BP Biestraat 3, Gilze -regels
Tekst van het document
|1
1 Inleidende regels
2
Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten
2 8
2 Bestemmingsregels
9
Artikel 3 Agrarisch Artikel 4 Groen - Landschappelijke inpassing Artikel 5 Recreatie - Verblijfsrecreatie Artikel 6 Wonen Artikel 7 Leiding - Brandstof Artikel 8 Waarde - Archeologie - 2 Artikel 9 Waarde - Archeologie - 3 Artikel 10 Waarde - Archeologie - 4 Artikel 11 Waarde - Archeologie - 5
9 10 12 16 20 22 26 30 34
3 Algemene regels
38
Artikel 12 Anti-dubbeltelregel Artikel 13 Algemene bouwregels Artikel 14 Algemene gebruiksregels Artikel 15 Algemene aanduidingsregels Artikel 16 Algemene afwijkingsregels Artikel 17 Algemene wijzigingsregels Artikel 18 Algemene procedureregels Artikel 19 Overige regels
38 39 41 42 43 44 45 46
4 Overgangs- en slotregels
47
Artikel 20 Overgangsrecht Artikel 21 Slotregel
47 48
Bijlagen: 1. Staat van Bedrijfsactiviteiten 2. Landschappelijk inpassingsplan
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|2
1 INLEIDENDE REGELS Artikel 1 Begrippen 1.1 plan: het bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze van de Gemeente Gilze en Rijen; 1.2 bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0784.BPBiestraat3CO01 met de bijbehorende regels (en eventuele bijlagen); 1.3 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 aan- en uitbouw/aangebouwd bijgebouw: een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw; 1.6 aan-huis-gebonden beroep: vrije beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten die ten hoogste vallen binnen de categorieën A en B van de Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' in bijlage 1, waarvoor geen melding- of vergunningplicht op grond van het Inrichtingen en vergunningbesluit milieubeheer geldt en dat in een woning door de bewoner wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.7 agrarisch bedrijf: een bedrijf, gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, nader
te onderscheiden in: a. b. c. d. e.
f. g. h. i. j. k.
akker- en vollegrondstuinbouw: de teelt van gewassen op open grond, waaronder bollenteelt, daaronder niet begrepen sier- en fruitteelt, boomkwekerij en bosbouw; boomkwekerij: een bedrijf gericht op het telen van bomen al dan niet gecombineerd met de verhandeling daarvan; bosbouw: de teelt van bomen ten behoeve van de houtproductie; grondgebonden veehouderij: het houden van melk- en ander vee (nagenoeg) geheel op open grond, waaronder tevens wordt verstaan een paardenfokkerij; intensieve veehouderij: een agrarisch bedrijf met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate in gebouwen plaatsvindt en gericht is op het houden van dieren, zoals rundveemesterij, varkens-, vleeskalver-, pluimvee-, pelsdier-, geiten- of schapenhouderij of een combinatie van deze bedrijfsvormen, alsmede naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijfsvormen; glastuinbouw: de teelt van gewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen; sierteelt: de teelt van tuin- en potplanten en/of bomen; fruitteelt: de teelt van fruit; bollenteelt: de teelt van bloembollen in samenhang met de teelt van bolbloemen; intensieve kwekerij: de teelt van gewassen of dieren (anders dan bij wijze van intensieve veehouderij) (nagenoeg) zonder gebruik te maken van daglicht; paardenfokkerij: het houden van paarden ten behoeve van de fokkerij waarbij het africhten van en de handel in paarden in ondergeschikte mate
plaatsvindt; onder paardenfokkerij wordt niet verstaan paardenstalling en manege;
1.8 agrarisch deskundige: een door burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige of commissie van deskundigen inzake land- en tuinbouw; NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|3 1.9 agrarisch grondgebruik: gronden ten behoeve van agrarische activiteiten waaronder: a. b.
