CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

ap 8 definitieve Structuurvisie Stedelijk Gebied Gilze en Rijen

Raadscommissie Ruimte 26 januari 2021, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Memo inzake een voorgenomen aanvulling van de Structuurvisie Stedelijk Gebied Gilze en Rijen13.645 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Structuurvisie Stedelijk Gebied Gilze en Rijen

inhoudsopgave H1 Inleiding 1.1. Waarom een structuurvisie? 1.2. Status en plek van de structuurvisie in het gemeentelijk ruimtelijk beleid 1.3. Leeswijzer 1.4. Proces H2 Strategische visie 2.1. Onze RUIMTELIJKE HOOFDKEUZES voor de structuurvisie 2.2. Hoe profileren we ons? 2.3. De Toekomstvisie en het Ambitiedocument als basis H3 Gebiedsgerichte toelichting 3.1. Hoofdkeuzes voor Gilze 3.1.1. Ontstaansgeschiedenis en opbouw Gilze 3.1.2. Behouden, versterken en uitbreiden van de ruimtelijke hoofdstructuur 3.1.3. Het dorpshart Intermezzo: Bisschop de Vetplein als levendig dorpshart 3.1.4 Lange Wagenstraat als comfortabele entree 3.1.5. Gilze-Zuid 3.2.1. Ontstaansgeschiedenis en opbouw Rijen 3.2. Hoofdkeuzes voor Rijen 3.2.2. Visiekaart Rijen 3.2.2. Herwaardering van de centrale as als identiteitsdrager 3.2.3. Een compact en autoluw centrum 3.2.4. Vormgeving van de oost/west-verkeersas Intermezzo: meer verblijfskwaliteit op het Raadhuisplein 3.2.5. Versterken van de bossfeer in Rijen-West 3.2.6. Integratie stad en landschap in Rijen-Oost 3.2.7. Stationszone, het Aeroparc en de Haansberg Intermezzo: stationsomgeving

7 7 9 9 11 13 13 22 22 25 27 27 27 34 35 38 40 51 51 56 58 68 70 72 74 78 80 82

3.3. Hoofdkeuzes voor Hulten 3.3.1. Ontstaansgeschiedenis en opbouw Hulten 3.3.2. Visiekaart en legenda Hulten 3.3.3. Herinrichting voormalig tracé van de N282 3.3.4. Versterken relatie met het landschap 3.3.5. Ontwikkeling Hulten-Zuid 3.4. Hoofdkeuzes voor Molenschot 3.4.1. Ontstaansgeschiedenis en opbouw Molenschot 3.4.3. Molenschot kiest voor concentrische groei 3.4.4. Molenschot midden in het landelijk gebied H4 Thematische uitwerking 4.1. Demografie en wonen 4.2. Werken 4.3. Verkeer en infrastructuur 4.4. Voorzieningen 4.5. Ruimtelijke kwaliteit, groen en water 4.6 Leisure H5. Uitvoeringsparagraaf 5.1. Belang van de uitvoeringsparagraaf 5.2. Rol van de gemeente en andere partijen 5.3. Instrumenten 5.4. Bijdragen ruimtelijke ontwikkeling 5.5. Uitvoeringstabel Ruimtelijke Ontwikkeling SVSG

85 85 89 90 91 93 95 95 100 101 103 104 110 112 118 124 125 127 127 127 127 131 132

Structuurvisie Stedelijk Gebied Gilze en Rijen

5

Projectleider gemeente Gilze en Rijen: Jeroen Tolboom Projectgroep gemeente Gilze en Rijen: Toon Capel, Martin Gommers, Johan Huijben, Frans Krijnen, Jeroen Leemans, Hans Overbeeke, Gertjan Smit, Jacqueline Stouten, Marius Tigchelaar, Nathalie Touw, Nicole van der Steen, Eric van Mierlo en Renate van Strien. | Roelof Goodijk, Peter Droog Projectteam LOS stadomland en Gerbert Smulders www.losstadomland.nl | 073 7113770 Reutsedijk 9, 5264 PC Vught

Projectteam Yvonne Mol Tekst & Communicatie www.yvonnemol.nl | 0161 226107 Statenlaan 139, 5121 HC Rijen

| Yvonne Mol

Datum | oktober 2020

H1 Inleiding 1.1. Waarom een structuurvisie?

Officieel zijn we als gemeente verplicht om een structuurvisie op te stellen. Deze verplichting vloeit voort uit de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro), die op 1 juli 2008 in werking is getreden. De structuurvisie is in principe vormvrij. Dat betekent dat de wetgever geen voorwaarden heeft gesteld aan de inhoud en opbouw ervan. We mogen er de invulling aan geven die we zelf wenselijk achten. Het voorliggende document is het laatste deel van een trilogie. De basis voor de structuurvisie wordt gevormd door zowel de toekomstvisie ‘Wij zijn Gilze en Rijen’ als het ambitiedocument ‘Ambities Gilze en Rijen - Nieuwe kansen!’. De hoofdambities en koers zijn bepaald en hierin vastgelegd. Met het opstellen van een structuurvisie zetten we een belangrijke stap in de concretisering van de ruimtelijke ambities. De structuurvisie is daarmee een uitvoeringsdocument dat als onderlegger dient om aan de slag te gaan met de ambities en de hoofdkeuzes, bij toekomstige projecten en bestemmingsplannen. De rol van de structuurvisie is wat ons betreft veelzijdig: • de structuurvisie concretiseert de toekomstvisie en het ambitiedocument, voor het ruimtelijke domein. De structuurvisie draagt daardoor bij aan het vormgeven van onze lokale en regionale ambities; • met de structuurvisie laten we zien hoe we aansluiten bij de lokale en regionale kracht en hoe we ons onderscheiden.

Zo kan de gemeente de structuurvisie strategisch inzetten tijdens overleg met bovengemeentelijke partners; • de structuurvisie zorgt vanuit de integraliteit ook voor overzicht. Het is het instrument bij uitstek om dwarsverbanden te leggen tussen de verschillende lokale en regionale beleidsvelden; • ook geeft de structuurvisie de mogelijkheid om projecten voor de komende jaren te prioriteren.

7

Een structuurvisie in een veranderend maatschappelijk veld We zien dat de rol van de gemeente in de samenleving aan het veranderen is. Het zijn grote maatschappelijke, politieke, economische en technologische veranderingen tegelijk, die leiden tot een nieuwe verhouding tussen overheid en burger. We zien een Nederland waarin overheden, burgers en bedrijven steeds meer op basis van gelijkwaardigheid samenwerken. Deze ontwikkeling wordt versterkt doordat de overheid intussen ook steeds afhankelijker wordt van die burgerkracht. Dit is het effect van de economische crisis, de bezuinigingen en de decentralisaties. De gemeentelijke overheid krijgt, zeker met de drie grote transities, een grotere rol met meer verantwoordelijkheden. Een structuurvisie beweegt in dit veranderend veld mee. De verandering wordt wellicht nog het beste aangeduid met de term ‘uitnodigingsplanologie’. In deze vorm is het niet meer de overheid die duidelijke regels stelt, waaraan initiatieven van burgers of ondernemers moeten voldoen, maar wordt op basis van gelijkwaardigheid gewerkt aan beleid en uitvoering. Met het ambitiedocument proberen we bijvoorbeeld om inwoners, ondernemers, verenigingen, werkgroepen en andere instanties actief te inspireren om mee te denken. Bovendien is overheidsbeleid steeds meer gericht op uitvoering en het losmaken van ontwikkelingen.

In deze structuurvisie komen enkele kenmerken van de veranderende beleidswereld naar voren: • we leggen meer nadruk op het bestaand stedelijk gebied in plaats van uitbreidingswijken; • ook kennen we meer gewicht toe aan sociaal maatschappelijke thema’s; • strategie en projecten lopen door elkaar en we maken slimme combinaties bij de uitvoering. Belangrijke vraag voor de structuurvisie is hoe we aan deze veranderende rol vorm kunnen geven. Wat regel je wel als gemeente en wat niet? Een structuurvisie heeft in de basis daarom een dubbele functie: • rechtszekerheid: vastleggen van de belangrijkste kwaliteiten en waarden, plus verantwoordelijkheid nemen als gemeente voor eigen taken; • ruimte geven: stimuleren en inspireren van burgers en maatschappelijk middenveld om zelf vorm te geven aan de samenleving. Bij het eerste gaat het om het noodzakelijke kader voor ruimtelijke ontwikkeling, bij het tweede om de ruimte binnen dat kader. Zo geeft de structuurvisie dus duidelijkheid over dorpsoverstijgende- en gemeentelijke belangen, en heeft het een stimulerende en inspirerende rol voor wat betreft de ruimte daarbinnen. Structuurvisie voor het stedelijk gebied Deze structuurvisie heeft betrekking op het stedelijk gebied van onze gemeente, dus op de kernen Rijen, Gilze, Molenschot en Hulten. Het gebied is echter niet hard begrensd.

