ap 15b - bijlage masterplan afkoppelen Molenschot
Tekst van het document
Documentnummer: 2020086-003
Masterplan afkoppelen Molenschot
Status: Concept
Revisie: 1.0
Project:
Masterplan afkoppelen gemeente Gilze en Rijen
Projectnummer:
2020086
Opdrachtgever:
Gemeente Gilze en Rijen
Datum:
2 juni 2021
Opsteller: Rik Peters
Kwaliteitscontroleur: -
Projectleider: Rik Peters
Akertech Adviseurs BV Vestiging ‘s-Hertogenbosch Bruistensingel 120 5232 AC ‘s-Hertogenbosch T. 013 522 99 00
Vestiging Duiven Scheefkelk 2 6922 HH Duiven T. 0316 280034 KVK: 578 12 918 BTW: 8527.47.093.B.01
Lid KIVI-NIRIA www.akertech.nl info@akertech.nl
SAMENVATTING De gemeente Gilze en Rijen heeft aan Akertech gevraagd om een afkoppelplan op te stellen voor de kernen Rijen, Gilze en Molenschot. Het voorliggende document betreft het Masterplan afkoppelen van de kern Molenschot. Molenschot bestaat grotendeels uit gemengde riolering met op twee verschillende locaties in het noorden en midden van Molenschot kleine gescheiden stelsels en in het zuiden een hemelwaterriool in de Schoolstraat. Vanuit de gemengde riolering kan het (afval)water in het westen van Molenschot in de Kapelstraat overstorten op het oppervlaktewater. In Molenschot zijn geen meldingen bekend over hinder of overlast van overtollig hemelwater. Doel
van
het
Masterplan
afkoppelen
Molenschot
is
het
in
beeld
hebben
van
de
afkoppelmogelijkheden. Voor het opstellen van het Masterplan afkoppelen Molenschot zijn de relevante beschikbare gebiedskenmerken verzameld en geanalyseerd. Uit deze analyse blijkt dat het maaiveldverloop van Molenschot van oost naar west loopt waarbij het westen het laagst is gelegen. Gezien het kleine oppervlak van Molenschot is de kern uitgewerkt in één afstromingsgebied met afvoer van hemelwater richting het westen. Het buitengebied waar in de huidige situatie gemengde riolering aanwezig is valt buiten dit afstromingsgebied. Het gebied dat buiten het afstromingsgebied valt is kansrijk om verharding rechtstreeks af te koppelen op oppervlaktewater. Op
basis
van
de
verzamelde
gebiedskenmerken
zijn
de
bergingsmogelijkheden
in
het
afstromingsgebied beoordeeld. De bovengrondse bergingsmogelijkheden zijn bepaald op basis van de aanwezige onverharde gebieden, de aanwezige bomen en het eigendom van de terreinen. De mogelijkheden voor ondergrondse berging zijn buiten beschouwing gelaten, omdat de ondergrond hiervoor ongeschikt is vanwege de hoge grondwaterstand. Voor heel Molenschot zijn de afkoppelmogelijkheden in beeld gebracht op een overzichtskaart. Op de overzichtskaart is de verdeling in afstromingsgebieden, locaties bovengrondse waterberging en afvoerrichting weergegeven. Voor de uitwerking van de afkoppelmaatregelen zijn de afkoppelmogelijkheden beoordeeld op basis van verschillende factoren voor een uitwerking in verschillende fases. Dit resulteert in een uitwerking van afkoppelmaatregelen in twee fases: •
Fase 1 betreft het afkoppelen van verhard oppervlak buiten het afstromingsgebied dat in de huidige situatie nog aangesloten is op de gemengde riolering.
•
Fase 2 betreft het realiseren van bovengrondse waterberging op drie locaties.
