Verslag informatie vanuit de Hoorzitting + aanvullende informatie
Tekst van het document
Informatie vanuit de Hoorzitting + aanvullende informatie Spreidingswet Er werd een vraag gesteld over of alle scenario’s eigenlijk wel onder de Spreidingswet vallen. Vanuit de Spreidingswet hebben de provincies een taakstelling. Dit is doorvertaald naar een indicatieve taakstelling per gemeente. Het idee erachter is niet dat elke gemeente perse een eigen AZC moet openen, maar wel dat elke gemeente mede verantwoordelijk is voor deze provinciale opgave en gaat samenwerken met de andere gemeenten om te voldoen aan de provinciale taakstelling. Een manier om dit te doen is door bijvoorbeeld opgaven uit te wisselen, of om bijvoorbeeld tijdelijk bij te springen met een doorstroomlocatie. Doorstroomlocatie • Dit is niet iets wat het COA doet maar het is een tijdelijke tussenvoorziening vanuit het Rijk om de doorstroom van statushouders naar gemeenten te stimuleren, aangezien een deel van de opvangplekken op dit moment door statushouders wordt bezet. • Een doorstroomlocatie wordt bekostigd door het Rijk, zie document: “Handreiking realisatie doorstroomlocaties versie 1.4”. • Er werd een vraag gesteld over hoeveel statushouders er in Friesland nog in het AZC zitten. Er werd een voorbeeld genoemd van gemeente Balk: in het AZC van 500 opvangplekken zijn 65 bewoners mensen met een verblijfsvergunning.
Zie document: “Opvang asielzoekers, Oekraïeners en taakstelling statushouders” voor de landelijke cijfers/prognoses. AZC vanaf 150 opvangplekken • Voor het COA is een kleinschalige locatie een locatie vanaf 150 opvangplekken. • Vanaf 150 opvangplekken regelt het COA alles zelf. • Er wordt gekeken of er een grote COA locatie in de buurt is, dit kan dan dienen als hoofdlocatie, hier zijn alle voorzieningen aanwezig. • De vervoerskosten naar de hoofdlocatie betaalt het COA. • Een vergelijkbare gemeente die 150 opvang is gemeente Harlingen. AZC minder dan 150 opvangplekken • Onder de 150 is het maatwerk en zullen er afspraken gemaakt worden met de gemeente wie wat doet, de regie komt bij de gemeente te liggen. • Bij een locatie kleiner dan 100 is de gemeente verantwoordelijk voor de beveiliging. • Hoe kleiner de locatie wordt hoe belangrijker de zelfredzaamheid van de asielzoeker wordt en hoe er meer er gebruik gemaakt zal worden van voorzieningen in de omgeving. • Zie ook document “Reguliere kleinschalige asielopvang” voor meer info. Opvanglocaties voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv) • Afhankelijk van waar in het proces de amv’er zich bevindt verschilt ook de soort opvanglocatie waar hij/zij in verblijft, zie document: “Eerste uitwerking scenario’s Spreidingswet 150824, p. 4”.
• Als de jongere ouder is dan 15 jaar en een verblijfsvergunning heeft, dan verblijft de jongere in een kleinschalige opvang van plusminus 4–12 opvangplekken, geëxploiteerd door het Nidos. • Vanaf 18 jaar heeft de jongere recht op een reguliere woning en valt hij onder de taakstelling (huisvesting statushouders) van de gemeente. De gemeente is dus verantwoordelijk voor vervolghuisvesting. • Friesland heeft op dit moment 30% van de taakstelling voor amv gerealiseerd.