ap 13c evaluatieverslag uitvoeringsprogramma vergunningverlening, toezicht en handhaving 2020
Tekst van het document
MEMO -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan
raadscommissie Middelen
Van
college van burgemeester en wethouders
Onderwerp
evaluatieverslag vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) 2020 Gilze en Rijen
Datum
22 april 2021
Zaak Green Valley
339519
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Inleiding De handhaving die gemeenten uitvoert, moet voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen. Deze eisen zijn vastgelegd in het Besluit omgevingsrecht (Bor), waarin regels zijn opgenomen ter uitvoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), en de Ministeriële regeling Omgevingsrecht (Mor). De provincie is belast met het toezicht op de uitvoering van die kwaliteitscriteria. Zo is onder meer vastgelegd dat de gemeente moet beschikken over een handhavingsbeleid. De wijze waarop de gemeente Gilze en Rijen haar handhavingstaken in het omgevingsrecht uitvoert, is vastgelegd in een beleidsnota, die elke vier jaar opnieuw moet worden vastgesteld. Eind 2019 is de nota 2020-2024 vastgesteld. Dit beleid moet vervolgens elk jaar worden uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Van het uitvoeringsprogramma moet vervolgens weer elk jaar voor 1 mei een evaluatie plaatsvinden middels het opstellen van een evaluatieverslag. Belangrijkste conclusies uit het verslag In het evaluatieverslag wordt ingegaan op de uitvoering van de vergunningverlening, toezicht- en handhavingstaken in 2020 aan de hand van het vastgestelde uitvoeringsprogramma voor 2020.
Alle inspanningen op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving worden geëvalueerd, afwijkingen van het programma worden gemeld en gemotiveerd. Hieronder leest u de belangrijkste conclusies uit het evaluatieverslag. Vergunningverlening Uit het vergunningengedeelte blijkt dat vergunningen over het algemeen binnen de daarvoor gestelde termijnen zijn afgehandeld. Slechts in enkele gevallen werd de beslistermijn verlengd, veelal in overleg met de aanvrager. Het aantal WABO aanvragen is in 2020 (238) iets afgenomen ten opzichte van 2019 (258). Het aantal activiteiten is ook iets afgenomen. Daarnaast zijn er wat minder grote bouwwerken vergund dan in 2019. Het aantal milieumeldingen en sloopmeldingen is afgenomen. Voor wat betreft het slopen komt dat waarschijnlijk door de nieuwe uitspraak dat asbest toch niet verwijderd hoeft te worden. Het aantal verzoeken om een vergunningcheck is wederom toegenomen. De tijd die we daar mee kwijt zijn moet niet onderschat worden. Om de klant de juiste en volledige informatie te kunnen geven moeten we hier vaak een complexe check voor uitvoeren.
Toezicht en Handhaving Voor wat betreft het toezicht op de milieutaken heeft de OMWB in 2020 58 reguliere controles en 32 hercontroles uitgevoerd. De doelstelling van 50% naleefgedrag is ruimschoots gehaald. In 2020 is het naleefgedrag namelijk 78%. In de regio is een gemiddeld naleefgedrag van 64%. Ten aanzien van het onderdeel bouwen is geconcludeerd dat er meer bouw- en sloopcontroles zijn uitgevoerd en minder handhavingscontroles. Uiteindelijk zijn er meer uren uitgevoerd dan begroot. Mocht dit structureel zo zijn, dan zullen in de toekomstige uitvoeringsprogramma’s VTH de uren daarvoor naar boven worden bijgesteld. De handhaving op bestemmingsplannen is met name gericht op illegale bewoning op onder meer campings en recreatieparken. In 2020 is er wederom capaciteit ingezet op de handhaving van permanente bewoning op campings, wat in veel gevallen tot het gewenste resultaat heeft geleid, namelijk de beëindiging van de bewoning. Wij hopen ook dat het signaal wat hiervan uitgaat een belemmerende factor is voor personen die op een recreatiepark willen gaan wonen. Voor wat betreft de handhaving op APV en bijzondere wetten is net als voorgaande jaren met name ingezet op handhaving van de Opiumwet. Hierin lagen ook de prioriteiten. Dit wordt in 2021 voortgezet. Door de coronamaatregelen zijn controles op evenementen en horeca minder nodig geweest.
Daarvoor in de plaats kwam natuurlijk wel de handhaving op de coronamaatregelen. Omdat ook dit jaar alle controles en adviezen over brandveilig gebruik door de brandweer zijn afgedaan en er geen inzet nodig was van de gemeente, behoeft hier geen aanpassing van beleid en/of programma te worden gedaan. Procedure Wij bieden u dit evaluatieverslag ter kennisname aan. Het verslag is inmiddels ook aan de provincie gestuurd.
Bijlage(n): Evaluatieverslag VTH 2020 Rapportage 2020 Omgevingsdienst
Evaluatie uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht & Handhaving 2020
Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 21 april 2021
Inhoudsopgave 1. INLEIDING ..................................................................................................................................................... 3 2. ORGANISATIE ............................................................................................................................................... 4 2.1 UITVOERINGSORGANISATIE .................................................................................................................................. 4 2.2 BESCHIKBARE FORMATIE ..................................................................................................................................... 4 2.3 KWALITEITSEISEN VERGUNNINGVERLENING EN HANDHAVING ...................................................................................... 5 2.4 VTH-KWALITEITSCRITERIA 2.2 ............................................................................................................................. 5 Evaluatie capaciteit en conclusie ................................................................................................................... 5 3. EVALUATIE 2020 VERGUNNINGVERLENING ..................................................................................................
6 3.1 VERGUNNINGVERLENING WABO MILIEU ................................................................................................................ 6 3.2 VERGUNNINGVERLENING WABO BRANDVEILIG GEBRUIK ............................................................................................ 6 3.3 VERGUNNINGVERLENING WABO ANDERS DAN MILIEU EN BRANDVEILIG GEBRUIK ............................................................ 7 3.4 VERGUNNINGVERLENING APV/ BIJZONDERE WETTEN .............................................................................................. 8 Evaluatie vergunningverlening en conclusie.................................................................................................. 9 4. PRIORITEITEN ............................................................................................................................................. 10 Evaluatie prioriteiten en conclusie ............................................................................................................... 10 5. EVALUATIE 2020 TOEZICHT- EN HANDHAVINGSTAKEN ............................................................................... 11 5.1 MILIEU ..........................................................................................................................................................
11 5.2 BOUWEN ....................................................................................................................................................... 11 5.3 BESTEMMINGSPLANNEN ................................................................................................................................... 12 5.4 APV EN BIJZONDERE WETTEN............................................................................................................................. 13 5.5 BRANDVEILIG GEBRUIK...................................................................................................................................... 14 5.6 VERZOEKEN OM HANDHAVING ........................................................................................................................... 14 Evaluatie toezicht- en handhavingstaken en conclusie ............................................................................... 15 6. PROCESGERICHTE TAKEN............................................................................................................................ 16 6.1 KWALITEIT VERSLAGLEGGING ............................................................................................................................. 16 6.2 AFSTEMMING/VOORLICHTING/REGIONALE SAMENWERKING ....................................................................................
