CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Bijlagen regels omgevingsplan

Gemeenteraad 15 juni 2026, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel Zwarte Dijk7.772 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlagen bij Regels

TAM-omgevingsplan ‘Zwarte Dijk 47 te Rijen’ Planstatus: Datum: Plan identificatie:

Vastgesteld 20-03-2026 NL.IMRO.0784.TAM22dZwarteDijk47-VG01

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4.

Begripsbepalingen Landschappelijke inpassing Behoud- en herstelplan Slooptekening

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

1. Begripsbepalingen In dit 'TAM-IMRO omgevingsplan Hoofdstuk 22d voorbeeld woningbouw landelijk gebied' wordt verstaan onder: - achtererfgebied: gebouwerf zoals bedoeld in bijlage 1 bij artikel 1.1 van het Bbl, uitgaande van de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 3 m achter de voorkant; - afhankelijke woonruimte: een bijgebouw/bedrijfsgebouw dat een ruimtelijke en planologische eenheid vormt met de woning en waarin een gedeelte van de huishouding uit het oogpunt van mantelzorg is gehuisvest; - agrarisch bedrijf: een bedrijf, gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, nader te onderscheiden in: • akker- en vollegrondstuinbouw: de teelt van gewassen op open grond, waaronder bollenteelt, daaronder niet begrepen sier- en fruitteelt, boomkwekerij en bosbouw; • boomkwekerij: een bedrijf gericht op het telen van bomen al dan niet gecombineerd met de verhandeling daarvan; • bosbouw: de teelt van bomen ten behoeve van de houtproductie; • grondgebonden veehouderij: het houden van melk- en ander vee (nagenoeg) geheel op open grond, waaronder tevens wordt verstaan een paardenfokkerij; • intensieve veehouderij: een agrarisch bedrijf met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate in gebouwen plaatsvindt en gericht is op het houden van dieren, zoals rundveemesterij, varkens, vleeskalver-, pluimvee-, pelsdier-,

geiten- of schapenhouderij of een combinatie van deze bedrijfsvormen, alsmede naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijfsvormen; • glastuinbouw: de teelt van gewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen; • sierteelt: de teelt van tuin- en potplanten en/of bomen; • fruitteelt: de teelt van fruit; • bollenteelt: de teelt van bloembollen in samenhang met de teelt van bolbloemen; • intensieve kwekerij: de teelt van gewassen of dieren (anders dan bij wijze van intensieve veehouderij) (nagenoeg) zonder gebruik te maken van daglicht; • paardenfokkerij: het houden van paarden ten behoeve van de fokkerij waarbij het africhten van en de handel in paarden in ondergeschikte mate plaatsvindt; onder paardenfokkerij wordt niet verstaan paardenstalling en manege.

- bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; - bebouwingspercentage: een in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het bouwperceel/bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd; - bed and breakfast: recreatief nachtverblijf in de vorm van logies met ontbijt, gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en veelal kortdurend verblijf, binnen de bestaande (bedrijfs)woning of bijgebouw dat door de beperkte omvang in een woning, met behoud van de woonfunctie, door de bewoner van de woning wordt uitgeoefend; - bedrijfsactiviteiten aan huis: het door een bewoner van een woning: 1. het uitoefenen van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten; 2. bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, geheel of overwegend door middel van handwerk; waarbij de woning in een overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een internethandel. Hieronder dient niet te worden begrepen de uitoefening van detailhandel en sexinrichtingen; - begane grond: bouwlaag waarvan bovenkant van de afgewerkte begane grondvloer ter hoogte van het (straat)peil ligt, dan wel de bouwlaag boven een onderbouw; - bestaand:

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

-

-

-

-

-

-

-

a. het gebruik op een locatie dat op het tijdstip van vaststelling van het besluit tot wijziging van het omgevingsplan op de betreffende locatie aanwezig is en/of bebouwing die op dat tijdstip aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning; b. het onder a bedoelde geldt niet voor zover sprake was van strijd met de voorheen geldende gebruiksen/of bouwregels voor die locatie in het omgevingsplan, daaronder mede begrepen de overgangsbepalingen, of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit; bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde bouwperceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak; bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; bouwlaag: een boven het peil gelegen en doorlopend gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen binnenwerks is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder; bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; bouwvlak: een

geometrisch bepaald vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten; bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; dakopbouw: een constructie ter vergroting van een gebouw, die zich boven de dakgoot bevindt, waarbij deze constructie (deels) boven de oorspronkelijke nok uitkomt en de onderzijden van de constructie in één of beide dakvlak(ken) is (zijn) geplaatst; detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, met uitzondering van het bieden van gelegenheid om gekochte etenswaren ter plaatse te nuttigen; dienstverlening: het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder een belwinkel en internetcafé; eerste bouwlaag: de eerste volledige bouwlaag boven het peil; eenmanszaak: onderneming die door één persoon wordt geëxploiteerd, maar wel personeel in dienst kan hebben druiplijn: de lijn die van

onderen het dak begrenst; erker: een aan nader bepaalde maatvoeringeisen verbonden ondergeschikt aangebouwd gedeelte (aanbouw) van een woning aan een gevel in één bouwlaag, eventueel met een schuin kapje; extensief recreatief verblijven: een extensieve recreatieve niet-bedrijfsmatige gebruiksvorm, welke zich beperkt tot bijvoorbeeld wandelen, paardrijden, fietsen, picknicken, kanoën en natuurgerichte recreatie zoals vogelobservatie en de daarbij behorende extensieve recreatieve voorzieningen zoals banken, bewegwijzering en picknicktafels, ondergeschikt aan de overige ingevolge de functie toegestane gebruiksactiviteiten, en dientengevolge niet het primaire c.q. hoofdgebruik betreffende; gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; gevellijn: de als zodanig aangegeven lijn, waar de voorgevel van een hoofdgebouw op moet zijn georiënteerd; bewoner: iemand die officieel als bewoner van een woning of ander gebouw geregistreerd is en daarmee onder andere verantwoordelijk is voor het betalen van bepaalde lasten; hoofdgebouw: een gebouw dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken huishouden: persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan.

Kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen;

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

- internethandel: verkoop via internet aan particulieren, zonder showroom en waarvan de bestelling en betaling voornamelijk via internet verloopt en bezorging per post, alsmede opslag zonder dat producten ter plaatse worden afgehaald, bekeken of betaald; - kap: een constructie van één of meer dakvlakken; - kamerverhuur: gebouw en/of gedeelte van een gebouw waarin onzelfstandige woonruimte wordt verleend aan personen die geen huishouden vormen;

- kampeermiddelen: niet als een bouwwerk aan te merken vouwwagens, campers, tenten, caravans of hiermee gelijk te stellen onderkomens, die bestemd zijn voor recreatief dag- en/of nachtverblijf en waarbij de gebruikers hun hoofdverblijf elders hebben; -

-

-

-

-

-

-

-

mantelzorg: intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussenpersonen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring (zorgindicatie) van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeenteaangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond; ondergeschikt bouwdeel: • een buiten de gevel of dakvlakken uitstekend ondergeschikt deel van een bouwwerk met uitzondering van een uitgebouwd gedeelte van een gebouw dat dient ter uitbreiding van het oppervlak en/of; • ondergeschikte delen van een ondergronds bouwwerk die zichtbaar zijn boven peil; ondergronds bouwwerk: een (gedeelte van) een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 meter beneden peil; ondergrondse werken: werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden die onder peil plaatsvinden; Open constructie erf- en terreinafscheiding: constructie met een doorkijk, voor minimaal 80 % voorzien van open delen, zoals een constructie als een hekwerk.

overkapping: een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van maximaal één gesloten wand; peil: • voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; • voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; pré-mantelzorg: mantelzorg waarbij de behoefte met een verklaring (zorgindicatie) van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeenteaangewezen sociaal-medisch adviseur nog niet kan worden aangetoond maar deze gezien de gevorderde leeftijd, een progressieve ziekte en/of een psychische beperking mogelijk wel op termijn te verwachten is; stedenbouwkundige samenhang: het door de omvang, de vorm en de situering van de bouwmassa's bepaald beeld inclusief de ter plaatse door de infrastructuur, de begroeiing en andere door de mens aangebrachte (kunstmatige) elementen gevormde ruimte(n); stedenbouwkundige waarde/kwaliteit: de waarde die een gebied heeft in verband met stedenbouwkundige elementen, zoals de stedenbouwkundige situatie en infrastructuur, alsmede de ligging en hoogte van bouwwerken in dat gebied; straatmeubilair: verkeersgeleiders, rampalen/amsterdammertjes, verkeersborden, brandkranen, lichtmasten, zitbanken, bloembakken, papier-, glas- en andere inzamelbakken, toegangsconstructies

voor ondergrondse voorzieningen, kunstwerken, speeltoestellen en draagconstructies voor reclame, telefooncellen, abri's en kleinschalige bouwwerken ten behoeve van (openbare) nutsvoorzieningen en daarmee vergelijkbare objecten; Teeltondersteunende voorziening: (teelt)ondersteunende voorzieningen, die onderdeel zijn van de totale agrarische bedrijfsvoering van een (grondgebonden) open- of vollegronds tuin-bouwbedrijf(stak), boom- of vaste plantenteeltbedrijf(stak) en die gebruikt worden om de bedrijfsvoering te optimaliseren; hierdoor vindt (een deel van) de productie onder meer gecontroleerde omstandigheden plaats, waardoor gezorgd kan worden voor een verbetering van de productiekwaliteit en/of arbeidsomstandigheden, teeltvervroeging of -verlating en het terugdringen van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffengebruik.

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

1.

-

-

Permanentate teeltondersteunende voorziening: teeltondersteunende voorzieningen die voor een periode langer dan 6 maanden worden gebruikt. 2. Tijdelijke teeltondersteunende voorziening; teeltondersteunende voorzieningen die op dezelfde locatie gebruikt kunnen worden zo lang de teelt dit vereist, met een minimum van 1 maand en een maximum van 6 maanden. Deze tijdelijke voorzieningen hebben een directe relatie met het grondgebruik. Hieronder worden verstaan folies, insectengaas, acryldoek, wandelkappen, schaduwhallen, hagelnetten, stellingen met eventueel regenkappen; 3. overige (teelt)ondersteunende voorzieningen: permanente (teelt)ondersteunende voorzieningen in de vorm van een afscheiding, eventueel in de vorm van een hek , met een hoogte van niet meer dan 2,5 m, op boomteeltpercelen waarmee dieren van die percelen geweerd kunnen worden.

voorgevel: een naar de openbare weg en/of fiets- en voetpad toegekeerde gevel van een hoofdgebouw; voorgevellijn: denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de grenzen van het bouwperceel; openbare nutsvoorzieningen: op het openbare net aangesloten werken en/of bouwwerken ten behoeve van het openbaar nut, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer; water, watergangen en waterhuishoudkundige voorzieningen: al het oppervlakte water zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen. Alsmede voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit. Hierbij kan gedacht worden aan duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten etc.; werken en werkzaamheden: alle door menselijk toedoen ontstane of te maken constructies, geen bouwwerken zijnde, en inrichtingen en de werkzaamheden die noodzakelijk zijn om deze te realiseren; woning: een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden, of voor de huisvesting buiten het verband van een huishouden tot en met maximaal vier personen.

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

2. Landschappelijke inpassing

Landschappelijke inpassing Zwarte Dijk - Rijen

Opdrachtgever:

Schoenmakers Advies Molenzicht 2 4881 BW Zundert

Datum:

22 november 2025

Door:

PLANgroen Nieuwmoerseweg 3a 4885 KJ Achtmaal info@plangroen.nl

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Inhoud Inleiding

4

Maatwerk Omgevingskwaliteit

5

Bestaande situatie

6

Landschappelijke inpassing

7-13

Beheer landschappelijke inpassing

14

Berekening Kwaliteitsverbetering van het landschap

15

Referentiebeelden

16

Bijlagen

Pagina 3

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Inleiding Het voornemen is om op de locatie Zwarte Dijk 47 de woonboerderij te splitsen in drie wooneenheden en tevens de bestemming veranderen naar ‘Wonen’. In het voorliggend plan is de landschappelijke inpassing voor de ontwikkeling opgenomen en daarnaast hoe deze ontwikkeling zich verhoudt tot de regeling ‘Maatwerk Omgevingskwaliteit’ van de provincie Noord-Brabant. Het landschapsplan is als volgt opgebouwd: • Maatwerkregeling omgevingskwaliteit • Bestaande situatie • Landschappelijke inpassing • Beheer landschappelijke elementen • Berekening Omgevings kwaliteit

Pagina 4

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Maatwerkregeling omgevingskwaliteit Om de kwaliteit van het landschap te versterken heeft de provincie Noord- Brabant in haar ‘Interim omgevingsverordening Noord-Brabant’ het principe van een ‘Maatwerkregeling Omgevingskwaliteit’ geïntroduceerd. De beleidsregel geeft invulling aan de ‘Interim omgevingsverordening Noord-Brabant’ (artikel: 3.69 en 3.78). Deze regeling heeft als doelstelling de omgevingskwaliteit te versterken als men voornemens heeft om een (extra) woning te willen bouwen of een inpandige splitsing van beeldbepalende woonboerderijen te realiseren. Voor deze voornemens dient een fysieke tegenprestatie te worden geleverd, dit kan onder andere door het landschap te versterken.

