Legesverordening DAN 2025
Tekst van het document
€ 102,50
b. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
€ 102,50
Artikel 2.31 Omgevingsplanactiviteit: reclame Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als bedoeld in artikel 4:15 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a. als de activiteit bestaat uit het op of aan een onroerende zaak maken of voeren van die handelsreclame:
€ 87,20
b. als de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat die handelsreclame op of aan die onroerende zaak wordt gemaakt of gevoerd:
€ 87,20
Artikel 2.32 Omgevingsplanactiviteit: opslag van roerende zaken Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit de opslag van roerende zaken in een aangewezen gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel 2:10 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a. als de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken:
€ 40,00
b. als de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen:
€ 40,00
c. aanvraag voor het plaatsen van objecten op de weg c.1 Voor een binnenplanse omgevingsactiviteit
€ 40,00
c.2 Voor een buitenplanse omgevingsactiviteit
€ 40,00
25/38
Artikel 2.33 Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen Zie hoofdstuk 3 van deze tarieventabel
Artikel 2.34 Andere activiteiten Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit: a. betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunning plichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
€ 291,85
b. betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 1 voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
€ 291,85
2 voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
€ 344,00
3 voor een in een gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit aangewezen vergunning plichtige activiteit:
€ 291,85
Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften Artikel 2.35 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief: a. voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op: 1. het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; 2. bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; 3. het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of 4. het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; per maatwerkvoorschrift:
€ 286,30
b. in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift:
€ 286,30
Artikel 2.36 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten 1. Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op: a. per milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:
€ 512,15
26/38
2. Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:
€ 512,15
Artikel 2.37 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:
€ 512,15
Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid Artikel 2.38 Gelijkwaardige maatregel 1. Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op: a. een bouwactiviteit, bedraagt het tarief
€ 125,05
b. een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed, bedraagt het tarief
€ 125,05
c. een milieubelastende activiteit, bedraagt het tarief
€ 125,05
d. een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c, bedraagt het tarief
€ 125,05
2. Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Paragraaf 2.11 Overige tarieven Artikel 2.39 Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:
€ 69,50
Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning a. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft. b. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een eerder verleende omgevingsvergunning als gevolge van een naar omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging van het project:
€ 138,95
Artikel 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning:
€ 69,50
Artikel 2.42 Intrekken omgevingsvergunning
27/38
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning, tenzij artikel 2.58 van toepassing is:
€ 0,00
Artikel 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens Niet van toepassing Artikel 2.44 Beoordeling onderzoeksrapporten De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit. Artikel 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan:
€ 5.212,20
Artikel 2.46 Niet genoemd besluit op aanvraag 1.
2.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:
€ 116,05
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een verzoek tot overschrijving van een verleende vergunning
€ 138,95
Paragraaf 2.12 Modaliteiten Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de verschuldigde leges verhoogd met: Met een maximum van € 1.500,00 per achteraf ingediende aanvraag
35%
Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit: a. als sprake is van een milieubelastende activiteit:
€ 333,55
b. als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
€ 333,55
c. als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b:
€ 333,55
Artikel 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld: a. voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport:
€ 103,85
28/38
b. voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:
€ 103,85
c. voor de beoordeling van een geluid- of luchtkwaliteitrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting:
€ 103,85
d. voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk:
€ 103,85
e. voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport:
€ 574,20
f. voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (m.e.r):
€ 1.089,00
g. voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:
€ 103,85
Artikel 2.50 Advies 1. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: a. voor een advies van de gemeenteraad:
€ 405,10
b. voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld op de Verordening gemeentelijke adviescommissie Fryslân dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet, per uur
€ 173,70
c. voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie Fryslân in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b:
€ 173,70
d. voor een advies zoals benoemd in b en c en in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2. Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Artikel 2.51 Instemming 1. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn. 2. Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld.
De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
29/38
3. Bovenstaande artikelen 2.51. 1 en 2 zijn niet van toepassing op een aanvraag om een omgeving vergunning als bedoeld in 2.9 Rijksmonumentenactiviteit
Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.52 Vermindering na omgevingsoverleg 1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen is voorafgegaan door een aanvraag om intaketafel en/of omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges voor de onder paragraaf 2.3. tot en met 2.8. verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: Maximaal 100% van de voor de aanvraag intaketafel en/of omgevingsoverleg verschuldigde leges met dien verstande dat dit niet tot een negatieve leges voor de aanvraag om de omgevingsvergunning kan leiden. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had; b. in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en c. binnen 6 maanden na het laatste omgevingsoverleg of, als het omgevingsoverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving. 3.
