CConstaterende datDantumadiel
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2025-2028 Dantumadiel

Raadsvergadering (Dantumadiel) 9 juli 2024, gemeente DantumadielBij agendapunt: Perspectiefnota4.718 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Perspectiefnota 2025-2028

1

Gemeente Dantumadiel Postbus 22 9104 ZG Damwâld Tel. (0511) 71 70 00 info@dantumadiel.frl www.dantumadiel.frl 2

Inhoudsopgave 1. SAMENVATTING ........................................................................................................................................... 4 2. ONTWIKKELINGEN ........................................................................................................................................ 5 2.1 ALGEMENE ONTWIKKELINGEN............................................................................................................................... 5 2.1.1 Opbouw Dantumadiel 2025................................................................................................................... 5 2.1.2 Project Feanwalden ............................................................................................................................... 5 2.1.3 Meicirculaire .......................................................................................................................................... 5 2.1.4 Omgevingswet ....................................................................................................................................... 7 2.1.5 Bedrijfsvoering .......................................................................................................................................

7 2.1.6 Sociaal Domein ...................................................................................................................................... 9 2.1.7 Integraal (Onderwijs)huisvestingsplan (IHP) ......................................................................................... 9 2.1.8 Kapitaalgoederenbeheer ....................................................................................................................... 9 2.2 BELEIDSVOORSTELLEN ....................................................................................................................................... 10 3. FINANCIËLE PERSPECTIEF ............................................................................................................................ 11 3.1 FINANCIEEL KADER ........................................................................................................................................... 11 3.1 FINANCIËLE VOORUITZICHTEN ............................................................................................................................. 11 3.2.1 Structurele positie ................................................................................................................................

11 3.2.2 Eenmalige positie ................................................................................................................................ 12 BIJLAGEN ........................................................................................................................................................ 14 BIJLAGE 1 - TECHNISCHE UITGANGSPUNTEN EN BEGROTINGSPARAMETERS ........................................................................ 15 BIJLAGE 2 – VERMEERDERINGEN EN VERMINDERINGEN ALGEMENE RESERVE ..................................................................... 16 BIJLAGE 3 – LIJST INVESTERINGEN BELEIDSPLANNEN ..................................................................................................... 17

3

1. Samenvatting In de voorliggende Perspectiefnota 2025-2028 wordt een vooruitblik gegeven op de (financiële) vooruitzichten voor de komende jaren. Deze Perspectiefnota is de basis voor het opstellen van de begroting 2025. De Perspectiefnota kent een positief structureel begrotingsresultaat voor alle jaren in de periode 20252028. Daarnaast voldoet de geprognotiseerde omvang van de algemene reserve van circa € 12 miljoen eind 2028 aan de vereiste minimale omvang van € 10 miljoen. De raad heeft op 27 februari 2024 een notitie weerstandsvermogen en risicobeheersing vastgesteld met deze ondergrens. Kortom een gezonde financiële basis van waaruit er mooie zaken gerealiseerd kunnen worden in en voor de gemeente Dantumadiel. Een basis die noodzakelijk is gezien de onzekerheden rondom het gemeentefonds en de investeringen die voor ons liggen. Het college verwacht dat een groot deel van de structurele financiële ruimte nodig zal zijn om in noodzakelijke investeringsprojecten te voorzien die vallen buiten de planperiode van 2025-2028. Een nadere uitwerking zal in 2024 en 2025 plaats vinden. De Perspectiefnota kent weinig voorstellen voor nieuw beleid. Hiermee wordt de ambtelijke organisatie tijd gegund om huidige taken en processen te optimaliseren.

De verwachting is in de loop van 2025 initiatieven voor nieuw beleid nader zijn uitgewerkt en in separate raadsvoorstellen worden aangeboden. In de Perspectiefnota zijn de actuele ontwikkelingen verwerkt zoals die bekend zijn tot en met begin juni. De belangrijkste hiervan zijn: • Actuele status opbouw nieuwe organisatie. • Actuele status project Feanwâlden. • De ontwikkelingen van de algemene uitkering op basis van de meicirculaire. • Actuele status invoering Omgevingswet. • De ingediende nieuwe beleidswensen. • Autonome loon-, prijs- en renteontwikkeling. In deze nota zijn de inkomsten vanuit de gemeentelijke belastingen verhoogd met het gemiddelde inflatiepercentage loonvoet sector overheid en netto materiële overheidsconsumptie van het Centraal Economisch Plan 2024. De financiële kengetallen kunnen als volgt worden samengevat: ( x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Structureel begrotingsresultaat PPN Geprognotiseerde omvang algemene reserve

2.710 9.860

742 11.798

877 11.566

1.295 12.070

In hoofdstuk 2 worden de ontwikkelingen nader toegelicht en in hoofdstuk 3 het financieel perspectief.