De structuurvisie gaat daarom ook over het overgangsgebied tussen bebouwde kom en buitengebied; de zogenoemde kernrandzones.

1.2. Status en plek van de structuurvisie in het gemeentelijk ruimtelijk beleid

Voor burgers niet bindend… In tegenstelling tot een bestemmingsplan kent een structuurvisie geen bestemmingen toe aan gronden en bepaalt het geen rechtstreekse bouwmogelijkheden. Voor de inwoners heeft de structuurvisie dan ook geen direct juridisch bindende werking. …maar wel van bestuurlijk belang en leidend voor het bestemmingsplan! De structuurvisie heeft in principe wel een bindende werking voor het gemeentebestuur. Ze wordt verder verankerd in de bestemmingsplannen.

1.3. Leeswijzer

In hoofdstuk 2 zijn vier ruimtelijke hoofdkeuzes geformuleerd. Deze vloeien voort uit onze identiteitsdiscussie en de regionale profilering. Binnen het speelveld van deze vier denkrichtingen wordt de gewenste beleidsrichting aangegeven. Bij elke hoofdkeuze staat een icoon. De vier hoofdkeuzes lopen als rode draad door de hele structuurvisie, wat geïllustreerd wordt met deze iconen. In hoofdstuk 3 wordt per kern (achtereenvolgens Gilze, Rijen, Hulten en Molenschot) het effect van de vier hoofdkeuzes uitgelicht. Dit hoofdstuk is vooral interessant voor degenen die van een bepaalde kern willen weten wat de belangrijkste veranderingen / projecten zijn. Waar een integrale gebiedsgerichte aanpak nodig is, hebben we deze benoemd als gebiedsontwikkeling. Hoofdstuk 4 zet uiteen wat precies het gemeentelijk beleid gaat worden. Dit hoofdstuk is bedoeld voor ambtenaren uit verschillende sectoren. Zij kunnen dit deel gebruiken om er hun beleid op af te stemmen en aan te toetsen. Het hoofdstuk van de beleidsuitspraken dus. De vier ruimtelijke hoofdkeuzes zijn hier uit elkaar getrokken naar verschillende beleidsvelden of sectoren. Hoofdstuk 5 omvat de uitvoeringsparagraaf. Hiermee voorziet de structuurvisie in een uitvoeringsprogramma. We laten in dit hoofdstuk zien hoe het voorgenomen beleid gerealiseerd zal worden.

In de structuurvisie is een groot aantal ruimtelijke projecten opgenomen, waarvoor investeringen noodzakelijk zijn. Ook zijn er veel lopende en potentiële bouwmogelijkheden. Voor ruimtelijke projecten leggen we de verhaalmogelijkheden voor investeringen vast in de uitvoeringsparagraaf.

9

1.4. Proces

De structuurvisie is tot stand gekomen in de volgende 5 stappen: 1. Verkenningsfase. Allereerst zijn de dorpen en het beleid verkend. 2. Ontwerpfase. In deze fase hebben we de sectorale opgaven geïntegreerd. Dit heeft geleid tot een aantal discussiekaarten met mogelijke oplossingen. Het resultaat van de eerste twee stappen was een Programma van Eisen, welke is vastgesteld in de Raad op 16 december 2013. 3. Verdiepingsfase. Tijdens deze fase hebben we een aantal opgaven verdiept. Zo zijn we ingegaan op de centrumontwikkelingen van Rijen en Gilze, op de stationsomgeving in Rijen, op Gilze-Zuid en een aantal thema’s. 4. Conceptvisie. Het programma van eisen en de verdieping zijn vertaald in een conceptvisie. 5. Vaststelling. Het proces wordt afgesloten met de vaststelling van de structuurvisie. Bij de totstandkoming van de ‘Structuurvisie stedelijk gebied’ zijn meerdere partijen betrokken geweest. In de eerste plaats is een klankbordgroep actief geweest. Deze bestond uit leden van een aantal maatschappelijke organisaties, en de dorpsraden van Hulten en Molenschot. De klankbordgroep is bij elkaar geweest in fase 2, 3 en 4. Tijdens de derde fase hebben twee bewonersbijeenkomsten plaatsgevonden. Hier werden de ideeën voor onze dorpen gepresenteerd. De politiek is op verschillende momenten betrokken geweest.

In fase 2 heeft een tweetal bijeenkomsten plaatsgevonden in het college van B&W. Ook de conceptvisie is aan het college gepresenteerd. Na fase 2 heeft de Raad het Programma van Eisen vastgesteld. Gedurende het traject is een projectgroep actief geweest, met daarin sectorspecialisten van de gemeente. Zodoende heeft continue afstemming plaatsgevonden met het sectoraal beleid van de gemeente en lopende projecten. Vanaf januari 2014 heeft een interactieve website gefunctioneerd. Op deze website konden bewoners hun opmerkingen, wensen en ideeën plaatsen door een pion op een kaart te zetten en van commentaar te voorzien. Ook zijn op verschillende momenten documenten en presentaties op de site geplaatst, zodat men op de hoogte kon blijven van de voortgang van het project.

11

Positionering van de gemeente

H2 Strategische visie 2.1. Onze RUIMTELIJKE HOOFDKEUZES voor de structuurvisie We zetten ons in voor: 1. Nieuwe Noodzakelijkheid 2. Sterke schakels 3. Levendige centra 4. Karakteristieke bedrijvigheid We hebben goed voor ogen welke richting we met onze gemeente op willen. Na een intensief voortraject, in samenspraak met burgers en belanghebbenden, hebben we vier ruimtelijke hoofdkeuzes geformuleerd. Deze vloeien voort uit onze identiteitsdiscussie en de regionale profilering (in de paragrafen 2.2 en 2.3 wordt hierop nader ingegaan). De vier hoofdkeuzes bepalen samen onze denkrichting, en werken door in alle beslissingen die we nemen. De vier principes versterken elkaar en zorgen voor een samenhangende beleidskoers. Bij iedere hoofdkeuze staat een afbeelding: een icoon. In de volgende hoofdstukken zullen deze iconen terugkomen bij de behandeling van de verschillende kernen en onderwerpen. Zo wordt visueel gemaakt wat inhoudelijk voorop staat: de hoofdkeuzes lopen als een rode draad door de structuurvisie.

13

1. Nieuwe Noodzakelijkheid “Een nieuwe manier van denken over wonen” Dit betekent dat we kiezen voor: • Het verbinden van architectuur, duurzaamheid en landschap • Het verbinden van duurzame woonkwaliteit en sociale betrokkenheid Als groene en goed bereikbare gemeente in een stedelijke regio kunnen we ons duidelijk onderscheiden. Wij willen onze onderscheidende kenmerken (bestaande uit kleinschalige, diverse en vooral groene en ruime wijken) verder oppakken en zo verder werken aan onze identiteit in de regio. We gaan daarom nog meer sturen op diversiteit, stevige groenstructuren (in en tussen de wijken) en kleinschaligheid. Toevoeging van kunst in de openbare ruimte krijgt ook onze aandacht. Duurzame woonkwaliteit is: • gebruik maken van bestaande kwaliteiten en materialen; • een aaneengesloten groen- en waterstructuur; • gericht op duurzame vormen van energie en energiezuinige maatregelen aan de woningen; • gericht op duurzame vormen van vervoer. Maar we willen nog wel een stapje verder gaan. Zo past een grote betrokkenheid van bewoners bij de eigen woonomgeving bij het wonen in onze gemeente. In navolging op het integraal ontwerpen (zoals we dat hebben geïnitieerd in de duurzame beeldkwaliteitsgids voor de gebiedsontwikkeling Vliegende Vennen Noord-oost) gebruiken we hiervoor de term ‘Nieuwe Noodzakelijkheid’.

Nieuwe Noodzakelijkheid staat in dat plan voor het verbinden van architectuur, duurzaamheid en landschap. Het verbinden van duurzame woonkwaliteit en sociale betrokkenheid van bewoners vinden wij ook een Nieuwe Noodzakelijkheid. Dit hangt samen met de veranderende rol van de overheid (zie paragraaf 1.1.) en de ruimte die we willen geven aan bewoners voor eigen initiatieven. De behoefte aan ‘Nieuwe Noodzakelijkheid’ verschilt sterk per wijk. Maar juist dat zorgt voor de diversiteit die we graag zien.

