CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Nota van zienswijzen omgevingsplan Schoolstraat 62 - geanonimiseerd docx (1139525)

Gemeenteraad 15 juni 2026, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststellen omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot4.101 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van zienswijzen en lijst van wijzigingen Omgevingsplan Schoolstraat 62, Molenschot

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

1. Leeswijzer In de hiernavolgende hoofdstukken worden de zienswijzen op het omgevingsplan Schoolstraat 62 behandeld. Hoofdstuk 2 zet de ruimtelijke ontwikkeling en gevolgde procedure uiteen. In hoofdstuk 3 is de (geanonimiseerde) lijst van reclamanten opgenomen. In dit hoofdstuk wordt tevens bezien of de ingediende reacties aan alle formele eisen voldoen en dus ontvankelijk zijn. Vervolgens zijn in hoofdstuk 4 de reacties kort samengevat en wordt inhoudelijk op de reacties ingegaan. Tot slot is aangegeven op welke punten het plan aangepast zal worden.

2. Ruimtelijke ontwikkeling en gevolgde procedure Het plan voorziet in een juridisch-planologische regeling voor de herontwikkeling van het agrarisch erf aan de Schoolstraat 62 te Molenschot. De ontwikkeling maakt de beëindiging van het glastuinbouwbedrijf en de herinrichting van het perceel mogelijk. Dit resulteert in de verwijdering van de glasopstanden en overige bedrijfsbebouwing.. Daarnaast wordt voorzien in het behoud van een kleinschalige agrarische functie zonder glastuinbouw en de toevoeging van twee woningen in één bouwvolume (twee-onder-een-kapwoning) binnen het bestaande bebouwingslint van de Schoolstraat. De bekendmaking van de terinzagelegging van het ontwerp TAM-Omgevingsplan ‘Hoofdstuk 22b Schoolstraat 62 Molenschot’ is gepubliceerd in het Gemeenteblad op 15 december 2025. Het ontwerpplan heeft met ingang van 16 december 2025 gedurende zes weken ter inzage gelegen, tot en met 26 januari 2026. Tijdens deze termijn kon eenieder zowel schriftelijk als mondeling een zienswijze indienen.

3. Geanonimiseerde Lijst van reclamanten Gedurende de periode van terinzagelegging zijn vierzienswijzen ingediend. Alle zienswijzen zijn als ontvankelijk beoordeeld. Lijst van Zienswijzen Nr. Naam indiener(s)

Adres

Datum indiening Type zienswijze 21 januari 2026

1

F.a.m. Jacobs

Schoolstraat 64 Molenschot

2

E. Kerremans

Schoolstraat 65 Molenschot, 22 januari 2026 Schriftelijk

3

De Groene Koepel

Postbus 1142 Breda

25 januari 2026

Schriftelijk (digitaal)

4

Provincie Noord-Brabant Brabantlaan 1, ’s-Hertogenbosch 26 januari 2026

Schriftelijk (digitaal)

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

Schriftelijk

4. Zienswijzen en reactie gemeente Reclamant 1

Onze reactie

Indiener geeft aan dat zijn perceel aan Schoolstraat 64 volledig de bestemming/functie ‘wonen’ heeft en dat dit volgens hem expliciet en ondubbelzinnig moet worden bevestigd in het omgevingsplan. Hij stelt dat in het verleden onduidelijkheid is geweest over de exacte begrenzing en bestemming van zijn perceel. Indiener verwijst naar een koopovereenkomst uit 2004 waarbij volgens hem sprake was van een voorwaardelijke medewerking aan wijziging van de bestemming. 2. Indiener geeft aan dat hij in 1980 een vergunning heeft verkregen voor een loods/corridor (bijgebouw). Dit gebouw is volgens hem nooit bedrijfsmatig gebruikt en is altijd gebruikt voor opslag/garage. Dit gebouw heeft een oppervlakte van circa 91 m² (binnen de norm van 100 m² bijgebouw). In 2015 is volgens hem een omgevingsvergunning aangevraagd voor verbouw van dit bijgebouw. Hij stelt dat, nu het perceel de functie ‘wonen’ heeft/krijgt, de weg openstaat om dit bijgebouw te verbouwen naar garage in lijn met de woonfunctie. 1. Indiener is eigenaar van de percelen P1158 en P995. Deze percelen hebben in het vigerende bestemmingsplan al de bestemming ‘Wonen’ en in het ontwerp omgevingsplan de functie ‘Wonen’. Indiener heeft daarnaast het perceel P1627 aangekocht. In het ontwerp omgevingsplan heeft dit perceel de functie ‘Agrarisch’. Dit is onjuist.