Met het voorgenomen initiatief op de planlocatie Zwarte Dijk 47 wordt toepassing gegeven aan de maatwerkregeling omgevingskwaliteit. In het voorliggende document wordt de landschappelijke inpassing nader omschreven en berekend volgens de STILA-methode.

Pagina 5

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Bestaande situatie Gebiedsbeschrijving:

Het plangebied ligt in het buitengebied aan de Zwarte Dijk ten oosten van de kern Rijen . Het buitengebied van Rijen bestaat hier voornamelijk uit cultuurgronden met hier en daar een groen element. De elementen hier bestaan uit, bomenrijen, houtwallen en hagen. Ook uit de historische kaarten blijkt dat het landschap in de omgeving van het plangebied uit cultuurgronden bestond. Locatie beschrijving:

De planlocatie ligt in een gebied waar de cultuurgronden met vergezichten domineert en bestaat uit agrarische percelen met summiere beplanting. De meeste beplanting is terug te vinden rondom de erven. Vrijstaande woningen en boerderijen wisselen elkaar af, waarbij de erf- en bedrijfsbebouwing vaak geclusterd staat.

1925

Pagina 6

1950

1990

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

2024

Landschappelijke inpassing Bestaande Bomenrij

Te realiseren natuurvriendelijke oever 154mtr

Te realiseren waterberging 400m²

flauw talud

drasberm

Te realiseren ‘Struweel’ 820m²

Bestaande Bossingel

N

Te realiseren ‘Struweel’ 200m² Te realiseren ‘Bloemrijk Grasland’ 3025 m²

Pagina 7

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Landschappelijke inpassing Beeldkwaliteit: De landschappelijke inpassing dient bij te dragen aan een kwaliteitsverbetering van het landschap. De gemeente Rijen heeft aangegeven dat zij hierbij een degelijk erfinrichtingsplan verlangt, conform de richtlijnen van de Stila-normen. Inpassing: Om aansluiting te vinden met het bestaande groen en om de locatie uit het landschap te halen, worden de volgende elementen gerealiseerd: -

Knotbomen Struweel Bloemrijkgrasland Waterbergingsvoorziening Landschapsboom Natuurvriendelijke oever

Om een degelijk en toekomstbestendig erfinrichtingsplan voor de planlocatie op te stellen, wordt nadrukkelijk gekeken naar de aanwezige waardevolle groenelementen en de bestaande landschappelijke structuur. Deze vormen het vertrekpunt voor een inpassing die zowel functioneel als esthetisch bijdraagt aan de kwaliteit van het buitengebied. Een belangrijk landschappelijk element op de locatie is een volwassen bomenrij, bestaande uit Beuken en Eiken. Deze laanstructuur vormt een karakteristiek en beeldbepalend onderdeel van het erf. Om dit waardevolle element te versterken, wordt de rij aangevuld met een extra boom, waarmee de ritmiek van de laan wordt gecontinueerd en het groene profiel wordt versterkt. Daarnaast is er een bestaande bossingel aanwezig, die niet alleen ecologisch waardevol is, maar ook zorgt voor beschutting, windvang en natuurlijke inpassing in het landschap. Deze bossingel zal behouden blijven en door gericht beheer in stand worden gehouden, waarbij de biodiversiteit wordt vergroot en de visuele kwaliteit behouden blijft. De entree van het erf wordt ingericht met struweelbeplanting, die bestaat uit inheemse soorten, gecombineerd met een onderlaag van een bloemrijk kruidenmengsel. Deze combinatie zorgt voor een natuurlijke, uitnodigende entree met een hoge sierwaarde gedurende meerdere seizoenen.

Tegelijkertijd draagt het bij aan de biodiversiteit door voedsel en schuilplaatsen te bieden aan insecten, vogels en kleine zoogdieren. Aan de westzijde van het erf, langs de Grote Leij, wordt een natuuroever gerealiseerd. Deze vormt een ecologisch waardevolle overgangszone tussen land en water en versterkt de biodiversiteit door variatie in oevervegetatie. Daarnaast worden hier groene stappen aangebracht die een logische en aantrekkelijke verbinding creëren richting de waterberging. Dit zorgt voor een samenhangende groenstructuur en een aangename wandelroute binnen het erf. Aan de noordzijde van het perceel wordt een functionele én landschappelijk aantrekkelijke waterberging aangelegd voor de opvang van hemelwater. Over deze waterpartij komt een houten bruggetje dat niet alleen zorgt voor toegang en verbinding binnen het erf, maar tevens uitnodigt tot recreatief gebruik door de bewoners. Denk hierbij aan wandelen, natuurbeleving of educatieve doeleinden. Met deze zorgvuldig gekozen inrichtingsmaatregelen krijgt de planlocatie niet alleen een authentieke, landschappelijk verantwoorde uitstraling, maar wordt tevens een belangrijke impuls gegeven aan de ecologische waarde van het gebied.

De samenhang tussen natuur, landschap en gebruik zorgt voor een aantrekkelijk, biodivers en toekomstgericht woon- en leefmilieu Beplanting: Om de beeldkwaliteit te verhogen wordt er gekozen voor inheemse boom en struiksoorten.

Pagina 8

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Struweel 1040 M²: Het landschapselement ‘Struweelhaag’ valt onder het landschapspakket L6 (STILA). Het is een vrijliggend lijnvormig landschapselement met een aaneengesloten begroeiing van inheemse, overwegend doornachtige struiken met een bedekking van minimaal 80%. Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer Het element is tenminste 25 meter lang en is ten minste 2 meter en ten hoogste 5 meter breed; Het element kan vrij uitgroeien en wordt maximaal 1 maal per 6 jaar op tenminste 1 meter hoogte gesnoeid; overhangende takken aan de zijkanten mogen maximaal 1 maal per 3 jaar worden teruggesnoeid; Bij versnipperen van het takhout (met versnipperaar) mogen de snippers niet in het element worden verwerkt; Bij verbranden van het takhout (indien dit mogelijk is in kader van APV) geen vuur maken in of binnen 5 meter vanaf het element; Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het element is niet toegestaan m.u.v. pleksgewijze bestrijding van akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop en van ongewenste houtsoorten (Amerikaanse vogelkers, Amerikaanse eik en Robinia) middels een stobbenbehandeling; Bij beweiding van de aanliggende gronden is een raster aanwezig waardoor schade door vraat stammen en hakhoutstobben en betreding van het element wordt voorkomen.

Het raster mag niet bevestigt zijn aan stammen van het element zelf; Grondbewerking van de aanliggende gronden wordt zodanig uitgevoerd dat schade aan het element wordt voorkomen; Snoeiwerkzaamheden worden in beginsel alleen verricht in de periode tussen 1 november en 15 maart.; bestrijding van ongewenste houtsoorten kan in de periode tussen 15 juli en 15 maart plaats vinden.

