CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2- Programmabegroting Diamant-groep 2026 en MJB 2027-2029

Gemeenteraad 12 juni 2025, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarrekening 2024, Programmabegroting 2026 en de Meerjarenbegroting 2027-2029 Diamant-groep12.830 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Overige toelichtingen In de begroting 2026 zitten incidentele uitgaven voor de uitvoeringsagenda (€ 2.230.000) en reorganisatiekosten (€ 300.000). Deze worden volledig gedekt door incidentele onttrekkingen aan de bestemmingsreserves strategie en reorganisatie (resultaat neutraal). Daarnaast een incidentele extra jaarlijkse bijdrage vanuit het rijk (transformatiebudget 2025-2034), die wordt onttrokken ten behoeve van de bestemmingsreserve strategie (2026: € 650.000). Ook dit is resultaat neutraal. In 20272029 muteren de onttrekkingen / toevoegingen reserves mee met de verwachtte kosten / incidentele baten. Het saldo incidentele baten betreft de onttrekkingen bestemmingsreserves participatiewet. Voor 2026 betreft dit een onttrekking van € 377.000 op de bestemmingsreserve beschut. Een onttrekking van € 134.000 op de bestemmingsreserve maatwerk. En een onttrekking van € 590.000 op de bestemmingsreserve participatie. Voor een totaal van 36

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a € 1.102.000 aan incidentele onttrekkingen t.b.v. subsidie P-wet. Voor de jaren 20272029 muteert dit mee met het begrootte verloop in de betreffende P-wet formatie. Vanaf 2028 wordt een positief structureel begrotingssaldo verwacht.

Formatie In de bovenstaande begroting is gerekend met de onderstaande formatie in FTE:

De formatie van de doelgroep is inclusief de medewerkers die werkzaam zijn bij La Poubelle en De Schoonmaakcoöperatie. De formatie van regulier personeel is onderdeel van de begroting van La Poubelle en De Schoonmaakcoöperatie en is geen onderdeel van deze tabel.

37

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a 5. Verplichte paragrafen 5.1.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

In opdracht van het bestuur heeft er in 2021 een externe herijking van het weerstandsvermogen in relatie tot toekomstige risico’s plaatsgevonden. Op basis van dat rapport is door het Algemeen Bestuur besloten om de koers voor wat betreft de begrotings- en subsidiëringsystematiek, zoals die is vastgesteld in het Strategieplan en de (meerjaren)begroting, ongewijzigd aan te houden. De tekorten die begroot zijn voor de komende jaren kunnen worden opgevangen door het weerstandsvermogen. Daarnaast is besloten om aan de hand van de ontwikkelde methodiek het weerstandsvermogen tweemaal per jaar ter herijken. Voor deze meerjarenbegroting is onderzocht welke risico’s de Diamant-groep loopt en hoeveel weerstandscapaciteit beschikbaar is om die risico’s op te vangen. De verhouding tussen risico’s en de weerstandscapaciteit is een indicatie van de financiële robuustheid op (middel)lange termijn. 5.1.1. Samenvatting weerstandsvermogen Het verloop van het weerstandsvermogen is als volgt weer te geven: Jaar

Beschikbare capaciteit

Benodigde Capaciteit

Weerstandsvermogen

Ratio

Waar dering

Betekenis

2025 2026 2027

7.486.000 7.113.000 7.534.000

607.000 2.563.000 4.359.000

6.879.000 4.550.000 3.175.000

12.3 2.8 1.7

A A B

2028

8.022.000

5.746.000

2.276.000

1.4

B

2029

8.824.000

7.142.000

1.682.000

1.2

C

Uitstekend Uitstekend Ruim voldoende Ruim voldoende Voldoende

Ultimo 2029 is er op grond van de risico-inventarisatie een beschikbare weerstandscapaciteit aanwezig van €8.824.000 bij een benodigde weerstandscapaciteit van €7.142.000. Hiermee bedraagt het weerstandsvermogen €1.682.000 positief en dit is als voldoende aan te merken. Dit betekent dat de Diamant-groep de geïdentificeerde risico’s de komende jaren volledig zelf kan opvangen.