Het perceel zal bij vaststelling van het omgevingsplan worden aangepast naar de functie ‘Wonen’. 1.

Na deze aanpassing hebben alle gronden die in eigendom zijn van indiener de functie ‘Wonen’. Conclusie: Aanpassen functie perceel 1627 van agrarisch naar wonen. 2. Het aanwezige bijgebouw valt binnen de functie ‘Wonen’. Binnen deze functie is maximaal 100 m² aan bijbehorende bouwwerken toegestaan. Het door indiener genoemde bijgebouw van circa 91 m² past daarmee binnen de planregels. Het staat indiener vrij om een aanvraag omgevingsvergunning in te dienen voor verbouw van het bijgebouw. Deze aanvraag wordt als separate aanvraag beoordeeld aan de hand van de geldende wet- en regelgeving. In het kader van deze planwijziging kunnen hierover geen toezeggingen worden gedaan. Conclusie: geen aanpassingen. Reclamant 2

1. Indiener vraagt waarom voor Schoolstraat 62 wél medewerking wordt verleend aan woningbouw, terwijl zijn principeverzoek uit 2023 voor woningbouw op de percelen P1272 en P1270 (tegenover nr. 62) is afgewezen. Dit verzoek is destijds afgewezen vanwege geluidsbelasting van de militaire vliegbasis en strijdigheid met de Structuurvisie Stedelijk Gebied (behoud landschappelijk karakter). Indiener stelt dat: • De geluidsbelasting aan beide zijden van de weg gelijk is;

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

• •

2.

3.

4.

5.

Onze reactie

1.

Beide locaties agrarische gronden betreffen; Er sprake lijkt van ongelijke behandeling van vergelijkbare percelen.

Initiatiefnemer vindt dat er verschil wordt gemaakt door eerst zijn plan af te wijzen en enkele jaren laten wel akkoord te gaan met eenzelfde plan op het perceel er tegenover. Indiener merkt op dat de omgevingsdialoog heeft plaatsgevonden voordat de Omgevingsvisie formeel was vastgesteld. Hij vindt dit opmerkelijk en suggereert dat de plannen al vergevorderd waren vóór vaststelling van de visie. De omgevingsvisie stelt dat er gebruik kan worden gemaakt van de maatwerkregeling. Waarom kan indiener hier dan geen gebruik van maken? Indiener stelt dat in het beleid wordt gesproken over het behouden en versterken van doorzichten richting het landschap. Volgens hem wordt met het nieuwe bouwplan juist een doorzicht weggenomen; Indiener geeft aan dat volgens de initiatiefnemer tijdens de omgevingsdialoog bewust is gekozen voor een twee-onder-een-kapwoning om financiële redenen. Vrijstaande woningen passen volgens indiener beter op deze locatie. De gemeente begrijpt de vraag van indiener, maar er is geen sprake van gelijke situaties. De beoordeling van beide initiatieven is gebaseerd op de ruimtelijke kenmerken van de locaties en de geldende beleidskaders. Bij Schoolstraat 62 is sprake van een bestaand glastuinbouwbedrijf met omvangrijke bebouwing (kassen, wateropslag, verhardingen, loods en bedrijfswoning). Met de ontwikkeling wordt het grootste deel van deze bebouwing gesloopt.

