CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

ap 5 raadsvoorstel inzake vaststellen beleidskader inburgering

Raadscommissie Samenleving 14 april 2021, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Ontwerp-raadsvoorstel inzake het vaststellen van het "Beleidskader statushouders en inburgeraars".2.199 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raadsvergadering: Behandelend medewerker: Cluster: Afdeling

29 april 2021 Jenna De Vries

Agendapunt: Portefeuillehouder:

wethouder Zwarts

Sociaal Beleid Sociaal Beleid

Programma:

Sociaal Domein

Voorstel tot het vaststellen van het beleidskader inburgering

1. Samenvatting Aanleiding: Per 1 januari 2022 worden gemeenten verantwoordelijk voor de nieuwe Wet inburgering. In deze wet staat het zo snel mogelijk integreren en participeren in de samenleving centraal, het liefst via betaald werk. Wij bereiden ons op dit moment voor op de nieuwe wet. Het beleidskader geeft het kader van hoe de gemeente uitvoering wil geven aan de nieuwe Wet inburgering. Dit doen wij lokaal met het uitvoeren van de ketenaanpak en versnelling van participatie van statushouders. Daarnaast draait er in de arbeidsmarktregio Midden-Brabant een regionale pilot Inburgering +, waarin gemeenten in de arbeidsmarktregio Midden-Brabant hebben verkend hoe zij de verschillende wettelijk verplichte taken van de nieuwe Wet inburgering willen gaan organiseren; wat gemeenten zelf doen, wat door derden en op welk schaalniveau. Dit is vastgelegd in een startnotitie die in juli 2020 is vastgesteld door alle colleges. Op basis van de regionale startnotitie is ter verdieping dit beleidskader opgesteld waarin de kaders van de nieuwe wet en onze te organiseren lokale dienstverlening zijn vastgelegd. In het beleidskader beschrijven we hoe we de regierol van de gemeente willen vormgeven, de lokale aanpak die is ontwikkeld en welke uitgangspunten we hierbij hanteren.

Gevraagde beslissing: Het beleidskader inburgering vast te stellen Beoogd effect: De gemeente is per 1 januari 2022 goed voorbereid op de uitvoering van de wettelijk verplichte taken van de nieuwe wet inburgering. De gemeente heeft een lokale ketenaanpak om inburgeraars zo snel mogelijk laten integreren. Daarnaast worden de onlangs ontwikkelde ketenaanpak integraal ingezet op de huidige groep statushouders die afhankelijk is van een Participatiewet-uitkering, zodat zij goed kunnen integreren en zo snel mogelijk uit de bijstand kunnen treden. 2. Onderbouwing, aanpak, uitvoering Met het vaststellen van het beleidskader, stemt de gemeenteraad in met de volgende beleidskeuzes. 1.

Met actieve inzet op de huidige groep statushouders vergroten we de kans dat zij beter en sneller betaald werk krijgen. In 2020 is de gemeente gestart met de ketenaanpak en versnelling statushouders die nog onder de wet inburgering 2013 vallen. Daarmee liepen we vooruit op het ingaan van de Wet inburgering 2022. De ketenaanpak ondersteunt statushouders die afhankelijk zijn van een Participatiewet-uitkering richting werk of meest haalbare vorm van participatie. RS21.00040 RS21.00040 Zaaknummer: 314913

Binnen de ketenaanpak is er aandacht voor de zelfredzaamheid en het creëren van een stabiel leven van de statushouders, zodat zij de ruimte voelen om zich in te zetten voor hun integratie (op de arbeidsmarkt). Naar onze overtuiging sluit de ketenaanpak goed aan op de ambities van de nieuwe Wet inburgering. Een gestructureerde effectmeting heeft nog niet plaatsgevonden, maar eerste resultaten uit de praktijk laten zien dat de ketenaanpak een positieve invloed heeft op een snellere en betere toeleiding naar (betaald) werk. We willen deze intensieve begeleiding vanuit de gemeente graag vervolgen en zo passende participatieactiviteiten aanbieden die aansluiten op de mogelijkheden en behoeftes van deze inwoners. De uitvoering van de ketenaanpak past binnen het budget dat beschikbaar is voor integratie in 2021. 2.