telen en verbouwen van gewassen; hobbymatig houden van dieren;
1.10 afhankelijke woonruimte: een bijgebouw/bedrijfsgebouw dat een ruimtelijke en planologische eenheid vormt met de woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit het oogpunt van mantelzorg is gehuisvest; 1.11 ambachtelijk bedrijf: een bedrijf dat gericht is op het bedrijfsmatig, geheel of overwegend door middel van handwerk, vervaardigen, bewerken of herstellen en het installeren van goederen alsook het verkoop en/of leveren - als ondergeschikte nevenactiviteit - van goederen die verband houden met het ambacht zoals een kaasmakerij of een klompenmakerij; 1.12 archeologische deskundige: een door burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige of commissie van deskundigen inzake archeologie conform de kwaliteitscriteria 2.2 VTH; 1.13 archeologisch onderzoek: onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die daarvoor gecertificeerd is; 1.14 archeologische waarde: de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden; 1.15 bebouwing: een of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.16 bed & breakfast: recreatief nachtverblijf in de vorm van logies met ontbijt binnen bestaande gebouwen; 1.17 bedrijf: een onderneming gericht op het vervaardigen, bewerken, herstellen, installeren of inzamelen van goederen; 1.18 bedrijfsgebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte
geheel of twee of meer met wanden omsloten ruimte vormt en in gebruik is ten behoeve van bedrijfsmatige activiteiten; 1.19 bedrijfsmatige recreatieve doeleinden/exploitatie: het via één bedrijf, stichting of ander rechtspersoon voeren van een zodanig beheer/exploitatie van een recreatieterrein, dat in de logiesverblijven en op de standplaatsen daadwerkelijk recreatieve (nacht)verblijfsmogelijkheden worden geboden; 1.20 bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen: afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan tot stand zijn gekomen of tot stand zullen komen met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet; 1.21 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; 1.22 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.23 boomteelthekken: permanente teeltondersteunende voorziening om schade aan gewassen door dieren te voorkomen; 1.24 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een standplaats;
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|4 1.25 bouwgrens: de grens van een bouwvlak; 1.26 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.27 bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.28 bijgebouw: een vrijstaand gebouw dat in functioneel en architectonisch opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw en ten dienste staat van het woongenot; 1.29 cultuurhistorische waarden: de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met ouderdom en gaafheid; 1.30 detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, verkopen en/of leveren van goederen aan degene die deze goederen kopen voor eigen gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.31 dienst- of bedrijfswoning: een woning, bij een bedrijf of instelling, bestemd voor de huisvesting (het huishouden) van een persoon die op dat bedrijf werkzaam is; 1.32 erf- en terreinafscheiding: een bouwwerk dat dient ter afscheiding van het erf of een terrein; 1.33 evenementen: gebeurtenissen, gericht op een groot publiek, op het gebied van kunst, sport,
ontspanning en cultuur; 1.34 extensief recreatief medegebruik/ recreatief medegebruik: een extensieve recreatieve niet-bedrijfsmatige gebruiksvorm, welke zich beperkt tot bijvoorbeeld wandelen, paardrijden, fietsen, picknicken, kanoën en natuurgerichte recreatie zoals vogelobservatie en de daarbij behorende extensieve recreatieve voorzieningen zoals banken, bewegwijzering en picknicktafels, ondergeschikt aan de overige ingevolge de doeleindenomschrijving toegestane bestemming, en dientengevolge niet het primaire c.q. hoofdgebruik betreffende; 1.35 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijk overdekt geheel met twee of meer wanden omsloten ruimte vormt; 1.36 hoofdgebouw: een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn aard, functie, constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken; 1.37 horecabedrijf: een bedrijf dat is gericht op het verstrekken van nachtverblijf en/of van ter plaatse te nuttigen voedsel en/of dranken en/of het exploiteren van zaalaccommodaties; hieronder valt eveneens het geven van feesten en partijen niet zijnde discotheken en/of dancings; 1.38 Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer: besluit van 5 januari 1993 (Stb.
50) houdende uitvoering van de hoofdstukken 1 en 8 van de Wet milieubeheer en hoofdstuk V van de Wet geluidhinder, zoals dit luidde op het moment van tervisielegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan; 1.39 kampeermiddelen: een tent, tentwagen, kampeerauto, caravan, stacaravan of hiermee gelijk te stellen onderkomens, die bestemd zijn voor recreatief verblijf en waarbij de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben;
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|5 1.40 kampeerterrein: terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht en bedrijfsmatig geëxploiteerd, en blijkens die inrichting en exploitatie bestemd om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen, recreatiewoningen en/of logiesgebouwen ten behoeve van recreatief nachtverblijf; 1.41 landschappelijke inpassing: een zodanige vormgeving en inpassing dat deze optimaal is afgestemd op bestande dan wel nog te ontwikkelen landschappelijke (ruimtelijke, natuurlijke en cultuurhistorische) landschapskwaliteiten; dit kan door middel van architectuur (vormgeving, situering, bebouwing en materiaalgebruik), aanleg van landschappelijke en/of natuurlijke elementen al dan niet in combinatie met sloop.
1.42 logiesgebouw: gebouw of gedeelte van een gebouw, waarin twee of meer logiesfuncties liggen, die zijn aangewezen op een of meer gemeenschappelijke verkeersroutes; 1.43 manege/rijschool: een bedrijf dat op eigen terrein binnen of buiten een gebouw gelegenheid geeft tot het beoefenen van de paardensport en al dan niet mogelijkheden biedt voor het verblijf en de verzorging van paarden al dan niet gecombineerd met het fokken, africhten en verkoop van paarden; 1.44 mantelzorg: het bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband; 1.45 nevenactiviteit: een bedrijfs- of beroepsmatige activiteit die in ruimtelijk, functioneel en inkomenswervend opzicht duidelijk ondergeschikt is aan de op de in dit bestemmingsplan toegestane hoofdfunctie op een bestemming; 1.46 nutsvoorzieningen: voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie; 1.47 ondergeschikte functies: functies waarvoor maximaal 30% van de vloeroppervlakte van de bebouwing als zodanig mag worden gebruikt; 1.48 ondergeschikte horeca: het bedrijfsmatig verstrekken van dranken en/of etenswaren voor
gebruik ter plaatse als ondergeschikte activiteit bij de hoofdfunctie, waarbij de ondergeschikte horeca-activiteiten passen bij de hoofdfunctie en niet zelfstandig worden uitgeoefend en niet toegankelijk zijn los van de hoofdfunctie. 1.49 overkapping: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van maximaal drie gesloten wanden; 1.50 open constructie: constructie met een doorkijk, voor minimaal 80% voorzien van open delen, zoals een constructie als een hekwerk. 1.51 opslag: het bewaren van goederen, materialen en stoffen zonder dat ter plaatse sprake is van productie, bewerking, verwerking, handel en/of activiteiten van administratieve aard; 1.52 paardenbak: een buitenrijbaan ten behoeve van paardrijactiviteiten, met een bodem van zand, hout, boomschors of ander materiaal om de bodem te verstevigen en al dan niet voorzien van een omheining;
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|6 1.53 peil: a. b.