16 6.3 PREVENTIEVE HANDHAVING ............................................................................................................................... 16 Evaluatie en conclusie procesgerichte taken ............................................................................................... 16
2
1. INLEIDING Voor u ligt de evaluatie van het uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving van de gemeente Gilze-Rijen. Deze evaluatie geeft een overzicht van alle in 2020 geleverde producten en projecten op het gebied van VTH (Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving). In dit verslag staan zowel de aantallen vergunningen en meldingen als de aantallen controles, klachten en handhavingszaken. Naast de aantallen wordt een verklaring gegeven van de verschillen tussen geplande en gerealiseerde producten en uitschieters. De vergunningverlening, toezicht en handhaving die gemeenten uitvoeren moet voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen. Deze eisen zijn vastgelegd in het Besluit omgevingsrecht (Bor), waarin regels zijn opgenomen ter uitvoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), en de Ministeriële regeling Omgevingsrecht (Mor). Zo is onder meer vastgelegd dat de gemeente moet beschikken over een VTH (Vergunningen, Toezicht en Handhaving) beleidsplan. Eind 2019 is het nieuwe beleid vastgesteld voor de periode 2020 tot 2024. Het beleidsplan wordt jaarlijks uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma VTH, waarin wordt aangegeven welke van de voorgenomen activiteiten in dat jaar worden uitgevoerd. Het beleidsplan en de daarbij behorende prioritering liggen aan de basis van het uitvoeringsprogramma 2020.
In het uitvoeringsprogramma, vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 21 januari 2020, is een afstemming gemaakt tussen de vastgestelde thema’s en prioriteit enerzijds en de aanwezige capaciteit anderzijds. Het volledig handhaven van regels is in de praktijk namelijk niet mogelijk. Ook in de gemeente Gilze en Rijen is er onvoldoende capaciteit om een 100% dekkende handhaving te realiseren. Het uitvoeringsprogramma wordt op haar beurt weer jaarlijks geëvalueerd. Die evaluatie kan leiden tot het aanpassen van het beleid. Zo ontstaat er een continu proces van opstellen, uitvoeren en aanpassen van alle taken die op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving moeten worden uitgevoerd. De evaluatie van het uitvoeringsprogramma laat zien of de in het uitvoeringsprogramma opgenomen activiteiten zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de in het VTH-beleid gestelde doelen. De evaluatie worden bekend gemaakt aan de gemeenteraad. Het Bor bepaalt tevens dat monitoring van de uitvoering van het uitvoeringsprogramma en het bereiken van de in het handhavingsbeleid gestelde doelen plaats moet vinden met behulp van een geautomatiseerd systeem. Gegevens dienen hiertoe in dit systeem geregistreerd te worden.
In de gemeente Gilze en Rijen wordt het programma GISVG gebruikt als geautomatiseerd systeem voor handhaving. Het Mor bepaalt dat in ieder geval moet worden gemonitord op het aantal: a. uitgevoerde controles; b. geconstateerde overtredingen; c. opgelegde bestuurlijke sancties; d. processen-verbaal; e. over mogelijke overtredingen ontvangen klachten. De onderliggende evaluatie vormt een essentieel onderdeel van de professionele beleidscyclus voor toezicht en handhaving. De prioriteiten en doelen zoals deze zijn gesteld in het uitvoeringsprogramma handhaving 2019 worden in dit jaarverslag geëvalueerd. Hierbij wordt ingegaan op wat is bereikt, de manier waarop en wat de resultaten zijn.
3
2. ORGANISATIE 2.1 Uitvoeringsorganisatie De gemeente Gilze en Rijen is per 1 januari 2016 ondergebracht in de ABG-werkorganisatie. De clusters Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving hebben in 2020 gewerkt voor de drie gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen. Vergunningverlening en alle toezichts- en handhavingstaken zijn uitgevoerd voor deze gemeenten op de gebieden Wabo (onder andere bouwen en brandveiligheid), en tevens op het gebied van de APV en bijzondere wetten (onder andere drank- en horecawet en evenementen). Ook handhaving op grond van de Opiumwet is uitgevoerd door dit cluster, echter alleen de juridische afhandeling ervan. De opsporing en daadwerkelijke uitvoering zijn uitgevoerd door het cluster Veiligheid. Advisering op het gebied van vergunningverlening (voor milieu) en milieutoezichttaken is uitgevoerd door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB). Op het gebied van brandveiligheidstoezichttaken laten wij ons adviseren door de Veiligheidsregio Midden en West-Brabant (VRMWB). Zij voeren ook de toezichtstaken voor ons uit. Om zoveel mogelijk integraal toezichts- en handhavingstaken op te pakken, heeft regelmatig overleg plaatsgevonden met/tussen de toezichthouders. Verder is in 2020 gebruik gemaakt van de BOA-pool voor de handhaving van de Drank- en Horecawet (DHW).