38

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a 5.1.2. Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt om niet begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, te dekken. Tot de weerstandscapaciteit wordt gerekend: a. het vrij besteedbaar eigen vermogen (algemene reserves); b. de ruimte binnen de begroting (mogelijkheid om binnen de begroting tegenvallers op te vangen zonder dat dit direct invloed heeft op de reguliere bedrijfsvoering. De ruimte binnen de begroting bestaat in de regel uit de post onvoorzien en het eventuele voordelige resultaat).

Verloop weerstandscapaciteit (in €1000) Algemene reserves per 31 december 2024 Nog te bestemmen resultaten Reserve reorganisatie Reserves per ultimo 2024 Verwacht resultaat 2025 Verwacht resultaat 2026 Verwacht resultaat 2027 Verwacht resultaat 2028 Verwacht resultaat 2029 Inzet bestemmingsreserve LPB Inzet reorganisatiereserve ‘25-‘29 Dividend Bepro aan DG Aanvulling bestemmingsreserves Weerstandscapaciteit ultimo 2029

Diamant

SBW

Bepro

La Poubelle

Totaal

2.713 -304 1.524 3.933 -852 -73 721 788 1.126 0 -1.524 9.000 -5.708 7.411

2 -2 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

9.010 282 1.000 10.292 121 0 0 0 0 0 0 -9.000 0 1.413

-3 -343 0 -346 -7 0 0 0 0 353 0 0 0 0

11.722 -367 2.524 13.879 -738 -73 721 788 1.126 353 -1.524 0 -5.708 8.824

Het verwachte resultaat in 2025-2029 betreft het totale resultaat zonder gemeentelijke bijdrage. In de beschikbare weerstandscapaciteit zijn de behaalde resultaten in 2024 toegevoegd. Het bestuur zal na goedkeuring van de jaarrekeningen bepalen hoe zij met de resultaten willen omgaan en dat kan de capaciteit muteren. Voor de reorganisatie is in diverse gedefinieerde risico’s rekening gehouden met een aandeel voor de reorganisatie. Omdat voor dit risico een bestemmingsreserve is opgenomen, is deze reserve opgeteld bij de algemene reserve. De beschikbare capaciteit neemt af in vergelijking met eind 2024. Dit komt met name door de vorming van bestemmingsreserve strategie vanuit de algemene reserve. Hiermee wordt een timingsissue opgevangen waarbij de uitgaven vooruitlopen op het ont39

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a vangen extra incidentele geld van het rijk. Dit verlaagt dus het beschikbare weerstandsvermogen in elk geval tot de geplande uitgaven lager worden dan het incidenteel beschikbare geld van het rijk (medio 2029). Ook worden de bestemmingsreserves voor beschut en maatwerk aangevuld om dekkend te zijn tot en met 2029, de onttrekking hiervan is ook begroot in het resultaat van die jaren.

5.1.3. Benodigde weerstandscapaciteit en geïdentificeerde risico’s Risico’s worden gedefinieerd als gebeurtenissen die het behalen van doelstellingen in de weg staan. Dit omvat het verband tussen: • de kans dat het zich voordoet • de impact die het heeft Bij de inventarisatie van de risico’s door het MT is beoordeeld welke maatregelen er zijn getroffen om het risico te beheersen en hieruit volgen de rest risico’s. Vervolgens is van de restrisico’s bepaald welke ‘impact’ zich voordoet als het risico optreedt, de uitkomst hierop is het gewogen risico. Niet alle risico’s doen zich gelijktijdig en in volle omvang voor. Voor de bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit is een zekerheidspercentage van 75% gehanteerd. De maximale geïdentificeerde risico’s zijn gegroepeerd in onderstaande clusters en worden vervolgens per risico verder toegelicht. Benodigde weerstandscapaciteit (in €) Financiering P-Wet/WSW Organisatie wijziging/krimp Personeel Operationeel ICT Totaal

