelijk een archeologische instantie die daarvoor gecertificeerd is en die in het bezit is van een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen.

5.4.2 Uitzonderingen Het verbod, zoals bedoeld in artikel 5 lid 4.1 is niet van toepassing, indien: a.

b.

c.

d.

het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels, leidingen en rioleringen waarbij niet dieper gegraven wordt dan de reeds uitgegraven diepte; op basis van inventariserend en/ of difinitief archeologisch onderzoek, conform KNA en goedgekeurd door de gemeente Gilze en Rijen, is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn; de werken en werkzaamheden: 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of een ontgrondingsvergunning; de werken en werkzaamheden op inventariserend of definitief archeologisch onderzoek zijn gericht.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|14 5.4.3 Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk a.

b.

c.

d.

het is verboden voor de 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden, zonder of in afwijking van een vergunning voor het slopen van een bouwwerk, de aanwezige bouwwerken te slopen als de oppervlakte en diepte meer bedraagt dan 250 m 2 en dieper gaat dan 0,4 meter onder maaiveld; aan de sloopvergunning kan in ieder geval de voorwaarde worden gesteld dat de sloop wordt begeleidt door een gekwalificeerde deskundige (zijnde een archeologisch bedrijf dat daarvoor gecertificeerd is); hiervoor is een door het bevoegd gezag schriftelijk goedgekeurd Programma van Eisen vereist dat is opgesteld conform de vigerende Kwaliteitsnrom Nederlandse Archeologie (KNA); bevoegd gezag laat zich voor de beoordeling adviseren door een door deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, bijvoorbeeld door de Regioarcheologie; indien tijdens de begeleiding van de sloopwerken vondsten van zeer hoge waarden worden aangetroffen, wordt hiervan terstond melding gemaakt bij het bevoegd gezag die in het belang van de archeologische monumentenzorg aanvullende voorschriften kunnen verbinden aan de sloopvergunning; de vergunning kan niet worden verleend indien blijkt dat de sloop een onevenredige aantasting van de archeologische waarden van de gronden tot gevolg heeft.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|15 5.4.4 Toelaatbaarheid Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5 lid 4.1 wordt slechts verleend indien: a.

b.

c.

d.

op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of de volgende voorwaarden in acht genomen worden indien, op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat goedgekeurd is door het bevoegd gezag de archeologische waarden door de werken en werkzaamheden kunnen worden verstoord; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is heet verplicht een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten

opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden (behoudsmaatregelenplan); of 2. een verplichting tot het doen van opgravingen (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of 3. een verplichting de uitvoering van werken en werkzaamheden te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg namelijk een daarvoor gecertificeerde instantie; deze vorm van onderzoek kan alleen in uitzonderlijke situaties worden toegepast zoals verwoord in de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie; hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht; bij de beoordeling van archeologische rapporten, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeeser en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen.

5.4.5 Advies Indien het bevoegd gezag voornemens is om aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden als bedoeld in artikel 5 lid 4.1 sub c, wordt door de bevoegde overheid aan een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, zoals bijvoorbeeld de regioarcheologen, advies gevraagd; bij een negatief advies wordt de omgevingsvergunning niet verleend. 5.5 Wijzigingsbevoegdheid 5.5.1 Wijziging op basis van archeologisch onderzoek Burgemeester en Wethouders kunnen, overeenkomstig artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, het plan wijzigen in die zin dat aan de bestemming 'Waarde - Archeologie' wordt ontnomen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. 5.5.2 Advies Alvorens de in artikel 5 lid 5.1 bedoelde wijziging wordt toegepast, wordt deskundig advies gevraagd aan een door Burgemeester en Wethouders vastgestelde deskundige op het gebied van de archeologische Monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|16

3 ALGEMENE REGELS Artikel 6 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|17

Artikel 7 Algemene bouwregels 7.1 Bestaande maten Met betrekking tot bestaande maten gelden de volgende regels: a. b. c.

de bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die meer bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; de bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die minder bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden; ingeval van herbouw is dit lid onder a en b uitsluitend van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt.

7.2 Ondergronds bouwen Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende bepalingen: a. b. c.

ondergrondse bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; de onderkant van het bouwwerk (inclusief fundering) bedraagt ten hoogste 4 meter onder het peil; bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sub b indien het hydrologisch belang niet wordt geschaad; alvorens een omgevingsvergunning te verlenen vraagt bevoegd gezag advies in bij het waterschap en de provincie omtrent de vraag of het hydrologisch belang niet wordt geschaad.

7.3 Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing 7.3.1 Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing Ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' wordt gestreefd naar behoud en/ of herstel van de cultuurhistorische waarden van de op deze gronden aanwezige bouwwerken. Dit houdt in dat: a.

b. c.

de bouwwerken qua profiel, bouwmassa, gevelkarakteristiek, detaillering, kleur- en materiaalgebruik, situering en oriëntatie behouden dienen te blijven; het behoud van de verschijningsvorm heeft hoge prioriteit; de cultuurhistorische waarden beschreven in bijlage 4 Waardestelling Bavelseweg 5, te Gilze behouden dienen te blijven; nieuwe bebouwing dient de karakteristiek van de bestaande gebouwen afzonderlijk en/ of als geheel niet aan te tasten.