4

2. Ontwikkelingen 2.1 Algemene ontwikkelingen 2.1.1 Opbouw Dantumadiel 2025 is het tweede jaar van de eigen ambtelijke organisatie. Een jaar waar processen geoptimaliseerd worden, er verder vorm gegeven wordt aan de eigen visie en gewerkt wordt aan het verder optimaliseren van de dienstverlening. Dit laatste zal zowel fysiek (aan het loket) als elektronisch gaan plaatsvinden. Verder mag verwacht worden dat de gemeente Dantumadiel, bijvoorbeeld in de samenwerking op het gebied van ICT, ook wat meer een strategische rol toe bedeeld krijgt. De jaren 2025 en 2026 zullen nog best in het teken staan van de doorontwikkeling van de organisatie, maar daar is, wat betreft middelen voor inzet van personeel, ook rekening mee gehouden. Na 2026 zal er geen sprake meer zijn van het begrip frictie naar aanleiding van de verzelfstandiging. Dan ligger er zeker weer nieuwe uitdagingen. 2025 zal tevens worden gebruikt om een plan te maken om de kosten van de bedrijfsvoering vanaf 2027 met circa € 500.000 te verminderen (ten opzichte van de startsituatie per 1 januari 2024). De financiële ruimte die daarmee ontstaat kan ingezet worden voor formatie voor nieuwe taken, nieuw beleid of noodzakelijke investeringen. De verwachting is dat de uitkomsten worden verwerkt in de Perspectiefnota 2027. 2.1.2 Project Feanwalden Het proces is in volle gang.

Een aanbesteding van een aannemer in het BVP proces zal dit jaar wellicht nog wel plaats kunnen vinden. Met daarbij de formele opdracht/gunning in februari 2025 waarna het ontwerpproces pas gaat starten en de eerste kosten ook in rekening worden gebracht, echter binnen het BVP proces is er eerst een periode van ontwerpen etc. Hiermee gaan we in 2024 dan ook nog geen aanspraak doen op de ontwikkelkosten. Dit gaat pas lopen in (begin) 2025. 2.1.3 Meicirculaire De meicirculaire 2024 is op 27 mei gepubliceerd. Deze circulaire bevat informatie over de nieuwe financieringssystematiek vanaf 2024, een incidentele compensatie vanaf 2024 tot en met 2029 en het schrappen van de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026. Accresontwikkeling Het accres is gesplitst in een volume- en een nominaal deel (LPO), waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. In de meicirculaire 2024 zijn de accressen voor de jaren 2024 tot en met 2029 bijgewerkt. Volume accres In de meicirculaire 2024 is de nieuwe financieringssystematiek vervroegd van 2027 naar 2024. Het betekent dat volume accres vanaf 2024 wordt gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp).

Door het toepassen van de ontwikkeling van het bbp vanaf 2024 zijn de tranches voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de Miljoenennota 2024. Verder worden de tranches voor de jaren 2024 en 2025 structureel opgenomen in plaats van incidenteel. Hierdoor is het volume accres voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de septembercirculaire 2023 en vanaf 2026 en verder hoger.

5

LPO accres In de meicirculaire 2024 is het LPO accres eerst geactualiseerd voor de macro-economische cijfers van het Centraal Economisch Plan (CEP) 2024. Vervolgens is de indexatie voor loon- en prijsontwikkeling vanaf 2024 gebaseerd op de prijs bruto binnenlandse product (pbbp). In verband met het vervroegen van de gewijzigde bbp-indexatie van 2027 naar 2024 dalen het volume en LPO accres voor de jaren 2024 tot en met 2029. Voor 2024 wordt dit volledig gecompenseerd en voor 2025 voor ongeveer 50%, zodat een tekort van € 675 miljoen resteert. Voor de jaren 2026 tot en met 2029 vindt compensatie plaats, zodat uiteindelijk voor de gemeenten een positief saldo resulteert van € 675 miljoen, gelijk aan het bedrag van het schrappen van de oploop van de opschalingskorting. Voor 2025 levert de accresontwikkeling een incidentele nadeel op van circa € 0,4 miljoen. In de jaren na 2025 levert dit een structureel voordeel op van circa € 1 miljoen. Incidentele compensatie De overgang van de huidige “samen trap op en samen trap af” systematiek gekoppeld aan de rijksuitgaven naar de Bbp systematiek (zie hierboven onder het kopje “accresontwikkeling”) betekent forse nadelen. Hiervoor is door het Rijk (gedeeltelijk) incidentele compensatie toegekend. Opschalingskorting Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds, die oploopt tot € 975 miljoen in 2026.

