Bijlage 1- Integraal Huisvestingsplan Gilze en Rijen
Tekst van het document
Nieuwbouw Onder nieuwe gebouwen worden de schoolgebouwen verstaan waarvoor in het IHP een vervanging wordt aangetoond. Deze gebouwen krijgen binnen afzienbare tijd een grootschalige ingreep in de vorm van (vervangende) nieuwbouw met een levensduur van minimaal veertig jaar. Bij nieuwe schoolgebouwen wordt gestreefd naar een maximale bijdrage aan de verduurzamingsopgave. Boven op de bestaande wetgeving om BENG te realiseren, is het streven om bij nieuwbouw van scholen te voldoen aan ENG20. Het streven op het gebied van gezondheid is om gemiddeld Frisse Scholen klasse B te behalen, en waar mogelijk of op onderdelen Frisse Scholen klasse A. Spelregels IHP – (vervangende) nieuwbouw Voor de oplossingsrichting (vervangende) nieuwbouw zijn de volgende spelregels van toepassing: ▪ Een businesscase dient aan te tonen of nieuwbouw een beter alternatief is dan levensduurverlengende renovatie (indien daar geen direct uitsluitsel over wordt gegeven op basis van bepaalde context). ▪ De businesscase dient in gezamenlijke opdracht van gemeente en schoolbestuur te worden gemaakt om eenzijdige sturing te voorkomen. De kosten van de businesscase worden 50-50 verdeeld. ▪ De gemeente streeft naar een ENG-gebouw, tenzij het financieel niet haalbaar is.
▪ De gemeente financiert het wettelijke deel met betrekking tot Frisse Scholen klasse B, waarbij per project wordt bekeken op welke onderdelen Frisse Scholen klasse A kan worden behaald binnen het budget. ▪ Er wordt een klimaatscan uitgevoerd om te beoordelen welke klimaat adaptieve maatregelen er mogelijk zijn. ▪ De omschreven ambities voor flexibiliteit, inclusie en circulariteit dienen bij nieuwbouwprojecten zoveel als mogelijk te worden geïntegreerd, passend binnen het budget. De opgestelde ambities zijn leidend, binnen de beschikbare middelen.
20 Op dit moment loopt een Europees wetgevingstraject waarbij mogelijk ENG per 2027 voor nieuwbouw verplicht gaat worden.
www.icsadviseurs.nl
23/40
Het realiseren van uitbreiding bij een schoolgebouw is een variant van nieuwbouw. Vaak gaat het hier om kleinere projecten waardoor het bedrag voor nieuwbouw kan oplopen (afhankelijk van de grootte). Bij een dergelijke kleine uitbreiding is het duurzaamheidsconcept van het bestaande gebouw leidend.
Levensduurverlengende renovatie Levensduurverlengende renovatie wordt beschouwd als een volwaardig alternatief voor nieuwbouw, waarbij het bestaande gebouw op kwalitatief hoog niveau wordt verbeterd om de levensduur met minimaal veertig jaar te verlengen en tegelijkertijd duurzamer en onderhoudsarmer wordt gemaakt. Aangezien levensduurverlengende renovatie als gelijkwaardig alternatief wordt gezien, gelden dezelfde ambitieuze eisen als bij nieuwbouw. Sinds 2020 is het wettelijk verplicht om bij nieuwbouw te voldoen aan de eisen van BENG. Naast deze wettelijke eis wordt gestreefd om indien mogelijk te voldoen aan ENG. Bij levensduurverlengende renovatie wordt gekeken naar: ▪ Functionele staat: verbeteren van de functionaliteit (flexibiliteit, multifunctionaliteit en aansluiten onderwijsconcept); ▪ Technische staat: levensduurverlenging door investering in bouwkundige en installatietechnische ingrepen; ▪ Ruimtelijke staat; ▪ Verduurzaming van het gebouw (benaderen ambitie ENG). In de afweging voor nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie dient er ook aandacht te zijn voor de locatie (in de wijk/kern en leerlingenprognoses) en de klimaateffecten.
Spelregels IHP - levensduurverlengende renovatie (periode tot veertig jaar levensduurverlenging) Voor de oplossingsrichting levensduurverlengende renovatie zijn de volgende spelregels van toepassing: ▪ Een businesscase (inclusief schouw) dient aan te tonen of levensduurverlengende renovatie een beter alternatief is dan nieuwbouw. ▪ De businesscase dient in gezamenlijke opdracht van gemeente en schoolbestuur te worden gemaakt om eenzijdige sturing te voorkomen. ▪ Er wordt gerekend met één investeringsbedrag voor zowel levensduurverlengende renovatie als (vervangende) nieuwbouw. De ruimtebehoefte voor levensduurverlengende renovatie vormt de basis voor de indicatieve investeringskosten, waaruit ook een levensduurverlengende renovatie bekostigd kan worden.