15

2. Sterke schakels “Bereikbaar voor iedereen” Dit betekent dat we kiezen voor: • Goede bereikbaarheid voor alle doelgroepen (snel- en langzaamverkeer) van de kernen en hun specifieke functies • Onderdeel zijn van een stedelijk netwerk Met sterke schakels richten we ons op een heel gerichte bereikbaarheid van de kernen en hun specifieke functies. Het gaat ons om bereikbaarheid voor alle doelgroepen (snel- en langzaamverkeer). In regionaal verband willen we stevig aangehaakt zijn op de grotere stedelijke gebieden, en daar onderdeel van uitmaken. Zo zetten we in op een HOV met Tilburg en Oosterhout. We willen slimme koppelingen leggen tussen functies en de meest bereikbare plekken. Als we daar functies aan elkaar koppelen, kan beter geprofiteerd worden van een goede autobereikbaarheid. In de spoorzone van Rijen zien we, door gerichte investeringen in de bereikbaarheid en het dubbelzijdig maken van de perrons, een bijzondere kans voor nieuwe functies. De Mary Zeldenrustlaan koppelt wonen, werken en het station aan elkaar en zorgt tevens voor snelle verbindingen naar buiten. Tegelijk willen we op een aantal plekken verkeersstromen uit elkaar trekken. Dit met als doel om de verblijfskwaliteit te verbeteren en om de aantrekkelijkheid voor langzaamverkeer te vergroten. Zo maken we sterker onderscheid tussen de radialen in Gilze door ‘het verblijven’ op enkele plekken te verbeteren.

Om de Hoofdstraat in Rijen te laten floreren, willen we het doorgaande verkeer hier meer gaan omleiden.

17

3. Levendige centra “Sterke en vitale dorpsharten” Dit betekent dat we kiezen voor: • Herkenbare en levendige dorpsharten • Goed functionerende winkelconcentratiegebieden Onze gemeente voelt natuurlijk de concurrentie van de winkelcentra in Tilburg en Breda bij de duurzame ontwikkelingen in onze eigen centra. Uit onderzoek blijkt dat juist in middelgrote kernen winkels onder druk staan. Rijen en Gilze zijn dergelijke middelgrote kernen. Wij gaan de concurrentie niet aan, maar willen samen met ondernemers en burgers juist een ander centrum neerzetten. Levendige centra met een verbreding van de bezoekersfuncties en een prettig verblijfsklimaat. Centra waar we onze eigen bewoners goede voorzieningen bieden, maar waar het vooral leuk is om te zijn en elkaar te ontmoeten.

19

4. Karakteristieke bedrijvigheid “Bedrijventerreinen met een duidelijk profiel” Dit betekent dat we kiezen voor: • Een meer herkenbaar profiel voor (nieuwe) bedrijvigheid • Duurzame investeringen voor (bestaande) karakteristieke bedrijvigheid Gilze en Rijen kent van oudsher een bedrijvig profiel. De combinatie van wonen en werken, vinden we nog steeds belangrijk. In de loop der tijd is de herkenbaarheid van ons werkprofiel wel verminderd. We beschikken vooral over gemengde bedrijventerreinen voor (met name) lokale bedrijven. Die ruimte willen we natuurlijk houden, maar daarnaast willen we op een aantal plekken toewerken naar een meer herkenbaar profiel van onze bedrijvigheid. We hebben daar, in de vorm van de Midden-Brabant Poort en het Aeroparc, al sterk op ingezet. Maar ook op andere delen van onze terreinen willen we die profilering wat verder versterken, zoals in de spoorzone van Rijen.

21

2.2. Hoe profileren we ons?

Binnen de regio zien wij onszelf als een groene woongemeente. Wij combineren de nabijheid van de stedelijke voorzieningen en het cultuuraanbod (Tilburg en Breda) met een gevarieerd, ontspannen en dorps woonmilieu. De bereikbaarheid via spoor en snelwegen zorgt ervoor dat afstanden niet snel een beperkende factor zijn voor wonen, werken of recreëren. We voegen ook iets toe aan de regio. Wij hebben, met een mooi en afwisselend buitengebied, een sterke recreatieve meerwaarde voor de omgeving. Met het vliegveld binnen onze gemeente hebben we een mooie uitgangssituatie om heel specifieke werkgelegenheid op het vlak van aerospace en maintenance aan te trekken.

2.3. De Toekomstvisie en het Ambitiedocument als basis

De toekomstvisie is een richtsnoer en inspiratiebron voor de toekomstige ontwikkeling van onze gemeente. Deze visie is ook de basis voor het ambitiedocument, waarin de belangrijkste gemeentelijke ambities zijn neergelegd. De toekomstvisie en het ambitiedocument samen, vormen daarom het uitgangspunt voor deze structuurvisie. In de toekomstvisie staan drie inhoudelijke ambities benoemd, die belangrijk zijn voor de structuurvisie: • het versterken van onze positie als woongemeente in het groen tussen twee steden; • het benutten van onze strategische ligging aan belangrijke vervoersassen in Midden-Brabant, plus het versterken van onze positie als werkgelegenheidsgemeente met economisch duurzame en beeldbepalende bedrijven; • het versterken van de vitaliteit van onze kernen door goede voorzieningen op het vlak van sport en cultuur, die optimaal worden gebruikt. Bij deze ambities zijn de eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid van inwoners en verenigingen belangrijke uitgangspunten. Voor een nadere invulling van deze ambities zijn ze ingedeeld in een vijftal pijlers: • dorpen in het groen tussen twee steden; • wonen en leven met oog voor elkaar; • ruimte voor bedrijvigheid; • een mooi en duurzaam buitengebied; • verbindend bestuur dicht bij de inwoners. We willen nieuwe bewoners aantrekken om de vitaliteit van onze gemeente te waarborgen.

Daarvoor is een onderscheidend woonprofiel nodig. In de eerste plaats, moet de gemeente Gilze en Rijen een plek zijn waar werken en wonen dicht bij elkaar liggen. Er wordt dus op beiden ingezet. In de tweede plaats, willen we onze kracht ‘dorpen in het groen’ inzetten als onderscheidend vermogen. Daarom streven we naar woningbouw in alle kernen, waarbij het iets stedelijker karakter van Rijen mag worden versterkt.

En we willen een aantrekkelijke woongemeente zijn. Daarom zetten we in op kwalitatief goede basisvoorzieningen en een hoogwaardige openbare ruimte. Burgers krijgen in onze gemeente de kans om hun eigen woonomgeving mede te bepalen. We gaan daarbij uit van eigen initiatief en burgerkracht. We zetten ons in voor het versterken van bestaande bedrijventerreinen, en hebben oog voor nieuwe bedrijvigheid. De economie is immers een belangrijke pijler in het gemeentelijk ruimtelijk beleid. Ook streven we naar voorzieningen die passen bij het schaalniveau van onze gemeente. ‘Goed shoppen’ moet binnen onze gemeentegrenzen mogelijk zijn, maar grootstedelijke voorzieningen vindt men in de omgeving. Het verbeteren van de bereikbaarheid via de weg en het spoor heeft onze aandacht. Onze goede bereikbaarheid willen we ook benutten om economische trekkers aan ons te binden.

23

De Toekomstvisie en het Ambitiedocument vormen de basis voor de ‘Structuurvisie Stedelijk Gebied Gilze Rijen’. Samen vormen ze een triologie.

Rijen

Molenschot

Hulten

Gilze

H3 Gebiedsgerichte toelichting

25

3.1. Hoofdkeuzes voor Gilze 3.1.1. Ontstaansgeschiedenis en opbouw Gilze

Gilze is één van de oudste plaatsen in de Baronie van Breda. Het behoorde rond het jaar 1000 toe aan de Abdis van Thorn. Het dorp bestond oorspronkelijk uit een groep boerenhoeven op een zandplateau. Kenmerkend voor de ruimtelijke hoofdstructuur is de ligging te midden van oude bouwlanden, en de uitwaaierende radiale wegenstructuur. Karakteristiek voor de ruimtelijke opbouw was het ontstaan van kleinere boerengehuchten in een kring rondom Gilze. De groei van het hoofddorp Gilze vond in eerste instantie plaats langs de uitwaaierende wegen. Later (na de Tweede Wereldoorlog) zijn er meer planmatig aangelegde woonwijken gebouwd, tussen de radialen in. De gehuchten rondom Gilze zijn deels als lintbebouwingen langs de oude bouwlanden ontstaan en deels als clusters in het veld. Deze opbouw is bepalend geweest bij de ontwikkeling van Gilze, en is nog duidelijk te zien in het dorp.

ti eke bedr ris

id

karakte

oodzake l en

igheid ijv

rke schakels ste

he ijk

le

dige cen t

ra

n ve

nieuw

3.1.2. Behouden, versterken en uitbreiden van de ruimtelijke hoofdstructuur

Het Bisschop de Vetplein vormt het middelpunt van het dorp. Wij willen deze centrale positie van het plein beter benutten. De relatie tussen het plein en de winkels in de Nieuwstraat willen we verbeteren. Ook streven we ernaar om het plein levendiger te maken. Vanuit het Bisschop de Vetplein waaiert de radiale wegenstructuur uit. Aan deze wegen staan oude boerderijen en andere cultuurhistorisch belangrijke panden. Hoewel veel bomen vernieuwd zijn, is het groene karakter van deze linten overeind gebleven. Van oudsher liggen de belangrijkste voorzieningen aan deze linten. De bebouwingstypologie is hier heel divers. We zijn zuinig op onze linten. Nieuwe ontwikkelingen worden daarom zorgvuldig ingepast, en leveren een bijdrage aan de kwaliteit van deze linten.

