ap 11 beantwoording vragen D66-fractie over nieuw distributiebedrijf vlakbij kern Hulten
Tekst van het document
MEMO -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan
fractie D66
Van
college van burgemeester en wethouders
Onderwerp
antwoorden op schriftelijke vragen D66 mbt distributiebedrijf vlakbij de kern Hulten
Datum
18 mei 2021
Zaak Green Valley
343759
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Op 7 mei jl. stelde de fractie van D66 schriftelijke vragen over een nieuw distributiebedrijf vlakbij de kern Hulten. In deze memo beantwoorden wij deze vragen. De vragen staan in een cursief lettertype, de antwoorden in een regulier lettertype in rood. 1. Waarom moesten we deze mededeling uit de krant vernemen? Waarom zijn we als raad niet tevoren daarover uitvoerig geïnformeerd, temeer daar uw college het besluit al op 28 april jl. heeft genomen? Er was alle tijd om ons via een memo in te lichten. De gemeenteraad is op de normale wijze geïnformeerd over het besluit van het college op het principeverzoek. Op 30 april ontving de gemeenteraad een overzicht van de besluiten die het college in die week in de B&W vergadering had genomen. Daar stond ook een korte toelichting op dit besluit in. In het principebesluit staat dat de gemeenteraad wordt geïnformeerd, zoals u ook kunt lezen in het bijgevoegde collegevoorstel. Aanvullend is een memo met achtergrondinformatie over het principebesluit gedeeld met de gemeenteraad. Echter door een omissie van het ambtelijk apparaat heeft de gemeenteraad de memo niet tijdig ontvangen. Excuses daarvoor. 2.
Wat zijn de precieze voorwaarden? Wij willen ook graag de ambtelijke nota daarover ontvangen, plus het collegebesluit. Bovendien de aanvraag van het bedrijf c.q. de bedrijven i.v.m. de ontwikkeling van het gebied tot distributiecentrum. Het collegevoorstel/-besluit en de aanvraag (principeverzoek) ontvangt u bijgaand. 3. Wat zijn de redenen dat u een distributiecentrum acceptabel vindt op landbouwgrond, daar waar er bovendien sprake is van een open landschap nabij Hulten? Zie hiervoor de uitgebreide belangenafweging in het collegevoorstel. 4. In het verleden, bij de ontwikkeling van bedrijventerrein de Haansberg is door de gemeente aan de burgers van Hulten beloofd dat er een groene buffer zou blijven tussen de Haansberg en Hulten.
a. Bent u zich van deze belofte bewust? Ja, daar zijn we ons van bewust. b. Waarom verbreekt u deze belofte? Nee, deze belofte wordt niet verbroken. De groene buffer wordt juist versterkt en blijft duurzaam behouden als gevolg van de inrichting van het landschapspark. 5. Waarom is het bedrijf (c.q. de bedrijven) die om uitbreiding verzocht(en) niet verwezen naar andere bedrijventerreinen in onze gemeente, zoals a. op de Broekakkers waar nog (distributie)panden leeg staan c.q. herontwikkeld kunnen worden tot een gewenst distributiebedrijf, of b. Midden-Brabant Poort? Met de initiatiefnemer zijn hierover gesprekken gevoerd. Maar de beoogde gebruikers, twee lokale Rijense bedrijven, die nu al op bedrijventerrein Haansberg zijn gevestigd, willen graag op Haansberg blijven met hun uitbreiding. 6. Waarom wilt u persé een distributiebedrijf (kavel van 4 ha) binnen onze gemeentegrens vestigen, daar waar in de nabijheid ook andere opties zijn (of komen: Wijkevoort), die speciaal voor deze grote bedrijven zijn bedoeld? Het regionale werkgelegenheidsaspect blijft nl. hetzelfde. Zie de beantwoording van vraag 5. 7.