▪ In het afwegingskader binnen het haalbaarheidsonderzoek dienen de volgende afwegingen ten grondslag te liggen aan de motivatie om te kiezen voor levensduurverlengende renovatie in plaats van nieuwbouw: ─ Het gebouw heeft een goede uitstraling, ligging en/of functionaliteit, en/of; ─ Het gebouw heeft verschillende bouwdelen, en/of; ─ Het gebouw heeft nog een hoge boekwaarde, en/of; ─ De exploitatie vormt geen probleem, en/of; ─ Levensduurverlengende renovatie vormt een duurzamer alternatief dan nieuwbouw, circulaire maatregelen worden hierin meegenomen, en/of; ─ Er ruimte is in het gebouw of op het terrein om het gewenste aanbod te realiseren, en/of; ─ Het gebouw dusdanig flexibel is dat er multifunctioneel gebruik van ruimten kan worden gemaakt en aanpassingen/uitbreidingen in de toekomst mogelijk zijn (indien gewenst). ▪ Er wordt een klimaatscan uitgevoerd om te beoordelen welke klimaat adaptieve maatregelen er mogelijk zijn. ▪ De omschreven ambities voor flexibiliteit, inclusie en circulariteit dienen bij levensduurverlengende renovatieprojecten zoveel mogelijk te worden geïntegreerd.
www.icsadviseurs.nl
24/40
In het proces om te komen tot een afweging voor levensduurverlengende renovatie zijn nog drie spelregels van toepassing: ▪ Indien er aanleiding is om de bouwkundige en installatietechnische maatregelen ter discussie te stellen, kan een gebrekenrapportage inclusief maatregelen opgesteld worden ter onderbouwing; ▪ Er kunnen argumenten zijn om een bestaand gebouw toch te handhaven in plaats van (vervangende) nieuwbouw. Dit dient uitgebreid beargumenteerd te worden in een businesscase. Daarna is het een maatregel die conform de genoemde maatregelen voor bekostiging in aanmerking komt; ▪ Aandachtspunt voor in- of uitbreiden met behoud van concept.
Wetgeving rond renovatie Voor levensduurverlengende renovatie als voorziening in de onderwijshuisvesting is door het Rijk wetgeving in de maak. Tot het moment dat de wetgeving van kracht is gelden bovenstaande spelregels voor levensduurverlengende renovatie (40 jaar).
Gebouw in stand houden Onder ‘gebouw in stand houden’ vallen de gebouwen die binnen de looptijd van het IHP (ca. 16 jaar) in stand worden gehouden. Hoewel deze gebouwen geen grootschalige ingreep krijgen, is ook voor deze categorie aandacht voor hoe kan worden bijgedragen aan de verduurzaming en het verbeteren van het binnenklimaat in lijn met de landelijke klimaatdoelstellingen. In 2050 dienen namelijk alle gebouwen CO2 neutraal te zijn. Het gebouw in stand houden en onderhouden van schoolgebouwen is een verantwoordelijkheid van het schoolbestuur, die hiervoor een meerjaren onderhoudsplan (MJOP) opstelt. Bij het planmatig onderhoud wordt minimaal het conditieniveau 3 van in stand houding op sober en doelmatig niveau (NEN2767) gehanteerd. Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor de handhaving van dit niveau en de uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden. Het schoolbestuur is tevens verplicht om de Erkende Maatregelen (Wet Milieubeheer) uit te voeren. Dit betreft duurzame maatregelen met een terugverdientijd van maximaal 7 jaar. Voor het onderhouden en het uitvoeren van de Erkende Maatregelen zet het schoolbestuur een deel van de bekostiging die zij vanuit het Rijk ontvangt in. Deze regeling blijft gehandhaafd. Toch vraagt het behalen van de doelstellingen uit het Klimaatakkoord om aanvullende maatregelen voor bestaande gebouwen.
Hieronder zijn spelregels opgenomen hoe hiermee om te gaan. Spelregels IHP – gebouw in stand houden Hiervoor geldt de volgende spelregel: ▪ Het gebouw in stand houden en voldoen aan de wettelijke verplichting met erkende maatregelen.
www.icsadviseurs.nl
25/40
Afstoten Dit betreft gebouwen die niet langer als schoolgebouw in gebruik blijven en teruggegeven worden conform verordening Onderwijshuisvesting aan de desbetreffende gemeente. Daarmee worden ze onttrokken aan de onderwijsbestemming. Omgang temporisering investeringen in onderwijshuisvesting In het recente verleden is tussen gemeente (ambtelijk) en schoolbesturen gesproken over het effect van temporisering of uitstel van investeringen in onderwijshuisvesting en de effecten die dat heeft op de exploitatie van schoolbesturen (het noodgedwongen langer onderhouden van afgeschreven gebouwen die toe zijn aan een investering (vervangende nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie). Het gaat dan eigenlijk om het langer in stand houden van bestaande gebouwen. Met het verminderde financiële perspectief voor gemeenten in Nederland kan het effect zijn dat gemeenten grote investeringen, zoals die in onderwijshuisvesting, gaat of moet uitstellen. Dan kunnen schoolbesturen niet anders dan gebouwen langer exploiteren met hoge kosten. Wanneer dit aan de orde is gaan schoolbestuur en gemeente in redelijkheid en billijkheid met elkaar in gesprek.