Voor het realiseren van de afkoppelmaatregelen kan voor fase 1 geen globale kostenraming opgesteld worden. Voor fase 2 is de globale kostenraming in de onderstaande tabel weergegeven. Fase Fase 2
Berging (m³) 222
€
Kosten 27.750,00
Na het opstellen van het Masterplan afkoppelen Molenschot zijn er nog een aantal aandachtspunten waar rekening mee gehouden dient te worden bij het maken van keuzes voor verdere uitwerking van de afkoppelmaatregelen. Hieronder zijn deze aandachtspunten opgesomd:
Pagina 1
•
Het is onvoldoende bekend welke oppervlakken zijn aangesloten op de gemengde riolering. Met name voor de verharding in en op de grens met het buitengebied is dit onduidelijk.
•
Er zijn geen signalen van hinder of overlast van overtollig hemelwater bekend in relatie tot de waterafvoer in Molenschot. Als er geen knelpunten zijn is het niet altijd doelmatig om hierin te investeren en zijn andere investeringen wellicht doelmatiger.
Pagina 2
INHOUDSOPGAVE Samenvatting
1
Inleiding
4
1.
2.
3.
4.
1.1
Aanleiding
4
1.2
Doel
4
1.3
Aanpak
4
Gebiedskenmerken 2.1
Hoogteverloop (AHN3)
5
2.2
Grondwaterstand
5
2.3
Bodemgesteldheid
6
2.4
Waterlopen
7
2.5
Riolering
8
2.6
Leeftijd riolering
9
2.7
Verhard oppervlak
10
Uitgangspunten en randvoorwaarden
12
3.1
Beleid gemeente Gilze en Rijen
12
3.2
Beleid waterschap Brabantse Delta
12
3.3
Uitgangspunten
12
Afkoppelmaatregelen
13
4.1
Afstromingsgebieden
13
4.2
Afvoerrichting
14
4.3
Waterberging
14
4.3.1
Bergingsopgave
14
4.3.2
Bovengrondse berging
14
5.
Fasering afkoppelmaatregelen
16
6.
Kostenraming
17
7.
Aandachtspunten
18
Bijlagen Bijlage I: Overzichtskaart afkoppelmaatregelen Molenschot
Pagina 3
5
1. INLEIDING De gemeente Gilze en Rijen heeft aan Akertech de opdracht gegeven om een afkoppelplan op te stellen. Daarnaast is ook aangegeven dat er behoefte is om het hydraulisch functioneren van het stedelijk watersysteem, voor en na uitvoering van de afkoppelmaatregelen, te toetsen. Het voorliggend document betreft het Masterplan afkoppelen voor de kern Molenschot. Voor de kernen Rijen en Gilze worden afzonderlijke afkoppelplannen opgesteld.
AANLEIDING
1.1
De aanleiding voor het opstellen van het afkoppelplan voor de kern Molenschot is de Motie van de Raad om versneld te gaan afkoppelen in de gemeente Gilze en Rijen naar aanleiding van wateroverlast in de praktijk bij een hevige neerslaggebeurtenis in juni 2020.
DOEL
1.2
Het doel voor het opstellen van het afkoppelplan voor de kern Molenschot is meerledig: -
Voorkomen en beperken van wateroverlast bij hevige en extreme neerslaggebeurtenissen;
-
In beeld brengen van doelmatige afkoppelmogelijkheden;
-
De afkoppelmaatregelen in beeld te krijgen zodat er snel kan worden meegelift met andere werkzaamheden in de openbare ruimte;
-
1.3
Een prioritering voor uitvoering van de afkoppelmaatregelen. AANPAK
Voor het opstellen van het Masterplan is gestart met het verzamelen, inventariseren en analyseren van de beschikbare gegevens. Over de verzamelde gegevens heeft afstemming plaatsgevonden betreffende de correctheid van deze informatie. Op basis van de verzamelde gegevens zijn de uitgangspunten
beschreven
afkoppelmogelijkheden
in
de
welke
van
toepassing
kern
Molenschot.
