ap 4 verslag commissie Samenleving d.d. 27-01-2021 + actielijst
Tekst van het document
VERSLAG van de openbare digitale vergadering van de raadscommissie Samenleving, gehouden op 27 en 28 januari 2021. voorzitter: griffier: leden:
de heer J. Wouters de heer J. Timmermans de dames M. Doremalen, J. Frankemölle, M. van der Meer, K. van Noort, L. Schuermans en C. Vervaet en de heren F. Beterams (27 januari), W. Broeders, P. van Dongen, P. Houtepen, P. van Laerhoven (27 januari), R. van Osch, P. van Seters en F. van Vugt tevens aanwezig: de dames A. van der Veen en A. Zwarts en de heer D. Vermorken (allen wethouders) en de dames L. Schaerlaeckens (manager dorpsteam) en I. van de Pol (dorpsverbinder).
1. Opening en mededelingen. De voorzitter opent de vergadering om 19.30 uur en heet alle aanwezigen en kijkers welkom. Er is een speciaal woord van welkom voor de dames Schaerlaeckens en Van de Pol die een toelichting komen geven over de inlooppunten sociaal domein. 2. Inventarisatie aanmeldingen spreekrecht. Het bestuur van badmintonclub De Bever wil graag inspreken bij agendapunt 10, memo inzake mailbericht badmintonclub Bever over gebruik (huurtarief) sportcomplex Den Butter. Zij worden vertegenwoordigd door mevrouw Melis en de heer Naafs en zullen digitaal aansluiten bij de vergadering. 3. Vaststellen definitieve agenda. Voorgesteld wordt agendapunt 10, memo inzake mailbericht badmintonclub Bever over gebruik (huurtarief) sportcomplex Den Butter aansluitend aan punt 5 te behandelen agendapunt 5a. De agenda wordt met genoemde wijziging vastgesteld. 4. Verslag vergadering raadscommissie Samenleving d.d. 25 en 26 november 2020 + actielijst. Naar aanleiding van : - blz. 2, punt 5, verordening maatschappelijke ondersteuning; mevrouw Schuermans zou graag de beleidsregels van deze verordening ontvangen. Wethouder Zwarts zegt toe, indien deze beleidsregels aanwezig zijn, deze toe te sturen. Het verslag van de vergadering d.d. 25 en 26 november 2020 wordt ongewijzigd vastgesteld.
Actielijst: - ap 314: informatie-avond monitor sociaal domein: deze is inmiddels vastgesteld op woensdag 3 maart a.s. - ap 342: informatie-avond aangepast bouwplan CC De Boodschap: wethouder Zwarts meldt dat de datum nog niet kan worden vastgelegd; eerst moeten de definitieve plannen bekend zijn. - ap 346: regeling F-Ons: wethouder Zwarts zegt toe de informatie in de komende commissie aan te bieden. Alle overige actiepunten zijn geagendeerd of benoemd 5. Inlooppunten sociaal domein, dorpsteam en dorpsverbinder. Lian Schaerlaeckens (manager dorpsteam) en Ingrid van de Pol (dorpsverbinder) geven een ruime toelichting op het functioneren van de inlooppunten sociaal domein en het dorpsteam en op de rol van de dorpsverbinder. Diverse vragen worden beantwoord. De voorzitter en wethouder Zwarts bedanken de beide dames voor hun toelichting. Conform afspraak wordt eerst agendapunt 10 behandeld. 10. Memo inzake inzake mailbericht badmintonclub Bever over gebruik (huurtarief) sportcomplex Den Butter (voorheen agendapunt 10.). De voorzitter geeft het woord aan de vertegenwoordigers van badmintonclub De Bever (hierna bc Bever). Mevrouw Melis, voorzitter van bc Bever, wijst op de onrechtvaardigheid die is ontstaan door het hanteren van verschillende huurprijzen voor een tweetal verenigingen voor sportcomplex Den Butter. Hierover is indertijd
ook overleg geweest met wethouder Van der Veen (wethouder sport). De afwijkende bedragen gelden al sinds de opening van het sportcomplex en zijn nadelig voor die verenigingen. Op een vraag van de heer Van Vugt of de afspraak over de verschillende tarieven pas is gemaakt op het moment dat sportcomplex Den Butter er al stond, antwoordt de heer Naafs dat het ging om een mededeling van de wethouder aan de voorzitter van bc Bever dat er sprake zou zijn van een gedifferentieerd tarief. In eerste termijn wijzen alle fracties op eventuele extra subsidiemogelijkheden voor de vereniging. Zij zien graag dat de wethouder in gesprek gaat en blijft met de vereniging. De heer Van Seters begrijpt dat het nu geen makkelijke tijd is voor welke vereniging dan ook. Bij het ontwerp van de sporthal is rekening gehouden met verzoeken van verenigingen om meer ruimte; om tegelijkertijd meer mensen te kunnen laten sporten. Op dat moment is ook uitgelegd dat hierdoor een prijsdifferentiatie zou ontstaan. omdat het niet eerlijk zou zijn ten opzichte van de verenigingen die er niet op vooruit zouden gaan. Ook mevrouw Frankemölle benoemt de ontstaansgeschiedenis; in de memo zijn de afspraken, o.a. over de grootte van de sporthal, nogmaals uitgelegd. Om die reden zijn voor de basketbal- en badmintonvereniging andere huurprijzen gemaakt. Jammer dat de vereniging niet zo is gegroeid als werd gehoopt.
Zij wil nu niet tornen aan de gesloten overeenkomst. Mevrouw Doremalen is een andere mening toegedaan; haar fractie is het eens met bc Bever dat met het betalen van de hogere huur het gelijkheidsbeginsel met voeten wordt getreden. De raad heeft ingestemd met een grotere sporthal, maar is op dat moment niet ingelicht over de huurdifferentiatie. Dat had ze graag geweten. Vooraf zou dit wel met de vereniging zijn gedeeld. Zij roept de wethouder op in overleg te gaan met Optisport en de huurtarieven gelijk te trekken. Dit mag echter niet leiden tot hogere tarieven voor de overige verenigingen. Zij wijst nog op de extra subsidiemogelijkheden; wil de wethouder toezeggen dat alle sportverenigingen worden aangeschreven over die extra mogelijkheden? De heer Beterams snapt de teleurstelling bij bc Bever. Hij kan zich de afspraken (extra grote en hogere zaal) voor de bouw van de sporthal nog wel herinneren. Hij vraagt wat de extra kosten voor de gemeenschap zouden zijn als wel aan het verzoek wordt meegewerkt. En ontstaat zo een precedent? Hij informeert nog wel bij mevrouw Melis waarom de vereniging als eerste wil stoppen met de minder mobiele badmintonspelers. De heer Van Vugt vindt het ook vreemd dat dergelijke afspraken zijn gemaakt. In Gilze, waar de sporthal moet worden aangepast, doen we dat ook niet.