Investeren in huisvesting kinderopvang Vanwege de samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang is huisvesting van kinderopvang ook een belangrijk gegeven. Het streven is te komen tot gezamenlijke huisvesting waar de kans zich voordoet. Hiervoor kan het zijn dat de kinderopvangorganisatie en andere partners zelf kunnen investeren. Indien dat niet aan de orde kan zijn, geldt onderstaande. In het IHP-proces zijn nadere afspraken gemaakt. De belangrijkste daarvan zijn bij structureel gebruik met verhuur: ▪
▪ ▪ ▪
Schoolbestuur en kinderopvangorganisatie gaan inhoudelijke samenwerking aan. Zij bepalen gezamenlijk de visie, ambitie en het aantal kindplaatsen. Het niet voldoen aan inhoudelijke samenwerking is een ontbindende voorwaarde in het huurcontract. Er volgt nog een apart proces waarin de gemeenten de spelregels hiervoor uitschrijft. Het schoolbestuur kiest de opvangpartner. De gemeente berekent een kostprijsdekkende huur inclusief leegstandsrisico en kosten voor garantie vanuit Waarborgfonds (indien toegepast). De gemeente (indien juridisch eigenaar) verhuurt de vierkante meters kinderopvang aan de kinderopvangorganisatie.
www.icsadviseurs.nl
26/40
4. Inzicht en beoordeling Vraag en aanbod Binnen het thema vraag en aanbod wordt de beschikbare onderwijscapaciteit vergeleken met de toekomstige normatieve ruimtebehoefte aan onderwijscapaciteit in 2041. De leerlingenprognoses van Pronexus (maart 2024) zijn de basis voor de berekening van de ruimtebehoefte. Medegebruik/verhuur, bijvoorbeeld door een opvangorganisatie, is bij het bepalen van het ruimtetekort/overschot niet meegenomen in de berekening. Basisgeneratie De meest actuele leerlingenprognoses (Pronexus, maart 2024) geven inzicht in de verwachte ontwikkeling van het aantal leerlingen in de komende jaren. Pronexus geeft daarbij aan: “In de ramingen van leerlingenaantallen zijn twee ontwikkelingen verwerkt. Dit zijn de trends in de omvang van de basisgeneratie in de afzonderlijke gebieden van de gemeente Gilze en Rijen en de schoolkeuze. Bij de opzet van de prognoses zijn cijfers verwerkt met een uitsplitsing van leerlingen naar herkomstgebied.” De basisgeneratie geeft de omvang weer van de 4- tot en met 11-jarigen plus 30% 12-jarigen voor de berekening van leerlingenprognoses in het primair onderwijs. Voor het voortgezet onderwijs wordt uitgegaan van 70% van de 12-jarigen plus de 13- tot en met 18-jarigen.
Woningbouwontwikkelingen De prognose van deze basisgeneratie vloeit voort uit de demografische ontwikkelingen die zich in het verleden hebben voorgedaan, maar met name de aannames in groei en trends voor de toekomst. Een belangrijke component daarvan zijn de woningbouwontwikkelingen. In de komende 16 jaar worden er in totaliteit 245 woningen aan de voorraad toegevoegd. Deze woningen behoren tot de ‘harde’ plancapaciteit en zijn deze meegenomen in de leerlingenprognoses. Een totaaloverzicht van de woningbouwontwikkelingen en de woningvoorraad in de gemeente is opgenomen in onderstaande tabel21. Kern
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2034
2041
2044
∆ 2025 - 2041
Gilze Rijen Tussen De Leijen Hulten Molenschot Totaal
3.518 7.396 0 156 438 11.508
3.676 7.554 0 161 510 11.901
3.822 7.556 201 166 523 12.268
3.864 7.556 248 171 524 12.363
3.869 7.556 308 176 526 12.435
3.874 7.556 375 181 527 12.513
3.874 7.556 375 181 527 12.513
3.874 7.556 375 181 527 12.513
3.874 7.556 375 181 527 12.513
52 0 174 15 4 245
Tabel 13 - woningvoorraad gemeente Gilze en Rijen NB: De nieuwbouwplannen voor 80 woningen in de kern Molenschot zijn meegenomen in de leerlingenprognoses.
21 Op basis van de prognose van Pronexus opgesteld in maart 2024.
www.icsadviseurs.nl
27/40
Leerlingenprognoses Oktobertelling Naam De Vijf Eiken De Wildschut De Kring St. Anna De Bolster St Jozef Het Fonkelbos De Brakken Totaal gemeente Gilze en Rijen
Prognose →
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2034
2041
2044
Verschil (%) 2025-2041
294 176 277 59 476 255 51 426 2.014
285 182 298 53 486 232 50 421 2.007
285 177 300 53 474 225 57 413 1.984
255
248
328 56 464 208 45 421 1.777
338 54 448 202 43 420 1.753
245 215 352 53 441 199 43 425 1.973
244 200 345 51 427 197 42 418 1.924
254 200 339 53 425 205 44 415 1.935
255 200 336 53 416 208 44 413 1.925
-11% 13% 13% 0% -10% -9% -23% 0% -2%
Tabel 14 - Oktobertelling en prognoses aantal leerlingen basisonderwijs22
Leerlingentelling Sinds januari 2023 is de datum voor de leerlingentelling van PO en VSO verplaatst van 1 oktober naar 1 februari. Dit geldt alleen voor de bekostiging van het onderwijs. Voor de onderwijshuisvesting is de 1 oktober telling nog steeds leidend. Uit de tabellen is op te maken dat volgens de prognose uit maart 2024 de leerlingenaantallen van het basisonderwijs met 2% afnemen. Wel zijn verschillen te zien per school. De grootste dalingen zijn met name te verwachten in Het Fonkelbos (-23%), De Vijf Eiken (-11%). De Bolster (-10%) en St Jozef (-9%), De grootste stijging is bij De Kring (13%) en De Wildschut (13%). Capaciteit Het aantal leerlingen op een school bepaalt de benodigde normatieve ruimtebehoefte in vierkante meters. Daar is nog niet in meegenomen dat inclusiever onderwijs om meer vierkante meters vraagt. Over het geheel genomen kan gesteld worden dat er in het PO een normatief overschot aan onderwijsruimte aanwezig is. Er is dus voldoende onderwijscapaciteit om aan de behoefte te voldoen. De mate en/of aanwezigheid van overschot varieert echter per school en per kern. In de kern Rijen is een normatief overschot van circa 2.250 m² aanwezig en in de kern Gilze is een normatief tekort van 296 m² (2025) tot 166 m² (2041) aan onderwijscapaciteit. Een overzicht per school is toegevoegd bij de scenario’s, zie hoofdstuk 5.