Deze
zijn
voor
het
bepalen
afkoppelmogelijkheden
zijn
van
de
op
een
overzichtskaart verwerkt samen met de belangrijkste uitgangspunten. Verder is er een afvoerrichting van het hemelwater uitgewerkt welke met name gebaseerd is op het hoogteverloop in Molenschot en de aanwezige oppervlaktewaterstructuur. Op basis van de beschreven afkoppelmogelijkheden is een indicatie gegeven hoeveel hemelwater er in Molenschot geborgen kan worden bij uitvoering van de afkoppelmogelijkheden. Tot slot is er een prioritering voor uitvoering van afkoppelmaatregelen beschreven. Voor de uitvoering van deze afkoppelmaatregelen is tevens een globale kostenraming opgesteld.
Pagina 4
2. GEBIEDSKENMERKEN 2.1
HOOGTEVERLOOP (AHN3)
Het hoogteverloop is een belangrijke factor voor het maken van strategische keuzes voor het verwerken van hemelwater. Met deze informatie kunnen doelmatige keuzes gemaakt worden voor afstromings-/afvoerrichtingen en bergingslocaties. Binnen de kern Molenschot zijn er geen grote hoogteverschillen. Het noordoosten van Molenschot is het hoogst gelegen op ca. 9 m +NAP en het zuidwesten het laagst gelegen op ca. 7,5 m +NAP.
Figuur 1: Hoogteverloop Molenschot (AHN3)
2.2
GRONDWATERSTAND
Voor de mogelijkheden van infiltratie en ondergrondse waterberging is het van belang om te kijken naar de grondwaterstand in relatie tot de maaiveldhoogte. Voor het bepalen van de grondwaterstand zijn de meetgegevens uit het grondwatermeetnet van de gemeente Gilze en Rijen aangeleverd door de gemeente. De data van de gemeten grondwaterstanden hebben betrekking op de periode van 2016 t/m 2021. In de kern Molenschot is op slechts één locatie een peilbuis aanwezig, deze locatie is weergegeven in de onderstaande figuur. De hoogst gemeten grondwaterstand op deze locatie is 7,59 m + NAP. Dit is slechts een halve meter onder het maaiveld (8,1 m +NAP). Door dit kleine verschil is de verwachting dat de mogelijkheden voor ondergrondse berging binnen de kern Molenschot beperkt zijn. Om hier een beter beeld van te krijgen zijn meer grondwatermetingen nodig.
Pagina 5
Figuur 2: Grondwaterstanden in Molenschot
2.3
BODEMGESTELDHEID
Voor het bepalen van de bodemdoorlatendheid is de beschikbare bodeminformatie op Dinoloket geraadpleegd. Op dinoloket zijn drie boorlocaties aanwezig in Molenschot. Daarnaast staan er nog drie boorlocaties net buiten de kern die ook meegenomen worden om een compleet beeld te schetsen van de ondergrond in Molenschot. Van de zes booronderzoeken bestaan er vijf in de eerste vijf meter slechts uit zand. De bodemdoorlatendheid van zand is goed (1-5 m/dag). Alleen het boorprofiel van de meest oostelijke boring bevat een laag leem op 2,00m tot 2,20m diepte. De bodemdoorlatendheid van leem is slecht (0,05 m/dag).
Pagina 6
Figuur 3: Locaties boringen Molenschot
2.4
WATERLOPEN
Voor het afkoppelen van hemelwater speelt de ligging van watergangen een belangrijke rol. De watergangen zorgen voor de verdere afvoer van water weg uit het stedelijk gebied, met name wanneer het niet lokaal kan infiltreren of geborgen kan worden heeft deze afvoer een belangrijke functie. Daarnaast worden watergangen ingezet voor de vertraagde leegloop van het stedelijk watersysteem. Figuur 4 toont de locatie van de watergangen rondom de kern Molenschot. Met name in westen zijn meer watergangen aanwezig.