1.579.000 532.000 1.839.000 2.497.000 696.000 7.142.000

In onderstaand overzicht staan de risico’s gekwantificeerd naar de diverse jaren met daarmee de kwalificatie van de impact. 40

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a

2025

2026

2027

2028

2029

Totaal

Kans

Financiering CAO-participatiewet* WSW-Rijksbijdrage / landelijke uitstroom* Loonkostencompensatie WSW onvoldoende* Totaal financiering

98

111 94

121 91

111 87

110 84

453 453

Ernstig Matig Matig

98

182 387

173 384

163 362

155 348

673 1.579

Rendementen vertraagd gerealiseerd Krimp van de organisatie onhaalbaar Totaal organisatiewijziging

-

70 70

153 153

37 118 155

35 118 153

295 236 532

Groot Matig

Niet-invulbare vacatures op vitale plekken Uitval SW-ers op reguliere plaatsen Effect verlofsaldo bij vertrek Effecten multi-problematiek doelgroep Totaal personeel

96 135 55 82 368

96 135 55 82 368

96 135 55 82 368

96 135 55 82 368

96 135 55 82 368

480 675 275 410 1.839

Groot Ernstig Beperkt Matig

Uiteenvallen inkoperscollectief Extra terugloop Post Frictieverlies verhuizing La Poubelle Verlies DSC compenseren Niet verlengen van gemeentelijke contracten Hogere exploitatielasten door verduurzaming Totaal operationeel

16 23 -

16 23 -

16 23 363 56

16 23 56

16 23 56

81 113 363 169

Beperkt Groot Ernstig Groot Beperkt

-

543

113

113

113

881

50 88

134 1.079

198 405

243 450

267 475

891 2.497

Slachtoffer cybercrime* Onvoldoende op ICT- en AVG-gebied* Totaal ICT

53 53

53 53

433 53 486

53 53

53 53

433 262 696

Totaal alle risico’s

607

1.956

1.796

1.386

1.396

7.142

Risico’s in de tijd (in 1.000 €)

Groot

Matig Matig

*) Alleen gedekt via de algemene reserve. De andere risico’s worden ook gedekt via bestemmingsreserve reorganisatie.

5.1.4. Toelichting per risico In deze paragraaf worden de risico’s uit de vorige paragraaf inhoudelijk toegelicht. CAO Participatiewet (cao Aan de Slag) 41

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Door de cao Participatiewet (Aan de Slag) gaan P-Wetters uiteindelijk meer verdienen dan het Wettelijk Minimum Loon (WML), hierdoor neemt de druk op de businesscase toe aangezien de Loonkostensubsidie wordt berekend op het WML. Het risico bestaat dat de verhoging uiteindelijk niet wordt terugverdiend. WSW-Rijksbijdrage en uitstroom Het Participatiebudget voor de SW is afhankelijk van een aantal factoren, landelijke uitstroom WSW gekoppeld aan de blijf-kansen, jaarlijkse loon- en prijsontwikkeling (LPO) en de cao- afspraken. Er is een risico dat de uitstroom afwijkt van de landelijke uitstroom. Loonkostencompensatie WSW Jaarlijks krijgen de SW-ers een cao-verhoging. In de lopende cao staat dat de cao-verhogingen gelijk zijn aan de loon- en prijsontwikkeling (LPO) van het rijksbudget. De huidige cao loopt tot 31 december 2025. In de nieuwe cao kan er een verschil ontstaan tussen de cao-verhoging en de LPO. Jaarlijks is er een risico dat de compensatie lager uitvalt dan begroot. Rendementen vertraagd gerealiseerd Er is een inschatting gemaakt van de verwachtte rendementen vanuit de uitvoeringsagenda. Er is onzekerheid of alle uitvoeringsplannen tijdig gerealiseerd worden en daarmee de rendementen in de begrootte jaren worden gerealiseerd. Krimp van de organisatie niet haalbaar De aankomende jaren gaan we groeien in formatie, maar de jaren daarna verwachten we weer krimp.