voor bouwwerken die onmiddellijk aan de weg grenzen: de hoogte van die weg, ter plaatse van de hoofdtoegang; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld;
1.54 permanente bewoning: het verblijven in een kampeermiddel, een recreatieverblijf, een verblijfsrecreatief appartement of in een gebouw, geen woning zijnde, met het kennelijke doel om dat kampeermiddel, recreatieverblijf, verblijfsrecreatief appartement dan wel het gebouw als hoofdverblijf te gebruiken; 1.55 permanente teeltondersteunende voorzieningen: teeltondersteunende voorzieningen die langer dan 6 maanden, worden gebruikt zoals bakken op stellingen, regenkappen en containervelden; hieronder worden niet verstaan teeltondersteunende kassen en boomteelthekken; 1.56 prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.57 recreatiewoning: een permanent ter plaatse aanwezige gebouw, geen kampeermiddel of logiesgebouw zijnde, die bestemd is voor recreatief verblijf waarbij de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben; 1.58 seksinrichting: een voor het publiek toegankelijk gebouw of gedeelte van een gebouw, in welk gebouw of welk gedeelte, handelingen, vertoningen en/of voorstellingen van erotische en/of pornografische aard plaatsvinden.
Hieronder wordt mede begrepen een sekswinkel zijnde een gebouw of een gedeelte van een gebouw, welk gebouw of welk gedeelte is bestemd en/of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig te koop en/of te huur aanbieden, waaronder mede begrepen uitstalling, verkopen, verhuren en/of leveren van seksartikelen. Een prostitutiebedrijf is hieronder begrepen; 1.59 Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' de Staat van Bedrijfsactiviteiten 'functiemenging' die van deze regels deel uitmaakt; 1.60 tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen: teeltondersteunende voorzieningen (niet zijnde teeltondersteunende kassen of boomteelthekken) die maximaal 6 maanden op dezelfde locatie gebruikt mogen worden waaronder worden verstaan folies, insectengaas, acryldoek, vraatnetten, boogkassen tot 1,5 m, hagelnetten, wandelkappen en schaduwhallen; 1.61 veekering: een afscherming (zoals hekken, heggen of houtwallen) ter voorkoming van het uitbreken van vee; 1.62 verbeelding: de digitale weergave van het bestemmingsplan; 1.63 verblijfsrecreatieve eenheid: een (deel van een) gebouw bedoeld voor recreatief nachtverblijf door (groepen van) personen die hun vaste woon- of verblijfplaats elders hebben, niet zijnde de algemene ruimtes.
1.64 volwaardig agrarisch bedrijf: een agrarisch bedrijf in de omvang van ten minste één volledige arbeidskracht met een daarbij passende bedrijfsomvang; 1.65 voorgevelrooilijn: de denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelsgrenzen; 1.66 woning: een (gedeelte van een) gebouw, uitsluitend geschikt en bestemd voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden, of een andere daarmede vergelijkbare economische eenheid; NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|7 1.67 zijdelingse perceelsgrens: de zijdelingse grens tussen twee (of meerdere) percelen.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|8
Artikel 2 Wijze van meten Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens: tussen de zijdelingse grenzen van een perceel en enig punt van het betreffende bouwwerk, waar de afstand het kortste is; 2.2 de bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.3 de dakhelling: langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.4 de goothoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.5 de hoogte van een windturbine: vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine; 2.6 de inhoud van een bouwwerk: tussen de onderzijde van de beganegrondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.7 de oppervlakte van een bouwwerk: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|9
2 BESTEMMINGSREGELS
Artikel 3 Agrarisch 3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.
agrarisch grondgebruik; recreatief medegebruik; evenementen; bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, water, nutsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, laad- en losvoorzieningen en (ontsluitings)wegen;
met dien verstande dat: e.
tevens het bepaalde in artikelen 'Leiding - Brandstof', 'Waarde - Archeologie - 2', 'Waarde - Archeologie - 3', 'Waarde - Archeologie - 4' en 'Waarde - Archeologie - 5' van toepassing is.
3.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.
het bouwen van bouwwerken is niet toegestaan; erf- of terreinafscheidingen zijn toegestaan met een maximale bouwhoogte van 1 meter; veekeringen zijn toegestaan met een maximale bouwhoogte van 1,5 meter; tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen en permanente boomteelthekken zijn toegestaan.
3.3 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a.
paardenbakken zijn niet toegestaan.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|10
Artikel 4 Groen - Landschappelijke inpassing 4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen - Landschappelijke inpassing' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.
b. c. d. e.
het aanleggen en in stand houden van gebiedseigen beplanting overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan, ter inpassing van de gebouwen, verhardingen en andere voorzieningen in het landschap; onder landschappelijke inpassing wordt in deze regels verstaan het landschappelijk inpassingsplan als opgenomen in bijlage 2 van deze regels; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; onverharde fiets- en wandelpaden; extensief dag recreatief medegebruik;
een en ander met bijbehorende voorzieningen. 4.2 Bouwregels 4.2.1 Algemeen Op deze gronden mogen uitsluitend erf- en terreinafscheidingen worden gebouwd, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. b.
de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 1 meter; erf- en terreinafscheidingen moeten als open constructie worden opgericht.