Soort

Maat

Aantal

Latijnse naam

Nederlandse naam

Craetagus monogyna

Meidoorn

60/100

125

Sambucus nigra

Gewone vlier

60/100

125

Prunus spinosa

sleedoorn

60/100

125

Cornus mas

Kornoelje

60/100

125

Sorbus aucuparia

Lijsterbes

60/100

125

Rhamnus frangula

Vuilboom

60/100

125

Viburnum opulus

Sneeuwbal

60/100

125

Corylus avellana

Hazelnoot

60/100

125

Pagina 9

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Bloemrijk Grasland (3025m²): Het landschapselement ‘Bloemrijk grasland’ valt onder het landschapspakket G3 (STILA). Een bloemrijke rand is een aaneengesloten rand langs een perceelrand of landschapspakket met een gevarieerde kruidachtige begroeiing van inheemse grassen en kruiden die jaarlijks gemaaid wordt. Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer De rand heeft een gemiddelde breedte van tenminste 3 en ten hoogste 6 meter en een lengte van tenminste 25 meter; voor een rand langs een ecologische verbindingszone geldt echter een gemiddelde breedte van ten hoogste 25 meter; De rand wordt ingezaaid met een in overleg met de veldcoördinator samengesteld mengsel met inheemse grassen en kruiden of er worden éénmalig gunstige randvoorwaarden gecreëerd voor een spontane ontwikkeling van de vegetatie, tenzij de aanvrager verklaard dat er reeds 10 plantensoorten in de rand aanwezig zijn. De rand wordt maximaal 2 en minimaal 1 maal per jaar gemaaid en het maaisel wordt binnen 15 dagen na het maaien afgevoerd De rand wordt niet bemest en er wordt geen slootveegsel en/of – bagger opgebracht; Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in het element is niet toegestaan m.u.v.

pleksgewijze bestrijding van akkerdistel, ridderzuring, Jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop; De rand wordt niet gebruikt als pad behoudens het incidentele gebruik als onderhoudspad voor het schouwen van de aanliggende sloot of het uitvoeren van onderhoud aan het element zelf.

Pagina 10

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Waterbergings voorziening (400m² en 240 m³) Het landschapselement ‘Waterbergingsvoorziening’ valt onder het landschapspakket L15(STILA). Het is een laagte met een kruidachtige begroeiing of broekbos of een ondiepe plas die ten tijde van hoge waterstanden extra water kan bergen.Een waterbergingsvoorziening heeft een oppervlakte van maximaal 5000 m2. Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer: Een waterbergingsvoorziening wordt aangelegd in de vorm van een natte laagte die na enige tijd droogvalt of een ondiepe plas met permanent water. Eisen voor peilgestuurde gebieden Bij een natte laagte of broekbos ligt de bodem van de waterbergingsvoorziening van 10 cm onder tot 10 cm boven het zomerpeil. Bij een ondiepe plas ligt de bodem van de waterbergingsvoorziening tot 100 cm onder het zomerpeil. Eisen voor vrij afwaterende gebieden Bij een natte laagte of broekbos in vrij afwaterende gebieden ligt de bodem van de waterbergingsvoorziening op minimaal 50 cm onder maaiveldhoogte en niet onder de GHG (gemiddeld hoogste grondwaterpeil). Om waterbergingsmogelijkheden te maximaliseren kunnen kunstwerken (stuw, knijpduiker) toegepast worden. Een kunstwerk is noodzakelijk als afwatering plaatsvindt naar een sloot of waterloop.

Pagina 11

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Landschapsboom in bomenrij (6 Stuks): Het landschapselement ‘Landschapsboom in bomenrij’ valt onder het landschapspakket L8 (STILA). Een landschapsboom is een alleenstaande inheemse loofboom, niet zijnde een knotboom, die doorgaans in een vrij grote, open ruimte staat. In geval er langs een perceelsgrens of in een groep minder dan 10 bomen staan worden alle bomen als solitaire boom beschouwd. De boom staat niet in een ander landschapspakket waarbij de beheersvergoeding gerelateerd is aan de oppervlakte (zoals houtsingel en hakhoutbosje).

Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer: De bomen kunnen periodiek worden gesnoeid, waarbij de kroon (onderste dikke tak tot de top) na het snoeien altijd meer dan 50% van de lengte van het takvrij stamstuk bedraagt. Bij verbranden van het takhout (indien dit mogelijk is in kader van APV) geen vuur maken onder de kronen van de bomen. Bij beweiding van de aanliggende gronden is bij solitaire bomen langs een perceelsgrens een raster aanwezig waardoor schade door vraat aan stammen en betreding van het element wordt voorkomen. Het raster mag niet bevestigt zijn aan stammen van het element zelf. Indien de boom in een beweid perceel staat is rond de boom een raster aanwezig op 1,5 meter uit de voet van de stam. Grondbewerking van de aanliggende gronden wordt zodanig uitgevoerd dat schade aan het element wordt voorkomen. Snoeiwerkzaamheden worden alleen verricht in de periode tussen 1 augustus en 15 maart.

Soort

Maat

Aantal

Latijnse naam

Nederlandse naam

Fagus sylvatica

Gewone Beuk

30-35

1

Tilia Cordata

Klein bladige linde

16-18

4

Salix alba

Schietwilg

16-18

4

Pagina 12

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Natuurvriendelijke oever (154mtr): Een natuurvriendelijke oever is een aaneengesloten oever langs een bestaande watervoerende waterloop, in de vorm van een drasberm, plasberm of flauw talud (minimaal 1:3), met een begroeiing van inheemse kruidachtige planten. De oeverbegroeiing kan overwegend uit riet bestaan (rietoever) of uit diverse grassen en kruiden (graskruidenoever). Algemene eisen ten aanzien van inrichting en beheer:

-

Het element ligt naast een bestaande watervoerende waterloop. Een natuurvriendelijke oever is minimaal 25 meter lang. Een natuurvriendelijke oever is minimaal 3 meter en maximaal 10 meter breed. Het element bestaat uit een drasberm, plasberm of flauw talud met minimaal ratio 1:3. Maaiwerkzaamheden worden verricht in de periode tussen 1 oktober en 1 maart en worden gefaseerd uitgevoerd. Maximaal 20% van de oppervlakte van het element bestaat uit struweel. Teveel aan struweel wordt verwijderd. De beheereenheid wordt niet beweid. (max.2 weken in de periode november t/m februari). Slootmaaisel, bagger, maaisel en tuinafval mogen niet verwerkt worden in de beheereenheid. Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan. Er mogen geen wijzigingen aangebracht worden in het profiel van de natuurvriendelijke oever.