27

De van oudsher sterke relatie met het landschap, waarbij het landschap tot aan het hart van het dorp doordringt, zien we nog steeds terug. In de eerste plaats lopen de uitwaaierende wegen als groene linten naar buiten toe en verankeren het dorp in haar omgeving. In de tweede plaats zien we dat de oude akkers, die tussen de uitwaaierende wegen in lagen, in veel gevallen hun open groene karakter hebben weten te behouden. Dit is zichtbaar bij het kerkhof en de tuinen van woonzorgcentrum St. Franciscus. Maar ook bij de diepe groene achtertuinen achter het Bisschop de Vetplein en achter de sporthal ‘Achter de tuintjes’. Deze relatie met het buitengebied willen we behouden en waar mogelijk versterken, door ter plaatse van het herontwikkelingsplan Centrumplan Gilze - Parkdeel (bij de voormalige voetbalvelden) te voorzien in een parkzone. Park Mollebos zien we als één van de meest beeldbepalende ruimtes in het centrum van Gilze. We willen de relatie tussen dit park en het Bisschop de Vetplein verbeteren. Gilze kent een fijnmazig netwerk van achterpaden. Tussen het stervormige wegenpatroon lopen van oudsher allerlei achterpaden. Deze paden vinden we, ondanks de planmatige uitbreiding van Gilze, nog

Molenschot

Rijen

Hulten

Bavel / Breda

Riel Chaam

Alphen Alphen

Gilze is ontstaan op het kruispunt van wegen

Rondom Gilze ligt een kring van buurtschappen

steeds op veel plekken terug. We erkennen deze achterpaden niet alleen als belangrijke structuurdragers van het centrum, maar ook als informeel netwerk waar langzaamverkeer veilig gebruik van kan maken. Waar mogelijk en noodzakelijk willen we dit netwerk verder uitbreiden. Op een aantal plekken in Gilze zijn pleinen ontstaan; vaak op plaatsen waar twee of meer wegen samenkwamen. Naast het eerder genoemde Bisschop de Vetplein en het park Mollebos herkennen we de Heuvel, het Steenakkerplein, maar ook de splitsing tussen de Oranjestraat en Versterstraat. Wij willen de betekenis van deze pleinen vergroten, zowel ruimtelijk als functioneel. Daarnaast willen we voortborduren op deze pleinenstructuur, bijvoorbeeld door de aanleg van een nieuwe pleinruimte in het kader van het Centrumplan Gilze. We nemen de kwaliteiten en historische structuur van Gilze als onderlegger voor toekomstige ontwikkelingen, maar voegen ook nieuwe kwaliteiten toe (zie hiervoor de volgende paragrafen).

29

Planmatige groei van Gilze tussen de radialen

Groene inprikkers en de uitwaaierende wegenstructuur

Gilze omstreeks 1930

Gilze in de 21e eeuw

De ontstaansgeschiedenis van Gilze is in het Gilze van de 21e eeuw nog steeds bepalend voor de ruimtelijke opbouw.

Verbinding

Tilburg

Tegenover de zachte en geleidelijke overgang tussen dorp en buitengebied aan de zuid- enRijen westkant van Gilze, zien we een dynamische en bedrijvige zijde aan de noord- en oostzijde. Hier liggen belangrijke wegen zoals de A58 en de N260, met daaraan bedrijventerrein Broekakkers en de ontwikkelingen bij Midden-Brabant Poort.

Verbinding Gilze met Rijen

De locatie Nerhoven zien we als schakel tussen deze dynamische en bedrijvige wereld enerzijds en het rustige groene woonmilieu van Gilze anderzijds. Deze locatie is ook een schakel tussen verschillende verkeersstromen. Het is een zichtlocatie voor bovenregionaal doorgaand verkeer over de A58, voor regionaal verkeer over de N260 en voor lokaal bestemmingsverkeer richting Gilze. We zetten daarom in op een hoogwaardige ontwikkeling, die een bijdrage levert aan de manier waarop we onze gemeente willen profileren. Bijvoorbeeld door middel van een hoogteaccent, naar analogie van de hoogbouw ter plaatse van de eerdere afslagen van de A58 bij Tilburg (afslag 10 en afslag 11). e ilz VerbindinNerhoven We willen knooppunt ontwikkelen als Nerhoven bedrijventerrein op g Brabant eG tre En het gebied van luchtvaart en industrieel onderhoud. De potentie van de locatie is groot. De locatie is immers een zichtlocatie en biedt de kans om onze gemeente duidelijk te profileren.

Zicht vanaf snelweg (boven regionaal)

Tilburg Gilze-Rijen

Knooppunt naar Tilburg (regionaal)

Gilze Rijen

Verbinding tussen Gilze en Rijen (gemeentelijk)

Welkom in Gilze

Gilze Boven regionale schaal

Regionale schaal

Gemeentelijke schaal

Plaatselijke schaal

Bedrijventerrein

Dorp (woningen)

Entree van Gilze (plaatselijk)

De potentie van de locatie Nerhoven werkt door op verschillende schaalniveaus.

De noord- en oostzijde vormen de dynamische en bedrijvige zijde van Gilze

31

Toelichting visiekaart Gilze: op de visiekaart staat het zoekgebied voor kleinschalige ontwikkelingen aangeduid met een oranje bolletjes structuur. De uitbreidingslocaties staan aangeduid met een wit vlak omzoomd met een oranje rand. Ten opzichte van de visie uit de structuurvisie 2015 is de uitbreidingslocatie in het gebied Gilze-Zuidwest iets vergroot en losgekoppeld van buurtschap de Horst. Het zoekgebied voor kleinschalige ontwikkelingen is uitgebreid richting Gilze-West.

33

Versterken dorps entree

3.1.3. Het dorpshart le

dige cen t

ra

n ve

rke schakels ste

Met het Centrumplan Gilze zet de gemeente in op een concentratie van de centrumvoorzieningen ter plaatse van het zuidelijk deel van de Nieuwstraat (gelegen tussen de Lange Wagenstraat en de Raadhuisstraat). Doordat het centrumplan Gilze voorziet in een nieuwe supermarkt en AHOED aan de noordzijde van het centrum, ontstaat een winkelstraatje dat zich uitspant tussen twee sterke publiekstrekkers. Het betreft de nieuwe supermarkt aan de noordelijke kop, en de bestaande supermarkt aan de zuidelijke kop van het centrum. Maar het dorpshart van Gilze is meer dan een goed functionerend winkelconcentratiegebied. Ook de Kerkstraat met daaraan een concentratie van sociaal maatschappelijke voorzieningen zoals de kerk, cultureel centrum De Schakel, de bibliotheek, basisschool De Bolster en woonzorgcomplex St. Franciscus, maakt in onze visie onderdeel uit van een sterk en vitaal dorpshart. Schakel tussen deze twee gebieden is het Bisschop de Vetplein. We willen deze schakelfunctie van het plein versterken, en van het Bisschop de Vetplein dé huiskamer van Centrumplan Gilze maken; een aantrekkelijke en levendige plek waar ruimte is voor ontmoeting. Om dit te bereiken, zoeken we naar publiekstrekkende functies zoals horeca. Het plein biedt volop mogelijkheden voor terrassen.

Daarnaast willen we de schakelfunctie van het plein versterken, door de pleinruimte beter aan te laten sluiten op het winkelconcentratiegebied in de Nieuwstraat, en het sociaal maatschappelijke hart aan de Kerkstraat. In nevenstaand intermezzo wordt hier nader op ingegaan.

Intermezzo: Bisschop de Vetplein als levendig dorpshart 1. Schervenstructuur Bos

De ruimtes rondom het dorpshart functioneren nu als ‘losse scherven’ met elk een eigen functie en beeld. Het Bisschop de Vetplein heeft bijvoorbeeld geen duidelijke pleinwand, mede door de wegenstructuur rondom. De barrièrewerking van de Raadhuisstraat wordt nog versterkt door het hoogteverschil (muurtje) tussen de weg en het plein.