Hierdoor ontstaat een duidelijke ruimtelijke kwaliteitsverbetering van het bebouwingslint. De sloop van kassen en overige voorzieningen levert daarnaast circa één titel aan tegenprestatie op binnen de provinciale maatwerkregeling, waarmee twee woningen in één bouwmassa mogelijk worden gemaakt. Het perceel naast Schoolstraat 63 betreft daarentegen een onbebouwd perceel waar in het verleden geen bebouwing heeft gestaan. Er is daarom geen sprake van sanering of kwaliteitsverbetering ter plaatse. Het toevoegen van woningen op een dergelijke open plek in het lint, buiten het stedelijk gebied, wordt ruimtelijk minder wenselijk geacht. Daarnaast kan de maatwerkregeling daar alleen worden toegepast door een financiële storting in een fonds, wat in de beleidslijn van de gemeente in beginsel niet wenselijk wordt geacht. Het verschil in beoordeling is daarom gelegen in: • de aanwezigheid en sanering van bestaande bebouwing op Schoolstraat 62; • de ruimtelijke kwaliteitsverbetering die daar plaatsvindt; • de toepassing van de provinciale maatwerkregeling; • het feit dat het perceel naast nummer 63 een onbebouwde open ruimte betreft. Voor wat betreft de geluidsbelasting van de militaire vliegbasis geldt dat beide locaties in een vergelijkbare situatie liggen. Dit aspect is daarom niet doorslaggevend geweest voor het verschil in beoordeling.

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

Conclusie: geen aanpassingen 2. De omgevingsdialoog is een initiatief van de initiatiefnemer en kan plaatsvinden voorafgaand aan formele besluitvorming of beleidsvaststelling. Dit is een gebruikelijke werkwijze. De vaststelling van de Omgevingsvisie heeft geen directe invloed op het voeren van een omgevingsdialoog of de voorbereiding van een plan. Conclusie: geen aanpassingen 3. De Omgevingsvisie geeft aan dat ontwikkelingen in de bebouwingsconcentratie Schoolstraat in samenhang met de kern moeten worden beoordeeld. Herontwikkeling van de bestaande solitaire glastuinbouwbedrijven is daarbij voorstelbaar, mits bebouwing achter het lint wordt gesaneerd en nieuwbouw aansluit bij de stedenbouwkundige opzet van het lint. Bij Schoolstraat 62 is hiervan sprake door de sloop van kassen en bijbehorende voorzieningen, waarmee kwaliteitsverbetering wordt gerealiseerd en toepassing van de maatwerkregeling mogelijk is. Op de percelen van indiener ontbreekt een dergelijke tegenprestatie ter plaatse. Hierdoor past toepassing van de maatwerkregeling daar niet binnen de ontwikkelingsrichting zoals opgenomen in de Omgevingsvisie. Conclusie: geen aanpassingen 4. Ter plaatse was geen sprake van een doorzicht naar het landschap, aangezien het perceel grotendeels was bebouwd met kassen. Met de ontwikkeling wordt deze bebouwing grotendeels gesloopt en wordt de bebouwing aanzienlijk minder intensief.

Hierdoor ontstaat juist meer openheid dan in de bestaande situatie. Conclusie: geen aanpassingen 5. De aanvraag ziet op de realisatie van twee woningen binnen één bouwvolume van maximaal 1.000 m³. Deze opzet is planologisch beoordeeld en ruimtelijk aanvaardbaar geacht. Daarnaast sluit dit woningtype beter aan bij de actuele vraag op de woningmarkt. Daarom bestaat geen aanleiding om uitsluitend vrijstaande woningen op deze locatie toe te staan. Conclusie: geen aanpassingen Reclamant 3

1. De Reclamant stelt dat het ontwerp omgevingsplan niet in overeenstemming is met het herstelbesluit. Volgens hen: • Zou het bouwvlak verder moeten worden verkleind tot uitsluitend de resterende bebouwing; • Zouden de overige gronden een agrarische functie zonder bouwvlak moeten krijgen; • Zouden teeltondersteunende voorzieningen moeten worden uitgesloten. In het ontwerpplan worden echter twee bouwvlakken mogelijk gemaakt (een agrarisch bouwvlak en een woonbouwvlak), wat verder gaat dan het herstelbesluit toestaat.