Tijdelijke huisvesting Als er bij het scenario sprake is van (vervangende) nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie en er is tijdelijke huisvesting nodig, dan wordt er eerst onderzocht of leegstaande lokalen of een leegstaand gebouw binnen de gemeente Gilze en Rijen dit kan opvangen voordat overgegaan wordt naar het realiseren van daadwerkelijke tijdelijke huisvesting.
22 Zie het kopje ‘leerlingenprognoses’ in hoofdstuk 5
www.icsadviseurs.nl
28/40
5. Huisvestingsscenario per kern De volgende paragrafen bevatten de scenario’s per kern en per school. Hieronder volgt een toelichting van de onderdelen die daarin terugkomen. Analyse per schoolgebouw De analyse per schoolgebouw betreft een weergave in factsheets. In de factsheets is de school beoordeeld op: ▪ ▪ ▪
Kwaliteit – (subjectieve) beoordeling van de functionele en technische staat van het onderwijsgebouw door het betreffende schoolbestuur. Financiën – exploitatielasten (MJOP en energielasten) in verhouding tot de ICS-benchmark. Vraag & aanbod – toekomstige (2041) verhouding tussen beschikbare en benodigde (normatieve) onderwijscapaciteit op basis van de vastgestelde leerlingenprognose (Pronexus, maart 2024).
Een beoordeling van groen is goed, oranje is gemiddeld en rood is slecht. Bij een grijze beoordeling ontbreekt er informatie. Leerlingenprognoses Voor het verwachte aantal leerlingen is gebruik gemaakt van de leerlingenprognoses die zijn opgesteld door Pronexus (maart 2024). Dit zijn de meest recente leerlingenprognoses. Daarnaast wordt onder 2024 het aantal leerlingen genoemd zoals vastgesteld op 1 oktober 2023. Opheffingsnorm Het Rijk stelt een minimum aan het aantal leerlingen op een school. Dit heet de opheffingsnorm. Scholen met een leerlingenaantal dat 3 jaar op rij onder de opheffingsnorm valt, verliezen hun inkomsten. Het is vervolgens aan het schoolbestuur om de school in stand te houden of te sluiten. De opheffingsnormen voor het basisonderwijs zijn niet voor alle scholen hetzelfde. Dit is afhankelijk van de zogenaamde leerlingdichtheid in een gemeente. De opheffingsnorm voor de gemeente Gilze en Rijen ligt op 85 leerlingen. Scenario’s De huisvestingsscenario’s vormen het kader voor de financiële doorrekening (zie hoofdstuk 10). Indien een school meerdere scenario’s heeft, dan is in de financiële doorrekening de financieel minst gunstige variant opgenomen. Bij uitvoering van het project komen schoolbestuur en gemeente tot een definitieve keuze middels het opstellen van een businesscase.
Hetzelfde geldt voor de ruimtebehoefte bij vervangende nieuwbouw en/of levensduurverlengende renovatie. Voor nu is het leerlingenaantal in 2041 als voorlopig ijkpunt gekozen. In de businesscase wordt de ruimtebehoefte nader uitgewerkt. In de bijlage is per school de gebruikte locatie voor het bewegingsonderwijs opgenomen.
www.icsadviseurs.nl
29/40
Gilze Inzicht in de kern In de kern Gilze zijn De Wildschut en De Bolster gevestigd. Dit zijn twee zelfstandige scholen. De Wildschut De Wildschut valt onder schoolbestuur Mondiaen. Op de Wildschut zijn er in 2025 17723 leerlingen, dit stijgt tot 200 leerlingen (2041). De school beschikt over 1.535 m² onderwijscapaciteit, dit betekent dat er een overschot is aan onderwijscapaciteit.
Schoolnaam: Brinnummer:
De Wildschut 06CS00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 176 1.149 1.535 386
2024 182 1.179 1.535 356
2025 177 1.154 1.535 381
2028 215 1.345 1.535 190
2034 200 1.270 1.535 265
2041 200 1.270 1.535 265
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
123 0 263
123 0 233
123 0 258
123 0 67
123 0 142
123 0 142
Tabel 15 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 Het gebouw dateert uit 2021. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als uitstekend. Huisvestingsscenario Het scenario voor De Wildschut is het gebouw in stand houden.