De organisatie zal hierop jaarlijks aangepast moeten worden, concreet afscheid nemen van werk(soorten), niet gesubsidieerde formatie, activum, wagenpark, bedrijfskosten wat eenmalig allerlei frictiekosten op. Niet-invulbare vacatures op vitale plekken De arbeidsmarkt is voor alle vacatures steeds moeilijker. Bij vitale functies is het dan nodig extern in te huren, waarbij deze kosten doorgaans veel hoger zijn dan voor reguliere medewerkers. Uitval SW’ers op reguliere plaatsen Op dit moment zijn er SW’ers werkzaam op sleutelfuncties waarbij, wanneer de huidige functionaris vertrekt, deze opnieuw ingevuld moet worden. Het invullen kan soms niet met een gesubsidieerde medewerker. Hierdoor wordt de functie vervolgens ingevuld door een reguliere medewerker wat leidt tot hogere kosten. Strategische personeelsplanning Door verdere verschuiving van functie-inhoud zijn andere competenties en vaardigheden vereist welke mogelijk niet iedereen kan opdoen. Dit naar aanleiding van aanpassingen van de organisatie naar aanleiding van de strategie ’25 - ’30. 42

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Effect verlofsaldo bij vertrek Een deel van de medewerkers heeft door omstandigheden een hoog verlofsaldo. Bij vertrek betekent dit extra kosten (uitbetalen of eerder inhuren). Dit risico is niet te begroten en is opgenomen in de risico’s. Effecten multi-problematiek De nieuwe medewerkers vanuit de participatie-wet hebben steeds vaker een combinatie van problemen waardoor zij een achterstand op de arbeidsmarkt hebben. Het risico bestaat dat dit meer begeleiding en instructie vraagt dan we nu begroten. Uiteenvallen inkoopcollectief Het uiteenvallen van het SW-inkoopproces in samenwerking met de brancheorganisatie zou gaan leiden tot hogere inkoopkosten. Op dit moment doet Cedris voor alle SW organisaties inkopen wat voordelen opleverde. Het aantal organisaties wat meedoet aan de collectieve inkopen wordt lager, waardoor inkopen duurder kunnen worden. Extra terugloop Post We houden rekening met een dalende omzet, die muteert met de dalende formatie binnen post. Het risico bestaat dat de omzet sterker daalt door externe omstandigheden. Frictieverlies bij verhuizing La Poubelle Bij de verhuizing is rekening gehouden met extra kosten en/of minder omzet in de periode van de overgang. We hebben hier een bestemmingsreserve voor gevormd maar deze is mogelijk niet voldoende.

Verlies compenseren DSC Waar De Schoonmaakcoöperatie voorheen winst behaalde, komt deze winst steeds meer onder druk. Omdat de Diamant-groep één van de moeders is, lopen we het risico dat we verliezen moeten compenseren. Niet verlengen aflopende contracten De komende jaren lopen er diverse gemeentelijke contracten af. Wanneer deze niet verlengd worden, dan moeten we afschalen. Dit brengt extra kosten met zich mee. Dit risico is verlaagt, omdat we verwachten dat contracten voor Groen de komende jaren doorlopen na het goedkeuren van het plan om P-wetters in dienst te nemen. Bij Kikmaat zijn gesprekken gaande over contractverlenging TIIP. Hogere exploitatielasten door verduurzaming We zijn aan het verduurzamen, maar we lopen het risico dat de wetgeving sneller gaat dan we nu denken. Effect zal dan zijn dat er versneld geïnvesteerd moet worden in bijvoorbeeld materieel. Met het afschaffen van de BPM en gemiddeld hogere aanschafkosten van duurzame voertuigen, komen mogelijk ook hogere afschrijvingslasten in de exploitatie dan nu voorzien die niet (direct) volledig terugverdient kunnen worden. 43