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

Onze reactie

2. De Reclamant stelt dat met het plan feitelijk een nieuw agrarisch bedrijf mogelijk wordt gemaakt. De volgende zaken worden opgemerkt: • Er worden niet voldaan aan de richtafstand van 50 meter; • De toelichting over spuittechniek (neerwaarts bespuiten) is onvoldoende onderbouwd; • Recente jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2025:4407) is niet juist toegepast. Daarnaast wordt gewezen op gezondheidsrisico’s van gewasbeschermingsmiddelen (o.a. Parkinson) en de verantwoordelijkheid van de gemeente om inwoners te beschermen. 3. De locatie ligt binnen de gebiedsaanduiding 'kernrandzone' en ‘Overige zone agrarisch verbredingsgebied. Daarbinnen is ook sierteelt, fruitteelt, boomkwekerij en zelfs intensieve kwekerij toegestaan. Hiermee zijn allerlei ontwikkelingen nog mogelijk. Deze aanduidingen dienen uit het plan verwijderd te worden. 4. De Reclamant stelt dat geen bouwrechten meer bestaan op basis van resterende kassen, omdat elders al nieuwe kassen, gebouwen en een woning zijn gerealiseerd. De twee extra woningen zouden daarom leiden tot een onevenredig financieel voordeel en niet passen binnen artikel 5.14 van de Omgevingsverordening. Indiener stelt dat de landschappelijke inpassing onvoldoende kwaliteitsimpuls is. Ook stelt indiener ter discussie dat de agrarische functie later alsnog naar wonen kan worden omgezet. 5. De Reclamant eist nader onderzoek naar marterachtigen.

Daarnaast bekritiseert zij het negeren van ecologische adviezen, zoals de aanleg van een amfibieënpoel en het gebruik van specifieke beplanting. 6. De Reclamant noemt het onderzoek van ArcheoPro van 29 september 2025 onvolledig. Het veldonderzoek beperkte zich tot de woonlocatie; de sloopwerkzaamheden bij de kassen beslaan echter een veel groter oppervlak. Ook ontbreekt een formeel selectiebesluit van de gemeente en de regiotoezichthouder. Indiener stelt dat de afwezigheid van archeologische waarden op basis van de huidige gegevens niet vaststaat. 7. De Reclamant stelt dat de stikstofberekening onvolledig is door het ontbreken van sloop- en agrarische activiteiten. Verkeersbewegingen en emissies zijn volgens de vereniging te laag ingeschat. Zij eist een nieuwe integrale berekening en contraexpertise door de ODBN, mede gelet op de kritische toestand van het Ulvenhoutse Bos. 1. Het college van B&W heeft op 16 april 2023 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen ten aanzien van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een kas en het tijdelijk afwijken van het bestemmingsplan. Deze beslissing op bezwaar is als bijlage 1 toegevoegd bij deze nota van zienswijzen. In de beslissing op bezwaar zijn nieuwe voorwaarden verbonden aan de betreffende omgevingsvergunning. Voor wat betreft de wijziging van het omgevingsplan zijn de volgende voorwaarden opgenomen: 1.

In ieder geval wordt het bouwvlak van de locatie Schoolstraat 62-62a verkleind naar de omvang van de overgebleven bebouwing en voorzieningen, welke zijn aangeduid als ‘bebouwing en bijbehorende voorzieningen’ in bijlage 2; 2. Voor het bouwvlak zoals in sub 1 is omschreven wordt een passende herbestemming opgenomen, mits milieutechnisch haalbaar;

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

3. Voor de overige gronden, aangegeven als ‘overige gronden’ op bijlage 2, wordt de bestemming ‘Agrarisch’ opgenomen zonder bouwvlak en waarbij teeltondersteunende voorzieningen worden uitgesloten, met uitzondering van mogelijke nieuwe woonbestemmingen. Het ontwerp omgevingsplan is opgesteld met inachtneming van deze voorwaarden. Het bouwvlak is verkleind tot de omvang van de resterende bebouwing en voorzieningen. Daarnaast is binnen het lint een woonfunctie opgenomen voor de realisatie van twee woningen, conform de mogelijkheid die in de voorwaarde onder punt 3 is opgenomen (“met uitzondering van mogelijke nieuwe woonbestemmingen”). Voor de overige gronden is een agrarische functie opgenomen zonder bouwvlak. Het aanleggen van teeltondersteunde voorzieningen is echter niet specifiek uitgesloten. Hier wordt het omgevingsplan op aangepast. Voor het overige wordt invulling gegeven aan de voorwaarden uit de beslissing op bezwaar. Van strijd met het herstelbesluit is daarom geen sprake. Conclusie: Uitsluiten aanleggen/bouwen van teeltondersteunde voorzieningen in regels 2. Er is geen sprake van het mogelijk maken van een nieuw agrarisch bedrijf. Het betreft een bestaand agrarisch bedrijf dat juist wordt verkleind en waarbij de agrarische gebruiksmogelijkheden worden beperkt ten opzichte van de huidige situatie met glastuinbouw.