Pagina 7
Figuur 4: Watergangen rondom Molenschot
2.5
RIOLERING
De vrij verval riolering van Molenschot bestaat grotendeels uit gemengde riolering met een overstort richting oppervlaktewater in het westen. Op twee verschillende locaties in het noorden en midden van Molenschot is gescheiden riolering aanwezig en in het zuiden een hemelwaterriool in de Schoolstraat. In figuur 5 is de riolering van Molenschot weergegeven.
Pagina 8
Figuur 5: Riolering Molenschot
2.6
LEEFTIJD RIOLERING
Riolering heeft een geschatte levensduur van ca. 60 jaar. Als het deze leeftijd bereikt zou het theoretisch gezien aan vervanging toe zijn. Deze vervanging kan dan nog uitgesteld worden door reparaties of renovaties aan en van de riolering. Daarnaast wordt op basis van inspecties beoordeeld wanneer riolering vervangen dient te worden of dat reparaties voldoende zijn. Op basis van de leeftijd van de riolering kan een inschatting gemaakt worden waar de riolering als eerste vervangen dient te worden. In figuur 6 is de leeftijd van de riolering in Molenschot weergegeven. Alle gemengde riolering in Molenschot is aangelegd in de jaren ’70 en de jaren ’90.
Pagina 9
Figuur 6: Leeftijd riolering in Molenschot
2.7
VERHARD OPPERVLAK
Als basis is voor de inventarisatie van de afstromende verharding aangesloten op de gemengde riolering de informatie van het BRP uit 2015 gebruikt. De hoeveelheid van deze verharding in de kern Molenschot bedraagt volgens het BRP 7,45 hectare. Ten behoeve van het opstellen van dit Masterplan is er op basis van de gegevens uit 2015 een nieuwe inventarisatie uitgevoerd en is de verhardingskaart aangepast op basis van de beschikbare verharding en rioolgegevens van 2020. De hoeveelheid afstromende verharding aangesloten op de gemengde riolering in Molenschot bedraagt ca. 7,45 hectare. In figuur 7 is de afstromende verharding welke is aangesloten op de gemengde riolering weergegeven. Hierin is onderscheid gemaakt tussen wegen en panden.
Pagina 10
Figuur 7: Verharding in Molenschot
Pagina 11
3. UITGANGSPUNTEN EN RANDVOORWAARDEN 3.1
BELEID GEMEENTE GILZE EN RIJEN
In het beleid van de gemeente en Gilze en Rijen is ten aanzien van het hydraulisch functioneren van het stedelijk watersysteem als uitgangspunt opgenomen dat er geen water op straat mag worden berekend bij bui 08 uit de Kennisbank Stedelijk Water. De gemeente kent geen eisen voor een waterbergingsverplichting.
3.2
BELEID WATERSCHAP BRABANTSE DELTA
In het beleid van Waterschap Brabantse Delta is als uitgangspunt opgenomen dat er 60 mm water geborgen wordt voor afstromend hemelwater voordat er geloosd wordt op het watersysteem van het Waterschap.
3.3
UITGANGSPUNTEN
In tabel 1 zijn de uitgangspunten die van toepassing zijn op de uitwerking van het afkoppelplan, opgenomen. Tabel 1: Uitgangspunten Onderwerp Maaiveldhoogte Hoogst gemeten grondwaterstand Bodemdoorlatendheid (k-waarde) Verharding op gemengde riolering Te realiseren berging Leeftijd Riolering
Pagina 12
Uitgangspunt 7,5 – 8,8 m + NAP 0,51 m-mv 1 – 5 m/dag 7,45 ha 60 mm Aangelegd in de jaren ‘70 en jaren ‘80
4. AFKOPPELMAATREGELEN In de navolgende paragrafen zijn het afstromingsgebied, de afvoerrichting voor het af te koppelen hemelwater beschreven en de potentiële bovengrondse bergingslocaties in beeld gebracht.
