Bijlage 2- Notitie Grondprijzen 2024 Gemeente Gilzen Rijen
Tekst van het document
NOTITIE GRONDPRIJZEN Gilze en Rijen 2024
Notitie Grondprijzen 2024
1
Gemeente Gilze en Rijen
Inhoud 1. INLEIDING................................................................................................................................................................3 Algemeen....................................................................................................................................................................3 Segmenten...................................................................................................................................................................3 Residuele grondwaardemethode met minimum kavelwaarde.....................................................................................3 Taxeren........................................................................................................................................................................3 Staffel..........................................................................................................................................................................3 Belastingen.................................................................................................................................................................3 Midden-Brabant Poort.................................................................................................................................................4 Afwijkingen op
grondprijsbeleid................................................................................................................................4 2. BEGRIPSBEPALING.................................................................................................................................................5 Minimumkavelwaarde.................................................................................................................................................5 Residuele grondwaardemethode.................................................................................................................................5 Beleggingswaarde en Bruto Aanvangsrendement (BAR)...........................................................................................5 Vrij-op-naam-prijs (v.o.n. prijs)..................................................................................................................................6 Grondgebonden woning..............................................................................................................................................6 Gestapelde woning......................................................................................................................................................6 3.
GRONDPRIJZEN WONINGBOUW.........................................................................................................................7 3.1 Huurwoningen.......................................................................................................................................................7 3.1.1. Sociale huurwoningen.......................................................................................................................................7 3.1.2. Vrijesector huurwoningen.................................................................................................................................7 3.1.3. Grondslag minimum kavelwaarde voor huurwoningen....................................................................................7 3.2. Koopwoningen.....................................................................................................................................................7 3.2.1. Projectmatige bouw van koopwoningen...........................................................................................................7 3.2.2. Grondslag minimum kavelwaarde voor koopwoningen...................................................................................7 3.2.3. Particuliere bouw van koopwoningen...............................................................................................................8 3.2.4.
Collectief particulier opdrachtgeverschap.........................................................................................................8 3.2.5. Reststroken........................................................................................................................................................8 3.2.6. Innovatieve woonvormen..................................................................................................................................8 4. GRONDPRIJZEN OVERIGE FUNCTIES..............................................................................................................10 4.1. Algemeen...........................................................................................................................................................10 4.2. Bedrijventerreinen..............................................................................................................................................10 4.3. Kantoren.............................................................................................................................................................10 4.5.
Maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk....................................................................................11 4.6 Maatschappelijke voorzieningen met winstoogmerk..........................................................................................11 4.7 Zendmasten en overige nutsvoorzieningen.........................................................................................................11 5. SAMENVATTING GRONDPRIJZEN 2024...........................................................................................................12
1. INLEIDING Algemeen Deze notitie gaat in op de grondprijzen zoals de gemeente Gilze en Rijen die in 2024 hanteert voor de uitgifte van gronden met verschillende functies. Het belangrijkste doel van deze notitie is dan ook de communicatie van de (uitgangspunten voor de) actuele grondprijzen richting belangstellenden, zoals burgers en marktpartijen. De grondprijzen zoals genoemd in de notitie hebben betrekking op bouwrijpe grond. Deze notitie is een uitwerking van de Nota Grondbeleid. Het college van B&W stelt de notitie grondprijzen jaarlijks vast. De opgenomen grondprijzen zijn geldig vanaf 1 januari 2024 tot vaststelling van de volgende notitie grondprijzen. Segmenten In deze notitie worden de volgende vastgoedcategorieën onderscheiden: Woningbouw: o Appartement koop/huur o Tussenwoning koop/huur o Hoekwoning koop/huur o Tweekapper/patiowoning koop o Vrijstaand koop Overige functies: o Bedrijventerreinen o Kantoren o Maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk o Maatschappelijke voorzieningen met winstoogmerk o Zendmasten en overige nutsvoorzieningen Residuele grondwaardemethode met minimum kavelwaarde In de meeste vastgoedcategorieën hanteren wij voor de berekening van grondprijzen de residuele grondwaardemethode met een minimum kavelwaarde. De waarde is de minimumprijs die de gemeente rekent voor een kavel.