In het verslag uit 2019 met de huidige wethouder wordt verwezen naar een overleg met de vorige wethouder sport uit 2017. Op dat moment is aangegeven dat de vereniging bij financiële problemen contact op kon nemen met de gemeente. En dat doet de vereniging op dit moment. Zijn er andere compensatiemogelijkheden? Is het verslag van dit overleg uit mei 2017 beschikbaar? Dan is toch duidelijk wat is afgesproken? Voor hem is niet duidelijk of de concessieovereenkomst moet worden aangepast. Hij roept de wethouder op tegemoet te komen aan de problemen, conform de eerdere toezegging van de vorige wethouder. Ook moet in de toekomst worden voorkomen dat extra wensen van een vereniging, bij de bouw van bijv. een hal, leiden tot het doorberekenen van die kosten aan een vereniging. De heer Van Laerhoven kan zich niet vinden in de opmerking over de hogere kosten voor de sporthal Gilze. Ook zijn partij heeft contact met de vereniging. In de memo is duidelijk omschreven hoe en wanneer de afspraken tussen vereniging en gemeente zijn gemaakt en wat de uitwerking en gevolgen hiervan waren. Als aan de wensen van beide verenigingen niet was voldaan, hadden ze ook minder ruimte gekregen. Het kan lastig zijn om te moeten dealen met afspraken die door vorige besturen zijn gemaakt. Er zijn kansen en mogelijkheden om dit op te pakken.
Hoe denkt de wethouder verder te gaan in dit proces? Voor de heer Van Osch ligt er een duidelijk memo waarin de gemaakte afspraken zijn vermeld. Als de gemeente dit zou willen compenseren, waar moet het geld dan vandaan komen? Voor wat betreft het gelijkheidsbeginsel wijst hij op de lange trajecten voor bv. de MFA Sportparkweg, waar dit principe ook speelde. Soms komen er door andere wensen ook andere kosten naar voren. Mevrouw Doremalen reageert op de opmerking over de kosten veroorzaakt door een compensatie; in eerste instantie kijkt ze hiervoor naar de creativiteit van de wethouder. Maar uiteindelijk wil haar partij zeker kijken naar een bijdrage vanuit de gemeente. De heer Van Vugt wijst op de bijgevoegde stukken; hij geeft aan dat de club nu terugkomt op de afspraak dat men bij financiële problemen kan aankloppen bij de gemeente. 2
De heer Van Osch stelt dat ergens op terugkomen en daarover in gesprek gaan iets anders is dan meteen toegeven. Is er een manier te vinden zodat verenigingen zelf kunnen kijken waar (financiële) kansen liggen? Wethouder Vermorken stelt vooraf dat hij in gesprek is en blijft met bc Bever. De uitnodiging voor een gesprek met de vereniging over de subsidiemogelijkheden is nog niet geaccepteerd door de club. De heer Van Seters gaf een goede samenvatting van de redenen voor de eerder gemaakte afspraken. Hij zal zeker met de vereniging praten over de subsidiemogelijkheden. Er is nog geen aanvraag ingediend, dus is er ook niets uitbetaald. Het idee om alle verenigingen aan te schrijven en te wijzen op extra subsidiemogelijkheden, wil hij eventueel meenemen bij het voor te leggen sportbeleid. De eventuele extra kosten voor de gemeente bij een aanpassing van de huren zijn moeilijk in te schatten. Dit is mede afhankelijk van het contract met Optisport; er ontstaat dan een mogelijkheid dat Optisport een claim indient voor andere ontwikkelingen sinds de oorspronkelijke aanbesteding. Met de bouw van de nieuwe sporthal kregen enkele verenigingen meer mogelijkheden in Den Butter dan in de Margriethal, mede omdat men dan minder uren hoefde af te nemen. De afspraak was dat per saldo de huur niet hoger mocht worden.
Hij vindt de suggestie om een specifieke compensatie voor één club te regelen erg lastig. Er zijn subsidiemogelijkheden waar de vereniging nog niet optimaal gebruik van maakt. Hiermee zou naar verwachting het nadeel worden gecompenseerd. Hij wacht de bevestiging van de uitnodiging aan bc Bever af. Hij zegt ook toe in de tweede termijn terug te komen op de afspraken van mei 2017. Mevrouw Melis wil graag reageren op de ontvangen informatie; het klopt dat er mede door hun wensen een grotere sporthal is gebouwd. Jammer is wel dat de extra subsidiemogelijkheden niet eerder zijn gemeld. Extra subsidies, waar ze recht op hebben, willen ze besteden aan de leden. Maar nu gaat het haar vooral om het gelijkheidsbeginsel. De gemeenteraad heeft nooit een besluit genomen over de ongelijkheid van de tarieven. Zij licht het voorgenomen besluit van de vereniging om te stoppen met de groep "sport op maandag" toe. De heer Van Seters wil hierop wel reageren; tot voor kort was die differentiatie in de huur geen probleem. Het ging ten tijde van de opening van de sporthal om een bedrag van € 5,00 per uur. Is er inzicht in de redenen waarom dit nu wel een probleem is? De heer Naafs meldt dat er vanaf het begin op het gelijkheidsbeginsel heeft gewezen; dit zou een financiële aderlating zijn voor de vereniging. Toegezegd was dat bij grote problemen contact kon worden gezocht met de gemeente.