Ten aanzien van de spuitzones wordt de zienswijze gevolgd. In het ontwerp omgevingsplan is dit onvoldoende geborgd. In het vast te stellen omgevingsplan wordt daarom een spuitvrije zone van 50 meter rondom de woonfuncties opgenomen. Conclusie: Opnemen spuitvrijezone 50 m rondom woonfuncties 3. Sierteelt, fruitteelt en boomkwekerij betreffen vormen van agrarisch grondgebruik die passend zijn op deze locatie en geen afbreuk doen aan het landschap. Tegen deze vormen van agrarische bodemexploitatie bestaan daarom geen bezwaren en deze blijven toegestaan binnen het omgevingsplan. De mogelijkheid voor intensieve kwekerij is echter onbedoeld opgenomen. Dit betreft een omissie en zal uit het omgevingsplan worden verwijderd. Conclusie: Verwijderen dat gebruik als intensieve kwekerij is toegestaan 4. De initiatiefnemer heeft een deel van de kassen verplaatst en teruggebouwd op de locatie Rimpelaar 3. Deze kassen worden niet ingezet als tegenprestatie in het kader van de maatwerkregeling. De overige kassen en bedrijfsgebouwen zijn niet gesaneerd in het kader van een andere regeling of procedure en kunnen daarom worden meegenomen als tegenprestatie voor toepassing van de maatwerkregeling conform artikel 5.14 van de Omgevingsverordening NoordBrabant. Er is geen sprake van een onevenredig financieel voordeel.

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

Het Brabants Landschap heeft de landschappelijke inpassing voor dit wijzigingsplan vormgegeven. De gemeente beschouwt deze organisatie als een deskundige, onafhankelijke adviseur en neemt het opgestelde landschappelijke inrichtingsadvies daarom integraal over. Het is juist dat de agrarische functie in de toekomst mogelijk kan worden omgezet naar een woonfunctie. Hiervoor zal echter een afzonderlijke planologische procedure moeten worden doorlopen, waarbij opnieuw een integrale ruimtelijke afweging wordt gemaakt. Conclusie: geen aanpassingen 5. De suggesties in de quickscan betreffende inheems plantmateriaal en de aanleg van een amfibieënpoel zijn expliciet geformuleerd als 'aanbevelingen' in het kader van natuurinclusief bouwen. Hoewel de gemeente biodiversiteit stimuleert, vallen deze specifieke inrichtingselementen buiten de strikte kaders van de wettelijke soortenbescherming, aangezien er geen beschermde amfibieën of vissen in het plangebied zijn aangetroffen. De aanwezigheid van de heikikker en de kamsalamander is op basis van de ontbrekende waterstructuren en het aanwezige biotoop ter plaatse uitgesloten; de door de indiener genoemde poel is derhalve een wenselijke verrijking maar geen juridische plicht voor het welslagen van dit ruimtelijke besluit. Voor het plangebied is door het Brabants Landschap een specifiek landschapsinrichtingsplan opgesteld.