Wel in beperkte mate, omdat de horeca een aantal maanden gesloten was vanwege de Covid-19 maatregelen. 2.2 Beschikbare formatie In 2020 was de beschikbare interne formatie voor toezicht en handhaving: Handhavingsformatie
Coördinator Toezicht en Handhaving Medewerker Toezicht en Handhaving Overlastregisseur* Juridisch medewerker Handhaving Juridisch medewerker handhaving aanpak permanente bewoning** BOA*** BRP controleur* Totaal beschikbare capaciteit per jaar
Uren beschikbaar voor GR
FTE beschikbaar voor GR
(1 fte=1388 uur)
(54,4 %)
FTE ABGorganisatie
672 2776 1388 2443 458
0,48 2 1 1,76 0,33
0,89 3,89 1 3,23 0,67
3400 1388 12525
2,45 1 9,02
4,5 1 15,18
*Deze formatie is alleen inzetbaar voor Gilze en Rijen **de helft van de capaciteit is inzetbaar voor Gilze en Rijen ***deze formatie bestaat uit 1,6 Fte volgens de afgesproken verdeelsleutel en 0,81 fte volgens de ingebrachte budgetten
De beschikbare externe formatie bestond uit de uren van de OMWB. De werkzaamheden die de OMWB voor ons verricht zijn in budgetten vastgelegd. In bijlage 1 van de eindrapportage van de OMWB vindt u een verantwoording van de kosten voor het werkprogramma van de OMWB. Voor vergunningverlening was de formatie: Vergunningverlening formatie
Coördinator Vergunningen Medewerker vergunningverlening Wabo A Medewerker vergunningverlening Wabo B
Uren beschikbaar voor GR
FTE beschikbaar voor GR
(1 fte=1388 uur)
(53,8%)
750 3317 2082
0,54 2,39 1,50
FTE ABGorganisatie
1,00 4,45 2,78
4
Medewerker vergunningverlening APV/BZW Juridisch medewerker vergunningen Administratief medewerker vergunningen Totaal beschikbare capaciteit per jaar
2651 2082 2290 13172
1,91 1,50 1,65 9,49
3,56 2,78 3,07 17,64
2.3 Kwaliteitseisen vergunningverlening en handhaving De Wabo en Bor geven kwaliteitscriteria waaraan de gemeente als vergunningverlenings- en handhavingsorganisatie moet voldoen. Zo moet vergunningverlening en handhaving gescheiden zijn. Binnen de ABG-organisatie is dat het geval. In het Fysieke Domein is er een cluster Vergunningverlening en een cluster Handhaving en toezicht. Ook zijn er vier toezichthouders en vier BOA’s (en capaciteit vanuit de BOA-pool). Ongeveer de helft van deze capaciteit wordt ingezet voor de gemeente Gilze en Rijen. De BOA’s zijn ook buiten de gebruikelijke kantooruren beschikbaar en werkzaam. Dat geldt ook voor de milieu-incidenten die door de medewerkers van de OMWB worden behandeld. 2.4 VTH-Kwaliteitscriteria 2.2 Op 8 mei 2017 heeft de gemeenteraad de Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht gemeente Gilze en Rijen vastgesteld. In deze verordening wordt verwezen naar kwaliteitscriteria voor kritieke massa. Deze kwaliteitscriteria geven een ondergrens aan het aantal medewerkers, hun opleiding en hun deskundigheid. Dit is het niveau dat minimaal nodig is om de omgevingsrechtelijke activiteiten op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in continuïteit uit te kunnen voeren. In 2020 wordt uitgegaan van de set Kwaliteitscriteria 2.2 zoals per 1 juli 2019 is vastgesteld.
Dit is een landelijk vastgestelde norm. Hierin zijn voor 27 deskundigheidsgebieden eisen opgenomen. Aan deze eisen kan concreet getoetst worden. Een deel van de activiteiten die hierin zijn opgenomen wordt door de ABG-organisatie uitgevoerd en een deel door de OMWB. Er is aan het document getoetst en in 2020 werd er door de ABG-organisatie aan de kwaliteitscriteria voldaan. Ook de OMWB heeft laten zien dat zij voldoen aan de kwaliteitscriteria voor zover de ABG-organisatie de activiteiten door hun laat uitvoeren.
Evaluatie capaciteit en conclusie De gemeente voldoet aan de wettelijke kwaliteitscriteria. Toezicht en Handhaving In het voorjaar van 2019 is er extra capaciteit bijgekomen voor het controleren op de inschrijvingen in de Basisregistratie Personen (BRP-controleur) en voor het signaleren en bestrijden van overlastsituaties in het algemeen (overlastregisseur). De capaciteit voor handhaving op permanente bewoning is in 2019 ook verder uitgebreid. In 2020 is de formatie niet verder uitgebreid omdat gebleken is dat er voldoende capaciteit is. Vergunningverlening De capaciteit die in 2019 nog is aangevuld, is in 2020 gelijk gebleven. Vooralsnog is deze namelijk voldoende gebleken.
5
3. EVALUATIE 2020 VERGUNNINGVERLENING In onderstaande paragrafen wordt een overzicht gegeven van de aangevraagde vergunningen en ingediende meldingen op grond van de Wabo, APV en de Bijzondere Wetten. 3.1 Vergunningverlening Wabo Milieu Vanaf 1 januari 2013 behandelt de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) voor onze gemeente alle milieutaken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. De gemeente Gilze en Rijen heeft aan de OMWB mandaat verleend voor het nemen van besluiten. De gemeente zelf blijft echter bevoegd gezag en kan eventueel van een advies van de OMWB afwijken. In 2019 is niet afgeweken van het advies van de OMWB. In 2020 zijn de volgende producten op het gebied van milieu aangevraagd op grond van de Wabo: Soort Vergunning (oprichten / wijzigen) Intrekking vergunning, melding MER-procedure Milieu-neutrale verandering Omgevingsvergunning Beperkte Milieutoets* Melding, incl. aanleggen bodemenergiesysteem Maatwerkvoorschriften Zienswijzen Beroep en hoger beroep
Aantal 2020 4 2 2 0 0 36 0 23 0
* De omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) hoort bij een melding activiteitenbesluit en heeft als doel om vooraf te kunnen beoordelen of de activiteit wel mogelijk is (zie artikel 2.2 a Besluit Omgevingsrecht ( BOR). De OBM bestaat uit een toestemming of een weigering. Het bevoegd gezag kan geen voorschriften aan de OBM verbinden.
Termijnen Bij 3 aanvragen is sprake van overschrijding van de termijn van orde van 26 weken. Dit wordt bij 2 aanvragen veroorzaakt door de huidige wet- en regelgeving met betrekking tot veehouderijen en gezondheid (PAS, stalderen, opvragen advies aan de GGD). De beoordeling duurt langer omdat aanvragen op grond van de gewijzigde wet -en regelgeving aangehouden moeten worden of dat extra adviezen moeten worden opgevraagd. Uiteraard vindt hierover overleg plaatst met de aanvragers. Eén aanvraag duurt langer vanwege de moeizame communicatie met de adviseur (Thiekon). Het afhandelen van de meldingen valt sinds 2018 onder de voorbereidingshandelingen. Dit betekent dat de OMWB zelf de correspondentie naar de aanvrager verzorgt zonder tussenkomst van de gemeente. Dit geldt ook voor de afhandeling van de meldingen. Het valt op dat afhandeling van de meldingen hierdoor vlotter verloopt, met hier en daar een uitzondering. Dat had te maken met het niet volledig zijn van de melding, extra milieu wetgeving of bestemmingsplan voorschriften. Ook worden meldingen automatisch naar de OMWB doorgestuurd ter advisering op het moment dat ze bij ons als bevoegd gezag ingediend worden. GGD-adviezen Op grond van de geldende wet- en regelgeving / beleid hebben we in 2020 één keer een GGD advies opgevraagd. Het advies was opgevraagd in het kader van een M.E.R.-procedure.