De bedoeling van de vereniging was om te groeien; dat is niet gelukt. De vereniging heeft ook uren teruggegeven. Tijdens het rekenkameronderzoek naar de sporthal is dit ook aangegeven. De raad is indertijd niet gevraagd te besluiten over de tarieven; men heeft alleen het krediet voor de bouw van de sporthal gevoteerd. Om die reden heeft het bestuur nu contact gezocht met de fracties. De heer Van Seters wijst op de gemaakte afspraken ten tijde van de inventarisatie van de wensen van de verenigingen; o.a. bc Bever had specifieke wensen. Hij weet zeker dat in het voortraject is gewezen op de differentiatie van de huren. Op dat moment is daar niet op gereageerd. Mevrouw Frankemölle wil meer weten over de gevolgen als de exploitatie-overeenkomst wel wordt opengebroken; vooral wat dit kan betekenen voor de gemeente. De huren voor 2021 zijn nu vastgesteld dus er is tijd om dit goed te bezien. De vereniging zit hier nu zeer principieel in; zij wil eerst meer informatie voor een definitief besluit kan worden genomen. Mevrouw Doremalen is blij met de toezegging dat het aanschrijven van de verenigingen over de doelgroepensubsidie kan meegenomen bij de behandeling van het sportbeleid. Geldt dit dan met terugwerkende kracht? Zij was er niet van op de hoogte dat er verschillende huurtarieven golden voor de verenigingen; dat had ze wel graag geweten.
Wil de wethouder alle (financiële) gevolgen van het gelijktrekken van de huren uitwerken? De heer Beterams herinnert zich de discussie indertijd; de sporthal is groter uitgevoerd naar aanleiding van de wensen van de badminton- en basketbalvereniging. Anders was er een kleinere sporthal gebouwd. Nu wordt vooral gewezen op het gelijkheidsbeginsel door bc Bever. Ook hij vraagt naar de (financiële) gevolgen voor de gemeente bij het openbreken van de exploitatie-overeenkomst; wat zijn de risico's? Klopt het dat de insteek indertijd was dat, door de extra velden, er minder uren hoefden te worden afgenomen waardoor er voor de verenigingen geen financieel nadeel ontstond? Hij sluit aan bij de vragen van het CDA en verwacht dat de wethouder en de vereniging er samen uit kunnen komen. 3
De heer Van Vugt sluit zich aan bij dat laatste. Jammer dat er onduidelijkheid is ontstaan over de vorige afspraken. Klopt het dat bc Bever dit al vaker heeft gemeld? En heeft de vorige wethouder sport aangegeven dat men bij problemen bij de gemeente kon aankloppen? Er mag geen rechtsongelijkheid ontstaan; hoe is dit op te lossen? Hij denkt dat het om hooguit € 1.500,-- per jaar gaat. Hij wil de concessie met Optisport niet openbreken, maar wel kijken naar compensatie voor de vereniging. Hij wil deze rechtsongelijkheid opheffen. De heer Van Laerhoven wijst ook op de oplossingsmogelijkheden. Maar het komt er op neer dat er een financieel probleem is ontstaan bij bc Bever. Hij verzoekt de wethouder in gesprek te blijven; daarbij moeten beide partijen openstaan voor de opties. De heer Van Osch wil, net als de andere fracties, proberen uit deze impasse te komen. Dat kan eventueel via de extra subsidiemogelijkheden. Op de opmerking van mevrouw Doremalen dat de extra subsidie speciaal voor doelgroepactiviteiten is en niet voor de vereniging an sich, merkt de heer Van Osch op dat de subsidie voor de speciale doelgroep kan worden gebruikt, waar nu problemen ontstaan. We moeten de club niet gaan compenseren voor een kleine doelgroep. Er zijn kansen, die moeten we onderzoeken. Hij wil het contract met Optisport niet openbreken.
Wethouder Vermorken kan zich aansluiten bij de samenvatting van de heer Beterams. Het college vindt dat het gelijkheidsbeginsel niet geschonden is. Hij wil de commissie niet adviseren onderzoek te doen naar het openbreken van de exploitatie-overeenkomst. De gemaakte afspraken zijn in 2016 besproken met de raad. Uitgangspunt was dat de tarieven voor hetzelfde gebruik tussen beide locaties (Den Butter en Margriethal) gelijk zouden blijven; daaraan is voldaan. Tevens is met de raad gedeeld dat er een iets hoger tarief zou gelden voor bc Bever en de basketbalvereniging. Er was 50% meer ruimte in de nieuwe hal; hier stond 11% meer huur tegenover. Hij wil geen onderzoek doen naar het optimaliseren van het contract; wel wil hij in gesprek blijven met bc Bever; hij wacht nog op een antwoord op zijn uitnodiging. Mevrouw Doremalen vraagt meer informatie over de afspraken uit 2016. Zij verzoekt de wethouder toch te onderzoeken wat de kosten zijn om de overeenkomst open te breken. De heer Van Vugt wil graag dat er nog naar andere mogelijkheden dan de doelgroepensubsidie wordt gekeken. Hij denkt daarbij aan een compensatie van de huur van de Margriethal. Kan misschien naar de gevraagde "overbruggingskosten" van bc Bever worden gekeken, los van het openbreken van het contract.
Wethouder Vermorken licht toe dat de raadsleden zijn geïnformeerd via meerdere werkateliers/informatiebijeenkomsten. Het verslag uit 2017 met bc Bever wordt verstrekt aan aanwezigen. Hij geeft nogmaals aan geen onderzoek te willen doen naar het openbreken van de lopende exploitatie-overeenkomst. Hij legt uit dat bij hogere tekorten meer subsidie wordt verleend aan aanvragers. Hij nodigt bc Bever opnieuw uit voor een gesprek. 6. Ontwerp-raadsvoorstel inzake het beschikbaar stellen van een uitvoeringskrediet voor de renovatie/nieuwbouw van sporthal Achter de Tuintjes in Gilze. De fracties zijn positief over het voorgelegde ontwerp. Diverse fracties informeren wanneer er meer duidelijkheid is over de gevraagde aanpassingen (binnen het budget) en de toegankelijkheid van het gebouw. Het budget moet leidend zijn voor de gehele renovatie; de kosten moeten goed in de hand worden gehouden. De heer Van Laerhoven wil wel voldoende tijd nemen om de inbreng van de adviseurs te kunnen verwerken in het definitief ontwerp (DO). Blijft de kermis ook na de renovatie gesitueerd op het plein voor de sporthal? De heer Van Osch verzoekt de vinger aan de pols te houden voor de parkeerproblemen in de omgeving De heer Van Dongen vraagt of het bedrag, bij die keuze voor optie 4, moet worden verhoogd als de bouwkosten duurder uit blijken te vallen.