Het is logisch om de ketenaanpak en de verplichte wettelijke taken die de gemeente krijgt binnen de nieuwe wet inburgering op elkaar aan te laten sluiten.

We willen de ketenaanpak actief inzetten voor de mensen die vanaf 1 januari 2022 in onze gemeente komen wonen en onder de nieuwe wetgeving vallen. Zo kan deze groep profiteren van de ervaring die in 2020 en 2021 met de ketenaanpak is opgedaan en de voorzieningen die daarbinnen zijn opgezet. We zorgen ervoor dat de ketenaanpak voldoet aan de wettelijk verplichte taken die de gemeente krijgt toegewezen onder de nieuwe wet Inburgering. Het aan laten sluiten van de ketenaanpak op de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering is logisch en efficiënt, aangezien de inburgeringsplichtigen die na 1 januari 2022 in de gemeente worden geplaatst, hiermee als voordeel hebben dat zij direct worden meegenomen in een aanpak die al is getoetst en geïmplementeerd in de praktijk. 3.

Met de lokale uitgangspunten concretiseren we de ambities van de nieuwe Wet inburgering, waardoor de gemeente en samenwerkingspartners werken vanuit dezelfde visie en aanpak.

Het beleidskader bevat lokale uitgangspunten die de gemeente belangrijk vindt voor onze dienstverlening aan statushouders en inburgeraars. Deze uitgangspunten gelden als handvatten voor de ontwikkeling en uitvoering van onze aanpak in de praktijk. De lokale uitgangspunten passen binnen de ambities van de nieuwe Wet inburgering en zijn opgesteld op basis van de opgedane inzichten in de uitvoering van de Ketenaanpak, ervaringen uit regionale pilots en gesprekken met statushouders. Vanuit de nieuwe Wet inburgering ligt de focus sterk op taal en participatie. Dit breidt de gemeente uit in de uitgangspunten door empowerment van statushouders en het creëren van een stabiele leefomgeving belangrijke bouwstenen te maken van integratie. Daarnaast start de gemeente vroegtijdig en zetten we in op integrale doorlopende trajecten, waarin we optimaal gebruik maken van ervaren professionals en goed begeleide vrijwilligers. De uitgangspunten dragen eraan dat zowel collega’s intern als externe maatschappelijke partners een gezamenlijke verantwoordelijkheid voelen en werken vanuit dezelfde visie om een snelle en goede integratie van statushouders te realiseren. 4.

Met de deelname aan de regionale pilot inburgering+ benutten we de voordelen van samenwerking, kennisdeling en inkoop op diverse onderdelen van de nieuwe Wet inburgering.

Om per 1 januari 2022 te kunnen voldoen aan de wettelijke verplichte taken, achten we het noodzakelijk en van meerwaarde om op diverse onderdelen van de nieuwe Wet inburgering regionaal samen te werken en kennis te delen met regiogemeenten. Inburgering+ richt zich op de inburgeraars die vanaf 2022 onder het inburgeringsstelsel vallen en loopt parallel aan de ketenaanpak.

2

We benutten de samenwerking en kennis in de regio op de volgende onderdelen: - een werkwijze voor aankomst in de gemeente, waaronder huisvesting, praktische hulp en financieel ontzorgen - de brede intake en het Plan voor integratie en participatie (PIP) - de leerroutes, bestaande uit de oriëntatiefase de Onderwijsroute, de B1-route of de Z-route Het brede intakeprogramma en de leerroutes worden regionaal ingekocht, zodat de gemeente gebruik kan maken van de (financiële) schaalvoordelen van de regionale inkoop en de kennis en ervaring van regiogemeenten. De organisatie en inkoop van leerroutes start in februari 2021. Op de overige onderdelen benutten we de kennis en ervaringen van regiogemeenten. We doen lokaal wat kan en regionaal wat noodzakelijk is. 5.