De residuele grondwaarde is een erkende methode om tot een marktconforme grondprijs te komen. In de residuele methode kunnen specifieke locatiekenmerken en het te realiseren vastgoedproduct worden meegenomen. Bij de residuele methode is de grondwaarde van een vastgoedobject gelijk aan het verschil tussen de commerciële waarde van het vastgoedobject en de stichtingskosten van datzelfde vastgoedobject. Taxeren De gemeente behoudt zicht het recht om een taxatie te laten uitvoeren ten behoeve van de verkoop van gronden. Dit kan voordoen op het moment dat er twijfel is over de marktconformiteit van de verkoopwaarde van gronden, die gebaseerd zijn op de grondwaarden uit de grondprijzenbrief. De taxatie zal worden uitgevoerd door een onafhankelijke gecertificeerde taxateur. In de taxatie zal uitgegaan worden van de maximale bebouwingsmogelijkheden qua bouwoppervlak, bouwhoogte e.d. die het publiekrechtelijke bestemmingsplan/omgevingsplan toestaat. Als de planologische uitgangspunten mogelijkheden voor aanbouwen en/of opbouwen biedt, zal dit in de taxatie (c.q. residuele grondwaardeberekening) meegewogen moeten worden. Dit is ook het geval als dergelijke vergrotingen nog niet in het plan van een ontwikkelende partij zijn opgenomen, maar bijvoorbeeld wel als meerwerk optie aangeboden kunnen worden.
Staffel Voor bouwkavels groter dan 500 m2, geldt een staffel van 75% op de grondprijs (per m 2). Belastingen De in deze nota gepresenteerde prijzen hebben betrekking op bouwrijpe grond. De in deze nota genoemde prijzen zijn exclusief BTW en overdrachtsbelasting.
Midden-Brabant Poort De grondprijzen voor bedrijventerrein Midden-Brabant Poort blijven in deze notitie buiten beschouwing. Het samenwerkingsverband Midden-Brabant Poort C.V. bepaalt deze prijzen. Afwijkingen op grondprijsbeleid Een eenduidige grondprijs bepalen voor alle denkbare locaties en bestemmingen is niet mogelijk. De grondprijs wordt dan ook bepaald op basis van de functies, omstandigheden en ligging. Vaak is sprake van maatwerk bij het vaststellen van de grondprijs voor een specifieke locatie. Veelal gebeurt dit op basis van een actuele taxatie door een onafhankelijke taxateur. De aangegeven bedragen en berekeningsmethodieken zijn dan ook indicatief, met uitzondering van waar een vaste kavelprijs wordt genoemd. In gevallen waarbij ervoor wordt gekozen de grond in een biedingenprocedure op de markt te brengen, behoudt de gemeente zich het recht voor de grond bij lage biedingen niet te gunnen. Afwijkingen op de inhoud van deze notitie grondprijzen zijn onder voorbehoud van besluitvorming door het college van B&W. Indien er woningbouwontwikkelingen zijn waarbij, in verband met omgevingsfactoren, een afwijkende grondprijs gerechtvaardigd is (bijvoorbeeld gronden die nabij water, bosrand of aan de rand van de bebouwde kom gelegen zijn of bijvoorbeeld gronden die juist een minder gunstige ligging hebben), kan het college de vaste prijs met maximaal 20% verhogen c.q.
verlagen. De grondprijzen die zijn opgenomen in deze notitie zijn niet van toepassing op de grondtransacties waar vóór de vaststelling van deze prijzen al afspraken over de grondprijs zijn gemaakt tussen de gemeente en een derde partij (bijvoorbeeld reeds gesloten overeenkomsten en bouwclaims). De gemeente Gilze en Rijen behoudt zich te allen tijde het recht voor om, middels een B&W besluit, af te wijken van deze grondprijzenbrief.