4.3 Specifieke gebruiksregels 4.3.1 Strijdig gebruik Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden voor: a. b. c. d.
het realiseren van parkeerplaatsen; het gebruik als kampeerterrein; buitenopslag; het lozen en/of opslaan van stoffen.
4.4 Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.3.1 sub a indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals bedoeld in bijlage 2 van deze regels, andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat: a.
b. c.
de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het landschappelijk inpassingsplan opgenomen landschapsmaatregelen en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het inrichtingsplan genoemde landschapsmaatregelen zijn bepaald; hetgeen onder a beschreven kan worden aangetoond met een waarde berekening inclusief toelichting en beplantingsplan; er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in de omgeving aanwezige waarden.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|11 4.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.5.1 Omgevingsvergunningvereiste Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren: a.
b. c. d. e. f. g.
het vellen van houtgewas wat niet overeenkomt met de duurzame ontwikkeling of instandhouding van de bij de bestemming behorende landschappelijke en natuurlijke waarden; het wijzigen van het maaiveldniveau door ontgronding of ophoging; het verrichten van grondroeractiviteiten, bijvoorbeeld het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage; het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; het plaatsen van onroerende objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair; het aanbrengen van voorzieningen van geringe omvang ten behoeve van extensieve recreatie; het aanbrengen van halfverhardingen.
4.5.2 Uitzonderingen Het in lid 4.5.1 vervatte verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a.
b. c. d.
behoren tot normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming, als afzetten, knotten, dunnen, waarbij de in lid 4.5.1 sub a genoemde waarden duurzaam worden veiliggesteld; noodzakelijk zijn in verband met het op de bestemming gerichte beheer of gebruik van de grond; reeds in uitvoering zijn ten tijde van de inwerkingtreding van het plan; mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.
4.5.3 Toelaatbaarheid De in lid 4.5.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in de landschappelijke waarden van de landschapselementen.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|12
Artikel 5 Recreatie - Verblijfsrecreatie 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie - Verblijfsrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g.
bedrijfsmatige exploitatie van maximaal 10 verblijfsrecreatieve eenheden met bijbehorende voorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek': cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende panden; één bedrijfswoning; ondergeschikte horeca; evenementen; gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde; bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, water, nutsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, laad- en losvoorzieningen en (ontsluitings)wegen;
met uitzondering van: h.
aan-huis-verbonden beroepen;
met dien verstande dat: i.
tevens het bepaalde in artikelen 'Leiding - Brandstof', 'Waarde - Archeologie - 2', 'Waarde - Archeologie - 3', 'Waarde - Archeologie - 4' en 'Waarde - Archeologie - 5' van toepassing is.
5.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. b.
gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van erf- en terreinafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek': is bouwen uitsluitend toegestaan indien voldaan wordt aan het bepaalde in lid 13.3;
met dien verstande dat: c.
algehele herbouw van de woning uitsluitend mag plaatsvinden op bestaande fundamenten;
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|13 d.
overigens geldt het volgende:
max aantal max per oppervlakte bouwvlak bedrijfswoning één, tenzij (inclusief aan- anders op en uitbouwen) de verbeelding aangegeve n bijgebouwen 100 m2 en overkappingen behorende bij de bedrijfswoning bebouwing ten behoeve van de verblijfsrecreat ie
overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde (met uitzondering van erf- en terreinafscheid ingen) erf- of terreinafscheid ingen binnen het bouwvlak: -voor de voorgevelrooilij n -overige plaatsen
max max max dakhelling min afstand tot inhoud gooth bouwho (min/max oogte ogte ) 750 m3 5 m 11 m 20°/55° -
-
3m
5,5 m
20°/55°
bedrijfswoning: 2 m zijdelingse perceelsgrens: 5 m
1.800 m2, met dien verstande dat per verblijfsrecreat ieve eenheid een oppervlakte van maximaal 80 m2 is toegestaan -
5m
-
-
-
11 m
20°/55°
voorgevelrooilijn: 10 m bedrijfswoning: 2 m zijdelingse perceelsgrens: 10 m overige vrijstaande bebouwing: 3 m
-
4m
-
-
-
-
1m 2m 1m
buiten het bouwvlak
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|14
5.3 Afwijken van de bouwregels 5.3.1 Ten behoeve van de herbouw van woningen buiten bestaande fundamenten Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 5.2 sub c teneinde algehele herbouw van een woning buiten de bestaande funderingen toe te staan met inachtneming van het volgende: a. b.
c. d. e.
de herbouw vindt plaats op het desbetreffende perceel; de nieuwe situering van de woning leidt tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieuomgeving; herbouw leidt tot een betere milieuhygiënische inpasbaarheid; de herbouw buiten de bestaande funderingen is stedenbouwkundig aanvaardbaar; door de herbouw wordt het landelijke karakter van het gebied niet onevenredig aangetast.
5.3.2 Ten behoeve van afstand tot de zijdelingse perceelsgrens Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 5.2 sub d ten behoeve van de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mits de voorgenomen afstand stedenbouwkundig aanvaardbaar is. 5.3.3 Ten behoeve van het maximaal te bebouwen oppervlak Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 5.2 sub d ten behoeve van het wijzigen van de maximumoppervlaktemaat en het toevoegen van twee verblijfsrecreatieve eenheden, met inachtneming van het volgende: a. b. c. d.
de oppervlakte van de bebouwing ten behoeve van de verblijfsrecreatie bedraagt maximaal 2.000 m2; ten behoeve van de extra verblijfsrecreatieve eenheden wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid binnen het bouwvlak; er mag geen sprake zijn van een vergroting van de milieubelasting op de omgeving; er dient voorzien te worden in een adequate landschappelijke inpassing binnen het bouwvlak.