Adviezen van de adviesraad worden verwerkt en meegewogen in het beleidskader

De feedback vanuit de Adviesraad Gilze en Rijen is doorgevoerd in het beleidskader waar dit passend is. Overige feedback wordt meegenomen in de verdere uitwerking van het uitvoeringsplan. 3. Alternatieven Een alternatief voor het instemmen met de lokale uitgangspunten en de voortzetting van de ketenaanpak, is dat de gemeente alleen de wettelijk verplichte taken uitvoert behorende bij de nieuwe Wet inburgering. Dit betekent dat de huidige groep statushouders die nu een Participatie-uitkering krijgen niet worden begeleid vanuit de gemeente en dat de groep inburgeringsplichtigen die na 1 januari 2022 in de gemeente komen niet profiteren van de al bestaande ketenaanpak en de voorzieningen die hierbinnen zijn opgezet. Een keuze kan zijn om daarmee te stoppen, maar de praktijk leert dat enkel motiveren om participatieactiviteiten te gaan ondernemen, niet afdoende is om statushouders op weg te helpen richting integratie en zelfredzaamheid. Alternatief voor inburgering+ is dat de gemeente diverse onderdelen, zoals de leerroutes lokaal moet organiseren. Dit zal qua schaalgrootte en financiering niet efficiënt zijn. Daarnaast doet de gemeente niet mee met de trajecten en pilots rondom huisvesting en participatie die regionaal worden ontwikkeld.

Wat betekent dat de gemeente geen gebruik maakt van opgedane kennis en ervaring uit deze pilots en dat zij het proces van huisvesting en toeleiding naar participatie zelfstandig moet gaan organiseren. 4. Lasten, baten en dekking De begroting van de uitgaven voor de inburgeringsvoorzieningen is op dit moment nog omgeven door onzekerheden, zoals: • De inburgeringstrajecten die we voor de nieuwe wet moeten inkopen bestaan voor het grootste aandeel uit nieuwe producten, waardoor we de prijs van deze producten niet kunnen baseren op historische gegevens uit de markt. • Aan de inkomstenkant bestaat er onzekerheid over de budgetten die in 2021 beschikbaar komen voor statushouders, veroorzaakt door het uitstel van de ingangsdatum van de nieuwe wet. Onderhandelingen tussen de VNG en het ministerie van SZW hierover zijn in volle gang. We hanteren echter onderstaande financiële uitgangspunten voor de dekking van de Ketenaanpak en Inburgering+: 1. De te ontvangen inkomsten van het Rijk voor de nieuwe taken voor inburgering zijn het financiële kader waar we ons aan vasthouden. 2. Taken die we al hadden op inburgering en participatie blijven we financieren uit daarvoor bestemde budgetten. Er is een financiële prognose gemaakt waaruit blijkt dat het huidige budget voor re-integratie en inburgering toereikend is. 3

Kosten We verwachten eenmalige kosten voor een nieuwe module Inburgering voor klant-volgsysteem ICT/IV. We verwachten structurele kosten voor het uitvoeren van de nieuwe inburgeringswet, en taken die nieuw zijn in 2022 in de Ketenaanpak. Dekking De te ontvangen inkomsten van het Rijk voor de nieuwe taken voor inburgering zijn het financiële kader waar we ons aan vasthouden. Deze inkomsten zijn nog niet vastgesteld. Structurele middelen We ontvangen structurele middelen voor de Organisatiekosten en voor de Inburgeringsvoorzieningen. • De middelen voor de Organisatiekosten worden benut voor het organiseren van de uitvoering, zoals formatie of uitvoeren van de brede intake. Dit is een vast bedrag per gemeente, gebaseerd op aantal inwoners en het aantal personen met een niet-westerse migratieachtergrond. • Voor de Inburgeringsvoorzieningen ontvangen we € 12.713 per inburgeraar. Deze middelen zijn bestemd voor het behalen van de inburgeringsplicht en houden we als budgetplafond per inburgeraar. De uitvoering van de nieuwe taken voor inburgering worden gedekt uit deze structurele middelen. De gemeenten in de arbeidsmarktregio Midden-Brabant die hierop regionaal samenwerken hanteren dit uitgangspunt.