In het advies is een aantal aspecten benoemd die meegenomen kunnen worden bij vergunningverlening. 3.2 Vergunningverlening Wabo brandveilig gebruik De Veiligheidsregio adviseert ons op het gebied van brandveiligheid. In 2020 zijn de volgende aantallen meldingen en vergunningen aangevraagd op grond van de Wabo:
6
Soort Gebruiksmelding Gebruiksvergunning
Aantal 2020 3 2
3.3 Vergunningverlening Wabo anders dan milieu en brandveilig gebruik In 2020 zijn de volgende aantallen producten aangevraagd op grond van de Wabo, met uitzondering van milieu en brandveilig gebruik (zie paragraaf 3.1 en 3.2): Soort Vooroverleg Aanvragen Activiteit bouwen Activiteit handelen in strijd met regels Ruimtelijke Ordening Activiteit uitrit Activiteit kappen Activiteit veranderen van monument Activiteit aanlegwerkzaamheden Sloopmelding Vergunningcheck Zienswijzen Bezwaar/beroep
Aantal 2020 106 238 121 75 24 30 3 11 99 84 0 15 bezwaren (waarvan 3 ingetrokken), 5 beroepen (waarvan 2 ingetrokken), 1 hoger beroep
Op de gecombineerde aanvragen wordt één beschikking genomen voor alle activiteiten. Voor gebruiks- , sloop en milieumeldingen geldt, dat zij wel gelijktijdig worden ingediend met de aanvraag voor andere activiteiten (bijvoorbeeld bouwen), maar dat we deze als losse procedure behandelen. Vergunning vrij bouwen Sinds 1 november 2014 is de regelgeving rondom het vergunningsvrij bouwen gewijzigd. Er wordt meer toegestaan zonder vergunning, maar de toetsing hierop is complexer. Daarom komen meer verzoeken binnen voor een vergunningcheck. Dit is ook terug te zien in de cijfers. In 2019 en 2020 is er een forse toename ten opzichte van 2018. De klant wil vooraf graag weten en bevestigd hebben of iets vergunningsvrij gebouwd mag worden. Voor een vergunningencheck worden geen leges in rekening gebracht. Wanneer meteen een aanvraag wordt gedaan en deze aanvraag blijkt vergunningsvrij te zijn is de aanvrager vrijgesteld van leges. Termijnen Alle aanvragen, waarop de beslissing moet worden voorbereid met de zgn. reguliere procedure, zijn binnen de wettelijke beslistermijn (evt. opgeschort i.v.m. de geboden gelegenheid tot aanvulling van de incompleet ingediende aanvraag) van 8 weken afgehandeld. Er is één vergunning van rechtswege ontstaan als gevolg van een overschrijding van de beslistermijn.
Dit had betrekking op een aanvraag omgevingsvergunning voor het milieuneutraal wijzigen van de milieu-inrichting aan de Tilburgsebaan 6 Gilze. Voor deze aanvraag is aan de OMWB mandaat verleend voor het afhandelen van de milieu-procedure. In een aantal gevallen hebben we de beslistermijn verlengd, omdat er een nadere toetsing plaats moest vinden vanwege strijdigheid met het bestemmingsplan. Ook gaven we aanvragers de gelegenheid hun aanvraag bij te stellen om belemmeringen weg te nemen. In al deze gevallen hebben we binnen de termijn van 14 weken een besluit genomen. Zes aanvragen werden buiten behandeling gesteld vanwege het niet op tijd aanleveren van de aanvullende gegevens. Vijfentwintig aanvragen zijn door de aanvrager ingetrokken. Tien aanvragen bleken vergunning vrij te zijn. Er is één omgevingsvergunning geweigerd.
7
3.4 Vergunningverlening APV/ Bijzondere Wetten Corona maatregelen In maart 2020 zijn door de overheid maatregelen afgekondigd om de verspreiding van corona zo veel als mogelijk tegen te gaan. Eén van de maatregelen heeft betrekking op het organiseren van Evenementen. Het aantal aanvragen om een evenementenvergunning is daarom fors afgenomen ten opzichte van voorgaande jaren. Dit betekent echter niet dat we minder werk hebben gehad. We ontvangen veel vragen over de maatregelen. Daarnaast wijzigen de maatregelen telkens waardoor er veel onduidelijkheid bestaat voor de klant. Ook zijn soms aanvragen geheel getoetst en mogen ze op het laatste moment niet door gaan door nieuwe regels. Of de organisatie blaast het zelf op het laatste moment af omdat de maatregelen waaraan voldaan moet worden te complex zijn. De overgebleven tijd hebben we benut voor het actualiseren van onze werkprocessen en sjablonen en voor het voorbereiden op de Omgevingswet. Verder hebben een aantal horeca ondernemers in 2020 een verzoek gedaan om het terras uit te mogen breiden om op terrassen aan de 1,5 meter te kunnen voldoen. Deze vergunningen zijn verleend tot november 2020. In 2020 zijn de volgende aantallen producten aangevraagd op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening en de Drank- en Horecawet.
Soort Evenementen (vergunningaanvragen en meldingen) Drank- en horecawet ontheffing art. 35 beoordelen (tijdelijke ontheffing verstrekken zwak alcoholische drank tijdens evenement of andere bijzondere gebuertenis) Aanvraag drank- en horecavergunning beoordelen Horeca-inrichting exploitatievergunning beoordelen Bibob-onderzoek aanvragen Speelautomaten aanwezigheidsvergunning beoordelen Aanvraag standplaatsvergunning beoordelen Stookontheffing beoordelen Verklaring van geen bezwaar beoordelen (bijv. TUF ontheffing, opstijgen ballon) Terrasvergunning beoordelen Zienswijzen Bezwaar
Aantal 107 10
11 13 9 8 16 1 20 9 0 0
Bibob-toets (De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) Bij alle aanvragen om een Drank- en Horecavergunning en een exploitatievergunning (meestal worden deze in combinatie aangevraagd) hebben we de Wet Bibob toegepast. Weigering We hebben geen enkele aanvraag op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening en/of Drank en Horecawet geweigerd. Wel hebben we een melding voor het plaatsen van driehoeksborden voor een bedrijf niet geaccepteerd. Termijnen aanvraag voor een evenementenvergunning Eind september/begin oktober van ieder kalanderjaar sturen wij organisaties van evenementen een mail met de vraag of ze aan willen geven of ze het evenement in het volgende jaar ook weer willen organiseren en zo ja wanneer. Ook wijzen wij de organisatie er op dat zij de aanvraag tijdig en volledig moeten indienen. We streven ernaar om alle aanvragen tijdig te verlenen zodat er ruimte is voor tijdige bekendmaking van het besluit. Uiteraard zijn we daarbij wel afhankelijk van de aanvrager.