5.4 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a. b.
permanente bewoning van verblijfsrecreatieve eenheden is niet toegestaan; dagrecreatie is niet toegestaan.
5.4.1 Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing Het (doen/laten) gebruik(en) van de bestemming 'Recreatie - Verblijfsrecreatie' is uitsluitend toegestaan indien de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in lid 4.1 sub b overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 2 van de regels, maximaal 2 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is uitgevoerd en kwalitatief en kwantitatief in stand wordt gehouden.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|15 5.5 Afwijken van de gebruiksregels 5.5.1 Ten behoeve van aan-huis-verbonden beroepen Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 5.1 sub h ten behoeve van het toestaan van aan-huis-gebonden beroepen die ten hoogste vallen binnen de categorieën A en B1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten en waarvoor geen melding- of vergunningplicht op grond van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer geldt met inachtneming van het volgende: a. b. c.
d. e. f. g.
het vloeroppervlak ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen mag niet meer dan 60 m2 bedragen; buitenopslag en buitenactiviteiten ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen zijn niet toegestaan; in het kader van de aan-huis-gebonden beroepen is geen horeca en detailhandel toegestaan uitgezonderd horeca en detailhandel ondergeschikt en gelieerd aan het aanhuis-gebonden beroep; aan-huis-gebonden beroepen zijn toegestaan indien er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de omgeving; ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid binnen het bouwvlak; het gebruik voor aan-huis-gebonden beroepen heeft geen nadelige invloed op de normale afwikkeling van het verkeer; één van de bewoners van het hoofdgebouw dient eigenaar/bedrijfsleider te zijn van het aan-huis-gebonden beroep.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|16
Artikel 6 Wonen 6.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.
het wonen; gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde; bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals groen, parkeervoorzieningen, nutsvoorzieningen, water en (ontsluitings)wegen;
met uitzondering van: d.
aan-huis-gebonden beroepen;
met dien verstande dat: e.
tevens het bepaalde in artikelen 'Leiding - Brandstof', 'Waarde - Archeologie - 2', 'Waarde - Archeologie - 3', 'Waarde - Archeologie - 4' en 'Waarde - Archeologie - 5' van toepassing is.
6.2 Bouwregels 6.2.1 Algemeen Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. b.
ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' is bouwen uitsluitend toegestaan indien voldaan wordt aan het bepaalde in lid 13.3; gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van erfafscheidingen, mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd;
met dien verstande dat: c.
algehele herbouw van de woning uitsluitend mag plaatsvinden op bestaande fundamenten;
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|17 d.
overigens geldt het volgende:
max max max max max dakhelli min afstand min afstand aantal oppervla inho goothoo bouwhoo ng afstand tot de tot de per kte ud gte gte (min/m tot woning voorgevelroo bouwvla ax) zijdelings (min/m ilijn k e ax) perceelgr ens woning, één, 750 5 m 11 m 20°/55° 5 m inclusief aan- tenzij m3 en uitbouw anders op de verbeeldi ng aangegev en bijgebouwen 100 m2 3m 5,5 m 20°/55° 5 m 2 m/ 10 5 m en m overkappinge n bij de woning erfafscheidin gen binnen 1m het bouwvlak: 2m - voor de voorgevel 1m - overige plaatsen buiten het bouwvlak antennes en 1 windturbines overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde (met uitzondering van erfafscheidin gen)
-
-
-
12 m
-
5m
-
-
-
6m
-
-
10 m -
-
6.2.2 Parkeren Bij het oprichten van gebouwen of het veranderen van gebruik dient de inrichting van elk perceel zodanig te zijn dat voldoende ruimte aanwezig is om zowel het parkeren als het eventueel laden en lossen op eigen terrein te kunnen afwikkelen. Op eigen terrein dient voorzien te zijn in voldoende parkeeraccommodatie conform de parkeerrichtlijnen volgens het gemeentelijk parkeerbeleid.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|18 6.3 Afwijken van de bouwregels 6.3.1 Ten behoeve van een extra wooneenheid Bevoegd gezag kan ter plaatse van de bouwaanduiding 'karakteristiek' afwijken van het bepaalde in lid 6.2.1 sub d ten behoeve van het creëren van een extra wooneenheid om het behoud van de cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende panden te stimuleren, met inachtneming van het volgende: a. b. c. d. e.
na splitsing bedraagt de inhoud per wooneenheid ten minste 600 m 3; de splitsing heeft alleen betrekking op de woningen, het bouwvlak dient gehandhaafd te blijven; na de splitsing dient de specifieke bouwaanduiding 'gesplitst' te worden opgenomen dat aangeeft dat de bebouwing gesplitst is; de nieuwe woning leidt niet tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving; na splitsing is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
6.3.2 Ten behoeve van de herbouw van woningen buiten bestaande fundamenten Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 6.2.1 sub c teneinde algehele herbouw van een burgerwoning buiten de bestaande fundamenten toe te staan met inachtneming van het volgende: a. b.
c. d. e.
de herbouw vindt plaats op het desbetreffende perceel; de nieuwe situering van de woning leidt niet tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiend uit de milieuomgeving; herbouw leidt tot een betere milieuhygiënische inpasbaarheid; de herbouw buiten de bestaande funderingen is stedenbouwkundig aanvaardbaar; door de herbouw het landelijke karakter van het gebied niet onevenredig wordt aangetast.