7.3.2 Verbod Het is verboden de bebouwing ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' zodanig te veranderen dat een aantasting ontstaat van de aanwezige cultuurhistorische waarden, zonder of in afwijking van een schriftelijke omgevingsvergunning van het bevoegd gezag. 7.3.3 Uitzondering op het verbod Het bepaalde in artikel 7 lid 3.2 is niet van toepassing voor: a.

b.

werken en werkzaamheden, welke op het tijdstip van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde vergunning, afwijking of anderszins mogen worden uitgevoerd; de vergroting van de inhoudsmaat van woningen in cultuurhistorische waardevolle en beeldbepalende panden om het behoud van de cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende panden te stimuleren voor zover de woning deel uitmaakt van een cultuurhistorisch waardevol en beeldbepalend pand en voor zover de bestaande afmetingen van dat gebouw niet worden uitgebreid.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|18 7.3.4 Voorwaarden omgevingsvergunning Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 7 lid 3.2 wordt slechts verleend indien daardoor geen onevenredige schade wordt of kan worden toegebracht aan de in artikel 7 lid 3.1 bedoelde waarden danwel indien oorzaken van bouwtechnische aard het voortbestaan van het bouwwerk in gevaar brengen. 7.4 Parkeerkencijfers 7.4.1 Parkeerkencijfers Bij het oprichten van gebouwen of het veranderen in gebruik dient de inrichting van elk perceel zodanig te zijn, dat voldoende ruimte aanwezig is om zowel het parkeren als het eventueel laden en lossen op eigen terrein te kunnen afwikkelen. Op eigen terrein dient voorzien te zijn in voldoende parkeeraccomodatie, inclusief parkeergelegenheid voor werknemers en bezoekers, conform de parkeernormen volgens het gemeentelijk parkeerbeleid. 7.4.2 Afwijking Bevoegd gezag is bevoegd om bij omgevingsvergunning af te wijken van de parkeernorm indien de parkeerbalans in de directe omgeving niet onevenredig wordt of kan worden beïnvloed.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|19

Artikel 8 Algemene gebruiksregels a.

b. c.

het is verboden gronden en bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de aan de grond gegeven bestemming, de doeleindenomschrijving en de overige regels; het gebruiken van bijgebouwen als zelfstandige woning of afhankelijke woonruimte is niet toegestaan; het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid a, indien strikte toepassing van het verbod leidt tot beperkingen in het meest doelmatige gebruik die niet door dringende redenen worden gerechtvaardigd.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|20

Artikel 9 Algemene aanduidingsregels 9.1 IHCS - 1 In aanvulling op hoofdstuk 2 geldt ter plaatse van de aanduiding 'IHCS - 1' ten behoeve van het obstakelvrije (start- en landings)vlak met zijkanten een bouwverbod voor gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, met een hogere bouwhoogte dan 56 meter boven NAP; in verband met het beschermingsgebied van in- en uitvliegfunnel van vliegtuigen. 9.2 Veiligheidszone - munitie - 3 In aanvulling op hoofdstuk 2 geldt ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - munitie 3' de volgende regel: a.

het is niet toegestaan gebouwen te bouwen met vlies- of gordijngevelconstructies alsmede gebouwen te bouwen met zeer grote glasoppervlakten waarin zich als regel een groot aantal personen bevindt.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|21

Artikel 10 Algemene afwijkingsregels 10.1 Ten behoeve van mantelzorg Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van de gebruiksregels ten behoeve van het gebruik van een (vrijstaand) bijgebouw als afhankelijke woonruimte, met inachtneming van het volgende: a. b.

binnen het bestemmingsvlak dient een (legale) burgerwoning aanwezig te zijn; een dergelijke bewoning is aantoonbaar nodig vanuit een oogpunt van mantelzorg; alvorens vrijstelling te verlenen vraagt bevoegd gezag hieromtrent ter zake deskundig advies; c. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de in het geding zijnde belangen, waaronder die van omwonende en (agrarische) bedrijven; d. de ontwikkeling dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; e. de maximale oppervlakte welke wordt gebruikt als afhankelijke woonruimte mag niet meer bedragen dan 80 m2; f. er dient gebruik te worden gemaakt van het dichtst bij de hoofdwoning gelegen bijgebouw, tenzij op grond van doelmatigheidsmotieven een ander op het perceel gelegen bijgebouw meer geschikt is; g. de afhankelijke woonruimte dient te worden bewoond door degene(n) die de zorg nodig heeft/ hebben, en in voorkomend geval, zijn/ haar partner zoals bepaald bij huwelijk, geregistreerd partnerschap of notariële samenlevingsovereenkomst; h. de afhankelijke woonruimte dient te voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit; i. de afhankelijke woonruimte dient te voldoen aan de specifieke zorgbehoefte, zoals gebleken uit het advies van een ter zake deskundige instantie; j. splitsing is niet toegestaan; k. aan de afhankelijke woonruimte mag geen eigen ontsluiting worden toegevoegd; l. parkeren dient op eigen erf plaats te vinden; m.

de ontheffing wordt ingetrokken zodra de noodzaak vanuit mantelzorg niet meer bestaat.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|22

Artikel 11 Algemene wijzigingsregels 11.1 Archeologische waarden 11.1.1 Wijziging ten behoeve van verwijdering van bestemming Bevoegd gezag kan van een of meer bestemmingsvlakken de bestemming 'Waarde - Archeologie' geheel of gedeeltelijk verwijderen, indien: a. b.

uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn; het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet.

11.1.2 Wijziging ten behoeve van verandering van een bouwvlak Bevoegd gezag kan de vorm van de bouwvlakken veranderen, indien dit - op grond van archeologisch onderzoek - noodzakelijk is met het oog op de bescherming of de veiligstelling van de ter plaatse aanwezige archeologische waarden.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|23

Artikel 12 Overige regels De wettelijke regelingen waarnaar in de regels wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan.

NL.IMRO.0784.Bavelseweg5-ON01

bestemmingsplan Bavelseweg 5 Gilze

|24

4 OVERGANGS- EN SLOTREGELS Artikel 13 Overgangsrecht 13.1 Overgangsrecht bouwwerken a.

b.

c.

een bouwwerk dat op het tijdstip va inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%; het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11060064/1