Wethouder Van der Veen meldt dat er nog kleinere of grotere aanpassingen kunnen worden doorgevoerd tot aan het DO. De diverse adviseurs (architect, bureau ZET en de gebruikers- of klankbordgroep) zijn inmiddels benaderd over dit ontwerp. Bij de kaders is ook de ruimte voor de kermis meegegeven; ze is nog in gesprek over de benodigde ruimte, elektra-aansluitingen e.d. De buurtbewoners zijn vertegenwoordigd in de klankbordgroep en worden zo meegenomen. 4
Onduidelijk is wanneer het ontwerp klaar is; dat proces duurt nog een paar maanden. De klankbordgroep wordt daarbij betrokken. Ze zegt toe, bij bijzonderheden, de commissie in te lichten. In tweede termijn constateert mevrouw Frankemölle dat het nog even duurt voor het DO klaar is. Wanneer wordt met de renovatie gestart? Is dat wel gepland na de zomer? De heer Van Osch vraagt naar de mogelijkheid voor elektrische laadpunten nabij de sporthal. De heer Van Dongen hoort graag of het voorliggende krediet inderdaad voldoende is. Wethouder Van der Veen meldt dat het niet de bedoeling is dat het krediet wordt overschreden. Hierover zijn hele duidelijke afspraken gemaakt. Het traject verloopt gefaseerd. Men wil in de zomer al starten met de renovatie van de hal; voor die tijd moet het DO klaar zijn. De fasering van de uitvoering gebeurt in overleg met de architect. De elektrische laadpunten worden meegenomen bij de herinrichting van de buitenruimte. Het voorstel kan worden geagendeerd voor de raadsvergadering van 11 februari 2021 . 7. Ontwerp-raadsvoorstel inzake wijziging van de gemeenschappelijke regeling GGD Hart voor Brabant. Alle fracties kunnen instemmen met dit voorstel. Wel wijzen enkele fracties op de late aanlevering van deze stukken voor de behandeling in commissie en raad. Wethouder Zwarts licht toe dat de stukken eind november zijn ontvangen en verwerkt.
De eerstvolgende mogelijkheid om de stukken te bespreken was dan ook de raadscommissie van vandaag. Het voorstel kan worden doorgeleid naar de raadsvergadering van 11 februari 2021. 8. Memo inzake cliëntervaringsonderzoek (ceo) jeugdhulp 2019 en 2020. Meerdere fracties wijzen naar de representativiteit van dit ceo jeugdhulp. Wat is de reden van de lage respons? Hoe kunnen we dat verbeteren? Ook wordt gewezen op de lange wachttijden en slechte communicatie. De heer Van Vugt ziet een heel ander onderzoek dan eerder werd voorgelegd. Wel van een betere kwaliteit, maar niet representatief. Het is een grote breuk met de eerdere onderzoeken en dus ook niet vergelijkbaar. Waarom is voor deze opzet gekozen? Is deze opzet besproken met de adviesraad sociaal domein (ARSD)? En waar zijn de verplichte (wettelijke) rapportages van de (jeugd)-zorgaanbieders? Hij mist in de burgerpeiling vragen over de jeugdzorg; die waren eerder wel opgenomen. Informatie over het resultaat van de jeugdzorg ontbreekt; hij roept de wethouder op om naast een kwalitatief onderzoek ook een goede steekproef uit te voeren bij 80 tot 100 personen. Hij ziet dit onderzoek als een gemiste kans. De heer Van Laerhoven vindt de uitkomsten soms moeilijk te duiden; dat is jammer voor bijvoorbeeld de inzet van het sociaal team (ST).
Hoe kunnen we dit onderzoek meer representatief maken; anders kunnen we geen conclusies trekken of bepaalde elementen gebruiken. De heer Van Osch mist eveneens veel informatie in het onderzoek. Hoe krijgen we dat in de toekomst (kwalitatief en kwantitatief) wel voor elkaar? De heer Van Seters stelt vast dat de bedragen voor onze gemeente afwijken binnen de regio Hart van Brabant (HvB). Kan het eerder afgestane innovatiebudget gebruikt wordenvoor onderzoeken in ABG-verband? Hij wijst op de vermindering van de aanbieders; wat zijn daarvan de risico's? Waarom wordt het betrekken van lokale aanbieders bij de centrale inkoop weer losgelaten? Hoe goed is er geluisterd naar de jongeren zelf? Het sociaal team (ST) heeft een grote stem bij de keuze van de hulpverlening; is dit bij de dorpsteams ook in goede handen? Mevrouw Frankemölle heeft vragen over de wachttijden en de ervaringen over de toegang.
Hoe zorgen we dat onze bewoners weten waar ze moeten zijn? Kan het dorpsteam hiervoor het eerste aanspreekpunt worden? Zijn ouders en jeugdigen er voldoende van op de hoogte dat ze gebruik kunnen maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner? En is de GGZ-gezinsmanager al bekend? De groep van 16-jarigen is lastig te bereiken; hoe denken we daar een ingang te vinden? Mevrouw Vervaet las dat de aanbestedingsprocedure al liep; kunnen we dus voor 2021 een nieuw onderzoek verwachten? Clienten zijn wel tevreden over de hulpverlening, maar niet over het contact met de gemeente. Dit moet toch beter kunnen. Pakt de wethouder de aanbevelingen uit dit onderzoek op? Zo ja, hoe? 5
Wethouder Van der Veen constateert ook dat het onderzoek niet representatief is; dat was eerder ook vaker het geval. Het ceo wordt regionaal uitgezet. In 2020 had er een nieuw onderzoek moeten plaatsvinden. Daarin zouden clienten eerder worden benaderd; dus meteen na of nog tijdens een zorgtraject. Dat onderzoek liep vertraging op, vandaar dat deze tussenvorm is aangeboden (het onderzoek is een wettelijke verplichting). Zij gaat in op de diverse onderdelen. Bij de reacties zijn grote verschillen geconstateerd; een check was niet mogelijk. De wachttijden gaan over diverse soorten van zorg. Bureaucratie ontstaat vaak bij de complexere zaken; dan kan het langer duren voor de juiste problemen in beeld zijn. Wisseling van medewerkers speelt vooral bij langdurige trajecten. De ARSD wordt inderdaad betrokken bij het nieuwe ceo; ze hoopt dat dit in 2022 wel een kwalitatief rapport oplevert. Bij de nieuwe inkoopstrategie wordt ook de wijze van rapporteren door aanbieders meegenomen. De keuze voor minder aanbieders is een kwestie van inkoopstrategie. Er is geen relatie naar de innovatiegelden; het gaat om een benchmark in de regio. Complexe zaken lopen via de dorpsteams naar het ST. De vragen komen eerst bij de dorpsteams terecht, daar sluiten ook leden van het ST bij aan. Dus er wordt zeker informatie gedeeld. Geprobeerd wordt een beter ceo voor de regio op te stellen.