Deze korting is opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. Sinds 2019 is een stand van de opschalingskorting bereikt van € 300 miljoen. In de meicirculaire 2024 is de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026, een structurele uitname van € 675 miljoen, geschrapt. Dit betekent voor onze gemeente een structureel voordeel van € 0,7 miljoen vanaf 2026. BTW compensatiefonds Het BTW Compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Gemeenten zijn in 2023 € 573 miljoen onder dit plafond gebleven met declaraties. In de septembercirculaire 2023 werd al een voorschot van € 359 miljoen uitbetaald. De definitieve afrekening BCF bedraagt hierdoor € 214 miljoen extra en dit bedrag wordt in 2024 incidenteel toegevoegd. Dit betekent voor onze gemeente een voordeel van circa € 0,2 miljoen. Besparingsverlies Jeugd In de meicirculaire 2024 is opgenomen dat de geraamde extra besparing van het Rijk van € 500 miljoen voor 2025 komt te vervallen, omdat de maatregelen die tot besparing moeten leiden nog niet zijn gerealiseerd. Uitgangspunt is dat het vervallen van de extra korting geen budgettair effect heeft. Het verloopt budgettair neutraal, omdat gemeenten in de begroting voor Jeugdzorg rekening mochten houden met de voorgenomen besparing en een lagere raming van de uitgaven. Dit wordt voor 2025 nu teruggedraaid.

In de budgettaire bijlage bij het hoofdlijnenakkoord van de formerende partijen is opgenomen dat de besparing van € 511 miljoen op jeugdzorg ook voor 2026 en verder vervalt. Dit is uiteraard nog niet definitief en dus ook niet in de meicirculaire opgenomen.

6

Financiële verwerking De totale financiële impact van de meicirculaire is als volgt verwerkt in de Perspectiefnota:

Meicirculaire 2024 Gemeentefonds

2025 479

2026 1.939

2027 2.044

2028 1.914

De positieve effecten komen vooral voort uit het accres en het schrappen van de opschalingskorting en is nodig om de autonome prijsontwikkeling (zie paragraaf 2.1.5) te compenseren. 2.1.4 Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Inmiddels werken we met de nieuwe wet en doen we veel ervaring op. Daarnaast wordt er binnen de organisatie op vele fronten gewerkt aan de verdere implementatie van de verschillende onderdelen van de Omgevingswet. Zo wordt er gewerkt aan de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan, participatiebeleid en vele andere onderdelen. Zo moet het definitieve Omgevingsplan per 1 januari 2030 klaar zijn. Middels de trajectgroep Omgevingswet en raadsinformatieavonden betrekken we raad bij de totstandkoming van de verschillende onderdelen en informeren we de raad inhoudelijk en over de voortgang van de verschillende onderdelen. De financiële gevolgen van de implementatie van de Omgevingswet zijn voor de komende jaren (t/m 2027) zo goed mogelijk in kaart gebracht. De raad heeft in haar vergadering van 27 maart 2024 middelen beschikbaar gesteld voor de verdere implementatie van de Omgevingswet. Dit betreft een bedrag van €1,7 miljoen voor de periode 2024 t/m 2027. 2.1.5 Bedrijfsvoering Huisvesting We handhaven het uitgangspunt dat de gemeentelijke huisvesting op termijn herzien dient te worden, met name vanuit het oogpunt van verduurzaming.

Van belang daarbij is verder te weten wat voor soort organisatie we willen zijn en welke huisvestingsbehoefte daarbij past. De eerste fase van de locatiestudie is afgerond. In de volgende fase zal er nader onderzoek uitgevoerd worden om te komen tot een beter onderbouwd voorstel. Dit voorstel zal in december aan de raad worden voorgelegd. De verwachting is dat de afronding van de investering van de huisvesting in 2028 wordt afgerond. Daarom zijn de financiële consequenties niet meegenomen in deze perspectiefnota. De exacte invulling van het krediet voor de huisvesting zal in het voorstel, wat in december aan de raad wordt voorgelegd, worden opgenomen. ICT In 2021 is het Informatiebeleidsplan Samen Digitaal opgesteld en geaccordeerd met daarin de lange termijnvisie op de gewenste ontwikkeling van de gemeentelijke ICT. Deze visie zorgt ervoor dat we voor de gewenste richting van onze ICT-ontwikkeling kunnen vormgeven, rekening houdend met de veranderingen in de samenleving, ontwikkelingen op het gebied van techniek en leveranciers en veranderende wetgeving. De uitgangspunten van deze visie zijn: • Maximaal dienstverlenend: maximaal tevreden burger voor alle soorten van dienstverlening; • Flexibel en schaalbaar: snel inspelen op nieuwe wetgeving, technologie of klantverwachtingen; • Kostenbewust en sober: kosten afwegen tegen de baten en business case gedreven werken.