8
De aanvraag moet tijdig en volledig bij ons worden ingediend. Ondanks onze informatieverstrekking worden aanvragen nog regelmatig te laat en onvolledig ingediend. De publicatie van een verleend evenement vindt dan vaak plaats op het laatste moment. Hierdoor hebben belanghebbenden meestal minder dan 6 weken de tijd om bezwaar te maken tegen een vergunning. Daarom hebben we er voor gekozen om alle ingekomen aanvragen te publiceren ongeacht of deze volledig zijn of niet. Dit is wettelijk niet verplicht maar wel klantvriendelijk. Belanghebbenden kunnen hierdoor voorafgaand aan vergunningverlening hun zienswijze en opmerkingen uiten. Termijnen aanvraag Drank- en Horecawet, exploitatievergunning en procedure Bibob Aanvragen voor een Drank- en Horeca- en exploitatievergunningen worden doorgaans gelijktijdig aangevraagd. Een Bibob-toetsing maakt deel van uit van dit vergunningproces. Als men voornemens is vergunningen aan te vragen vindt er eerst een overleg plaats tussen de aanvrager en een medewerker van de gemeente. De juiste formulieren worden na het gesprek uitgereikt. We streven naar een doorlooptijd van maximaal 3 maanden. In de praktijk wordt dit doorgaans nooit gehaald. De doorlooptijd hangt namelijk af van de volledigheid van de aanvraag, het wel of niet voldoen aan de inrichtingseisen van de inrichting en het Bibob onderzoek. Een Bibob-onderzoek kost veel tijd.
In bijna alle gevallen zijn de stukken voor dit onderzoek onvolledig. Wij verzoeken de aanvrager dan de ontbrekende stukken aan te leveren (Awb-termijn 4 weken). Als uit het gemeentelijk onderzoek blijkt dat er twijfels zijn over de juistheid van de gegevens leggen wij de aanvraag voor aan onze externe deskundigen bij het RIEC. Ook zij hebben 14 dagen tijd nodig om de stukken te beoordelen. In sommige gevallen vraagt het Riec naar aanleiding van het Bibob-onderzoek nogmaals om aanvullende informatie gevraagd. De gemeente streeft naar een maximale doorlooptijd van 8 weken. In de praktijk is de doorlooptijd meestal langer omdat door het ontbreken van documenten en informatie de start van het Bibobonderzoek vaak wordt vertraagd.
Evaluatie vergunningverlening en conclusie Binnen het cluster vergunningverlening Wabo hebben we een functie scheiding tussen de casemanagers. De Wabo B (junioren) medewerkers behandelen de eenvoudigere aanvragen zoals het bouwen van een dakkapel, aanbouw, verbouwen van een gebouw enz. Deze aanvragen hebben veelal een kortere doorlooptijd en vragen een minder uitgebreide toetsing dan de complexere aanvragen. De Wabo A (senioren) medewerkers behandelen de complexere aanvragen waaronder aanvragen met de activiteit milieu en projectafwijkingsbesluiten. Dit zijn aanvragen met veelal een langere doorlooptijd (uitgebreide procedure) en kennen een diepgaandere toetsing, intensievere afstemming met onder andere het cluster Ruimtelijke Ontwikkeling, de omgevingsdienst en / of de brandweer. Ook hebben we afspraken gemaakt dat per project of ondernemer een vaste casemanager wordt aangewezen zodat de klant 1 vast contactpersoon heeft. Tevens is binnen het cluster vergunningverlening APV/ BZW een functiescheiding aanwezig. Hele eenvoudige zaken met een korte doorlooptijd worden door het KCC en / of de administratief medewerker van het cluster vergunningverlening behandeld. Indien nodig geeft de backoffice daarbij ondersteuning. Hiermee bewerkstelligen we dat de interne processen zodanig zijn ingericht dat de maatschappelijke behoefte van onze gemeente optimaal vervuld wordt.
Uit het vergunningengedeelte blijkt dat vergunningen over het algemeen binnen de daarvoor gestelde termijnen zijn afgehandeld. Slechts in enkele gevallen hebben we de beslistermijn verlengd, meestal in overleg met de aanvrager. Het aantal WABO aanvragen is in 2020 (238) iets afgenomen ten opzichte van 2019 (258). Het aantal activiteiten is ook iets afgenomen. Daarnaast zijn er wat minder grote bouwwerken vergund dan in 2019. Het aantal milieumeldingen en sloopmeldingen is afgenomen. Voor wat betreft het slopen komt dat waarschijnlijk door de nieuwe uitspraak dat asbest toch niet verwijderd hoeft te worden. Het aantal verzoeken om een vergunningcheck is wederom toegenomen. De tijd die we daar mee kwijt zijn moet niet onderschat worden. Om de klant de juiste en volledige informatie te kunnen geven moeten we hier vaak een complexe check voor uitvoeren.
9
4. PRIORITEITEN In het in 2019 vastgestelde handhavingsbeleidsplan 2020-2024, en ook in het uitvoeringsprogramma van 2020 is een vernieuwde risicomatrix opgenomen. Aan de hand van deze risicomatrix hebben we een prioriteitenlijst vastgesteld. In 2020 is prioriteit gegeven aan de volgende zaken: Prioriteit zeer hoog In strijd met omgevingsvergunning (hierna: ov) bouwen van een bouwwerk met een bouwsom van meer dan €150.000,-. Zonder ov bouwen van een bouwwerk met een bouwsom van minder dan €150.000,-. Zonder ov bouwen van een bouwwerk met een bouwsom van meer dan €150.000,-. Zonder ov in strijd met ruimtelijke regels ‘(onrechtmatige) bewoning of woningsplitsing’ In strijd met ruimtelijke regels handelen zodra ‘afloop instandhoudingstermijn en termijn tijdelijke ontheffing / beschikking / (vergunningsvrije) mantelzorgwoningen’ Zonder ov of instandhoudingsplicht ‘wijzigen, slopen of in afwijking verbouwen beschermd monument’ Activiteit met/zonder melding ‘particuliere sloop met asbest’ Activiteit met/zonder melding ‘bedrijfsmatige sloop met asbest’ Inrichtingen categorie B2, C1, C2, D1 en D2: B2 = meldingplichtig, wat wel behoort tot het basistakenpakket C1 = vergunningplichtig (niet zijnde C2, D1 en D2) C2 = risicovolle inrichtingen D1 = IPPC* (dit betreft zowel veehouderijen als industriële bedrijven zoals LPG-tankstations) D2 = BRZO* vergunningplichtig * IPPC is Integrated
Polution Prevention and Control * BRZO is Besluit risico zware ongevallen
Prioriteit hoog In strijd met ov bouwen van een bouwwerk met een bouwsom van minder dan €150.000,-. Zonder ov uitvoeren van ‘landschappelijke inpassingen’ Zonder ov in strijd met de ruimtelijke regels ‘bedrijfsmatige activiteiten op een perceel verrichten’ In strijd met ov of instandhoudingsplicht ‘wijzigen, slopen of in afwijking verbouwen beschermd monument’ In strijd met ov slopen van bouwwerken Zonder/in strijd met ov ‘kappen van bomen / houtopstand’ Prioriteit midden In strijd met ov ‘realiseren / uitvoeren landschappelijke inpassingen’ In strijd met ov bouwen of in gebruik hebben van ‘bouwwerken of gronden’ Slopen in strijd met ‘bouwbesluit, bestemmingsplan’ In strijd met ov ‘uitvoeren of aanbrengen handelsreclame’ Prioriteit laag In strijd met ov uitvoeren van een werk of werkzaamheden ‘overige aanlegactiviteiten’ Gebruik gronden / bouwwerken in strijd met ‘voorbereidingsbesluit / verklaring Minister of Provinciale Staten’ Sloopactiviteiten met sloopmelding In strijd met ov ‘uitweg maken, hebben of veranderen of het gebruik daarvan veranderen’ Zonder ov ‘uitweg maken, hebben of veranderen of het gebruik daarvan veranderen’
Evaluatie prioriteiten en conclusie In 2020 is de prioriteitstelling enigszins aangepast ten opzichte van de jaren daarvoor. Wel blijven zaken als asbestverwijdering, illegale bouw en illegale bewoning als ‘zeer hoog’ geprioriteerd. Verder hebben ook de Opiumwetzaken veel aandacht gekregen. Door de Covid-maatregelen zijn acties op bijvoorbeeld evenementen en horeca iets minder nodig geweest, daarvoor in de plaats kwam natuurlijk wel de handhaving op de Covid-19 maatregelen. Voor wat betreft de verzoeken om handhaving geldt deze prioritering niet. Indien blijkt dat er inderdaad sprake is van een strijdige situatie, wordt dit verzoek, hoe laag ook op de prioriteitenlijst, opgepakt en behandeld.