Ze beantwoordt alsnog de vraag over de burgerpeiling en waar staat je gemeente. Bij de burgerpeiling gaat het om een (brede) algemene peiling; die gegevens worden mede gebruikt voor de site "Waar staat je gemeente". De ceo gaat met name over hoe de cliënt de bejegening en de hulp vanuit de gemeente ervaart. In tweede termijn merkt de heer Van Vugt op dat juist het toekomstige ceo van groot belang is; hoe wordt dit nu opgepakt? Wel samen met de ARSD? Hij stelt voor zo veel mogelijk aan te sluiten bij de modelvragenlijst cliëntervaring jeugd en ouders (MCJO). Hij pleit voor een kwantitatief onderzoek op basis van die opzet. Bureaucratie is echt aanwezig; het gaat niet alleen om een gevoel. Ook de communicatie en goede informatie (intern én extern) is van belang. Binnen het ST en tussen ST en dorpsteams moeten er duidelijke(re) afspraken liggen. Hij wacht de informatie over een nieuwe opzet van het ceo jeugd af en hoopt op een meer kwalitatief en representatief onderzoek. De heer Van Seters wijst er op dat de complexe zorg, bij nieuwe inwoners, in onze gemeente afwijkt van de regio. Zouden we de ceo niet ABG-breed op kunnen pakken? Mevrouw Frankemölle hoopt dat de insteek via dorpsteams het gevoel van bureaucratie kan doen afnemen. Zij ziet hierin een kans om de burgers in contact te brengen met de (cliënt)ondersteuners.
Zij herhaalt haar verzoek om extra aandacht voor de 16-plussers. Mevrouw Vervaet vraagt de wethouder meer duidelijkheid te geven aan de clienten over de contactpersonen voor/vanuit het ST (ondanks de personeelswisselingen). Wethouder Van der Veen hoort de vraag over de bureaucratie van alle fracties. Zij legt uit dat vanaf januari jl. bijna alle personen van het ST in dienst van de ABG zijn. Zo hoopt ze de continuïteit beter te waarborgen. De ARSD is betrokken bij de opzet; dit wordt ook regionaal aangestuurd. Er is inderdaad geen koppeling naar de burgerpeiling; zij laat de memo hierop aanpassen. Het onderzoek in ABG-verband uitvoeren heeft niet haar voorkeur; dit geeft erg veel werk. Nu wordt meegelift met een regionaal onderzoek. Het lukt nog steeds niet om de 16-plussers te betrekken; zij hoopt dit mee te nemen bij de aanbesteding. De heer Van Vugt reageert nog op het toekomstige onderzoek; het oude model voldeed goed. Hij hoopt niet dat er veel wijzigt in de kwantitatieve informatie; anders zijn de cijfers niet met elkaar te vergelijken. Wethouder Van der Veen sluit zich hierbij aan; zij verwacht dat de regio niet opnieuw het wiel gaat uitvinden. Zij zegt toe dat de nu ontvangen informatie wordt ingebracht in de regionale werkgroep. 9.
Memo inzake richtinggevende uitgangspunten inkoop sociaal domein Meerdere fracties benoemen de houtskoolschets; wanneer is deze beschikbaar voor de commissie en wat kan daarvan worden verwacht? Voor de heer Van Vugt is niet duidelijk hoe het element inkoop bij de participatie wordt ingezet; waar zit die verbinding? In de notitie zijn veel ervaringen benoemd; jammer dat pas in 2022 oplossingen worden gezocht voor problemen uit 2020. De resultaatgerichte inkoop is nu niet altijd in beeld. Er liggen wettelijke afspraken over de resultaten, maar die informatie ontbreekt nog steeds. Wat wordt bedoeld met taakgerichte inkoop? 6
De heer Van Osch heeft geen aanvullende vragen. Wel wijst hij op het tijdstip; afgesproken is om niet langer dan tot 22.30 uur te vergaderen. De heer Van Seters is van mening dat diverse zaken erg gemakkelijk worden afgedaan. Hoe realistisch zijn de verbeteringen als we van minder aanbieders gebruik maken? Is dat gemakkelijker voor de ST-medewerkers ? Mevrouw Schuermans spreekt eveneens over veel aannames en risico's; hoe SMART is de opzet? Voor het CDA is en blijft het uitgangspunt dat de cliënt centraal moet staan en niet het systeem. Er is een bestuursakkoord getekend over de gezamenlijke inkoop begeleiding 2021-2022; zijn hierin deze uitgangspunten meegenomen? Mevrouw Vervaet leest dat er input voor de uitgangspunten wordt gevraagd. Hoe ziet het proces er uit en hoe worden de gemeenten en de ARSD hierbij betrokken? Onduidelijk is of de taakgerichte inkoop wel de goede methode is; hiervoor is meer informatie nodig. Mevrouw Van der Meer ziet zeker uitdagingen. Hoe denken we een doelmatig gebruik van de middelen te realiseren? Denken de zorgaanbieders zelf ook actief mee over de uitgangspunten en oplossingen? Klopt het dat de taakgerichte inkoop niet geschikt is voor elke hulpvraag? Wethouder Van der Veen zal de vragen op het gebied van jeugd beantwoorden.