2. BEGRIPSBEPALING Minimumkavelwaarde De minimum kavelwaarde is de minimumprijs die de gemeente rekent voor een kavel. De minimum kavelwaarde is een vaste grondprijs per m² vermenigvuldigd met het aantal m² kavel. Residuele grondwaardemethode De residuele grondwaarde is een erkende methode om tot een marktconforme grondprijs te komen. In de residuele methode kunnen specifieke locatiekenmerken en het te realiseren vastgoedproduct worden meegenomen. Bij de residuele grondwaardemethode wordt de grondprijs gelijkgesteld aan het verschil tussen de commerciële waarde van het desbetreffende vastgoed en alle bouw- en bijkomende kosten (exclusief de grond van vastgoed). De genoemde commerciële waarde wordt in het algemeen bij nieuwe koopwoningen vastgesteld op de vrij-op-naam-prijs (v.o.n. prijs) en bij nieuwe huurwoningen op de huurprijs gedeeld door het bruto aanvangsrendement. In tabel 1 is een voorbeeldberekening van een nieuwbouwwoning opgenomen waaruit blijkt dat de grondwaarde het restant (residu) van de verkoopwaarde minus de belasting en stichtingskosten zijn (zie tabel 1). Rekenvoorbeeld residuele grondwaarde Kenmerk Bedrag Formule Verkoopwaarde vastgoed*
A
100
BTW
B
21%
Netto-opbrengst**
C
83
Stichtingskosten
D
60
Residuele grondwaarde
E
23
A/(1+B)
C-D
*Bij woningbouw V.O.N.-prijs (inclusief BTW) **Bij woningbouw netto-opbrengst = V.O.N.-prijs exclusief btw Wat betreft woningbouw geldt de vrij op naam prijs inclusief btw als verkoopwaarde. Voor andere vastgoedfuncties kan eenzelfde berekening gehanteerd worden, echter wordt de verkoopwaarde in dat geval meestal bepaald middels een bruto-aanvangsrendement of huurwaardeberekening. In tabel 2 staat een voorbeeldberekening van het vastgoed niet zijnde een (vrije sector) koopwoning. Rekenvoorbeeld residuele grondwaarde Kenmerk Bedrag Huurprijs per maand
A
0,5
Huurprijs per jaar
B
6
BAR
C
6%
Beleggingswaarde*
D
100
Stichtingskosten*
E
73
Residuele grondwaarde (inclusief BTW)
F
27
BTW
G
21%
Residuele grondwaarde (exclusief BTW)
H
23
A*12 (maanden)
B/C
D-E
F/(1+G)
Beleggingswaarde en Bruto Aanvangsrendement (BAR) De beleggingswaarde van een vastgoedobject bepalen wij aan de hand van de BAR-methode. Het BAR
drukken wij uit als percentage van de volledige verhuur tegen markthuurniveau en de totale investering van het vastgoedobject. In formulevorm: Markthuur BAR = ------------------------------x 100% Totale investering Vrij-op-naam-prijs (v.o.n. prijs) De v.o.n. prijs is de verkoopprijs van een woning inclusief eventuele garage, bebouwde en/of onbebouwde parkeervoorzieningen. Uitgangspunt bij de verkoopprijs is een volledig afgebouwde woning (met basisinrichting zoals keuken, sanitair, trap, etc. Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, geldt dat aanvragen van de omgevingsvergunning vanaf 1 januari 2021 moeten voldoen aan de eisen voor bijna energie neutrale gebouwen (BENG). In de overeenkomst van koop en verkoop nemen wij een verrekeningsclausule op voor de verschillen tussen de basisuitgangspunten en de werkelijke verkoopprijs van een woning. Grondgebonden woning Een grondgebonden woning is een eengezinswoning met een terras en/of tuin. Gestapelde woning Een gestapelde woning is een meergezinswoning. Dit is een woning die samen met andere woonruimten c.q. bedrijfsruimten een geheel pand vormt. Hieronder vallen flats, galerij-, portiek-, beneden- en bovenwoningen, appartementen en woningen boven bedrijfsruimten. Bij de berekening van de kavelprijs geldt het bruto vloeroppervlak in m² als uitgangspunt.