Bent u het met ons van mening dat daar waar het gemeentebestuur van Gilze en Rijen (raad en college) aan de buurgemeente Tilburg vraagt om op Wijkevoort geen bedrijven kleiner dan 3,5 ha (kavelgrootte) te vestigen (gelet op de regionale afspraken over bedrijventerreinen), het dan niet vreemd is om zelf – tegen dezelfde afspraken in – toch te opteren voor het vestigen van een logistiek bedrijf binnen onze gemeente dat groter wordt dan 3,5 ha? Hoe geloofwaardig denkt het college dan nog in de regio te zijn? De gemeente Tilburg gaat een nieuw bedrijventerrein van 80 hectare realiseren in het landschap. Wij gaan het bedrijventerrein Haansberg uitbreiden met 4 hectare, gelegen op de grens van stedelijk en landschap en rekening houdend met de groene buffer van Hulten. Deze uitbreidingsruimte voor bedrijventerrein van 4 hectare is al meer dan 15 jaar bekend in de regio en provincie, dus ook bij Tilburg. Tilburg heeft in bestuurlijke overleggen meermaals aan ons gevraagd of Gilze en Rijen een gedeelte van de bedrijvigheid tot 5 hectare wil huisvesten nu Tilburg onvoldoende ruimte heeft om aan deze vraag te voldoen. Het college denkt dus volstrekt geloofwaardig te zijn in de regio en daarbij zich ook als een goede partner richting regio te gedragen. 8.
Heeft u onderzoek gedaan naar de te verwachten extra verkeersstromen op de N282 als zich daar een distributiecentrum van deze omvang vestigt? Zo ja, wat was daarvan de uitkomst? Zo nee, waarom niet? De uitbreiding van het bedrijventerrein Haansberg is al meer dan 15 jaar bekend en is destijds ook meegenomen in de verkeersmodellen bij de verbreding van de N282.
9. Deelt u onze mening dat de N282, die thans toch al overbelast is, en daardoor verbreed gaat worden, nog meer belast gaat worden bij de vestiging van het bedoelde logistieke bedrijf? Zie de beantwoording van vraag 8. 10. Komt de verbreding van de N282 niet in gevaar, die nog opnieuw beoordeeld moet worden op o.a. de stikstofproblematiek, nu bekend is dat er plannen zijn hier een logistieke bedrijf te gaan vestigen? Zie de beantwoording van vraag 8. 11. Waar baseert u de (in de krant beschreven) mening op dat de komst van dit distributiecentrum, met gebouwen die tot 15 m hoog zullen gaan, niet zal leiden tot ‘verdozing’ van het landschap? Ze komen toch pal aan de N282 en op nabije afstand van Hulten? Het antwoord op deze vraag kunt u lezen in de memo van 28 april jl. 12. Het lijkt ons dat de bewuste locatie in het verlengde ligt van de (tweede) landingsbaan van het nabij gelegen vliegveld. Is er overleg over geweest met Defensie? Zo ja, wat was de reactie? Zo nee, waarom niet? Er is geen overleg met Defensie geweest. De beoogde ontwikkeling voldoet aan de planologische-juridische regelgeving, waaronder de hoogtebeperkingen, die Defensie stelt. 13. Blijkbaar heeft het bedrijf (c.q. de bedrijven) een terrein gekocht van 13,8 ha (waar het kavel voor het distributiecentrum onderdeel van is). a.
Wat zijn de plannen van de eigenaars met het resterend deel? Het antwoord op deze vraag kunt u lezen in de memo van 28 april jl. Initiatiefnemers willen hier een landschapspark realiseren en het college heeft dit ook als voorwaarde gesteld in het besluit. b. Geplande kantoorgebouwen heeft u op deze plek afgewezen. Wat is daarvan de reden? Kunt u daarover uw besluit (en ambtelijke nota) aan ons overleggen? Het antwoord op deze vraag kunt u lezen in de memo van 28 april j en het bijgevoegde collegevoorstel. c. Zijn er nog andere bestemmingen in beeld? Nee, op dit moment niet. d. Bent u van zins – als er al groen licht vanuit Hart van Brabant zou komen – om ook een bestemmingsplanwijziging in de dienen voor het overige deel (buiten de 4 ha)? Of vindt u – met ons – dat het gebied landbouwgrond moet blijven? Wij zetten ons in voor het behoud van de groene buffer en zullen daarom aansturen op het omzetten naar de bestemming natuur voor het overige gedeelte zodat dit ook duurzaam geborgd is. We stellen als randvoorwaarde dat de groene buffer wordt ingericht als openbaar landschapspark dat robuust, biodivers, ecologisch en klimaatadaptief is.