Het blijkt erg ingewikkeld te zijn om echt te controleren wat kwalitatief goede zorg is en of de zorgaanbieders jeugdzorg ook inderdaad de afgesproken zorg hebben geleverd. Van ongeveer 75% van die trajecten is niet duidelijk of het ook daadwerkelijk helpt. Alphen-Chaam en Baarle-Nassau vallen niet onder de regio HvB; alleen onze gemeente heeft een dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Tilburg voor de jeugdzorg. Wethouder Zwarts gaat in op de resterende vragen. De notitie moet worden gezien als de start van het proces; de ervaringen en uitdagingen zijn vermeld. De bedoeling is om het proces vóór 01-01-2022 af te ronden. Ze hoort graag of de commissieleden kunnen instemmen met de zes richtinggevende uitgangspunten en of er aanvullingen zijn. De overwegingen en (richtinggevende) uitgangspunten worden meegenomen in de verdere uitwerking. De uitgangspuntennotitie kan door de raad worden vastgesteld en gedeeld in de regio. Dan is duidelijk waarop moet worden ingezet bij de drie stromen (jeugd, Wmo en participatie) en combinaties daarvan. Ze verzoekt de fracties de input op korte termijn schriftelijk aan te leveren; aansluitend wordt de definitieve uitgangsnotitie aangeboden aan de commissie en raad. In tweede termijn geeft de heer Van Vugt aan dat het proces niet duidelijk is.
Komt er een extra bijeenkomst om de uitgangspunten te concretiseren of gebeurt dit bij de bespreking van de houtskoolschets? Hij benoemt nog drie elementen. Klopt het dat geen afscheid wordt genomen van de inkoopgerichte jeugdzorg? Hij mist het weghalen van perverse prikkels. Ook moet er een dusdanig systeem komen dat verschuiving van expertise tussen de eerste, tweede en derde lijn plaatsvindt. Wordt er gekeken naar een inkoopstrategie voor het brede sociale domein? Kunnen we niet komen tot een optimaal systeem voor de (inkoop) jeugdzorg en de Wmo? De heer Van Laerhoven wil meer informatie over (het gebruik van) de houtskoolschets. Mevrouw Vervaet hoort graag of extra uitgangspunten voor de inkoop voor het totale sociaal domein moeten worden aangegeven. Wethouder Zwarts licht toe dat de houtskoolschets de ambtelijke uitwerking is van de uitgangspunten in onze regio. Zij wil die schets graag bespreken in de commissie en zal een memo hiertoe op (laten) stellen. Hierin is dan verwerkt welke input wanneer wordt verwacht. --De fracties bespreken, gezien het tijdstip, of de resterende punten vanavond nog moeten worden behandeld. De voorkeur gaat uit naar donderdagavond; aansluitend schorst de voorzitter de vergadering om 22.55 uur. ---
7
De voorzitter heropent de vergadering op donderdag 28 januari 2021 om 19.30 uur. Hij meldt de afwezigheid van wethouder Vermorken en de heren Beterams en Van Laerhoven. 11. Informatie van de portefeuillehouder(s) over/uit de gemeenschappelijke regelingen. Er zijn geen specifieke zaken die moeten worden toegelicht. 12. Ter kennisname stukken. a. Memo inzake verbouwing CC De Boodschap t.b.v. bibliotheek Theek5 (actiepunt 342). Meerdere fracties hebben vragen over de financiële gevolgen van de aanpassingen en het tijdpad voor de uitvoering van de verbouwing. Wanneer kan de commissie het aangepaste plan bespreken? De heer Broeders wil weten of er inmiddels aanvullende informatie bekend is. De heer Houtepen informeert of het teruggrijpen op het oude plan tot meerkosten zal leiden. En wat zijn de gevolgen van het nu niet uitvoeren van bepaalde zaken, die we later alsnog moeten uitvoeren? Voorkomen moet worden dat het alleen gaat om uitstel van kosten. De heer Van Dongen vraagt zich af of we nu weer terug gaan naar af. Wat blijft van het originele plan over? Hij vraagt naar de stand van zaken rondom de raad van toezicht, overleg SVR (seniorenvereniging Rijen) en de ontwikkelingen bij CCGR. Vindt de wethouder dat zij in control is? Mevrouw Frankemölle spreekt over een sobere uitvoering van het eerdere plan. Zij hoopt wel dat de afronding van de plannen nog in 2021 plaatsvindt.
Ook mevrouw Doremalen houdt zorgen over de realiseerbaarheid van de plannen; leidt de aanpassing nog tot een open bibliotheek? Voor SVR is ook in de toekomst een passende ruimte nodig. Zij heeft vragen over de keuze voor een warmtegordijn. Zij doet nogmaals een oproep om de plannen opnieuw te bekijken en open te staan voor andere mogelijkheden (bijv. in het centrum). Mevrouw Van der Meer merkt op dat het inderdaad om een lastig proces gaat. Het gaat nu om de bibliotheek en niet om de huisvesting van SVR of de CCGR zelf. Zij wacht de nieuwste ontwerpen af. Wethouder Zwarts herkent zich in het langlopende proces met veel tegenvallers. Zij is blij dat CCGR en Theek5 binnen de kaders toch een duurzame bibliotheek willen realiseren. De technische uitwerking zou volgende week gereed zijn. Men wil graag een presentatie geven om de aanwezige zorgen weg te nemen. Ze heeft niet gehoord dat het niet binnen de kaders kan worden uitgewerkt. CCGR is bouwheer en dus verantwoordelijk. Zij wil nu niet praten over een andere locatie. Wel gaat ze in op de vraag over een mogelijk uitstel van kosten; zij wacht eerst de uitrol van de plannen af. Bij de presentatie kan deze vraag aan de orde komen. b. Memo inzake signalen over Wmo-ondersteuning en vervolgacties + beantwoording van vragen van de fractie van de PvdA over tijdelijke Wmo-voorzieningen na een verhuisadvies.
