ap 12c memo inzake ontwikkelingen op gebied van jeugdbescherming en jeugdreclassering
Tekst van het document
MEMO -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan
raadscommissie Samenleving
Van
college van burgemeester en wethouders
Onderwerp
ontwikkelingen op het gebied van jeugdbescherming en jeugdreclassering
Datum
5 januari 2021
Zaak Green Valley
309761
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Graag delen wij met u informatie die wij ontvangen hebben van Marcella Hendrikx, bestuurlijk opdrachtgever gecertificeerde instellingen namens de regio Hart van Brabant, over een aantal ontwikkelingen op het gebied van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. De situatie bij de gecertificeerde instellingen (GI’s), de uitvoerders van de jeugdbescherming en jeugdreclassering, is de afgelopen tijd in het nieuws geweest, met name over het signaal dat zij financieel onder druk staan. Ook in Noord-Brabant zien we dit terug. Daarnaast ontvangen kinderen niet altijd snel genoeg de juiste hulp en ondersteuning. In Noord-Brabant zijn de volgende GI’s actief: Jeugdbescherming Brabant (JBB), William Schrikker Stichting, Leger des Heils, Briedis (niet in Noord Oost en Zuid Oost Brabant) en Jeugd Veilig Verder (alleen in Zuid Oost Brabant). Passende hulp en ondersteuning De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid (hierna: de inspecties) hebben recent een voortgangsrapportage1 uitgebracht in navolging van het rapport ‘Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd’2 uit het jaar 2019. In 2019 oordeelden de inspecties dat de wijze waarop jeugdbescherming en jeugdreclassering op dat moment werd uitgevoerd niet acceptabel was.
De door rechters uitgesproken maatregelen werden niet onmiddellijk uitgevoerd en de noodzakelijke hulp voor deze kwetsbare kinderen en hun ouders was niet altijd direct beschikbaar. De inspecties constateerden daarbij structurele problemen die ertoe leidden dat de jeugdbeschermingsketen maximaal onder druk stond. In de voortgangrapportage zijn de nieuwe bevindingen van inspecties opgenomen. Zij geven daarin aan dat een positieve beweging is ingezet, maar dat dit niet heeft geleid tot verbeteringen op de korte termijn. De inspecties vinden daarom een doorbraak noodzakelijk om de acute, ernstige situaties in de beschikbaarheid van jeugdbeschermers en passende jeugdhulp op te lossen. Naar aanleiding van deze signalen zijn door de 5 jeugdhulpregio’s samen een aantal acties ondernomen. Vanuit de constateringen van de inspecties hebben wij allereerst aanvullende kwaliteitseisen gesteld voor een betere kwaliteit van dienstverlening binnen het aanbestedingstraject voor jeugdbescherming en jeugdreclassering. Ook zijn er verbeterplannen met betrekking tot de dienstverlening opgesteld.
1
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2020/10/15/tk-bijlagevoortgangsrapportage-igj-en-ijenv-kwetsbare-kinderen-onvoldoende-beschermd 2 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/11/07/kwetsbare-kinderenonvoldoende-beschermd
En recent hebben wij naar aanleiding van de voortgangsrapportage van de inspecties een aanvullend actieplan vastgesteld. Daarin staan de concrete stappen die wij samen met de GI’s, de gemeentelijke toegangen, het regionaal expertiseteam en de jeugdhulpaanbieders zetten om in een periode van drie maanden een doorbraak te realiseren en te komen tot de inzet van passende zorg en ondersteuning voor de meest kwetsbare jeugdigen. De inspecties gaan medio februari na of voldoende voortgang is geboekt. Kostprijsonderzoek en onderzoek bedrijfsvoering Met ingang van 1 januari 2020 hebben de jeugdhulpregio’s met de 5 genoemde GI’s nieuwe contracten gesloten. Onderdeel van de afspraken met de GI’s is het uitvoeren van onderzoek naar de kostprijs om te komen tot een reëel tarief. Dit kostprijsonderzoek is in 2020 uitgevoerd door het adviesbureau SIRA Consulting, maar heeft helaas nog niet tot bruikbare uitkomsten geleid. Tijdens het onderzoek bleek namelijk dat er een gebrek is aan beschikbaarheid van valide data bij de GI’s. Het onderzoek geeft daarmee onvoldoende basis om de tarieven vast te kunnen stellen. Om toch tot uitsluitsel te komen is met de Jeugdautoriteit besproken om samen de omissies uit het onderzoek in te vullen en op basis daarvan de definitieve tarieven vanaf het jaar 2020 vast te stellen.
In de tussentijd hanteren wij de tarieven en de afspraken over indexatie zoals wij deze bij de aanbesteding hebben gesteld. Daarnaast heeft in 2020 een onderzoek plaatsgevonden naar de financiële situatie van JBB naar aanleiding van een verzoek van JBB aan de gemeenten om extra financiële middelen. Recent heeft het door JBB en de jeugdhulpregio’s gezamenlijk geselecteerde bureau Deloitte het onderzoek afgerond. Vervolgens heeft JBB op basis van de uitkomsten bij ons een verbeterplan ingediend. Wij moeten echter concluderen dat dit plan nog onvoldoende waarborg geeft dat JBB tot een duurzame bedrijfsvoering gaat komen. Er blijft een te groot risico op financiële knelpunten en een aanvullend beroep op extra middelen vanuit de gemeenten. Om deze reden wordt JBB verzocht een transformatiemanager aan te stellen die zorg gaat dragen voor een sluitend plan. Een financieel expert vanuit de gemeenten wordt hierbij als adviseur betrokken. Ook de Jeugdautoriteit wordt hierop aangesloten. Voor het voorkomen van eventuele liquiditeitsproblemen en daarmee knelpunten in de zorgcontinuïteit op de korte termijn worden door ons nadere afspraken gemaakt met JBB over voorafbetaling voor de door de rechtbank opgelegde uitvoering van een kinderbeschermings- of jeugdreclasseringsmaatregelen.
Tot slot Wij streven er steeds naar om samen met de GI’s te komen tot een aanpak die duurzaam effectief is en waarbij de kwaliteit van de ondersteuning aan ouders en jeugdigen gewaarborgd blijft. De genoemde onderzoeken zijn ondersteunend in het zicht krijgen op de randvoorwaarden voor de instellingen om hun bijdrage daarin te kunnen leveren. In zijn algemeenheid kunnen wij alvast stellen dat er een spanningsveld aanwezig is tussen het realiseren van onze doelen en de (financiële) mogelijkheden van de instellingen hierin. Wij voeren daarom intensief overleg met diverse partijen, waaronder ook de Jeugdautoriteit, om gezamenlijk tot goede randvoorwaarden te komen. Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen hierin.
-0-0-0-0-0-