Pagina 13

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Beheer Landschappelijke inpassing Struweelhaag: Eens in de drie jaar mag in de periode 1 november tot en met 15 maart, de overhangende takken aan de zijkant van de struweelhaag gesnoeid worden. Daarbij wordt gelet op de volgende punten: Strakke lijnen snoeien op gewenste hoogte en breedte van het element. Toppen om een dichte structuur van de haag te creëren. Bloemrijk mengsel: De rand wordt maximaal 2 en minimaal 1 maal per jaar gemaaid. Daarbij wordt gelet op de volgende punten. Het maaisel wordt binnen 15 dagen na het maaien afgevoerd Tussen 1 april en 1 juli is maaien niet toegestaan. De periode tussen twee maaibeurten is minimaal 3 maanden; Waterbergingsvoorziening : - De beheereenheid wordt niet beweid. - Slootmaaisel, bagger, maaisel en tuinafval mogen niet verwerkt worden in de beheereenheid. - Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan. - Lozen van “niet organische stro en” en ander ‘afval’ is ook niet toegestaan. - Toepassen van meststro en is niet toegestaan. - Infiltratie van water via pijpleiding(en) naar grondwater is niet toegestaan. - De beheereenheid wordt niet beschadigd door werkzaamheden op aangrenzende gronden. - Zwerfvuil wordt ten minste één keer per jaar verwijdert Landschapsbomen in bomenrij: Na het broedseizoen tussen 1 aug en 15 maart wordt dit element gesnoeid om de gewenste vorm te bereiken. Daarbij wordt gelet op de volgende punten.

Het verwijderen van waterloten, zuigers, plakoksels en kruisende(schurende) takken. Begeleidingssnoei Kronen tot gewenste stamhoogte Bossingel: Minimaal één keer per twee jaar in de periode 1 november tot 15 maart wordt dit element onderhouden. Daarbij wordt gelet op de volgende punten: - Het verwijderen van zaailingen, afleggers, worteluitlopers en ongewenste woekeraars. - Begeleidingssnoei van bomen en heesters. Dunnen van het element ter bevordering van de groeiontwikkeling.

Natuurvriendelijke oever: -

Minmaal éénmaal per twee jaar maaien Maaisel afvoeren Maaiwerkzaamheden in de periode tussen 1 oktober en 1 maart gefaseerd (sinus maaien) uitvoeren.

Pagina 14

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Berekening kwaliteitsverbetering van het landschap De fysieke tegenprestatie van de landschappelijke inpassing wordt aan de hand van de STILA-methode berekend, per landschapspakket wordt de vergoeding van de aanleg en het onderhoud van 6 jaar meegerekend. In de onderstaande tabel worden de toe te passen landschapspakket(ten) uiteengezet. Het totale bedrag geeft de omgevingskwaliteit in euro’s weer. Zie tabel hieronder:

Pagina 15

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Referentiebeelden

Pagina 16

Landschappelijke inpassing – Zwarte Dijk 47 - Rijen

Bijlagen

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

3. Behoud- en herstelplan

Behoud- en herstelplan Boerderij Zwart Dijk 47 Rijen Project 25-406 19 februari 2026

Inhoud

1. Context Historie Ligging gebouw

2. Bouwhistorische inventarisatie Typologische omschrijving Hoofdvorm

3. Woning Gevel Gevelopeningen Dak- en dakconstructie Vloerconstructie Waardevolle elementen

4. Schuur Gevel Gevelopeningen Dak- en dakconstructie Vloerconstructie Waardevolle elementen

5. Erfinrichting

6. Behoud- en herstel kosten

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 2

1. Context Dit rapport beschrijft de behoud- en herstelwerkzaamheden van de boerderij en de bijbehorende schuur aan de Zwarte Dijk 47 te Rijen.

Om de cultuurhistorische waarde van het boerderijensemble voor de toekomst te behouden en te versterken wordt dit plan opgesteld. De aanleiding is het initiatief om de boerderij te transformeren naar drie woningen, waarvan twee in de schuur. Belangrijke aandachtspunten hierbij zijn: a. de bouwwerken dienen qua profiel, bouwmassa, gevelkarakteristiek, detaillering, kleur- en materiaalgebruik, situering en oriëntatie behouden te blijven. Het behoud van de verschijningsvorm heeft hoge prioriteit; b. nieuwe bebouwing dient de karakteristiek van de bestaande gebouwen afzonderlijk en/of als geheel niet aan te tasten. Het herstellen en verbeteren van bouwkundige gebreken dient hierbij op een kwalitatieve en duurzame wijze te worden geïntegreerd in de werkzaamheden.

Het gebouw is in 1959 gebouwd en bevindt zich momenteel in een matige staat. De boerderij met bijgebouwen is gelegen in het buitengebied van Rijen aan de Zwarte Dijk, ongeveer 3km vanaf het centrum. Het ligt omzoomd door groen, waardoor het niet opvalt vanaf de hoofdweg. Rijen is een plaats in de gemeente Gilze en Rijen in Noord-Brabant. Rijen is een levendig dorp met ongeveer 16.500 inwoners en biedt alle benodigde voorzieningen, zoals supermarkten, scholen, sportaccommodaties en een station.

Zwarte Dijk 47

Rijen

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 3

2. Historie De boerderij is gebouwd in 1959 en diende als agrarisch (melkvee-) bedrijf. De boerderij is karakteristiek voor de wederopbouwperiode na de Tweede Wereldoorlog. Wederopbouwboerderijen werden gebouwd ter vervanging van de verwoeste of beschadigde boerderijen. De meeste boerderijen werden gebouwd volgens de principes van de Delfste school. Kenmerkende elementen zijn het generieke, minder streekgebonden karakter van het boerderijtype, die opgebouwd zijn uit baksteen metselwerk, houten spanten en traditionele en sobere indeling. De boerderij aan de Zwarte dijk is nog grotendeels in oorspronkelijke staat; in de loop der jaren zijn er slechts enkele kleine wijzigingen doorgevoerd.