Caféplein

Parkeren

2. Potenties

Groene kwaliteit

Winkelstraat

Het Bisschop de Vetplein en de omgeving heeft veel potentie, die nu niet optimaal tot uiting komt.

Mooie gevel Dorpse huiskamer

35

Café

Gevels/functies aan het plein?

Maatschappelijke voorzieningen

3. Visiebeeld

Belangrijkste doelen voor het Bisschop de Vetplein zijn het maken van een pleinwand en het maken van een noord/zuid-gerichte verbinding tussen het winkelgebied en het sociaal maatschappelijke hart aan de Kerkstraat. Een duidelijke meerwaarde heeft ook het voelbaar maken van de kwaliteit van het Mollebos op het plein zelf. Het gelijkvloers maken van het plein versterkt het beeld dat het plein als het ware tot in de Nieuwstraat doorloopt. Doel is enerzijds om de automobilist het gevoel te geven op het plein te rijden, en anderzijds om een duidelijk accent aan het dorpshart te geven. De doorgaande functie van de weg blijft bestaan, maar is hier ondergeschikt. Voor de noord/zuid-relatie is het niet nodig om het hele Bisschop de Vetplein te transformeren. De westzijde kan een groen en functioneel deel (parkeerfunctie) van het plein blijven.

Gilze laat zich zien Naast het winkelconcentratiegebied en het sociaal maatschappelijke hart zijn de bijzondere plekken en pleinen echte troeven van het centrum. Zoals het Bisschop de Vetplein is ook park Mollebos een bijzondere plek midden in het dorpshart. Met de grote bomen geeft dit park een bijzondere sfeer aan het centrum. Vanuit de historische radiale opbouw van Gilze kennen we daarnaast nog een aantal pleinen en t-splitsingen met ieder een eigen identiteit en uitstraling. Deze willen we behouden en waar nodig versterken. Met het centrumplan Gilze - Centrumdeel ontstaat een nieuw voorplein bij de kruising Nieuwstraat – Lange Wagenstraat.

Functioneel subcentrum (groen toevoegen)

Identiteitsdrager

Voorplein centrum (centrumplan Gilze - centrumdeel voorziet in nieuwe winkels)

Huiskamer (meer levendigheid + horeca) Identiteitsdrager (nieuwe school + zorg) Identiteitsdrager

Identiteitsdrager

De pleinen in Gilze zijn complementair. We willen voorkomen dat de pleinen qua voorzieningen en functies (zoals horeca of winkels) concurreren met elkaar.

Een comfortabel en bereikbaar centrum Een goed centrum is een bereikbaar centrum. De parkeervoorziening van de nieuwe supermarkt (de noordelijke kop) en de parkeervoorziening van de bestaande supermarkt (de zuidelijke kop) worden niet ontsloten via de Nieuwstraat, maar respectievelijk via de Lange Wagenstraat en de Raadhuisstraat. Hierdoor wordt het gedeelte van de Nieuwstraat bij het winkelconcentratiegebied ontzien. Ten behoeve van een comfortabel en prettig dorpshart zien we het winkelconcentratiegebied en het sociaal maatschappelijke hart als verblijfsgebied. De auto is hier dus te gast. De inrichting van dit gebied willen we dan ook hierop aanpassen. Hiermee zorgen we voor een subtiel onderscheid tussen de radialen.

De verkeersstructuur wijkt ter plaatse van de Lange Wagenstraat af van het uitwaaierende wegenpatroon.

37

3.1.4 Lange Wagenstraat als comfortabele entree karakte

ti eke bedr ris

igheid ijv

rke schakels ste

Tegelijk maken we de verkeersfunctie van de Lange Wagenstraat belangrijker. Langs deze route worden in de toekomst het herontwikkelingsplan Centrumplan Gilze en de nieuwe parkeervoorziening van het winkelconcentratiegebied ontsloten. Door de ligging, tussen bedrijventerrein Broekakkers en herontwikkelingsplan Centrumplan Gilze, is de uitstraling van deze route bovendien anders dan die van de oudste linten. Wij willen deze afwijkende typologie benutten door van de route een groene, ruimere en comfortabele entree te maken, waarover vanaf de N260 de parkeervoorziening van het centrum en de wijken goed bereikbaar zijn. Voor de bedrijfspanden aan de noordzijde van deze weg zien we kansen voor verkleuring richting kantoorfuncties, maatschappelijke voorzieningen of specifieke vormen van Perifere Detailhandels Vestigingen (zie paragraaf 4.4). Op deze manier benutten we de goede bereikbaarheid via deze weg, én verbeteren we bovendien de uitstraling van deze toegangsroute.

De hoofdverkeersstructuur loopt via de Lange Wagenstraat. Hierdoor kan het compacte centrumgebied ingericht worden als verblijfsgebied.

39

3.1.5. Gilze-Zuid

ti eke bedr ris

karakte

id

nieuw

oodzake l en

igheid ijv

le

dige cen t

he ijk

n ve

ra

rke schakels ste

Kenmerken van het buitengebied van Gilze-Zuid en Gilze-West In de Structuurvisie Buitengebied (2008) en Landschapsontwikkelingsplan (2006) is het huidige buitengebied van Gilze-Zuid en Gilze-West gekarakteriseerd als een “hoevenlandschap”. In het buitengebied van Gilze is er een duidelijk verschil te zien tussen het westelijk deel en het zuidelijk deel. In het westelijk deel is sprake van grootschaliger openheid van het bouwlandcomplex, bebouwing aan de linten (Biestraat en noordelijke deel van Horst) en beplantingen aan de randen en op de erven. Ten zuiden van Gilze zien we een meer kronkelige wegenstructuur, en verspreid liggend groen. Bovendien is hier een deel van de bebouwing langs doodlopende weggetjes ontstaan. Dit geeft, ten opzichte van het westelijk deel, een veel kleinschaliger beeld aan dit landschap. In de huidige situatie zien we deze verschillen goed terug (zie onderstaande figuren). De openheid aan de westzijde loopt, ondanks de aanleg van de zandwinplas en de sportvelden, op enkele plaatsen nog door tot over de Ridderstraat. Langs de Oranjestraat (zie bouwsteen verdichten van de Oranjestraat) is de bebouwing vanuit Gilze in de loop der jaren opgetrokken tot bijna aan het buurtschap aan de Biestraat. Enkele zichtlijnen laten nog zien waar de grens ligt en maken van de Biestraat een ‘eigen gehucht’.

figuur 1: bodemkaart

figuur 2: wegenstructuur, bebouwing en bosschages omstreeks 1910

Deze zichtlijnen vinden we vanuit cultuurhistorisch en landschappelijk oogpunt waardevol om te behouden. De openheid aan beide kanten van het lint blijft zo nog net zichtbaar. Andere karakteristieken van het buitengebied van Gilze zijn de ruimtelijke structuur van buurtschappen, die van oudsher als kring rondom Gilze ligt en het beekdal van de Wouwerbeek. Behoud karakteristiek van het landschap Op het landschap ten zuiden en westen van Gilze zijn we zuinig. We willen de karakteristiek van het landschap overeind houden. Daarnaast vormt de zachte, geleidelijke overgang tussen bebouwde kom en buitengebied een belangrijke kwaliteit. Vanaf het centrum is het buitengebied hemelsbreed slechts 200 meter verwijderd. Deze twee kernwaarden staan bij de ontwikkeling van Gilze-Zuid voorop. Om te kunnen voorzien in de toekomstige woonbehoefte wijzen we twee uitbreidingslocaties voor woningbouw aan. Daarnaast zetten we in op kleinschalige, organische ontwikkelingen die aansluiten op de landschappelijke karakteristiek. Het is belangrijk om flexibel te kunnen zijn en in te kunnen spelen op nieuwe (markt)ontwikkelingen. Daarom wijzen we geen locaties aan voor de kleinschalige ontwikkelingen, maar wijzen we juist aan welke bestaande kwaliteiten we belangrijk vinden en willen behouden.

figuur 3: wegenstructuur, bebouwing en bosschages omstreeks 2015

figuur 4: ten westen van Gilze wordt het landschap gekenmerkt door haar openheid (in geel aangegeven), ten zuiden heeft het landschap een kleinschaliger beeld (in groen aangegeven).