BVO (Bruto vloeroppervlak) Bruto vloeroppervlak betreft de vloeroppervlakte van de ruimte, dan wel van meerdere ruimten van een vastgoedobject gemeten (volgens NEN norm 2580) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de (buitenste) opgaande scheidingsconstructie, die de desbetreffende ruimte(n) omhullen. Ruwe bouwgrond Ruwe bouwgrond betreft grond in huidige staat (as is), welke nog niet bouwrijp gemaakt is ten behoeve van de toekomstige ontwikkeling. Om tot bouwrijpe grond te komen dienen er kosten gemaakt te worden. De waarde van ruwe bouwgrond wordt bepaald door de kosten die benodigd zijn om tot bouwrijpe grond te komen (betreffende kostensoorten o.b.v. 8.15, aangewezen in bijlage IV van het Omgevingsbesluit) in mindering te brengen op de (toekomstige) waarde van bouwrijpe grond van de desbetreffende bestemming.
3. GRONDPRIJZEN WONINGBOUW 3.1 Huurwoningen 3.1.1. Sociale huurwoningen Voor kavels tot en met 120m² hanteert de gemeente een vast bedrag per vierkante meter (€ 195). Voor kavels groter dan 120m² hanteert de gemeente de residuele grondwaardemethode met toepassing van de minimum kavelwaarde (zie paragraaf 3.1.3). 3.1.2. Vrijesector huurwoningen Om de grondprijs van vrijesector huurwoningen te bepalen, hanteert de gemeente de residuele grondwaardemethode met toepassing van de minimum kavelwaarde (zie paragraaf 3.1.3). 3.1.3. Grondslag minimum kavelwaarde voor huurwoningen Sociale huurwoningen Kavel t/m 120 m2 Aanvullende prijs per m2 indien kavel > 120 m2 Vrijesector huurwoningen Tussenwoning Hoekwoning Appartement
195 281
p/m2 p/m2
280 319 317
p/m2 p/m2 p/m2 bvo
De gemeente kan contractueel een aanvullende grondprijs vastleggen, indien de huurwoning binnen tien jaar wordt verkocht. Deze aanvulling is het geïndexeerde verschil tussen de destijds betaalde grondprijs en de destijds geldende marktconforme grondprijs.
Voorbeeld: Een hoekwoning op een perceel van 150 m². De minimum kavelwaarde bedraagt in dat geval: 150 m² x € 319 p/m² = € 47.850
3.2. Koopwoningen 3.2.1. Projectmatige bouw van koopwoningen Van projectmatige bouw is sprake indien de gemeente grond uitgeeft aan een marktpartij (projectontwikkelaar, aannemer, woningcorporatie, etc.) voor de bouw van meerdere koopwoningen. De grondprijs van koopwoningen bepaalt de gemeente volgens de residuele grondwaardemethode met toepassing van de minimum kavelwaarde (zie paragraaf 3.2.2). 3.2.2. Grondslag minimum kavelwaarde voor koopwoningen Koopwoningen Tussenwoning Hoekwoningen Tweekapper / patiowoning Vrijstaand Appartement
384 395 375 381 491
p/m2 p/m2 p/m2 p/m2 p/m2 bvo
3.2.3. Particuliere bouw van koopwoningen Van particuliere bouw is sprake indien de gemeente grond uitgeeft aan particulieren die in eigen beheer bouwen (o.a. eigen keuze in architect en aannemer). Voor deze bouwkavels hanteert de gemeente een minimale prijs van € 381.