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Slachtoffer cybercrime Het risico om slachtoffer te worden van cybercrime wordt steeds groter. Ondanks alle preventieve maatregelen, zullen we dan kosten moeten maken voor het herstellen van schade en het opvangen van nevenschade en eventuele claims. Onvoldoende ICT en/of AVG-maatregelen Om de nieuwe organisatie goed te ondersteunen zijn er steeds meer ICT-middelen nodig. Het risico bestaat dat door nieuwe regelgeving en ontwikkelingen we te weinig meerjarig begroot hebben. Daarnaast hebben we een inhaalslag te maken, wat mogelijk structurele kosten met zich meebrengt. Kwalitatief Niet alle geïdentificeerde risico’s kunnen gekwantificeerd en gewogen worden omdat deze dermate onduidelijk of onzeker zijn of afhankelijk is van scenario’s of (strategische) keuzes. De belangrijkste geïdentificeerde risico’s in dit kader hangen samen met het al dan niet kunnen voldoen aan de eisen van de Participatiewet (P-wet proof). Deels is de Diamant-groep daarbij ook afhankelijk van bestuurlijke keuzes. Daarnaast volgen (wettelijke) ontwikkelingen zich in snel tempo op. De roep om aanpassing van de Participatiewet - zowel inhoudelijk als qua financiering – wordt steeds harder. Uit diverse onderzoeken en rapporten blijkt dat de Participatiewet niet goed functioneert en met het nieuwe kabinet is niet uit te sluiten dat aanpassingen uitblijven.

5.1.5. Vervallen risico’s Ten opzicht van de laatste herijking van het weerstandsvermogen zijn de volgende risico’s komen te vervallen. Financiering P-wet Beschut Werk In deze programmabegroting en ontwikkeling van het weerstandsvermogen is gerekend met het aanvullen van de bestemmingsreserve beschut vanuit de algemene reserve, zodat deze voldoende dekkend is tot en met 2029. Financiering P-wet Maatwerkbaan 44

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a In deze programmabegroting en ontwikkeling van het weerstandsvermogen is gerekend met het aanvullen van de bestemmingsreserve maatwerk vanuit de algemene reserve, zodat deze voldoende dekkend is tot en met 2029.

5.1.6. Financiële kengetallen In onderstaande tabel is de ontwikkeling van enkele financiële kengetallen opgenomen voor de totale organisatie (alle entiteiten) per ultimo boekjaar. Kengetallen naar jaren

Netto schuldquote Solvabiliteitsratio

2026

2025

2024

8% 37%

4% 33%

-5% 45%

45

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Structurele exploitatieruimte-ratio

-1%

-1%

0%

Voor 2026 zijn voor de Diamant-groep de volgende kengetallen berekend: Netto schuld quote (in €1000)

2026

Netto schuld Totale inkomsten Netto schuldquote

7.831 92.654 8%

Netto schuld quote (gecorrigeerd voor leningen) (in €1000) Netto schuld Totale inkomsten Netto schuldquote (gecorrigeerd voor verstrekte leningen)

2026 7.831 92.654 8%

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de totale inkomsten. Als dit percentage hoger is dan 100% wordt aanbevolen om de schulden af te lossen. De Diamant-groep heeft ruim voldoende inkomsten om aan haar schulden te voldoen. Solvabiliteitsratio (in €1000)

2026

a) Eigen vermogen b) Totaal vermogen Solvabiliteitsratio (A/B * 100%)

11.821 31.819 37%

De solvabiliteit geeft aan of een organisatie in staat is om op korte en lange termijn aan haar betalings- en aflossingsverplichtingen te voldoen. Structurele exploitatieruimte (in €1000)