Dit plan voorziet in het duurzaam behoud en de kwalitatieve versterking van de relevante groenstructuren. Conclusie: geen aanpassingen 6. De zienswijze over de reikwijdte van het archeologisch onderzoek wordt niet gevolgd. Het onderzoek van ArcheoPro omvat een integraal bureauonderzoek voor het gehele plangebied en een specifiek veldonderzoek op de locaties waar nieuwe bodemingrepen plaatsvinden. De verkleining van het bouwvlak op het perceel Schoolstraat 62 leidt ertoe dat in het door de Reclamant genoemde gebied waar voorheen kassen stonden geen nieuwe bouwwerken meer opgericht kunnen worden. Hiermee is de bescherming van de bodem in dit deel van het plangebied geborgd, aangezien toekomstige bodemverstoring door bouwactiviteiten hier planologisch is uitgesloten. Daarnaast waarborgen de dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie de bescherming van mogelijke archeologische waarden. In tegenstelling tot wat indiener stelt, is er wel een selectiebesluit genomen door de gemeente als bevoegd gezag. Dit selectiebesluit geeft de gronden vrij van verder archeologische verplichtingen. Het voorliggende onderzoek biedt voldoende zekerheid dat de archeologische belangen binnen de kaders van een goede ruimtelijke ordening afdoende zijn afgewogen. De nieuwe woonfunctie wordt gerealiseerd op gronden waar de bodemopbouw is onderzocht en vrijgegeven zoals vermeld in het archeologisch onderzoek.

Voor het gehele plangebied blijft de wettelijke meldingsplicht bij toevallige vondsten tijdens de sloop- of bouwwerkzaamheden onverminderd van

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

kracht. De zienswijze geeft geen aanleiding tot het uitvoeren van aanvullend veldonderzoek of een herziening van de plantoelichting. Conclusie: geen aanpassingen 7. De initiatiefnemer heeft op verzoek van de gemeente een nieuwe voortoets overgelegd: versie 1.1. In deze voortoets zijn de door de Reclamant genoemde punten verwerkt. De herziene berekening omvat de volledige scope van het project: de sloop van de glasopstanden, de graafwerkzaamheden en de agrarische activiteiten op de resterende gronden zijn integraal meegenomen. De projectomschrijving is verruimd naar een integrale herontwikkeling; dit omvat de beëindiging van de glastuinbouw, de sanering van het perceel en de nieuwe invulling met wonen en voor de voorgezette agrarische functie is uitgegaan van een boomkwekerij. De verkeersintensiteiten voor de aanlegfase zijn hierop aangepast: de inzet van busjes is als middelzwaar verkeer gecategoriseerd en het aantal vrachtwagenbewegingen voor de afvoer van materialen is aanzienlijk verhoogd. Voor de bouwfase van de woningen is de berekening gebaseerd op de actuele CROW-kengetallen, waarbij de werkzaamheden in specifieke subfases zijn verdeeld: van het eerste grondwerk tot de uiteindelijke afwerking. Tevens is de inzet van mobiele werktuigen per fase gespecificeerd.

In de gebruiksfase is de exploitatie van de boomkwekerij toegevoegd, inclusief de stikstofemissie door bemesting en het extra verkeer voor de agrarische bedrijfsvoering. Hiermee is direct gevolg gegeven aan de bezwaren over een te lage inschatting van het bouwverkeer en de overblijvende agrarische bedrijfsactiviteiten. Ook de emissies door koude starts en stationair draaien zijn conform de nieuwste rekenmethodieken in de AERIUS-projectberekening opgenomen, waarbij gebruik is gemaakt van de meest recente rekenversie van de AEARIUS-calculator. Het onderzoek is bovendien uitgebreid met een toetsing op vijf Belgische Natura 2000-gebieden, waaronder de Vallei van de Marke en Merkske; hiermee worden eventuele grensoverschrijdende effecten volledig uitgesloten. De geactualiseerde berekening bevestigt dat de bijdrage aan stikstofdepositie op het Ulvenhoutse Bos en andere Natura 2000-gebieden 0,00 mol/ha/jaar blijft. De Reclamant wijst terecht op de kwetsbaarheid van het Ulvenhoutse Bos en de resultaten uit de Brabantse Ontwikkelaanpak Stikstof (BOS) 2.0: deze algemene ecologische verslechtering staat echter los van de individuele beoordeling van dit specifieke plan. Omdat er geen sprake is van een rekenbare toename van depositie op de kritische habitats, kunnen significante negatieve effecten als gevolg van dit specifieke plan worden uitgesloten.