Voor De Wildschut zijn voor de periode tot 2028 de prognoses van het schoolbestuur aangehouden (aangeleverd door R. Gommers op 2302-2024). Deze prognosecijfers heeft Pronexus voor de jaren na 2028 verder door vertaald. 23
www.icsadviseurs.nl
30/40
De Bolster De Bolster valt onder schoolbestuur Nuwelijn. De school heeft in 2025 474 leerlingen en deze nemen af tot 425 leerlingen (2041). De school beschikt over 1.907 m² onderwijscapaciteit. Dit betekent dat er een tekort is van 677 m², afnemend tot 431 m² tekort. NB: De school heeft voor 1 oktober 2025 al 525 ingeschreven leerlingen staan. Uit een uitgevoerde postcodeanalyse blijkt dat de nieuwe leerlingen nagenoeg allen woonachtig zijn in Gilze.
Schoolnaam: Brinnummer:
De Bolster 09VI 00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 476 2.594 1.907 -687
2024 486 2.645 1.907 -738
2025 474 2.584 1.907 -677
2028 441 2.418 1.907 -511
2034 427 2.348 1.907 -441
2041 425 2.338 1.907 -431
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
0 0 -687
0 0 -738
0 0 -677
0 0 -511
0 0 -441
0 0 -431
Tabel 16 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 Het gebouw dateert uit 1952 met uitbreidingen in 1957 en 1997. In 1997 heeft er een renovatie plaatsgevonden. De temperatuur is in de zomermaanden hoog en er is geen aanwezige koeling. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als redelijk op technische kwaliteit. Huisvestingsscenario Het scenario voor De Bolster op korte termijn is het plaatsen van een tijdelijke noodunit op het eigen terrein. Daarnaast wordt er op korte termijn een businesscase gestart waarin het huisvestingsscenario voor de lange termijn voor de Bolster wordt onderzocht om uit te zoeken of vervangende nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie aan de orde is. In de financiële doorrekening wordt uitgegaan van het duurste scenario: vervangende nieuwbouw.
www.icsadviseurs.nl
31/40
Rijen Inzicht in de kern In de kern Rijen zijn vijf basisscholen gevestigd. Dit zijn allen zelfstandige scholen, te weten: De Vijf Eiken, De Kring, St Jozef, Het Fonkelbos en De Brakken. De gemeente heeft een aantal standpunten ingenomen bij het formuleren van de scenario’s voor de kern Rijen: ▪ ▪
Niet uitbreiden zolang er binnen 2 kilometer sprake van leegstand is bij een andere school waar het gebouw toereikend is.24 Gemeente gaat niet investeren in panden waar forse leegstand is (tenzij het een kleine kern is om het dorp leefbaar te houden)
De Vijf Eiken De Vijf Eiken valt onder schoolbestuur PCPO Midden-Brabant. Op De Vijf Eiken zijn er in 2025 285 leerlingen, dit daalt tot 254 leerlingen (2041). De school beschikt over 1.452 m² onderwijscapaciteit (inclusief speellokaal), dit betekent dat er een tekort is om alle leerlingen te kunnen huisvesten op basis van de vierkante meters. In de praktijk heeft de school geen last van een capaciteitstekort omdat de gemeente extra vierkante meters huurt als zijnde onderwijscapaciteit.
Schoolnaam: Brinnummer:
De Vijf Eiken 04RS00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 294 1.683 1.452 -231
2024 285 1.638 1.452 -186
2025 285 1.638 1.452 -186
2028 245 1.437 1.452 15
2034 244 1.432 1.452 20
2041 254 1.482 1.452 -30
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
110 0 -341
110 0 -296
110 0 -296
110 0 -95
110 0 -90
110 0 -140
saldo incl. tijdelijke huisv esting (120 m² bv o)
348
-176
-176
25
30
-20
Tabel 17 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 NB: De afspraak met betrekking tot onderwijscapaciteit ligt vast in het raadsbesluit “Huisvestingsprogramma 2018”, vastgesteld door college van burgemeester en wethouders op 10 oktober 2017. Het gebouw dateert uit 2006 met een uitbreiding in 2011. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als redelijk. De school maakt gebruik van tijdelijke huisvesting (huur van ruimten in het ernaast gelegen gebouw)25. Het heeft de voorkeur van de gemeente om deze situatie te beëindigen. Zonder deze tijdelijke huisvesting kampt de school met een klein ruimtetekort. Huisvestingsscenario Het scenario voor De Vijf Eiken is doorverwijzen naar de leegstand in het Fonkelbos.
24 Schoolbestuur Mondiaen heeft te kennen gegeven zich niet te kunnen vinden in dit uitgangspunt vanuit de gemeente. Volgens het
schoolbestuur rechtvaardigt het onderwijsconcept het niet zomaar kunnen plaatsen van 1 of meerdere (stam)groepen op een andere locatie in een tijdelijke of structurele vorm. 25 De eigenaar verandert per april 2025 (stand van zaken februari 2025). De gemeente gaat na wat de eventuele consequenties zijn voor bestaande huurafspraken.
www.icsadviseurs.nl
32/40
De Kring De Kring valt onder schoolbestuur Mondiaen. De school heeft 300 leerlingen (2025), dit aantal stijgt tot 339 leerlingen (2041). De school beschikt over 1.558 m² onderwijscapaciteit. Dit betekent dat er een tekort is van 151 m² aan onderwijscapaciteit dat toeneemt tot een tekort van 347 m² in 2041. Partou de Vliegwereld beschikt over 675 m². Dit is echter geen onderwijscapaciteit en het heeft daarmee geen gevolgen voor het ruimtetekort.