Op 1 januari 2024 zijn we als zelfstandige gemeente gestart en zijn ICT-systemen ontvlochten om daarmee de continuïteit van onze dienstverlening te borgen. Dit proces loopt door in 2024 en vraagt 7

het om aanpassingen in de informatievoorziening. En zodat deze aansluit bij onze processen om daarmee de basis op orde te krijgen. En richten we ons verder op de wettelijke verplichtingen en onontkoombare ontwikkelingen. In 2025 gaan we de visie herijken en verder vorm geven passend bij onze eigen ambitie. Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden in combinatie met een stevige digitale component. De basisfuncties zijn in gebruik genomen. We werken nu aan de verdere inrichting en verbetering van processen. Voor 2025 zien we de volgende investeringen: • e-Depot, record management: zonder e-Depot en record management functionaliteit kunnen we niet of heel moeizaam voldoen aan onze verplichtingen voor de archiefwet. • Programma digitale dienstverlening Sociaal Domein: Door de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer krijgen inwoners en ondernemers het recht om digitaal met de overheid te communiceren. Dit stelt nieuwe eisen aan ons digitale kanaal. Door digitalisering verschuift werk van medewerker naar burger waardoor we bij toekomstige toenemende krapte op de arbeidsmarkt toch dezelfde dienstverlening kunnen blijven bieden. Voor bovenstaande projecten is incidenteel € 300.000,- benodigd en bedragen de verwachte jaarlijkse exploitatiekosten € 130.000,-. Deze kosten zijn al verwerkt in de huidige (lopende) begroting.

In 2025 zal vanuit de bestaande en nieuw te ontwikkelen visie een doorontwikkeling plaatsvinden. Om daar invulling aan te kunnen geven en voor de eerste projecten is in 2024 een algemeen incidenteel budget opgenomen van € 150.000,- opgenomen. Onder andere bestemd voor de implementatie van Ediensten Burgerzaken in naar verwachting 2024. Het restant van ca. € 125.000,- wordt overgeheveld naar 2025. Gemeentelijke belastingen In deze perspectiefnota zijn de inkomsten vanuit de gemeentelijke belastingen verhoogd met het gemiddelde inflatiepercentage loonvoet sector overheid en netto materiële overheidsconsumptie van het Centraal Economisch Plan 2024. Autonome (prijs)ontwikkeling De afgelopen periode kenmerkt zich door hoge loon- en prijsstijgingen. Voor 2025 is het de verwachting dat er sprake zal zijn van verdere stijgingen. Voor de loon- en prijsstijging wordt hierbij de consistente lijn van de afgelopen jaren gehanteerd (zie ook bijlage 1). Op basis van de sterke rentestijging in het afgelopen jaar wordt in de Perspectiefnota voor de gevraagde investeringskredieten niet gerekend met de huidige rekenrente (1,3%), maar met het renteniveau van april 2024 (3,4%). Gezien de omvang van het reeds beschikbare krediet voor het project Feanwâlden, zijn de verwachte rentekosten naar boven bijgesteld.

Voor de overige reeds toegekende investeringskredieten wordt verondersteld dat deze uit de beschikbare liquide middelen gefinancierd kunnen worden (en dat bijstelling van de verwachte rentelast niet nodig is). Op deze wijze is de begroting 2025 robuuster ten aanzien van het risico van oplopende rentes op langlopende leningen. Onder de autonome ontwikkelingen zijn ook de meest recente inzichten rondom de begrotingen die ten grondslag liggen aan de gemeentelijke bijdragen aan de grootste externe instanties verwerkt.