10
5. EVALUATIE 2020 TOEZICHT- EN HANDHAVINGSTAKEN 5.1 Milieu Voor de volledige evaluatie verwijzen wij u naar het separate verslag van de Omgevingsdienst. Hieronder treft u een samenvatting aan. Toezicht milieutaken Reguliere controles Sinds 2013 voert de OMWB namens ons de milieucontroles uit. Voor 2020 waren 67 basistaakcontroles gepland. In totaal zijn in 2020 58 controles volledig afgehandeld, en nog 2 in januari 2021. 7 controles zijn nog lopend en worden in 2021 afgehandeld. Verder zijn er 2 verplichte rapportages afgehandeld en is er 1 ongewoon voorval behandeld. In 2020 zijn ook nog 32 hercontroles in behandeling genomen, waarvan er 30 zijn afgewerkt. Twee controles staan nog in uitvoering omdat daar de hersteltermijn nog niet is verstreken. In het programma 2020 is aangegeven dat wij streven naar een naleefgedrag van 50%. Dat percentage was bijgesteld omdat het eerdere naleefgedrag van 80% al jaren niet haalbaar bleek. Echter, in 2020 bleek dat het naleefgedrag met 78% dik boven het gemiddelde van 64% (in de OMWB-regio) lag. Dat komt omdat de lichtere overtredingen (type A1/2 EN b1) niet in de berekening zijn meegenomen. Ook is vanwege COVID-19 een deel van de controles administratief uitgevoerd en een deel van het adhoc budget ingezet voor geveltoezicht. Asbest In 2020 heeft de OMWB 70 bedrijfsmatige sloopmeldingen ontvangen. 90% van de meldingen is akkoord bevonden.
In 16 gevallen is veldtoezicht uitgevoerd, in de overige gevallen kon worden volstaan met administratief toezicht. Klachten en overige handhaving Er zijn 66 klachten bij de OMWB ingediend. De meeste klachten zijn geur- (24) en geluidsklachten (28). Juridische ondersteuning De OMWB heeft volledig mandaat voor alle handhavingszaken op milieugebied. De juristen van de OMWB stellen juridisch inhoudelijke adviezen op, doorlopen namens het college de handhavingsprocedures (opstellen vooraanschrijving en aanschrijving) en behandelen bezwaar-, beroep- en hoger beroepzaken. Wel vindt er regelmatig afstemming plaats met portefeuillehouder (zakenoverleg) en/of juridisch medewerker van de gemeente. Voor deze afstemming was in het programma van 2020 28 uur begroot. Dit is voldoende gebleken en daarom ook gehandhaafd in het programma van 2021 5.2 Bouwen Toezicht bouwen Na het verlenen van de omgevingsvergunning gaan toezichthouders na of er volgens de vergunning is gebouwd/gesloopt. Tijdens de bouwcontroles ligt de nadruk op de aspecten constructieve veiligheid, brandveiligheid en gezondheid. Voor sloop ligt de nadruk op asbestverwijdering. In 2020 heeft het toezicht plaatsgevonden volgens onderstaande tabel: toezichts duur Bouwen en slopen 2,5 Handhavings4 controles Totaal
Aantal geplande controles
Aantal geplande uren
aantal feitelijke uren
770 160
Aantal uitgevoerde controles 379 25
232 40 272
930
404
1048
948 100
11
Door de verkregen cijfers krijgen we inzicht in het aantal afgegeven vergunningen, en ook in het percentage vergunningen waarvan (nog) geen gebruik is gemaakt. Ook krijgen we zo een goed beeld van de naleving van de bouwregelgeving. Dergelijke cijfers gebruiken we om de capaciteit en prioriteit voor de controles te bepalen/wijzigen. Er zijn veel meer sloop- en bouwcontroles uitgevoerd dan gepland. De inschatting ervan is ook elk jaar weer koffiedikkijken, het is erg moeilijk om het aantal aanvragen om omgevingsvergunningen en sloopvergunningen in te schatten. Daarentegen zijn er wel minder handhavingscontroles uitgevoerd. Omdat de controles van jaar tot jaar verschillen, is in het programma van 2021 hetzelfde aantal uren begroot als in 2020. Juridische ondersteuning In het programma voor 2020 zijn 500 uur begroot voor de juridische begeleiding en afhandeling van handhavingszaken op het gebied van bouwregelgeving. Hoewel er minder handhavingscontroles hebben plaatsgevonden zijn er zeker niet minder uren besteed aan de juridische behandeling ervan. Een aantal zaken heeft veel tijd in beslag genomen, vanwege het lange traject (bezwaar, beroep, hoger beroep). Deze uren zijn daarom in het programma voor 2021 gehandhaafd. 5.3 Bestemmingsplannen Aanpak illegale bewoning Ook in 2020 is de lik-op-stukaanpak voortgezet.
