Beantwoording vragen ap 7 van D66 m.b.t. het raadsvoorstel m.b.t. het delegatiebesluit
Tekst van het document
Vragen van D66 mbt het raadsvoorstel mbt het delegatiebesluit
1. Kunt u in het geval van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit: > "Als sprake is van een MER plicht" aangeven waar op dit moment de > bevoegdheid ligt om over het plan te besluiten (college of raad), waar deze > bevoegdheid na implementatie van voorliggend raadsvoorstel komt te liggen > (college of raad), of er op dit moment een verplichte participatie nodig is > en of dat verplichte participatie in de toekomst nodig is (volgens het > voorliggend raadsvoorstel) Algemeen beantwoording vragen 1 t/m 4 met betrekking tot de bevoegdheid Thans: Het verlenen van een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan is een bevoegdheid van B&W. (Maar de omgevingsvergunning mag pas verleend worden als de Raad een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) heeft afgegeven. Tenzij het een geval betreft die op de lijst staat van gevallen waarvoor geen vvgb nodig). Volgens voorstel: Het verlenen van een Buitenplanse omgevingsplanactiviteit (Bopa) is een bevoegdheid van B&W. (In het geval sprake is van een aangewezen geval waarvoor de raad een bindend advies mag geven, moet dit bindend advies wel eerst afgegeven zijn). Participatie Thans: De gevallen waarvoor een omgevingsdialoog gevoerd moet worden zijn genoemd in de Beleidsnota Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen.
Een MER plicht is niet specifiek in deze lijst opgenomen omdat een dergelijke plicht van toepassing kan zijn op verschillende type ontwikkelingen/bouwplannen. Indien géén sprake is van geval uit de opgenomen in de lijst, is er dus geen omgevingsdialoog nodig. Daarbij kunnen we nog wel de opmerking maken dat in het geval een MER plicht aan de orde is, het in de praktijk veelal gaat om gevallen waarvoor óók een omgevingsdialoog noodzakelijk is. Volgens voorstel: Hetzelfde principe als thans alleen dan uitgaande van de lijst van gevallen waarvoor we participatie verplicht stellen.
2. Kunt u in het geval van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit: >"Een activiteit die leidt tot overschrijding van in het omgevingsplan > opgenomen omgevingswaarden (geluid, geur, trilling enz.)" aangeven waar op > dit moment de bevoegdheid ligt om over het plan te besluiten (college of > raad), waar deze bevoegdheid na implementatie van voorliggend raadsvoorstel
> komt te liggen (college of raad), of er op dit moment een verplichte > participatie nodig is en of dat verplichte participatie in de toekomst nodig > is (volgens het voorliggend raadsvoorstel) Participatie Thans: De gevallen waarvoor een omgevingsdialoog gevoerd moet worden zijn genoemd in de Beleidsnota Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen. Een overschrijding van een omgevingswaarde is niet specifiek in deze lijst opgenomen omdat dit van toepassing kan zijn op verschillende type ontwikkelingen/bouwplannen. Indien géén sprake is van geval uit de opgenomen in de lijst, is er dus geen omgevingsdialoog nodig. Volgens voorstel: Hetzelfde principe als thans alleen dan uitgaande van de lijst van gevallen waarvoor we participatie verplicht stellen. > 3.
Kunt u in het geval van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit: > "Binnen de bebouwde kom gebruikswijziging van gronden of van een bestaand > gebouw" aangeven waar op dit moment de bevoegdheid ligt om over het plan te > besluiten (college of raad), waar deze bevoegdheid na implementatie van > voorliggend raadsvoorstel komt te liggen (college of raad), of er op dit > moment een verplichte participatie nodig is en of dat verplichte participatie in de toekomst nodig is (volgens het voorliggend raadsvoorstel) Participatie Thans: De gevallen waarvoor een omgevingsdialoog gevoerd moet worden zijn genoemd in de Beleidsnota Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen. Afhankelijk van de gebruikswijziging zijn deze gevallen uit de lijst wel of niet van toepassing. Indien géén sprake is van geval uit de opgenomen in de lijst, is er dus geen omgevingsdialoog nodig. Volgens voorstel: Hetzelfde principe als thans alleen dan uitgaande van de lijst van gevallen waarvoor we participatie verplicht stellen. > 4.