Een contra-expertise door de ODBN is niet noodzakelijk: de voortoets is uitgevoerd volgens de landelijke richtlijnen en de invoergegevens zijn gecontroleerd op volledigheid en representativiteit. De conclusie dat er geen vergunning voor een Natura 2000-activiteit nodig is, houdt juridisch stand. De zienswijze geeft geen aanleiding tot verdere aanpassing van het plan of aanvullend onderzoek. Conclusie: geen aanpassingen

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

Reclamant 4

1. De reclamant constateert dat het agrarisch bouwvlak gedeeltelijk in stedelijk gebied ligt. Hoewel zij ermee kunnen instemmen dat de agrarische functie (minder intensief dan glastuinbouw) in stand blijft, wijzen zij op mogelijke gezondheidsrisico’s bij agrarische activiteiten nabij woningen. Zij verzoeken om: • De toegestane agrarische activiteiten zo streng mogelijk vast te leggen; • Te voorkomen dat andere, intensievere agrarische functies zich hier kunnen vestigen. 2. De reclamant mist een onderbouwde landschappelijke analyse waarin wordt aangetoond hoe de voorgestelde inpassing past binnen de landschappelijke kwaliteiten van het gebied. Daarnaast geven ze aan dat: • De huidige inpassing te veel lijkt op tuininrichting; • Dit geen volwaardige kwaliteitsverbetering van het landschap vormt. Er wordt gevraagd om een landschappelijke analyse op te stellen en de inpassing daarop af te stemmen. 3. De reclamant vindt dat de ontwikkelingsrichting te globaal en vaag is omschreven. Volgens hen ontbreekt: • Een expliciete visie op de toekomstige ruimtelijke kwaliteit; • Ee duidelijke positionering van het gebied binnen de gemeentelijke visie. • Zij verzoeken om een concretere en richtinggevende ontwikkelingsrichting. 4. De reclamant maakt meerdere opmerkingen over de maatwerkregeling: a.

In de rekenmodule worden zowel bedrijfsgebouwen als glasopstanden opgevoerd als tegenprestatie, terwijl deze mogelijk als één bouwwerk moeten worden beschouwd. Zij vragen om een eenduidige lijn en aangepaste berekening. b. De borging van maximaal 1.000 m³ voor de woning is correct, maar er bestaat risico op overschrijding via aangebouwde bijgebouwen. Zij verzoeken dit juridisch expliciet uit te sluiten. c. De bepaling over maximaal 100 m² bijbehorende bouwwerken moet consistent worden toegepast in relatie tot de maatwerkregeling. 5. Omdat het agrarisch bouwvlak gedeeltelijk binnen de aanduiding “Beperkingen veehouderij” ligt, vraagt de reclamant expliciet om een veehouderij ter plaatse juridisch uit te sluiten. 6. De reclamant wijst erop dat weliswaar gebouwen zijn uitgesloten, maar onduidelijk is of bouwwerken, geen gebouwen zijnde (zoals teeltondersteunende voorzieningen), zijn toegestaan. Vanwege de ligging nabij stedelijk gebied en mogelijke impact op bodem en water verzoeken zij om Te borgen of dergelijke voorzieningen zijn toegestaan en dit expliciet te toetsen aan provinciaal beleid. 7. De reclamant geeft aan dat het onduidelijk welke bebouwing precies wordt gesloopt. Ze verzoeken: • De verbeelding uit de onderbouwing leidend te maken; • De bijlagen juridisch consistent te maken om misinterpretatie te voorkomen. 8.

Ten aanzien van de verplaatsing van de glasopstanden merkt de reclamant op dat de nieuwe locatie geen onderdeel uitmaakt van het plan een daarover dan ook geen toezeggingen te kunnen doen.