Schoolnaam: Brinnummer:
De Kring 06WC00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 277 1.593 1.558 -35
2024 298 1.699 1.558 -141
2025 300 1.709 1.558 -151
2028 328 1.850 1.558 -292
2034 345 1.935 1.558 -377
2041 339 1.905 1.558 -347
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
0 0 -35
0 0 -141
0 0 -151
0 0 -292
0 0 -377
0 0 -347
Tabel 18 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 NB: Het aantal leerlingen van 300 op 1 oktober 2024 is het gevolg van een ‘gedwongen’ maximum aantal leerlingen die het schoolbestuur aanhoudt omdat ze geen onderwijscapaciteit meer beschikbaar heeft op haar huidige locatie en daarnaast geen gebruik maakt van verwijzing naar leegstand in andere schoolgebouwen. Het gebouw dateert uit 2015. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als uitstekend. Huisvestingsscenario Het scenario voor De Kring is doorverwijzen naar leegstand in de St. Jozef. NB: Schoolbestuur Mondiaen gaat geen gebruik maken van de verwijzing. Het schoolbestuur geeft namelijk aan dat zij van mening is dat ze niet (gedeeltelijk) kunnen verhuizen naar een andere school vanwege hun toegepaste Jenaplanconcept.
www.icsadviseurs.nl
33/40
St Jozef St Jozef valt onder schoolbestuur Nuwelijn. De school heeft 225 leerlingen (2025), dit aantal neemt af tot 205 leerlingen (2041). De school beschikt over 2.860 m² onderwijscapaciteit. Dit betekent dat er een overschot is van circa 1.500 m² onderwijscapaciteit. Stichting Muzerij maakt gebruik van 485 m² op basis van enkelgebruik. Ondanks het gebruik van Stichting Muzerij blijft er een overschot van circa 1.000 m² aanwezig.
Schoolnaam: Brinnummer:
St Jozef 19LE00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 255 1.499 2.860 1.361
2024 232 1.383 2.860 1.477
2025 225 1.348 2.860 1.512
2028 199 1.217 2.860 1.643
2034 197 1.207 2.860 1.653
2041 205 1.247 2.860 1.613
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
485 0 876
485 0 992
485 0 1.027
485 0 1.158
485 0 1.168
485 0 1.128
Tabel 19 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 Het gebouw dateert uit 1919. Uitbreidingen hebben plaatsgevonden in 2011 en 2012. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als slecht op technische kwaliteit. De rapportage naar aanleiding van de uitgevoerde technische schouw laat daarentegen een gemiddelde score 3 (met de toelichting: “het verouderingsproces is plaatselijk zichtbaar. Installaties werken niet optimaal. Op termijn is ingrijpen gewenst.”) zien. Op binnenklimaat en duurzaamheid scoort het gebouw matig. Voor beide zaken ligt de verantwoordelijkheid bij het schoolbestuur. Huisvestingsscenario Het scenario voor de St. Jozefschool is in stand houden. De gemeente biedt de mogelijkheid dat de leegstand kan worden ingezet voor medegebruik door De Kring. Omdat hier niet alle leegstand mee wordt opgelost, wordt het schoolbestuur geadviseerd een alternatieve inzet voor de overige overcapaciteit te overwegen.
Het Fonkelbos Het Fonkelbos valt onder schoolbestuur Nuwelijn. De school heeft 57 leerlingen (2025), dit aantal neemt af tot 44 leerlingen (2041). De school beschikt over 1.037 m² onderwijscapaciteit. Dit betekent dat er een overschot is van circa 550 m² onderwijscapaciteit. Stichting Muzerij maakt gebruik van verschillende ruimtes op basis van enkel- en dubbelgebruik. Desondanks blijft er een groot overschot aanwezig.
Schoolnaam: Brinnummer:
Het Fonkelbos 19LV00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 51 466 1.037 571
2024 50 461 1.037 576
2025 57 496 1.037 541
2028 43 426 1.037 611
2034 42 421 1.037 616
2041 44 431 1.037 606
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
161 0 410
161 0 415
161 0 380
161 0 450
161 0 455
161 0 445
Tabel 20 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024
www.icsadviseurs.nl
34/40
Het gebouw dateert uit 1974 en heeft uitbreidingen gehad in 1994 en 2006 en in 2018 een gevelrenovatie. De school hanteert het onderwijsconcept FONK: buiten en de natuur integreren met doelgericht en spelend ontwikkelen. Het schoolbestuur beoordeelt het de technische staat als redelijk. Er is vaak sprake van vandalisme. Huisvestingsscenario Het scenario voor De Fonkelbos is in stand houden. Leegstand kan worden ingezet voor medegebruik door De Vijf Eiken.