Iedereen die een niet-woonadres gaat bewonen als hoofdverblijf, ontvangt onmiddellijk een brief dat er op dat adres niet gewoond mag worden en dat er een handhavingstraject opgestart zal gaan worden als de bewoning niet binnen twee weken beëindigd wordt. Deze brief wordt dan ook na deze twee weken gevolgd door een voornemen tot opleggen van een last onder dwangsom indien de bewoning niet is beëindigd. In 2020 hebben inschrijvingen plaatsgevonden op 7 adressen van recreatiewoningen. Er is 6 maal een voornemen tot een last onder dwangsom verstuurd. Op 22 adressen heeft men zich uitgeschreven ten gevolge van het uitvoeren van het handhavingsbeleid (betreft ook inschrijvingen uit voorgaande jaren). Op 17 adressen is gebleken dat de bewoning daadwerkelijk is beëindigd. Op de overige adressen blijven controles plaatsvinden. Er is eenmaal een last onder dwangsom opgelegd. Door de terughoudendheid in verband met covid-19 is het aantal lasten onder dwangsom beperkt gebleven tot één. In 2020 zijn er wederom ten behoeve van de handhaving permanente bewoning regelmatig periodieke controles uitgevoerd. Als men zich uitschrijft voert burgerzaken een controle uit. Dit is een eerste toets om te beoordelen of personen ook daadwerkelijk verhuisd zijn naar het adres dat zij hebben opgegeven.
Als er vermoedens zijn dat dit niet het geval is, dan starten we, naast de lopende handhavingsprocedure op bewoning van een recreatieverblijf, een adresonderzoek. Deze adresonderzoeken voert de BRP-controleur uit. Als het om een andere gemeente gaat dan wordt het verzoek daar weggelegd. Overig Naast illegale bewoning op recreatieparken is er in 2020 ook gehandhaafd op strijdig gebruik of bouwen zonder of in afwijking van een verleende omgevingsvergunning. Toezichthouders hebben elke maand deelgenomen aan zogenaamde Actiedagen: integrale controles met politie, OMWB en gemeente in het buitengebied.
12
5.4 APV en bijzondere wetten Toezicht In onze APV zijn regels vastgesteld die voor iedereen gelden binnen de gemeente. De regels hebben vooral als doel de gemeente netjes en leefbaar te houden. De buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) ziet toe op de naleving van deze regels. De boa richt zich vooral op de speerpunten die in het programma van 2020 zijn vastgesteld door het college. Te weten: • Inzicht in de veiligheid bij horecabedrijven • Borging van de veiligheid van evenementen • Terugdringen overlast honden • Actieve handhaving afval en zwerfvuil • Voorkomen van parkeeroverlast Hoogste prioriteit is daarbij gegeven aan evenementen, foutief parkeren en verkeersveiligheid. Bij de horeca is het accent gelegd op de actualiteit van drank- en horecavergunning en de leeftijdgrenzen alcoholgebruik. Resultaten De volgende aantallen controles zijn per onderwerp in 2020 uitgevoerd door de BOA’s:
Verkeersveiligheid (incl autowrakken, parkeren) Evenementen Corona APV (inclusief markten) BRP Honden Afval Jeugd Samen sterk in het Buitengebied Klachten/meldingen Overig (preventie/hulp/actiedagen)
Aantal 147 19 69 143 39 64 39 2 72 48
Horeca (bijzondere wetten) In 2020 zijn er in het kader van de Drank- en Horecawet 4 controles uitgevoerd. Deze worden uitgevoerd door BOA’s uit de BOA-pool van gemeenten uit het district De Baronie. Hiervoor is een samenwerkingsovereenkomst afgesloten. Het aantal controles ligt een stuk lager dan voorgaande jaren, dit komt doordat horeca-inrichtingen door de Covid-19 maatregelen langere tijd gesloten zijn geweest. Bij de controles zijn geen bijzonderheden geconstateerd. Georganiseerde criminaliteit De burgemeester heeft in 2013 zijn bevoegdheden in het kader van de, in de volksmond genoemde wet Damocles, vastgelegd in beleid. Sindsdien is er nadrukkelijk aandacht besteed aan de uitvoering van deze wet. In 2019 is het Damoclesbeleid verder aangescherpt en aangepast op de nieuwe bevoegdheid om een pand ook te kunnen sluiten als en goederen worden aangetroffen die dienen voor het opzetten van een hennepkwekerij of andere drugsgerelateerde feiten, zoals een drugslaboratorium. Er zijn in 2020 in onze gemeente in 11 panden hennepkwekerijen/drogerijen dan wel harddrugs ontdekt. In 7 gevallen leidde dit tot sluiting van het pand, in 4 gevallen tot een bestuurlijke waarschuwing. Los van het toepassen van de bevoegdheid om drugspanden te sluiten, zit de bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit inmiddels in onze werkzaamheden verweven.
Zo liepen er diverse integrale casussen samen met het RIEC (Regionaal Informatie- en Expertisecentrum) en de politie. Het is een automatisme geworden om in geval van (georganiseerde) criminaliteit ook de bestuurlijke mogelijkheden te onderzoeken en toe te passen.
13
Juridische ondersteuning Alle handhavingsprocedures die voortvloeien uit de APV en bijzondere wetten worden uitgevoerd door het cluster Handhaving. In 2020 zijn op het gebied van de Opiumwet meerdere handhavingsprocedures gevoerd. Vaak zijn dit langdurige procedures, een last tot opleggen van bestuursdwang (sluiting pand) leidt begrijpelijkerwijs vaak tot bezwaar- en beroepsprocedures. Zoals elk jaar is ook in 2020 behoorlijk wat tijd besteed aan deze zaken. De in het uitvoeringsprogramma opgenomen 200 uren waren daarvoor wel voldoende. 5.5 Brandveilig gebruik Het bestuur van de Veiligheidsregio heeft voor de uitvoering van het Basis Taken Pakket Risicobeheersing de volgende prioriteiten benoemd: - zorg - industriële veiligheid - invoering Brandveilig Leven / Toolbox en - nachtrecreatie. Aan de hand van deze prioriteiten is in samenspraak met de gemeente Toezichtplan 2020 opgesteld. De brandweer heeft in 2020 de volgende controles uitgevoerd of adviezen gegeven: Gilze en Rijen Advies Bouwen
Aantal 21
Advies brandveilig gebruik
1
Advies Evenementen
49
Advies Gebruik
1
Advies gebruiksmelding
9
Advies gebruiksvergunning
1
Advies Melding brandveilig gebruik
1
Advies Milieu
1
Advies RO Bestemmingsplan eenvoudig
2
Advies RO Bluswatervoorziening
1
Advies RO externe veiligheid
2
Controle Bouw
2
Controle Brandveilig gebruik
11
Controle PVE BMI/OAI
10
intern advies bluswatervoorziening
2
intern advies OV
1
STOOM
1
Vooroverleg evenement
2
Juridische ondersteuning Vanuit de gemeente zijn er geen handhavingstrajecten opgestart. Juridische ondersteuning door het cluster Handhaving heeft dan ook niet plaatsgevonden. 5.6 Verzoeken om handhaving In 2020 zijn er voor 12 vermeende overtredingen verzoeken tot handhaving bij de gemeente binnengekomen. Dat is iets meer dan vorig jaar. De verzoeken handelden over verschillende onderwerpen, zoals een te hoge schutting, vestiging van een bedrijf waar dat niet mag, bouwen zonder vergunning etc. Vaak zijn het uit de hand gelopen burenruzies. Soms proberen we via gesprekken een oplossing te vinden, vaak echter is de situatie al zodanig geëscaleerd dat dit niet meer mogelijk is.