2026

a) Structurele lasten b) Structurele baten c) Totale structurele toevoegingen aan de reserves 46

93.179 92.004 0

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a d) Totale structurele onttrekkingen aan de reserves e) Totale baten (B-A) + (D-C)/E * 100%

0 92.004 -1%

Het berekende percentage voor de structurele exploitatieruimte helpt mee beoordelen welke structurele ruimte de Diamant-groep heeft om de eigen lasten te dragen. Provinciale toezicht In het toezicht kader van de provincies zijn voor de financiële kengetallen signaleringswaarden opgenomen die gebruikt wordt voor het inzicht in de financiële situatie en risicopositie. In onderstaande tabel staan deze signaleringswaarden afgezet tegen de waarden van de Diamant-groep ultimo 2026. Kengetal

Netto schuldquote Netto schuldquote (gecorrigeerd) Structurele exploitatieruimte Solvabiliteitsratio

Minst risicovol

Neutraal

Meest risicovol

Diamant-groep

<90% <90%

90%-130% 90%-130%

>130% >130%

8% 8%

>0% >50%

0% 20%-50%

<0% <20%

-1% 37%

Voor de netto schuldquote en de gecorrigeerde netto schuldquote zit de Diamant-groep in categorie “minst risicovol”. Bij de structurele exploitatieruimte is dat “meest risicovol” doordat het percentage met -1% net onder de neutrale 0% zit. Voor de solvabiliteitsratio is dit “neutraal”.

47

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a 5.2.

Bedrijfsvoering

De opgave om de ondersteuningsstructuur betaalbaar te houden blijft een uitdaging. De behoefte aan bijvoorbeeld communicatie, managementinformatie en ICT neemt juist toe door verwachtingen van stakeholders, wettelijke eisen en verplichtingen en/of vertrek van gekwalificeerde SW-collega’s binnen bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering heeft ook een belangrijke rol bij de ontwikkeling en uitrol van de diverse uitvoeringsplannen. In combinatie met de jaarlijkse indexatie vraagt dit veel aandacht. Dit alles om de organisatie toekomstbestendig te maken. HR-beleid Eind 2024 is een voorstel voor een kleine aanpassing van de HR-inrichting gedaan om HR weer wat dichter bij de bedrijfsonderdelen te brengen. Dit wordt in 2025 verder uitgewerkt. De verschillende teams binnen de afdeling hebben gezamenlijk afspraken gemaakt om de onderlinge samenwerking en kennisdeling te vergroten. De komende jaren wordt de ontwikkeling nauwlettend gevolgd en ondersteund, zodat dit goed verankerd wordt in de organisatie. Planning- en control Volgens deze cyclus starten de voorbereidingen voor de kadernota voor het volgend jaar in het eerste kwartaal van het lopende jaar. Deze nota wordt eerst op hoofdlijnen en op het niveau van de gehele Diamant-groep gemaakt. De contouren van het beleid worden vastgelegd. De kadernota wordt vervolgens door het bestuur vastgesteld.

Dan starten de voorbereidingen voor een uitgebreidere programmabegroting, waarin aangegeven wordt waar in het nieuwe jaar de accenten zullen liggen. Deze begroting wordt na vaststelling door het bestuur voorgelegd aan de raden van de deelnemende gemeenten, die de gelegenheid hebben om hierop te reageren. In het najaar wordt de vertaalslag van de begroting naar de verschillende bedrijfsonderdelen gemaakt. Afgesproken wordt hoe deze onderdelen bijdragen aan het realiseren van de totaalbegroting. Het beleid van de Diamant-groep is daarbij uiteraard het uitgangspunt. Hierop worden de accenten nader bepaald en de formatietaakstelling per onderdeel gepland. Kijkend naar de marktpositie en ontwikkelingen in de markt wordt de commerciele taakstelling vastgelegd. We streven naar een verbeterslag voor wat betreft de management- en stuurcijfers en de informatie die we presenteren aan onze stakeholders van gemeenten. Hiertoe werd reeds een fundament gelegd met een BI Tool waarmee de mogelijkheden om van (heel veel) data bruikbare informatie te maken op een hoger niveau gebracht konden worden. Hier zal verder op worden gebouwd. Tevens zal in toekomstige rapportages de voortgang van de uitvoeringsagenda worden opgenomen.