Diverse fracties vragen naar de stand van zaken en willen weten hoe dit voortaan kan worden voorkomen. De heer Van Osch roept de burgers op dit soort signalen vooral door te geven aan de gemeente. Mevrouw Doremalen is geschrokken van dit verhaal. Kan voortaan bij een verhuisverklaring worden gekeken naar een tussentijdse oplossing? Hiervoor moet de gemeente niet meer wachten op acties van Leystromen. Wanneer kunnen we het beleid evalueren en bekijken of er aanpassingen moeten worden doorgevoerd? Mevrouw Van der Meer is van mening dat de juiste stappen zijn gezet; het gaat om een schrijnend geval. Zij vraagt wel aandacht voor de privacy. Mevrouw Doremalen legt uit dat zij slechts wilde weten of het inmiddels naar tevredenheid is opgelost. Mevrouw Van Noort wil meer informatie naar aanleiding van de beantwoording van de vragen van de fractie. Wethouder Zwarts geeft een korte update. Zij licht toe wat is opgepakt, nadat de klachten bij de gemeente bekend werden. Echter, de gemeente kan niet alles oplossen; wel is zo snel mogelijk ondersteuning geboden. De knelpunten zijn bekeken; nu worden mogelijkheden om dit te verbeteren nagegaan. Helemaal voorkomen kunnen we dit soort zaken niet. Er is op dit moment geen reden om de beleidsregels meteen aan te passen; wel zoekt ze daarover contact met de ARSD. Zij gaat in op de verhuisverklaring en de acties door Leystromen bij huurwoningen.
Er spelen meestal meer problemen dan alleen hulp bij het douchen; via een tijdelijke voorziening kan dit worden opgepakt, maar dan is er vaak ook thuiszorg nodig. En daar kan de gemeente niet voor zorgen. We doen als gemeente wel wat kan/mag. Op de vraag van de heer Van Seters of een urgentiehuis beschikbaar is voor eventuele noodgevallen, geeft de wethouder aan dat ze wel de term logeerhuis kent. Ze zegt toe zo'n optie wel te bespreken. 8
c. Memo inzake ontwikkelingen op het gebied van jeugdbescherming en jeugdreclassering. De fracties spreken over zorgelijke ontwikkelingen; zij willen graag op de hoogte worden gehouden. Wat is de laatste stand van zaken? Mevrouw Frankemölle merkt op dat het om erg kwetsbare jeugdigen gaat; het speelt ook landelijk. Zij hoort het graag als dit ook in onze gemeente voorkomt. De heer Van Vugt wijst op de aanvullende plannen in de regio, maar kan die zorg en veiligheid op dit vlak wel worden gegarandeerd? Hij wijst op het gehouden clienttevredenheidsonderzoek (cto); kan dat worden verstrekt? Wethouder Van der Veen legt uit dat vijf regio's gezamenlijk de plannen op het gebied van jeugdbescherming oppakken. De wethouder van Tilburg is de afgevaardigde vanuit HvB in die groep. Regionaal is afgesproken dat de bekende informatie zou worden gedeeld; die is er echter niet. In onze gemeente hebben zich nog geen ernstige situaties voorgegaan. Het cto is een onderzoek van jeugdbescherming Brabant zelf; zij moet nagaan of dit beschikbaar is. Zo ja, dat wordt dit toegestuurd. Op de opmerking van de heer Van Vugt dat ook deze zorgaanbieder wettelijk verplicht is de informatie te delen met de opdrachtgever, zegt de wethouder toe het na te gaan. Zodra er nieuws is over het borgen van de kwaliteit uit de bovenregionale regio's informeert ze de commissie.
Er wordt gekeken naar andere aanbieders, maar de mogelijkheden zijn beperkt. Zeker als moet worden uitgeweken naar andere regio's. d. Memo inzake voortgang overleg schoolbesturen – gemeente (actiepunt 338). Meerdere fracties zijn positief over de LEA (lokale educatieve agenda) en zijn benieuwd naar de verdere uitwerking. Mevrouw Frankemölle is blij met het overleg. Zij vraagt aandacht voor de VVE-uren (voor- en vroegschoolse educatie); mogelijk zijn er meer mensen door corona voorzichtiger geworden om gebruik te maken van deze VVE-uren. Hierdoor kan de meest kwetsbare groep buiten de boot vallen. De heer Van Vugt hoopt niet dat, op het gebied van de kleine scholen problematiek, een ping-pong-spel ontstaat tussen gemeente en school. Is de implementatie van de VVE-uren bij de Muzerij inmiddels opgelost? De heer Broeders vraagt of er informatie kan worden gedeeld uit de gehouden werksessie. De heer Van Dongen wijst op de keuze voor een externe procesleider; wie stelt deze aan en gaat deze betalen? Ook hij vraagt naar de kleine scholen problematiek. Wethouder Van der Veen meldt dat is gekozen voor een externe procesbegeleider (als onafhankelijk voorzitter) omdat die expertise nodig was; de gemeente houdt de regie. De kleine scholen problematiek is nog niet met de nieuwe bestuurder besproken; het probleem ligt breder en anders dan eerder bekend.
Dit wordt door De Muzerij eerst intern opgepakt. De heer Van Vugt vult aan dat het ook over het voortbestaan van de scholen in Molenschot en Hulten gaat. De heer Van Seters hoort graag de denkwijze van het college hierover. Wethouder Van der Veen wil eerst de informatie van De Muzerij zelf afwachten; daarna gaat ze het gesprek aan. Zij zal de VVE-uren nagaan en komt hier tijdig op terug. De VVE-uren en de toeslagenaffaire hebben weinig met elkaar te maken. Ze hoopt wel dat, door die affaire, door het ministerie beter over het huidige systeem wordt nagedacht. Op de vraag van mevrouw Frankemölle of het mogelijk is dat het dorpsteam een helpende hand toesteekt, legt ze uit dat de gemeente een goed zicht had op de aantallen kinderen die hiervan gebruik maken. Zij heeft geen signalen gehoord dat de percentages lager zijn geworden door de toeslagenaffaire. Maar alle kinderen lopen door corona achterstanden op. We moeten niet denken dat dit maar een klein percentage is. Ze wil in dat kader liever spreken over leervertraging; er wordt op dat gebied veel gevraagd van het onderwijs. Waar mogelijk wil het college dit zo veel mogelijk ondersteunen; het kan nu niet worden opgelost. 13. Rondvraag en sluiting. De voorzitter stelt voor alleen de urgente vragen te stellen en de overige schriftelijk in te dienen.