Voorbeeld: Een twee-onder-één-kapwoning op een perceel van 260 m². De minimum kavelwaarde bedraagt in dat geval: 260 m² x € 375 p/m² = € 97.500,-
3.2.4. Collectief particulier opdrachtgeverschap Van collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) is sprake als particulieren zich verenigen in een rechtspersoon (bijvoorbeeld een vereniging of stichting). Het collectief (de rechtspersoon) koopt dan van de gemeente een grote bouwkavel die vervolgens wordt verdeeld in afzonderlijke bouwkavels voor de deelnemende particulieren. Met dien verstande dat eenmalig een bijdrage wordt gegeven, à €5.000, voor het gehele CPO-project. De gemeente onderscheidt de zuivere en niet-zuivere vorm van CPO. Zuivere vorm van CPO Belangstellenden vormen spontaan een CPO-groep. Zij richten een vereniging op en huren eventueel een professionele en onafhankelijke begeleider in. De CPO-groep maakt zelf de keuze uit meerdere architecten. Na bouwplanvorming maakt de CPO-groep zelf de keuze uit meerdere aannemers. Hierdoor kunnen de deelnemers maximale winst halen uit het CPO-concept. Voor de grondprijs van woningen bij deze vorm van collectief particulier opdrachtgeverschap geldt een vaste prijs per m² conform de tabel in paragraaf 3.2.2. Niet-zuivere vorm van CPO Een andere CPO-vorm is die waarbij een (commerciële) marktpartij het initiatief neemt. Zij adverteren met een concept of brengen belangstellenden bij elkaar (met veel keuzevrijheid) voor woningsoorten en architectuur. De marktpartij is bijvoorbeeld een architect, ontwikkelaar, aannemer, etc.
Bij voldoende belangstelling vormt zich vervolgens een CPO-groep. De grondprijs van woningen bij deze vorm van collectief particulier opdrachtgeverschap bepaalt de gemeente volgens de residuele grondwaardemethode met toepassing van de minimum kavelwaarde (zie paragraaf 3.2.2). 3.2.5. Reststroken Voor reststroken hanteert de gemeente de volgende grondprijzen. Grondprijzen van reststroken met bebouwingsmogelijkheid hebben dezelfde waarde per segment als de minimum kavelwaarde van de woning. Als minimum waarde van de reststroken zonder bebouwingsmogelijkheden wordt ca. 75% van de minimumwaarde van de kavelprijs gehanteerd. Iedere aanvraag wordt afzonderlijk beoordeeld door de gemeente (en kan dus ook worden afgewezen). Ook behoudt de gemeente het recht om afwijkende prijzen te hanteren op basis van grootte, ligging of soort van de reststrook. Hiervoor zal dan een specifieke taxatie plaatsvinden. Reststroken Percelen t.b.v. tussen- en hoekwoningen Percelen t.b.v. tweekappers en vrijstaand Percelen t.b.v. appartementencomplexen
288 281 368
p/m2 p/m2 p/m2
3.2.6. Innovatieve woonvormen Een innovatieve woonvorm kan elke vorm van huisvesting zijn die niet voldoet aan de reguliere woningbouw. Het voorziet in een behoefte van de gebruiker. Het gebruik is leidend en niet de fysieke vorm van de bebouwing. In Gilze en Rijen kiezen we bewust voor de ‘samen- component’ wanneer we
een bijzondere woonvorm faciliteren. De doelgroep laten we vrij. Dit hoeft niet per se een kwetsbare groep te zijn. Gelet op de experimentele aard van dergelijke projecten, passen we geen standaard grondprijs toe. De grondprijs wordt vastgesteld op basis van een onafhankelijk taxateur of residueel bepaald en de uiteindelijke vaststelling van de prijs vindt plaats door het college.