Ligging gebouw De boerderij met bijgebouwen is gelegen in het buitengebied van Rijen aan de Zwarte Dijk. Het perceel ligt van de hoofdweg af, over een oprij pad bereik je de boerderij. Via een zijweg rijd je langs de rivier de Grote Leij en kom je op de kopgevel (westgevel) van de woning aanrijden. De gebouwen zijn omringt door bomen en bosjes en zijn vanaf de hoofdweg niet duidelijk te zien. De combinatie van de diverse gebouwen, bestaand uit de woning, aanpandige schuur, varkensstal, dragen bij aan de karakteristieke uitstraling van het geheel. Verder staan er op het erf nog een open hangar, tuinhuis en een kleine garage. Het erf kent een scheiding tussen wonen en werken. Op het woondeel, ten zuiden van de woning, bevindt zich de siertuin met daar links van een speeltuin omringd door bomen en struiken. Het werkerf, ten noorden van de schuur, dient voor de opslag en gebruik van materieel, daar staat ook de open hangar.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 4

3. Bouwhistorische inventarisatie Typologische omschrijving De boerderij is gebouwd volgens de typologie van een kop-hals-rompboerderij uit de wederopbouwperiode. Hoewel dit type van oudsher niet (veel) voorkomt in Noord Brabant, komt het in de wederopbouwperiode meer voor dat niet streekeigen bouwtypologieen werden gebouwd. Dit komt met name door de standaardisatie en een meer zakelijke en efficiënte benadering. De onderdelen van de kop-hals-romp boerderij zijn functioneel. Namelijk wonen in het voorhuis (kop), werken in de hals en de opslag van voedsel of het houden van vee bevindt zich in de schuur (romp). Bij een kop-hals-romp-type is de hals een laag bouwvolume als tussenlid dat het woongedeelte en het bedrijfsgedeelte verbindt. De ontwerpstijl volgt de principes van de architectuur van de Delftse school. De vormentaal is traditioneel; symmetrie en orde zijn belangrijk. Het gebruik van baksteen is leidend met ambachtelijike metselverbanden. De ornamentiek is sober en functioneel. De uitstraling is kwalitatief, degelijk, zonder overdaad. Deze genoemde waarden zijn een belangrijk uitgangspunt bij het onderhouden, verbeteren, herstellen en aanpassen van het complex.

Hoofdvorm De vrijstaande boerderij met aanpandige landbouwschuur, varkensstal en later gebouwde ligboxenstal hebben allen een zadel dak. Waarbij het steilere dak van de woning en de schuur zijn bedekt met rode keramische VH dakpannen en het dak van de ligboxenstal met (asbest) golfplaten. Het tussenlid tussen schuur en woning heeft een platdak. De woning heeft een verdieping met zadeldak en aan weerzijde een slanke dakkapel. Op de kopgevels van de woning bevinden zich schoorstenen. De gevels bestaan uit metselwerk in wildverband.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 5

4. Woning Gevel De woning is opgetrokken uit baksteen metselwerk spouwmuren in rode steen in wildverband. Op beide kopgevels is een gemetselde schoorsteen aanwezig. Het metselwerk heeft fraaie oortjes op de hoeken. Door lekkage en niet functionerende goten is er sinds langere tijd veel vochtbelasting op de gevels. Voegwerk is op plaatsen slecht. Stalen onderdelen in de gevel, zoals kozijnankers en wapeningsstaal in de lateien roesten, zetten uit en beschadigen het metselwerk. Het metselwerk is op plaatsen ontzet, gescheurd of losse stenen zijn beschadigd. Scheurvorming is zichtbaar op verschillende plekken duidelijk te zien.

Voor behoud en herstel moeten onderdelen van de gevel (m.n. nok westgevel en delen zuidgevel) nieuw opgemetseld worden om het verband en stabiliteit in de gevel terug te brengen. Het behoud van de gevelkarakteristiek en detaillering is het uitgangspunt. Aanslag en mosvorming moet worden gereinigd. Bij scheuren moet de oorzaak onderzocht worden en duidelijk zijn. Bij stabiel metselwerk na een zetting kan voegwapening / spiraalankers als reparatie worden ingezet. Slecht voegwerk moet vernieuwd worden met gelijkende voegmortel.

Gevel openingen De woning heeft weinig aanpassingen gehad in de gevelopeningen. Er zijn in op later moment (jaren 1990) hard houten meranti kozijnen geplaatst in de woning. Het onderhoud is slecht. Door weersinvloeden zijn onderdelen rot. Onderdelen in de noord en oostgevel zijn redelijk. Enkel glas en oud dubbel glas is aanwezig. Bewegende delen kieren en sluiten niet afdoende. Raamdorpelstenen hebben onderhoud nodig. renoveren en losse delen opnieuw plaatsen; voegwerk vernieuwen.

Het is aan te bevelen om de kozijnen te vernieuwen. De indeling van bestaande kozijnen blijft in de meeste kozijnen gehandhaafd. De dakkapellen dienen vernieuwd te worden; voorgesteld wordt om het bestaande dakkapelletje als gelijkend type tweemaal terug te laten komen in de zuidgevel. Kozijnen uitvoeren in hardhout, traditioneel profiel. Raamdorpelstenen renoveren, slechte delen vervangen en losse onderdelen opnieuw plaatsen; voegwerk vernieuwen.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 6

Dak- en dakconstructie

Het zadeldak gebouwd als gordingkap met vuren dakbeschot en is bedekt met keramische rode dakpannen, model VH. Houten bakgoten met lijstwerk op gootklossen. Door lekkages is er schade aan het dakbeschot en de goten incl de gootklossen.

Na het strippen aan de binnenzijde moeten de verbindingen in de spanten worden gecontroleerd en waar nodig versterkt. Aangetaste constructiedelen moeten vervangen worden. Het vuren dakbeschot moet vernieuwd worden door lekkages en vochtschade. Slechte dakpannen vervangen. Nokvorsten vernieuwen waar nodig. Alle loodaansluitingen oa schoorstenen en dakkapellen te vervangen. De indeling van de verdieping wordt gewijzigd waarbij de kap en spantconstructie in het zicht komt.

Vloerconstructie

De woning is gefundeerd op staal en deels houten en deels betonnen begane grondvloeren en houten verdiepingsvloeren. Er is een gemetselde kelder links van de entree. De vloeren zijn oneïsoleerd.

Waardevolle elementen

Karakteristieke en waardevolle elementen in de woning zijn: 1.

Metselwerk gevels, oortjes, gootdetail met klossen

2.

Keramische pannen kleur rood, model VH

3.

