CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Uitspraak zaak raadslid Peters

Gemeenteraad 22 mei 2023, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Extern1.946 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

de Rechtspraak Rechtbank Limburg

XI AANTEKENEN | | PER POST | | EMAIL

De heer 10.2.e Onafhankelijke vakbond voor raadsleden VPPG

Bestuursrecht

10.2.e 10.2.e

bezoekadres

I10.2.e

10.2.e

I 10.2.e

datum

onderdeel

20 oktober 2022

Zittingsadministratie

contactpersoon

10.2.e

doorkiesnummer

10.2.e

ons kenmerk

10.2.e

I

correspondentieadres Postbus 950 6040 AZ Roermond

t 10.2.e www rechtspraak.nl

uw kenmerk

bijlage(n) onderwerp

I

het beroep van 10.2.e 10.2.e

Bij beantwoording de datum en ons kenmerk vermelden Wilt u slechts één zaak in uw brief behandelen

Geachte heer. Over het beroep met 10.2.e

deel ik u het volgende mee.

De rechtbank heeft uitspraak gedaan. Ik stuur u een kopie van de uitspraak. Indien in deze uitspraak wordt verwezen naar een uitspraak met een ECLI-nummer, is de tekst van de betreffende uitspraak onder dat nummer gepubliceerd op www.rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat voor een belanghebbende en het bestuursorgaan hoger beroep open. Dit dient te worden ingesteld binnen zes weken na de datum van verzending van deze uitspraak door een beroepschrift en een kopie van deze uitspraak te zenden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Postbus 200I9. 2500 EA Den Haag. In uw beroepschrift moet u vermelden waarom u het niet eens bent met de uitspraak. U kunt ook digitaal hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Kijk op www.raadvanstate.nl voor meer informatie over het indienen van digitaal beroep. Als u naar aanleiding van deze brief vragen hebt, kunt u contact opnemen met de administratie van de rechtbank op het hierboven vermelde doorkiesnummer. Als u de rechtbank belt of schrijft, verzoek ik u het zaaknummer te vermelden. I loogachtend.

;de griffier ! g\ U

BE021

Uw persoonsgegevens en indien van toepassing die van uw cliënt worden, voor zover nodig, voor een goede procesvoering verwerkt in de registratiesystemen van de Rechtspraak

uitspraak RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond

Bestuursrecht zaaknummer: 10.2.e

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10.2.e

10.2.e

2 0 OKI 7022

in de zaak tussen

eiser

(gemachtigde: 10.2.e

),

en

de raad van de gemeente Echt-Susteren (de raad), (gemachtigden: 10.2.e en 10.2.e Inleiding 1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser dat gericht is tegen het besluit van de raad op zijn verzoek om vergoeding van de contributie voor het lidmaatschap over het jaar 2019 van de VPPG1.

1.1. Met het bestreden besluit van 4 november 2020 op het bezwaar van eiser is de raad bij dat besluit gebleven. 1.2. De rechtbank heeft het beroep op 7 september 2022 op zitting behandeld. Hieraan hebben als partij deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser en de gemachtigden van de raad.

Totstandkoming van het besluit

2.

Eiser is gemeenteraadslid in de gemeente Echt-Susteren en hij is lid van de VPPG.

Bij e-mailbericht van 16 december 2019 heeft eiser het college2 verzocht om vergoeding van de contributie voor het lidmaatschap over het jaar 2019 van de VPPG. 2.1.

? 7

Bij besluit van 26 februari 2020 (het primaire besluit), verzonden op 27 februari 2020, heeft de raad het verzoek van eiser afgewezen. ?2.3. 3 Bij het bestreden besluit heeft de raad het het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.

1 Vereniging voor Plaatselijke Politieke Groeperingen - Het college van Burgemeester en Wethouders

zaaknummer: ROE 20/3262

=

Beoordeling door de rechtbank 3. De rechtbank beoordeelt of de raad zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat zij bevoegd is om op het verzoek van eiser om vergoeding van de contributie voor het lidmaatschap over het jaar 2019 van de VPPG. te beslissen. De rechtbank doet dit aan de hand van de argumenten die eiser heeft aangevoerd, de beroepsgronden. 3.1. Naar het oordeel van de rechtbank is het beroep van eiser gegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

3.2. De voor de beoordeling van het beroep belangrijke wet- en regelgeving is te vinden in de bijlage bij deze uitspraak.

Is de raad bevoegd om op eisers verzoek om vergoeding van de contributie te beslissen?

4. Eiser betwist dat de raad bevoegd is om op zijn verzoek om vergoeding van de contributie voor de VPPG te beslissen. Volgens eiser is het college hiertoe bevoegd. Hij ziet zich in zijn standpunt gesteund door de opinie van A.C.Q. Tak5 van 3 mei 2016. Ook de commissie voor de bezwaarschriften heeft al in 2016 aangegeven dat de raad niet bevoegd is. Eiser wijst verder op artikel 3.3.4 van het Rechtspositiebesluit4 en de toelichting daarop. 5. Door de raad wordt niet bestreden dat het college op grond van artikel 3.3.4 van het Rechtspositiebesluit bevoegd zou zijn om op eisers verzoek te beslissen, maar dit verdraagt zich naar de mening van de raad niet met het duale stelsel zoals dat met de inwerkingtreding van de Wet dualisering gemeentebestuur in de Gemeentewet is verankerd. Volgens de raad is de ministeriële Rechtspositieregeling op dit punt in strijd met een wet in formele zin waardoor deze regeling toepassing mist. Gelet hierop is de raad en niet het college bevoegd om op de aanvraag van eiser te beslissen. De raad baseert zijn bevoegdheid op artikel 95 van de gemeentewet. 5.1. Ter zitting heeft de raad toegelicht dat de raad gaat over geldelijke voorzieningen en over de rechtspositie van de raadsleden. Deze worden bekostigd uit het raadseigen budget. Zowel de raad als het college beschikt over een aparte begroting.