- Mevrouw Van der Meer wijst op de aangenomen motie in de Tweede Kamer om kledingbanken aan te merken als essentieel. De gemeente kent geen kledingbank, wel een weggeefhoek. Wil het college hierover het gesprek aangaan? Wethouder Zwarts zal eerst de motie goed doornemen en dit doorvertalen naar de mogelijkheden in onze gemeente. Ze zegt toe dit terug te koppelen in de commissievergadering. 9
Ontvangen antwoord van de wethouder: Binnen onze gemeente is de Weggeefhoek de enige organisatie die kleding gratis verstrekt aan minima, in lijn met o.a de voedselbanken. Ik heb contact gehad met de voorzitter van de Weggeefhoek en zij zien geen mogelijkheden om alleen voor kleding open te zijn. Immers, de Weggeefhoek voorziet de cliënten ook van vele andere artikelen die niet vallen onder de motie. De hoop is dan ook dat met het versoepelen van de maatregelen voor winkels dat zij onder dezelfde voorwaarden, zoals op afspraak winkelen, toch hun cliënten weer kunnen gaan bedienen - Mevrouw Schuermans informeert naar de stand van zaken rondom de kerkenvisie. Wethouder Zwarts meldt dat er nog niet is gestart met deze visie. - Mevrouw Schuermans wil weten of de eindevaluatie van de wijk GGD al beschikbaar is; zo ja, dan zou ze deze graag ontvangen. - Mevrouw Vervaet heeft een vraag over de mentale gezondheidscentra. Wethouder Zwarts verwacht dat de evaluatie voor de wijk GGD-er kan worden aangereikt. Zij legt uit dat voor de mentale gezondheidscentra de locaties nog niet bekend zijn. Het gaat hierbij wel om een specifieke doelgroep. Zij is blij met deze ontwikkelingen en ziet deze als een welkome toevoeging. - Mevrouw Schuermans meldt dat de trap nabij het Wilhelminaplein vaak wordt gebruikt als skatebaan.
Wat zijn de laatste ontwikkelingen voor een locatie voor een skatebaan? Wethouder Van der Veen licht toe dat wordt nagedacht over een jongerenontmoetingsplek. Waar deze kan komen, moet nog worden bekeken. Maar hier ligt geen relatie met een skatebaan; er is nu een skatebaan bij de v.m. sportzaal aan de Mgr. Ariënsstraat. Niets meer aan de orde zijnde, sluit de voorzitter de vergadering om 20.45 uur.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 maart 2021. , voorzitter , griffier
10
Actielijst raadscommissie Samenleving Nr.
vergadering d.d.
Actiepunt
actie door
in commissie
292
09-07-2018 (raad) 19-06-2019 09-09-2020
erfgoedbeleid + nieuwe erfgoedverordening
college
2 juni 2021
314
25-11-2020 03-03-2021
monitor sociaal domein (integrale raadsrapportage); raadsrapportage 2020
college
1 juli 2021 (?)
317
06-05-2019 (raad) 29-01-2020 25-11-2020
informatie inzake effectiviteit reïntegratiebeleid en uitstroom van diverse doelgroepen; uitkomst art. 231a-onderzoek
college
1 juli 2021
321
04-11-2019 (raad) 14-10-2020
herijkte sportvisie + beheerplan voor sportaccommodaties met financiële onderbouwing voor de periode 2021-2030
college
10 maart 2021
338
06-07-2020 (raad) 14-10-2020 27-01-2021
informatie inzake OOGO (onderwijsoverleg) en Lokale Educatieve Agenda (motie d.d. 06-07-2020)
college
1 juli 2021
339
06-07-2020 (raad) 25-11-2020
voorstel inzake toekomst groeituin op basis van uitgangspunt re-integratie (motie d.d. 06-072020)
college
14 april 2021
340
09-07-2020 (raad)
raadsvoorstel inzake structurele oplossing uitbreiding school AZC Prinsenbos (motie d.d. 09-07-2020)
college
2 juni 2021
342
12-10-2020
informatie over aangepast bouwplan cc De Boodschap
college
10 maart 2021 (datum informatiebijeenkomst plannen)
343
02-11-2020 (raad) 25-11-2020
subsidiekader van gemeente voor SCMO; informatie over kritieke prestatie indicatoren
college
10 maart 2021
344
02-11-2020 (raad) motie
uitkomst van onderzoek naar aansluiting bij Collectief Schuldregelen (schuldhulpverlening)
college
14 april 2021
345
12-11-2020 (raad) motie M2
informatie inzake naleving governancecode door grote subsidie-ontvangers
college
10 maart 2021
346
25-11-2020 27-01-2021
voorstel inzake aanpassing regeling "Fons"
college
10 maart 2021
348
25-11-2020
raadsvoorstel inzake krediet voor aanleg LEDverlichting bij voetbalvelden op sportpark Vijf Eiken
college
14 april 2021
349
25-11-2020
herijking visie sociaal domein
college
17 mei 2021: werkbijeenkomst
raadsvoorstel inzake beleidskader sociaal domein college
1 juli 2021 (?)
Nr.
vergadering d.d.
Actiepunt
actie door
in commissie
350
25-11-2020
cliëntervaringsonderzoek 2020 Wmo
college
1 juli 2021
352
09-12-2020 (beantwoording vragen VVDfractie)
maatregelen inzake beheersing extra kosten abonnementstarief Wmo
college
10 maart 2021
353
14-12-2020 (raad)
kopje "inclusie-agenda" in raadsvoorstellen?
college
14 april 2021
354
14-12-2020 (raad)
inclusie-meldingen in BeterBuiten app?
college
14 april 2021
355
14-12-2020 (raad)
populaire versie verordeningen + regels sociaal domein (Wmo en jeugdhulp)
college
14 april 2021
356
11-02-2021 (raad)
reactie college op brief van ministerie van OC&W college inzake extra rijksgelden voor lokale cultuur
14 april 2021
357
12