Gevelopeningen en detaillering passend in de Delftse school traditie

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 7

5. Aanpandige grote schuur (hals en romp) De schuur (de romp van de boerderij) aan de woning bestaat uit een bouwconstructie van dragende baksteen spouwgevels en binnenmuren, een houten dakconstructie bedekt met pannen en een betonnen vloer. De schuur is met een tussenlid (de hals) verbonden met de woning. Dit bouwdeel is in metselwerk opgebouwd met een steenachtig plat dak. Aan de schuur is met de nieuwbouw een varkensstal aangebouwd die afgewerkt is met dakpannen en voorzien is van spouwmuren. De grote schuur heeft een rechthoekige plattegrond, waar aan de buitenzijde de stallen voor kalveren, het jongvee en de melkkoeien zich bevinden. In het midden ligt asymmetrisch een rijvloer / transportzone. Deze zone is vanaf het erf toegankelijk en loopt niet geheel door tot aan de andere zijde. In het ontwerp is het programma pragmatisch gepositioneerd. Dit leidt op sommige plaatsen tot een verrassende aansluiting tussen de hoofddraagstructuur en de positie van kozijnen in de gevel die los staan van deze structuur. (bijv. in zuidgevel van de grote schuur). De schuur heeft een hoog zadeldak met wolfseinden en is volledig bedekt met rode keramische VH dakpannen.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 8

Gevel

Voorgevel (westzijde) Deze gevel is sober en vrij gesloten. Hier zit een grote opening met twee originele houten schuifdeuren, om met machines binnen te rijden. Rechts hiervan bevindt zich een zesruits betonvenster met enkelglas. Waarboven zich drie vierruits betonvensters bevinden, recht onder het wolfseind, symmetrisch geplaatst. Boven alle betonvensters bevindt zich een rollaag. Betonvensters kwamen veel voor bij de wederopbouwboerderijen. De gevel bestaat uit metselwerk in wildverband.

Zijgevel (noordzijde) Vrij gesloten gevel. Waaraan zich twee aanbouwen vinden, namelijk de varkensstal en een berging (staat niet op de archief tekening, is later toegevoegd). In deze gevel bevindt zich een doorgang naar de schuur en een doorgang naar de achtergelegen paardenstal. De gevel is hier lager, omdat het zadel dak hier zijn laagste punt heeft. Hierdoor zijn de rode dakpannen goed zichtbaar vanaf het maaiveld. De later toegevoegde afhang / berging (noordwest hoek) is in slechte staat en zal worden verwijderd. Deze afhang wordt niet gerekend tot de ‘karakteristieke bebouwing’ omdat deze in een later stadium is gebouwd en daarmee de hoofdvorm van de schuur verstoort. De afhang is daarnaast in een slechte kwaliteit is uitgevoerd. Daarmee is dit bouwdeel van ondergeschikte waarde voor het complex en zal worden verwijderd.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 9

Achtergevel (oostzijde) De oostgevel is meer open dan de westgevel. Op de begane grond zijn meer zesruits betonvensters geplaatst. Aan de rechterzijde twee houten deuren. Deze zijn allen voorzien van een rollaag. Ook bevindt er zich een balkluik waar vroeger hooi door werd binnengebracht. Met daarboven aan weerszijde twee vierruits betonvensters.

Rechter zijgevel (zuidzijde) Aan deze zijde is later de ligboxenstal gebouwd, er is geen cultuurhistorische waarde van dit bouwdeel. Het is een uiting van schaalvergroting en meer efficiënte bedrijfsvoering in de jaren ’60 en ’70. Deze wordt niet gerekend tot de ‘karakteristieke bebouwing’ omdat deze geenszins aansluit bij de bouwkarakteristiek en de kernwaarden van de boerderij. De bouwwijze, de industriële materiaaltoepassing, kleur en massa zijn van een andere orde die geen bijdrage leveren aan de karakteristieke waarde van de wederopbouwboerderij. De stal is gebouwd obv staal skeletbouw, een andere soort baksteen is gebruikt, kalkzandsteen binnenwanden en deze is voorzien van een dak van asbestplaten ipv de karakteristieke rode pannen. In het plan wordt deze stal gesloopt. Hierdoor komt de zuidgevel vrij en wordt de contour en massa van de oorspronkelijke grote schuur weer herkenbaar en afleesbaar. De dakkapel/ hooiluik aldaar wordt weer goed zichtbaar, het is een element dat waardevol wordt geacht.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 10

Met betrekking tot alle gevels geldt: Stalen onderdelen in de gevel, zoals kozijnankers en wapeningsstaal in de lateien roesten, zetten uit en beschadigen het metselwerk. Het metselwerk is op plaatsen ontzet, gescheurd of losse stenen zijn beschadigd. Scheurvorming is zichtbaar op verschillende plekken duidelijk waar te nemen.

Voor behoud en herstel moeten onderdelen van de gevel nieuw opgemetseld worden om het verband en stabiliteit in de gevel terug te brengen. Het behoud van de gevelkarakteristiek en detaillering is hierbij uitgangspunt. Aanslag en mosvorming moet worden gereinigd. Bij scheuren moet de oorzaak onderzocht worden en duidelijk zijn. Bij stabiel metselwerk na een zetting, kan voegwapening / spiraalankers als reparatie worden ingezet. Slecht voegwerk moet vernieuwd worden met gelijkende voegmortel.

Gevel openingen

In de schuur zijn met name twee typen kozijnen aanwezig: betonvensters en schuurdeuren / luiken. De betonvensters worden in houten kozijnen herplaatst. Zodat koudebruggen worden voorkomen en een goed geïsoleerd venster ontstaat met een duidelijke referentie naar de oorspronkelijke vensters.

Dak en dakconstructie

De draag constructie van bestaat uit vier nokspanten, die een gordingenkap dragen. Slechts op enkele plaatsen draagt deze constructie door tot op de begane grond vloer. De meeste spanten dragen op de wanden van de eerste bouwlaag. Er zijn doorbuigingen en op plaatsen is het verband in het spant verzwakt. Op de gordingen liggen sporen en erop ligt het open dakbeschot van panlatten en tengels met de dakbedekking. De kapspanten bij een gordingenkap zijn altijd als nokspant. De topgevels zijn afgetopt met een wolfseind. De begane grond is een stampbetonvloer en de verdieping is een NeHoBovloer, ofwel een systeemvloer van holle, keramische bouwstenen. Veel binnenwanden en de bestaande verdiepingsvloer zullen worden verwijderd.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 11

Zinken bakgoten hangen met beugels aan de muurplaat/dakbeschot. De goten zijn in slechte staat en functioneren niet. Door lekkages is er schade aan het dakbeschot en de goten.

De verbindingen in de spanten moeten worden gecontroleerd en waar nodig versterkt. Aangetaste constructiedelen in de hoofdkap moeten vervangen worden conform de bestaande bouwwijze en detaillering. Verschillende kolommen zullen worden verlengd of vervangen zodat deze tot op de begane grondvloer doorlopen vanwege de sloop van de bestaande binnenmuren. Uitgangspunt is zoveel mogelijk hergebruik van dakpannen. Overweging hierbij is om de zichtzijde, zuidzijde, in bestaande pannen uit te voeren en de noordzijde te vernieuwen of een ander bouwdeel zoals de varkensstal met nieuwe pannen te dekken en de bestaande pannen in te zetten voor het hoofddak. Nokvorsten vernieuwen waar nodig. Alle loodaansluitingen te vervangen. De dakkapel/hooiluik aan de zuidzijde wordt vernieuwd in de bestaande maatverhouding. De varkensstal heeft een slechte kapconstructie, door lekkages en achterstallig onderhoud over een lange periode. Het vervangen van de houten constructie lijkt hier de passende oplossing.