4. GRONDPRIJZEN OVERIGE FUNCTIES 4.1. Algemeen De Floor Space Index (FSI) is de verhouding tussen bruto vloer oppervlak (BVO) en de kavelgrootte. Bij een FSI van 1 is het BVO dus gelijk aan de kavel. Voor de vastgoedcategorieën in dit hoofdstuk gaan we bij een FSI groter dan 1 uit van m² BVO. Bij een FSI groter dan 1 is de BVO dus groter dan de kavel. In het geval de FSI kleiner is dan 1 gaan we uit van de m² per kavel. Bij een FSI kleiner dan 1 is de kavel dus groter dan BVO. 4.2. Bedrijventerreinen Om de grondprijs van bedrijventerreinen te bepalen, hanteert de gemeente als minimum grondwaarde een vaste prijs per m² volgens de tabel hieronder. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: De grondprijzen zijn berekend via de residuele methode, het residu tussen de commerciële waarde van het object en de bouw- en bijkomende kosten. Er is gekeken naar vraag- en transactieprijzen op locaties met een vergelijkbaar profiel (comparatieve vergelijking). Hierbij is het uitgangspunt een FSI van 1. Bouwkavels op het bedrijventerrein Bedrijventerrein Haansberg Vliegende Vennen Paarse Strook (bedrijven) Vliegende Vennen Paarse Strook (wonen, minimaal 400m2)
165 170 381
p/m2 p/m2 p/m2
De grondprijs van bedrijventerreinen kan zowel residueel en comparatief getoetst worden. De grondwaarde zoals hierboven weergegeven is een minimale grondwaarde. Indien de marktwaarde hoger blijkt te zijn dan de grondprijzen zoals hier weergegeven kan een andere grondwaarde kan worden gehanteerd. Voor reststroken hanteert de gemeente de volgende vaste grondprijzen. Iedere aanvraag wordt afzonderlijk beoordeeld door de gemeente (en kan dus ook worden afgewezen). Onderstaand is de waarde van reststroken weergegeven. De gemeente behoudt altijd de optie voor om deze gronden te laten taxeren. Reststroken Percelen t.b.v. bedrijventerreinen
165
p/m2
4.3. Kantoren De grondprijs wordt residueel bepaald met een minimum van de vaste prijs per m² bedrijventerrein. Bij kantoren is de FSI vaak groter dan 1 en dus wordt in dat geval de prijs per m² BVO bepaald. Om de residuele waarde te berekenen heeft men een aantal parameters nodig. Deze parameters hebben o.a. betrekking op de bouwkosten, de BAR (Bruto Aanvangs Rendement) en de te verwachten jaarhuur. Deze parameters zijn afhankelijk van ligging, economische ontwikkelingen, kwaliteit van de bouw en de omvang van de bouwwerkzaamheden. Daarnaast spelen ook factoren als bereikbaarheid en parkeermogelijkheden een belangrijke rol. De prijs voor kantoorontwikkelingen bepaalt de gemeente dus per project. De uiteindelijke vaststelling van de prijs vindt plaats door het college. 4.4. Commercieel Vastgoed Onder commercieel vastgoed wordt verstaan vastgoed wat geëxploiteerd wordt zonder eigen gebruik als einddoel, niet zijnde kantoren en woningen. Het beslaat functies zoals horeca en detailhandel. Voor deze functie wordt een minimale grondwaarde van € 230,- per m² BVO gehanteerd. Deze waarde is comparatief bepaald. Bij de waardebepaling van de grond voor commercieel vastgoed wordt in de regel getaxeerd of residueel gerekend, waarbij de minimum grondprijs per m² in acht genomen wordt.