6.3.3 Ten behoeve van afstand tot de zijdelingse perceelgrens Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 6.2.1 sub d ten behoeve van de afstand tot de zijdelingse perceelgrens mits de voorgenomen afstand stedenbouwkundig aanvaardbaar is. 6.4 Specifieke gebruiksregels Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken gelden de volgende regels: a.
paardenbakken binnen het bouwvlak zijn niet toegestaan.
6.4.1 Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing Het (doen/laten) gebruik(en) van de bestemming 'Wonen' is uitsluitend toegestaan indien de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in de landschappelijke inpassing, zoals bedoeld in lid 4.1 sub b overeenkomstig het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 2 van de regels, maximaal na 2 jaar na onherroepelijk worden van het bestemmingsplan is uitgevoerd en kwalitatief en kwantitatief in stand wordt gehouden.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|19 6.5 Afwijken van de gebruiksregels 6.5.1 Ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 6.1 sub d ten behoeve van het toestaan van aan-huis-gebonden beroepen die ten hoogste vallen binnen de categorieën A en B1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten en waarvoor geen melding- of vergunningplicht op grond van het Inrichtingen- en vergunningbesluit milieubeheer geldt, met inachtneming van het volgende: a. b. c.
d. e. f. g. h.
het vloeroppervlak ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen mag niet meer dan 60 m2 bedragen; buitenopslag en buitenactiviteiten ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen zijn niet toegestaan; in het kader van de aan-huis-gebonden beroepen is geen horeca en detailhandel toegestaan uitgezonderd horeca en detailhandel ondergeschikt en gelieerd aan het aanhuis-gebonden beroep; aan-huis-gebonden beroepen zijn toegestaan indien er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de omgeving; het aan-huis-gebonden leidt niet tot extra belemmering voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving; ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid binnen het bouwvlak; het gebruik voor aan-huis-gebonden beroepen heft geen nadelige invloed op de normale afwikkeling van het verkeer; één van de bewoners van het bedrijfsgebouw dient eigenaar/ bedrijfsleider te zijn van het aan-huis-gebonden beroep.
6.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.6.1 Verbod Het is verboden buiten het bouwvlak op of in de gronden met de bestemming zoals bedoeld in lid 6.1 zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.
de sloop van gebouwen met de specifieke bouwaanduiding 'karakteristiek'.
6.6.2 Uitzonderingen Het verbod in lid 6.6.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. b. c.
normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning.
6.6.3 Voorwaarde omgevingsvergunning De werken en werkzaamheden, zoals bedoeld in lid 6.6.1, zijn slechts toelaatbaar, indien het cultuurhistorisch waardevolle en beeldbepalende karakter van de aanwezige bebouwing daardoor niet onevenredig wordt geschaad. 6.6.4 Strafbaar feit Overtreding van het verbod in lid 6.6.1 is een strafbaar feit, zoals bedoeld in artikel 1a van de Wet op de economische delicten.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|20
Artikel 7 Leiding - Brandstof 7.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Brandstof' aangewezen gronden zijn - behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) - mede bestemd voor een brandstoftransportleiding met een diameter van ten hoogste 110 m en een druk van 80 bar. 7.2 Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: a.
b.
op deze gronden mogen ten behoeve van de in lid 7.1 genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 4 m; ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag - met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering.
7.3 Afwijken van de bouwregels 7.3.1 Afwijking Bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 7.2 sub b, indien de bij de betrokken bestemming behorende bouwregels in acht worden genomen en het belang van de leiding(en) door de bouwactiviteiten niet onevenredig wordt geschaad. 7.3.2 Advisering over de ontheffing Alvorens omtrent het verlenen van de afwijking te beslissen, wint bevoegd gezag schriftelijk advies in bij de leidingbeheerder, omtrent de vraag of wordt voldaan aan het bepaalde in lid 7.3.1. 7.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.4.1 Aanlegverbod zonder omgevingsvergunning Het is verboden op of in gronden met de bestemming 'Leiding - Brandstof' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden buiten het bouwvlak uit te voeren: a. b. c.
d. e. f.
het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en bomen; het aanleggen van andere kabels en leidingen dan in de bestemmingsomschrijving is aangegeven, en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; het indrijven van voorwerpen in de bodem; het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|21 7.4.2 Uitzonderingen op verbod Het verbod van lid 7.4.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. b. c.
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarvoor ontheffing is verleend, zoals in lid 7.3 bedoeld; normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan.
7.4.3 Voorwaarde voor omgevingsvergunning Omgevingsvergunning wordt verleend, voor zover het leidingbelang door de werken of werkzaamheden niet onevenredig wordt geschaad. 7.4.4 Advisering over de omgevingsvergunning Alvorens over een omgevingsvergunning te beslissen, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij de leidingbeheerder omtrent de vraag of wordt voldaan aan het bepaalde in lid 7.4.3. 7.4.5 Strafbaar feit Overtreding van het verbod van lid 7.4.1 is een strafbaar feit, zoals bedoeld in artikel 1a van de Wet op de economische delicten.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|22
Artikel 8 Waarde - Archeologie - 2 8.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie - 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van archeologische waarden. 8.2 Bouwregels Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a.
b.
bouwwerken ter vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de bestaande oppervlakte van het bouwwerk niet wordt vergroot of ruimtelijk gewijzigd en voor zover bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan 0,4 meter over een oppervlakte groter dan 100 m2; bouwwerken met een oppervlakte van minder dan 100 m2 voor zover bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan 0,4 meter.