48

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a De planning- en control cyclus van de Diamant-groep ziet er als volgt uit: 1. Strategisch plan (koersdocument voor vier jaar); 2. Kadernota; 3. Beleidsbegroting (programmabegroting); 4. Jaarplannen inclusief begrotingen totaal en per bedrijfsonderdeel; 5. Financiële en sociale maandrapportages (incl. voortgang uitvoeringsagenda); 6. Periodieke interne controle rapportages; 7. Jaarverslag inclusief jaarrekening Informatisering en Automatisering Grote ontwikkelingen op het terrein van digitalisering, inzet van technologie en AI bieden voor onze organisatie mogelijkheden. Dit brede onderwerp vraagt aandacht. Hoe zetten we deze hulpmiddelen nog beter in voor waar we als organisatie voor staan? Dit wordt meegenomen in de ontwikkeling van de digitale strategie. Ook de wettelijke eisen en verplichtingen rond informatiebeveiliging, privacy/AVG en archivering staan hierin centraal. 5.3. Onderhoud kapitaalgoederen De Diamant-groep heeft begin 2025 het onderhoudsplan voor de periode 2025-2039 definitief vastgesteld voor de locatie aan de Zevenheuvelenweg. Het onderhoudsplan gaat uit van een (theoretische) economische levensduur. Vanuit het egalisatieprincipe is de benodigde jaarlijkse voorziening groot onderhoud hierop aangepast en meegenomen in deze meerjarenbegroting. In 2024 zijn alternatieven ontwikkeld voor een de nieuwbouw van La Poubelle.

De planning richt zich op de start van de bouwwerkzaamheden na de zomerperiode 2025. Met een bouwtijd van ruim één jaar gaan we in het najaar van 2026 ons mooie kringloopbedrijf aan de Insulindestraat in Tilburg te kunnen heropenen. Het onderhoud van het huidige pand aan de Insulinderstraat loopt via de exploitatie. Voor de nieuwbouw zal het onderhoudsplan medio 2026 aangepast worden.

5.4. Financiering Per 31 december 2026 ziet de financiering van de investeringen er als volgt uit: 49

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a

Financieringsbehoefte (in €1000) Totale boekwaarde investeringen

19.466

Eigen vermogen Voorzieningen Langlopende leningen /- financiële vaste activa Totaal langlopende financiering

11.821 133 0 11.954

Om de verwachte investeringen voor la Poubelle uit te kunnen voeren is een lening noodzakelijk. Deze kunnen op dit moment niet uit de eigen middelen worden gefinancierd. De aanname is dat deze financiering waar nodig aangevuld wordt met kortlopende leningen.

50

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a 5.5.

Verbonden partijen

Naam

Vestigingsplaats

Wijze van deelname

Openbaar belang

Stichting Bevordering Werkgelegenheid (SBW)

Tilburg

Algemeen Bestuur Gemeenschappelijke regeling is bestuur van de Stichting

Bedrijfsmatige Projecten (Bepro) BV

Tilburg

Gemeenschappelijke regeling is 100% aandeelhouder

Meervlaks BV

Tilburg

Bepro BV is 100% aandeelhouder

Initiëren en financieel ondersteunen van werkgelegenheidsprojecten bij de Gemeenschappelijke regeling. Het beschikbaar stellen van arbeidskrachten ten behoeve van de uitvoering van de projecten. Participatie in risicovolle projecten. Deelnemen in en samenwerken met en het voeren van de directie over andere rechtspersonen en ondernemingen in het kader van gesubsidieerde arbeid door de Diamant-groep. Op dit moment is deze BV niet actief.