8

Autonome ontwikkelingen ( x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Salariskosten (CAO) Verbonden partijen Prijsstijgingen overig

-685 -309 -379

-592 -431 -357

-531 -785 -354

-531 -792 -350

-1.373 -1.380 -1.670 -1.673

2.1.6 Sociaal Domein De raad heeft in maart 2024 middelen beschikbaar gesteld voor een Plan van Aanpak om te komen tot een duurzame organisatie van het Sociaal Domein in Dantumadiel. Dit plan van aanpak is nu in uitvoering. Onderdeel daarvan is het opnieuw bekijken en waar mogelijk leaner maken van de werkprocessen. Tegelijkertijd wordt er data verzameld over aantal cliënten, aanvragen en over de sociale structuur van Dantumadiel. Ook worden recente ontwikkelingen hierbij meegenomen. Dit maakt dat er in het derde kwartaal van 2024 meer duidelijkheid komt over de toekomstige inrichting van het sociaal domein en de keuzes (financieel, maar ook waar het gaat om het niveau van dienstverlening). Het is op voorhand niet uit te sluiten dat hier financiële consequenties aan verbonden zijn. 2.1.7 Integraal (Onderwijs)huisvestingsplan (IHP) Het meest recente IHP van de gemeente dateert uit 2019. In het nieuwe IHP is voor de periode 20242028 alleen de vervangende nieuwbouw/renovatie in Feanwâlden opgenomen. Dit project is vorig jaar al opgenomen in de begroting (zie ook paragraaf 2.1.2). Naast het project Feanwâlden zijn in 2029 (Wâlterswâld) en 2033 (Broeksterwâld) vervangende nieuwbouw/renovatie gepland. Deze plannen vallen buiten de periode van de Perspectiefnota, maar bij het opstellen van deze nota is al wel verder vooruitgekeken naar met name 2029.

Op basis van de huidige vooruitzichten en kennis is er, uitgezonderd het rijksbeleid rondom de algemene uitkering, geen informatie beschikbaar die materiële invloed heeft op het de plannen uit het IHP t/m 2029. Een actualisatie van het IHP staat overigens voor de tweede helft van 2024 gepland. 2.1.8 Kapitaalgoederenbeheer De Provincie beoordeelt jaarlijks aan de hand van Het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtskader (GTK) op basis van een toets puntenlijst het toezichtregime. Ten aanzien van de kapitaalgoederen worden de volgende toets punten beoordeeld: - Kan de gemeente de volle jaarlasten van de nog te realiseren (her)investeringen opvangen binnen een structureel sluitende begroting? - Beschikt de gemeente over actuele (< 5 jaar) meerjarige beheerplannen voor wegen (inclusief kunstwerken), riolering, water, groen en gebouwen? - Is het benodigde onderhoudsbudget van de genoemde kapitaalgoederen (voortvloeiend uit het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau) reëel verwerkt in de (meerjaren) begroting? - Blijkt uit de begroting dat er sprake is van achterstallig onderhoud bij de genoemde kapitaalgoederen? Alle beleidsplannen zijn ultimo 2021 geactualiseerd, vastgesteld en financieel vertaald in de meerjarenbegroting. Het blijft mogelijk om een lager onderhoudsniveau te hanteren bij de beleidsplannen waarbij er nog geen kapitaalvernietiging plaats gaat vinden.

9

2.2 Beleidsvoorstellen Vanuit de ambtelijke organisatie zijn in het kader van de voorbereiding op de Perspectiefnota diverse bestedingsvoorstellen en investeringswensen ingediend. Het college doet de raad in deze Perspectiefnota weer een voorstel ten aanzien van de honorering van de ingediende voorstellen, in feite vooruitlopend op de daaropvolgende begrotingsvoorbereiding voor het komende jaar. De nieuwe beleidsvoorstellen met structurele gevolgen zijn hieronder opgenomen:

BELEIDSWENSEN KREDIETEN Investeringskredieten BUDGETTEN (structureel) Weerbaarheid tegen ondermijning en weerbaarheid tegen digitale criminaliteit

721.000

-25

-53

-52

-51

-50 -75

-50 -103

-50 -102

-50 -101

Investeringskredieten De gevraagde investeringskredieten zijn opgenomen in bijlage 3 en bestaat uit de projecten afwaarderen rijbaan Damwald-De Falom en Verbeteren Trochfytsrûte Damwald- Feanwâlden. Budgetten structureel Het geadviseerde structurele budget is een onderdeel van de veiligheidsagenda 2024-2027 die is vastgesteld in de raad van 30 januari 2024. Budgetten incidenteel De incidentele budgetten zijn opgenomen in bijlage 2 en meegenomen bij de ontwikkeling van de algemene reserve. Een groot deel van de incidentele budgetten in bijlage 2 is op basis van reeds genomen besluiten. De nieuwe geadviseerde incidentele budgetten zijn hieronder opgenomen.