4.5. Maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk Gronden voor maatschappelijke doeleinden kunnen bestemd zijn voor niet-commerciële functies, zoals: Religieuze gebouwen. Culturele, sociale en maatschappelijke gebouwen. Onderwijs Zorgvastgoed. Gezondheid. Sport- en vrijetijdsvoorzieningen. De waarde van maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk kunnen erg verschillen afhankelijk van functie, grootte, opstal, etc. Daarom wordt er maatwerk toegepast bij het bepalen van de waarde van deze gronden. BVO- of kavelprijs wordt getaxeerd of residueel bepaald en de uiteindelijke vaststelling van de prijs vindt plaats door het college. Hierin wordt gewerkt met maatwerk met een minimale prijs van € 130 p/m2 BVO voor bebouwde grond en € 30 p/m2 voor onbebouwde grond. 4.6 Maatschappelijke voorzieningen met winstoogmerk In het geval dat het gebruik voor een van de functies in paragraaf 4.5 wel commercieel is, wordt de grondprijs bepaald zoals voor een kantoor (zie paragraaf 4.3). Net zoals bij kantoren is de prijs afhankelijk van variabelen. De BVO- of kavelprijs wordt getaxeerd of residueel bepaald en de uiteindelijke vaststelling van de prijs vindt plaats door het college. Hierin wordt gewerkt met maatwerk met een minimale prijs van € 175 p/m2 BVO.
4.7 Zendmasten en overige nutsvoorzieningen Voor het plaatsen van een zendmast met apparatuur op gemeentelijke grond of op/aan een gebouw vindt geen grondverkoop plaats, maar wordt een huurovereenkomst gesloten. Per provider geldt een jaarlijkse huurprijs van € 6.000 (maximaal oppervlak van 100m 2 en een huurovereenkomst voor 10 jaar of langer). Jaarlijks is een toeslag van € 2.500 verschuldigd bij plaatsing van elke extra antenne en/of bij medegebruik op een bestaande zendmast. Indien de grond wordt verkocht voor overige nutsvoorzieningen (er wordt geen specifiek onderscheid gemaakt naar type nutsvoorziening), dan geldt daarvoor een prijs van € 208 p/m² uitgeefbaar terrein.. Hierin hanteert de gemeente een vaste grondprijs. Iedere aanvraag wordt afzonderlijk beoordeeld door de gemeente (en kan dus ook worden afgewezen).
5. SAMENVATTING GRONDPRIJZEN 2024 Grondprijzen Gilze en Rijen 2024 Sociale huurwoningen * Kavel t/m 120 m2 Aanvullende prijs per m2 indien kavel > 120 m2 Vrijesector huurwoningen Tussenwoning Hoekwoning Appartement Koopwoningen Tussenwoning Hoekwoningen Tweekapper / patiowoning Vrijstaand Appartement Bouwkavels voor particuliere ontwikkeling Vrijstaand Bouwkavels op het bedrijventerrein Bedrijventerrein Haansberg Vliegende Vennen Paarse Strook (bedrijven) Vliegende Vennen Paarse Strook (wonen, minimaal 400 m2) Reststroken (zonder bebouwingsmogelijkheid) Percelen t.b.v. tussen- en hoekwoningen Percelen t.b.v. tweekappers en vrijstaand Percelen t.b.v. appartementencomplexen Percelen t.b.v. bedrijventerreinen Zendmasten en overige nutsvoorzieningen Zendmasten (jaarlijkse huurprijs) Plaatsing extra antenne/medegebruik Overige nutsvoorzieningen Innovatieve woonvormen Huisvesting anders dan reguliere woningbouw Overige functies Commercieel vastgoed Kantoren Commercieel vastgoed Maatschappelijke voorzieningen zonder winstoogmerk Maatschappelijke voorzieningen met winstoogmerk
€ 195 € 281
p/m2 p/m2
€ 280 € 319 € 317
p/m2 p/m2 p/m2 bvo
€ 384 € 395 € 375 € 381 € 521
p/m2 p/m2 p/m2 p/m2 p/m2 bvo
€ 381
p/m2
€ 165 € 170 € 372
p/m2 p/m2 p/m2
€ 289 € 281 € 368 € 165
p/m2 p/m2 p/m2 p/m2
€ 6000 € 2500 € 208
p/provider toeslag p/m2
taxatie/residueel € 230
p/m2 taxatie / residueel
* Momenteel loopt een traject met de woningbouwstichting over de actualisatie van deze grondprijzen. De uitkomsten hiervan worden meegenomen in de notitie grondprijzen 2025.