14
We kunnen dan niet anders dan kijken of het echt om een overtreding gaat en zo ja, de overtreder verzoeken deze ongedaan te maken, desnoods onder oplegging van een dwangsom of bestuursdwang. Kunnen we geen overtreding constateren of is de overtreding te legaliseren, bijvoorbeeld door een bouwvergunning aan te vragen, dan wijzen wij het verzoek af.
Evaluatie toezicht- en handhavingstaken en conclusie Voor wat betreft de milieutaken was de doelstelling voor naleefgedrag voor 2020 bijgesteld naar 50%. Dat is ruimschoots gehaald, sterker nog, het naleefgedrag was 78%. Omdat dit een toevalstreffer kan zijn, ishet percentage voor 2021 nog op 50% gesteld. Mocht blijken dat het naleefgedrag blijvend hoger is, dan wordt het percentage weer naar boven bijgesteld. Ten aanzien van het onderdeel bouwen is geconcludeerd dat er meer bouw- en sloopcontroles zijn uitgevoerd en minder handhavingscontroles. Uiteindelijk zijn er meer uren uitgevoerd dan begroot. Mocht dit structureel zo zijn dan zullen in de toekomstige uitvoeringsprogramma’s VTH de uren daarvoor naar boven worden bijgesteld. De prioriteiten ten aanzien van de bouwcontroles zijn niet gewijzigd. De handhaving op bestemmingsplannen is met name gericht op illegale bewoning op onder meer campings en recreatieparken. In 2020 is er nog meer capaciteit ingezet op de handhaving van permanente bewoning op campings, wat in veel gevallen tot het gewenste resultaat geleid, namelijk de beëindiging van de bewoning. Wij hopen ook dat het signaal wat hiervan uitgaat een belemmerende factor gaat worden voor personen die op een recreatiepark willen gaan wonen. Voor wat betreft de handhaving op APV en bijzondere wetten is met name ingezet op handhaving Opiumwet.
Hierin lagen ook de prioriteiten. Nu optreden ook mogelijk is bij het aantreffen van drugsgerelateerde goederen, zijn er meer mogelijkheden om bestuursrechtelijk te kunnen optreden. Toch zijn er in 2020 minder panden aangetroffen waarin zich drugs- of drugsgerelateerde zaken bevonden. Wellicht werpen de te nemen maatregelen toch hun vruchten af in die zin dat men minder risico durft te nemenom drugs in huis te halen. Hopelijk zet deze trend zich voort. Omdat alle controles en advies over brandveilig gebruik door de brandweer zijn afgedaan, en er geen inzet nodig was van de gemeente, behoeft hier geen aanpassing van beleid en/of programma te worden gedaan. Het aantal verzoeken om handhaving schommelt meestal tussen de 10 en 15, zo ook dit jaar. De daarvoor begrote uren in het programma zijn onderdeel van de handhaving op bestemmingsplannen en APV/Bijzondere wetten en kunnen voor wat betreft dat deel ongewijzigd blijven.
15
6. PROCESGERICHTE TAKEN 6.1 Kwaliteit verslaglegging Elk jaar proberen we een goede kwaliteit te leveren voor wat betreft de verslaglegging en registratie van werkzaamheden. Alleen op die manier kunnen we de gehele handhavings- en toezichtcyclus beheersen. Eind 2019 is er een nieuw beleidsplan voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving vastgesteld. Daarmee zijn we weer up-to-date voor wat betreft alle inzichten en wensen op dit gebied. Uiteraard blijven we sleutelen en bijstellen waar dat nodig is. 6.2 Afstemming/voorlichting/regionale samenwerking Zoals al enkele jaren gebruikelijk vindt tweewekelijks overleg plaats tussen medewerkers van het cluster Handhaving en toezicht. Indien nodig, schuiven medewerkers van andere clusters aan. Op deze manier worden zaken integraal besproken en kan er een goede afstemming plaatsvinden. Ook de in het uitvoeringsprogramma opgenomen externe afstemming vindt plaats op de manier zoals die daar is omschreven. Hoewel alle overlegmomenten veel tijd kosten, werkt het ook tijdbesparend doordat er geen dubbele of overbodige werkzaamheden plaats vinden. Voor wat betreft de strafrechtelijke afstemming wordt het uitvoeringsprogramma VTH als programma niet direct afgestemd met de politie/ OM. Het integraal veiligheidsbeleid van de gemeente, waar de strafrechtelijke handhaving een voornamere rol heeft, wordt wel afgestemd met de politie.
De thema’s in het integraal veiligheidsbeleid komen overeen met het regionaal beleidsplan van de politie. Qua uitvoerende taken vindt er ook regelmatig afstemming plaats met vooral politie. Hierbij moet onder andere worden gedacht aan afstemming over controles op overtredingen Opiumwet en georganiseerde criminaliteit. Vanwege de covid-maatregelen hebben de gebruikelijke actiedagen afgelopen jaar iets minder plaatsgevonden. We hopen dit in 2021 weer spoedig op te kunnen pakken. 6.3 preventieve handhaving Voorkomen is beter dan genezen. Daarom zijn de toezichthouders ook steeds meer pro-actief wanneer zij, in het gebied rondrijdend, werkzaamheden zien waarvan ze vermoeden dat die tot illegaal gebruik of illegaal bouwen gaan leiden. Op dat moment worden de potentiele overtreders aangesproken en met hen besproken wat de eventuele gevolgen kunnen zijn, indien ze de werkzaamheden voortzetten. Soms leidt dit alsnog tot een handhavingszaak, maar soms ook wordt het werk stilgelegd en gaat de betreffende persoon eerst kijken wat de mogelijkheden tot legalisatie zijn.
Evaluatie en conclusie procesgerichte taken Er is veel aandacht besteed aan de monitoring en registratie van zaken. Voor de toezichthouders, vergunningverleners en juristen handhaving is er het GISVG-systeem. Hieruit kunnen alle gewenste overzichten op elk moment uitgelezen worden. In het programma voor 2020 is ook een hoofdstuk over Vergunningverlening opgenomen, zoals ook wettelijk vereist. In dit verslag wordt daar dan ook op geëvalueerd. Het programma voor 2021 is tijdig vastgesteld. Het is bekend dat de provincie graag zou zien dat het evaluatieverslag eerder dan 1 mei wordt vastgesteld. Dit is echter moeilijk haalbaar. Veel gegevens komen toch pas aan het einde van het eerste kwartaal beschikbaar. Ook de verwerking daarvan neem enige tijd in beslag. Vooralsnog blijft 1 mei daarom het uitgangspunt.
16