BUDGETTEN (incidenteel) Co-financiering MDT (Maatschappelijke Diensttijd) project 2025-2027 Voorbereidingskrediet MFC Wâlterswâld

2025

2026

2027

2028

-35 -35

-

-150 -150

-

10

3. Financiële perspectief 3.1 Financieel kader De provincie heeft als toezichthouder een wettelijke plicht om gemeentelijke begrotingen te toetsen op structureel en reëel evenwicht. De toets vindt eerst plaats op het huidige begrotingsjaar en als deze niet in evenwicht is moet aangetoond worden dat het evenwicht uiterlijk in de laatste jaarschijf van de meerjarenraming wordt hersteld. Er mag geen sprake zijn van een opschuivend meerjarenperspectief waarbij in de opvolgende begrotingen alleen de laatste jaarschijf sluit. Het is dus belangrijk om het begrotingsjaar structureel in evenwicht te hebben en te houden. Bij de vastgestelde begroting 20242027 was er sprake van een sluitend meerjarenperspectief. Voor het financieel beleid wordt als uitgangspunt genomen dat er ruimte voor nieuw beleid aanwezig is, met als randvoorwaarde dat er sprake is van een structureel en reëel sluitende begroting en dat daarnaast de algemene reserve gedurende de hele begrotingsperiode aan de minimum vastgestelde randvoorwaarde voldoet. De verder gehanteerde technische uitgangspunten voor het opstellen van de begroting zijn opgenomen in bijlage 1.

3.1 Financiële vooruitzichten 3.2.1 Structurele positie De structurele positie van de gemeente zijn jaarlijks terugkerende baten en lasten zijn die opgeteld tot een saldo leiden. Een plus betekent een overschot een min-bedrag betekent een tekort. De tekorten moeten opgelost worden door jaarlijks terugkerende baten (inkomsten) te verhogen of door het verminderen van jaarlijks terugkerende lasten (uitgaven). Dat laatste betekent dat er bezuinigd wordt. Voor het opstellen van het meerjarenperspectief 2025-2028 nemen wij de jaarschijf 2025 uit de gewijzigde begroting 2024-2028 als uitgangspunt. Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling weer van het begrotingssaldo tezamen met de al besloten wijzigingen en de effecten van onvermijdelijke financiële ontwikkelingen.

Overzicht meerjarenbegroting 2024-2028 Dantumadiel (bedragen x 1000) Begrotingsresultaat 2024-2028 Vastgestelde wijzigingen (Gewijzigde) begroting 2024

2024 3.881 -36 3.523

2025 3.872 -31 3.841

2026 448 -31 417

2027 109 109

2028 113 113

Uit de tabel blijkt dat Dantumadiel ook voor de komende jaren een sluitend meerjarenperspectief kan presenteren.

11

In het onderstaande overzicht staan de mutaties vanuit de gewijzigde begroting opgenomen.

Overzicht meerjarige begrotingsresultaat Dantumadiel (bedragen x 1000) (Gewijzigde) begroting 2024 1e Tussenrapportage 2024 Raadsbesluiten (reeds genomen) Subtotaal startsaldo

2025 3.841 -360 -68 3.413

2026 417 -440 43 20

2027 109 187 43 339

2028 113 733 43 889

Autonome ontwikkelingen PPN Meicirculaire 2024 Gemeentefonds Inflatiecorrectie belastingen Bijstelling huidige budgetten (PPN 2024) STARTSALDO

-1.373 479 164 102 2.785

-1.380 1.939 164 102 845

-1.670 2.044 164 102 979

-1.673 1.914 164 102 1.396

-25

-53

-52

-51

-50 -75

-50 -103

-50 -102

-50 -101

2.710

742

877

1.295

BELEIDSWENSEN KREDIETEN Investeringskredieten BUDGETTEN (structureel) Weerbaarheid tegen ondermijning en weerbaarheid tegen digitale criminaliteit

EINDSALDO

721.000

3.2.2 Eenmalige positie Bij de eenmalige positie richten wij ons op de (stand van de) algemene reserve van de gemeente Dantumadiel. De algemene reserve is onderdeel van het eigen vermogen van een gemeente. Dit eigen vermogen is het saldo van de bezittingen en de schulden op de gemeentelijke balans. De algemene reserve van een gemeente maakt deel uit van het weerstandsvermogen, net als bijvoorbeeld de onbenutte gemeentelijke belastingcapaciteit. De algemene reserve is dus één van de buffers voor het opvangen van risico’s en tegenvallers. In de raadsvergadering van 27 februari 2024 is de nota risicomanagement en weerstandsvermogen vastgesteld. Deze bevat de volgende beslispunten: • De risicoanalyse vanuit NARIS behouden en verbeteren en de komende jaren het inzicht in risico’s en de sturing en beheersing van de risico’s verder te ontwikkelen • De jaarlijkse financiële houdbaarheidstest van de VNG te bespreken in de auditcommissie en eventuele aanbevelingen mee te nemen in de planning en control documenten • In de planning en control documenten een vereiste weerstandscapaciteit aan te houden van € 10 miljoen. Dit gebaseerd op het verliesjaar 2019 met een periode van ombuiging gedurende 3 jaar. Wanneer uit de risico-inventarisatie van NARIS blijkt dat we een hoger bedrag moeten aanhouden dan € 10 miljoen dan hanteren we het bedrag uit de risico-inventarisatie.