De Brakken De Brakken valt onder schoolbestuur Nuwelijn. De school heeft in 2025 413 leerlingen en dit aantal neemt licht toe tot 415 leerlingen (2041). De school heeft op dit moment een aannamestop. De school beschikt over 2.890 m² onderwijscapaciteit. Dit betekent dat er een overschot is van circa 600 m² onderwijscapaciteit. Stichting Muzerij maakt gebruik van verschillende ruimtes op basis van enkel- en dubbelgebruik. Daarmee is het overschot niet meer van toepassing. Het is de vraag wat er gaat gebeuren als de aannamestop wordt losgelaten, de verwachting is dat de leerlingenaantallen zullen stijgen.
Schoolnaam: Brinnummer:
De Brakken 19MG00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 426 2.343 2.890 547
2024 421 2.318 2.890 572
2025 413 2.277 2.890 613
2028 421 2.318 2.890 572
2034 418 2.303 2.890 587
2041 415 2.287 2.890 603
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
532 0 15
532 0 40
532 0 81
532 0 40
532 0 55
532 0 71
Tabel 21 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 Het gebouw dateert uit 1950 met een uitbreiding 1978. Het gebouwdeel uit 1950 is in 2016 gerenoveerd, de uitbreiding is hierin niet meegenomen. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw als matig op de technische kwaliteit. Huisvestingsscenario Het scenario voor De Brakken is het gebouw in stand houden en het opheffen van de leerlingenstop waardoor leerlingen worden doorverwezen naar St Jozef.
www.icsadviseurs.nl
35/40
Molenschot St Anna in Molenschot valt onder het schoolbestuur Nuwelijn. De kinderopvang maakt gebruik van een onderwijslokaal. De school huisvest in 2025 53 leerlingen en dit blijft stabiel tot in 2041 (53 leerlingen). De school beschikt over 602 m2 bvo en is daarmee passend gehuisvest. Met het gebruik door de kinderopvang blijft de school passend binnen de onderwijscapaciteit.
Schoolnaam: Brinnummer:
St. Anna 06XP00
Oktobertelling
prognose →
jaar aantal leerlingen ruimtebehoefte (in m² bv o) beschikbare onderwijscapaciteit saldo (in m² bv o)
2023 59 497 602 105
2024 53 467 602 135
2025 53 467 602 135
2028 53 467 602 135
2034 51 457 602 145
2041 53 467 602 135
Gebruik derden o.b.v . enkelgebruik I npandige gymzaal saldo (in m² bv o)
30 0 75
30 0 105
30 0 105
30 0 105
30 0 115
30 0 105
Tabel 22 Leerlingenaantal en prognose Pronexus 2024 Het gebouw dateert uit 2013. Het schoolbestuur beoordeelt het gebouw matig op de technische kwaliteit. Met name de temperatuur is in de zomermaanden een probleem. Huisvestingsscenario Het scenario voor St Anna is het gebouw in stand houden.
www.icsadviseurs.nl
36/40
6. Financiën Om de kwaliteit van de onderwijshuisvesting te waarborgen, investeren de gemeente en schoolbesturen vanuit een vast wettelijk kader in schoolgebouwen. Het bekostigen van de opgenomen ambities wordt in deze paragraaf vertaald naar (financiële) uitgangspunten die gehanteerd worden in dit IHP. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen de investering van de gemeente en de investering vanuit het schoolbestuur. De genoemde investeringsbedragen zijn prijspeil januari 2024 en inclusief btw.
Uitgangspunten In het visiedeel bij ‘type maatregelen’ is stilgestaan bij de verschillende scenario’s die binnen dit IHP te onderscheiden zijn. Voor elk scenario is aangegeven wie de verantwoordelijkheid heeft voor het uitvoeren van het scenario en wat het bijbehorende budget is. De uitgangspunten die hieruit voortvloeien met betrekking tot het bepalen van de investeringen worden hieronder ter verduidelijking op een rij gezet. Bij het bepalen van de investeringen zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: ▪ Alle bedragen zijn inclusief btw en prijspeil januari 2024. ▪ Het realiseren van de duurzaamheidsambitie is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeente en schoolbesturen als mogelijke bouwheren. NB: dit is alleen het geval in een nieuwbouwsituatie. In het geval van bestaande bouw blijft de verantwoordelijkheid bij het schoolbestuur. ▪ De gemeente is vanuit wet- en regelgeving verantwoordelijk voor de bekostiging van BENG en overige voorschriften inzake verplichte energiemaatregelen zoals aardgas loos bouwen bij nieuwbouw. ▪ De schoolbesturen dragen bij in de realisatie van voorzieningen via een bijdrage. Deze bijdrage moet per situatie worden bekeken in een businesscase. De bijdrage bestaat uit exploitatiegerichte investeringen met een redelijke terugverdientijd en die passen binnen het Onderwijsaccountsprotocol.
▪ Bij nieuwbouw wordt uitgegaan van een levensduur van 40 jaar. ▪ Bij renovatie wordt uitgegaan van ingrepen die de levensduur met 40 jaar verlengen. Kosten die niet zijn meegenomen in de berekeningen: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
kosten voor aankoop van grond en eventuele aanpassingen aan de infrastructuur/openbare ruimte; kosten voor grondsanering; kosten voor het verwijderen van tijdelijke huisvesting; contextuele factoren of locatie gebonden kosten; verhuiskosten; mogelijke kosten voor eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair; kosten en baten bij het eventueel afstoten van locaties en gebouwen.