4.1
AFSTROMINGSGEBIEDEN
Molenschot bestaat uit één afstromingsgebied ten behoeve van de inzameling, berging en afvoer van hemelwater. Een deel van de bestaande gemengde riolering valt buiten dit afstromingsgebied. Het afkoppelen van de verharding die buiten het afstromingsgebied valt is niet meegenomen in het bepalen van de berging en afvoer van hemelwater. Voor de gebieden die hierbuiten vallen is het wenselijk om de verharding rechtstreeks aan te sluiten op oppervlaktewater of eventueel via greppels. In de onderstaande figuur is het afstromingsgebied weergegeven.
Figuur 8: Afstromingsgebied
Pagina 13
4.2
AFVOERRICHTING
Figuur 9 geeft de afvoerrichting weer die zijn voorzien voor de afvoer van hemelwater vanuit het afstromingsgebied.
Figuur 9: Afvoerrichting hemelwater
4.3 4.3.1
WATERBERGING Bergingsopgave
In het beleid van Waterschap Brabantse Delta is als uitgangspunt opgenomen dat er 60 mm hemelwater geborgen dient te worden voordat er geloosd mag worden op het oppervlaktewater van het Waterschap. In tabel 2 is de hoeveelheid afstromend verhard oppervlak weergegeven. Hierin is tevens onderscheid gemaakt in het type oppervlak. Daarnaast is ook de bergingsopgave op basis van 60 mm in de tabel weergegeven. Hiervoor is voor de wegen uitgegaan van 100% en voor de daken 50% af te koppelen oppervlak. Tabel 2: Bergingsopgave afstromingsgebied Molenschot
Verharding weg
Verharding dak
Verharding totaal
Bergingsopgave
[ha]
[ha]
[ha]
[m3]
3,1
4.3.2
1,6
4,7
2.822
Bovengrondse berging
Het realiseren van bovengrondse berging bestaat voornamelijk uit het realiseren van wadi’s. Veel groengebieden zijn geschikt om in te richten als wadi. Figuur 10 toont de locaties die geschikt zijn voor de realisatie van een wadi. Bij het bepalen van deze locaties is (in enige mate) rekening gehouden met de functie van het huidige groengebied en de aanwezigheid van bomen. In meerdere
Pagina 14
gevallen zijn er wel bomen aanwezig op de aangewezen groenlocaties. Het realiseren hoeft op deze locaties niet altijd ten koste te gaan van de aanwezige bomen. In sommige gevallen zal het wel ten koste gaan van de bomen of valt er meer berging te realiseren wanneer er bomen gekapt worden. Op deze locaties is het in bijna alle gevallen mogelijk om nieuwe bomen te plaatsen op deze bergingslocaties. Dit kan goed samengaan en levert vaak zelfs een mooi beeld op. In bijlage 1 is de algemene overzichtskaart van het afkoppelplan opgenomen, op deze kaart zijn ook de locaties van de bomen zichtbaar.
Figuur 10: Potentiële locaties bovengrondse waterberging
In de kern Molenschot is in totaal ca. 222 m3 aan bovengrondse berging te realiseren als de aangewezen locaties worden ingericht als waterberging. Dit is op basis van de aangewezen locaties met een bergingsdiepte van 0,3 meter. Met de aangewezen locaties kan binnen de kern Molenschot 5 mm berging worden gerealiseerd.