Doet zich de situatie voor dat de algemene reserve is gedaald beneden het minimale niveau van € 10 miljoen dan wordt in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing gerapporteerd

12

welke acties worden ondernomen om het weerstandsvermogen (op termijn) weer op de gewenste ondergrens te krijgen. De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald aan de hand van risico-inventarisatie van NARIS en een ondergrens van de algemene reserve van € 10 miljoen. De risico-inventarisatie van NARIS wordt 2 maal per jaar uitgevoerd, bij de jaarrekening en bij de begroting. Op basis van de laatste actualisatie (jaarrekening 2023) bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 1.036.000. Met betrekking tot de eenmalige positie is in onderstaande tabel de stand van de Algemene reserve van Dantumadiel per 1 januari 2024 als uitgangssituatie genomen. De geraamde toevoegingen en onttrekkingen (meerjarig) zijn op dit saldo gemuteerd, zodat er een saldo op basis van rechten en verplichtingen ontstaat. In bijlage 2 is een uitsplitsing gemaakt van de vermeerderingen en verminderingen in de Algemene reserve. ( x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

2028

Stand Algemene reserve 1 januari

12.828

10.420

9.860

11.798

11.566

Vermeerderingen

4.061

2.693

3.578

186

504

Verminderingen

-6.469

-3.253

-1.640

-418

-

Stand Algemene reserve 31 december

10.420

9.860

11.798

11.566

12.070

Op basis van de vastgestelde nota risicomanagement en weerstandsvermogen moet de algemene reserve minimaal € 10 miljoen bedragen. De algemene reserve daalt in 2025 naar afgerond € 9,9 miljoen maar voldoet in de volgende jaren aan de vastgestelde grens. De solvabiliteit bij de jaarrekening 2023 is 28% en voldoet ruimschoots aan de norm van 20%. Voor het behouden van een solvabiliteit van 20% zal ook naar de verwachte ontwikkeling van het balanstotaal moeten worden gekeken. Met de uitvoering van het project Feanwâlden is het de verwachting dat het balanstotaal gaat stijgen. Dit betekent dat ook de algemene reserve mee zal moeten stijgen.

13

Bijlagen

14

Bijlage 1 - Technische uitgangspunten en begrotingsparameters Technische uitgangspunten De algemene technische uitgangspunten voor het opstellen van de begroting 2025 zijn: ‒ ‒ ‒ ‒ ‒

‒ ‒

‒

De raming van lasten en baten van bestaand beleid vindt plaats op basis van analyses en niet uitsluitend op basis van inflatie indexering. De raming van gemeentelijke bijdragen aan externe instanties vindt plaats op basis van de meest recente begrotingen van deze partijen. Voor de meerjarenbegroting wordt geraamd op basis van constante prijzen. Structurele lasten worden gedekt door structurele baten en incidentele baten zijn voornamelijk dekkingsmiddel voor incidentele lasten. De algemene reserves en de weerstandscapaciteit voldoen aan normen die zijn gebaseerd op een risicoanalyse (op te nemen in de paragraaf risicobeheersing en weerstandsvermogen) en de nota risicomanagement en weerstandsvermogen vastgesteld in de raad van 27 februari 2024. De financierings- en schuldpositie en het kasstroomsaldo voldoen aan de normen van de Economische Monetaire Unie (EMU) en de Wet HOF. Door middel van de in de begroting opgenomen onderhoudsplannen wordt ten alle tijde ruimte gelaten voor onderhoud van kapitaalgoederen volgens de door de raad vastgelegde kwaliteitsniveaus. Vrijvallende kapitaallasten van vervangingsinvesteringen met betrekking tot de bedrijfsvoering blijven beschikbaar voor noodzakelijke vervangingen in de bedrijfsvoering.

Technische begrotingsparameters Bij het opstellen van de begroting wordt uitgegaan van de volgende parameters: Begrotingsparameter Prijseffect bij interne budgetten (m.b.t. de leveringen binnen de gemeente)

Aan te houden waarde Geen vaste aanpassingen, maximaal volgens de prognose van de HCPI (geharmoniseerde consumentenprijsindex) 2024 van het Centraal Planbureau (CPB) in het Centraal Economisch Plan (CEP) van mei 2024: 2,2%.