41

Om de karakteristiek van het landschap te behouden vinden wij het belangrijk dat: • het reliëf in het landschap (bolle weide- en akkercomplexen) wordt behouden; • de bestaande structuur in het landschap gevormd door de wegen-, water- en groenstructuur wordt behouden en/of hersteld. Het fijnmazige padennetwerk behouden blijft, en waar mogelijk uitgebreid of hersteld wordt; • de radiale wegenstructuur vanuit de kern niet volgroeit met bebouwing. Zo voorkomen we dat het buitengebied dichtslibt met bebouwing; • het kleinschalige karakter van het landschap behouden blijft. De vele bomenrijen en andere landschapselementen zoals de Wouwerbeek maken Gilze-Zuid tot een kleinschalig landschap met zijn eigen landschappelijke kwaliteiten.

1910

• het snoer van buurtschappen, dat als het ware in een kring rondom Gilze ligt, intact blijft en de kenmerkende ruimtelijke structuur van buurtschappen en erven behouden blijft. Belangrijk hierbij is dat we het kleinschalige karakter van de buurtschappen, erven en landschap behouden. We willen dat de buurtschappen en erven ruimtelijk zelfstandig blijven liggen en dus niet vastgroeien aan andere buurtschappen, erven, bebouwingslinten, bebouwingsclusters of de bebouwde kom; • de buurtschappen, erven en nieuwe woningbouwontwikkeling worden ontsloten door middel van een ontsluiting langs de zuidrand van Gilze. Belangrijk hierbij is dat de verkeersontsluiting zorgvuldig wordt ingepast in het kleinschalige karakter van het landschap en de bestaande wegenstructuur.

1947

2012

De lintbebouwing aan de Oranjestraat is steeds verder gegroeid, bijna tot aan het buurtschap. Anno 2014 rest er een nauwe groene ruimte tussen het buurtschap en de bebouwde kom van Gilze. We willen voorkomen dat de buurtschappen -middels de linten- vastgroeien aan Gilze.

Gilze-zuid

Erven behouden en ruimtelijk zelfstandig houden. Erven

Buurtschappen behouden en ruimtelijk zelfstandig houden. Buurtschappen behouden en ruimtelijk zelfstandig houden Behouden en versterken van fijnmazig padennetwerk. Behouden en versterken van fijnmazig padennetwerk

Groene buffer voorkomt dat er nieuwe Groene buffer voorkomt dat er nieuwe bebouwingsbebouwingsclusters tegen de bebouwde van clusters tegen de bebouwde kom van Gilzekom aangeGilze aangebouwd worden. bouwd worden. Behouden “groene inprikkers” tot aan het centrum Behouden “groene inprikkers” tot aan het centrum vanGilze. Gilze. van

Radiale wegenstructuren vanuit de kern niet volRadiale wegenstructuren niet volgroeien met bebougroeien met bebouwing. wing

Behouden en versterken kleinschalig karakter van Behouden en versterken kleinschalig karakter van het het landschap. landschap

35 Ke contour

De kwaliteiten van Gilze-Zuid. We willen dat nieuwe woningbouwontwikkelingen deze kwaliteiten versterken.

Om de zachte en geleidelijke overgang te behouden vinden we het belangrijk dat: • er geen nieuwe kleinschalige bebouwingsclusters of nieuwe bebouwingslinten tegen de bebouwde kom van Gilze aangebouwd worden. We zien kansen voor het verkleinen van de impact op het buitengebied, door sommige harde bebouwingsranden van het dorp te verzachten. Om de randen beter in te passen, denken we aan het gebruik van landschapselementen;

• de groene inprikkers, die bijna tot in het centrum lopen, intact blijven. Ook bij nieuwe ontwikkelingen vinden we het belangrijk dat deze groene inprikkers direct in contact staan met het buitengebied.

Bouwstenen verdichting van de buurtschappen

1. de buurtschappen vormen een herkenbare ruimtelijke eenheid in het buitengebied. Het buurtschap bestaat uit een aaneengesloten groep gebouwen die georiënteerd zijn op de weg. Op sommige plekken zijn doorzichten naar het buitengebied achter het buurtschap. Vanuit het landschap wordt het buurtschap ervaren als kleine clusters van gebouwen achter een robuuste groene rand. 2. binnen de buurtschappen liggen mogelijkheden voor verdich-

ting. Er kunnen woningen toegevoegd worden op de open plekken binnen het buurtschap. Uitgangspunt hierbij is dat de doorzichten naar buiten toe behouden blijven, en dat de nieuwe woningen georiënteerd zijn op de weg.

Bouwstenen herontwikkeling van de erven. 1. De bestaande erfbebouwing wordt omlijst door een robuuste groene rand. Het boerenerf bestaat uit een groep gebouwen rond een verhard erf. De ordening van de gebouwen is van oudsher functioneel en praktisch. Het woonhuis bevindt zich aan de straatzijde.

2. Bij herontwikkeling wordt de bestaande footprint en waardevolle bebouwing van het erf gerespecteerd. De robuuste groene rand wordt behouden en waar nodig versterkt.

3. De herontwikkeling van het erf is geïnspireerd op het boerenerf. De woningen zijn geordend rondom een verhard erf. Waar mogelijk staat één woning georiënteerd op de weg. Dit kan het oude woonhuis zijn, maar het kan ook nieuwbouw zijn.

45

Inbreiding voor uitbreiding; bouwstenen voor ontwikkelingen ‘Bouwen naar behoefte’ en ‘inbreiden voor uitbreiden’ is een overkoepelend thema voor alle woningbouwontwikkelingen in de gemeente Gilze en Rijen. Dit wil zeggen, dat er eerst gezocht wordt naar woningbouwlocaties binnen het stedelijk gebied, voordat naar nieuwe uitbreidingslocaties wordt gekeken. Dit principe passen we ook toe op Gilze. Eerst wordt gekeken naar de verdichtingsmogelijkheden van buurtschappen en/of herontwikkeling van bestaande erven. Pas daarna wordt gekeken naar nieuwe locaties. Op de visiekaart Gilze zijn de grootschalige uitbreidingslocaties voor woningbouw met meer dan 30 woningen vastgelegd. De bouwstenen voor kleinschalige ontwikkelingen geven een handreiking voor de herontwikkeling van de erven, verdichting van de buurtschappen en het verdichten van de Oranjestraat. Bouwstenen verdichten van de Oranjestraat De Oranjestraat, die doorloopt vanaf het Bisschop de Vetplein tot aan de Biestraat, is één van de linten, waarlangs het dorp is ontstaan. De stedenbouwkundige structuur van de Oranjestraat bestaat uit drie delen, zie onderstaande afbeelding. Om te voorkomen dat de Oranjestraat langzaam helemaal dichtslibt met bebouwing hanteren we de volgende uitgangspunten: 1. buurtschap de Biestraat blijft zelfstandig liggen en groeit niet vast aan het bebouwingslint Oranjestraat.

De openheid in de overgangszone tussen buurtschap de Biestraat en bebouwingslint Oranjestraat is vanuit cultuurhistorisch en landschappelijk oogpunt waardevol om te behouden. De openheid mag niet worden aangetast door verdichting met bebouwing;

2. de karakteristiek van de stedenbouwkundige structuur van de Oranjestraat blijft behouden en wordt waar nodig versterkt. Om de ruimtelijke kwaliteit van de stedenbouwkundige structuur te behouden wordt de Oranjestraat in het buurtschap de Biestraat (deel C) niet verdicht, wordt de Oranjestraat in het bebouwingslint Oranjestraat (deel B) onder voorwaarden verdicht en kan de Oranjestraat binnen de bebouwde kom maximaal worden verdicht (deel A). Voor het verdichten van het bebouwingslint Oranjestraat (deel B) geldt dat er alleen bebouwing kan worden toegevoegd, mits er minimaal één doorzicht naar buitengebied blijft behouden, de nieuwe bebouwing georiënteerd is op de weg en de bouwdiepte van het bouwperceel gelijk is met de aangrenzende percelen.

47

Toelichting afbeelding: De stedenbouwkundige structuur (deel A, B en C) van de Oranjestraat is met een donker bruine pijl aangeduid. De grijze stippel pijl duidt de plek aan waar het bebouwingslint Oranjestraat via een open plek overgaat in het buurtschap van de Biestraat. We vinden dit vanuit cultuurhistorisch en landschap-

pelijk oogpunt waardevol om te behouden. De doorzichten vanaf de Oranjestraat naar het achterliggend gebied zijn met een groene vlak aangeduid. Het bestaand bebouwd gebied van Gilze is met een lichtgrijs vlak aangeduid. Het transparante witte vlak met gestippelde bruine lijn is 35 Ke contour.