Vloerconstructie

De schuur is gefundeerd op staal en heeft een stampbetonnen begane grondvloer en steenachtige verdiepingsvloeren (NeHoBo). De vloer zal in zijn geheel vernieuwd worden door een nieuwe betonvloer, zelfdragend op zand.

Waardevolle elementen

Karakteristieke en waardevolle elementen in de schuur zijn: 1.

Metselwerk gevels, sober en doelmatig van opzet, afwisseling van stalramen en staldeuren

2.

Keramische pannen kleur rood, model VH

3.

Houten deuren en luiken, obv verticale houten delen

4.

Gevelopeningen en detaillering passend in de Delftse school traditie

5.

Dakkapel / hooiluik aan zuidzijde

6.

Houten gebint constructie, rechthoekig gezaagd constructiehout, grenen.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 12

7. Erfinrichting

De vrijstaande boerderij is omzoomd door een boomsingel met verschillende boomsoorten met verschillende leeftijden. De eenheid van het complex bewaren is het uitgangspunt bij het aanpassen van de groenstructuur en erfinrichting. Het toegangspad kan via de noordkant aansluiten op de open kapschuur. Hierdoor zullen direct om de boerderij geen auto’s staan en geen parkeren plaatsvinden. De open ruimte om de boerderij wordt als tuin ingericht met in de groen begroeiing afscheidingen opgenomen die plekken markeren voor meer privé gebruik van drie tuinen. Aan de noordzijde kan een moestuin en fruitboomgaard worden aangeplant.

Zie document ‘Landschappelijke inpassing’ van PlanGROEN voor inhoudelijke invulling.

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 13

8. Behoud- en herstel kosten

Behoud en herstelplan – Zwarte dijk 47 Rijen dd 19-02-2026 Arend Groenewegen Architect BNA

pag 14

19-02-2026 20260219 406 -Raming Bouwkosten.xlsx

dd 19 feb 2026

25-406 Raming bouwkosten behoud Erfgoedwaarde - Zwarte dijk 47 Rijen Investering in het behoud van erfgoed waarde Woning 1

2 3

eenheid m1-m2 herstel voegwerk uitbloei door mosvorming

35 €

115,00 obv

37,2 uur arbeid

€

4.025,00

herstel gebroken metselwerk door uitzetten staal lateien bij gevelopeningen herstel scheurvorming nok westgevel

25 € 20 €

115,00 obv 115,00 obv

26,5 uur arbeid 21,2 uur arbeid

€ €

2.875,00 2.300,00

herstel scheurvorming zuidgevel

20 €

115,00 obv

21,2 uur arbeid

€

2.300,00

reparatie metselwerk door uitzetten kozijnankers door roest gootklossen behoud, oortjes herstel metselwerk verband Keramische pannen kleur rood, model VH, herstel gehele dak als bestaand, deels nieuwe nokvorst Gevelopeningen behoud raamdorpels, aanhelen/ herplaatsen als bestaand ca 8m1 dakkapellen woning behoud en herstel

Grote schuur 1 Metselwerk gevels, sober en doelmatig van opzet, afwisseling van stalramen en staldeuren fundering behoud herstel kopgevels en langsgevels, verzakking herstel gevels metselwerkverband, scheurvorming herstel breuk metselwerk door roestvorming ankers en lateien staal herstel gevels mos en ingroei; voegwerk 2 Keramische pannen kleur rood, model VH behoud VH dakpannen zuidzijde, nieuw noordzijde lood nieuw aanbrengen, nokvorsten nieuw 3 Houten deuren en luiken, obv verticale houten delen kozijnen behoud paneeldeuren, rechte staldeuren, luiken 4 Gevelopeningen en detaillering passend in de Delftse school traditie kozijnen behoud bestaande vensters 4 en 6 ruits 5 6

totaalkosten obv materiaal en arbeidsuren

Metselwerk gevels, oortjes, gootdetail met klossen

21 18 98 12 4

€ 115,00 € 80,00 € 85,00 € 50,00 € 2.800,00

obv 22,3 uur arbeid obv 13,3 uur arbeid obv 76,9 uur arbeid obv 5,5 uur arbeid obv 103,4 uur arbeid

€ 2.415,00 € 1.440,00 € 8.330,00 € 600,00 € 11.200,00 € 35.485,00

60 124 40 75

obv 249,2 uur arbeid obv 131,6 uur arbeid obv 42,8 uur arbeid obv 81,0 uur arbeid

€ 27.000,00 € 14.260,00 € 4.640,00 € 8.775,00

316,88 € 85,00 obv 170,2 uur arbeid materiaal en obv 78,5 uur arbeid

€ 18.434,80 € 8.500,00

st

12 € 1.850,00 obv 204,9 uur arbeid

€ 22.200,00

st

41 €

€ 38.950,00

Dakkapel / hooiluik aan zuidzijde getoogd hooiluik, terugbrengen als origineel Houten gebint constructie, rechthoekig gezaagd constructiehout, grenen. spanten hout behoud en herstel; houten kolommen verlengen aanpassen vervangen muurplaat, rot door inwateren

€ € € €

450,00 115,00 116,00 117,00

950,00 obv 359,5 uur arbeid

€ 6.500,00 obv

60,0 uur arbeid

materiaal en obv 120,0 uur arbeid materiaal en obv 110,8 uur arbeid materiaal en obv 92,3 uur arbeid

€

6.500,00

€ 13.000,00 € 12.000,00 € 10.000,00

Erfinrichting 1 2 3 4

boomgaard terugbrengen ca 20 bomen, maaiveld begroein, verankering ca 500m2 siertuin terugbrengen, grondbewerking, vaste planten, gazon ca 600m2 moestuin terugbrengen, hagen, inrichting, begroeing, grond verzet ca 400m2 erf terugbrengen traditionele erfverharding klinker waaltjes

€ 184.259,80 500 600 400 600

€ € € €

15,00 40,00 15,00 70,00

obv 69,2 uur arbeid obv 221,5 uur arbeid obv 55,4 uur arbeid obv 387,7 uur arbeid 734

€ 7.500,00 € 24.000,00 € 6.000,00 € 42.000,00 € 79.500,00 totaal

Arend Groenewegen Architect

€ 299.244,80

Pagina 1 van 1

III Schoenmakers III Ruimtelijke ontwikkeling

4. Slooptekening

GZE00M 00756G0000

te slopen bebouwing ca. 33 m²

GZE00M 00757G0000

te slopen bebouwing ca. 354 m² GZE00M 00154G0000

GZE00M 00433G0000

Tinnegie

tersweg

47 GZE00M 00449G0000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16888138/1