Eenmalige middelen • Er is eenmalig € 30.000 beschikbaar gesteld door het Rijk (in 2020, overgeheveld naar 2021) voor de aanschaf en implementatie van ondersteunende ICT-systemen voor de ABG-organisatie ten behoeve van gegevensuitwisseling met landelijke ketenpartners (CBS, DUO, COA). Dit budget is opgenomen in de ABG-begroting en wordt volgens de standaard ratio verdeeld over de gemeenten. • Het participatiedeel van de Inburgering+trajecten wordt gedekt vanaf 2022 uit het reïntegratiebudget. Onze ambities hierop passen we aan op het beschikbare budget. • De Ketenaanpak wordt gedekt uit de budgetten die we voor de uitvoering van bestaande taken in het sociaal domein ontvangen en daarvoor al in onze begroting staan. 5. Duurzaamheid n.v.t. 6. Commissiebehandeling PM 7. Relatie ABG-Organisatie Het beleidskader wordt ter vaststelling voorgelegd in alle drie de gemeenten. Al eerder hebben de colleges van de drie gemeenten besloten tot een uniforme ketenaanpak en vaststelling van de regionale startnotitie. Daarnaast zijn de ABG-gemeenten aangesloten bij de regio om de inburgeringstrajecten waarvoor schaalgrootte nodig is, regionaal te organiseren.

4

8. Risico's Na instemmen van de gemeenteraad zal worden overgegaan op het verder door ontwikkelen van de ketenaanpak en inburgering+, waaronder het inkooptraject van de leerroutes. Risico is dat de inburgeringstrajecten die we voor de nieuwe wet moeten inkopen voor het grootste aandeel bestaan uit nieuwe producten. We ondervangen het risico op de financiële aspecten die hiermee samenhangen door financiële uitgangspunten vast te stellen. Een akkoord betekent dat de gemeente een bepaalde commitment geeft voor de uitvoering. De uitvoering van de nieuwe wet vraagt inzet van inburgeringsplichtingen, maatschappelijke partners, maar ook van de gemeente zelf. Daarnaast bestaat het risico dat een maatschappelijke partner haar rol niet goed oppakt en dat het integraal samenwerken met elkaar niet soepel verloopt binnen de ketenaanpak. Hierop moet worden gestuurd. Er worden duidelijke samenwerkingsafspraken gemaakt om dit te voorkomen. Als laatste risico is er nog onduidelijkheid over de hoogte van de budgetten voor statushouders in 2021. Er is geen indicatie dat de basisdienstverlening aan statushouders in 2021 niet kan worden voortgezet. Over aanvullende dienstverlening zullen wellicht later dit jaar keuzes gemaakt worden, afhankelijk van de hoogte van de definitieve budgetten. 9.

Vervolg Planning: Wanneer het beleidskader op 29 april wordt vastgesteld: • Wordt het beleidskader gedeeld met de adviesraad sociaal domein. • Worden de andere gemeenten in de regio geïnformeerd over het genomen besluit. Op regionaal niveau doorlopen we een inkoopproces Leerroutes waarbij we dit najaar hopen een gunning te verlenen aan de taalaanbieders. Communicatie: Wanneer het beleidskader op 29 april wordt vastgesteld: • Wordt het beleidskader gedeeld met de adviesraad sociaal domein; • Worden de andere gemeenten in de regio geïnformeerd over het genomen besluit; • Worden de belangrijkste lokale maatschappelijke partners op hoofdlijnen geïnformeerd over de inhoud van het beleidskader.

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN GILZE EN RIJEN

R.M. (René) Wiersema secretaris

D.A. (Derk) Alssema burgemeester

Bijlage(n): Beleidskader Statushouders en Inburgeraars; versnelling statushouders in de ABGgemeenten Schriftelijk advies vanuit de Adviesraad Gilze en Rijen Schriftelijke reactie op dat advies

5

Agendapunt Vergadering d.d. 29 april 2021. DE RAAD VAN DE GEMEENTE GILZE EN RIJEN;

gezien het voorstel, genummerd RS21.00040, van het college van burgemeester en wethouders; gelet op het bepaalde in de Wet inburgering; besluit: het "Beleidskader statushouders en inburgeraars" vast te stellen.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 29 april 2021. DE RAAD VOORNOEMD, de griffier, de voorzitter,

mr. J.W. Timmermans

D.A. Alssema

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9943981/1