Verkeersontsluiting Gilze-Zuid Typerend voor de radiale wegenstructuur van Gilze is dat het verkeer via het centrum van het dorp geleid wordt. Met de komst van enkele nieuwe woningbouwlocaties, zal de verkeersintensiteit van de wegen niet buitenproportioneel toenemen. Desalniettemin streven we naar een gebiedsontsluiting van Gilze-Zuid, die de radiale wegenstructuur binnen de bebouwde kom van Gilze zoveel mogelijk ontziet. Daarom zetten we in op de bestaande aansluiting van het wegensysteem van Gilze-Zuid op respectievelijk de Langenbergseweg in het oosten (de N260) en de Biesstraat/Chaamseweg in het westen. Afhankelijk van het aantal en de locatie van de erven/buurtschappen die herontwikkeld zullen worden, zal de infrastructuur verbeterd moeten worden. Uitgangspunt is: behoud van de kleinschalige landschapskarakteristiek van Gilze-Zuid.

Verbeteren bereikbaarheid Gilze-Zuid. De rode cirkel geeft de te verbetere aansluiting van de kruising aan.

49

3.2. Hoofdkeuzes voor Rijen 3.2.1. Ontstaansgeschiedenis en opbouw Rijen

Rijen is van oudsher een agrarisch lintdorp, ontstaan aan de route die we nu kennen als Julianastraat, Stationsstraat, Hoofdstraat en Dongenseweg. Deze centrale as ligt precies op de rand van de hooggelegen (drogere) zandgronden en de lager gelegen (moerige) beekdalgronden. Het verschil in grondwaterstanden vinden we terug in de oorspronkelijke verkaveling, beplantingen en bebouwing van Rijen. Naast de landbouw kwam in de 19e eeuw de leerlooierij in zwang; toen nog uitgeoefend als nevenactiviteit op de boerderij. De ingebruikname van de spoorlijn Breda-Tilburg in 1863 gaf aanleiding tot een professionaliseringsslag van de leerproductie. In de loop van de 20e eeuw werd Rijen meer en meer een industriedorp, waarbij er steeds grotere en professionelere (leer)fabrieken gebouwd werden.

Het moderne Rijen van na de Tweede Wereldoorlog staat in het teken van planmatige groei. Deze groei concentreerde zich eerst westwaarts (richting boswachterij Dorst) en later oostwaarts (richting het natte bekenlandschap van de Grote en Kleine Lei). Deze groeigeschiedenis maakt dat Rijen onder te verdelen is in drie zones, met elk een eigen herkenbaar ruimtelijk karakter. Het betreft de volgende zones: • Het oude lint • Rijen-West • Rijen-Oost Op de volgende pagina’s wordt de ruimtelijke karakteristiek van deze zones nader beschreven.

De centrale as (Julianastraat, Stationsstraat, Hoofdstraat) transformeerde langzaam van een agrarisch lint naar een steeds dichter bebouwd lint, met fabrieken op de achterterreinen van de bouwpercelen. Groothandels in leer, en fabrieksvilla’s verrezen nabij het station. Arbeiders woonden in kleine, door fabrikanten gebouwde huizen aan de Hoofdstraat. Later, toen er geen plek meer was aan het lint, werden ook de zijstraten bebouwd. In de bodemkaart zien we een duidelijk onderscheid in bodemsoort tussen de natte gronden in het oosten en de hoge bosgronden in het westen.

51

Het oude lint De centrale as is van historisch belang. Hierlangs is Rijen ontstaan. De eerste uitbreidingen van Rijen vonden plaats langs dit lint. De centrale as was bepalend voor de bereikbaarheid, de stedenbouwkundige ontwikkeling en de functies in Rijen. Ook de naoorlogse uitbreidingswijken hingen in eerste instantie aan de centrale as.

Oude ansichtkaart (1956) Stationsstraat (het oude lint)

Ruimtelijke opbouw van Rijen

1) Rijen is ontstaan als lintbebouwing op de grens van de hoger gelegen bosgronden in het westen en de lagere natte gronden in het oosten.

2) In de loop der tijd verdichtte het lint. Hierbij ontstond kleinschalige leerindustrie, vaak als nevenfunctie van het boerenbedrijf.

In de loop der tijd zijn aan deze route allerlei fraaie panden en fabrieken gebouwd. Er is een mix te zien van allerlei cultuurhistorisch waardevolle gebouwen zoals de kerk en een aantal monumentale villa’s, ook nieuwere ontwikkelingen zoals het Wilhelminaplein, het winkelcentrum de Laverije en de voormalige behangfabriek Goudsmit-Hoff. Maar er zijn ook allerlei minder zichtbare plekken waar we trots op kunnen zijn, zoals de fabrieksterreinen gelegen achter de lintbebouwing. Hoewel er op deze achterterreinen veel verouderde loodsen staan, staat er ook een aantal bijzondere en kenmerkende industriële gebouwen bij.

53

3) Met de komst van de spoorlijn ondergaat de leerindustrie een professionaliseringsslag. Er ontstaan grootschalige fabrieken achter het lint.

4) Na de Tweede Wereldoorlog groeit Rijen erg snel. Achter het lint ontstaan woonwijken. De woonwijk ten westen van het lint wordt letterlijk uit het bos gekapt. De bossfeer is hier nog steeds aanwezig. De woonwijk ten oosten van het lint heeft dankzij de oude routes vanuit het lint richting het buitengebied een relatie met dit open landschap.

Rijen-West Voor de bouw van Rijen-West is het bos van boswachterij Dorst letterlijk uitgekapt. Dit is terug te zien in het straatbeeld van deze wijk. Op veel plekken zijn er beplantingstroken die doen denken aan het naastgelegen bos. Dichte bosschages met sparren, eiken en berken, waarbij de bomen vaak onregelmatig geordend zijn (in plaats van in een rechte lijn). Ook de vele bomen met ondergroei ademen nog de bossfeer. Meer naar het oosten neemt deze bossfeer geleidelijk af, want hier stond van oorsprong geen bos. In dit gedeelte van de wijk staan andere boomsoorten, zoals de Gewone Esdoorn, Robinia, Zwarte Elzen en Haagbeuk.

Pinus sylvestris (grove den)

Quercus robur (zomereik) en Pinus sylvestris (grove den)

Pinus sylvestris (grove den) en Quercus robur (zomereik)

Rijen-Oost Rijen-Oost ligt ingeklemd tussen het oude lint in het westen en het open bekenlandschap in het oosten. Kenmerkend voor het noordelijke deel van de wijk is dat de autoroutes op veel plekken zijn losgekoppeld van de langzaamverkeersroutes. De langzaamverkeersroutes vallen samen met de hoofdgroenstructuur van de wijk (zoals bij de Laagstraat en de Kloosterstraat). Opvallend is dat op veel plekken de woningen met de achterzijde aan deze groenstructuur grenzen. Hierdoor is het sociaal toezicht beperkt. De woningen zijn veelal geordend in hofjes, waarbij ze vaak met de voordeur grenzen aan de weg (of het woonerf) en met de achterzijde aan een groene ruimte. De wijk wordt omzoomd door flinke groene randen, waardoor er nauwelijks contact is tussen wijk en omliggend buitengebied. Waar (historische) routes liggen, wordt het introverte karakter van de wijk enigszins doorbroken. Vanuit de Hoofdstraat loopt een aantal routes (zoals de Marijkestraat, de Tuinstraat/Zwarte Dijk en de Mosstraat/Wolfsweidelaan/Hoeksestraat) richting het buitengebied ten oosten van de wijk. Meer zuidelijk (bij de nieuwbouwwijk de Vliegende Vennen en bij de naoorlogse bebouwing rondom de Marijkestraat en Tuinstraat) is de stedenbouwkundige opbouw anders. Hier vormt het wegenpatroon, aangevuld met hier en daar een parkje, de hoofdopzet van de wijk.