Totaal investering IHP Op basis van de denkrichtingen, zoals deze in dit rapport staan beschreven, bedraagt de investering voor de gemeente Gilze en Rijen circa € 10.260.000 (prijspeil 2025): € 9.700.000 voor de (eventuele) vervangende nieuwbouw en € 560.000,- voor de tijdelijke uitbreiding van De Bolster. Het bedrag van € 9.700.000 heeft betrekking op de bouwkosten en de bijkomende kosten (honoraria, aansluitkosten, heffingen, onderzoeken etc). Zaken als grondverwerving, bouwrijp maken, prijsindexering, tijdelijke huisvesting, aanpassing infrastructuur zijn hierin niet opgenomen. In het uiteindelijke politiek-bestuurlijke besluitvormingsproces rond het IHP moet blijken in welk tempo de gemeente Gilze en Rijen in staat is de benodigde investeringen te plegen. In paragraaf 5.4 is de
www.icsadviseurs.nl
37/40
onderbouwde fasering opgenomen. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat wanneer een gemeente investeringen in onderwijshuisvesting temporiseert, het schoolbestuur verplicht wordt om langere tijd in bestaande oude gebouwen te blijven investeren vanuit hun exploitatietaak. Daarmee wordt maatschappelijk geld ingezet dat niet optimaal tot haar recht komt.
Fasering IHP Vanuit dit IHP komende volgende projecten voort: ▪ ▪
Tijdelijke uitbreiding De Bolster: Vervangende nieuwbouw De Bolster (na onderzoek):
www.icsadviseurs.nl
Jaar van ingebruikname: 2025 2029
38/40
7. Slotsom en werkafspraken Slotsom Het voorliggende IHP is met een nauwgezet proces en in constructief overleg met gemeente, schoolbesturen en kindpartners tot stand gekomen. De gezamenlijke visie geeft een helder perspectief voor de huisvesting van onderwijsvoorzieningen en kinderopvangvoorzieningen in de gemeente Gilze en Rijen. Deze visie bevat tevens concrete spelregels voor de uitvoering van de plannen in het IHP. Met de invoering van dit IHP worden daarnaast de grootste knelpunten in de huisvesting opgelost.
Aanbevelingen Onze aanbevelingen zijn onderverdeeld in twee categorieën: (1) aanbevelingen voor het proces en (2) aanbevelingen voor de realisatie van projecten in het IHP. Proces ▪ ▪ ▪
▪ ▪ ▪
▪
Voer om de vier jaar een actualisatie uit van het IHP. Maak daarbij duidelijke procesafspraken. Stel om de twee jaar een leerlingenprognose op en monitor vraag en aanbod (ruimtebehoefte en capaciteit). Houd ieder jaar een constructief overleg tussen gemeente, schoolbesturen en kinderopvang over de ontwikkelingen binnen gemeente Gilze en Rijen. Op basis van de werkelijke leerlingentellingen kunnen de gevolgen op de onderwijscapaciteit en een mogelijk ruimtetekort tijdig ondervangen worden. Blijf gezamenlijk werken aan de nadere uitwerking van de duurzaamheidsambities voor de kindvoorzieningen in het IHP waarbij de landelijke ontwikkelingen nauwgezet gevolgd worden. Schoolbesturen stellen tweejaarlijks een MJOP op. Houd de ontwikkelingen rondom de stelselwijziging kinderopvang en de daaruit voortkomende vraag nauwgezet in de gaten. Ga indien nodig met elkaar in gesprek en actualiseer het IHP op de huisvesting voor kinderopvang eerder als dat nodig blijkt. Bespreek gedurende de uitvoeringstermijn van het IHP regelmatig (bijvoorbeeld 2x per jaar) de voortgang, waarbij ook nadrukkelijk het leren van elkaar en elkaars projecten aan de orde komt.
Realisatie projecten in het IHP ▪
▪ ▪
Stel een uitvoeringsprogramma op waarin staat omschreven welke stappen dienen te worden gezet, wie welke rol daarin heeft en welke (detail)planning wordt aangehouden. Het uitvoeringsprogramma en de voortgang van de realisatie van het huisvestingsplan dienen jaarlijks terugkerend tussen de gemeente en het schoolbestuur (en kinderopvangorganisatie) te worden besproken. Stel een Plan van Aanpak op voor het hergebruik of de herontwikkeling van, op termijn, vrijvallende locaties. De realisatie van het huisvestingsplan heeft impact op een groot aantal leerlingen, ouders en bewoners. Communiceer gezamenlijk (gemeente, schoolbestuur en kinderopvangorganisaties) over de plannen en de planning.
www.icsadviseurs.nl
39/40
De hoogste kwaliteitseisen aan onze dienstverlening. Een goed gebouw begint met het beste idee. Colofon Datum: Auteur(s):
18 april 2025 Onno Damen en Florine Meijering
info@icsadviseurs.nl 088 - 235 04 27 www.icsadviseurs.nl
40/40
www.icsadviseurs.nl
Onderdeel van ICS Ruimteregiegroep BV