Beantwoording technische vragen cie Ruimte agendapunt 12b RIB inzake rapport Van Aartsen inclusief bijlagen
Tekst van het document
BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan Gemeenteraad Van College van burgemeester en wethouders Portefeuillehouder Wethouder Zwarts Vragensteller PvdA Onderwerp Ter kennisname stukken - RIB inzake rapport Van Aartsen Datum vergadering 21 september 2021 (commissie Ruimte) Agendapunt vergadering Agendapunt 12b Datum ingekomen 13 september 2021 Datum beantwoording In te vullen door de griffie Behandelend medewerker Joyce de Koning Zaaknummer Nummer -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Vraag 1. Heeft de provincie gereageerd op het rapport en mogelijk ook op de reactie van de Omgevingsdiensten? Antwoord De provincie heeft geen eigen reactie naar buiten geformuleerd. Wel was zij het eens met de gezamenlijke brief van de omgevingsdiensten die naar het ministerie is verzonden. Ook heeft zij een inbreng geleverd richting IPO, voor de IPO-reactie richting ministerie. De brief van de 3 Omgevingsdiensten en de brief met de reactie daarop van de Staatssecretaris treft u in de bijlage aan. Het ministerie ziet onze brief als hart onder de riem om met de aanbevelingen aan de slag te gaan. Vraag 2.
Wanneer komt de reactie van het college inzake het transitiedocument bodem in de commissie ruimte? Graag met datum toevoegen aan de actielijst commissie Ruimte. Antwoord Het transitiedocument bodem wordt op 19 oktober 2021 in het 3-directeurenoverleg gebracht (overleg van de directeuren van de 3 Brabantse Omgevingsdiensten). Bij goedkeuring wordt het document dan eind oktober 2021 aangeboden aan de colleges van de deelnemende gemeenten.
Postbus 8035 5601 KA Eindhoven T: 088 369 03 69 I: www.odzob.nl
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat T.a.v. staatssecretaris S. van Veldhoven Postbus 20901 2500 EX DEN HAAG
uw kenmerk
uw bericht van
ons kenmerk
datum
-
-
Z.213218/D.753860
18 mei 2021
onderwerp
contactgegevens
Rapport Commissie Van Aartsen
:
m.vanderven@odzob.nl
tel.
:
088-36 90 280
Geachte mevrouw Van Veldhoven, Het rapport “Om de Leefomgeving” van de commissie Van Aartsen is recent besproken in de besturen van de drie Brabantse omgevingsdiensten (ODZOB, ODBN en OMWB). Omdat we als Brabantse diensten hetzelfde aankijken tegen enkele belangrijke aanbevelingen in het rapport, en conform uw verzoek, geven wij hierover in deze brief gezamenlijk onze reflectie. We verzoeken u om onze reactie mee te wegen bij het uitwerken van de vervolgvoorstellen. Onze leefomgeving verdient hoogwaardige zorg, nu en in de toekomst. Het is daarom gewenst dat de omgevingsdiensten versterkt worden, waar dat nodig is. Wij zien het rapport op onderdelen als steun in de rug voor een verdere professionalisering van de omgevingsdiensten. De komende jaren zien wij belangrijke ontwikkelingen op ons afkomen in het veld van de leefomgeving waar wij als omgevingsdiensten op willen anticiperen. Het is van essentieel belang dat wij goed zijn voorbereid om deze ontwikkelingen op een kwalitatief goede manier het hoofd te kunnen bieden. Wij zien wel grote verschillen per regio en omgevingsdienst. De Brabantse diensten hebben de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet in hun doorontwikkeling en werken intensief samen. Wij beseffen dat dit niet geldt voor alle omgevingsdiensten.
Landelijk zijn de verschillen tussen de omgevingsdiensten, qua structuur, robuustheid en fase van ontwikkeling, groot. De gesignaleerde problematiek in het rapport van de commissie speelt daarom niet bij alle omgevingsdiensten en niet bij alle diensten in dezelfde mate. Onze besturen hebben geen behoefte aan een nieuwe stelseldiscussie. De deelnemers zien in dat de omgevingsdiensten belangrijke partners zijn om VTH-taken goed uit te voeren. Dat is een ontwikkeling die echt is gegroeid in de afgelopen jaren. Wij hebben daarom geen behoefte om opnieuw een discussie aan te gaan over de vraag of alle taken uit het basistakenpakket verplicht moeten worden overgedragen aan de diensten, zoals de VNG nu doet. De vrijblijvendheid op dat punt had al lang voorbij moeten zijn.