Onverminderd het voorgaande blijkt bij toepassing van het eerste lid voor het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning zoals benoemd in paragraaf 2.3. tot en met 2.8. in ieder geval verschuldigd:
€ 100,00
Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in paragraaf 2.3 tot en met 2.8. De teruggaaf bedraagt:
100%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in artikel 2.5. en 2.6. De teruggaaf bedraagt:
60%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
30/38
Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking op aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure of uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt na ontvangst van de betreffende aanvraag terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges van paragraaf 2.3. tot en met 2.8. De teruggaaf bedraagt: a. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen 15 dagen na de indiening van de aanvraag:
100%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf 15 dagen tot achttien weken na de indiening van de aanvraag:
50%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag:
25%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. d. Voor een aanvraag dat is ingediend voor onjuiste activiteiten, binnen 15 dagen worden ingetrokken en om te worden hergebruikt om dit verzuim te herstellen
100%
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen 15 dagen na de indiening van de aanvraag:
100%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf 15 dagen tot achttien weken na de indiening van de aanvraag:
50%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag:
25%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. d. Voor een aanvraag dat is ingediend voor onjuiste activiteiten, binnen 15 dagen worden ingetrokken en om te worden hergebruikt om dit verzuim te herstellen
100%
Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- aanleg- of milieubelastende activiteiten Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is
50%
31/38
ingediend binnen 3 jaren na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten a. Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
30%
van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. b. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 100,- wordt niet teruggegeven. Uitzondering hierop is artikel 2.54, 2.56 a, 2.56.d, 2.57 a en 2.57.d. De teruggaaf bedraagt in deze gevallen 100% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2 Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Uitoefenen horeca- en slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: 3.1.1. een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet
€ 426,00
3.1.2. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet
€ 48,00
3.1.3. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet
€ 21,80
3.1.4. een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet:
€ 107,25
3.1.5. een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Alcoholwet:
€ 165,85
Artikel 3.2 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: 3.2.1. een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Dantumadiel: € 125,85
32/38
3.2.2. een aanvraag om een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:29, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Dantumadiel;
€ 21,80
3.2.2.1. een aanvraag om een vergunning tot het aanwezig hebben van een terras op de weg bij een inrichting zoals bedoeld in artikel 2:28a van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Dantumadiel:
€ 155,85
3.2.2.2. voor een horecabedrijf uit categorie 1 volgens “richtlijnen voor de exploitatievergunning horeca”:
€ 302,80
3.2.2.3. voor een horecabedrijf uit categorie 2 volgens “richtlijnen voor de exploitatievergunning horeca”:
€ 370,65
3.2.2.4. voor een horecabedrijf uit categorie 3 volgens “richtlijnen voor de exploitatievergunning horeca”:
€ 468,20
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijf 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of om de verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 3.5. van de Algemene plaatselijke verordening: a. voor een escortbedrijf:
€ 1.009,00
b. voor andere prostitutiebedrijven dan bedoeld in onderdeel a:
€ 1.009,00
c. voor andere seksbedrijven dan bedoeld in de onderdelen a en b:
€ 1.009,00
2. a. niet van toepassing b. niet van toepassing 3. niet van toepassing
.
Artikel 3.4 Wijzigen vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een in artikel 3.5 bedoelde vergunning in verband met een wijziging van: a. de exploitant aan wie de vergunning is verleend:
€ 459,90
b. de op de vergunning vermelde of te vermelden beheerder of beheerders:
€ 459,90
c. de activiteit waarvoor de vergunning is verleend:
€ 459,90
d. het vaste telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt:
€ 255,50
e. het adres waar het seksbedrijf wordt uitgeoefend:
€ 255,50
f. het adres van de onder dat seksbedrijf vallende seksinrichting waarvoor de vergunning mede is verleend:
€ 255,50
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: 3.5.1. een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet:
€ 222,25
33/38
3.5.2. wijziging van een in onderdeel 3.5.1. bedoelde ontheffing:
€ 222,25
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning), als het betreft: 3.6.1.
Klasse A evenement zoals bedoeld in het evenementenbeleid Dantumadiel 20222026, zoals raadpleegbaar internetsite dantumadiel.nl
€ 78,30
3.6.2.