Prijseffect bij externe budgetten (uitgaven)

Geen vaste indexering, eveneens maximaal het Centraal Planbureau (CPB) in het Centraal Economisch Plan (CEP) van mei 2024: 2,2%.

Rente % (voor interne verrekeningen: kosten kort geld, rekenrente reserves, kapitaallasten)

Uitgegaan wordt van het volgens BBV-bepalingen berekende omslagpercentage. Voor de berekening van nieuwe kapitaallasten is in afwijkingen hierop gerekend met het werkelijke rentepercentage april 2024: 3,4% Loonvoet sector overheid op basis van CBP CEP raming mei 2024: 4,4%.

Cao-loonstijgingspercentage (betreft stijging bovenop periodieke loonstijging)

Meicirculaire De meicirculaire 2024 is gepubliceerd op 27 mei en verwerkt in de Perspectiefnota.

15

Bijlage 2 – Vermeerderingen en verminderingen Algemene reserve ( x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

2028

Vermeerderingen: Resultaat voorgaand boekjaar

3.896

2.528

3.413

21

339

Vaste rentetoevoeging

165

165

165

165

165

Totaal vermeerderingen

4.061

2.693

3.578

186

504

( x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

2028

-30

Verminderingen: Overheveling 2023 naar 2024 Instelling aanjaagfonds Kunst en Cultuur voor 2022-2024

-12

Duurzaam toegankelijke openbare ruimte

-10

Incidentele kosten ICT, doorbelast naar Overhead.

-46

Verhoging budget Energietoeslag naar 130%

-245

Subsidieregeling duurzaamheidsmaatregelen maatschappelijke organisaties

-170

RV 2e fase opbouw Dantumadiel

-602

Implementatie omgevingswet

-77

Subsidieregeling energiecompensatie maatschappelijke organisaties

-189

Aanpak energiearmoede 2022

-200

Duurzaamheid

-25

Voorbereidingskrediet bedrijventerreinen: De Swette Feanwalden

-1

Gebiedsontwikkeling Centrale As

-304

Woonwagenbeleid (administratieve wijziging 101)

-137

Regulier 2024 Resultaatbestemming jaarrekening 2023

18

Instelling aanjaagfonds Kunst en Cultuur voor 2022-2024

-25

Extra stimulering muziekkorpsen en koren

-20

Regiodeal (2019 t/m 2024)

-145

Leerwerkbanen BBL trajecten via DOKWURK RV 2e fase opbouw Dantumadiel

-69

-69

-47

-1.650

-1.650

-1.300

Extra investering nieuwbouw brede school/sporthal Feanwâlden

-1.000

Vervolg DOM project

-150

Haalbaarheidsonderzoek westelijke rondweg Westereen

-100

Startnotitie toegankelijkheid 2024-2027

-20

Inhaalslag toegankelijkheid en veiligheid

-40

Digitalisering algemeen (eenmalige projecten en/of plan van aanpak)

-150

Digitale dienstverlening sociaal domein (eenmalige projectkosten)

-150

E-Depot en RM (eenmalige projectkosten)

-150

Tiid foar aksje

-85

POK Middelen (beschikbaar vanuit algemene uitkering)

-63

Laaggeletterdheid (onderzoek/ plan van aanpak)

-10

Budget EZ verhogen

-25

Budget R&T (plan van aanpak opstellen)

-25

Participatieplatform Stem van Dantumadiel

-25

Motie subsidie dorpsfeesten

-15

Voormelding WOZ

-17

Ontwikkelkader verblijfsrecreatie

-30

Sporthalbeheer (BWN 1)

-20

-40

-40

-63

-63

-63

-25

-15

-15

-53

-26

Gevolgen inwerkingtreding omgevingswet (raadsbesluit 27/03/2024)

-1.087

-310

-175

-175

Extra inzet opleiden personeel in 2024 (raadsbesluit 27/03/2024)

-320

IHP 2024 tijdelijke noodunit Theun De Vriesskoalle (BWN 3)

-40 -

-35

-

-150

-

-6.469

-3.253

-1.640

-418

-

IHP 2024 cameratoezicht De Frissel Veenwouden Aanmeldingen incidenteel PPN 2025 Totaal verminderingen

-5

16

Bijlage 3 – Lijst investeringen beleidsplannen Investering

Bedrag

Afwaarderen rijbaan Damwald-De Falom Verbeteren Trochfytsrûte Damwald-Feanwalden

205.000 516.000

Totaal

721.000

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=gemeentedantumadiel&id=f440ecf1-cebf-4a67-9a2e-3563c2c7fcba