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

Onze reactie

1. De gemeente kan zich vinden in deze zienswijze. In het vast te stellen omgevingsplan worden intensieve agrarische functies uitgesloten, waaronder veehouderij, intensieve kwekerij en glastuinbouw. Hiermee wordt geborgd dat alleen kleinschalig en minder intensief agrarisch gebruik mogelijk is. Conclusie: Aanpassen regels en aanpassen toelichting 2. Er is een landschapsanalyse aan het omgevingsplan toegevoegd. Ten aanzien van de landschappelijke inpassing: Het Brabants Landschap heeft de landschappelijke inpassing voor dit wijzigingsplan vormgegeven. De gemeente beschouwt deze organisatie als een deskundige, onafhankelijke adviseur en neemt het opgestelde landschappelijke inrichtingsadvies daarom integraal over. Conclusie: Toevoegen landschapsanalyse aan bijlagen motivering. 3. De ontwikkelingsrichting is naar aanleiding van de zienswijze van de reclamant aangevuld en aangescherpt. Conclusie: aanpassing toelichting paragraaf 3.3.2. 4. Betreffende de maatwerkregeling reageert de gemeente als volgt: a. Hoewel bepaalde bedrijfsgebouwen optisch op een kas lijken vanwege de bouwkundige vorm van deze delen, dienden ze in de praktijk specifiek voor de huisvesting van techniek, de warmteketels, waterbehandelingstechniek, verwerkingsruimte, sortering en opslag.

Vanwege deze specifieke gebruiksfuncties zijn deze onderdelen terecht als bedrijfsgebouwen aangemerkt en zo onderscheiden van de feitelijke kassen waar geteeld werd. b. In de regels wordt geborgd dat er geen bijgebouwen aan het hoofdgebouw mogen worden geplaatst als aan- of uitbouw. c. In de regels is expliciet opgenomen dat er maximaal 100 m2 aan bijgebouwen gerealiseerd mag worden. artikel 4.6.4. onder 4 wordt aangepast zodat bijgebouwen enkel vrijstaand gebouwd kunnen worden en aan en uitbouwen worden uitgesloten onder 4.7 Conclusie: Aanpassen artikel 4.6.4. onder 4 en artikel 4.7 5. De gemeente kan zich vinden in deze zienswijze. In het vast te stellen omgevingsplan wordt expliciet opgenomen dat veehouderij ter plaatse niet is toegestaan, zodat dit juridisch is uitgesloten. Hiermee wordt aangesloten bij de provinciale aanduiding ‘Beperkingen veehouderij’ Conclusie: Aanpassen Artikel 6.4 Verboden gebruiksactiviteiten onder lid 7: Van nieuwvestiging van een intensieve veehouderij naar nieuwvestiging van een veehouderij. 6. De gemeente kan zich vinden in deze zienswijze. In het vast te stellen omgevingsplan wordt expliciet vastgelegd dat teeltondersteunende voorzieningen en andere bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijn toegestaan binnen de agrarische functie zonder bouwvlak. Hiermee wordt aangesloten bij het provinciale beleid.

Conclusie: Aanpassen 5.6 Verboden bouwactiviteiten

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

7. De gemeente kan zich vinden in deze zienswijze. De verbeelding uit de onderbouwing wordt leidend gemaakt voor de sloopopgave. Daarnaast worden de bijlagen bij de regels en toelichting op elkaar afgestemd, zodat eenduidig is vastgelegd welke bebouwing wordt gesloopt en misinterpretatie wordt voorkomen. Conclusie: aanpassing bijlagen regels 8. Ter kennisgeving aangenomen. Conclusie: geen aanpassingen

Lijst van wijzigingen De volgende wijzigingen worden bij vaststelling doorgevoerd ten opzichte van het ontwerp omgevingsplan: Regels 1. Art. 5.6 opnemen verboden bouwactiviteit: teeltondersteunende voorzieningen 2. Artikel 12: opnemen regels m.b.t. spuitvrije zone 3. Verwijderen artikel 17.1 lid 2 4. Artikel 6.4: Opnemen als verboden gebruiksactiviteit: intensieve kwekerij en alle veehouderijen, dus niet enkel intensieve veehouderij. 5. Aanpassen artikel 4.6.4 onder 4: de gezamenlijke oppervlakte van vrijstaande bijgebouwen bedraagt maximaal 100 m². 6. Artikel 4.7: aan- en uitbouwen uitsluiten 7. Aanpassing bijlage 3 regels: kaart te slopen opstallen Verbeelding 1. Aanpassen functie perceel 1627 van agrarisch naar wonen. 2. Opnemen spuitvrije zone rondom de nieuwe woningen Toelichting 1. Aanpassen paragraaf 3.3.3 ontwikkelingsrichting van het gebied. 2. Toevoegen bijlage 14 landschapsanalyse

1117941 Omgevingsplan Schoolstraat 62 Molenschot

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16924882/1