8.3 Afwijken van de bouwregels 8.3.1 Afwijken voor bouwen ten dienste van andere bestemming Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.2 sub a, voor de bouw van bouwwerken ten dienste van de andere geldende bestemming(en), mits: a.
b.
c.
d.
op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of de volgende voorwaarden in acht genomen worden indien, op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten kunnen worden verstoord: 1.
een verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden (behoudsmaatregelenplan); of 2. een verplichting tot het doen van opgravingen (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of 3. een verplichting de uitvoering van bouwactiviteiten te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA, namelijk een daarvoor gecertificeerde instantie; deze vorm van onderzoek kan alleen in uitzonderlijke situaties worden toegepast zoals verwoord in de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie; hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht; bij de beoordeling van archeologische rapporten, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|23 8.3.2 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt over een voor de beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek voor de gronden waarop een aanvraag om omgevingsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoeve van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te overleggen dat voldoet aan de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). Indien het gravend onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag. 8.3.3 Advies Bij de beoordeling van het archeologisch onderzoek, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen. 8.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.4.1 Omgevingsvergunning Het is verboden op of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.
b.
c.
d. e.
het ophogen, afgraven (ook ten behoeve van het verwijderen van bestaande funderingen), woelen, mengen, diepploegen, aanbrengen van heipalen, egaliseren en ontginnen van gronden met dien verstande dat het werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden betreft met een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 0,4 meter; het wijzigen van de waterhuishouding, zoals draineren en het uitdiepen, graven en/ of verleggen van waterlopen over een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 0,4 meter; het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur over een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 0,4 meter; het verlagen van het waterpeil over een oppervlakte groter dan 100 m2 en dieper dan 0,4 meter; het doen van opgravingen in het kader van archeologisch onderzoek, mits verricht door een ter zake deskundige, namelijk een archeologische instantie die daarvoor gecertificeerd is en die in het bezit is van een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen.
8.4.2 Uitzonderingen Het verbod, zoals bedoeld in lid 8.4.1 is niet van toepassing, indien: a.
b.
c.
d.
het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels, leidingen en rioleringen waarbij niet dieper gegraven wordt dan de reeds uitgegraven diepte; op basis van inventariserend en/ of definitief archeologisch onderzoek, conform KNA en goedgekeurd door de gemeente Gilze en Rijen, is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn; de werken en werkzaamheden: 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of een ontgrondingsvergunning; de werken en werkzaamheden op inventariserend of definitief archeologisch onderzoek zijn gericht.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|24 8.4.3 Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk a.
b.
c.
d.
het is verboden voor de 'Waarde - Archeologie - 2' aangewezen gronden, zonder of in afwijking van een vergunning voor het slopen van een bouwwerk, de aanwezige bouwwerken te slopen als de oppervlakte en diepte meer bedraagt dan 100 m2 en dieper gaat dan 0,4 meter onder maaiveld; aan de sloopvergunning kan in ieder geval de voorwaarde worden gesteld dat de sloop wordt begeleidt door een gekwalificeerde deskundige (zijnde een archeologisch bedrijf dat daarvoor gecertificeerd is); hiervoor is een door het bevoegd gezag schriftelijk goedgekeurd Programma van Eisen vereist dat is opgesteld conform de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA); bevoegd gezag laat zich voor de beoordeling adviseren door een door deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, bijvoorbeeld door de Regioarcheologie; indien tijdens de begeleiding van de sloopwerken vondsten van zeer hoge waarden worden aangetroffen, wordt hiervan terstond melding gemaakt bij het bevoegd gezag die in het belang van de archeologische monumentenzorg aanvullende voorschriften kunnen verbinden aan de sloopvergunning; de vergunning kan niet worden verleend indien blijkt dat de sloop een onevenredige aantasting van de archeologische waarden van de gronden tot gevolg heeft.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|25 8.4.4 Toelaatbaarheid Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 8.4.1 wordt slechts verleend indien: a.
b.
c.
d.
op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of de volgende voorwaarden in acht genomen worden indien, op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat goedgekeurd is door het bevoegd gezag de archeologische waarden door de werken en werkzaamheden kunnen worden verstoord; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is heet verplicht een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten
opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden (behoudsmaatregelenplan); of 2. een verplichting tot het doen van opgravingen (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of 3. een verplichting de uitvoering van werken en werkzaamheden te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg namelijk een daarvoor gecertificeerde instantie; deze vorm van onderzoek kan alleen in uitzonderlijke situaties worden toegepast zoals verwoord in de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie; hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht; bij de beoordeling van archeologische rapporten, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen.
8.4.5 Advies Indien het bevoegd gezag voornemens is om aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden als bedoeld in lid 8.4.4 sub c, wordt door de bevoegde overheid aan een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, zoals bijvoorbeeld de regioarcheologen, advies gevraagd; bij een negatief advies wordt de omgevingsvergunning niet verleend. 8.5 Wijzigingsbevoegdheid 8.5.1 Wijziging op basis van archeologisch onderzoek Burgemeester en Wethouders kunnen, overeenkomstig artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, het plan wijzigen in die zin dat aan de bestemming 'Waarde - Archeologie - 2' wordt ontnomen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. 8.5.2 Advies Alvorens de in lid 8.5.1 bedoelde wijziging wordt toegepast, wordt deskundig advies gevraagd aan een door Burgemeester en Wethouders vastgestelde deskundige op het gebied van de archeologische Monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|26
Artikel 9 Waarde - Archeologie - 3 9.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie - 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van archeologische waarden. 9.2 Bouwregels Op deze gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a.
b.
bouwwerken ter vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de bestaande oppervlakte van het bouwwerk niet wordt vergroot of ruimtelijk gewijzigd en voor zover bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan 0,4 meter over een oppervlakte groter dan 250 m2; bouwwerken met een oppervlakte van minder dan 250 m2 voor zover bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan 0,4 meter.