pagina 1 van 2
We zijn het eens met de commissie dat de wijze van financiering geen belemmering mag zijn voor de effectiviteit van het toezicht. Een landelijk afgestemde normfinanciering is wellicht daarvoor niet de meest gewenste methode. Wij adviseren nader onderzoek te doen naar de meest passende wijze van financiering voor zowel de verplichte basistaken als verzoektaken. Wellicht kan dit gecombineerd worden met het door de commissie geadviseerde aanvullende onderzoek over de ondergrens van voldoende robuuste omgevingsdiensten. Wij kunnen ons evenwel goed voorstellen dat er nieuwe afspraken komen over additionele financieringsstromen voor taken zoals BRZO; een meer robuuste financiering zou meer recht doen aan de positie van BRZO-taken binnen Nederland. Deze taken zouden niet afhankelijk mogen zijn van lokale afwegingen. De besturen van de Brabantse omgevingsdiensten vinden dat de energie de komende jaren zeker wèl moet uitgaan naar datgene, waarvoor de omgevingsdiensten ooit zijn opgericht, namelijk het verder verbeteren van de kwaliteit van VTH. De diensten moeten gaan inzetten op verhoging van de kwaliteit, uniforme mandaten, expertise en deskundigheid binnen de diensten. Thema’s als digitalisering, innovatie, cultuurverandering en het ontwikkelen van vernieuwende concepten zijn daarbij essentieel.
Alleen dan kunnen zij een volwaardige adviesrol gaan vervullen en hét expertise centrum zijn dat noodzakelijk is om ook in de toekomst slagvaardig en effectief de veranderingen op het terrein van de leefomgeving het hoofd te kunnen bieden. Dat zijn voorbeelden van onderwerpen waar energie in gestoken moet worden en waar ook het Rijk structureel aandacht aan zou moeten besteden, in plaats van de huidige focus op incidenten. Als een omgevingsdienst evident niet voldoet aan de kwaliteitseisen, maar ook in de situatie dat een deelnemer weigert om alle basistaken over te dragen, is het wenselijk dat daarop geacteerd gaat worden. Het ontwikkelen van onafhankelijk en effectief toezicht kan daarbij helpen en zal uiteindelijk de kwaliteit bij alle omgevingsdiensten kunnen verbeteren. Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen, dan vernemen wij dat graag. Met vriendelijke groet, Namens het Dagelijks Bestuur van Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant, M. van Schuppen, voorzitter
Namens het Dagelijks Bestuur van Omgevingsdienst Brabant-Noord, M. Bakermans, voorzitter
Namens het Dagelijks Bestuur van Omgevingsdienst Midden- en West- Brabant, P. Depla, voorzitter
cc: •
Ministerie I en W, t.a.v. mevrouw I. Absil en mevrouw M. Tieleman
•
Omgevingsdienst NL
•
VNG
•
IPO
•
Provincie Noord-Brabant, t.a.v. de heer P. Smit
pagina 2 van 2
OMGEVINGSDIENST ZUIDOOST-BRABANT ingekomen:
0 7 JUill 2021
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
nr,
Gezamenlijke Brabantse omgevi ngsdiensten p/a Omgevingsdienst Zuid-Oost Brabant T.a,v. M. van Schuppen, M. Bakermans en P. Depla Postbus 8035 5601 KA Eindhoven
Bestuurskern Dir Omgevingsveiligheid & M ilieu risico's
Cluster E Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag
Contactpersoon M. Tieleman
Senior Beleidsmedewerker
M +31(0)6-15924893 martine.tieleman@minienw.
Datum Betreft
4 juni 2O27 Uw brief d.d. 18 mei 202L
Geachte heren Van Schuppen, Bakermans en Dgpla,
Uw kenmerk 2.2t32L8/D.753860
Bijlage(n)
Kenmerk: IENWBSK-2021/157433
Hartelijk dank voor uw brief van 18 mei jl. namens de gezamenlijke Brabantse omgevingsdiensten, Ik dank u voor de heldere uiteenzetting in uw brief en de door u gedane suggesties. U geeft in uw brief aan dat u het rapport'Om de leefomgeving'ziet als steun in de rug voor verdere professionalisering van de omgevingsdiensten. U herkent het rapport en geeft daarbij tevens aan dat de problematiek niet bij alle omgevingsdiensten speelt of niet in dezelfde mate. Zoals in de aanbiedingsbrief aan de Tweede Kamer van 4 maart 2Q2t is aangegeven, zal het nieuwe kabinet de inhoudelijke reactie op het advies van de adviescommissie WH aan de Tweede Kamer sturen. Om geen tijd verloren te laten gaan, is gestart met de ambtelijke voorbereiding op deze kabinetsreactie. Deze bestaat uit: - het opstellen van een stakeholdersanalyse; - het volgen van het advies van de adviescommissie VTH om een kort aanvullend onderzoek te doen naar de data van de omgevingsdiensten. Er is voor gekozen om dit op te pakken in het kader van het tweejaarlijks onderzoek naar de kwaliteit van de uitvoering van de WH-taken, en; - een juridisch onderzoek naar hoe de aanbevelingen van de adviescommissie WH opvolging kunnen krijgen.
Ik zie uw brief als een hart onder de riem om met de aanbevelingen van de adviescommissie WH aan de slag te gaan, Hoogachtend, DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT,
namens deze, De DIRECTEUR-GENERAAL MILIEU EN INTERNATIONAAL b.a.
\ïer Ir, R.P. Lapperre
Pagina 1 van 1
nl