Pagina 15
5. FASERING AFKOPPELMAATREGELEN Voor de uitvoering, van de in het voorliggende document beschreven afkoppelmaatregelen, is een fasering opgesteld. Bij het opstellen van de fasering is een prioritering gehanteerd om de doelmatigheid voor het uitvoeren van maatregelen te waarborgen. Voor het opstellen van de prioritering zijn de onderstaande vraagstellingen beantwoord. 1. Welk riool heeft de hoogste leeftijd? Geen riolering aanwezig die op basis van de restlevensduur de komende jaren vervangen dient te worden. 2. Waar is de meeste berging mogelijk? Er is slechts op drie locaties in de kern berging mogelijk, deze berging is minimaal. De meeste berging is mogelijk buiten de kern. 3. Waarmee wordt de gevoeligheid voor wateroverlast in het Molenschot het meest beperkt? Zoveel mogelijk bergen en vertraagd afvoeren richting oppervlaktewater of infiltreren waar mogelijk. Verder zijn er geen meldingen of klachten over hinder of overlast door water in Molenschot bekend. Op basis van de toelichting op de bovenstaande drie vragen is in samenspraak tussen de gemeente en Akertech bepaald dat de uitvoering van maatregelen in Molenschot geen prioriteit heeft. Wel kan Molenschot klimaatrobuuster worden ingericht door de verharding die op het gemengde stelsel is aangesloten en buiten het afstromingsgebied vallen rechtstreeks af te koppelen richting oppervlaktewater.
Aanvullend kan Molenschot klimaatrobuuster worden ingericht door de drie potentiële bovengrondse bergingslocaties uit te werken. Hieronder is de fasering voor de verdere uitwerking van de afkoppelmaatregelen in Molenschot in voorkeursvolgorde beschreven. 1. Afkoppelen verhard oppervlak dat zich buiten het afstromingsgebied bevindt. 2. Realiseren drietal bovengrondse waterbergingen
Pagina 16
6. KOSTENRAMING Voor de uitvoering van fase 1 is het niet mogelijk om een inschatting van de kosten te maken. Hiervoor moet eerst inzichtelijk gemaakt worden welke oppervlakken het betreft en hoe deze in de huidige situatie afwateren. Daarnaast speelt ook afstemming met eigenaren van de af te koppelen verharding een belangrijke rol. Voor de uitvoering van de voorgestelde afkoppelmaatregelen van fase 2 is een globale kostenraming opgesteld. Voor de uitwerking van de kostenraming zijn de onderstaande kosten per m³ waterberging gehanteerd. Dit betreft een indicatie van de kosten gebaseerd op ervaring en de beschikbare kostenkengetallen.
De
genoemde
prijzen
betreffen
de
aanlegkosten,
deze
zijn
inclusief
werkzaamheden aan verhardingen en staartkosten en exclusief BTW en VAT-kosten. Tabel 33: Aanlegkosten per m3 berging
Type Wadi
Aanlegkosten per m³ berging €
125,00
Met de bovengenoemde kostenkengetallen is op basis van de bepaalde hoeveelheden voor de uitwerking van fase 2 de onderstaande kostenraming opgesteld. De globale kosten voor de uitvoering van de werkzaamheden zijn vermeld. Deze prijzen zijn exclusief de engineeringskosten. Tabel 44: Kostenraming per fase
Fase Fase 2
Pagina 17
Berging (m³) 222
€
Kosten 27.750,00
7. AANDACHTSPUNTEN Na het opstellen van het Masterplan afkoppelen Molenschot zijn er nog een aantal aandachtspunten waar rekening mee gehouden dient te worden bij het maken van keuzes voor verdere uitwerking van de afkoppelmaatregelen. Hieronder zijn deze aandachtspunten opgesomd: •
Het is onvoldoende bekend welke oppervlakken zijn aangesloten op de gemengde riolering. Met name voor de verharding in en op de grens met het buitengebied is dit onduidelijk.
•
Er zijn geen signalen van hinder of overlast van overtollig hemelwater bekend in relatie tot de waterafvoer in Molenschot. Als er geen knelpunten zijn is het niet altijd doelmatig om hierin te investeren en zijn andere investeringen wellicht doelmatiger.
Pagina 18
BIJLAGEN
Bijlage(n) behorende bij 2020086-003 Masterplan afkoppelen Molenschot v1.0 RP 02-06-2021
Bijlage I Overzichtskaart afkoppelmaatregelen Molenschot
Bijlage(n) behorende bij 2020086-003 Masterplan afkoppelen Molenschot v1.0 RP 02-06-2021