55

Ruimtelijke opbouw van Rijen-Noordoost

3.2.2. Visiekaart Rijen

Deelgebied Rijen-Oost

Accentueren entree bebouwde kom als groene, dorpse entree

Deelgebied Rijen-Oost: Groene wijken in contact met het aangrenzende open landschap Deelgebied het oude lint: herkenbaar lint als identiteitsdrager Deelgebied Rijen-West: versterken en uitbreiden bossfeer

Legenda Rijen

Verbinding met het buitengebied via historische (lint)structuur. Behouden en versterken dorps en groen karakter. Infrastructuur

Behouden en versterken structuurgroen

Hoofdwegenstructuur Deelgebied Rijen Oost: Groene wijken in contact met het aangrenzende open landschap

Wijkontsluitingsroute

Deelgebied het oude lint: herkenbaar lint als identiteitsdrager Deelgebied Rijen West: versterken en uitbrei-

Potentiële herstructureringslocatie den bossfeer - draagt bij aan versterken identiteit (industrieel verleden) - relatie met lint

Deelgebied het oude lint

Nieuwe ontsluitingsroute Spoorzone - Zuid

Infrastructuur Nieuwe hoofdfietsroute (regionaal fietsnetwerk)

Hoofdwegenstructuur

Bestaande hoofdfietsroute (regionaal fietsnetwerk)

Relatie met het landschap achter de bebouwing

Wijkontsluitingsroute

Nieuwe lokale fietsroute (ondersteunend fietsnetwerk)

Nieuwe ontsluitingsroute Spoorzone - fietsnetwerk) Zuid Bestaande lokale fietsroute (ondersteunend Nieuwe en bestaande bebouwing sluit aan op maat, schaal en karakter lint Nieuwe spoorlijn Oosterhoutseweg Nieuweonderdoorgang hoofdfietsroute (regionaal fietsnetwerk)

Deelgebied het oude lint

Centrum Relatie met het landschap achter de bebouwing - openbare ruimte als verblijfsgebied - auto te gast - compact winkelgebied Nieuwe en bestaande bebouwing sluit aan op maat, schaal en karakter lint

Bestaande hoofdfietsroute (regionaal fietsnetwerk) Oversteekmogelijkheid spoorlijn langzaamverkeer

Nieuwe lokale fietsroute (ondersteunend fietsnetwerk) Bestaande lokale fietsroute (ondersteunend fietsnetwerk)

Stationszone behoud grote maat en schaal van Centrum bebouwing - openbare ruimte als verblijfsgebied - auto te gast

Behoud- compact mix woon-werk functies winkelgebied

Nieuwe onderdoorgang spoorlijn Oosterhoutseweg

Ontwikkeling tweezijdig station Potentiële herstructureringslocatie - draagt bij aan versterken identiteit (industrieel verleden) - relatie met lint

Oversteekmogelijkheid spoorlijn langzaamverkeer Ontwikkeling tweezijdig station

Herontwikkeling en intensiveren aan het lint vanwege de spoor onderdoorgang

Fysieke langzaamverkeersverbinding tussen noordzijde Onderdoorgang en zuidzijde station

Hoogwaardige openbare ruimte brengt samenhang en vormt verbinding tussen stationszone en Stationsstraat

Deelgebied Rijen Oost

Accentueren entree bebouwde kom als groene, dorpse entree

Behoud doorstroming mix woon-werk functies Afslag ter verbetering Stationszone: behoud grotere maat en schaal van bebouwing

Deelgebied Rijen-West Verbinding met het buitengebied via historische en uitbreiden bossfeer, in drie gradaties: (lint)structuur.Versterken Behoud en versterken dorps en groen karakter. I bestaande bossfeer behouden en versterken

Ontwikkelingsgebied gemengde functies / PDV

II bossfeer versterken en uitbreiden III waar mogelijk bossfeer versterken I

III

Versterken en behouden structuurgroen

Versterken bossfeer bij hoofd structuur

II

Deelgebied Rijen West

Potentiële herstructureringslocatie waarbij nieuwe ontwikkelingen bijdragen aan het

Versterken en uitbreiden bossfeer, in drie gradaties: versterken van de bossfeer I bestaande bossfeer behouden en versterken II bossfeer versterken en uitbreiden III waar mogelijk bossfeer versterken

Accentueren entree Mary Zeldenrustlaan - hoogteaccent aan westzijde - landschappelijke karakter aan oostzijde

Uitbreidingslocatie woningbouw OOR-zone, waarbij: - de bestaande historische structuur vrij blijft liggen - de oostelijke ontsluitingsroute vrij ligt van de uitbreidingslocatie

Wijkvernieuwing Rijen-Zuid (Militaire wijk)

III

I II

Versterken bossfeer tpv hoofdstructuur

Potentiële herstructureringslocatie waarbij nieuwe ontwikkelingen bijdragen aan het versterken van de bossfeer.

Representatieve en groene uitstraling route en bedrijfspanden

Gebiedsontwikkeling aerospace & maintanance campus

Lange termijn reservering woningbouw

3.2.2. Herwaardering van de centrale as als identiteitsdrager oodzake l en

id

nieuw

le

dige cen t

he ijk

n ve

ra

rke schakels ste

Het belang van de centrale as voor de autobereikbaarheid is in de laatste 15 jaar afgenomen, dankzij een veranderde verkeersstructuur. De nieuwe verkeersstructuur wordt (naast de N282 en de N631) gevormd door de Hannie Schaftlaan als Oostelijke Ontsluitingsroute en de oost/westas Mary Zeldenrustlaan – Spoorlaan Noord – Rembrandtlaan – Nassaulaan. We kiezen voor een soepele verkeersafwikkeling via de nieuwe route, zodat er ruimte ontstaat voor herwaardering van de centrale as. We willen de ruimtelijke kwaliteit van de as verbeteren. Hierbij richten we ons op drie verschillende pijlers, te weten: • Verbetering van de openbare ruimte; • Behoud en versterking van het karakter van de lintbebouwing; • Herontwikkeling van de voormalige fabrieksterreinen, waarbij het industriële verleden van de plek, waar mogelijk, zichtbaar gemaakt wordt. Op de volgende pagina’s wordt nader ingegaan op elk van deze pijlers.

De autobereikbaarheid is gekanteld richting een nieuwe verkeersstructuur. Hierdoor is de verkeersfunctie van de centrale as afgenomen.

Verbetering openbare ruimte De kwaliteit van de openbare ruimte aan de centrale as willen we verbeteren. Nu de doorgaande verkeersfunctie van deze route kan worden verminderd, is het verblijfsklimaat nog niet direct goed. De inrichting van de weg is erg gericht op verkeersafwikkeling, met verkeersremmende maatregelen, veel verharding en weinig ruimte voor de voetganger. We willen dat de inrichting van de centrale as meer gericht is op verblijf. Ze krijgt een gerichte bereikbaarheid, wordt een herkenbare lijn met een inrichting en groenstructuur die dit accentueren. Hierbij past ook meer groen in de openbare ruimte. In paragraaf 3.2.3. wordt nader ingegaan op de inrichting van de openbare ruimte van het lint.

59

Behoud en versterking van het karakter van de lintbebouwing. De centrale as is, wat betreft beeld en gebruik, geen homogene lijn. De lijn is in de loop der jaren op verschillende manieren opgebouwd. Voor de toekomst is het van belang om deze verschillen te blijven zien en ze te versterken. We maken onderscheid tussen drie sferen in de centrale as, te weten: • Laan: de groene entree van Rijen, komende vanuit het zuiden. Hier is het dwarsprofiel breder en is er extra ruimte voor bomen. De fotoreeks op pagina 59 geeft een weergave van de kenmerkende kwaliteiten van dit deel van het lint. • Centrum: hier is het lint op zijn dichtst. Dat wil zeggen dat de ruimte tussen de gevels hier het kleinst is en de bebouwingsdichtheid het hoogst. De bebouwing is divers, zowel qua architectuur als materiaalgebruik. In dit deelgebied bevinden zich de belangrijkste voorzieningen, zoals: winkels, het Wilhelminaplein en de Maria Magdalenakerk. De fotoreeks op pagina 60 geeft een weergave van de kenmerkende kwaliteiten van dit deel van het lint. • Dorpsstraat: de bebouwingskorrel van het lint is wat losser en loopt langzaam over in het buitengebied. De fotoreeks op pagina 61 geeft een weergave van de kenmerkende kwaliteiten van dit deel van het lint.

Dorpslint

Centrum

Laan

De drie sferen in de centrale as

Kenmerkende kwaliteiten van de Laansfeer

61

Kenmerkende kwaliteiten van de centrumsfeer

Kenmerkende kwaliteiten van de Dorpslint-sfeer

63

De eigen dynamiek en verschijningsvorm van het lint is door de jaren heen ontstaan. Het lint vertelt als het ware het verhaal van Rijen. Hierop zijn we zuinig. Nieuwe ontwikkelingen worden zorgvuldig ingepast, en leveren een bijdrage aan de kwaliteiten van het lint. We stellen daarom een aantal voorwaarden aan nieuwe ontwikkelingen: • Maximaal 3 bouwlagen hoog (inclusief kap); • Rondom het Wilhelminaplein mag afgeweken worden van de maximum bouwhoogte en van de individuele bebouwingskorrel. Een incidenteel hoogteaccent van 4 bouwlagen is hier voorstelbaar; • Geleding van de bebouwing, zodat de individuele korrelgrootte van de bebouwing benadrukt wordt; • Verspringing van de rooilijnen; • Gebouwen hebben bij voorkeur een kap. Per deelgebied zijn er accentverschillen. Deze accentverschillen worden in voorgaande fotoreeksen beschreven. Bij nieuwe ontwikkelingen moet in het ontwerp aangetoond worden hoe met deze accentverschillen is omgegaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9619134/1