BV 18k

Tilburg

Bepro BV is 100% aandeelhouder

Diverse activiteiten op het gebied van HRM ten behoeve van de Diamant-groep en derden.

BV 18k Flex

Tilburg

BV 18k is 100% aandeelhouder

Het tegen vergoeding detacheren van arbeidskrachten.

Stichting La Poubelle

Tilburg

Algemeen Bestuur Gemeenschappelijke regeling is bestuur van de Stichting

Kringloopwinkel. Werkzaamheden gericht op of ten dienste van het milieu. Het creeren en in stand houden van leer- werkplekken voor personen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

De Schoonmaak Coöperatie

Vught

Gemeenschappelijke regeling is lid voor circa 48%

Het faciliteren en creëren van leer-werkplekken voor personen met een afstand tot de arbeidsmarkt in een leer/werkbedrijf gericht op schoonmaakactiviteiten.

51

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Naam

Eigen vermogen (afgerond in € 1.000)

Stichting Bevordering Werkgelegenheid (SBW)

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

2.000 0 1.968.000 2.250.000

Geen

-2

Bedrijfsmatige Projecten (Bepro) BV

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

10.171.000 10.453.000 928.000 791.000

Geen

282

Meervlaks BV

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

357.000 351.000 2.000 2.000

Geen

-6

BV 18k

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

9.440.000 9.738.000 889.000 764.000

Geen

298

BV 18k Flex

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

18.000 18.000 131.000 149.000

Geen

0

Stichting La Poubelle

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

654.000 311.000 930.000 863.000

Geen

-343

De Schoonmaak Cooperatie

Eigen vermogen per 01-01-2024: Eigen vermogen per 31-12-2024: Vreemd vermogen per 01-01-2024: Vreemd vermogen per 31-12-2024:

1.928.704 2.025.000 2.989.134 4.239.000

Geen

125

52

Verandering in belang

Resultaat 2024 (in € 1.000)

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Visie op de verbonden partijen •Stichting Bevordering Werkgelegenheid; continueren van het beleid om alle werkzame ambtenaren in dienst te nemen. •Bedrijfsmatige Projecten BV: in de BV vinden geen activiteiten plaats. •Meervlaks BV: vooralsnog een lege BV, in te zetten op termijn voor nieuwe ontwikkelingen. •BV 18k: continuering voor Payrolling activiteiten van de reguliere medewerkers van de Diamant-groep met een tijdelijk dienstverband en derden. •BV 18k flex: voortzetting van detacheringsactiviteiten naar externe werkgevers. •Stichting La Poubelle: behoud en voortzetting van de beschikbaarheid van participatiebanen binnen de kringloopwinkels en werkplaatsen. •De Schoonmaak Coöperatie: continuering van de coöperatie met de andere twee organisaties Weener XL en de WSD-groep.

53

Bijlage 1 Reserves en voorzieningen

Dotaties en onttrekkingen in de Algemene Reserves betreffen de exploitatieresultaten vanuit de verschillende bedrijven. Het resultaat bij La Poubelle wordt verrekend met de bestemmingsreserve herhuisvesting. In 2025 worden dotaties gedaan aan de bestemmingsreserve strategie, beschut werk en maatwerk banen binnen Diamant-groep. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de algemene reserve in Bepro BV middels een dividenduitkering die in 2025 plaats zal vinden.

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Bijlage 2 Geconsolideerde balans 2024-2029

55

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Bijlage 3 Vaste activa geconsolideerd

56

Programmabegroting 2026 – meerjarenraming 2027-2029

a Bijlage 4 Uitvoeringsplan financieel overzicht per programma 2026-2029

57

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15549576/1