9.3 Afwijken van de bouwregels 9.3.1 Afwijken voor bouwen ten dienste van andere bestemming Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.2 sub a, voor de bouw van bouwwerken ten dienste van de andere geldende bestemming(en), mits: a.
b.
c.
d.
op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door bouwactiviteiten niet onevenredig worden geschaad; indien het gaat om archeologisch booronderzoek, dan is het verplicht om een Plan van Aanpak ter goedkeuring te overleggen aan het bevoegd gezag; indien het gravend archeologisch onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag; of de volgende voorwaarden in acht genomen worden indien, op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door de bevoegde overheid goedgekeurd rapport, in voldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten kunnen worden verstoord: 1.
een verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden (behoudsmaatregelenplan); of 2. een verplichting tot het doen van opgravingen (hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht); of 3. een verplichting de uitvoering van bouwactiviteiten te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA, namelijk een daarvoor gecertificeerde instantie; deze vorm van onderzoek kan alleen in uitzonderlijke situaties worden toegepast zoals verwoord in de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie; hiervoor is een Programma van Eisen conform KNA, goedgekeurd door het bevoegd gezag, verplicht; bij de beoordeling van archeologische rapporten, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|27 9.3.2 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt over een voor de beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek voor de gronden waarop een aanvraag om omgevingsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoeve van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te overleggen dat voldoet aan de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). Indien het gravend onderzoek betreft, dan is het verplicht om een Programma van Eisen conform KNA te laten opstellen en deze te laten goedkeuren door het bevoegd gezag. 9.3.3 Advies Bij de beoordeling van het archeologisch onderzoek, laat het bevoegd gezag zich adviseren door een deskundige op het gebied van archeologische monumentenzorg conform de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie-KNA en conform de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, vastgesteld door Burgemeester en Wethouders van de gemeente Gilze en Rijen. 9.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 9.4.1 Omgevingsvergunning Het is verboden op of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.
b.
c.
d. e.
het ophogen, afgraven (ook ten behoeve van het verwijderen van bestaande funderingen), woelen, mengen, diepploegen, aanbrengen van heipalen, egaliseren en ontginnen van gronden met dien verstande dat het werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden betreft met een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 0,4 meter; het wijzigen van de waterhuishouding, zoals draineren en het uitdiepen, graven en/ of verleggen van waterlopen over een oppervlakte groter dan 250 m 2 en dieper dan 0,4 meter; het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur over een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 0,4 meter; het verlagen van het waterpeil over een oppervlakte groter dan 250 m2 en dieper dan 0,4 meter; het doen van opgravingen in het kader van archeologisch onderzoek, mits verricht door een ter zake deskundige, namelijk een archeologische instantie die daarvoor gecertificeerd is en die in het bezit is van een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen.
9.4.2 Uitzonderingen Het verbod, zoals bedoeld in lid 10.4.1 is niet van toepassing, indien: a.
b.
c.
d.
het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels, leidingen en rioleringen waarbij niet dieper gegraven wordt dan de reeds uitgegraven diepte; op basis van inventariserend en/ of definitief archeologisch onderzoek, conform KNA en goedgekeurd door de gemeente Gilze en Rijen, is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn; de werken en werkzaamheden: 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of een ontgrondingsvergunning; de werken en werkzaamheden op inventariserend of definitief archeologisch onderzoek zijn gericht.
NL.IMRO.0784.BPBiestraat3-CO01
bestemmingsplan Biestraat 3, Gilze
|28 9.4.3 Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk a.
b.
c.
d.
het is verboden voor de 'Waarde - Archeologie - 4' aangewezen gronden, zonder of in afwijking van een vergunning voor het slopen van een bouwwerk, de aanwezige bouwwerken te slopen als de oppervlakte en diepte meer bedraagt dan 250 m 2 en dieper gaat dan 0,4 meter onder maaiveld; aan de sloopvergunning kan in ieder geval de voorwaarde worden gesteld dat de sloop wordt begeleidt door een gekwalificeerde deskundige (zijnde een archeologisch bedrijf dat daarvoor gecertificeerd is); hiervoor is een door het bevoegd gezag schriftelijk goedgekeurd Programma van Eisen vereist dat is opgesteld conform de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA); bevoegd gezag laat zich voor de beoordeling adviseren door een door deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg conform de vigerende KNA en de Kwaliteitscriteria 2.2 VTH, bijvoorbeeld door de Regioarcheologie; indien tijdens de begeleiding van de sloopwerken vondsten van zeer hoge waarden worden aangetroffen, wordt hiervan terstond melding gemaakt bij het bevoegd gezag die in het belang van de archeologische monumentenzorg aanvullende voorschriften kunnen verbinden aan de sloopvergunning; de vergunning kan niet worden verleend indien blijkt dat de sloop een onevenredige aantasting van de archeologische waarden van de gronden tot gevolg heeft.