Het betreft in dit geval een aanspraak op vergoeding van de contributie voor een beroepsvereniging. Gelet op het dualistische stelsel zou het vreemd zijn als het college hierop - in weerwil van de raad - zou beslissen, aldus de raad.

6.

De rechtbank overweegt als volgt.

/. Uit artikel 95. tweede lid. van de Gemeentewet volgt dat de raad bij verordening regels kan stellen over de tegemoetkoming in of vergoeding van bijzondere kosten en over andere voorzieningen die verband houden met de vervulling van het lidmaatschap van de raad. Ter zitting heeft de raad erkend dat van een dergelijke verordening bij de gemeente Echt-Susteren geen sprake is.

' Emeritus hoogleraar staats- en bestuursrecht 1 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers

zaaknummer: ROE 20/3262

3

8. Op grond van artikel 95, v ierde lid van de Gemeentewet kunnen verordeningen worden vastgesteld bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels. Tussen partijen is niet in geschil dat hiervan in dit geval sprake is, en wel in het Rechtspositiebesluit en meer in het bijzonder artikel 3.3.4. In dit artikel is expliciet bepaald dat het college bevoegd is om op het verzoek van een raadslid tot vergoeding van de contributie voor het lidmaatschap van een beroepsvereniging te beslissen. Dat artikel 3.3.4. zoals de raad stelt, in strijd zou zijn met artikel 95 van de Gemeentewet volgt de rechtbank niet. Gelet op de bewoordingen van artikel 95 van de Gemeentewet is hierin niet bepaald dat beslissingen over onkostenvergoedingen aan raadsleden enkel aan de raad zijn voorbehouden.

8.1. Daarbij overweegt de rechtbank dat nog los van de vraag of de achterliggende gedachte dat de Wet dualisering gemeentebestuur voldoende is om dat deel van de algemene maatregel van bestuur buiten werking te stellen, dit geen strijd oplevert met het dualisme want de aanspraak op vergoeding van de contributie staat vast’. De bevoegde instantie, te weten het college, dat hierop dient te beslissen heeft geen beleidsruimte en kan op dit punt geen belangenafweging maken. Er moet voldaan zijn aan de in het Rechtspositiebesluit genoemde criteria. Dat er tussen partijen discussie bestaat over deze criteria betekent niet dat deze criteria geen objectief karakter hebben. Op dit punt bestaat geen ruimte voor politieke afwegingen. Er is sprake van een uitvoeringsbeslissing6 van het college en dat is naar het oordeel van de rechtbank niet in strijd met het dualisme. Conclusie en gevolgen

9. Het beroep is gegrond. De beroepsgronden die eiser heeft ingediend tegen de bevoegdheid van de raad om op het contributieverzoek te beslissen, slagen namelijk. De rechtbank zal daarom het bestreden besluit vernietigen en het primaire besluit herroepen. Het college zal opnieuw (alsnog) op eisers verzoek om vergoeding van de contributie voor de VPPG dienen te beslissen. Aan een bespreking van de overige beroepsgronden van eiser komt de rechtbank niet meer toe.

10.

Omdat het beroep gegrond is, moet de raad het griffierecht vergoeden.

II. De rechtbank veroordeelt de raad verder in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.518.- (I punt voor het indienen van het beroepschrift. I punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 759.- en een wegingsfactor I).

5 Zie de toelichting bij artikel 3.3.4 van het Rechtspositiebesluit Zie de toelichting bij artikel 3.3.4 van het Rechtspositiebesluit

zaaknummer: 10.2.e

4

Beslissing

De rechtbank; verklaart het beroep gegrond; vernietigt het bestreden besluit; herroept het primaire besluit; bepaalt dat er opnieuw op de aanvraag van eiser beslist moet worden, met inachtneming van het gestelde in deze uitspraak; draagt verweerder op het betaalde griffierecht van 10.2.e aan eiser te vergoeden; veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser wegens verleende rechtsbijstand tot een bedrag van 10.2.e

Deze uitspraak is gedaan door 10.2.e rechter, in aanwezigheid van mn 10.2.e 10.2.e griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 2 0 OKI 207? /

griffier

rechter

de ls verhinderd déze uitspraak te ondertekenen

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

2 0 OKI 2022

Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze party het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

zaaknummer: 10.2.e

5

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving Gemeentewet

Artikel 95 I.

De leden van de raad en de leden van de raad aan wie ingevolge artikel X 10 van de Kieswet ontslag is verleend wegens zwangerschap en bevalling of ziekte ontvangen een bij verordening van de raad vast te stellen vergoeding voor hun werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten.

2. De raad kan bij verordening regels stellen over de tegemoetkoming in of vergoeding van bijzondere kosten en over andere voorzieningen die verband houden met de vervulling van het lidmaatschap van de raad. (••)

4. De verordeningen, bedoeld in het eerste en tweede lid, worden vastgesteld overeenkomstig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels.

Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers Artikel 3.3.4

Indien een raadslid, een wethouder of de burgemeester als zodanig lid is van een voor ieder raadslid, iedere wethouder of iedere burgemeester toegankelijke, landelijk georganiseerde beroepsvereniging die blijkens haar statuten deskundigheidsbevordering of belangenbehartiging van de functie van raadslid, wethouder of burgemeester ten doel heeft of mede ten doel heeft, wordt de contributie van die beroepsvereniging ten laste van de gemeente vergoed, tenzij het college van burgemeester en wethouders van oordeel is dat de activiteiten van de vereniging onvoldoende invulling geven aan het in de eerste volzin bedoelde doel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12668911/1