Kunt u in het geval van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit: > "Kleine verbouwing met impact op de omgeving zoals, dakkapel, dakterras, > balkon enz." aangeven waar op dit moment de bevoegdheid ligt om over het > plan te besluiten (college of raad), waar deze bevoegdheid na implementatie > van voorliggend raadsvoorstel komt te liggen (college of raad), of er op dit > moment een verplichte participatie nodig is en of dat verplichte > participatie in de toekomst nodig is (volgens het voorliggend raadsvoorstel) Participatie
Thans: De gevallen waarvoor een omgevingsdialoog gevoerd moet worden zijn genoemd in de Beleidsnota Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen. Afhankelijk van het type (bouw)plan of zoals u zegt ‘kleine gevallen’ zijn deze gevallen uit de lijst wel of niet van toepassing. Indien géén sprake is van geval uit de opgenomen in de lijst, is er dus geen omgevingsdialoog nodig. Volgens voorstel: Hetzelfde principe als thans alleen dan uitgaande van de lijst van gevallen waarvoor we participatie verplicht stellen. > 5. Kunt u in het geval van de binnenplanse omgevingsplanactiviteit: > "Binnen de bebouwde kom gebruikswijziging van gronden of van een bestaand > gebouw" aangeven waar op dit moment de bevoegdheid ligt om over het plan te > besluiten (college of raad), waar deze bevoegdheid na implementatie van > voorliggend raadsvoorstel komt te liggen (college of raad), of er op dit > moment een verplichte participatie nodig is en of dat verplichte > participatie in de toekomst nodig is (volgens het voorliggend raadsvoorstel) Bevoegdheid Thans: Het verlenen van een omgevingsvergunning welke passend is binnen de regels van het bestemmingsplan is een bevoegdheid van B&W. Volgens voorstel: Het verlenen van een binnenplanse omgevingsactiviteit is een bevoegdheid van B&W.
Participatie Thans: De gevallen waarvoor een omgevingsdialoog gevoerd moet worden zijn genoemd in de Beleidsnota Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen. Afhankelijk van het type (bouw)plan of zoals u zegt ‘kleine gevallen’ zijn deze gevallen uit de lijst wel of niet van toepassing. Indien géén sprake is van geval uit de opgenomen in de lijst, is er dus geen omgevingsdialoog nodig. Volgens voorstel: Hetzelfde principe als thans alleen dan uitgaande van de lijst van gevallen waarvoor we participatie verplicht stellen. > 6. Kunt u in het geval van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit: > "Het de (ver)bouw van maatschappelijke voorzieningen, commerciële > voorzieningen (o.m. winkels, kantoren, bedrijfsruimten) betreft, waarvan als > gevolg de vloeroppervlakte aan voorzieningen met MINDER dan 250 m² toeneemt, > met inbegrip van daarbij behorende bijgebouwen en andere voorzieningen." > aangeven of hier thans en volgens het voorliggend raadsvoorstel verplichte > participatie moet plaatsvinden?
Thans: ja, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functie(s) tenminste 100 m² brutovloeroppervlakte bedraagt (participatie in de vorm van een Omgevingsdialoog) Zie: Beleidsnota Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen, hoofdstuk 3 sub d van de opsomming Volgens voorstel: ja, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functie(s) tenminste 100 m² bruto-vloeroppervlakte bedraagt Zie: Bijlage B, sub 4 bij het voorstel > 7. In Bijlage A - 'Lijst van categorieën van gevallen van buitenplanse > omgevingsplanactiviteiten, waarvoor de raad als adviseur optreedt', > behorende bij besluitpunt 1 van het raadsbesluit van 22 november 2021, > kenmerk 352129 punt 3 staat: "Sprake is van een aanvraag in afwijking van > (een) door de gemeenteraad vastgestelde omgevingsvisie en/of > welstandsbeleid, tenzij het een ontwikkeling betreft waarbij de gemeenteraad > eerder al met een afwijking van die omgevingsvisie of gelijkwaardig > strategisch beleid heeft ingestemd." Is deze tenzij van toepassing de ene > "specifieke aanvraag" of refereert u hieraan alle afwijkingen in de gehele > omgevingsvisie? Het gaat om de afwijking van de omgevingsvisie of het welstandsbeleid welke in de specifieke aanvraag wordt benoemd. > 8.
In Bijlage A - 'Lijst van categorieën van gevallen van buitenplanse > omgevingsplanactiviteiten, waarvoor de raad als adviseur optreedt', > behorende bij besluitpunt 1 van het raadsbesluit van 22 november 2021, > kenmerk 352129 punt 4 staat: "Sprake is van een aanvraag die betrekking > heeft op nieuwvesting of uitbreiding van een agrarisch bedrijf ten behoeve > van intensieve veehouderij met een bouwvlak groter dan 1,5 hectare, tenzij > het een ontwikkeling betreft waarvoor de gemeenteraad reeds eerder een > afwijking van de provinciale Omgevingsverordening, heeft aangevraagd.." Is > deze tenzij van toepassing de ene "specifieke aanvraag" of refereert u > hieraan alle afwijkingen in alle door de gemeente aangevraagde afwijkingen > van de provinciale Omgevingsverordening? Dat gaat over die betreffende ‘ene specifieke aanvraag’ of aanvragen waar de raad reeds een afwijking voor aangevraagd heeft.