Klasse B evenement zoals bedoeld in het evenementenbeleid Dantumadiel 20222026, zoals raadpleegbaar internetsite dantumadiel.nl
€ 135,75
Klasse C zoals bedoeld in het evenementenbeleid Dantumadiel 2022-2026, zoals 3.6.3. raadpleegbaar internetsite dantumadiel.nl
€ 799,05
3.6.4. Klasse 0 evenement
€ 0,00
Artikel 3.7 Organiseren markt N.v.t. (valt onder evenement)
Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 standplaatsvergunningen en andere vergunningen 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a. een standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene Plaatselijke verordening: b. Voor een dag
€ 15,10
c. Voor een week
€ 24,50
d. Voor een maand
€ 48,85
e. Voor drie maanden
€ 91,40
f. Voor zes maanden
€ 135,65
g. Voor een jaar
€ 156,65
h. Langer dan éen jaar
€ 201,75
Artikel 3.9 Overige administratieve dienstverlening markt Niet van toepassing Artikel 3.10 Losse standplaatsen Niet van toepassing
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014 Artikel 3.11 Vergunning onttrekken woonruimte Niet van toepassing
34/38
Artikel 3.12 Vergunning samenvoegen woonruimte Niet van toepassing Artikel 3.13 Vergunning omzetten zelfstandige in onzelfstandige woonruimte Niet van toepassing Artikel 3.14 Vergunning verbouwen woonruimte tot meer woonruimten Niet van toepassing Artikel 3.15 Splitsingsvergunning Niet van toepassing Artikel 3.16 Toeristische verhuur Niet van toepassing Artikel 3.17 Verhuurvergunning opkoopbescherming Niet van toepassing
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.18 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:
€ 70,20
Paragraaf 3.8 Geluidhinder Artikel 3.19 Ontheffing geluidhinder Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag verlenen ontheffing geluidhinder:
€ 31,60
Behorende bij raadsbesluit van 10 december 2024 De griffier van gemeente Dantumadiel,
M. Jonker
35/38
Bijlage 1: bij tarieventabel leges behorende bij de verordening leges 2025 Vastgestelde richtlijnen (collegebesluit d.d. 19 november 2019) voor de exploitatievergunning horeca: horecabedrijf categorie 1; hieronder vallen horecabedrijven waarvan, gelet op de aard en de omvang ervan, mag worden verwacht dat ze niet of in zeer geringe mate de huidige en/of toekomstige woon-/leefsituatie kunnen aantasten en/of de openbare orde kunnen verstoren ( b.v. ijssalons, theeschenkerijen zonder alcoholverstrekking, hotels zonder maaltijd, mini campings, kleinschalige culturele- en/of info centra e.d.). een horecabedrijf categorie 2; hieronder vallen de horecabedrijven waarvan, gelet op de aard en de omgeving ervan, mag worden verwacht dat ze in geringe mate de huidige en/of toekomstige woon-/leefsituatie kunnen aantasten en/of de openbare orde kunnen verstoren (b.v.restaurants, hotels met maaltijden, cafétaria’s en snackbars geopend tot 24.00 uur, lunchrooms, dorpshuizen, sportkantines e.d.). een horecabedrijf categorie 3; hieronder vallen de horecabedrijven waarvan, gelet op de aard en de omvang ervan, mag worden verwacht dat zij in min of meer ernstige mate de huidige en/of toekomstige woon-/leefsituatie kunnen aantasten en/of de openbare orde kunnen verstoren (cafétaria’s en snackbars met een sluitingstijd na 24.00 uur, cafés en bars, campings, bar-dancings, discotheken, nachtclubs e.d.).
36/38
Bijlage 2: Kruimelgevalllenlijst 1. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, b. de oppervlakte niet meer dan 150 m2; 2. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemd eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; 3. een bouwwerk ten behoeve van een nutsvoorziening, de waterhuishouding, het meten van de luchtkwaliteit, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer of het weg-, spoorweg-, water- of luchtverkeer, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m²; 4. een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; 5. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; 6.
een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998; 7. een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; 8. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; 9. het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen;\ 10. het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen;
37/38
b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de milieubepalingen betreffende geluid, ammoniak en geurhinder in de Omgevingswet, de Wet milieubeheer, of de Reconstructiewet concentratiegebieden, c.
de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en
d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was.
Behorende bij raadsbesluit van 10 december 2024 De griffier van gemeente Dantumadiel,
M. Jonker
38/38